<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR26757_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Almere 2009</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Almere</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-02-13</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Almere</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Almere Vandaag, 2009-11-28</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Almere 2009</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet op het primair onderwijs, art. 102</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet op de expertisecentra, art. 100</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet op het voortgezet onderwijs, art. 76m</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>onderwijs</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-11-19</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2009-12-06</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2009-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>RV-56/2009</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Almere 2009</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/><al>De raad van de gemeente Almere, </al><al/><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 22 september
                        2009</al><al/><al>gezien het op overeenstemming gericht overleg dat is gevoerd met
                        vertegenwoordigers van de bevoegde gezagsorganen van de scholen in de
                        gemeente;</al><al/><al>gelet op artikel 102 van de Wet op het primair onderwijs; artikel 100 van de
                        Wet op de expertisecentra en artikel 76m van de Wet op het voortgezet
                        onderwijs;</al><al/><al>overwegende dat het noodzakelijk is de toekenning van voorzieningen in de
                        huisvesting voor het basisonderwijs, het (voortgezet) speciaal onderwijs en
                        het voortgezet onderwijs bij verordening te regelen; </al><al/><al>BESLUIT</al><al/><al>vast te stellen de volgende </al><al><vet>Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Almere
                            2009</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel 1 Begripsbepalingen </label></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder</al><lijst><li nr="a."><al>minister: de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;</al></li><li nr="b."><al>bevoegd gezag: bevoegd gezag van een volgens de Wet op het
                                    primair onderwijs, de Wet op de expertisecentra en de Wet op het
                                    voortgezet onderwijs bekostigde openbare of bijzondere school,
                                    die geheel of gedeeltelijk gehuisvest is in een gebouw dat zich
                                    bevindt op het grondgebied van de gemeente; In het kader van
                                    aanvragen om eerste inrichting onderwijsleerpakket en meubilair
                                    voor het kind-in-groepmodel, wordt de Stichting Gewoon Anders
                                    beschouwd als het bevoegd gezag en het orgaan dat de aanvraag
                                    hiervoor kan indienen</al></li><li nr="c."><al>school: school voor basisonderwijs, school voor (voortgezet)
                                    speciaal onderwijs en school voor voortgezet onderwijs;</al></li><li nr="d."><lijst><li nr="o"><al>school voor basisonderwijs: een basisschool of een
                                            speciale school voor basisonderwijs als bedoeld in
                                            artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs; </al></li><li nr="o"><al>school voor (voortgezet) speciaal onderwijs: een school
                                            voor speciaal onderwijs of een school voor speciaal en
                                            voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in artikel 1
                                            van de Wet op de expertisecentra, een instelling voor
                                            speciaal en voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in
                                            artikel 8 van de Wet op de expertisecentra en een school
                                            voor voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in
                                            artikel 1 van de Wet op de expertisecentra; </al></li><li nr="o"><al>school voor voortgezet onderwijs: school of
                                            scholengemeenschap voor voorbereidend wetenschappelijk
                                            onderwijs, voor hoger en middelbaar algemeen voortgezet
                                            onderwijs, voor voorbereidend beroepsonderwijs en voor
                                            praktijkonderwijs. </al></li></lijst></li><li nr="e."><al>nevenvestiging: deel van een school dat door de minister
                                    ingevolge artikel 85 van de Wet op het primair onderwijs,
                                    artikel 76a of artikel 76b van de Wet op de expertisecentra,
                                    artikel X van de wet van 31 mei 1995 (Stb. 319) of artikel 75
                                    van de Wet op het voortgezet onderwijs voor bekostiging in
                                    aanmerking is gebracht;</al></li><li nr="f."><al>voorziening: een van de voorzieningen in de huisvesting als
                                    bedoeld in artikel 2 van deze verordening;</al></li><li nr="g."><al>programma: het programma als bedoeld in artikel 12 van deze
                                    verordening;</al></li><li nr="h."><al>overzicht: het overzicht van de niet in het kader van de
                                    vaststelling van het programma ingewilligde aanvragen als
                                    bedoeld in artikel 13 van deze verordening;</al></li><li nr="i."><al>aanvrager: het bevoegd gezag dat een aanvraag voor vergoeding
                                    van een voorziening of voor bekostiging van bouwvoorbereiding
                                    van een voorziening als bedoeld in artikel 25 van deze
                                    verordening heeft ingediend;</al></li><li nr="j."><al>aanvraag: verzoek om vergoeding van een voorziening of om
                                    bekostiging van bouwvoorbereiding;</al></li><li nr="k."><al>voor blijvend gebruik bestemde voorziening: voorziening in de
                                    huisvesting die, volgens de uitkomst van de prognose als bedoeld
                                    in <onderstreept>bijlage II</onderstreept>van
                                    deze verordening, 15 jaren of langer noodzakelijk is;</al></li><li nr="l."><al>voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening: voorziening in de
                                    huisvesting die, volgens de uitkomst van de prognose als bedoeld
                                    in bijlage II van deze verordening, niet langer dan 15 jaren
                                    noodzakelijk is;</al></li><li nr="m."><al>permanent gebouw: schoolgebouw dat door de keuze van het ontwerp
                                    en de aard van de constructie en materialen ten minste 60 jaren
                                    als volwaardige huisvesting voor het onderwijs kan
                                    functioneren;</al></li><li nr="n."><al>noodlokaal: verplaatsbare ruimte die door de keuze van het
                                    ontwerp en de aard van de constructie en materialen ten minste
                                    15 jaren als volwaardige huisvesting voor het onderwijs kan
                                    functioneren;</al></li><li nr="o."><al>gymnastiekruimte: ruimte die geschikt is voor het onderwijs in
                                    lichamelijke oefening;</al></li><li nr="p."><al>advies Onderwijsraad: een advies van de Onderwijsraad over de
                                    vaststelling van het programma in relatie tot de vrijheid van
                                    richting en de vrijheid van inrichting, als bedoeld in artikel
                                    95 van de Wet op het primair onderwijs, artikel 93 van de Wet op
                                    de expertisecentra, artikel 76f van de Wet op het voortgezet
                                    onderwijs;</al></li><li nr="q."><al>verhuur: het gebruik van een onderwijsgebouw door derden, niet
                                    zijnde onderwijsgebruik of gebruik ten behoeve van culturele,
                                    maatschappelijke of recreatieve doeleinden. </al></li><li nr="r."><al>gezamenlijke akte: de akte als bedoeld in artikel 110 van de Wet
                                    op het primair onderwijs, artikel 108 van de Wet op de
                                    expertisecentra, artikel 76u van de Wet op het voortgezet
                                    onderwijs;</al></li><li nr="s."><al>beslissing gedeputeerde staten: de beslissing van gedeputeerde
                                    staten in een geschil als bedoeld in artikel 110 , tweede lid
                                    van de Wet op het primair onderwijs, artikel 108 , tweede lid
                                    van de Wet op de expertisecentra, artikel 76u , tweede lid van
                                    de Wet op het voortgezet onderwijs;</al></li><li nr="t."><al>eigendomsoverdracht: de eigendomsoverdracht als bedoeld in
                                        <onderstreept>artikel 110</onderstreept> van de Wet op het
                                    primair onderwijs, <onderstreept>artikel 108</onderstreept> van
                                    de Wet op de expertisecentra, <onderstreept>artikel
                                        76u</onderstreept> van de Wet op het voortgezet
                                    onderwijs;</al></li><li nr="u."><al>kind-in-groepmodel: de leerling gaat naar een reguliere school
                                    in de buurt en neemt daar zoveel mogelijk deel aan het gewone
                                    onderwijsprogramma.</al></li><li nr="v."><al>groep-in-schoolmodel: de leerling gaat naar een reguliere
                                    school, maar krijgt onderwijs in een speciale groep. In deze
                                    groep zitten leerlingen met een soortgelijke handicap of
                                    stoornis;</al></li><li nr="w."><al>groep-gekoppeld-aan-schoolmodel: speciale voorziening voor
                                    leerlingen met meervoudige of complexe problematiek, of
                                    leerlingen die in psychiatrische (dag)behandeling zijn. Het
                                    onderwijs vindt plaats op een aparte lokatie. De voorziening is
                                    gekoppeld aan een reguliere school een is een nevenvestiging van
                                    een reguliere school.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Omschrijving voorzieningen in de huisvesting</titel></kop><al> Bij de toepassing van deze verordening worden de volgende
                            voorzieningen onderscheiden:</al><lijst><li nr="a."><al>de voor blijvend of voor tijdelijk gebruik bestemde
                                    voorzieningen bestaande uit:</al></li><li nr="-"><al>nieuwbouw voor een school die voor het eerst voor
                                    rijksbekostiging in aanmerking is gebracht, dan wel nieuwbouw
                                    ter gehele of gedeeltelijke vervanging van een gebouw waarin een
                                    school is gehuisvest, al dan niet op dezelfde locatie;</al></li><li nr="-"><al>uitbreiding van een gebouw waarin een school is gehuisvest;</al></li><li nr="-"><al>gehele of gedeeltelijke ingebruikneming van een bestaand gebouw
                                    ten behoeve van de huisvesting van een school;</al></li><li nr="-"><al>verplaatsing van een of meer bestaande noodlokalen ten behoeve
                                    van de huisvesting van een school;</al></li><li nr="-"><al>terrein voor zover benodigd voor de realisering van een onder a
                                    sub 1o tot en met 4o omschreven voorziening;</al></li><li nr="-"><al>inrichting met onderwijsleerpakket of met leer- en hulpmiddelen
                                    voor zover deze nog niet eerder voor bekostiging van rijks- of
                                    gemeentewege in aanmerking is gebracht;</al></li><li nr="-"><al>inrichting met meubilair voor zover deze nog niet eerder voor
                                    bekostiging van rijks- of gemeentewege in aanmerking is
                                    gebracht;</al></li><li nr="-"><al>medegebruik van een ruimte voor het onderwijs in een gebouw dat
                                    al bij een andere school in gebruik is en medegebruik van een
                                    gymnastiekruimte en een bad voor watergewenning of
                                    bewegingstherapie; </al></li><li nr="b."><al>aanpassingen aan gebouwen bestaande uit een of meer activiteiten
                                    zoals onderscheiden in <onderstreept>bijlage I
                                    </onderstreept>;</al></li><li nr="c."><al>onderhoud aan gebouwen van een school voor basisonderwijs en een
                                    school voor (voortgezet) speciaal onderwijs bestaande uit een of
                                    meer activiteiten zoals onderscheiden in bijlage I;</al></li><li nr="d."><al>herstel van een constructiefout bestaande uit schade aan een
                                    gebouw veroorzaakt door eigen gebrek of eigen bederf, alsmede
                                    uit kosten gemoeid met het voorkomen van nog niet manifest
                                    geworden materiële schade onmiddellijk voortvloeiend uit
                                    ontwerpfouten, uitvoeringsfouten of wanprestatie;</al></li><li nr="e."><al>herstel en vervanging in verband met schade aan een gebouw,
                                    onderwijsleerpakket of leer- en hulpmiddelen en meubilair
                                    ingeval van bijzondere omstandigheden;</al></li><li nr="f."><al>huur van een sportterrein, dat niet in eigendom is van een
                                    bevoegd gezag, voor een school voor voortgezet onderwijs ten
                                    behoeve van het onderwijs in lichamelijke oefening. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Bouwvoorbereiding voorzieningen</titel></kop><al> Ten aanzien van voorzieningen als bedoeld in artikel 2, onder a1
                            kan een aanvraag worden ingediend voor bekostiging van
                            bouwvoorbereiding. Hierbij is het bepaalde in hoofdstuk 4 van
                            toepassing. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 4 Vaststelling vergoeding voorzieningen</label></kop><lijst><li nr="1."><al>Bij toekenning van een van de in artikel 2 genoemde
                                    voorzieningen, of bij toekenning van bekostiging van
                                    bouwvoorbereiding als bedoeld in artikel 3, wordt bij de wijze
                                    van vaststelling van de hoogte van de vergoeding een onderscheid
                                    gemaakt tussen vooraf genormeerde bedragen en bedragen gebaseerd
                                    op de feitelijk voorziene kosten per geval. </al></li><li nr="2."><al>De genormeerde vergoedingsbedragen worden vastgesteld met
                                    inachtneming van het bepaalde in bijlage IV , deel A. De
                                    vergoedingsbedragen die zijn gebaseerd op de feitelijke kosten
                                    worden vastgesteld met inachtneming van het bepaalde in bijlage
                                    IV, deel B.</al></li><li nr="3."><al>Deel A van bijlage IV is van toepassing op de voorzieningen als
                                    bedoeld in artikel 2, onder a1, a2, a5, a6, a7 en a8 alsmede
                                    vergoeding kosten bouwvoorbereiding.</al></li></lijst><lijst><li nr=""><al>Deel B van bijlage IV is van toepassing op de voorzieningen als
                                    bedoeld in artikel 2, onder a3 en onder a4 ,b,c,d en e</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Informatieverstrekking</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het bevoegd gezag verstrekt aan het college gegevens die
                                noodzakelijk zijn voor de uitvoering van het bepaalde in deze
                                verordening. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ter uitvoering hiervan kunnen door het college nadere aanwijzingen
                                worden gegeven. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de gegevensverstrekking wordt gebruik gemaakt van een door het
                                college vastgesteld formulier. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De Stichting Gewoon Anders verstrekt aan het college gegevens die
                                noodzakelijk zijn voor de uitvoering van het bepaalde in deze
                                verordening. </al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>2</nr><titel>Programma en overzicht</titel><subtitel>Paragraaf 2.1 Aanvragen programma</subtitel><subtitel/></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Indiening aanvraag</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een aanvraag voor opneming van een voorziening op het programma
                                    wordt voor 1 februari van het jaar van vaststelling van het
                                    betreffende programma door het bevoegd gezag ingediend bij het
                                    college. Hierbij wordt gebruik gemaakt van een door het college
                                    vastgesteld aanvraagformulier.</al></li><li nr="2."><al>Indien de aanvraag niet voor 1 februari is ingediend, besluit
                                    het college de aanvraag niet te behandelen. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Inhoud aanvraag; gelegenheid tot aanvullen aanvraag; niet
                                behandelen onvolledige aanvraag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanvraag vermeldt in ieder geval:</al><lijst><li nr="a."><al>de naam en het adres van de aanvrager;</al></li><li nr="b."><al>de dagtekening;</al></li><li nr="c."><al>de naam van de school en, voor zover van toepassing, het
                                        gebouw ten behoeve waarvan de voorziening is bestemd;</al></li><li nr="d."><al>welke voorziening wordt aangevraagd;</al></li><li nr="e."><al>de onderbouwing van de noodzaak en de omvang van de gewenste
                                        voorziening; </al></li><li nr="f."><al>de geplande aanvangsdatum van uitvoering van de
                                        voorziening.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In aanvulling op de in het eerste lid vermelde gegevens gaat de
                                aanvraag vergezeld van:</al><lijst><li nr="a."><al>een prognose van het te verwachten aantal leerlingen van de
                                        school, die voldoet aan de in bijlage II omschreven
                                        vereisten, tenzij het een voorziening betreft als bedoeld in
                                        artikel 2, onder a onderdelen 6° tot en met 8° en artikel 2,
                                        onder d, e en f; </al></li><li nr="b."><al>de aanduiding van de gewenste plaats waar de voorziening
                                        moet worden gerealiseerd, indien het een voorziening betreft
                                        als bedoeld in artikel 2, onder a, onderdelen 1° tot en met
                                        4°;</al></li><li nr="c."><al>een rapportage waaruit de bouwkundige noodzaak blijkt indien
                                        het een voorziening betreft bestaande uit nieuwbouw ter
                                        gehele of gedeeltelijke vervanging van een gebouw, uit
                                        onderhoud aan een gebouw van een school voor basisonderwijs
                                        of van een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs;</al></li><li nr="d."><al>een begroting van de kosten gemoeid met de uitvoering van de
                                        voorziening, indien de aanvraag betrekking heeft op een
                                        voorziening waarop het gestelde in artikel 4, derde lid,
                                        laatste volzin van toepassing is;</al></li><li nr="e."><al>een voor aanbesteding gereed bouwplan en bouwbegroting,
                                        indien de aanvraag volgt op een toekenning van een
                                        vergoeding van de kosten van bouwvoorbereiding als bedoeld
                                        in artikel 27; bij de rapportage als bedoeld onder c wordt
                                        gebruik gemaakt van het door het college vastgestelde
                                        formulier 'Bouwkundige opname';</al></li><li nr="f."><al>een verklaring van de Stichting Gewoon Anders indien er door
                                        het schoolbestuur een verzoek wordt ingediend in het kader
                                        van het groep-in-schoolmodel of het
                                        groep-gekoppeld-aan-schoolmodel; de verklaring bevat een
                                        positieve beoordeling van het verzoek en de bevestiging dat
                                        dit model wordt begeleid door genoemde stichting;</al></li><li nr="g."><al>een lijst van de leerlingen die door Stichting Gewoon Anders
                                        worden begeleid, indien de aanvraag betrekking heeft op de
                                        eerste inrichting onderwijsleerpakket of eerste inrichting
                                        meubilair.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij het ontbreken van een of meer gegevens als bedoeld in het eerste
                                of tweede lid deelt het college dit voor 15 februari schriftelijk
                                mee aan de aanvrager. Daarbij wordt de aanvrager in de gelegenheid
                                gesteld voor 15 maart de ontbrekende gegevens aan te vullen. Indien
                                de aanvrager de vereiste ontbrekende gegevens niet heeft verstrekt
                                voor 15 maart, besluit het college de aanvraag niet te
                                behandelen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien een door het college in behandeling genomen aanvraag
                                betrekking heeft op een voorziening voor een school waarvan de
                                beoordeling van de noodzaak mede is gebaseerd op het aantal
                                leerlingen van de betrokken school op de wettelijke teldatum van 1
                                oktober van het jaar waarin de datum genoemd in artikel 6 valt, dan
                                zendt de aanvrager onverwijld aan het college een afschrift van de
                                jaarlijkse opgave aan de minister van het aantal leerlingen dat op
                                de wettelijk teldatum staat ingeschreven op de school, die geheel of
                                gedeeltelijk gehuisvest is in een gebouw gelegen op het grondgebied
                                van de gemeente. Indien het afschrift niet binnen een week na het
                                tijdstip van de wettelijke teldatum is ontvangen, deelt het college
                                dit schriftelijk mee aan de aanvrager. Daarbij wordt de aanvrager in
                                de gelegenheid gesteld het afschrift van de opgave alsnog binnen
                                drie dagen na de datum van ontvangst van de mededeling in te dienen.
                                Indien het afschrift van de opgave niet binnen de termijn bedoeld in
                                de vorige volzin is verstrekt, besluit het college de aanvraag niet
                                te behandelen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Opgave ingediende aanvragen</titel></kop><al>Het college verstrekt ter informatie aan de bevoegde gezagsorganen een
                            opgave van de ingevolge artikel 6 en artikel 25 ingediende aanvragen.
                            Voor zover van toepassing geeft het college daarbij aan welke aanvraag
                            of aanvragen niet in behandeling worden genomen.</al><tussenkop>Paragraaf 2.2 Overleg voorafgaand aan
                            vaststelling programma en overzicht</tussenkop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Toelichting aanvraag; overleg over
                            ingediende begroting</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De aanvraag kan op verzoek van de aanvrager of van het college
                                    nader worden toegelicht.</al></li><li nr="2."><al>Indien de aanvraag een voorziening betreft waarop het gestelde
                                    in artikel 4, derde lid, laatste volzin van toepassing is,
                                    treedt het college in overleg met de aanvrager indien het
                                    college van oordeel is dat de door de aanvrager overgelegde
                                    begroting van de kosten dient te worden aangepast. Wanneer in
                                    het overleg geen overeenstemming wordt bereikt over de hoogte
                                    van het geraamde bedrag dan geeft het college dat, onder
                                    vermelding van de redenen, aan in het voorstel tot vaststelling
                                    van het bedrag, het programma en het overzicht als bedoeld in
                                    paragraaf 2.3. Het college geeft in dit voorstel tevens de
                                    hoogte van het geraamde bedrag aan waarvan voor de aangevraagde
                                    voorziening wordt uitgegaan bij de toepassing van het gestelde
                                    in paragraaf 2.3.</al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Overleg programma en overzicht; advies
                            Onderwijsraad</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Alvorens het college het programma en het overzicht vaststelt,
                                    worden de bevoegde gezagsorganen in een overleg in de
                                    gelegenheid gesteld hun zienswijze over de voorgenomen inhoud
                                    van dat voorstel naar voren te brengen.</al></li><li nr="2."><al>Het overleg als bedoeld in het eerste lid vindt plaats voor 15
                                    september. De bevoegde gezagsorganen worden ten minste twee
                                    weken voor de door het college vastgestelde datum schriftelijk
                                    daarvan in kennis gesteld. Zij worden hierbij tevens in kennis
                                    gesteld van de voorgenomen inhoud van het voorstel. </al></li><li nr="3."><al>De bevoegde gezagsorganen die niet deelnemen aan het overleg als
                                    bedoeld in het eerste lid, kunnen vóór de in het tweede lid
                                    bedoelde datum hun zienswijze schriftelijk kenbaar maken aan het
                                    college. Het college stelt de deelnemers aan het overleg hiervan
                                    in kennis. </al></li><li nr="4."><al>Van de in het overleg door de bevoegde gezagsorganen naar voren
                                    gebrachte zienswijzen, van de tijdig ingediende, schriftelijk
                                    kenbaar gemaakte zienswijzen en van de reactie van het college
                                    op deze zienswijzen, wordt door het college een verslag gemaakt.
                                    Het verslag wordt toegezonden aan alle bevoegde
                                    gezagsorganen.</al></li><li nr="5."><al>Indien een bevoegd gezag of het college een advies wenst van de
                                    Onderwijsraad over het voorstel met betrekking tot de
                                    voorgenomen inhoud van het programma in relatie tot de vrijheid
                                    van richting en de vrijheid van inrichting, dan wordt dit door
                                    het bevoegd gezag of het college tijdens het overleg als bedoeld
                                    in het eerste lid kenbaar gemaakt. Dit gebeurt aan de hand van
                                    een schriftelijk gemotiveerde omschrijving van de onderwerpen
                                    waarover het advies van de Onderwijsraad wordt verwacht. Hierbij
                                    wordt tevens het verband aangegeven tussen deze onderwerpen en
                                    de vrijheid van richting en de vrijheid van inrichting.</al></li><li nr="6."><al>De bevoegde gezagsorganen en het college worden in het overleg
                                    in de gelegenheid gesteld hun zienswijzen naar voren te brengen
                                    over een verzoek om advies van de Onderwijsraad. Het
                                    schriftelijke verzoek om advies en de daarover naar voren
                                    gebrachte zienswijzen maken deel uit van het verslag van het
                                    overleg als bedoeld in het vierde lid.</al></li><li nr="7."><al>Het college is belast met de indiening van een verzoek om advies
                                    bij de Onderwijsraad. Daarbij zorgen zij ervoor dat de
                                    Onderwijsraad alle stukken, waaronder het schriftelijk verslag
                                    van het overleg met de daarin opgenomen zienswijzen, ontvangt
                                    die nodig zijn voor de beoordeling van het verzoek. </al></li><li nr="8."><al>Een afschrift van het door de Onderwijsraad uitgebrachte advies
                                    wordt zo spoedig mogelijk door het college toegezonden aan de
                                    bevoegde gezagsorganen. Indien het geheel of gedeeltelijk
                                    opvolgen van het advies van de Onderwijsraad zou leiden tot een
                                    of meer inhoudelijke bijstellingen van de voorgenomen inhoud van
                                    het programma, dan worden de bevoegde gezagsorganen door het
                                    college bij de toezending van het afschrift van het advies
                                    uitgenodigd voor een nader overleg. In alle andere gevallen
                                    beoordeelt het college of nader bestuurlijk overleg over het
                                    advies van de Onderwijsraad noodzakelijk is. Het college geeft
                                    dit aan bij de toezending van het afschrift van het advies van
                                    de Onderwijsraad. </al></li><li nr="9."><al>Het nader overleg als bedoeld in het vorige lid vindt binnen
                                    twee weken plaats na toezending van het advies van de
                                    Onderwijsraad aan de bevoegde gezagsorganen. Het college maakt
                                    van dit overleg een verslag en voegt dit toe aan het verslag als
                                    bedoeld in het vierde lid.</al><al/></li></lijst><tussenkop>Paragraaf 2.3 Vaststelling bekostigingsplafond, programma en
                            overzicht</tussenkop></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Tijdstip vaststelling</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college stelt het bekostigingsplafond vast dat beschikbaar
                                    is voor de vergoeding van de aangevraagde voorzieningen. Dit
                                    bekostigingsplafond kan worden gesplitst in afzonderlijke
                                    bedragen per onderwijssoort en/of per voorziening.</al></li><li nr="2."><al>Het programma en het overzicht worden vastgesteld uiterlijk op
                                    31 december van het jaar waarin de datum genoemd in artikel 6
                                    valt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Inhoud programma</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De aangevraagde voorzieningen waarmee in het jaar volgend op het
                                    jaar van vaststelling van het programma een aanvang kan worden
                                    gemaakt, komen, voor zover het college heeft vastgesteld dat
                                    geen van de in de Wet op het primair onderwijs, Wet op de
                                    expertisecentra en Wet op het voortgezet onderwijs opgenomen
                                    weigeringsgronden van toepassing is, in aanmerking voor
                                    plaatsing op het programma. Daarbij past het college de regels
                                    toe met betrekking tot: </al><lijst><li nr="a."><al>de beoordelingscriteria als bedoeld in bijlage I; </al></li><li nr="b."><al>de prognosecriteria als bedoeld in bijlage II ; </al></li><li nr="c."><al>de oppervlakte en indeling van schoolgebouwen als
                                            bedoeld in bijlage III. Van de voor plaatsing op het
                                            programma in aanmerking komende voorzieningen neemt het
                                            college, aan de hand van de urgentiecriteria als bedoeld
                                            in bijlage V, uitsluitend voorzieningen op in het
                                            programma voor zover het bedrag of de deelbedragen als
                                            bedoeld in artikel 11, eerste lid, toereikend zijn.
                                        </al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Op voorstel van het overleg als bedoeld in artikel 10, kan het
                                    college de raad verzoeken bij de vaststelling van het programma
                                    af te mogen wijken van de urgentiecriteria als bedoeld in
                                    bijlage V.</al></li><li nr="3."><al>Ten aanzien van de in het programma opgenomen voorzieningen
                                    wordt, voor zover van toepassing, door het college aangegeven: </al><lijst><li nr="a."><al>het genormeerde bedrag dat ingevolge bijlage IV, deel A
                                            voor de betreffende voorziening beschikbaar wordt
                                            gesteld; </al></li><li nr="b."><al>het geraamde bedrag gemoeid met de uitvoering van de
                                            voorziening als bedoeld in artikel 4, derde lid, laatste
                                            volzin; </al></li><li nr="c."><al>de voorwaarden betreffende ingebruikneming of
                                            buitengebruikstelling van gebouwen of lokalen. </al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Inhoud overzicht</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het overzicht bevat de aangevraagde voorzieningen die, gelet op
                                    het bepaalde in artikel 12, eerste lid, niet in het programma
                                    zijn opgenomen.</al></li><li nr="2."><al>Ten aanzien van elk van de in het overzicht opgenomen
                                    voorzieningen wordt aangegeven waarom deze niet in het programma
                                    zijn opgenomen. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Bekendmaking besluiten vaststelling
                            bekostigingsplafond, programma en overzicht</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De bekendmaking van de besluiten tot vaststelling van het
                                    bekostigingsplafond, het programma en het overzicht geschiedt
                                    binnen twee weken na de datum van vaststelling door toezending
                                    door het college van de besluiten aan de aanvragers.
                                    Tegelijkertijd met de bekendmaking wordt van de besluiten door
                                    het college schriftelijk mededeling gedaan aan de overige
                                    bevoegde gezagsorganen.</al></li><li nr="2."><al>De besluiten als bedoeld in het eerste lid worden tegelijkertijd
                                    met de bekendmaking ter inzage gelegd.</al></li></lijst><tussenkop>Paragraaf 2.4 Uitvoering programma</tussenkop></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Overleg wijze van
                            uitvoering</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Binnen vier weken na de datum van vaststelling van het programma
                                    treedt het college in overleg met de aanvrager over de wijze van
                                    uitvoering van de op het programma geplaatste voorziening. In
                                    dit overleg wordt alle informatie verstrekt die nodig is voor de
                                    uitvoering van de voorziening. Daarbij worden, voor zover van
                                    toepassing, afspraken gemaakt over:</al><lijst><li nr="a."><al>het bouwheerschap als bedoeld in de wet;</al></li><li nr="b."><al>het tijdstip van indiening van het bouwplan en de
                                            begroting door de aanvrager;</al></li><li nr="c."><al>een andere wijze van uitvoering van het besluit met
                                            inachtneming van het beschikbaar te stellen bedrag;
                                        </al></li><li nr="d."><al>de wijze waarop door het college toepassing wordt
                                            gegeven aan de toetsing van het bouwplan en de
                                            begroting, alsmede aan de toetsing in verband met
                                            wettelijke voorschriften en nieuwe feiten en
                                            omstandigheden als bedoeld in artikel 16;</al></li><li nr="e."><al>de controle op en het afleggen van verantwoording over
                                            de besteding van de beschikbaar te stellen
                                            middelen.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Indien het overleg betrekking heeft op de uitvoering van een
                                    voorziening als bedoeld in artikel 4, derde lid, laatste volzin,
                                    dan geeft de aanvrager aan op welke wijze de aanbesteding van de
                                    uitvoering zal plaatsvinden. Daarbij worden, voor zover van
                                    toepassing gezien de aard van de voorziening, de gestelde
                                    richtlijnen als bedoeld in bijlage IV, deel B in acht genomen.
                                </al></li><li nr="3."><al>De inhoud van de afspraken of de constatering dat het overleg
                                    niet tot overeenstemming heeft geleid, wordt door het college
                                    schriftelijk vastgelegd in een verslag van het overleg en binnen
                                    vier weken na afloop van het overleg ter kennis gebracht van de
                                    aanvrager. Indien de aanvrager schriftelijk instemt met het
                                    verslag of binnen twee weken na ontvangst nog niet schriftelijk
                                    heeft gereageerd, wordt, afhankelijk van de inhoud van het
                                    vastgestelde verslag, geacht dat er overeenstemming of geen
                                    overeenstemming is bereikt.</al></li><li nr="4."><al>Indien toepassing wordt gegeven aan het bepaalde in artikel 16,
                                    vierde lid, neemt het college binnen vier weken nadat de
                                    overeenstemming als bedoeld in het derde lid is bereikt, een
                                    beslissing over het tijdstip waarop de bekostiging een aanvang
                                    kan nemen. Het bepaalde in artikel 17 is daarbij van
                                    overeenkomstige toepassing.</al></li><li nr="5."><al>Indien in het overleg geen overeenstemming als bedoeld in het
                                    derde lid is bereikt, deelt het college binnen vier weken nadat
                                    het verslag is vastgesteld, dit schriftelijk mee aan de
                                    aanvrager. Daarbij wordt aangegeven dat de bekostiging van de
                                    uitvoering van de voorziening geen aanvang zal nemen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Instemming bouwplannen en begroting;
                            tijdstip aanvang bekostiging; toetsing wettelijke voorschriften en
                            nieuwe feiten en omstandigheden; overlegging offertes</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Nadat de overeenstemming als bedoeld in artikel 15, derde lid,
                                    is bereikt en voorafgaand aan het verlenen van een bouwopdracht,
                                    dient de aanvrager met inachtneming van de hierover gemaakte
                                    afspraken, de bouwplannen, de desbetreffende begroting en een
                                    aanduiding van het tijdstip waarop de bekostiging een aanvang
                                    dient te nemen, ter instemming in bij het college.</al></li><li nr="2."><al>Binnen zes weken na ontvangst beslist het college over de
                                    instemming met de bouwplannen en de desbetreffende begroting en
                                    over het tijdstip waarop de bekostiging een aanvang kan nemen.
                                    Het college kan, onder mededeling daarvan aan de aanvrager, deze
                                    termijn verlengen met drie weken. Indien niet binnen deze
                                    termijn is besloten, wordt geacht instemming te zijn verleend
                                    met de bouwplannen en de begroting en vangt de bekostiging aan
                                    op het door de aanvrager aangegeven tijdstip. Binnen twee weken
                                    na de datum van de beslissing over het bouwplan, de
                                    desbetreffende begroting en het tijdstip waarop de bekostiging
                                    een aanvang neemt, deelt het college de beslissing schriftelijk
                                    mee aan de aanvrager.</al></li><li nr="3."><al>Bij de beslissing als bedoeld in het tweede lid stelt het
                                    college eveneens vast of de feiten en omstandigheden waarin de
                                    school verkeert ten opzichte van de feiten en omstandigheden ten
                                    tijde van de vaststelling van het programma, al dan niet
                                    ingrijpend zijn gewijzigd. Bij een naar het oordeel van het
                                    college ingrijpende wijziging van de feiten en omstandigheden
                                    komt de voorziening alsnog niet voor bekostiging in
                                    aanmerking.</al></li><li nr="4."><al>De instemming met de bouwplannen, de instemming met de
                                        b<cursief>egroting, de toetsing of voldaan wordt aan de bij
                                        of krachtens de wet gestelde voorschriften, en de toetsing
                                        of er sprake is van nieuwe feiten en omstandigheden kunnen
                                        achterwege blijven als naar het oordeel van het college dat
                                        niet noodzakelijk is gezien de inhoud van de in het
                                        programma opgenomen voorziening. Het college doet hiervan
                                        mededeling aan de aanvrager in het overleg als bedoeld in
                                        artikel 15.</cursief></al><lijst><li nr="5."><al>De indiening van de in het eerste en het tweede lid
                                            bedoelde begroting blijft achterwege indien het de
                                            uitvoering betreft van een voorziening als bedoeld in
                                            artikel 4, derde lid, laatste volzin. De beslissing van
                                            het college als bedoeld in het tweede lid betreft dan
                                            uitsluitend de beoordeling van het bouwplan. Daarbij
                                            zijn de genoemde termijnen in het tweede lid van
                                            overeenkomstige toepassing.</al></li><li nr="6."><al>Nadat het college met het bouwplan van een voorziening
                                            als bedoeld in artikel 4, derde lid, laatste volzin,
                                            heeft ingestemd, overlegt de aanvrager met inachtneming
                                            van de hierover gemaakte afspraken als bedoeld in
                                            artikel 15, tweede lid, aan het college de aan de
                                            aanvrager uitgebrachte offertes voor de uitvoering van
                                            de voorziening. Het college beslist binnen vier weken na
                                            ontvangst van de offertes over het bedrag dat definitief
                                            beschikbaar wordt gesteld voor de uitvoering van de
                                            voorziening en over het tijdstip waarop de bekostiging
                                            een aanvang kan nemen. De aanvrager wordt binnen twee
                                            weken na de datum van deze beslissing hiervan
                                            schriftelijk in kennis gesteld. Voor de vaststelling van
                                            het definitieve bedrag is de offerte met de laagste
                                            prijsstelling bepalend.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Aanvang
                                    bekostiging</titel></kop><al>Het college kan bij de beslissing als bedoeld in artikel 16,
                                    tweede lid of artikel 16, zesde lid, over het tijdstip waarop de
                                    bekostiging een aanvang kan nemen, bepalen dat de
                                    beschikbaarstelling van de gelden in termijnen plaatsvindt. De
                                    beschikbaarstelling van de gelden geschiedt dan telkens op een
                                    zodanig tijdstip dat de aanvrager kan voldoen aan de financiële
                                    verplichtingen voortkomend uit de realisering van de op het
                                    programma geplaatste voorziening. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Vervallen aanspraak op
                                    bekostiging</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De aanspraak op bekostiging van een voorziening vervalt,
                                            indien niet door de aanvrager vóór 1 oktober van het
                                            jaar volgend op de vaststelling van het programma een
                                            bouwopdracht is verleend dan wel een koop-, huur- of
                                            erfpachtovereenkomst is gesloten en een afschrift
                                            hiervan niet voor 15 oktober daaropvolgend aan het
                                            college is gezonden. De in de eerste volzin bedoelde
                                            bouwopdracht is onherroepelijk en vermeldt de
                                            aanvangsdatum van het werk en de termijn, uitgedrukt in
                                            het aantal werkbare dagen, binnen welke het werk wordt
                                            opgeleverd. De in de eerste volzin bedoelde
                                            overeenkomsten zijn onherroepelijk. In geval van een
                                            huur- of erfpachtovereenkomst wordt daarin de datum van
                                            inwerkingtreding vermeld, alsmede de duur van de
                                            overeenkomst. In geval van een koopovereenkomst wordt
                                            daarin de datum van aankoop vermeld.</al></li><li nr="2."><al>De aanspraak op bekostiging vervalt niet, indien de
                                            overschrijding van de termijn als bedoeld in het eerste
                                            lid veroorzaakt wordt door bijzondere omstandigheden die
                                            niet aan de aanvrager zijn toe te rekenen en de
                                            aanvrager voor 1 september een schriftelijk gemotiveerd
                                            verzoek heeft ingediend bij het college tot verlenging
                                            van de termijn als bedoeld in het eerste lid. </al></li><li nr="3."><al>Het college beslist voor 15 september over het verzoek
                                            tot verlenging van de termijn. Indien het verzoek wordt
                                            ingewilligd, wordt in het besluit aangegeven tot welke
                                            datum de termijn als bedoeld in het eerste lid wordt
                                            verlengd.</al></li></lijst><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>3</nr><titel>Aanvragen met spoedeisend
                                    karakter</titel></kop><structuurtekst><al><vet>Paragraaf 3.1 Aanvraag</vet></al><al/><al><vet>Artikel 19 Indiening aanvraag</vet></al><al>Een aanvraag om bekostiging van een voorziening in de
                                    huisvesting die gelet op de voortgang van het onderwijs geen
                                    uitstel kan lijden, kan worden ingediend bij het college.
                                    Hierbij wordt gebruik gemaakt van een door het college
                                    vastgesteld aanvraagformulier. </al><al/><al><vet>Artikel 20 Inhoud aanvraag</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De aanvraag bevat in ieder geval de gegevens zoals
                                            vermeld in artikel 7, eerste lid. In aanvulling daarop
                                            dient de aanvrager de volgende gegevens te
                                            verstrekken:</al><lijst><li nr="a."><al>een nadere aanduiding van de omstandigheden die
                                                  de voorziening in de huisvesting spoedeisend
                                                  maken;</al></li><li nr="b."><al>de reden waarom de voorziening in de huisvesting
                                                  niet kon worden aangevraagd in het kader van een
                                                  nog vast te stellen programma;</al></li><li nr="c."><al>een prognose van het te verwachten aantal
                                                  leerlingen van de school, die voldoet aan de in
                                                  bijlage II omschreven vereisten, tenzij het een
                                                  voorziening betreft als bedoeld in artikel 2 onder
                                                  a, onderdelen 6o tot en met 8o en artikel 2 onder
                                                  d, e en f;</al></li><li nr="d."><al>een begroting van de kosten gemoeid met de
                                                  uitvoering indien het een voorziening betreft als
                                                  bedoeld in artikel 4, derde lid, laatste
                                                  volzin.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Indien naar het oordeel van het college een of meer
                                            gegevens als bedoeld in het eerste lid ontbreken, wordt
                                            dit binnen twee weken na datum van indiening van de
                                            aanvraag schriftelijk medegedeeld aan de aanvrager. De
                                            aanvrager heeft de gelegenheid de ontbrekende gegevens
                                            binnen twee weken na ontvangst van de mededeling in te
                                            dienen bij het college. Indien de aanvrager de vereiste
                                            ontbrekende gegevens niet binnen de in de vorige volzin
                                            bedoelde termijn heeft verstrekt, besluit het college de
                                            aanvraag niet te behandelen.</al></li></lijst><tussenkop>Paragraaf 3.2 Beoordeling aanvraag;
                                    uitvoering besluit</tussenkop><tussenkop>Artikel 21 Tijdstip
                                    beslissing</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het college beslist binnen 12 weken na ontvangst van de
                                            aanvraag of binnen 12 weken nadat de aanvullende
                                            gegevens zijn verstrekt of hadden moeten zijn verstrekt.
                                            Binnen twee weken na de datum van de beslissing wordt de
                                            aanvrager hiervan schriftelijk in kennis gesteld door
                                            het college.</al></li><li nr="2."><al>Indien een beschikking niet binnen 12 weken kan worden
                                            gegeven, stelt het college de aanvrager daarvan in
                                            kennis en noemt daarbij een redelijke termijn waarbinnen
                                            de beschikking wel tegemoet kan worden gezien.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 22 Inhoud beslissing</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>De aangevraagde voorziening wordt toegewezen, indien het
                                            college heeft vastgesteld dat het treffen van de
                                            voorziening, gelet op de voortgang van het onderwijs,
                                            geen uitstel kan lijden en geen van de in de Wet op het
                                            primair onderwijs, Wet op de expertisecentra en Wet op
                                            het voortgezet onderwijs opgenomen weigeringsgronden van
                                            toepassing is. Bij deze vaststelling past het college de
                                            regels toe met betrekking tot:</al><lijst><li nr="a."><al>de beoordelingscriteria als bedoeld in
                                                  <onderstreept>bijlage I </onderstreept>;</al></li><li nr="b."><al>de prognosecriteria als bedoeld in
                                                  <onderstreept>bijlage II </onderstreept>;</al></li><li nr="c."><al>de oppervlakte en indeling van gebouwen als
                                                  bedoeld in <onderstreept>bijlage III
                                                  </onderstreept>.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De beslissing van het college kan een gedeelte van de
                                            gewenste voorziening dan wel een andere dan de gevraagde
                                            voorziening omvatten. </al></li><li nr="3."><al>Indien de aanvraag wordt toegewezen, vermeldt het
                                            college welk genormeerd bedrag ingevolge het bepaalde in
                                                <onderstreept>bijlage IV </onderstreept>, deel A
                                            voor de toegewezen voorziening beschikbaar wordt
                                            gesteld, dan wel wat het geraamde bedrag is indien het
                                            een voorziening betreft als bedoeld in artikel 4, derde
                                            lid, laatste volzin. Bij de beschikking stelt het
                                            college vast voor welke datum een bouwopdracht moet zijn
                                            verleend, dan wel een koop-, huur- of
                                            erfpachtovereenkomst moet zijn gesloten, en voor welke
                                            datum een afschrift daarvan aan de raad moet zijn
                                            toegezonden. Binnen zes maanden na de datum van de
                                            beschikking door het college moet een bouwopdracht zijn
                                            verleend, dan wel een koop-, huur-, of
                                            erfpachtovereenkomst zijn gesloten.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 23 Uitvoering
                                    beslissing</tussenkop><al/><tussenkop>Na bekendmaking van de beslissing als
                                    bedoeld in artikel 21, eerste lid, waarbij een vergoeding is
                                    toegewezen, treedt het college zo spoedig mogelijk in overleg
                                    met de aanvrager over de wijze van uitvoering. Het bepaalde in
                                    de artikelen 15, 16 en 17 is daarbij overeenkomstig van
                                    toepassing, met uitzondering van de in tweede lid van artikel 16
                                    genoemde termijn van zes weken. Hiervoor moet worden gelezen
                                    drie weken.</tussenkop><tussenkop><vet>Artikel 24 Vervallen aanspraak
                                        bekostiging</vet></tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Indien niet voor de in artikel 22, derde lid bedoelde
                                            tijdstippen een bouwopdracht is verleend, dan wel een
                                            koop-, huur- of erfpachtovereenkomst is gesloten en een
                                            afschrift daarvan is gezonden aan het college, vervalt
                                            de aanspraak op bekostiging. Ten aanzien van de inhoud
                                            van een bouwopdracht, dan wel koop-, huur- of
                                            erfpachtovereenkomst is het gestelde in artikel 18,
                                            eerste lid van overeenkomstige toepassing.</al></li><li nr="2."><al>De aanspraak op bekostiging vervalt niet, indien de
                                            overschrijding van de datum veroorzaakt wordt door
                                            bijzondere omstandigheden, die niet aan de aanvrager
                                            zijn toe te rekenen, en de aanvrager uiterlijk vier
                                            weken voor het verstrijken van deze datum een
                                            schriftelijk gemotiveerd verzoek heeft ingediend bij het
                                            college tot verlenging van de termijn.</al></li><li nr="3."><al>Dit verzoek schort het vervallen van de aanspraak op
                                            bekostiging op totdat het college op het verzoek heeft
                                            beslist. Indien het college het verzoek inwilligt, noemt
                                            de raad een nieuwe datum waarop de aanspraak op
                                            bekostiging vervalt. Indien het college het verzoek
                                            afwijst, geldt de datum van beslissing op het verzoek
                                            als vervaldatum, met dien verstande dat deze datum niet
                                            voor de oorspronkelijke vervaldatum kan vallen.</al></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>4</nr><titel>Bekostiging
                                    bouwvoorbereiding</titel></kop><structuurtekst><tussenkop>Artikel 25 Aanvraag</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het bevoegd gezag dat voornemens is een aanvraag in te
                                            dienen voor plaatsing op het programma van een voor
                                            blijvend gebruik bestemde voorziening als bedoeld in
                                            artikel 3, kan daaraan voorafgaand een aanvraag indienen
                                            bij het college voor bekostiging van de
                                            bouwvoorbereiding. Het betreft de voorbereiding
                                            voorafgaand aan het moment van aanbesteding van die
                                            voorziening. </al></li><li nr="2."><al>De aanvraag wordt gedaan voor 1 februari van het jaar
                                            voorafgaand aan het jaar waarin de bekostiging gewenst
                                            wordt. Hierbij wordt gebruik gemaakt van een door het
                                            college vastgesteld aanvraagformulier.</al></li><li nr="3."><al>De aanvraag gaat vergezeld van de volgende
                                            gegevens:</al><lijst><li nr="a."><al>de naam en het adres van de aanvrager;</al></li><li nr="b."><al>de dagtekening;</al></li><li nr="c."><al>de naam van de school ten behoeve waarvan de
                                                  vergoeding wordt gewenst;</al></li><li nr="d."><al>de reden, de gewenste omvang en de aanduiding
                                                  van de gewenste locatie van de voorziening;</al></li><li nr="e."><al>het gewenste tijdstip van realisering van de
                                                  voorziening;</al></li><li nr="f."><al>een prognose van het te verwachten aantal
                                                  leerlingen van de school die voldoet aan de in
                                                  bijlage II omschreven vereisten;</al></li><li nr="g."><al>indien het nieuwbouw betreft ter vervanging van
                                                  een bestaand gebouw: een rapportage waaruit de
                                                  bouwkundige noodzaak van de vervanging blijkt;
                                                </al></li><li nr="h."><al>een begroting van de kosten als bedoeld in het
                                                  eerste lid, indien de bekostiging
                                                  bouwvoorbereiding is aangemerkt als een
                                                  voorziening bedoeld in artikel 4, derde lid,
                                                  laatste volzin. Bij de rapportage als bedoeld
                                                  onder g wordt gebruik gemaakt van het door de raad
                                                  vastgestelde formulier 'Bouwkundige opname'.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Bij het ontbreken van een of meer gegevens als bedoeld
                                            in het derde lid, deelt het college dit voor 15 februari
                                            schriftelijk mee aan de aanvrager en stellen hem in de
                                            gelegenheid om voor 15 maart de gegevens aan te vullen.
                                            Het gestelde in artikel 7, derde lid is daarbij van
                                            overeenkomstige toepassing.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 26 Toelichting en overleg
                                    aanvraag</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Ten aanzien van het geven van een toelichting op de
                                            aanvraag of het overleg over de begroting is het
                                            gestelde in artikel 9 van overeenkomstige
                                            toepassing.</al></li><li nr="2."><al>Voordat het college een besluit neemt over de aanvraag
                                            voor bekostiging van bouwvoorbereiding, treedt het
                                            college in overleg met de aanvrager. Dit overleg over de
                                            aanvraag vindt plaats tezamen met het overleg als
                                            bedoeld in artikel 10, eerste lid. De leden twee, drie
                                            en vier van artikel 10 zijn daarbij van overeenkomstige
                                            toepassing.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 27 Beschikking op
                                    aanvraag</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het college neemt op het tijdstip als bedoeld in artikel
                                            11 een beslissing over de aanvraag.</al></li><li nr="2."><al>De aanvraag wordt toegewezen indien en voor zover:</al><lijst><li nr="a."><al>er voldoende middelen voor de vergoeding van de
                                                  kosten van bouwvoorbereiding beschikbaar
                                                  zijn;</al></li><li nr="b."><al>de noodzaak van de gewenste voorziening
                                                  voldoende vaststaat;</al></li><li nr="c."><al>er een reële mogelijkheid is dat de voorziening
                                                  in het gewenste jaar van uitvoering voor
                                                  bekostiging in aanmerking kan worden gebracht.
                                                </al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Indien de aanvraag wordt toegewezen, wordt in de
                                            beschikking vermeld tot welk bedrag de kosten van
                                            bouwvoorbereiding worden vergoed. Het bedrag kan in
                                            termijnen aan de aanvrager beschikbaar worden gesteld,
                                            echter steeds op een zodanig tijdstip dat de aanvrager
                                            aan zijn financiële verplichtingen jegens derden die hij
                                            heeft ingeschakeld bij de bouwvoorbereiding, kan
                                            voldoen. Over de daadwerkelijke beschikbaarstelling van
                                            het bedrag worden afspraken gemaakt tussen aanvrager en
                                            het college. </al></li><li nr="4."><al>Aan een toewijzing als bedoeld in het tweede lid kunnen
                                            door de aanvrager geen rechten worden ontleend ten
                                            aanzien van de plaatsing van de voorziening op enig
                                            toekomstig programma. </al></li></lijst><tussenkop>Artikel 28 Vervallen aanspraak
                                    bekostiging</tussenkop><al>De aanspraak die voortvloeit uit de beschikking tot toekenning
                                    van bekostiging van bouwvoorbereiding vervalt, indien door de
                                    aanvrager niet voor 15 september van het jaar dat volgt op het
                                    jaar waarin de beschikking is genomen, daadwerkelijk gestart is
                                    met de bouwvoorbereiding en niet voor 1 oktober daaropvolgend
                                    informatie is verstrekt aan het college waaruit dit blijkt.
                                </al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>5</nr><titel>Medegebruik en verhuur</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf 5.1 Medegebruik ten behoeve van onderwijs of educatie</label></kop><structuurtekst><al/><al><vet>Artikel 29 Aanduiding omstandigheden</vet></al><al>Het college kan overgaan tot vordering van een gedeelte van een
                                gebouw of terrein, bestemd voor een school, indien:</al><lijst><li nr="a."><al>er sprake is van een tekort aan huisvestingscapaciteit bij
                                        een school berekend volgens het gestelde in bijlage III,
                                        delen A en B en het bevoegd gezag van die school een
                                        aanvraag als bedoeld in artikel 6 of 19 voor medegebruik of
                                        uitbreiding heeft ingediend;</al><lijst><li nr="b."><al>het bevoegd gezag van een school een aanvraag voor
                                                een andere huisvestingsvoorziening heeft ingediend
                                                en door medegebruik aan de behoefte aan huisvesting
                                                kan worden voorzien;</al></li><li nr="c."><al>er sprake is van een tekort aan
                                                huisvestingscapaciteit bij een andere school of een
                                                instelling als bedoeld in de Wet educatie en
                                                beroepsonderwijs, vastgesteld aan de hand van de
                                                voor die school of instelling gangbare
                                                berekeningswijze en </al></li><li nr="d."><al>er sprake is van leegstand in een lesgebouw van een
                                                school;</al></li><li nr="e."><al>er sprake is van leegstand in gymnastiekruimte van
                                                een school.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 30 Omschrijving
                                        leegstand</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Er is sprake van leegstand in een lesgebouw:</al><lijst><li nr="a."><al>wanneer het betreft een gebouw van een school
                                                  voor basisonderwijs of voor (voortgezet) speciaal
                                                  onderwijs, indien uit de vergelijking van het
                                                  aantal groepen zoals berekend op basis van
                                                  <onderstreept>bijlage III </onderstreept>, deel B
                                                  en de capaciteit van het gebouw zoals vastgesteld
                                                  op basis van bijlage III, deel A blijkt dat er ten
                                                  minste één leslokaal niet nodig is voor de daar
                                                  gevestigde school of scholen;</al></li><li nr="b."><al>wanneer het betreft een gebouw van een school
                                                  voor voortgezet onderwijs (met uitzondering van
                                                  een zelfstandige school voor praktijkonderwijs),
                                                  indien uit de vergelijking van de ruimtebehoefte
                                                  zoals berekend op basis van Bijlage III, deel B en
                                                  de capaciteit van het gebouw zoals vastgesteld op
                                                  basis van Bijlage III, deel A blijkt dat er een
                                                  overschot is aan vierkante meters bruto
                                                  vloeroppervlakte tenzij het bevoegd gezag op basis
                                                  van het lesrooster of lesroosters voor het lopende
                                                  of eerstkomende schooljaar aantoont dat er binnen
                                                  het overschot aan vierkante meters bruto
                                                  vloeroppervlakte geen sprake is van onderbenutting
                                                  van de onderwijsruimten. Voor een zelfstandige
                                                  school voor praktijkonderwijs (niet zijnde een
                                                  afdeling voor praktijkonderwijs) is hetgeen
                                                  bepaald in lid a van dit artikel van
                                                  toepassing.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Er is sprake van leegstand in een
                                                gymnastiekruimte:</al><lijst><li nr="a."><al>wanneer het betreft een gebouw dat gebruikt
                                                  wordt door een of meer scholen voor basisonderwijs
                                                  of voor (voortgezet) speciaal onderwijs, indien de
                                                  som van het aantal klokuren gebruik dat door het
                                                  college wordt vergoed minder is dan 40 klokuren;
                                                  </al></li><li nr="b."><al>wanneer het betreft een gebouw van een school
                                                  voor voortgezet onderwijs, indien uit de
                                                  berekening op basis van Bijlage III, Deel B blijkt
                                                  dat benutting van het gebouw lager is dan 40
                                                  lesuren, tenzij het bevoegd gezag op basis van het
                                                  lesrooster of de lesroosters voor het lopende of
                                                  eerstkomende schooljaar aantoont dat dit niet het
                                                  geval is;</al></li><li nr="c."><al>wanneer het een gebouw betreft dat gebruikt
                                                  wordt door een of meer scholen voor
                                                  basisonderwijs, voor (voortgezet) speciaal
                                                  onderwijs en voortgezet onderwijs, indien de som
                                                  van de berekeningswijzen genoemd onder a en b een
                                                  aantal klokuren lager dan 40 oplevert.</al><al/></li></lijst></li></lijst><tussenkop>Artikel 31 Nalaten vordering; volgorde van
                                        vorderen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het college gaat niet over tot vordering ten behoeve
                                                van medegebruik indien het bevoegd gezag de
                                                leegstand van het gebouw waarin het beoogde
                                                medegebruik dient plaats te vinden in gebruik heeft
                                                gegeven aan een andere school of scholen ten behoeve
                                                van het onderwijs aan die school of scholen. </al></li><li nr="2."><al>Het gestelde in het eerste lid is niet van
                                                toepassing indien het gebruik van die andere school
                                                of scholen kan plaatsvinden in de aan die scholen
                                                reeds ter beschikking staande
                                                huisvestingscapaciteit. </al></li><li nr="3."><al>Indien er zich in meerdere gebouwen leegstand
                                                voordoet wordt:</al><lijst><li nr="a."><al>als eerste de leegstand gevorderd in het
                                                  gebouw dat in gebruik is bij een school van
                                                  hetzelfde bevoegd gezag, tenzij uit oogpunt van
                                                  doelmatigheid het vorderen van leegstand in een
                                                  ander gebouw een betere oplossing biedt;</al></li><li nr="b."><al>vervolgens de leegstand gevorderd in het
                                                  gebouw waarin een school van dezelfde richting is
                                                  gehuisvest en</al></li><li nr="c."><al>vervolgens de leegstand gevorderd in het
                                                  gebouw dat het dichtst gelegen is bij het
                                                  hoofdgebouw van de school ten behoeve waarvan de
                                                  vordering plaatsvindt. </al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Het college kan, indien de bij de vordering
                                                betrokken bevoegde gezagsorganen daarmee instemmen,
                                                in een individueel geval van de in het derde lid
                                                opgenomen volgorde afwijken. </al></li></lijst><tussenkop>Artikel 32 Overleg en
                                        mededeling</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Indien het college voornemens is om over te gaan tot
                                                vordering van leegstand in een lesgebouw of
                                                gymnastiekruimte, voert het college daarover overleg
                                                met het bevoegd gezag waarvan de leegstand gevorderd
                                                wordt en met het bevoegd gezag waarvoor de
                                                huisvesting is bestemd. Dit overleg maakt deel uit
                                                van het overleg als bedoeld in artikel 10.</al></li><li nr="2."><al>Binnen vier weken na de vaststelling van het
                                                programma als bedoeld in artikel 11, doet het
                                                college schriftelijk mededeling van de vordering aan
                                                het bevoegd gezag waarvan gevorderd wordt. Van deze
                                                mededeling kan worden afgezien als dat bevoegd gezag
                                                in het overleg te kennen heeft gegeven geen bezwaar
                                                tegen de vordering te hebben. </al></li><li nr="3."><al>Indien het college voornemens is om over te gaan tot
                                                vordering in het kader van een aanvraag als bedoeld
                                                in artikel 19, voert het college daarover zo spoedig
                                                mogelijk overleg met het bevoegd gezag waarvan
                                                gevorderd wordt en met het bevoegd gezag waarvoor de
                                                huisvesting is bestemd. </al></li><li nr="4."><al>Binnen een week na afloop van het overleg als
                                                bedoeld in het vorige lid, doet het college
                                                schriftelijk mededeling van de vordering aan het
                                                bevoegd gezag waarvan gevorderd wordt. Van deze
                                                mededeling kan worden afgezien als dat bevoegd gezag
                                                in het overleg te kennen heeft gegeven geen bezwaar
                                                tegen de vordering te hebben.</al></li><li nr="5."><al>De schriftelijke mededeling van het college als
                                                bedoeld in het tweede en vierde lid, bevat in ieder
                                                geval:</al><lijst><li nr="a."><al>de naam van de school en het bevoegd gezag ten
                                                  behoeve waarvan wordt gevorderd;</al></li><li nr="b."><al>een aanduiding van het aantal groepen of
                                                  aantal leerlingen ten behoeve waarvan gevorderd
                                                  wordt of, indien het betreft het onderwijs in
                                                  lichamelijke oefening, het aantal klokuren dat
                                                  gevorderd wordt;</al></li><li nr="c."><al>een aanduiding van het gebouw waarop de
                                                  vordering betrekking heeft;</al></li><li nr="d."><al>een aanduiding van het aantal en het type
                                                  ruimten dat gevorderd wordt;</al></li><li nr="e."><al>de periode waarvoor gevorderd wordt en de
                                                  ingangsdatum van het medegebruik. </al><tussenkop>Artikel 33
                                                  Vergoeding</tussenkop><al>De bevoegde gezagsorganen die het betreft
                                                  stellen in onderling overleg, met inachtneming van
                                                  de wettelijke bepalingen, een vergoeding voor het
                                                  medegebruik vast. Indien dit overleg niet tot
                                                  overeenstemming leidt, geldt het bepaalde in
                                                  <onderstreept>bijlage IV </onderstreept>, deel C.
                                                  </al></li></lijst></li></lijst></li></lijst></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf 5.2 Medegebruik ten behoeve van culturele, maatschappelijke of recreatieve doeleinden.</label></kop><structuurtekst><lijst><li nr=""><lijst><li nr=""><lijst><li nr=""><lijst><li nr=""><tussenkop>Artikel 34 Aanduiding
                                                  omstandigheden</tussenkop><al>Het college kan overgaan tot vordering
                                                  indien:</al><lijst><li nr="a."><al>er sprake is van leegstand van een lesgebouw
                                                  of een gymnastiekruimte zoals bepaald in artikel
                                                  30;</al></li><li nr="b."><al>er sprake is van onderbenutting van een
                                                  sportveld van een school voor voortgezet
                                                  onderwijs, blijkend uit het lesrooster van de
                                                  school of scholen die dat sportveld voor het
                                                  onderwijs gebruiken.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 35 Overleg en
                                                  mededeling</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Alvorens over te gaan tot vordering voert het
                                                  college overleg met het bevoegd gezag. </al></li><li nr="2."><al>In dat overleg komt in ieder geval aan de
                                                  orde:</al><lijst><li nr="a."><al>voor welke activiteit of activiteiten
                                                  gevorderd wordt;</al></li><li nr="b."><al>of die activiteit of activiteiten zich
                                                  verdragen met het onderwijs aan de in het gebouw
                                                  gevestigde school;</al></li><li nr="c."><al>welke maatregelen eventueel noodzakelijk zijn
                                                  om te voorkomen dat het onderwijs aan de in het
                                                  gebouw gevestigde school hinder van het
                                                  medegebruik ondervindt;</al></li><li nr="d."><al>wat naar de mening van het college en het
                                                  bevoegd gezag een redelijke vergoeding voor het
                                                  medegebruik is;</al></li><li nr="e."><al>de datum waarop het medegebruik redelijkerwijs
                                                  een aanvang kan nemen.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Binnen vier weken na afloop van het overleg
                                                  doet het college schriftelijk mededeling van de
                                                  vordering aan het bevoegd gezag. Indien het
                                                  overleg zoals bedoeld in het eerste lid heeft
                                                  geleid tot afspraken, bevat de mededeling in ieder
                                                  geval die afspraken. Voorzover het overleg niet
                                                  tot overeenstemming heeft geleid, bevat de
                                                  mededeling de beslissing van het college over de
                                                  punten waarover geen overeenstemming bestond.
                                                  Indien het bevoegd gezag in het overleg te kennen
                                                  heeft gegeven geen bezwaar te hebben tegen de
                                                  vordering, kan van de schriftelijke mededeling als
                                                  hier bedoeld worden afgezien.</al></li></lijst><tussenkop>Paragraaf 5.3
                                                  Verhuur</tussenkop><tussenkop>Artikel 36 Toestemming
                                                  college</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Alvorens een huurovereenkomst te sluiten,
                                                  vraagt het bevoegd gezag toestemming voor de
                                                  verhuur aan het college.</al></li><li nr="2."><al>Het verzoek om toestemming wordt schriftelijk
                                                  gedaan en bevat een aanduiding van de huurder,
                                                  alsmede van de bestemming van de te verhuren
                                                  ruimte. </al></li><li nr="3."><al>Het college verleent de toestemming niet
                                                  indien:</al><lijst><li nr="a."><al>de bestemming van de te verhuren ruimte in
                                                  strijd is met bepalingen daaromtrent uit de Wet op
                                                  het primair onderwijs, Wet op de expertisecentra
                                                  en Wet op het voortgezet onderwijs of
                                                  regelgeving;</al></li><li nr="b."><al>de te verhuren ruimte onmiddellijk nodig is
                                                  voor een school.</al></li></lijst></li></lijst></li></lijst></li></lijst></li></lijst></li></lijst></structuurtekst></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>6</nr><titel>Einde
                                                  gebruik gebouwen en terreinen</titel></kop><structuurtekst><tussenkop>Artikel 37 Tijdstip
                                                  beëindiging gebruik; staat van
                                                  onderhoud</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Nadat een gebouw of terrein niet meer door het
                                                  bevoegd gezag nodig is voor de huisvesting van een
                                                  school wordt het gebruik van het gebouw of terrein
                                                  zo spoedig mogelijk beëindigd, doch uiterlijk op
                                                  de datum genoemd in de door het college en het
                                                  bevoegd gezag ondertekende gezamenlijke akte of de
                                                  datum zoals vastgesteld door gedeputeerde staten
                                                  bij de beslissing inzake een geschil over de
                                                  totstandkoming van een gezamenlijke akte. </al></li><li nr="2."><al>Indien er, naar het oordeel van het college,
                                                  mogelijk sprake is van achterstallig onderhoud aan
                                                  het gebouw of terrein bedoeld in het eerste lid,
                                                  dat tot de verantwoordelijkheid van het bevoegd
                                                  gezag behoort, wordt, voordat de
                                                  eigendomsoverdracht heeft plaatsgevonden, een
                                                  staat van onderhoud opgemaakt. </al></li><li nr="3."><al>De staat van onderhoud wordt opgemaakt in
                                                  opdracht van het college na overleg met het
                                                  bevoegd gezag. </al></li><li nr="4."><al>Over de staat van onderhoud wordt overleg
                                                  gevoerd met het bevoegd gezag. In dat overleg
                                                  wordt, indien van toepassing, vastgesteld welk
                                                  deel van het onderhoud alsnog door het bevoegd
                                                  gezag wordt uitgevoerd of welk bedrag in plaats
                                                  daarvan aan het college betaald wordt. Indien het
                                                  overleg niet tot overeenstemming leidt, stellen
                                                  partijen vast welke handelwijze gevolgd wordt.
                                                  </al></li><li nr="5."><al>Het opmaken van een staat van onderhoud blijft
                                                  achterwege indien dit naar het oordeel van het
                                                  college niet nodig is. </al></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>7</nr><titel>Gebruik
                                                  gymnastiekruimte voor basisonderwijs en
                                                  (voortgezet) speciaal onderwijs</titel></kop><structuurtekst><tussenkop>Artikel 38 Mutaties
                                                  aantal klokuren binnen beschikbare capaciteit;
                                                  inroostering gebruik</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Een bevoegd gezag van een school voor
                                                  basisonderwijs of een school voor (voortgezet)
                                                  speciaal onderwijs verstrekt jaarlijks voor 1
                                                  april voorafgaande aan het volgende schooljaar een
                                                  opgave van de voor dat schooljaar voor de school
                                                  gewenste onderwijsgebruik van een
                                                  gymnastiekruimte. Deze opgave bevat de volgende
                                                  gegevens: </al><lijst><li nr="a."><al>de gewenste omvang van het onderwijsgebruik
                                                  uitgedrukt in een aantal klokuren; </al></li><li nr="b."><al>de aanduiding van de gymnastiekruimte of
                                                  -ruimten waarin het gebruik wordt gewenst; </al></li><li nr="c."><al>de tijden waarop het onderwijsgebruik
                                                  gedurende een schoolweek wordt gewenst. </al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De jaarlijkse opgave van het gewenste
                                                  onderwijsgebruik van een gymnastiekruimte als
                                                  bedoeld in het eerste lid wordt beschouwd als </al><tussenkop>een aanvraag in de zin
                                                  van artikel 19, met dien verstande dat op de
                                                  afhandeling van een dergelijke aanvraag het
                                                  bepaalde in dit artikel van toepassing is. </tussenkop><lijst><li nr="3."><al>Het college stelt jaarlijks voor 1 mei
                                                  voorafgaande aan het daaropvolgende schooljaar op
                                                  basis van de ingediende opgaven een voorstel tot
                                                  inroostering vast van het onderwijsgebruik door
                                                  scholen voor basisonderwijs en (voortgezet)
                                                  speciaal onderwijs van de op het grondgebied van
                                                  de gemeente gelegen gymnastiekruimten. Hiertoe
                                                  wordt het gewenste onderwijsgebruik afgezet tegen
                                                  de beschikbare capaciteit van de
                                                  gymnastiekruimten, waarbij wordt uitgegaan van een
                                                  capaciteit van 26 klokuren per week per
                                                  gymnastiekruimte. </al></li><li nr="4."><al>Het college neemt bij de vaststelling van het
                                                  voorstel tot inroostering het volgende in acht: </al><lijst><li nr="a."><al>de afstanden in relatie tot de omvang van het
                                                  onderwijsgebruik van een gymnastiekruimte, zoals
                                                  opgenomen in bijlage I, deel B; </al></li><li nr="b."><al>het bevoegd gezag van een niet door de
                                                  gemeente in stand gehouden school dat eigenaar is
                                                  van een gymnastiekruimte wordt voor de betreffende
                                                  school het eerste ingeroosterd voor die
                                                  gymnastiekruimte; </al></li><li nr="c."><al>het gymnastiekonderwijs van een school wordt
                                                  zoveel mogelijk ingeroosterd in één
                                                  gymnastiekruimte. </al></li></lijst></li><li nr="5."><al>Het voorstel tot inroostering vermeldt per
                                                  school voor basisonderwijs en (voortgezet)
                                                  speciaal onderwijs de volgende gegevens: </al><lijst><li nr="a."><al>het aantal klokuren waarvoor de school wordt
                                                  ingeroosterd in een gymnastiekruimte; </al></li><li nr="b."><al>de aanduiding van de gymnastiekruimte waarin
                                                  en de tijden gedurende welke het on-derwijsgebruik
                                                  plaatsvindt; </al></li><li nr="c."><al>een nadere onderverdeling van het aantal
                                                  klokuren per gymnastiekruimte wanneer het gebruik
                                                  in meer dan één gymnastiekruimte plaatsvindt; voor
                                                  zover het gewenste aantal klokuren hoger is dan
                                                  het aantal klokuren dat ingevolge de beleidsregel
                                                  bekostiging gymnastiekruimte voor basisonderwijs
                                                  en (voortgezet) speciaal onderwijs voor
                                                  bekostiging door de gemeente in aanmerking komt,
                                                  wordt vermeld hoeveel klokuren voor rekening komen
                                                  van het bevoegd gezag van de school. Het college
                                                  neemt het aantal klokuren als bedoeld in dit lid
                                                  onder d slechts op in het voorstel tot
                                                  inroostering voor zover daarvoor nog capaciteit
                                                  beschikbaar is, nadat rekening is gehouden met het
                                                  totale klokuurgebruik dat voor bekostiging door de
                                                  gemeente in aanmerking komt. </al></li></lijst></li><li nr="6."><al>Het voorstel tot inroostering wordt door het
                                                  college binnen twee weken na vaststelling
                                                  toegezonden aan de bevoegde gezagsorganen voor
                                                  basisonderwijs en (voortgezet) speciaal onderwijs.
                                                  De bevoegde gezagsorganen worden daarbij
                                                  uitgenodigd voor een overleg over het voorstel.
                                                  Dit overleg vindt plaats binnen twee weken na
                                                  toezending van het voorstel. In het overleg worden
                                                  de vertegenwoordigers van de bevoegde
                                                  gezagsorganen in de gelegenheid gesteld te
                                                  reageren op het voorstel tot inroostering. </al></li><li nr="7."><al>Met inachtneming van de reacties van de
                                                  bevoegde gezagsorganen stelt het college voor 15
                                                  juni volgend op de genoemde datum in het derde
                                                  lid, de definitieve inroostering vast van het
                                                  gebruik van de gymnastiekruimte voor het volgende
                                                  schooljaar. Indien het college daarbij afwijkt van
                                                  een of meer in het overleg als bedoeld in het
                                                  zesde lid naar voren gebrachte reacties, dan wordt
                                                  dit gemotiveerd. </al></li><li nr="8."><al>Binnen twee weken na vaststelling van de
                                                  inroostering ontvangen de betreffende bevoegde
                                                  gezagsorganen een schriftelijke mededeling van het
                                                  college over de inroostering in de beschikbare
                                                  gymnastiekruimten van de onder hun bevoegd gezag
                                                  staande school of scholen voor het volgende
                                                  schooljaar. Deze mededeling is te beschouwen als
                                                  een beslissing in de zin van artikel 22 en, indien
                                                  van toepassing, een beslissing in de zin van
                                                  artikel 32, vierde lid. </al></li></lijst></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>8</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel 39 Beslissing college in gevallen waarin de verordening niet voorziet </label></kop><lijst><li nr=""><lijst><li nr=""><al>In gevallen, de uitvoering van deze verordening
                                            betreffende, waarin deze verordening niet voorziet,
                                            beslist het college. </al><al/><al><vet>Artikel 40 Indexering</vet> Het college stelt
                                            jaarlijks de in het kader van deze verordening
                                            gehanteerde normbedragen voor de vergoeding van
                                            voorzieningen bij op basis van de in
                                                <onderstreept>bijlage
                                            IV</onderstreept>, deel A opgenomen
                                            prijsindexen en systematiek van prijsbijstelling.
                                            </al><al/><al><vet>Artikel 41 Citeertitel; inwerkingtreding</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De verordening kan worden aangehaald als:
                                                  Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs
                                                  gemeente Almere 2009.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang
                                                  van 1 januari 2009 .</al></li><li nr="3."><al>Gelijktijdig met de inwerkingtreding van deze
                                                  verordening, wordt de verordening voorzieningen
                                                  huisvesting onderwijs, vastgesteld op 17 maart
                                                  1996, ingetrokken.</al></li></lijst><al/></li></lijst></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van de
                        gemeente Almere, 19 november 2009, </ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>De voorzitter, De griffier, </ondertekening><ondertekening>A.Jorrritsma-Lebbink J.D. Pruim</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><bijlage><kop><label>Bijlagen</label><nr/><titel/></kop><tussenkop>Bijlage I</tussenkop><tussenkop>Criteria voor beoordeling van aangevraagde voorzieningen</tussenkop><al> Per onderwijssector en per voorziening worden hieronder opgesomd de nadere
                    voorwaarden waaronder - behoudens de financiële toets - de voorziening voor
                    bekostiging in aanmerking komt. De criteria voor beoordeling van aangevraagde
                    voorzieningen vallen uiteen in twee delen: </al><lijst><li nr="·"><al>deel A: lesgebouwen;</al></li><li nr="·"><al>deel B: voorzieningen voor lichamelijke oefening.</al></li></lijst><al><vet>DEEL A Lesgebouwen</vet><vet>1 School voor basisonderwijs </vet> De
                    voorzieningen genoemd onder 1.2, 1.3.1, 1.3.2a, 1.3.2b en 1.10 d worden niet
                    noodzakelijk geacht voor dislocaties met een permanente bouwaard. Slechts in
                    bijzondere omstandigheden is dat wel het geval, zulks na overleg met het bevoegd
                    gezag en ter beoordeling van het college. <vet>1.1 Nieuwbouw</vet> De noodzaak
                    van nieuwbouw blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het feit dat de minister de desbetreffende school voor het eerst voor
                            bekostiging in aanmerking brengt;</al></li><li nr="b."><al>1 het feit dat de te huisvesten groepen leerlingen aanwezig zijn of
                            zullen zijn en dat voor een voor blijvend gebruik bestemde voorziening,
                            de prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II, aantoont dat
                            gedurende ten minste vijftien jaren deze groepen leerlingen kunnen
                            worden verwacht of b2 het feit dat de te huisvesten groepen leerlingen
                            aanwezig zijn of zullen zijn en dat voor een voor tijdelijk gebruik
                            bestemde voorziening, de prognose, die voldoet aan de vereisten uit
                            bijlage II, aantoont dat gedurende ten minste vier jaren deze groepen
                            leerlingen kunnen worden verwacht en</al></li><li nr="c."><al>het afwezig zijn van een beschikbaar (komend) en geschikt of geschikt te
                            maken gebouw alsmede van mogelijkheden om door medegebruik binnen 2000
                            meter hemelsbreed een passende huisvesting voor de school te
                            realiseren.</al></li></lijst><al><vet>1.2 Vervangende bouw</vet> De noodzaak van vervangende bouw blijkt
                    uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het in zo'n slechte/matige conditie zijn van voldoende en voldoende
                            zwaarwegende gebouwelementen volgens de bouwkundige opname als bedoeld
                            in artikel 7, tweede lid onder c, zodat onderhoud en/of aanpassingen
                            geen redelijk resultaat opleveren (in kosten ten opzichte van de
                            levensduurverlenging);</al></li><li nr="b."><al>1 het feit dat de te huisvesten groepen leerlingen aanwezig zijn (of
                            zullen zijn) en dat voor een voor blijvend gebruik bestemde voorziening
                            de prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II, aantoont dat
                            gedurende ten minste vijftien jaren deze groepen leerlingen kunnen
                            worden verwacht of b2 het feit dat de te huisvesten groepen leerlingen
                            aanwezig zijn en dat voor een voor tijdelijk gebruik bestemde
                            voorziening, de prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II,
                            aantoont dat gedurende ten minste vier jaren deze groepen leerlingen
                            kunnen worden verwacht en</al></li><li nr="c."><al>het afwezig zijn van een beschikbaar (komend) en geschikt of geschikt te
                            maken gebouw alsmede van mogelijkheden om door medegebruik binnen 2000
                            meter hemelsbreed een passende huisvesting voor de school te
                            realiseren.</al></li></lijst><al> Daarnaast kan sprake zijn van vervangende bouw als:</al><lijst><li nr="a."><al>vervanging per saldo geen meerkosten met zich meebrengt, zulks ter
                            beoordeling van het college;</al></li><li nr="b."><al>vervanging van een gebouw noodzakelijk is als gevolg van een
                            herschikkingsoperatie;</al></li><li nr="c."><al>vervanging in verband met ontwikkelingen in de ruimtelijke ordening
                            noodzakelijk is. </al></li></lijst><al>Indien het voor de realisering van de vervangende bouw noodzakelijk is dat het
                    oude gebouw moet worden gesloopt, vindt toekenning van sloopkosten plaats.
                        <vet>1.3 Uitbreiding</vet><vet>1.3.1 Uitbreiding met een of meer
                        leslokalen</vet> De noodzaak voor uitbreiding met een of meer leslokalen
                    blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het feit dat er ten minste één groep leerlingen extra boven de
                            capaciteit van het gebouw of de gebouwen als vastgesteld op grond van
                            bijlage III, deel A, aanwezig is;</al></li><li nr="b."><al>1 het feit dat de prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II,
                            aantoont dat gedurende ten minste vijftien jaren voor een voor blijvend
                            gebruik bestemde uitbreiding deze groep(en) leerlingen kan (kunnen)
                            worden verwacht of b2 het feit dat de prognose, die voldoet aan de
                            vereisten uit bijlage II, aantoont dat gedurende ten minste vier jaren
                            voor een voor tijdelijk gebruik bestemde uitbreiding deze groep(en)
                            leerlingen kan (kunnen) worden verwacht of b3 het feit dat de laatste
                            teldatum voor het indienen van de aanvraag aantoont, dat er een of meer
                            groepen leerlingen aanwezig zijn die niet voor maximaal vier jaren
                            binnen het gebouw of de gebouwen kunnen worden gehuisvest en</al></li><li nr="c."><al>het afwezig zijn van een beschikbaar (komend) en geschikt of geschikt te
                            maken gebouw alsmede van mogelijkheden om door medegebruik binnen 2000
                            meter hemelsbreed een passende extra huisvesting voor de school te
                            realiseren, terwijl</al></li><li nr="d."><al>evenmin tegen redelijke kosten, zulks ter beoordeling van het college,
                            de mogelijkheid bestaat door gebruikmaking van een bestaand verschil in
                            oppervlakte tussen de feitelijk aanwezige bruto-oppervlakte en de
                            genormeerde bruto-oppervlakte, zoals is vastgesteld op grond van bijlage
                            III, deel A, geheel of gedeeltelijk inpandig een of meer benodigde
                            leslokalen te maken.</al></li></lijst><al><vet>1.3.2a Uitbreiding basisschool met een tweede speellokaal</vet> De noodzaak
                    voor uitbreiding met een tweede speellokaal blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het feit dat de basisschool ten minste vijf groepen jongste leerlingen
                            (van vier en vijf jaar oud) van ten minste 20 leerlingen telt en dat de
                            prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II, aantoont dat
                            gedurende ten minste vier jaren voor een voor tijdelijk gebruik bestemde
                            voorziening en voor ten minste vijftien jaren voor een voor blijvend
                            gebruik bestemde voorziening deze groepen leerlingen kunnen worden
                            verwacht terwijl</al></li><li nr="b."><al>voor het spelen van (een deel van) de vier- en vijfjarigen geen gebruik
                            kan worden gemaakt van een gymnastiekruimte of van een speellokaal van
                            een andere basisschool of school voor speciaal onderwijs binnen 300
                            meter hemelsbreed.</al></li></lijst><tussenkop>1.3.2b Uitbreiding speciale school voor basisonderwijs met een
                    speellokaal</tussenkop><al> De noodzaak voor uitbreiding met een speellokaal blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het feit dat tot de school minimaal 12 kinderen jonger dan zes jaar
                            worden toegelaten;</al></li><li nr="b."><al>het feit dat de school volgens de prognose die voldoet aan de vereisten
                            uit bijlage II, aantoont dat de school ten minste vijftien jaren zal
                            blijven bestaan en </al></li><li nr="c."><al>het feit dat in het gebouw geen speellokaal aanwezig is, terwijl</al></li><li nr="d."><al>medegebruik van een speellokaal of gymnastiekruimte binnen 300 meter
                            hemelsbreed niet mogelijk is en</al></li><li nr="e."><al>evenmin tegen redelijke kosten, zulks ter beoordeling van het college,
                            de mogelijkheid bestaat door gebruikmaking van een bestaand verschil
                            tussen de feitelijk aanwezige bruto-oppervlakte en de genormeerde
                            bruto-oppervlakte, zoals is vastgesteld op grond van bijlage III, deel
                            A, inpandig een speellokaal te maken.</al></li></lijst><al><vet>1.4 Ingebruikneming van een bestaand gebouw</vet> De noodzaak van
                    ingebruikneming blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>1 het feit dat de minister de desbetreffende school voor het eerst voor
                            bekostiging in aanmerking brengt of a2 het feit dat het huidige gebouw
                            voor vervanging of uitbreiding in aanmerking komt, terwijl</al></li><li nr="b."><al>1 de te huisvesten groepen leerlingen aanwezig zijn of zullen zijn en
                            dat voor een voor blijvend gebruik bestemde voorziening de prognose, die
                            voldoet aan de vereisten uit bijlage II, aantoont dat gedurende ten
                            minste vijftien jaren deze groepen leerlingen kunnen worden verwacht of
                            b2 de te huisvesten groepen leerlingen aanwezig zijn of zullen zijn en
                            dat voor een voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening de prognose,
                            die voldoet aan de vereisten uit bijlage II, aantoont dat gedurende ten
                            minste vier jaren deze groepen leerlingen kunnen worden verwacht en</al></li><li nr="c."><al>er binnen 2000 meter hemelsbreed geen mogelijkheden zijn om door
                            medegebruik een passende huisvesting voor de school te realiseren;</al></li><li nr="d."><al>er geen ander, beter geschikt of beter geschikt te maken gebouw aanwezig
                            is of op korte termijn beschikbaar komt en</al></li><li nr="e."><al>de kosten van ingebruikneming inclusief aanpassingen in redelijke
                            verhouding, zulks ter beoordeling van het college, staan ten opzichte
                            van de kosten van vervangende bouw of uitbreiding.</al></li></lijst><al><vet>1.5 Verplaatsing bestaande noodlokalen</vet> De noodzaak van verplaatsing
                    van noodlokalen blijkt uit het feit dat:</al><lijst><li nr="a."><al>er op basis van een prognose die voldoet aan de eisen uit bijlage II een
                            tijdelijke behoefte aan huisvesting voor ten minste vier jaren is,
                            waarin beschikbare lege of leegkomende noodlokalen op een afstand van
                            meer dan 2000 meter hemelsbreed kunnen voorzien, terwijl</al></li><li nr="b."><al>er binnen 2000 meter hemelsbreed geen mogelijkheden zijn om door
                            medegebruik een passende huisvesting voor de school te realiseren
                            en</al></li><li nr="c."><al>de kosten van verplaatsing redelijk zijn ten opzichte van de kosten van
                            een nieuwe tijdelijke voorziening voor hetzelfde aantal groepen en
                            dezelfde tijdsduur, zulks ter beoordeling van het college.</al></li></lijst><al><vet>1.6 Terrein</vet> De noodzaak van verwerving of uitbreiding van (een deel
                    van) een terrein blijkt uit het feit dat voor nieuwbouw, uitbreiding,
                    ingebruikneming of verplaatsing van noodlokalen toestemming wordt gegeven en
                    verwerving of uitbreiding van (een deel van) een terrein noodzakelijk is om deze
                    toestemming te effectueren, zodanig dat de oppervlakte van het terrein voldoet
                    aan de eisen gesteld in bijlage III, deel D. <vet>1.7 Eerste inrichting
                        onderwijsleerpakket</vet> De noodzaak voor de eerste aanschaf van
                    onderwijsleerpakket blijkt uit het feit dat de school, op grond van de laatste
                    teldatum voorafgaand aan de indiening van de aanvraag, uitgebreid wordt met ten
                    minste één groep leerlingen, en voor zo'n uitbreiding in de periode vanaf 1
                    augustus 1985 nog niet eerder bekostiging heeft plaatsgevonden. Bij fusie van
                    scholen kan er alleen sprake zijn van extra onderwijsleerpakket, indien het
                    aantal groepen gewogen leerlingen van de school na fusie groter is dan dat van
                    de aan de fusie deelnemende scholen. De noodzaak voor een toeslag tweede
                    speellokaal onderwijsleerpakket blijkt uit het feit dat een basisschool
                    uitgebreid wordt met een tweede speellokaal. </al><al>De noodzaak voor de eerste aanschaf van onderwijsleerpakket voor het
                    kind-in-groepmodel blijkt uit een door de Stichting Gewoon Anders te overleggen
                    lijst van leerlingen die door hen volgens dit model begeleidt worden. Per
                    onderwijssoort wordt er een overzicht gegeven van leerlingen. Uit de lijst moet
                    per onderwijssoort blijken wat de toename van het aantal leerlingen is ten
                    opzichte van de laatst toegekende eerste inrichting. Volgens de N factor van de
                    betreffende onderwijssoort wordt de toename van het aantal leerlingen vertaald
                    naar een toename in aantal groepen. </al><al>De noodzaak voor de eerste aanschaf van onderwijsleerpakket voor het
                    groep-in-schoolmodel en het groep-gekoppeld-aan-schoolmodel blijkt uit het feit
                    dat het aantal groepen ten opzichte van de laatst toegekende voorziening met
                    tenminste één groep is toegenomen. </al><al><vet>1.8 Eerste inrichting meubilair</vet> De noodzaak voor eerste aanschaf van
                    meubilair blijkt uit het feit dat de school, op grond van de laatste teldatum
                    voorafgaand aan de indiening van de aanvraag, uitgebreid wordt met ten minste
                    één groep leerlingen, en voor zo'n uitbreiding in de periode vanaf 1 augustus
                    1985 nog niet eerder bekostiging heeft plaatsgevonden. Bij fusie van scholen kan
                    er alleen sprake zijn van extra meubilair, indien het aantal groepen ongewogen
                    leerlingen na fusie groter is dan dat van de aan de fusie deelnemende scholen.
                    De noodzaak voor een toeslag tweede speellokaal meubilair blijkt uit het feit
                    dat een basisschool uitgebreid wordt met een tweede speellokaal. </al><al>De noodzaak voor de eerste aanschaf van meubilair voor het kind-in-groepmodel
                    blijkt uit een door de Stichting Gewoon Anders te overleggen lijst van
                    leerlingen die door hen volgens dit model begeleidt worden. Per onderwijssoort
                    wordt er een overzicht gegeven van leerlingen. Uit de lijst moet per
                    onderwijssoort blijken wat de toename van het aantal leerlingen is ten opzichte
                    van de laatst toegekende eerste inrichting. Volgens de N factor van de
                    betreffende onderwijssoort wordt de toename van het aantal leerlingen vertaald
                    naar een toename in aantal groepen. </al><al>De noodzaak voor de eerste aanschaf van onderwijsleerpakket voor het
                    groep-in-schoolmodel en het groep-gekoppeld-aan-schoolmodel blijkt uit het feit
                    dat het aantal groepen ten opzichte van de laatst toegekende voorziening met
                    tenminste één groep is toegenomen. </al><al><vet>1.9 Medegebruik</vet> De noodzaak van medegebruik blijkt uit het feit dat
                    er ten minste één groep leerlingen extra boven de capaciteit van het gebouw als
                    vastgesteld op grond van bijlage III, deel A, aanwezig is. <vet>1.10
                        Aanpassing</vet> De voorziening aanpassing bestaat uit:</al><lijst><li nr="a."><al>wijzigingen bij ingebruikneming van een gebouw indien het gebouw anders
                            niet geschikt is voor het basisonderwijs, gelet op de eisen gesteld in
                            bijlage III, delen A en D;</al></li><li nr="b."><al>een integratieverbouwing om een ander gebouw te kunnen afstoten of om,
                            afgezien van een speellokaal, een gebouw van een speciale school voor
                            basisonderwijs geschikt te maken voor kinderen jonger dan zes jaar;</al></li><li nr="c."><al>creëren (extra) leslokaal binnen het gebouw;</al></li><li nr="d."><al>creëren speellokaal binnen het gebouw;</al></li><li nr="e."><al>voorzieningen in verband met eisen voortkomend uit de wet- en
                            regelgeving;</al></li><li nr="f."><al>vervangen van oliegestookte verwarmingsinstallaties; en</al></li><li nr="g."><al>het terrein toegankelijk maken voor rolstoelgebruikers en/of het
                            aanbrengen van een traplift bij meerlaagse schoolgebouwen;</al></li><li nr="h."><al>aanpassing als gevolg van onderwijskundige vernieuwingen.</al></li><li nr="i."><al>aanpassing als gevolg van plaatsing van een groep leerlingen volgens het
                            groep-in-schoolmodel of het groep-gekoppeld-aan-schoolmodel.</al></li></lijst><al><vet>Ad a</vet> De noodzaak voor deze activiteit blijkt uit het feit dat
                    ingebruikneming van het desbetreffende gebouw op basis van de
                    beoordelingscriteria, zoals genoemd onder 1.4, noodzakelijk is, doch het gebouw
                    niet voldoet aan de huisvestingseisen voor een school voor basisonderwijs,
                    terwijl deze wel tegen redelijke kosten, zulks ter beoordeling van het college,
                    te verwezenlijken zijn. <vet>Ad b</vet> De noodzaak voor een
                    integratieverbouwing teneinde een schoolgebouw te kunnen afstoten blijkt uit het
                    feit dat door terugloop van het aantal groepen leerlingen het gebruik van een
                    gebouw kan of moet worden beëindigd omdat binnen een of meer andere gebouwen in
                    gebruik bij de school voldoende ruimte aanwezig is, terwijl deze niet zijn
                    ingericht voor het onderwijs aan vier- en vijfjarigen of zes- tot twaalfjarigen.
                    De noodzaak voor een integratieverbouwing in een gebouw van een speciale school
                    voor basisonderwijs blijkt uit het feit dat 12 kinderen jonger dan zes jaar
                    worden toegelaten tot de school, terwijl het gebouw niet geschikt is voor het
                    onderwijs aan leerlingen jonger dan zes jaar. <vet>Ad c</vet> De noodzaak voor
                    deze activiteit blijkt uit het feit dat er meer groepen leerlingen aanwezig zijn
                    dan waar het gebouw, als vastgesteld op grond van bijlage III, deel A, ruimte
                    voor biedt, terwijl er tevens sprake is van een bruikbaar verschil tussen de
                    feitelijke bruto-oppervlakte en de genormeerde bruto-oppervlakte dat het
                    mogelijk maakt inpandig een of meer noodzakelijke extra leslokalen te creëren.
                    Bovendien dienen er geen medegebruiksmogelijkheden aanwezig te zijn binnen een
                    afstand van 2000 meter hemelsbreed. Indien het inpandig creëren van een
                    leslokaal meer kost dan uitbreiding, op grond van bijlage IV, deel A, wordt
                    beslist alsof uitbreiding de gevraagde voorziening is. <vet>Ad d</vet> De
                    noodzaak voor deze activiteit blijkt uit het feit dat de school niet beschikt
                    over een speellokaal en er geen ruimte groter dan 56 m2 aanwezig is en er
                    bovendien geen medegebruik van een speellokaal van een school binnen 300 meter
                    mogelijk is. Voor een speciale school voor basisonderwijs is de noodzaak ook
                    afhankelijk van het feit dat tot de school minimaal 12 kinderen jonger dan zes
                    jaar worden toegelaten. Indien het inpandig creëren van een speellokaal meer
                    kost dan een uitbreiding, zulks ter beoordeling van het college, op grond van
                    bijlage IV, deel A, wordt beslist alsof uitbreiding de gevraagde voorziening is.
                        <vet>Ad e</vet> De noodzaak voor deze activiteit blijkt uit het niet
                    overeenkomen van het gebouw met de geldende wet- en regelgeving, terwijl dat
                    verschil op korte termijn moet worden opgeheven. <vet>Ad f</vet> De noodzaak
                    voor deze activiteit blijkt uit het feit dat de oliegestookte
                    verwarmingsinstallatie in een zo slechte conditie verkeert dat vervanging
                    noodzakelijk is. <vet>Ad g </vet> De noodzaak voor deze activiteiten blijkt uit
                    de aanwezigheid van een gehandicapte leerling of leraar waarvoor vanwege de
                    handicap de betreffende voorziening noodzakelijk is. Voorzover het betreft het
                    aanbrengen van een traplift, dient het tevens niet mogelijk te zijn om zodanige
                    organisatorische maatregelen te treffen dat het volledige onderwijsproces op de
                    begane grond kan worden gevolgd, respectievelijk kan worden gegeven.
                    Bovenstaande aanpassingen kunnen plaatsvinden indien zij noodzakelijk zijn en
                    indien de prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II, aantoont dat
                    gedurende ten minste vijftien jaren voldoende leerlingen om de school in stand
                    te kunnen houden, kunnen worden verwacht. Indien de betreffende aanpassing
                    absoluut noodzakelijk is voor de voortgang van het onderwijs, terwijl volgens de
                    prognose onvoldoende leerlingen worden verwacht, wordt de aanpassing slechts
                    goedgekeurd als er geen andere, goedkopere, voorziening mogelijk is. <vet>Ad
                        h</vet> De noodzaak van deze aanpassing blijkt uit het feit dat:</al><lijst><li nr="a."><al>de aanpassing nog niet eerder is toegekend, en</al></li><li nr="b."><al>bij de bouw van het gebouw geen rekening is gehouden met
                            onderwijskundige vernieuwingen, en</al></li><li nr="c."><al>het een permanent gebouw betreft, en</al></li><li nr="d."><al>het om een bouwkundige aanpassing van het gebouw gaat.</al></li></lijst><al><vet>Ad i</vet> De noodzaak van deze aanpassing blijkt uit het feit dat:</al><lijst><li nr="e."><al>de aanpassing nog niet eerder is toegekend, en</al></li><li nr="f."><al>een verklaring van de Stichting Gewoon Anders dat de betreffend
                            aanpassing noodzakelijk is</al></li><li nr="g."><al>geen gebruik gemaakt kan worden van al uitgevoerde aanpassingen in
                            andere schoolgebouwen, en</al></li><li nr="h."><al>de te plaatsen groep voor een langere periode in het betreffende gebouw
                            zal worden geplaatst.</al></li></lijst><al><vet>1.11 Onderhoud</vet> De voorziening onderhoud bestaat uit:</al><lijst><li nr="a."><al>onderhoud aan de buitenzijde van het gebouw voorzover omschreven in het
                            overzicht 'onderhoud primair onderwijs';</al></li><li nr="b."><al>(algehele) vervanging van binnenkozijnen en binnendeuren (inclusief
                            hang- en sluitwerk);</al></li><li nr="c."><al>algehele vervanging van radiatoren, convectoren en leidingen voor
                            centrale verwarming.</al></li></lijst><al>De noodzaak van onderhoud blijkt uit het feit dat het gevraagde gebouwelement of
                    een gedeelte daarvan ten minste in een matige conditie verkeert volgens de
                    bouwkundige opname zoals bedoeld in artikel 7, tweede lid, onder c, terwijl
                    regulier onderhoud door het bevoegd gezag niet langer volstaat. Gehuurde
                    gebouwen komen niet in aanmerking voor onderhoud. Noodzakelijk onderhoud aan
                    permanente gebouwen komt voor bekostiging in aanmerking indien op basis van een
                    prognose, die voldoet aan de in bijlage II gestelde vereisten, het gebouw nog
                    ten minste vier jaar voor de school nodig is. Noodzakelijk onderhoud aan
                    noodlokalen komt voor bekostiging in aanmerking indien:</al><lijst><li nr="a."><al>het noodlokaal op basis van een prognose, die voldoet aan de in bijlage
                            II gestelde vereisten, nog ten minste vier jaar voor de school nodig is;
                            en</al></li><li nr="b."><al>voor de aanwezige groepen leerlingen geen gebruik kan worden gemaakt van
                            medegebruik binnen een straal van 2000 meter hemelsbreed.</al></li></lijst><al><vet>1.12 Herstel van constructiefouten</vet> De noodzaak van herstel van
                    constructiefouten blijkt uit een bouwkundige rapportage waarin wordt vastgesteld
                    dat het gaat om (herstel van) een constructiefout. <vet>1.13 Vervanging of
                        herstel van schade aan gebouw, onderwijsleerpakket en meubilair in geval van
                        bijzondere omstandigheden</vet> De noodzaak van herstel of vervanging blijkt
                    uit het feit dat door de opgetreden bijzondere omstandigheid het onderwijs in
                    het desbetreffende gebouw wordt gehinderd. <vet>2 School voor (voortgezet)
                        speciaal onderwijs</vet> De voorzieningen genoemd onder 2.2, 2.3.1 en 2.3.2
                    worden niet noodzakelijk geacht voor dislocaties met een permanente bouwaard. De
                    voorziening genoemd onder 2.3.2 wordt niet noodzakelijk geacht voor
                    nevenvestigingen.Slechts in bijzondere omstandigheden is dat wel het geval,
                    zulks na overleg met het bevoegd gezag en ter beoordeling van het college.
                        <vet>2.1 Nieuwbouw</vet> De noodzaak van nieuwbouw blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het feit dat de minister de desbetreffende school of nevenvestiging voor
                            het eerst voor bekostiging in aanmerking brengt; </al></li><li nr="b."><al>1 het feit dat de te huisvesten groepen leerlingen aanwezig zijn of
                            zullen zijn en dat voor een voor blijvend gebruik bestemde voorziening,
                            de prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II, aantoont dat
                            gedurende ten minste vijftien jaren deze groepen leerlingen kunnen
                            worden verwacht of b2 het feit dat de te huisvesten groepen leerlingen
                            aanwezig zijn of zullen zijn en dat voor een voor tijdelijk gebruik
                            bestemde voorziening de prognose, die voldoet aan de vereisten uit
                            bijlage II, aantoont dat gedurende ten minste vier jaren deze groepen
                            leerlingen kunnen worden verwacht en</al></li><li nr="c."><al>het afwezig zijn van een beschikbaar (komend) en geschikt of geschikt te
                            maken gebouw alsmede van mogelijkheden om door medegebruik binnen 2000
                            meter hemelsbreed een passende huisvesting voor de school te
                            realiseren.</al></li><li nr="d."><al>het na overleg met schoolbestuur en Stichting Gewoon Anders genomen
                            besluit van de gemeente om in het kader van het
                            groep-gekoppeld-aan-schoolmodel ten behoeve van een specifieke groep
                            leerlingen een dislokatie of nevenvestiging te realiseren op een nieuwe
                            lokatie en er geen geschikt of geschikt te maken gebouw aanwezig is.
                        </al></li></lijst><al><vet>2.2 Vervangende bouw</vet> De noodzaak van vervangende bouw blijkt
                    uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het in zo'n slechte/matige conditie zijn van voldoende en voldoende
                            zwaarwegende gebouwelementen volgens de bouwkundige opname zoals bedoeld
                            in artikel 7, tweede lid onder c, dat onderhoud en/of aanpassingen geen
                            redelijk resultaat opleveren (in kosten ten opzichte van de verlenging
                            van de levensduur);</al></li><li nr="b."><al>1 het feit dat de te huisvesten groepen leerlingen aanwezig zijn (of
                            zullen zijn) en dat voor een voor blijvend gebruik bestemde voorziening
                            de prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II, aantoont dat
                            gedurende ten minste vijftien jaren deze groepen leerlingen kunnen
                            worden verwacht of b2 het feit dat de te huisvesten groepen leerlingen
                            aanwezig zijn en dat voor een voor tijdelijk gebruik bestemde
                            voorziening de prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II,
                            aantoont dat gedurende ten minste vier jaren deze groepen leerlingen
                            kunnen worden verwacht en</al></li><li nr="c."><al>het afwezig zijn van een beschikbaar (komend) en geschikt of geschikt te
                            maken gebouw alsmede van mogelijkheden om door medegebruik binnen 2000
                            meter hemelsbreed een passende huisvesting voor de school te
                            realiseren.</al></li></lijst><al>Daarnaast kan sprake zijn van vervangende bouw als:</al><lijst><li nr="a."><al>vervanging per saldo geen meerkosten met zich meebrengt, zulks ter
                            beoordeling van het college;</al></li><li nr="b."><al>vervanging van een gebouw noodzakelijk is als gevolg van een
                            herschikkingsoperatie;</al></li><li nr="c."><al>vervanging in verband met ontwikkelingen in de ruimtelijke ordening
                            noodzakelijk is.</al></li></lijst><al>Indien het voor de realisering van de vervangende bouw noodzakelijk is dat het
                    oude gebouw moet worden gesloopt, vindt toekenning van sloopkosten plaats.
                        <vet>2.3 Uitbreiding</vet><vet>2.3.1 Uitbreiding met een of meer
                        leslokalen</vet> De noodzaak voor uitbreiding met een of meer leslokalen
                    blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het feit dat er ten minste één groep leerlingen extra boven de
                            capaciteit van het gebouw of de gebouwen als vastgesteld op grond van
                            bijlage III, deel A aanwezig is;</al></li><li nr="b."><al>1 het feit dat de prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II,
                            aantoont dat gedurende ten minste vijftien jaren voor een voor blijvend
                            gebruik bestemde uitbreiding deze groep(en) leerlingen kan (kunnen)
                            worden verwacht of b2 het feit dat de prognose, die voldoet aan de
                            vereisten uit bijlage II, aantoont dat gedurende ten minste vier jaren
                            voor een voor tijdelijk gebruik bestemde uitbreiding deze groep(en)
                            leerlingen kan (kunnen) worden verwacht of b3 het feit dat de laatste
                            teldatum voor het indienen van de aanvraag aantoont dat er een of meer
                            groepen leerlingen aanwezig zijn die niet voor maximaal vier jaren
                            binnen het gebouw of de gebouwen kunnen worden gehuisvest;</al></li><li nr="c."><al>het afwezig zijn van een beschikbaar (komend) en geschikt of geschikt te
                            maken gebouw alsmede van mogelijkheden om door medegebruik binnen 2000
                            meter hemelsbreed een passende extra huisvesting voor de school te
                            realiseren, terwijl</al></li><li nr="d."><al>evenmin tegen redelijke kosten, zulks ter beoordeling van het college,
                            de mogelijkheid bestaat door gebruikmaking van een bestaand verschil
                            tussen de feitelijk aanwezige bruto-oppervlakte en de genormeerde
                            bruto-oppervlakte, zoals is vastgesteld op grond van bijlage III, deel
                            A, geheel of gedeeltelijk inpandig een of meer benodigde leslokalen te
                            maken.</al></li><li nr="e."><al>het feit dat er ten minste één groep leerlingen van het groep gekoppeld
                            aan school, extra boven de capaciteit van het gebouw of de gebouwen als
                            vastgesteld op grond van bijlage III, deel A aanwezig is;</al></li></lijst><al><vet>2.3.2 Uitbreiding met een speellokaal</vet> De noodzaak van uitbreiding met
                    een speellokaal blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het feit dat aan de school of afdeling kinderen jonger dan zes jaar
                            worden toegelaten;</al></li><li nr="b."><al>het feit dat de school volgens de prognose die voldoet aan de vereisten
                            uit bijlage II, aantoont dat de school ten minste vijftien jaren zal
                            blijven bestaan en</al></li><li nr="c."><al>het feit dat in het gebouw geen speellokaal aanwezig is, terwijl</al></li><li nr="d."><al>medegebruik van een speellokaal, gymnastiekruimte of lokaal voor
                            motorische therapie binnen 300 meter hemelsbreed niet mogelijk is
                            en,</al></li><li nr="e."><al>evenmin tegen redelijke kosten, zulks ter beoordeling van het college,
                            de mogelijkheid bestaat door gebruikmaking van een bestaand verschil
                            tussen de feitelijk aanwezige bruto oppervlakte en de genormeerde bruto
                            oppervlakte, zoals is vastgesteld op grond van bijlage III, deel A,
                            geheel of gedeeltelijk inpandig een speellokaal te maken.</al></li></lijst><al><vet>2.4 Ingebruikneming van een bestaand gebouw</vet> De noodzaak van
                    ingebruikneming blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>1 het feit dat de minister de desbetreffende school of nevenvestiging
                            voor het eerst voor bekostiging in aanmerking brengt of a2 het feit dat
                            het huidige gebouw voor vervanging of uitbreiding in aanmerking komt,
                            terwijl</al></li><li nr="b."><al>b1 de te huisvesten groepen leerlingen aanwezig zijn of zullen zijn en
                            dat voor een voor blijvend gebruik bestemde voorziening de prognose, die
                            voldoet aan de vereisten uit bijlage II, aantoont dat gedurende ten
                            minste vijftien jaren deze groepen leerlingen kunnen worden verwacht of
                            b2 de te huisvesten groepen leerlingen aanwezig zijn of zullen zijn en
                            dat voor een voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening de prognose,
                            die voldoet aan de vereisten uit bijlage II, aantoont dat gedurende ten
                            minste vier jaren deze groepen leerlingen kunnen worden verwacht en</al></li><li nr="c."><al>er binnen 2000 meter hemelsbreed geen mogelijkheden zijn om door
                            medegebruik een passende huisvesting voor de school te realiseren;</al></li><li nr="d."><al>er geen ander, beter geschikt of beter geschikt te maken gebouw aanwezig
                            is of op korte termijn beschikbaar komt en</al></li><li nr="e."><al>de kosten van ingebruikneming inclusief aanpassingen in redelijke
                            verhouding, zulks ter beoordeling van het college, staan ten opzichte
                            van de kosten van vervangende bouw of uitbreiding.</al></li></lijst><al><vet>2.5 Verplaatsing bestaande noodlokalen </vet> De noodzaak van verplaatsing
                    van noodlokalen blijkt uit het feit dat:</al><al>er op basis van een prognose die voldoet aan de eisen uit bijlage II een
                    tijdelijke behoefte aan huisvesting voor ten minste vier jaren is, waarin
                    beschikbare lege of leegkomende noodlokalen op een afstand van meer dan 2000
                    meter hemelsbreed kunnen voorzien, terwijl</al><lijst><li nr="a."><al>er binnen 2000 meter hemelsbreed geen mogelijkheden zijn om door
                            medegebruik een passende huisvesting voor de school te realiseren
                            en</al></li><li nr="b."><al>de kosten van verplaatsing redelijk zijn ten opzichte van de kosten voor
                            een nieuwe tijdelijke voorziening voor hetzelfde aantal groepen en
                            dezelfde tijdsduur, zulks ter beoordeling van het college.</al></li></lijst><al><vet>2.6 Terrein</vet> De noodzaak van verwerving of uitbreiding van (een deel
                    van) een terrein blijkt uit het feit dat voor nieuwbouw, uitbreiding,
                    ingebruikneming of verplaatsing van noodlokalen toestemming wordt gegeven en
                    verwerving of uitbreiding van (een deel van) een terrein noodzakelijk is om deze
                    toestemming te effectueren, zodanig dat de oppervlakte van het terrein voldoet
                    aan de eisen gesteld in bijlage III, deel D. <vet>2.7 Eerste inrichting
                        onderwijsleerpakket en meubilair</vet> De noodzaak voor de eerste aanschaf
                    van onderwijsleerpakket en meubilair blijkt uit het feit dat de school of
                    nevenvestiging, op grond van de meest recente teldatum uitgebreid wordt met ten
                    minste één groep leerlingen, en voor zo'n uitbreiding in de periode vanaf 1
                    januari 1988 nog niet eerder bekostiging heeft plaatsgevonden. Bij fusie van
                    scholen kan er alleen sprake zijn van extra onderwijsleerpakket en meubilair,
                    indien het aantal groepen na fusie groter is dan dat van de aan de fusie
                    deelnemende scholen. </al><al>De noodzaak voor de eerste aanschaf van onderwijsleerpakket voor het
                    groep-in-schoolmodel en het groep-gekoppeld-aan-schoolmodel blijkt uit het feit
                    dat het aantal groepen ten opzichte van de laatst toegekende voorziening met
                    tenminste één groep is toegenomen. </al><al><vet>2.8 Medegebruik</vet> De noodzaak van medegebruik blijkt uit het feit dat
                    er ten minste één groep leerlingen extra boven de capaciteit van het gebouw als
                    vastgesteld op grond van bijlage III, deel A, aanwezig is. <vet>2.9
                        Aanpassing</vet> De voorziening aanpassing bestaat uit:</al><lijst><li nr="a."><al>wijzigingen bij ingebruikneming van een gebouw indien het gebouw anders
                            niet geschikt is voor het (voortgezet) speciaal onderwijs gelet op de
                            eisen als gesteld in bijlage III, delen A en D;</al></li><li nr="b."><al>verbouwing om een dislocatie te kunnen afstoten;</al></li><li nr="c."><al>creëren van een extra lesruimte;</al></li><li nr="d."><al>verbouwing van een dislocatie tot hoofdgebouw;</al></li><li nr="e."><al>functieverandering van vaklokalen als gevolg van de keuze voor een ander
                            vak (alleen voortgezet speciaal onderwijs);</al></li><li nr="f."><al>voorzieningen in verband met eisen voortkomend uit de wet- en
                            regelgeving; </al></li><li nr="g."><al>vervangen van een oliegestookte verwarmingsinstallatie; en</al></li><li nr="h."><al>het terrein toegankelijk maken voor rolstoelgebruikers en/of het
                            aanbrengen van een traplift bij meerlaagse schoolgebouwen.</al></li></lijst><al><vet>Ad a</vet> De noodzaak voor deze activiteit blijkt uit het feit dat
                    ingebruikneming van het desbetreffende gebouw op basis van de
                    beoordelingscriteria, zoals genoemd onder 2.4, noodzakelijk is, doch het gebouw
                    niet voldoet aan de huisvestingseisen voor het (voortgezet) speciaal onderwijs,
                    terwijl deze wel tegen redelijke kosten, zulks ter beoordeling van het college,
                    te verwezenlijken zijn. De noodzaak voor deze activiteit kan ook aanwezig zijn
                    indien een gebouw in gebruik wordt genomen door een andere onderwijssoort. De
                    voorzieningen die dan noodzakelijk zijn, zijn de specifieke voorzieningen voor
                    die onderwijssoort, die nog niet in het gebouw aanwezig zijn. <vet>Ad b</vet> De
                    noodzaak voor deze activiteit blijkt uit het feit dat het aantal groepen
                    leerlingen zodanig terugloopt dat het gebruik van een gebouw moet worden
                    beëindigd omdat binnen het (hoofd)gebouw voldoende ruimte aanwezig is, terwijl
                    dit gebouw niet is ingericht voor het desbetreffende onderwijs. <vet>Ad c</vet>
                    De noodzaak voor deze activiteit blijkt uit het feit dat er meer groepen
                    leerlingen aanwezig zijn dan waar het gebouw als vastgesteld op grond van
                    bijlage III, deel A, ruimte voor biedt, terwijl er tevens sprake is van een
                    bruikbaar verschil tussen de feitelijke bruto-oppervlakte en de genormeerde
                    bruto-oppervlakte dat het mogelijk maakt inpandig een of meer noodzakelijke
                    extra leslokalen te creëren. Bovendien dienen er geen medegebruiksmogelijkheden
                    aanwezig te zijn binnen een afstand van 2000 meter hemelsbreed. Indien het
                    inpandig creëren van een leslokaal meer kost dan uitbreiding, wordt beslist
                    alsof uitbreiding de gevraagde voorziening is. <vet>Ad d</vet> De noodzaak voor
                    deze activiteit blijkt uit de aanwezigheid van meer dan 60 leerlingen SO of meer
                    dan 42 leerlingen VSO, terwijl volgens de prognose als vereist volgens bijlage
                    II deze leerlingen ten minste vijftien jaren aanwezig zullen zijn en de
                    dislocatie voor vijftien jaren of meer - gelet op de bouwkundige staat - als
                    hoofdgebouw kan dienen. <vet>Ad e</vet> De noodzaak voor deze activiteit blijkt
                    uit het feit dat de keuze voor een ander vak op het schoolwerkplan door de
                    onderwijsinspecteur is goedgekeurd. </al><al><vet>Ad f</vet> De noodzaak voor deze activiteit blijkt uit het niet
                    overeenkomen van het gebouw met de geldende wet- en regelgeving, terwijl dat
                    verschil op korte termijn moet worden opgeheven. <vet>Ad g</vet> De noodzaak
                    voor deze activiteit blijkt uit het feit dat de oliegestookte
                    verwarmingsinstallatie in een zo slechte conditie verkeert dat vervanging
                    noodzakelijk is. <vet>Ad h</vet> De noodzaak voor deze activiteiten blijkt uit
                    de aanwezigheid van een gehandicapte leerling of leraar waarvoor vanwege de
                    handicap de betreffende voorziening noodzakelijk is. Voorzover het betreft het
                    aanbrengen van een traplift, dient het tevens niet mogelijk te zijn om zodanige
                    organisatorische maatregelen te treffen dat het volledige onderwijsproces op de
                    begane grond kan worden gevolgd, respectievelijk gegeven. Bovenstaande
                    aanpassingen kunnen plaatsvinden indien zij noodzakelijk zijn en indien de
                    prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II, aantoont dat gedurende
                    ten minste vijftien jaren voldoende leerlingen om de school in stand te kunnen
                    houden, kunnen worden verwacht. Indien de betreffende aanpassing absoluut
                    noodzakelijk is voor de voortgang van het onderwijs, terwijl volgens de prognose
                    onvoldoende leerlingen worden verwacht, wordt de aanpassing slechts goedgekeurd
                    als er geen andere, goedkopere, voorziening mogelijk is. </al><al><vet>2.10 Onderhoud</vet> De voorziening onderhoud bestaat uit:</al><lijst><li nr="a."><al>onderhoud aan de buitenzijde van het gebouw voorzover omschreven in het
                            overzicht 'onderhoud primair onderwijs';</al></li><li nr="b."><al>(algehele) vervanging van binnenkozijnen en binnendeuren (inclusief
                            hang- en sluitwerk);</al></li><li nr="c."><al>algehele vervanging van radiatoren, convectors en leidingen voor
                            centrale verwarming.</al></li></lijst><al>De noodzaak van onderhoud blijkt uit het feit dat het gevraagde gebouwelement of
                    een gedeelte daarvan ten minste in een matige conditie verkeert volgens de
                    bouwkundige opname zoals bedoeld in artikel 7, tweede lid, onder c, terwijl
                    regulier onderhoud door het bevoegd gezag niet langer volstaat. Gehuurde
                    gebouwen komen niet in aanmerking voor onderhoud. Noodzakelijk onderhoud aan
                    permanente gebouwen komt voor bekostiging in aanmerking indien op basis van een
                    prognose, die voldoet aan de vereisten gesteld in bijlage II, het gebouw nog ten
                    minste vier jaar voor de school nodig is.</al><al> Noodzakelijk onderhoud aan noodlokalen komt voor bekostiging in aanmerking
                    indien:</al><lijst><li nr="a."><al>de noodlokalen op basis van een prognose, die voldoet aan de vereisten
                            gesteld in bijlage II, het gebouw nog ten minste vier jaar voor de
                            school nodig zijn; en</al></li><li nr="b."><al>voor de aanwezige groepen leerlingen geen gebruik kan worden gemaakt van
                            medegebruik elders.</al></li></lijst><al><vet>2.11 Herstel van constructiefouten</vet> De noodzaak van herstel van
                    constructiefouten blijkt uit een bouwkundige rapportage waarin wordt vastgesteld
                    dat het gaat om (herstel van) een constructiefout. </al><al><vet>2.12 Vervanging of herstel van schade aan gebouw, onderwijsleerpakket en
                        meubilair in geval van </vet> De noodzaak van herstel of vervanging blijkt
                    uit het feit dat door de opgetreden bijzondere omstandigheid het onderwijs in
                    het desbetreffende gebouw wordt gehinderd. </al><al><vet>3 School voor voortgezet onderwijs</vet> De voorzieningen genoemd onder 3.2
                    en 3.3 worden niet noodzakelijk geacht voor dislocaties met een permanente
                    bouwaard. Slechts in bijzondere omstandigheden is dat wel het geval, zulks na
                    overleg met het bevoegd gezag en ter beoordeling van het college. <vet>3.1
                        Nieuwbouw</vet> De noodzaak van nieuwbouw blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het feit dat de minister de desbetreffende school voor het eerst voor
                            bekostiging in aanmerking brengt;</al></li><li nr="b."><al>1 het feit dat de te huisvesten leerlingen aanwezig zijn of zullen zijn
                            en dat voor een voor blijvend gebruik bestemde voorziening, de prognose,
                            die voldoet aan de vereisten uit bijlage II, aantoont dat gedurende ten
                            minste vijftien jaren deze leerlingen kunnen worden verwacht of b2 het
                            feit dat de te huisvesten leerlingen aanwezig zijn of zullen zijn en dat
                            voor een voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening de prognose, die
                            voldoet aan de vereisten uit bijlage II, aantoont dat gedurende ten
                            minste vier jaren deze leerlingen kunnen worden verwacht en</al></li><li nr="c."><al>het afwezig zijn van een beschikbaar (komend) en geschikt of geschikt te
                            maken gebouw alsmede van mogelijkheden om door medegebruik binnen 2000
                            meter hemelsbreed een passende huisvesting voor de school te
                            realiseren.</al></li></lijst><al><vet>3.2 Vervangende bouw </vet> De noodzaak van vervangende bouw blijkt uit het
                    feit dat:</al><lijst><li nr="a."><al>voldoende en voldoende zwaarwegende gebouwelementen volgens de
                            bouwkundige opname zoals bedoeld in artikel 7, tweede lid onder c, in
                            zo'n slechte/matige conditie zijn dat onderhoud en/of aanpassingen geen
                            redelijk resultaat opleveren (in kosten ten opzichte van de
                            levensduurverlenging);</al></li><li nr="b."><al>1 de te huisvesten leerlingen aanwezig zijn of zullen zijn en dat voor
                            een voor blijvend gebruik bestemde voorziening de prognose, die voldoet
                            aan de vereisten uit bijlage II, aantoont dat gedurende ten minste
                            vijftien jaren deze leerlingen kunnen worden verwacht of b2 de te
                            huisvesten leerlingen aanwezig zijn en dat voor een voor tijdelijk
                            gebruik bestemde voorziening de prognose, die voldoet aan de vereisten
                            uit bijlage II, aantoont dat gedurende ten minste vier jaren dit aantal
                            leerlingen kan worden verwacht en</al></li><li nr="c."><al>het afwezig zijn van een beschikbaar (komend) en geschikt of geschikt te
                            maken gebouw alsmede van mogelijkheden om door medegebruik binnen 2000
                            meter hemelsbreed een passende huisvesting voor de school te
                            realiseren.</al></li></lijst><al>Daarnaast kan sprake zijn van vervangende bouw als:</al><lijst><li nr="a."><al>vervanging per saldo geen meerkosten met zich meebrengt, zulks ter
                            beoordeling van het college;</al></li><li nr="b."><al>vervanging van een gebouw noodzakelijk is als gevolg van een
                            herschikkingsoperatie;</al></li><li nr="c."><al>vervanging in verband met ontwikkelingen in de ruimtelijke ordening
                            noodzakelijk is.</al></li></lijst><al>Indien het voor de realisering van de vervangende bouw noodzakelijk is dat het
                    oude gebouw gesloopt wordt, vindt toekenning van sloopkosten plaats. </al><al><vet>3.3 Uitbreiding</vet> De noodzaak voor uitbreiding blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het feit dat er meer te huisvesten leerlingen aanwezig zijn dan de met
                            tien procent verhoogde capaciteit van het gebouw of de gebouwen,
                            vastgesteld volgens de regels in bijlage III, deel A - voor de aanwezige
                            capaciteit en bijlage III, deel B - voor de ruimtebehoefte -, aangeeft
                            en de prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II, aantoont
                            dat gedurende ten minste vijftien jaren voor een voor blijvend gebruik
                            bestemde uitbreiding of gedurende ten minste vier jaren voor uitbreiding
                            met een voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening deze aantallen
                            leerlingen kunnen worden verwacht en</al></li><li nr="b."><al>het afwezig zijn van een beschikbaar (komend) en geschikt of geschikt te
                            maken gebouw alsmede van mogelijkheden om door medegebruik binnen 2000
                            meter hemelsbreed een passende huisvesting voor de school te
                            realiseren.</al></li></lijst><al><vet>3.4 Ingebruikneming van een bestaand gebouw</vet> De noodzaak van
                    ingebruikneming blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>1 het feit dat de minister de desbetreffende school voor het eerst voor
                            bekostiging in aanmerking brengt of a2 het feit dat het huidige gebouw
                            voor vervanging of uitbreiding in aanmerking komt, terwijl</al></li><li nr="b."><al>1 de te huisvesten groepen leerlingen aanwezig zijn of zullen zijn en
                            dat voor een voor blijvend gebruik bestemde voorziening de prognose, die
                            voldoet aan de vereisten uit bijlage II, aantoont dat gedurende ten
                            minste vijftien jaren deze groepen leerlingen kunnen worden verwacht of
                            b2 de te huisvesten groepen leerlingen aanwezig zijn of zullen zijn en
                            dat voor een voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening de prognose,
                            die voldoet aan de vereisten uit bijlage II, aantoont dat gedurende ten
                            minste vier jaren deze groepen leerlingen kunnen worden verwacht en</al></li><li nr="c."><al>er binnen 2000 meter hemelsbreed geen mogelijkheden zijn om door
                            medegebruik een passende huisvesting voor de school te realiseren;</al></li><li nr="d."><al>er geen ander, beter geschikt of beter geschikt te maken gebouw aanwezig
                            is of op korte termijn beschikbaar komt en</al></li><li nr="e."><al>de kosten van ingebruikneming inclusief aanpassingen in redelijke
                            verhouding, zulks ter beoordeling van het college, staan ten opzichte
                            van de kosten van vervangende bouw of uitbreiding.</al></li></lijst><al><vet>3.5 Verplaatsing bestaande noodlokalen</vet> De noodzaak van verplaatsing
                    van noodlokalen blijkt uit het feit dat:</al><lijst><li nr="a."><al>er op basis van een prognose die voldoet aan de eisen uit bijlage II een
                            tijdelijke behoefte aan huisvesting van ten minste vier jaren is, waarin
                            beschikbare lege of leegkomende noodlokalen op een afstand van meer dan
                            2000 meter hemelsbreed kunnen voorzien, terwijl</al></li><li nr="b."><al>er binnen 2000 meter hemelsbreed geen mogelijkheden zijn om door
                            medegebruik een passende huisvesting voor de school te realiseren
                            en</al></li><li nr="c."><al>de kosten van verplaatsing redelijk zijn ten opzichte van de kosten voor
                            een nieuwe tijdelijke voorziening voor hetzelfde aantal leerlingen en
                            dezelfde tijdsduur, zulks ter beoordeling van het college.</al></li></lijst><al><vet>3.6 Terrein</vet> De noodzaak van verwerving of uitbreiding van (een deel
                    van) een terrein blijkt uit het feit dat voor nieuwbouw, uitbreiding,
                    ingebruikneming of verplaatsing van noodlokalen toestemming wordt gegeven en
                    verwerving of uitbreiding van (een deel van) een terrein noodzakelijk is om deze
                    toestemming te effectueren, zodanig dat de oppervlakte van het terrein voldoet
                    aan de eisen gesteld in bijlage III, deel D. <vet>3.7 Eerste inrichting leer- en
                        hulpmiddelen en meubilair</vet> Aanspraak op eerste inrichting van leer- en
                    hulpmiddelen en meubilair bestaat wanneer er sprake is van toekenning van een
                    voorziening in de huisvesting en daarbij sprake is van uitbreiding van de totale
                    huisvestingscapaciteit van de school. Tevens bestaat aanspraak op een
                    tegemoetkoming in de eerste inrichting- en hulpmiddelen en meubilair indien door
                    middel van een inpandige aanpassing een andere ruimtesoort wordt gecreëerd. Bij
                    fusie van scholen kan er alleen sprake zijn van extra inrichting leer- en
                    hulpmiddelen en meubilair, indien het aantal leerlingen na de fusie groter is
                    dan het totaal aantal leerlingen van de afzonderlijke aan de fusie deelnemende
                    scholen. </al><al>De noodzaak voor de eerste aanschaf van meubilair voor het kind-in-groepmodel
                    blijkt uit een door de Stichting Gewoon Anders te overleggen lijst van
                    leerlingen die door hen volgens dit model begeleidt worden. Per onderwijssoort
                    wordt er een overzicht gegeven van leerlingen. Uit de lijst moet per
                    onderwijssoort blijken wat de toename van het aantal leerlingen is ten opzichte
                    van de laatst toegekende eerste inrichting. Volgens de N factor van de
                    betreffende onderwijssoort wordt de toename van het aantal leerlingen vertaald
                    naar een toename in aantal groepen. </al><al>De noodzaak voor de eerste aanschaf van onderwijsleerpakket voor het
                    groep-in-schoolmodel en het groep-gekoppeld-aan-schoolmodel blijkt uit het feit
                    dat het aantal groepen ten opzichte van de laatst toegekende voorziening met
                    tenminste één groep is toegenomen. </al><al><vet>3.8 Medegebruik</vet> De noodzaak van medegebruik blijkt uit het feit dat
                    de school een aantal leerlingen heeft waarvoor binnen de bestaande huisvesting
                    geen capaciteit is. De capaciteit wordt bepaald op de wijze zoals beschreven is
                    bij 3.3.a. <vet>3.9 Herstel van constructiefouten</vet> De noodzaak van herstel
                    van constructiefouten blijkt uit een bouwkundige rapportage waarin wordt
                    vastgesteld dat het gaat om (herstel van) een constructiefout. <vet>3.10
                        Vervanging of herstel van schade aan gebouw, leer- en hulpmiddelen en
                        meubilair in geval van bijzondere omstandigheden</vet> De noodzaak van
                    herstel of vervanging blijkt uit het feit dat door de opgetreden bijzondere
                    omstandigheid het onderwijs in het desbetreffende gebouw wordt gehinderd. </al><al><vet>DEEL B Voorzieningen voor lichamelijke oefening</vet><vet>1 School voor
                        basisonderwijs</vet><vet>1.1 Nieuwbouw</vet> De noodzaak van nieuwbouw
                    blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het feit dat de minister de desbetreffende school voor het eerst voor
                            bekostiging in aanmerking brengt en</al></li><li nr="b."><al>het afwezig zijn van mogelijkheden om binnen 1 km hemelsbreed bij
                            noodzakelijk gebruik van ten minste 20 klokuren, 3,5 km hemelsbreed bij
                            noodzakelijk gebruik van ten minste 15 klokuren of 7,5 km hemelsbreed
                            bij noodzakelijk gebruik van ten minste 5 klokuren gebruik te maken van
                            een of meer gymnastiekruimten dan wel van binnen een redelijke termijn
                            beschikbaar komende gymnastiekruimten en</al></li><li nr="c."><al>het feit dat de prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II,
                            aantoont dat gedurende ten minste vijftien jaren de groepen leerlingen
                            waarvoor het door de gemeente vastgestelde aantal klokuren noodzakelijk
                            is aanwezig (zullen) zijn.</al></li></lijst><al><vet>1.2 Vervangende bouw</vet> De noodzaak van vervangende bouw blijkt
                    uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het in zo'n slechte/matige conditie zijn van voldoende en voldoende
                            zwaarwegende gebouwelementen volgens de bouwkundige opname zoals bedoeld
                            in artikel 7, tweede lid onder c, dat onderhoud en/of aanpassingen geen
                            redelijk resultaat opleveren (in kosten en ten opzichte van de
                            levensduurverlenging) en</al></li><li nr="b."><al>het afwezig zijn van mogelijkheden om binnen 1 km hemelsbreed bij
                            noodzakelijk gebruik van ten minste 20 klokuren, 3,5 km hemelsbreed bij
                            noodzakelijk gebruik van ten minste 15 klokuren of 7,5 km hemelsbreed
                            bij noodzakelijk gebruik van ten minste 5 klokuren gebruik te maken van
                            een of meer gymnastiekruimten dan wel van binnen een redelijke termijn
                            beschikbaar komende gymnastiekruimten en</al></li><li nr="c."><al>het feit dat de prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II,
                            aantoont dat gedurende ten minste vijftien jaren de groepen leerlingen
                            waarvoor het door de gemeente vastgestelde aantal klokuren noodzakelijk
                            is aanwezig (zullen) zijn.</al></li></lijst><al><vet>1.3 Uitbreiding</vet> De noodzaak van uitbreiding van de oefenruimte blijkt
                    uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het feit dat de oppervlakte van de zaal (oefenvloer) kleiner is dan 140
                            m2 en het effectief gebruik van de gymnastiekruimte daardoor belemmerd
                            wordt en</al></li><li nr="b."><al>het afwezig zijn van mogelijkheden om binnen 1 km hemelsbreed bij
                            noodzakelijk gebruik van ten minste 20 klokuren, 3,5 km hemelsbreed bij
                            noodzakelijk gebruik van ten minste 15 klokuren of 7,5 km hemelsbreed
                            bij noodzakelijk gebruik van ten minste 5 klokuren gebruik te maken van
                            een of meer gymnastiekruimten dan wel van binnen redelijke termijn
                            beschikbaar komende gymnastiekruimten en</al></li><li nr="c."><al>het feit dat de prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II,
                            aantoont dat gedurende ten minste vijftien jaren de groepen leerlingen
                            waarvoor het door de gemeente vastgestelde aantal klokuren noodzakelijk
                            is aanwezig (zullen) zijn.</al></li></lijst><al><vet>1.4 Ingebruikneming van een gymnastiekruimte</vet> De noodzaak van
                    ingebruikneming blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>1 het feit dat de minister de school voor het eerst voor bekostiging in
                            aanmerking brengt of a2 het feit dat het huidige gebouw voor vervanging,
                            conform het gestelde bij 1.2 onder a, in aanmerking komt en</al></li><li nr="b."><al>het afwezig zijn van mogelijkheden om binnen 1 km hemelsbreed bij
                            noodzakelijk gebruik van ten minste 20 klokuren, 3,5 km hemelsbreed bij
                            noodzakelijk gebruik van ten minste 15 klokuren of 7,5 km hemelsbreed
                            bij noodzakelijk gebruik van ten minste 5 klokuren gebruik te maken van
                            een of meer gymnastiekruimten dan wel van binnen een redelijke termijn
                            beschikbaar komende gymnastiekruimten en</al></li><li nr="c."><al>het feit dat de prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II,
                            aantoont dat gedurende ten minste vijftien jaren het door de gemeente
                            vastgestelde aantal klokuren aanwezig (zullen) zijn en</al></li><li nr="d."><al>de kosten van ingebruikneming inclusief aanpassingen in redelijke
                            verhouding, zulks ter beoordeling van het college, staan ten opzichte
                            van de kosten van vervangende bouw.</al></li></lijst><al><vet>1.5 Terrein</vet> De noodzaak van verwerving of uitbreiding van (een deel
                    van) een terrein blijkt uit het feit dat voor de realisering van de nieuwbouw of
                    de uitbreiding geen dan wel onvoldoende terrein aanwezig is. </al><al><vet>1.6 Eerste inrichting onderwijsleerpakket</vet> De noodzaak van eerste
                    inrichting onderwijsleerpakket blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het feit dat nieuwbouw van een gymnastiekruimte voor de desbetreffende
                            school is of wordt goedgekeurd en </al></li><li nr="b."><al>het feit dat voor de desbetreffende groepen leerlingen nog niet eerder
                            eerste inrichting onderwijsleerpakket voor bewegingsonderwijs is
                            verstrekt.</al></li></lijst><al><vet>1.7 Eerste inrichting meubilair</vet> De noodzaak van eerste inrichting
                    meubilair blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het feit dat nieuwbouw van een gymnastiekruimte voor de desbetreffende
                            school is of wordt goedgekeurd en </al></li><li nr="b."><al>het feit dat voor de desbetreffende groepen leerlingen nog niet eerder
                            eerste inrichting meubilair voor bewegingsonderwijs is verstrekt.</al></li></lijst><al>De noodzaak van aanvullende eerste inrichting meubilair blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het feit dat uitbreiding of ingebruikneming van een gymnastiekruimte
                            voor de desbetreffende school is of wordt goedgekeurd en </al></li><li nr="b."><al>het feit dat voor de desbetreffende groepen leerlingen nog niet eerder
                            (een deel van) het noodzakelijke meubilair is verstrekt.</al></li></lijst><al><vet>1.8 Medegebruik</vet> De noodzaak van medegebruik blijkt uit het feit dat
                    het door de gemeente vastgestelde aantal klokuren gymnastiek noodzakelijk is en
                    waarvoor binnen de momenteel in gebruik zijnde gymnastiekruimte(n) geen plaats
                    is. <vet>1.9 Aanpassing</vet> De aanpassingen bestaan uit:</al><lijst><li nr="1."><al>het maken van voldoende wasgelegenheid waar deze bij de gymnastiekruimte
                            ontbreekt en dit belemmerend werkt op het effectief gebruik, dan wel de
                            mogelijkheden tot medegebruik, van de gymnastiekruimte;</al></li><li nr="2."><al>het maken van voldoende kleedgelegenheid waar deze bij de
                            gymnastiekruimte ontbreekt en dit belemmerend werkt op het effectief
                            gebruik, dan wel de mogelijkheden tot medegebruik, van de
                            gymnastiekruimte;</al></li><li nr="3."><al>wijzigingen bij ingebruikneming van een gebouw indien het gebouw anders
                            niet geschikt is voor het primair onderwijs gelet op de eisen gesteld in
                            bijlage III, delen A en D;</al></li><li nr="4."><al>voorzieningen voor eisen voortkomend uit wet- en regelgeving;</al></li><li nr="5."><al>vervangen van oliegestookte verwarmingsinstallaties.</al></li></lijst><al><vet>Ad 1</vet> De noodzaak blijkt uit het feit dat er geen twee wasgelegenheden
                    zijn. <vet>Ad 2</vet> De noodzaak blijkt uit het feit dat er geen twee
                    kleedruimten zijn. </al><al><vet>Ad 3</vet> De noodzaak blijkt uit het feit dat ingebruikneming van het
                    desbetreffende gebouw op basis van de beoordelingscriteria, zoals genoemd onder
                    1.4, noodzakelijk is, doch het gebouw niet voldoet aan de inrichtingseisen voor
                    gymnastiekruimten voor het basisonderwijs, terwijl deze wel tegen redelijke
                    kosten, zulks ter beoordeling van het college, te verwezenlijken zijn. <vet>Ad
                        4</vet> De noodzaak voor deze activiteit blijkt uit het niet overeenkomen
                    van het gebouw met de geldende wet- en regelgeving, terwijl onontkoombaar is dat
                    dit verschil op korte termijn moet worden opgeheven. <vet>Ad 5</vet> De noodzaak
                    voor deze activiteit blijkt uit het feit dat de oliegestookte
                    verwarmingsinstallatie in een zo slechte conditie verkeert dat vervanging
                    noodzakelijk is. Bovenstaande aanpassingen kunnen plaatsvinden indien zij
                    noodzakelijk zijn en indien de prognose, die voldoet aan de vereisten uit
                    bijlage II, aantoont dat gedurende ten minste vijftien jaren voldoende
                    leerlingen om de school in stand te kunnen houden, kunnen worden verwacht.
                    Indien de betreffende aanpassing absoluut noodzakelijk is voor de voortgang van
                    het onderwijs, terwijl volgens de prognose onvoldoende leerlingen worden
                    verwacht, wordt de aanpassing slechts goedgekeurd, als er geen andere,
                    goedkopere, voorziening mogelijk is. <vet>1.10 Onderhoud</vet> De voorziening
                    onderhoud bestaat uit:</al><lijst><li nr="a."><al>onderhoud aan de buitenzijde van het gebouw voorzover omschreven in het
                            overzicht 'onderhoud primair onderwijs';</al></li><li nr="b."><al>(algehele) vervanging van binnenkozijnen en binnendeuren (inclusief
                            hang- en sluitwerk);</al></li><li nr="c."><al>algehele vervanging van radiatoren, convectors en leidingen voor
                            centrale verwarming.</al></li></lijst><al>De noodzaak van onderhoud blijkt uit het feit dat het gevraagde gebouwelement of
                    een gedeelte daarvan ten minste in een matige conditie verkeert volgens de
                    bouwkundige opname zoals bedoeld in artikel 7, tweede lid, onder c, terwijl
                    regulier onderhoud door het bevoegd gezag niet langer volstaat. Gehuurde
                    gebouwen komen niet in aanmerking voor onderhoud. Noodzakelijk onderhoud aan
                    permanente gebouwen komt voor bekostiging in aanmerking indien op basis van een
                    prognose, die voldoet aan de in bijlage II gestelde vereisten, het gebouw nog
                    ten minste vier jaar voor de school nodig is. <vet>1.11 Herstel
                        constructiefouten</vet> De noodzaak van het herstel van constructiefouten
                    blijkt uit een bouwkundige rapportage waarin wordt vastgesteld dat het gaat om
                    (herstel van) een constructiefout. <vet>1.12 Herstel of vervanging van schade
                        aan gebouw, onderwijsleerpakket en meubilair in geval van bijzondere
                        omstandigheden</vet> De noodzaak van herstel of vervanging blijkt uit het
                    feit dat door de opgetreden bijzondere omstandigheid het onderwijs in het
                    desbetreffende gebouw wordt gehinderd. <vet>2 School voor (voortgezet) speciaal
                        onderwijs</vet><vet>2.1 Nieuwbouw</vet> De noodzaak van nieuwbouw blijkt
                    uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het feit dat de minister de desbetreffende school of nevenvestiging voor
                            het eerst voor bekostiging in aanmerking brengt en</al></li><li nr="b."><al>het afwezig zijn van mogelijkheden om binnen <cursief>1 km</cursief>
                            hemelsbreed bij noodzakelijk gebruik door ten minste 10 groepen speciaal
                            onderwijs, <cursief>2 km</cursief>hemelsbreed bij noodzakelijk
                            gebruik door ten minste 10 groepen voortgezet speciaal onderwijs,
                                <cursief>3,5 km</cursief>hemelsbreed bij noodzakelijk
                            gebruik door ten minste 6 groepen speciaal onderwijs of <cursief>7,5
                                km</cursief> hemelsbreed bij noodzakelijk gebruik door ten minste 3
                            groepen speciaal onderwijs gebruik te maken van een of meer
                            gymnastiekruimten dan wel van binnen een redelijke termijn beschikbaar
                            komende gymnastiekruimten en</al></li><li nr="c."><al>het feit dat de prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II,
                            aantoont dat gedurende ten minste <cursief>vijftien jaren</cursief> de
                            groepen leerlingen waarvoor het door de gemeente vastgestelde aantal
                            klokuren noodzakelijk is aanwezig (zullen) zijn.</al></li></lijst><al><vet>2.2 Vervangende bouw</vet> De noodzaak van vervangende bouw blijkt
                    uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het in zo'n slechte/matige conditie zijn van voldoende en voldoende
                            zwaarwegende gebouwelementen volgens de bouwkundige opname zoals bedoeld
                            in artikel 7, tweede lid onder d, dat onderhoud en/of aanpassingen geen
                            redelijk resultaat opleveren (in kosten en ten opzichte van de
                            levensduurverlenging) en</al></li><li nr="b."><al>het afwezig zijn van mogelijkheden om binnen <cursief>1
                            km</cursief>hemelsbreed bij noodzakelijk gebruik door ten
                            minste 10 groepen speciaal onderwijs, <cursief>2 km</cursief>
                            hemelsbreed bij noodzakelijk gebruik door ten minste 10 groepen
                            voortgezet speciaal onderwijs, <cursief>3,5
                            km</cursief>hemelsbreed bij noodzakelijk gebruik door ten
                            minste 6 groepen speciaal onderwijs of <cursief>7,5 km</cursief>
                            hemelsbreed bij noodzakelijk gebruik door ten minste 3 groepen speciaal
                            onderwijs gebruik te maken van een of meer gymnastiekruimten dan wel van
                            binnen een redelijke termijn beschikbaar komende gymnastiekruimten
                            en</al></li><li nr="c."><al>het feit dat de prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II,
                            aantoont dat gedurende ten minste <cursief>vijftien jaren</cursief> de
                            groepen leerlingen waarvoor het door de gemeente vastgestelde aantal
                            klokuren noodzakelijk is aanwezig (zullen) zijn.</al></li></lijst><al><vet>2.3 Uitbreiding</vet> De noodzaak van uitbreiding blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het feit dat de oppervlakte van de zaal (oefenvloer) kleiner is dan
                                <cursief>140 m2</cursief><cursief> en daardoor het effectief gebruik
                                van de gymnastiekruimte belemmerd wordt en</cursief></al></li><li nr="b."><al>h<cursief>et afwezig zijn van mogelijkheden om binnen
                                </cursief><cursief>1 km</cursief> hemelsbreed bij noodzakelijk
                            gebruik door ten minste 10 groepen speciaal onderwijs, <cursief>2
                                km</cursief>hemelsbreed bij noodzakelijk gebruik door ten
                            minste 10 groepen voortgezet speciaal onderwijs, <cursief>3,5
                                km</cursief>hemelsbreed bij noodzakelijk gebruik door ten
                            minste 6 groepen speciaal onderwijs of <cursief>7,5
                            km</cursief>hemelsbreed bij noodzakelijk gebruik door ten
                            minste 3 groepen speciaal onderwijs gebruik te maken van een of meer
                            gymnastiekruimten dan wel van binnen een redelijke termijn beschikbaar
                            komende gymnastiekruimten en</al></li><li nr="c."><al>het feit dat de prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II,
                            aantoont dat gedurende ten minste <cursief>vijftien jaren</cursief> de
                            groepen leerlingen waarvoor het door de gemeente vastgestelde aantal
                            klokuren noodzakelijk is aanwezig (zullen) zijn.</al></li></lijst><al><vet>2.4 Ingebruikneming van een gymnastiekruimte</vet> De noodzaak van
                    ingebruikneming blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>1 het feit dat de minister de school of nevenvestiging voor het eerst
                            voor bekostiging in aanmerking brengt of a2 het feit dat het huidige
                            gebouw voor vervanging, conform het gestelde in 2.2 onder a, in
                            aanmerking komt en</al></li><li nr="b."><al>het afwezig zijn van mogelijkheden om binnen <cursief>1 km</cursief>
                            hemelsbreed bij noodzakelijk gebruik door ten minste 10 groepen speciaal
                            onderwijs, <cursief>2 km</cursief>hemelsbreed bij noodzakelijk
                            gebruik door ten minste 10 groepen voortgezet speciaal onderwijs,
                                <cursief>3,5 km</cursief> hemelsbreed bij noodzakelijk gebruik door
                            ten minste 6 groepen speciaal onderwijs of <cursief>7,5
                            km</cursief>hemelsbreed bij noodzakelijk gebruik door ten
                            minste 3 groepen speciaal onderwijs gebruik te maken van een of meer
                            gymnastiekruimten dan wel van binnen een redelijke termijn beschikbaar
                            komende gymnastiekruimten en</al></li><li nr="c."><al>het feit dat de prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II,
                            aantoont dat gedurende ten minste <cursief>vijftien jaren</cursief> het
                            door de gemeente vastgestelde aantal klokuren aanwezig (zullen) zijn
                            en</al></li><li nr="d."><al>de kosten van ingebruikneming inclusief aanpassingen in redelijke
                            verhouding, zulks ter beoordeling van het college, staan ten opzichte
                            van de kosten van vervangende bouw.</al></li></lijst><al><vet>2.5 Terrein</vet> De noodzaak van verwerving of uitbreiding van (een deel
                    van) een terrein blijkt uit het feit dat voor de realisering van de nieuwbouw of
                    de uitbreiding geen dan wel onvoldoende terrein aanwezig is. <vet>2.6 Eerste
                        inrichting onderwijsleerpakket</vet> De noodzaak van eerste inrichting
                    onderwijsleerpakket blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het feit dat nieuwbouw van een gymnastiekruimte voor de desbetreffende
                            school of nevenvestiging is of wordt goedgekeurd en </al></li><li nr="b."><al>het feit dat voor de desbetreffende groepen leerlingen nog niet eerder
                            eerste onderwijsleerpakket is verstrekt.</al></li></lijst><al><vet>2.7 Eerste inrichting meubilair</vet> De noodzaak van eerste inrichting
                    meubilair blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het feit dat nieuwbouw van een gymnastiekruimte voor de desbetreffende
                            school of nevenvestiging is of wordt goedgekeurd en </al></li><li nr="b."><al>het feit dat voor de desbetreffende groepen leerlingen nog niet eerder
                            eerste inrichting meubilair is verstrekt.</al></li></lijst><al>De noodzaak van aanvullende eerste inrichting meubilair blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het feit dat uitbreiding of ingebruikneming van een gymnastiekruimte
                            voor de desbetreffende school of nevenvestiging is of wordt goedgekeurd
                            en </al></li><li nr="b."><al>het feit dat voor de desbetreffende groepen leerlingen nog niet eerder
                            het specifiek noodzakelijk meubilair is verstrekt.</al></li></lijst><al><vet>2.8 Medegebruik</vet> De noodzaak van medegebruik blijkt uit het feit dat
                    het door de gemeente getoetste aantal klokuren gymnastiek noodzakelijk is en
                    waarvoor binnen de huidig in gebruik zijnde gymnastiekruimte(s) geen ruimte is.
                        <vet>2.9 Aanpassing</vet> De aanpassingen bestaan uit:</al><lijst><li nr="1."><al>het maken van voldoende wasgelegenheid waar deze bij de gymnastiekruimte
                            ontbreekt en dit belemmerend werkt op het effectief gebruik, dan wel de
                            mogelijkheden tot medegebruik, van de gymnastiekruimte;</al></li><li nr="2."><al>het maken van voldoende kleedgelegenheid waar deze bij de
                            gymnastiekruimte ontbreekt en dit belemmerend werkt op het effectief
                            gebruik, dan wel de mogelijkheden tot medegebruik, van de
                            gymnastiekruimte;</al></li><li nr="3."><al>wijzigingen bij ingebruikneming van een gebouw indien het gebouw anders
                            niet geschikt is voor het primair onderwijs gelet op de eisen gesteld in
                            bijlage III, delen A en D;</al></li><li nr="4."><al>voorzieningen voor eisen voortkomend uit wet- en regelgeving;</al></li><li nr="5."><al>vervangen van oliegestookte verwarmingsinstallaties.</al></li></lijst><al><vet>Ad 1</vet> De noodzaak blijkt uit het feit dat er geen twee wasgelegenheden
                    zijn. <vet>Ad 2</vet> De noodzaak blijkt uit het feit dat er geen twee
                    kleedruimten zijn. <vet>Ad 3</vet> De noodzaak voor deze activiteit blijkt uit
                    het feit dat ingebruikneming van het desbetreffende gebouw op basis van de
                    beoordelingscriteria, zoals genoemd onder 2.4, noodzakelijk is, doch het gebouw
                    niet voldoet aan de inrichtingseisen voor gymnastiekruimten voor het
                    (voortgezet) speciaal onderwijs, terwijl deze wel tegen redelijke kosten, zulks
                    ter beoordeling van het college, te verwezenlijken zijn. <vet>Ad 4</vet> De
                    noodzaak voor deze activiteit blijkt uit het niet overeenkomen van het gebouw
                    met de geldende wet- en regelgeving, terwijl onontkoombaar is dat dit verschil
                    op korte termijn moet worden opgeheven. <vet>Ad 5</vet> De noodzaak voor deze
                    activiteit blijkt uit het feit dat de oliegestookte verwarmingsinstallatie in
                    een zo slechte conditie verkeert dat vervanging noodzakelijk is. Bovenstaande
                    aanpassingen kunnen plaatsvinden indien zij noodzakelijk zijn en indien de
                    prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II, aantoont dat gedurende
                    ten minste vijftien jaren voldoende leerlingen om de school in stand te kunnen
                    houden, kunnen worden verwacht. Indien de betreffende aanpassing absoluut
                    noodzakelijk is voor de voortgang van het onderwijs, terwijl volgens de prognose
                    onvoldoende leerlingen worden verwacht, wordt de aanpassing slechts goedgekeurd,
                    als er geen andere, goedkopere, voorziening mogelijk is. <vet>2.10
                        Onderhoud</vet> De voorziening onderhoud bestaat uit:</al><lijst><li nr="a."><al>onderhoud aan de buitenzijde van het gebouw voorzover omschreven in het
                            overzicht 'onderhoud primair onderwijs';</al></li><li nr="b."><al>(algehele) vervanging van binnenkozijnen en binnendeuren (inclusief
                            hang- en sluitwerk);</al></li><li nr="c."><al>algehele vervanging van radiatoren, convectors en leidingen voor
                            centrale verwarming.</al></li></lijst><al>De noodzaak van onderhoud blijkt uit het feit dat het gevraagde gebouwelement of
                    een gedeelte daarvan ten minste in een matige conditie verkeert volgens de
                    bouwkundige opname zoals bedoeld in artikel 7, tweede lid, onder c, terwijl
                    regulier onderhoud door het bevoegd gezag niet langer volstaat. Gehuurde
                    gebouwen komen niet in aanmerking voor onderhoud. Noodzakelijk onderhoud aan
                    permanente gebouwen komt voor bekostiging in aanmerking indien op basis van een
                    prognose, die voldoet aan de vereisten gesteld in bijlage II, het gebouw nog ten
                    minste <cursief>vier jaar</cursief> voor de school nodig is. </al><al><vet>2.11 Herstel constructiefouten</vet> De noodzaak van het herstel van
                    constructiefouten blijkt uit een bouwkundige rapportage waarin wordt vastgesteld
                    dat het gaat om (herstel van) een constructiefout. <vet>2.12 Herstel of
                        vervanging van schade aan gebouw, onderwijsleerpakket en meubilair in geval
                        van bijzondere omstandigheden</vet> De noodzaak van herstel of vervanging
                    blijkt uit het feit dat door de opgetreden bijzondere omstandigheid het
                    onderwijs in het desbetreffende gebouw wordt gehinderd. </al><al><vet>3 School voor voortgezet onderwijs</vet><vet>3.1 Nieuwbouw</vet> De
                    noodzaak van nieuwbouw blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het feit dat de minister de desbetreffende school voor het eerst voor
                            bekostiging in aanmerking brengt en</al></li><li nr="b."><al>het afwezig zijn van mogelijkheden om binnen <cursief>2000
                                meter</cursief>hemelsbreed gebruik te maken van een of
                            meer gymnastiekruimten dan wel van binnen redelijke termijn beschikbaar
                            komende gymnastiekruimten en</al></li><li nr="c."><al>het feit dat de prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II,
                            aantoont dat gedurende ten minste <cursief>vijftien jaren</cursief> de
                            leerlingen waarvoor het gymnastiekonderwijs noodzakelijk is, aanwezig
                            (zullen) zijn.</al></li></lijst><al><vet>3.2 Vervangende bouw</vet> De noodzaak van vervangende bouw blijkt
                    uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het in zo'n slechte/matige conditie zijn van voldoende en voldoende
                            zwaarwegende gebouwelementen volgens de bouwkundige opname zoals bedoeld
                            in artikel 7, tweede lid onder c, dat onderhoud en/of aanpassingen geen
                            redelijk resultaat opleveren (in kosten en ten opzichte van de
                            levensduurverlenging) en</al></li><li nr="b."><al>het afwezig zijn van mogelijkheden om binnen <cursief>2000
                                meter</cursief>hemelsbreed gebruik te maken van een of
                            meer gymnastiekruimten dan wel van binnen redelijke termijn beschikbaar
                            komende gymnastiekruimten en</al></li><li nr="c."><al>het feit dat de prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II,
                            aantoont dat gedurende ten minste <cursief>vijftien jaren</cursief> de
                            leerlingen waarvoor het gymnastiekonderwijs noodzakelijk is, aanwezig
                            zijn.</al></li></lijst><al><vet>3.3 Uitbreiding</vet> De noodzaak van uitbreiding blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het feit dat de oppervlakte van de zaal (oefenvloer) kleiner is dan 140
                            m2 en daardoor het effectief gebruik van de gymnastiekruimte belemmerd
                            wordt en</al></li><li nr="b."><al>het afwezig zijn van mogelijkheden om binnen 2000 meter hemelsbreed
                            gebruik te maken van een of meer gymnastiekruimten dan wel van binnen
                            redelijke termijn beschikbaar komende gymnastiekruimten en</al></li><li nr="c."><al>het feit dat de prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II,
                            aantoont dat gedurende ten minste vijftien jaren de leerlingen waarvoor
                            het gymnastiekonderwijs noodzakelijk is, aanwezig zijn.</al></li></lijst><al><vet>3.4 Ingebruikneming van een gymnastiekruimte</vet> De noodzaak van
                    ingebruikneming blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>1 het feit dat de minister de school voor het eerst voor bekostiging in
                            aanmerking brengt of a2 het feit dat het huidige gebouw voor vervanging,
                            conform het gestelde bij 3.2 onder a, in aanmerking komt en</al></li><li nr="b."><al>het afwezig zijn van mogelijkheden om binnen 2000 meter hemelsbreed
                            gebruik te maken van een of meer gymnastiekruimten dan wel van binnen
                            redelijke termijn beschikbaar komende gymnastiekruimten en</al></li><li nr="c."><al>het feit dat de prognose, die voldoet aan de vereisten uit bijlage II,
                            aantoont dat gedurende ten minste vijftien jaren de leerlingen waarvoor
                            het gymnastiekonderwijs noodzakelijk is, aanwezig zijn en</al></li><li nr="d."><al>het feit dat de kosten van ingebruikneming inclusief aanpassingen in
                            redelijke verhouding, zulks ter beoordeling van het college, staan ten
                            opzichte van de kosten van vervangende bouw.</al></li></lijst><al><vet>3.5 Terrein</vet> De noodzaak van verwerving of uitbreiding van (een deel
                    van) een terrein blijkt uit het feit dat voor de realisering van de nieuwbouw of
                    de uitbreiding geen dan wel onvoldoende terrein aanwezig is. <vet>3.6 Eerste
                        inrichting voor bewegingsonderwijs</vet> De noodzaak van eerste inrichting
                    voor bewegingsonderwijs blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het feit dat nieuwbouw van een gymnastiekruimte voor de desbetreffende
                            school is of wordt goedgekeurd en </al></li><li nr="b."><al>het feit dat voor de desbetreffende leerlingen nog niet eerder eerste
                            inrichting voor bewegingsonderwijs is verstrekt.</al></li></lijst><al><vet>3.7 Medegebruik</vet><vet>3.7.1 Medegebruik gymnastiekruimte</vet> De
                    noodzaak van medegebruik van een gymnastiekruimte blijkt uit het feit dat
                    klokuren gymnastiek noodzakelijk zijn waarvoor binnen de momenteel in gebruik
                    zijnde gymnastiekruimte(s) geen ruimte is. <vet>3.7.2 Huur van een
                        sportterrein</vet> De noodzaak van huur van een sportveld blijkt uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het feit dat het lesrooster buitensport vermeldt, terwijl het bevoegd
                            gezag niet beschikt over een eigen sportveld en</al></li><li nr="b."><al>er geen mogelijkheden zijn tot gebruik van een sportveld van een ander
                            bevoegd gezag.</al></li></lijst><al><vet>3.8 Herstel constructiefouten</vet> De noodzaak van het herstel van
                    constructiefouten blijkt uit een bouwkundige rapportage waarin wordt vastgesteld
                    dat het gaat om (herstel van) een constructiefout. </al><al><vet>3.9 Herstel of vervanging van schade aan gebouw, onderwijsleerpakket en
                        meubilair in geval van bijzondere omstandigheden</vet> De noodzaak van
                    herstel of vervanging blijkt uit het feit dat door de opgetreden bijzondere
                    omstandigheid het onderwijs in het desbetreffende gebouw wordt gehinderd. </al><al><vet>Overzicht 'Onderhoud PO'</vet> Activiteiten die behoren tot het
                    onderhoud:</al><lijst><li nr="·"><al>Vervangen dakbedekking, hemelwaterafvoer, dakrand, daklichten</al></li><li nr="·"><al>Vervangen buitenberging c.q. dak buitenberging.</al></li><li nr="·"><al>Vervangen rijwielstalling c.q. rijwielstaanders.</al></li><li nr="·"><al>Vervangen brandtrap.</al></li><li nr="·"><al>Vervangen erfscheiding.</al></li><li nr="·"><al>Vervangen/herstellen riolering/bestrating schoolplein.</al></li><li nr="·"><al>Vervangen binnenkozijnen inclusief hang- en sluitwerk
                            (renovatie-activiteit).</al></li><li nr="·"><al>Vervangen buitenkozijnen inclusief hang- en sluitwerk
                            (renovatie-activiteit).</al></li><li nr="·"><al>Vervangen radiatoren, convectoren, leidingen
                            (renovatie-activiteit).</al></li><li nr="·"><al>Vervangen dakpannen inclusief houtwerk, dakrand en goten.</al></li><li nr="·"><al>Vervangen boeiboorden.</al></li></lijst><tussenkop>Bijlage II </tussenkop><tussenkop>Criteria voor opstelling en toetsing van leerlingprognoses</tussenkop><al> De prognose van het aantal te verwachten leerlingen van de school als bedoeld
                    in artikel 7, tweede lid onder a, artikel 20, eerste lid onder c, en artikel 25,
                    derde lid onder f, wordt gemaakt voor een periode van ten minste vijftien jaren
                    te starten met het gewenste jaar van bekostiging. In bijlage I is voor de
                    voorzieningen aanpassing en onderhoud aangegeven van welke prognosetermijn moet
                    worden uitgegaan. Leidraad hierbij is geweest dat voor (meer) ingrijpende
                    voorzieningen een lange termijnprognose vereist is, terwijl voor voorzieningen
                    met minder financieel gevolg die noodzakelijk zijn om het gebouw te kunnen
                    blijven gebruiken, volstaan kan worden met een korte-termijnprognose. De
                    prognose geeft per jaar inzicht in het aantal te verwachten leerlingen van de
                    school of nevenvestiging door in elk geval rekening te houden met: </al><lijst><li nr="a."><al>het voedingsgebied of de voedingsgebieden;</al></li><li nr="b."><al>de aanwezige bevolking, verdeeld in relevante leeftijdsgroepen;</al></li><li nr="c."><al>de woningvoorraad en wijzigingen daarin inclusief een eventuele
                            uitbreiding van het voedingsgebied;</al></li><li nr="d."><al>de veranderingen in de onderscheiden leeftijdsgroepen van de bevolking
                            als gevolg van migratie, sterfte en geboorte;</al></li><li nr="e."><al>de veranderingen in de bevolking als gevolg van wijzigingen in de
                            woningvoorraad;</al></li><li nr="f."><al>de verdeling van de leerlingen als gevolg van de belangstelling voor de
                            school en</al></li><li nr="g."><al>het onderwijs dat wordt gegeven.</al></li></lijst><al>De prognose is niet meer dan twee jaar oud. De prognose omvat in elk geval de
                    bovenstaande gegevens a t/m g voor een periode van 6 jaar (de analyseperiode)
                    met als laatste jaar het jaar voorafgaand aan de indiening van de aanvraag. Het
                    voedingsgebied van de school omvat het gebied waaruit het overgrote deel van de
                    leerlingen afkomstig is (of bij nieuwbouwwijken: zal zijn). Voor een basisschool
                    wordt bij de prognose in ieder geval een beschrijving geleverd van het
                    voedingsgebied op wijkniveau. Voor een speciale school voor basisonderwijs, het
                    (voortgezet) speciaal onderwijs en het voortgezet onderwijs kan, indien het
                    voedingsgebied zich over de gemeentegrens uitstrekt, worden volstaan met een
                    opsomming van de gemeenten die tot het voedingsgebied worden gerekend. Bij
                    aanlevering van een prognose dienen de relevante gegevens en berekeningen over
                    de analyse- en prognoseperiode op papier te zijn afgedrukt. Bij deze levering
                    worden in elk geval de gebruikte programmatuur en de aannames/assumpties met
                    betrekking tot het gestelde onder d tot en met g, waarop de prognose is
                    gebaseerd, aangegeven en onderbouwd. Het college is bevoegd onderscheiden naar
                    onderwijssoort nadere regels te stellen betreffende de criteria waaraan een
                    prognose moet voldoen.</al><al>Voorafgaand aan de vaststelling door het college vormen de nadere regels
                    onderwerp van overleg in het op overeenstemming gericht overleg met de
                    schoolbesturen. </al><tussenkop>Bijlage III </tussenkop><tussenkop>Criteria voor oppervlakte en indeling</tussenkop><al> De criteria voor oppervlakte en indeling vallen uiteen in vier delen: </al><lijst><li nr="·"><al>deel A: de bepaling van de capaciteit;</al></li><li nr="·"><al>deel B: wijze van bepalen van de ruimtebehoefte;</al></li><li nr="·"><al>deel C: de bepaling van de omvang van de toekenning;</al></li><li nr="·"><al>deel D: minimumnormen bij realisering van nieuwe voorzieningen.</al></li></lijst><al><vet>DEEL A De bepaling van de capaciteit</vet><vet>1 School voor
                        basisonderwijs</vet> De capaciteit van de gebouwen voor het basisonderwijs
                    wordt volgens onderstaande methodiek vastgesteld. Het college kan in
                    overeenstemming met het bevoegd gezag van de school besluiten tot vermindering
                    van de met onderstaande methodiek vastgestelde capaciteit, indien de hiertoe
                    beschikbaar komende ruimten worden ingezet ten behoeve van onderwijskundige,
                    culturele, maatschappelijke en recreatieve doeleinden. <vet>1.1 Gebouwen van
                        hoofd- en nevenvestigingen (inclusief de T en B-dislocaties) met een
                        permanente of tijdelijke bouwaard</vet> De brutovloeroppervlakte (verder aan
                    te duiden als bvo) van een gebouw is de bvo zoals bepaald aan de hand van het
                    gestelde in III-1, de 'Meetinstructie voor het vaststellen van de bruto
                    vloeroppervlakte van de schoolgebouwen in het primair onderwijs'.
                        <vet>Basisschool</vet> De capaciteit van een gebouw voor een basisschool
                    wordt vastgelegd in het aantal groepen waarvoor het gebouw geschikt is. Het
                    aantal groepen is gelijk aan het aantal lokalen in het desbetreffende gebouw.
                    Het aantal lokalen in een gebouw betreft het aantal lesruimten, inclusief het
                    handvaardigheidslokaal, groter dan of gelijk aan 42 m2. De speellokalen worden
                    niet meegeteld. Indien een deel van een gebouw is gerealiseerd met andere dan
                    overheidsmiddelen en hiervoor geen (rijks)vergoeding wordt genoten, wordt dit
                    deel niet tot de capaciteit van het gebouw gerekend. Dit deel wordt wel
                    geregistreerd. Om te kunnen bepalen of een gebouw is 'overgedimensioneerd',
                    dient een relatie te worden gelegd tussen de capaciteitsbepaling van een gebouw
                    op basis van het aantal groepen en normatieve capaciteitsvaststelling. Het
                    aantal groepen waarvoor een gebouw normatief geschikt is, wordt, op basis van de
                    bvo, vastgesteld met behulp van tabel 1, 2 en 3 hieronder voor respectievelijk
                    huisvesting met een permanente bouwaard en huisvesting met een tijdelijke
                    bouwaard. </al><al> Tabel 1 Gebouwen met een permanente bouwaard</al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="49*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="51*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Permanente gebouwen voor een basisschool waarin meer
                                            dan 30 leerlingen worden gehuisvest</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Aantal groepen leerlingen</al></entry><entry colname="col2"><al>Minimale bvo (inclusief m2 bvo voor onderwijskundige
                                        vernieuwingen) </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2</al></entry><entry colname="col2"><al>350 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3</al></entry><entry colname="col2"><al>465</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4</al></entry><entry colname="col2"><al>580</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5</al></entry><entry colname="col2"><al>785</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>6</al></entry><entry colname="col2"><al>900</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>7</al></entry><entry colname="col2"><al>1.015</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>8</al></entry><entry colname="col2"><al>1.130</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>9</al></entry><entry colname="col2"><al>1.245</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>10</al></entry><entry colname="col2"><al>1.360</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>11</al></entry><entry colname="col2"><al>1.475</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>12</al></entry><entry colname="col2"><al>1.590</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>13</al></entry><entry colname="col2"><al>1.705</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>En vervolgens te verhogen met 115 m2 ten behoeve van één
                                        groep leerlingen</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Indien het gebouw beschikt over een tweede speellokaal,
                                        wordt de minimale bvo opgehoogd met 90 m2</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="57*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="43*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Permanente gebouwen voor een basisschool waarin minder
                                            dan 31 leerlingen worden gehuisvest </vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Aantal groepen leerlingen</al></entry><entry colname="col2"><al>Minimale bvo (inclusief m2 bvo voor onderwijskundige
                                        vernieuwingen) </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2</al></entry><entry colname="col2"><al>330</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al> Tabel 2 Gebouwen met een tijdelijke bouwaard, zelfstandige huisvesting</al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="24*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="76*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Aantal groepen leerlingen</al></entry><entry colname="col2"><al>Minimale bvo</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2</al></entry><entry colname="col2"><al>305</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3</al></entry><entry colname="col2"><al>410</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4</al></entry><entry colname="col2"><al>515</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5</al></entry><entry colname="col2"><al>710</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>6</al></entry><entry colname="col2"><al>815</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>7</al></entry><entry colname="col2"><al>920</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>8</al></entry><entry colname="col2"><al>1.025</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>en vervolgens telkens te verhogen met 105 m2 ten behoeve van
                                        één groep leerlingen</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al> Tabel 3 Gebouwen met een tijdelijke bouwaard, aanvullende huisvesting</al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="26*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="74*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Aantal groepen leerlingen</al></entry><entry colname="col2"><al>Minimale bvo</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1</al></entry><entry colname="col2"><al>100</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2</al></entry><entry colname="col2"><al>180</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3</al></entry><entry colname="col2"><al>260 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4</al></entry><entry colname="col2"><al>340</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5</al></entry><entry colname="col2"><al>420</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>en vervolgens telkens te verhogen met 80 m2 ten behoeve van
                                        één groep leerlingen</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al> Indien het werkelijke aantal lokalen in een gebouw afwijkt van het aantal
                    groepen zoals vastgesteld op basis van tabel 1, 2 of 3, is het aantal lokalen de
                    capaciteit van het gebouw. In het geval dat het aantal lokalen kleiner is dan
                    het aantal groepen zoals vastgesteld op basis van tabel 1, 2 of 3, wordt de
                    zogenaamde verschiloppervlakte bepaald tussen de werkelijke bvo en de normatieve
                    bvo behorend bij het aantal groepen waarvoor het gebouw geschikt is. Deze
                    verschiloppervlakte is het aantal waarmee de bvo van het gebouw is
                    overgedimensioneerd. De registratie vindt plaats vanwege het mogelijk verwerken
                    van deze overdimensionering van de bvo op het moment dat het gebouw ten behoeve
                    van de vergroting van de capaciteit moet worden uitgebreid. <vet>Speciale school
                        voor basisonderwijs</vet> De capaciteit van een gebouw voor een speciale
                    school voor basisonderwijs wordt vastgelegd in het aantal groepen waarvoor een
                    gebouw geschikt is. Dit aantal groepen is het aantal lokalen, verminderd met
                    één. Het aantal lokalen wordt verminderd met twee indien het gebouw bestaat uit
                    meer dan 13 lokalen. Het aantal lokalen wordt verminderd met drie indien het
                    gebouw bestaat uit meer dan 26 lokalen om het aantal groepen te bepalen waarvoor
                    het gebouw geschikt is. Het aantal lokalen in een gebouw betreft het aantal
                    lesruimten, inclusief de vaklokalen, groter dan of gelijk aan 42 m2. De
                    speellokalen worden niet meegeteld. Indien een deel van een gebouw is
                    gerealiseerd met andere dan overheidsmiddelen en hiervoor geen (rijks)vergoeding
                    wordt genoten, wordt dit deel niet tot de capaciteit van het gebouw gerekend.
                    Dit deel wordt wel geregistreerd. Om te kunnen bepalen of een gebouw is
                    overgedimensioneerd, dient er een relatie te worden gelegd tussen de
                    capaciteitsbepaling van een gebouw op basis van het aantal groepen en normatieve
                    capaciteitsvaststelling. Het aantal groepen waarvoor een gebouw normatief
                    geschikt is, wordt, op basis van de bvo, vastgesteld met behulp van tabel 4
                    hieronder voor huisvesting met een permanente bouwaard. Voor huisvesting met een
                    tijdelijke bouwaard wordt gebruikgemaakt van tabel 2 en 3. Tabel 4 Gebouwen met
                    een permanente bouwaard</al><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="58*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="11*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="13*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="18*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Permanente gebouwen voor een speciale school voor
                                            basisonderwijs</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>vaste voet m2</al></entry><entry colname="col2"><al>inclusief</al></entry><entry colname="col3"><al>m2 per groep</al></entry><entry colname="col4"><al>toeslag extra ruimte</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>670</al></entry><entry colname="col2"><al>4</al></entry><entry colname="col3"><al>105</al></entry><entry colname="col4"><al>125</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al> De vaste voet aan bvo is inclusief ruimten voor een bepaald aantal groepen. Dit
                    aantal is in de kolom 'inclusief' aangegeven. De toeslag extra ruimte omvat een
                    aantal extra m2 voor het creëren van een extra lokaal, niet zijnde een
                    speellokaal (hiervoor geldt een aparte toeslag). De toeslag extra ruimte wordt
                    toegekend bij het vormen van de 12e groep. Indien het werkelijke aantal lokalen
                    in een gebouw afwijkt van het aantal groepen zoals vastgesteld op basis van
                    tabel 2, 3 of 4, is het aantal lokalen de capaciteit van het gebouw. In het
                    geval dat het aantal lokalen kleiner is dan het aantal groepen zoals vastgesteld
                    op basis van tabel 2, 3 of 4, wordt de zogenaamde verschiloppervlakte bepaald
                    tussen de werkelijke bvo en de normatieve bvo, behorend bij het aantal groepen
                    waarvoor het gebouw geschikt is. Deze verschiloppervlakte is het aantal m2
                    waarmee de bvo van het gebouw is overgedimensioneerd. De registratie vindt
                    plaats vanwege het mogelijk verwerken van deze overdimensionering van de bvo op
                    het moment dat het gebouw ten behoeve van de vergroting van de capaciteit moet
                    worden uitgebreid. <vet>1.2 Dislocaties, gebouwen met een permanente of
                        tijdelijke bouwaard</vet><vet>Basisschool</vet> Voor het bepalen van de
                    capaciteit van dislocaties voor basisscholen geldt het gestelde onder 1.1 met
                    uitzondering van de verwijzing naar de tabellen 1, 2 en 3. Voor de bepaling van
                    het aantal te huisvesten groepen leerlingen wordt uitgegaan van 115 m2 BVO per
                    groep leerlingen indien sprake is van een gebouw met een permanente bouwaard en
                    van 80 m2 per groep leerlingen indien sprake is van een gebouw met een
                    tijdelijke bouwaard. <vet>Speciale school voor basisonderwijs</vet> De
                    capaciteit van dislocaties voor speciale scholen voor basisonderwijs wordt
                    vastgelegd in het aantal groepen waarvoor het gebouw geschikt is. Dit aantal
                    groepen is gelijk aan het aantal lokalen in het desbetreffende gebouw. Het
                    aantal lokalen betreft het aantal lesruimten, inclusief de vaklokalen, groter
                    dan of gelijk aan 42 m2. De speellokalen worden niet meegeteld. Voor dislocaties
                    voor speciale scholen voor basisonderwijs is de 'overdimensionering' niet te
                    bepalen. <vet>1.3 Rangorde hoofdgebouwen en dislocaties</vet> De vaststelling
                    van de rangorde geschiedt om te kunnen bepalen van welk gebouw als eerste het
                    gebruik beëindigd wordt als er sprake is van een daling van het aantal
                    leerlingen. Dit is het gebouw met het hoogste rangordenummer. Indien een
                    voorziening in de huisvesting bestaat uit een hoofdgebouw (van een school, een
                    hoofdvestiging of een nevenvestiging) en een of meer dislocaties, wordt de
                    rangorde tussen deze gebouwen vastgesteld. Dit is de rangorde zoals deze is
                    vastgelegd in de gegevensadministratie van het ministerie van Onderwijs, Cultuur
                    en Wetenschap. Indien de rangorde opnieuw moet worden vastgesteld, doordat
                    nieuwe gebouwen moeten worden toegevoegd, wordt de rangorde als volgt
                    vastgesteld. Het hoofdgebouw is het gebouw dat qua oppervlakte, indeling en
                    bouwkundige staat het meest geschikt is om als het enige gebouw voor de school
                    te dienen. Dit is in de regel het grootste gebouw. Het hoofdgebouw krijgt nummer
                    1, vervolgens vindt doornummering plaats voor de dislocaties met een permanente
                    bouwaard te beginnen met de dislocatie met de grootste capaciteit en vervolgens
                    de dislocaties met een tijdelijke bouwaard te beginnen met de dislocatie met de
                    grootste capaciteit. Bij een fusie van twee of meer scholen wordt het gebouw van
                    de overblijvende school het hoofdgebouw. Indien de overige gebouwen van de bij
                    de fusie betrokken scholen noodzakelijk zijn voor de huisvesting van de
                    gefuseerde scholen, gelet op de capaciteit van het hoofdgebouw, dan krijgen zij
                    als dislocatie een plaats in de rangorde zoals hiervoor omschreven. De
                    vaststelling van de rangorde vindt plaats conform het vorenstaande tenzij na
                    overleg tussen het bevoegd gezag van de school en het college, het college
                    anders beslist. <vet>1.4 Terrein</vet> Onder terrein dient te worden verstaan
                    het kadastraal perceel of de kadastrale percelen waarop het schoolgebouw met
                    toebehoren zich bevindt. De terreinoppervlakte is gelijk aan de grootte in de
                    kadastrale registratie van het Kadaster. Indien de kadastrale perceelgrenzen
                    niet overeenkomen met de grenzen van het schoolterrein, dan wordt het met
                    overheidsmiddelen bekostigde deel van de terreinoppervlakte vastgelegd. <vet>1.5
                        Inventaris</vet> Met de inventarisgegevens worden de gegevens bedoeld,
                    waarmee het aantal groepen van de desbetreffende school wordt vastgesteld,
                    waarvoor het onderwijsleerpakket en meubilair aanwezig is. De aanwezigheid van
                    het onderwijsleerpakket en de aanwezigheid van het meubilair worden afzonderlijk
                    vastgelegd. </al><al><vet>a. onderwijsleerpakket</vet> Het aantal groepen waarvoor
                    onderwijsleerpakket aanwezig is, wordt bepaald aan de hand van de volgende twee
                    stappen:</al><lijst><li nr="·"><al>Het aantal groepen waarvoor onderwijsleerpakket aanwezig is, is gelijk
                            aan het aantal groepen waarvoor onderwijsleerpakket noodzakelijk is bij
                            aanvang van het schooljaar 2001/2002. Indien in het verleden, na
                            inwerkingtreding van de WBO, voor meer groepen onderwijsleerpakket is
                            verstrekt, toont het college dit aan door middel van de door het
                            ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap afgegeven beschikkingen,
                            dan wel door middel van de correspondentie tussen burgemeester en
                            wethouders en het desbetreffende schoolbestuur. Van het laatste is
                            sprake indien het college, zonder tussenkomst van het ministerie, zelf
                            heeft voorzien in de eerste aanschaf van onderwijsleerpakket. Indien in
                            het verleden, na inwerkingtreding van de WBO, voor minder groepen
                            onderwijsleerpakket is verstrekt, toont het bevoegd gezag van de school
                            dit aan.</al></li><li nr="·"><al>Het bovenstaand aantal groepen onderwijsleerpakket dient te worden
                            geconverteerd met behulp van onderstaande omrekentabel: </al></li></lijst><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="82*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="18*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Omrekentabel onderwijsleerpakket</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>OUD</al></entry><entry colname="col2"><al>NIEUW</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2</al></entry><entry colname="col2"><al>2</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3</al></entry><entry colname="col2"><al>3</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4</al></entry><entry colname="col2"><al>4</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5</al></entry><entry colname="col2"><al>5</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>6</al></entry><entry colname="col2"><al>6</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>7</al></entry><entry colname="col2"><al>7</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>8</al></entry><entry colname="col2"><al>8</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>9</al></entry><entry colname="col2"><al>10</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>10</al></entry><entry colname="col2"><al>11</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>11</al></entry><entry colname="col2"><al>12</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>12</al></entry><entry colname="col2"><al>13</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>13</al></entry><entry colname="col2"><al>14</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>14</al></entry><entry colname="col2"><al>15</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>15</al></entry><entry colname="col2"><al>16</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>16</al></entry><entry colname="col2"><al>17</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>17</al></entry><entry colname="col2"><al>19</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>18</al></entry><entry colname="col2"><al>20</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>19</al></entry><entry colname="col2"><al>20</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>20</al></entry><entry colname="col2"><al>21</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>21</al></entry><entry colname="col2"><al>23</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>22</al></entry><entry colname="col2"><al>24</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>23</al></entry><entry colname="col2"><al>25</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>24</al></entry><entry colname="col2"><al>26</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>25</al></entry><entry colname="col2"><al>28</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>26</al></entry><entry colname="col2"><al>28</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>27</al></entry><entry colname="col2"><al>30</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>28</al></entry><entry colname="col2"><al>30</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>29</al></entry><entry colname="col2"><al>32</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>30</al></entry><entry colname="col2"><al>33</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><vet>b. meubilair</vet> Het aantal groepen waarvoor meubilair aanwezig is, wordt
                    bepaald aan de hand van de volgende twee stappen:</al><lijst><li nr="·"><al>Het aantal groepen waarvoor meubilair aanwezig is, is gelijk aan het
                            aantal groepen waarvoor meubilair noodzakelijk is bij aanvang van het
                            schooljaar 2001/2002. Indien in het verleden, na inwerkingtreding van de
                            WBO, voor meer groepen meubilair is verstrekt, toont het college dit aan
                            door middel van de door het ministerie van Onderwijs, Cultuur en
                            Wetenschap afgegeven beschikkingen, dan wel door middel van de
                            correspondentie tussen burgemeester en wethouders en het desbetreffende
                            schoolbestuur. Van het laatste is sprake indien het college, zonder
                            tussenkomst van het ministerie, zelf heeft voorzien in de eerste
                            aanschaf van meubilair. Indien in het verleden, na inwerkingtreding van
                            de WBO, voor minder groepen meubilair is verstrekt, toont het bevoegd
                            gezag van de school dit aan.</al></li><li nr="·"><al>Het bovenstaand aantal groepen meubilair dient te worden geconverteerd
                            met behulp van onderstaande omrekentabel: </al></li></lijst><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="77*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="23*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Omrekentabel meubilair</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>OUD</al></entry><entry colname="col2"><al>NIEUW</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2</al></entry><entry colname="col2"><al>2</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3</al></entry><entry colname="col2"><al>3</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4</al></entry><entry colname="col2"><al>4</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5</al></entry><entry colname="col2"><al>5</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>6</al></entry><entry colname="col2"><al>7</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>7</al></entry><entry colname="col2"><al>8</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>8</al></entry><entry colname="col2"><al>9</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>9</al></entry><entry colname="col2"><al>11</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>10</al></entry><entry colname="col2"><al>12</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>11</al></entry><entry colname="col2"><al>13</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>12</al></entry><entry colname="col2"><al>14</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>13</al></entry><entry colname="col2"><al>15</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>14</al></entry><entry colname="col2"><al>17</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>15</al></entry><entry colname="col2"><al>18</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>16</al></entry><entry colname="col2"><al>19</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>17</al></entry><entry colname="col2"><al>20</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>18</al></entry><entry colname="col2"><al>22</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>19</al></entry><entry colname="col2"><al>23</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>20</al></entry><entry colname="col2"><al>24</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>21</al></entry><entry colname="col2"><al>25</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>22</al></entry><entry colname="col2"><al>26</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>23</al></entry><entry colname="col2"><al>27</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>24</al></entry><entry colname="col2"><al>29</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>25</al></entry><entry colname="col2"><al>30</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>26</al></entry><entry colname="col2"><al>31</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>27</al></entry><entry colname="col2"><al>32</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>28</al></entry><entry colname="col2"><al>33</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>29</al></entry><entry colname="col2"><al>34</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>30</al></entry><entry colname="col2"><al>36</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al> De aanwezigheid van het onderwijsleerpakket en de aanwezigheid van het
                    meubilair worden afzonderlijk vastgelegd. </al><al><vet>1.6 Gymnastiekruimten</vet><vet>1.6.1 Gymnastiekruimte</vet> De capaciteit
                    van een gymnastiekruimte voor het basisonderwijs bedraagt 40 klokuren.
                        <vet>1.6.2 Terrein</vet> De terreinoppervlakte is de oppervlakte zoals
                    vastgelegd bij het Kadaster. Slechts de terreinoppervlakte van de vrijstaande
                    gymnastiekruimten gelegen op eigen terrein, los van het terrein van het
                    lesgebouw, wordt geregistreerd. <vet>1.6.3 Inventaris</vet> De inventaris
                    aanwezig op 1 januari 1997 wordt geacht voldoende te zijn. <vet>2 School voor
                        (voortgezet) speciaal onderwijs</vet> De capaciteit van de gebouwen voor een
                    school voor (voortgezet) speciaal onderwijs wordt volgens onderstaande methodiek
                    vastgesteld. Het college kan in overeenstemming met het bevoegd gezag van de
                    school besluiten tot vermindering van de met onderstaande methodiek vastgestelde
                    capaciteit, indien de hierdoor beschikbaar komende ruimten worden ingezet ten
                    behoeve van culturele, maatschappelijke of recreatieve doeleinden. <vet>2.1
                        Hoofdgebouwen met een permanente of tijdelijke bouwaard</vet> De
                    bruto-vloeroppervlakte (verder aan te duiden als BVO) van een gebouw is de BVO
                    zoals bepaald aan de hand van het gestelde in III-1, de 'Meetinstructie voor het
                    vaststellen van de bruto-vloeroppervlakte van de schoolgebouwen in het primair
                    onderwijs'. De capaciteit van een gebouw wordt vastgelegd in het aantal groepen
                    waarvoor een gebouw geschikt is. Dit aantal groepen is het aantal lokalen
                    verminderd met 1.</al><al>In het speciaal onderwijs wordt het aantal lokalen verminderd met 2 indien het
                    gebouw bestaat uit meer dan 13 lokalen en wordt het aantal lokalen verminderd
                    met 3 indien het gebouw bestaat uit meer dan 26 lokalen om het aantal groepen te
                    bepalen waarvoor het gebouw geschikt is. In het voortgezet speciaal onderwijs
                    wordt het aantal lokalen verminderd met 2 indien het gebouw bestaat uit meer dan
                    14 lokalen en wordt het aantal lokalen verminderd met 3 indien het gebouw
                    bestaat uit meer dan 28 lokalen om het aantal groepen te bepalen waarvoor het
                    gebouw geschikt is. </al><al>Indien het een school betreft voor het (voortgezet) speciaal onderwijs wordt de
                    capaciteit van het gebouw berekend door het aantal mogelijk te huisvesten
                    groepen voor het speciaal onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs
                    afzonderlijk te bepalen. Het aantal lokalen in een gebouw betreft het aantal
                    lesruimten, inclusief de vaklokalen, groter dan of gelijk aan 42 m2. De
                    speellokalen worden niet meegeteld. Indien een deel van een gebouw is
                    gerealiseerd met andere dan overheidsmiddelen en hiervoor geen (rijks)vergoeding
                    wordt genoten, wordt dit deel niet tot de capaciteit van het gebouw gerekend.
                    Dit deel wordt wel geregistreerd. Om te kunnen bepalen of een gebouw is
                    overgedimensioneerd dient een relatie te worden gelegd tussen de
                    capaciteitsbepaling van een gebouw op basis van het aantal groepen en normatieve
                    capaciteitsvaststelling. Het aantal groepen, waarvoor een gebouw normatief
                    geschikt is, wordt, op basis van de BVO, vastgesteld met behulp van de
                    oppervlakteformules, voor gebouwen met een permanente bouwaard, van tabel 4
                    'Ruimtenormering (V)SO'. Voor de vaststelling van het aantal groepen, waarvoor
                    een gebouw normatief geschikt is voor gebouwen met een tijdelijke bouwaard
                    worden de tabellen 2 'Gebouwen met een tijdelijke bouwaard, zelfstandige
                    huisvesting' en tabel 3 'Gebouwen met een tijdelijke bouwaard, aanvullende
                    huisvesting' gehanteerd. Tabel 4 Ruimtenormering (V)SO</al><table><tgroup cols="6"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="16*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="16*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="6*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="15*"/><colspec colname="col5" colnum="5" colwidth="21*"/><colspec colname="col6" colnum="6" colwidth="27*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>schoolsoort </al></entry><entry colname="col2"><al>vaste voet m² </al></entry><entry colname="col3"><al>incl.</al></entry><entry colname="col4"><al>m² per groep </al></entry><entry colname="col5"><al>correctie m² VSO </al></entry><entry colname="col6"><al>toeslag m² extra ruimte</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO doven</al></entry><entry colname="col2"><al>775</al></entry><entry colname="col3"><al>7</al></entry><entry colname="col4"><al>75</al></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al>105</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO doven</al></entry><entry colname="col2"><al>800</al></entry><entry colname="col3"><al>7</al></entry><entry colname="col4"><al>84</al></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al>60</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al>628</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry><entry colname="col4"><al>95</al></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al>130</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO visg</al></entry><entry colname="col2"><al>727</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry><entry colname="col4"><al>96</al></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al>116</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO lg</al></entry><entry colname="col2"><al>850</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry><entry colname="col4"><al>134</al></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al>150</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO lz</al></entry><entry colname="col2"><al>638</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry><entry colname="col4"><al>100</al></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al>105</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>585</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry><entry colname="col4"><al>95</al></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al>100</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>585</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry><entry colname="col4"><al>95</al></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al>105</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO pi</al></entry><entry colname="col2"><al>575</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry><entry colname="col4"><al>95</al></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al>92</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO mg</al></entry><entry colname="col2"><al>733</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry><entry colname="col4"><al>110</al></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al>132</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al>563</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry><entry colname="col4"><al>84</al></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al>65</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO visg</al></entry><entry colname="col2"><al>660</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry><entry colname="col4"><al>88</al></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al>45</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO lg</al></entry><entry colname="col2"><al>725</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry><entry colname="col4"><al>110</al></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al>70</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO lz</al></entry><entry colname="col2"><al>575</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry><entry colname="col4"><al>80</al></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al>90</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO mlk</al></entry><entry colname="col2"><al>690</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry><entry colname="col4"><al>104</al></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al>90</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>600</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry><entry colname="col4"><al>93</al></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al>80</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>600</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry><entry colname="col4"><al>80</al></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al>102</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO lom</al></entry><entry colname="col2"><al>638</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry><entry colname="col4"><al>95</al></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al>100</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO pi</al></entry><entry colname="col2"><al>535</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry><entry colname="col4"><al>80</al></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al>75</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO mg</al></entry><entry colname="col2"><al>725</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry><entry colname="col4"><al>113</al></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al>60</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="7"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="16*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="18*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="6*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="17*"/><colspec colname="col5" colnum="5" colwidth="23*"/><colspec colname="col6" colnum="6" colwidth="10*"/><colspec colname="col7" colnum="7" colwidth="9*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>schoolsoort</al></entry><entry colname="col2"><al>vaste voet m²</al></entry><entry colname="col3"><al>incl.</al></entry><entry colname="col4"><al>m² per groep</al></entry><entry colname="col5"><al>correctie m² VSO</al></entry><entry colname="col6"><al>toeslag</al></entry><entry colname="col7"><al>m²</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al>extra</al></entry><entry colname="col7"><al>ruimte</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al>(SO)</al></entry><entry colname="col7"><al>(VSO)</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>sg doven</al></entry><entry colname="col2"><al>775</al></entry><entry colname="col3"><al>6</al></entry><entry colname="col4"><al>77</al></entry><entry colname="col5"><al>7</al></entry><entry colname="col6"><al>105</al></entry><entry colname="col7"><al>60</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>sg sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al>628</al></entry><entry colname="col3"><al>3</al></entry><entry colname="col4"><al>96</al></entry><entry colname="col5"><al>-12</al></entry><entry colname="col6"><al>115</al></entry><entry colname="col7"><al>60</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>sg visg</al></entry><entry colname="col2"><al>727</al></entry><entry colname="col3"><al>3</al></entry><entry colname="col4"><al>96</al></entry><entry colname="col5"><al>-10</al></entry><entry colname="col6"><al>116</al></entry><entry colname="col7"><al>45</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>sg lg</al></entry><entry colname="col2"><al>850</al></entry><entry colname="col3"><al>3</al></entry><entry colname="col4"><al>135</al></entry><entry colname="col5"><al>-27</al></entry><entry colname="col6"><al>135</al></entry><entry colname="col7"><al>70</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>sg lz</al></entry><entry colname="col2"><al>638</al></entry><entry colname="col3"><al>3</al></entry><entry colname="col4"><al>99</al></entry><entry colname="col5"><al>-14</al></entry><entry colname="col6"><al>120</al></entry><entry colname="col7"><al>65</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>sg zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>585</al></entry><entry colname="col3"><al>3</al></entry><entry colname="col4"><al>97</al></entry><entry colname="col5"><al>-2</al></entry><entry colname="col6"><al>100</al></entry><entry colname="col7"><al>80</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>sg zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>585</al></entry><entry colname="col3"><al>3</al></entry><entry colname="col4"><al>105</al></entry><entry colname="col5"><al>-19</al></entry><entry colname="col6"><al>55</al></entry><entry colname="col7"><al>85</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>sg pi</al></entry><entry colname="col2"><al>575</al></entry><entry colname="col3"><al>3</al></entry><entry colname="col4"><al>95</al></entry><entry colname="col5"><al>-12</al></entry><entry colname="col6"><al>92</al></entry><entry colname="col7"><al>60</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>sg mg</al></entry><entry colname="col2"><al>733</al></entry><entry colname="col3"><al>3</al></entry><entry colname="col4"><al>108</al></entry><entry colname="col5"><al>5</al></entry><entry colname="col6"><al>132</al></entry><entry colname="col7"><al>50</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al> De vaste voet aan bruto-vloeroppervlakte is inclusief ruimten voor een bepaald
                    aantal groepen. Dit aantal groepen is in de kolom 'incl.' gegeven. De relatie
                    tussen de vaste voet en de minimum opheffingsnorm voor de scholen is hiermee in
                    stand gebleven. In de bruto-vloeroppervlakte voor SOVSO-scholen is uitgegaan van
                    dezelfde vaste voet als voor de SO-component. Het aantal m2 per groep, alsmede
                    de extra toe te kennen ruimte kan anders zijn dan bij categoriale SO- of
                    VSO-scholen. Tevens wordt op het aantal vierkante meters per groep een correctie
                    toegepast voor het aantal aanwezige VSO-groepen. Een voorbeeld van de berekening
                    van het aantal m2 is in de toelichting opgenomen. De toeslag voor extra ruimte
                    (ER) omvat een aantal extra m2 voor het creëren van een extra lokaal, niet
                    zijnde een speellokaal (hiervoor geldt een aparte toeslag). In het speciaal
                    onderwijs wordt de toeslag ER toegekend bij het vormen van de 12e groep, in het
                    voortgezet speciaal onderwijs bij het vormen van de 13e groep.</al><al> Indien het aantal groepen waarvoor het gebouw normatief geschikt is, zoals
                    vastgesteld op basis van de tabel ruimtenormering (V)SO, groter is dan het
                    aantal groepen, zijnde de capaciteit op basis van het aantal lokalen, wordt de
                    zogenaamde verschiloppervlakte bepaald tussen de werkelijke BVO en de BVO
                    behorend bij het aantal groepen waarvoor het gebouw geschikt is. Deze
                    verschiloppervlakte is het aantal m2 waarmee het gebouw is 'overgedimensioneerd'
                    en wordt als zodanig geregistreerd. De registratie vindt plaats vanwege het
                    mogelijk verwerken van deze 'overdimensionering' van de BVO op het moment dat
                    het gebouw ten behoeve van de vergroting van de capaciteit moet worden
                    uitgebreid. <vet>2.2 Dislocaties of nevenvestigingen, gebouwen met een
                        permanente of een tijdelijke bouwaard.</vet> De capaciteit van een gebouw
                    wordt vastgelegd in het aantal groepen waarvoor het gebouw geschikt is. Dit
                    aantal groepen is gelijk aan het aantal lokalen in het desbetreffende gebouw.
                    Het aantal lokalen betreft het aantal lesruimten, inclusief de vaklokalen,
                    groter dan of gelijk aan 42 m2. De speellokalen worden niet meegeteld. Voor de
                    bepaling van de overdimensionering van een nevenvestiging wordt de normatieve
                    capaciteit van een nevenvestiging bepaald met behulp van tabel 3 'gebouwen met
                    een tijdelijke bouwaard, aanvullende huisvesting' uit hoofdstuk 1 van deze
                    bijlage. N.B.: Voor dislocaties is de 'overdimensionering' niet te bepalen.
                        <vet>2.3 Rangorde hoofdgebouwen en dislocaties</vet> De vaststelling van de
                    rangorde geschiedt om te kunnen bepalen van welk gebouw als eerste het gebruik
                    beëindigd wordt als er sprake is van een daling van het aantal leerlingen. Dit
                    is het gebouw met het hoogste rangordenummer. Indien een voorziening in de
                    huisvesting bestaat uit een hoofdgebouw en een of meerdere dislocaties, wordt de
                    rangorde tussen deze gebouwen vastgesteld. Dit is de rangorde zoals deze is
                    vastgelegd in de gegevensadministratie van het ministerie van Onderwijs, Cultuur
                    en Wetenschap. Indien de rangorde opnieuw moet worden vastgesteld, omdat nieuwe
                    gebouwen moeten worden toegevoegd, wordt de rangorde als volgt vastgesteld. Het
                    hoofdgebouw krijgt nummer 1, vervolgens vindt doornummering plaats voor de
                    dislocaties met een permanente bouwaard te beginnen met de dislocatie met de
                    grootste capaciteit en vervolgens de dislocaties met een tijdelijk bouwaard te
                    beginnen met de dislocatie met de grootste capaciteit. Het hoofdgebouw is het
                    gebouw dat qua oppervlakte, indeling en bouwkundige staat, het meest geschikt is
                    om als het enige gebouw voor de school te dienen. Dit is in de regel het
                    grootste gebouw. De vaststelling van de rangorde vindt plaats conform het
                    vorenstaande tenzij na overleg tussen het bevoegd gezag van de school en het
                    college, het college anders beslist. <vet>2.4 Terrein</vet> Onder terrein dient
                    te worden verstaan het kadastraal perceel of de kadastrale percelen waarop het
                    schoolgebouw met toebehoren zich bevindt. De terreinoppervlakte is gelijk aan de
                    grootte in de kadastrale registratie van het Kadaster. Indien de kadastrale
                    perceelgrenzen niet overeenkomen met de grenzen van het schoolterrein, dan wordt
                    het met overheidsmiddelen bekostigde deel van de terreinoppervlakte vastgelegd.
                        <vet>2.5 Inventaris</vet> De inventarisgegevens betreffen de gegevens ter
                    vaststelling van het aantal groepen van de desbetreffende school waarvoor het
                    onderwijsleerpakket en meubilair aanwezig is. Het aantal groepen waarvoor
                    inventaris aanwezig is, is gelijk aan het aantal groepen waarvoor huisvesting
                    noodzakelijk is bij aanvang van het schooljaar 1996/1997. Indien in het verleden
                    voor meer groepen inventaris is verstrekt, toont het college dit aan door middel
                    van de door het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap afgegeven
                    beschikkingen, dan wel door middel van de correspondentie tussen burgemeester en
                    wethouders en het desbetreffende schoolbestuur. Van het laatste is sprake indien
                    het college, zonder tussenkomst van het ministerie, zelf heeft voorzien in de
                    eerste aanschaf van onderwijsleerpakket en meubilair. Indien in het verleden, na
                    inwerkingtreding van de ISOVSO, voor minder groepen inventaris is verstrekt,
                    toont het bevoegd gezag van de school dit aan. De aanwezigheid van het
                    onderwijsleerpakket en de aanwezigheid van het meubilair worden afzonderlijk
                    vastgelegd. </al><al><vet>2.6 Gymnastiekruimten</vet><vet>2.6.1 Gymnastiekruimte</vet> De capaciteit
                    van een gymnastiekruimte voor het (voortgezet) speciaal onderwijs bedraagt 40
                    klokuren. <vet>2.6.2 Terrein</vet> De terreinoppervlakte is de oppervlakte zoals
                    vastgelegd bij het Kadaster. Slechts de terreinoppervlakte van de vrijstaande
                    gymnastiekruimten gelegen op eigen terrein, los van het terrein van het
                    lesgebouw, wordt geregistreerd. <vet>2.6.3 Inventaris</vet> De inventaris
                    aanwezig op 1 januari 1997 wordt geacht voldoende te zijn. <vet>3 School voor
                        voortgezet onderwijs</vet> De capaciteit van de gebouwen voor een school
                    voor voortgezet onderwijs wordt vastgelegd in gegevens over:</al><lijst><li nr="·"><al>de bruto-vloeroppervlakte van gebouwen;</al></li><li nr="·"><al>het aantal specifieke ruimten;</al></li><li nr="·"><al>het aantal werkplaatsen;</al></li><li nr="·"><al>het aantal gymnastieklokalen.</al></li></lijst><al>Het college kan in overeenstemming met het bevoegd gezag van de school besluiten
                    tot vermindering van de met onderstaande methodiek vastgestelde capaciteit,
                    indien de hierdoor beschikbaar komende ruimten worden ingezet ten behoeve van
                    culturele, maatschappelijke of recreatieve doeleinden. <vet>3.1 Hoofdgebouwen,
                        nevenvestigingen en dislocaties met een permanente of een tijdelijke
                        bouwaard</vet> De bruto-vloeroppervlakte (verder aan te duiden als BVO) van
                    een gebouw is de BVO zoals bepaald aan de hand van het gestelde in III-2 de
                    'Meetinstructie voor het vaststellen van de BVO van de schoolgebouwen in het
                    voortgezet onderwijs'. Naast de bruto-vloeroppervlakte zal het gegeven 'aantal
                    gymnastieklokalen' moeten worden vastgelegd, evenals het gegeven 'aantal
                    specifieke ruimten en werkplaatsen' indien en voorzover deze noodzakelijk zijn
                    in het kader van aanvragen betreffende uitbreiding dan wel medegebruik. Bij het
                    gegeven 'aantal specifieke ruimten en werkplaatsen' moeten de ruimtesoorten
                    worden onderscheiden zoals deze binnen het ruimtebehoeftemodel zijn opgenomen.
                    Indien een deel van een gebouw is gerealiseerd met andere dan overheidsmiddelen,
                    wordt dit deel niet tot de capaciteit van het gebouw gerekend. Dit deel wordt
                    wel geregistreerd. <vet>3.2 Rangorde hoofdgebouwen en dislocaties</vet> De
                    vaststelling van de rangorde geschiedt om te kunnen bepalen van welk gebouw als
                    eerste het gebruik beëindigd wordt als er sprake is van een daling van het
                    aantal leerlingen. Dit is het gebouw met het hoogste rangordenummer. Indien een
                    voorziening in de huisvesting bestaat uit een hoofdgebouw (of nevenvestiging) en
                    een of meer dislocaties, wordt de rangorde tussen deze gebouwen vastgesteld. Dit
                    is de rangorde zoals vastgelegd in de Basisregistratie Huisvesting van het
                    ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. </al><al>Indien de rangorde opnieuw moet worden vastgesteld, doordat nieuwe gebouwen
                    moeten worden toegevoegd, wordt de rangorde als volgt vastgesteld. Het
                    hoofdgebouw krijgt nummer 1, vervolgens vindt doornummering plaats voor de
                    dislocaties met een permanente bouwaard te beginnen met de dislocatie met de
                    grootste capaciteit en vervolgens de dislocaties met een tijdelijke bouwaard te
                    beginnen met de dislocatie met de grootste capaciteit. De vaststelling van de
                    rangorde vindt plaats conform het bovenstaande tenzij na overleg tussen het
                    bevoegd gezag van de school en het college, het college anders beslist. <vet>3.3
                        Terrein</vet> Onder terrein dient te worden verstaan het kadastraal perceel
                    of de kadastrale percelen waarop het schoolgebouw met toebehoren zich bevindt.
                    De terreinoppervlakte is gelijk aan de grootte in de kadastrale registratie van
                    het Kadaster. Indien de kadastrale perceelgrenzen niet overeenkomen met de
                    grenzen van het schoolterrein, dan wordt het met overheidsmiddelen bekostigde
                    deel van de terreinoppervlakte vastgelegd. <vet>3.4 Inventaris</vet> Voor de
                    inventaris is het uitgangspunt dat op 1 januari 1997 alle instellingen voor
                    voortgezet onderwijs zijn voorzien van een inventaris. De bruto vloeroppervlakte
                    algemene ruimten en het aantal specifieke ruimten en werkplaatsen als zodanig
                    zijn de basis voor de vaststelling van de omvang van de aanwezige inventaris.
                        <vet>3.5 Gymnastiekruimten</vet><vet>3.5.1 Gymnastiekruimte</vet> De
                    capaciteit van een gymnastiekruimte voor het voortgezet onderwijs bedraagt 40
                    uur. <vet>3.5.2 Terrein</vet> De terreinoppervlakte is de oppervlakte zoals
                    vastgelegd bij het Kadaster. Slechts de terreinoppervlakte van de vrijstaande
                    gymnastiekruimten gelegen op eigen terrein, los van het terrein van het
                    lesgebouw, wordt geregistreerd. <vet>3.5.3 Inventaris</vet> De inventaris
                    aanwezig op 1 januari 1997 wordt geacht voldoende te zijn. </al><al><vet>DEEL B Wijze van bepalen van de ruimtebehoefte</vet><vet>1 School voor
                        basisonderwijs</vet><vet>1.1 Lesgebouwen</vet><vet>Basisschool</vet> Voor
                    een basisschool is het aantal groepen bepalend voor de huisvestingsbehoefte. Het
                    bepalen van de huisvestingsbehoefte als gevolg van een aanvraag voor opneming op
                    het programma, is afhankelijk van de vraag of een voor blijvend gebruik bestemde
                    voorziening dan wel een voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening wordt
                    toegekend. Ten behoeve van de bepaling van de omvang van een voor blijvend
                    gebruik bestemde voorziening voor een basisschool wordt voor de bepaling van de
                    ruimtebehoefte van de school uitgegaan van de formule onder a. Ten behoeve van
                    de bepaling van de omvang van een voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening
                    voor een basisschool wordt voor de bepaling van de ruimtebehoefte van de school
                    uitgegaan van de formule onder b. </al><al>De formatie die aan basisscholen wordt toegekend is opgebouwd uit de
                    bestanddelen formatie onderbouw (A), formatie bovenbouw (B), kleine
                    scholentoeslag (C) en schoolgewicht (D).</al><lijst><li nr="a."><al>Formule ten behoeve van de bepaling van de omvang van een voor blijvend
                            gebruik bestemde voorziening voor een basisschool: G = (A + B + C) / 179
                            Waarbij:</al><lijst><li nr="o"><al>G= de ruimtebehoefte van de school uitgedrukt in een aantal
                                    groepen. Het verkregen getal G wordt rekenkundig afgerond op een
                                    geheel aantal groepen. </al></li><li nr="o"><al>A= het aantal leerlingen van 4 tot en met 7 jaar dat op 1
                                    oktober voorafgaande aan elk jaar waarop de prognose betrekking
                                    heeft op de school zal zijn ingeschreven, vermenigvuldigd met 9.
                                    Het verkregen getal A wordt niet afgerond. </al></li><li nr="o"><al>B= het aantal leerlingen van 8 jaar en ouder dat op 1 oktober
                                    voorafgaande aan elk jaar waarop de prognose betrekking heeft op
                                    de school zal zijn ingeschreven, vermenigvuldigd met 6,17. Het
                                    verkregen getal B wordt niet afgerond. </al></li><li nr="o"><al>C= 280 minus (het totaal aantal leerlingen dat op 1 oktober
                                    voorafgaande aan elk jaar waarop de prognose betrekking heeft op
                                    de school zal zijn ingeschreven, vermenigvuldigd met 2,06).
                                    Indien de uitkomst van deze berekening negatief is, wordt de
                                    factor C op 0 bepaald. Het verkregen getal C wordt niet
                                    afgerond. </al></li></lijst></li><li nr="b."><al>Formule ten behoeve van de bepaling van de omvang van een voor tijdelijk
                            gebruik bestemde voorziening voor een basisschool: G = (A + B + C + D) /
                            179 + E + 0,5 F Waarbij:</al><lijst><li nr="o"><al>G= de ruimtebehoefte van de school uitgedrukt in een aantal
                                    groepen. Het verkregen getal G wordt rekenkundig afgerond op een
                                    geheel aantal groepen. </al></li><li nr="o"><al>A=</al><lijst><li nr="a."><al>het aantal leerlingen van 4 tot en met 7 jaar dat op de
                                            meest recente teldatum 1 oktober op de school is
                                            ingeschreven, vermenigvuldigd met 9. </al></li><li nr="b."><al>(indien de formatie opnieuw wordt berekend bij een
                                            toename van het aantal leerlingen zoals bedoeld in het
                                            Besluit bekostiging WPO) het aantal leerlingen van 4 tot
                                            en met 7 jaar dat op de datum van de meest recente
                                            telling op de school is ingeschreven, vermenigvuldigd
                                            met 9. </al></li></lijst></li></lijst></li></lijst><al>Het verkregen getal wordt niet afgerond. </al><al>oB =</al><lijst><li nr="a."><al>het aantal leerlingen van 8 jaar en ouder dat op de meest recente
                            teldatum 1 oktober op de school is ingeschreven, vermenigvuldigd met
                            6,17.</al></li><li nr="b."><al>(indien de formatie opnieuw wordt berekend bij een toename van het
                            aantal leerlingen zoals bedoeld in het Besluit bekostiging WPO) het
                            aantal leerlingen van 8 jaar en ouder dat op de datum van de meest
                            recente telling op de school is ingeschreven, vermenigvuldigd met 6,17.
                        </al></li></lijst><al>Het verkregen getal wordt niet afgerond. </al><al>oC =</al><lijst><li nr="a."><al>280 minus (het totaal aantal leerlingen dat op de meest recente teldatum
                            1 oktober op de school is ingeschreven, vermenigvuldigd met 2,06).</al></li><li nr="b."><al>(indien de formatie opnieuw wordt berekend bij een toename van het
                            aantal leerlingen zoals bedoeld in het Besluit bekostiging WPO) 280
                            minus (het totaal aantal leerlingen dat op de datum van de meest recente
                            telling op de school is ingeschreven, vermenigvuldigd met 2,06).</al></li></lijst><al>Indien de uitkomst van deze berekening negatief is, wordt de factor C op 0
                    bepaald. Het verkregen getal wordt niet afgerond. </al><lijst><li nr="o"><al>D =</al><lijst><li nr="a."><al>som van de gewichten (met het gewicht wordt alleen de opslag
                                    bedoeld; het gewicht van een oude 1,25 leerling is in de formule
                                    derhalve 0,25; de som van deze gewichten is het totaal van het
                                    aantal leerlingen maal het gewicht) op basis van het totaal
                                    aantal leerlingen dat op de meest recente teldatum 1 oktober op
                                    de school is ingeschreven, verminderd met 6,0% van het totaal
                                    aantal leerlingen dat op de meest recente teldatum 1 oktober op
                                    de school is ingeschreven. Indien het schoolgewicht D hoger is
                                    dan 80% van het aantal op de meest recente teldatum 1 oktober
                                    ingeschreven leerlingen van de school, wordt het schoolgewicht D
                                    vastgesteld op 80% van het aantal op de meest recente teldatum 1
                                    oktober op de school ingeschreven leerlingen. Het verkregen
                                    getal wordt rekenkundig afgerond op een geheel getal. Dit gehele
                                    getal wordt vervolgens vermenigvuldigd met 3,2.</al></li><li nr="b."><al>(indien de formatie opnieuw wordt berekend bij een toename van
                                    het aantal leerlingen zoals bedoeld in het Besluit bekostiging
                                    WPO) som van de gewichten (met het gewicht wordt alleen de
                                    opslag bedoeld; het gewicht van een oude 1,25 leerling is in de
                                    formule derhalve 0,25; de som van deze gewichten is het totaal
                                    van het aantal leerlingen maal het gewicht) op basis van het
                                    totaal aantal leerlingen dat op de datum van de meest recente
                                    telling op de school is ingeschreven, verminderd met 6,0% van
                                    het totaal aantal leerlingen dat op de datum van de meest
                                    recente telling op de school is ingeschreven. Indien het
                                    schoolgewicht D hoger is dan 80% van het aantal op de meest
                                    recente telling ingeschreven leerlingen van de school, wordt het
                                    schoolgewicht D vastgesteld op 80% van het aantal op de meest
                                    recente telling op de school ingeschreven leerlingen. Het
                                    verkregen getal wordt rekenkundig afgerond op een geheel getal.
                                    Dit gehele getal wordt vervolgens vermenigvuldigd met 3,2.
                                    Indien de uitkomst van deze berekening negatief is, wordt de
                                    factor D op 0 bepaald. Het verkregen getal wordt niet
                                    afgerond.</al></li></lijst></li><li nr="o"><al>E = aanvullende formatie op grond van bijzondere omstandigheden,
                            toegekend op basis van artikel 120, vijfde lid van de Wet op het primair
                            onderwijs.</al></li><li nr="o"><al>F = het aantal formatieplaatsen onderwijsachterstandenbestrijding dat
                            door de gemeente wordt bekostigd vanuit de specifieke uitkering.</al></li></lijst><al><vet>Speciale school voor basisonderwijs</vet> Voor een speciale school voor
                    basisonderwijs is het aantal groepen bepalend voor de omvang van de permanente
                    en voor de omvang van de tijdelijke voorziening. Het aantal groepen wordt
                    bepaald door het aantal leerlingen te delen door de 'N-factor'. De N-factor voor
                    een speciale school voor basisonderwijs is 15. Het verkregen getal wordt alleen
                    naar boven afgerond indien het cijfer achter de komma groter is dan 5. In het
                    andere geval wordt het getal naar beneden afgerond. <vet>1.2
                        Gymnastiekruimten</vet><vet>Basisschool</vet> Voor een basisschool is het
                    aantal groepen bepalend voor het aantal klokuren gymnastiek. Per groep
                    6-12-jarigen wordt uitgegaan van maximaal 1,5 klokuur gymnastiek. Het aantal
                    groepen is afhankelijk van het aantal formatieplaatsen. Ten behoeve van de
                    bepaling van het aantal formatieplaatsen wordt uitgegaan van de formule G = (A +
                    B + C + D) / 179 De componenten G, A, B, C en D zijn identiek aan de componenten
                    zoals opgenomen in de formule voor tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen in
                    bijlage III, deel B, onder 1.1. Voor het bepalen van het aantal groepen 6-12
                    jarigen wordt aangesloten bij het normatieve overzicht 'splitsing aantal groepen
                    leerlingen' zoals weergegeven in tabel 5. Tabel 5 Splitsingstabel aantal groepen
                    leerlingen (G) Deze tabel geeft inzicht in de genormeerde splitsing van het
                    aantal groepen leerlingen (G) in groepen 4- en 5-jarigen en groepen 6- tot en
                    met 12-jarigen ten behoeve van het onderwijs in de lichamelijke oefening. </al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="36*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="31*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="33*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Aantal groepen per school (G)</al></entry><entry colname="col2"><al>Aantal groepen 4/5-jarigen</al></entry><entry colname="col3"><al>Aantal groepen 6/12-jarigen</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2</al></entry><entry colname="col2"><al>1</al></entry><entry colname="col3"><al>1</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3</al></entry><entry colname="col2"><al>1</al></entry><entry colname="col3"><al>2</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4</al></entry><entry colname="col2"><al>2</al></entry><entry colname="col3"><al>2</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5</al></entry><entry colname="col2"><al>2</al></entry><entry colname="col3"><al>3</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>6</al></entry><entry colname="col2"><al>2</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>7</al></entry><entry colname="col2"><al>3</al></entry><entry colname="col3"><al>4</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>8</al></entry><entry colname="col2"><al>3</al></entry><entry colname="col3"><al>5</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>9</al></entry><entry colname="col2"><al>3</al></entry><entry colname="col3"><al>6</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>10</al></entry><entry colname="col2"><al>3</al></entry><entry colname="col3"><al>7</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>11</al></entry><entry colname="col2"><al>4</al></entry><entry colname="col3"><al>7</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>12</al></entry><entry colname="col2"><al>4</al></entry><entry colname="col3"><al>8</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>13</al></entry><entry colname="col2"><al>4</al></entry><entry colname="col3"><al>9</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>14</al></entry><entry colname="col2"><al>5</al></entry><entry colname="col3"><al>9</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>15</al></entry><entry colname="col2"><al>5</al></entry><entry colname="col3"><al>10</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>16</al></entry><entry colname="col2"><al>5</al></entry><entry colname="col3"><al>11</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>17</al></entry><entry colname="col2"><al>6</al></entry><entry colname="col3"><al>11</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>18</al></entry><entry colname="col2"><al>6</al></entry><entry colname="col3"><al>12</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>19</al></entry><entry colname="col2"><al>6</al></entry><entry colname="col3"><al>13</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>20</al></entry><entry colname="col2"><al>6</al></entry><entry colname="col3"><al>14</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>21</al></entry><entry colname="col2"><al>7</al></entry><entry colname="col3"><al>14</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>22</al></entry><entry colname="col2"><al>7</al></entry><entry colname="col3"><al>15</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>23</al></entry><entry colname="col2"><al>7</al></entry><entry colname="col3"><al>16</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>24</al></entry><entry colname="col2"><al>8</al></entry><entry colname="col3"><al>16</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>25</al></entry><entry colname="col2"><al>8</al></entry><entry colname="col3"><al>17</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>26</al></entry><entry colname="col2"><al>8</al></entry><entry colname="col3"><al>18</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>27</al></entry><entry colname="col2"><al>9</al></entry><entry colname="col3"><al>18</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>28</al></entry><entry colname="col2"><al>9</al></entry><entry colname="col3"><al>19</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>29</al></entry><entry colname="col2"><al>9</al></entry><entry colname="col3"><al>20</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>30</al></entry><entry colname="col2"><al>9</al></entry><entry colname="col3"><al>21</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>31</al></entry><entry colname="col2"><al>10</al></entry><entry colname="col3"><al>21</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>32</al></entry><entry colname="col2"><al>10</al></entry><entry colname="col3"><al>22</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>33</al></entry><entry colname="col2"><al>10</al></entry><entry colname="col3"><al>23</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>34</al></entry><entry colname="col2"><al>11</al></entry><entry colname="col3"><al>23</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>35</al></entry><entry colname="col2"><al>11</al></entry><entry colname="col3"><al>24</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>36</al></entry><entry colname="col2"><al>11</al></entry><entry colname="col3"><al>25</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>37</al></entry><entry colname="col2"><al>11</al></entry><entry colname="col3"><al>26</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>38</al></entry><entry colname="col2"><al>12</al></entry><entry colname="col3"><al>26</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>39</al></entry><entry colname="col2"><al>12</al></entry><entry colname="col3"><al>27</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>40</al></entry><entry colname="col2"><al>12</al></entry><entry colname="col3"><al>28</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>41</al></entry><entry colname="col2"><al>13</al></entry><entry colname="col3"><al>28</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>42</al></entry><entry colname="col2"><al>13</al></entry><entry colname="col3"><al>29</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>43</al></entry><entry colname="col2"><al>13</al></entry><entry colname="col3"><al>30</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>44</al></entry><entry colname="col2"><al>14</al></entry><entry colname="col3"><al>30</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>45</al></entry><entry colname="col2"><al>14</al></entry><entry colname="col3"><al>31</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>46</al></entry><entry colname="col2"><al>14</al></entry><entry colname="col3"><al>32</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>47</al></entry><entry colname="col2"><al>14</al></entry><entry colname="col3"><al>33</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>48</al></entry><entry colname="col2"><al>15</al></entry><entry colname="col3"><al>33</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>49</al></entry><entry colname="col2"><al>15</al></entry><entry colname="col3"><al>34</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>50</al></entry><entry colname="col2"><al>15</al></entry><entry colname="col3"><al>35</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Voor de vaststelling van de structurele noodzaak van een nieuwe accommodatie
                    voor een basisschool, wordt het aantal groepen bepaald door het aantal
                    leerlingen dat op 1 oktober voorafgaand aan elk jaar waarop de prognose, als
                    bedoeld in bijlage II, betrekking heeft op de school zal zijn ingeschreven.
                        <vet>Speciale school voor basisonderwijs</vet> Voor een speciale school voor
                    basisonderwijs is het aantal groepen bepalend voor het aantal klokuren
                    gymnastiek. Per groep met leerlingen jonger dan 6 jaar wordt uitgegaan van
                    maximaal 3,75 klokuur gymnastiek indien de school niet de beschikking heeft over
                    een speellokaal. Per groep met leerlingen van 6 jaar en ouder wordt uitgegaan
                    van maximaal 2,25 klokuur gymnastiek. Het aantal groepen wordt bepaald door het
                    aantal leerlingen te delen door de 'N-factor'. De 'N-factor' is bepalend voor de
                    groepsgrootte. De N-factor voor een speciale school voor basisonderwijs is 15.
                    Het verkregen getal wordt alleen naar boven afgerond indien het cijfer achter de
                    komma groter is dan 5. In het andere geval wordt het getal naar beneden
                    afgerond. Voor de vaststelling van de structurele noodzaak van een nieuwe
                    accommodatie voor een speciale school voor basisonderwijs, wordt het aantal
                    groepen bepaald aan de hand van de prognose als bedoeld in bijlage II. <vet>1.3
                        Bepaling aantal groepen ten behoeve van (uitbreiding van) eerste aanschaf
                        onderwijsleerpakket en meubilair.</vet><vet>Basisschool</vet> De inrichting
                    van een basisschool bestaat uit de volgende componenten:</al><lijst><li nr="a."><al>onderwijsleerpakket</al></li><li nr="b."><al>meubilair</al></li><li nr="a."><al>onderwijsleerpakket Ten behoeve van de bepaling van de omvang van de
                            voor blijvend gebruik bestemde voorziening, dan wel de voor tijdelijk
                            gebruik bestemde voorziening eerste aanschaf van het
                            onderwijsleerpakket, dan wel uitbreiding van de eerste aanschaf van het
                            onderwijsleerpakket, wordt voor de bepaling van het aantal groepen
                            uitgegaan van de onderstaande formule: G = (A + B + C + D) / 179 + E De
                            componenten G, A, B, C, D en E zijn identiek aan de componenten zoals
                            opgenomen in de formule voor tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen in
                            bijlage III, deel B, onder 1.1.</al></li><li nr="b."><al>meubilair Ten behoeve van de bepaling van de omvang van de voor blijvend
                            gebruik bestemde voorziening, dan wel de voor tijdelijk gebruik bestemde
                            voorziening eerste aanschaf van het meubilair, dan wel uitbreiding van
                            de eerste aanschaf van het meubilair, wordt voor de bepaling van het
                            aantal groepen uitgegaan van de onderstaande formule: G = (A + B + C) /
                            179 De componenten G, A, B en C zijn identiek aan de componenten zoals
                            opgenomen in de formule voor permanent gebruik bestemde voorzieningen in
                            bijlage III, deel B, onder 1.1.</al></li></lijst><al><vet>Speciale school voor basisonderwijs</vet> Het aantal groepen
                    onderwijsleerpakket en meubilair wordt bepaald door het aantal leerlingen te
                    delen door de 'N-factor'. De N-factor is bepalend voor de groepsgrootte. De
                    N-factor voor een speciale school voor basisonderwijs is 15. Het verkregen getal
                    wordt alleen naar boven afgerond indien het cijfer achter de komma groter is dan
                    5. In het andere geval wordt het getal naar beneden afgerond. </al><al><vet>2 School voor (voortgezet) speciaal onderwijs</vet><vet>2.1
                        Lesgebouwen</vet> Voor een school of nevenvestiging voor (voortgezet)
                    speciaal onderwijs is het aantal groepen bepalend voor de omvang van de
                    permanente en voor de omvang van de tijdelijke voorziening. Het aantal groepen
                    wordt bepaald door het aantal leerlingen te delen door de 'N-factor'. De
                    N-factor bepaalt de maximale groepsgrootte. In onderstaande tabel 6, 'N-factor',
                    is de groepsgrootte per onderwijssoort en per schooltype weergegeven (artikel 14
                    Formatiebesluit WEC). Het getal wordt alleen naar boven afgerond indien het
                    cijfer achter de komma groter is dan 5. In het andere geval wordt het getal naar
                    beneden afgerond.</al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="49*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="42*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="9*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Tabel 6 N-factor</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Onderwijssoort</al></entry><entry colname="col2"><al>N-factor SO</al></entry><entry colname="col3"><al>N-factor VSO</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Dove kinderen (DO)</al></entry><entry colname="col2"><al>6</al></entry><entry colname="col3"><al>6</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Slechthorende kinderen (SH)</al></entry><entry colname="col2"><al>12</al></entry><entry colname="col3"><al>7</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Kinderen met ernstige spraakmoeilijkheden die niet tevens
                                        behoren tot dove of slechthorende kinderen (ES)</al></entry><entry colname="col2"><al>12</al></entry><entry colname="col3"><al>7</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Visueel gehandicapten (VISG)</al></entry><entry colname="col2"><al>12</al></entry><entry colname="col3"><al>7</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Lichamelijk gehandicapte kinderen (LG)</al></entry><entry colname="col2"><al>12</al></entry><entry colname="col3"><al>7</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Langdurig zieke kinderen (LZ)</al></entry><entry colname="col2"><al>13</al></entry><entry colname="col3"><al>7</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Zeer moeilijk lerende kinderen (ZMLK)</al></entry><entry colname="col2"><al>12</al></entry><entry colname="col3"><al>12</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Zeer moeilijk opvoedbare kinderen (ZMOK)</al></entry><entry colname="col2"><al>12</al></entry><entry colname="col3"><al>7</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Kinderen in scholen verbonden aan pedologische instituten
                                        (PI)</al></entry><entry colname="col2"><al>10</al></entry><entry colname="col3"><al>7</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>7*</al></entry><entry colname="col2"><al>7** tenzij bij beschikking van de minister van Onderwijs,
                                        Cultuur en Wetenschap anders is vastgesteld. </al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row></tbody></tgroup></table><al>De bepaling van het aantal groepen van een SOVSO-school of een SO-school waaraan
                    een of meer afdelingen zijn verbonden, vindt voor de verschillende schooltypen
                    afzonderlijk plaats, waarna de afzonderlijk vastgestelde ruimtebehoeften worden
                    gesommeerd. </al><al>De hierboven genoemde N factor is ook van toepassing voor het berekenen van het
                    aantal groepen voor het kind-in-groepmodel, het groep-in-schoolmodel en het
                    groep-gekoppeld-aan-schoolmodel. De door de Stichting Gewoon Anders geplaatste
                    leerlingen worden ondergebracht in één van de hierboven genoemde
                    onderwijssoorten, waarbij aangesloten moet worden bij de in het afgesloten
                    convenant genoemde onderwijssoorten. </al><al><vet>2.2 Gymnastiekruimten</vet> Het aantal groepen is bepalend voor het aantal
                    klokuren gymnastiek. Per groep met leerlingen jonger dan 6 jaar wordt, indien de
                    school of nevenvestiging niet de beschikking heeft over een speellokaal,
                    maximaal 3,75 klokuur gymnastiek vergoed. Per groep met leerlingen van 6 jaar en
                    ouder wordt maximaal 2,25 klokuur gymnastiek vergoed. Het aantal groepen is
                    afhankelijk van het aantal leerlingen. Het aantal groepen wordt bepaald door het
                    aantal leerlingen te delen door de 'N-factor'. De 'N-factor' is bepalend voor de
                    groepsgrootte. In tabel 6 is de 'N-factor' weergegeven. Het verkregen getal
                    wordt alleen naar boven afgerond indien het cijfer achter de komma hoger is dan
                    5. In het andere geval wordt het getal naar beneden afgerond. Voor de
                    vaststelling van de structurele noodzaak van een nieuwe accommodatie wordt het
                    aantal groepen bepaald aan de hand van de prognose als bedoeld in bijlage II. De
                    bepaling van het aantal groepen van een SOVSO-school of een SO-school waaraan
                    een of meer afdelingen zijn verbonden, vindt voor de verschillende schooltypen
                    afzonderlijk plaats. <vet>3 School voor voortgezet onderwijs</vet><vet>3.1
                        Lesgebouwen</vet> Voor een school voor voortgezet onderwijs wordt met behulp
                    van het ruimtebehoeftemodel (RBM) de ruimtebehoefte bepaald. Het totale
                    ruimtebeslag van een instelling voor voortgezet onderwijs is een optelling van
                    twee componenten, te weten: </al><lijst><li nr="1."><al>een leerlinggebonden component;</al></li><li nr="2."><al>een vaste voet.</al></li></lijst><al><vet>ad 1 Een leerlinggebonden component</vet> Deze wordt bepaald door aan de
                    hand van in tabel 7.1.a Berekening van de leerlingafhankelijke ruimtebehoefte
                    voortgezet onderwijs, opgenomen bruto-vloeroppervlakten per leerling te
                    vermenigvuldigen met het aantal leerlingen. De leerlinggebonden component is
                    afhankelijk van de soort onderwijs, leerweg of sector die de leerling volgt.
                        <vet>ad 2 Een vaste voet</vet> De vaste voet wordt bepaald aan de hand van
                    in tabel 7.1.b Berekening van de vaste voet per instelling ten behoeve van de
                    ruimtebehoefte voortgezet onderwijs, opgenomen bruto- vloeroppervlakten per
                    instelling of sector. De vaste voet is afhankelijk van de aard van de vestiging
                    en van het onderwijsaanbod binnen de beroepsgerichte leerweg. Vermenigvuldiging
                    van het aantal leerlingen per onderwijssoort met de bijbehorende
                    normoppervlakten en verhoging met de vaste voet per instelling en, indien van
                    toepassing, een vaste voet per sector geeft, uitgedrukt in bruto vierkante
                    meters, de totale ruimtebehoefte van de instelling. Het RBM voorziet in een
                    normering voor praktijkonderwijs. Het RBM voorziet niet in een afzonderlijke
                    normering voor een orthopedagogisch didactisch centrum (OPDC). Het OPDC levert
                    diensten ter ondersteuning van leerlingen op de scholen die het
                    samenwerkingsverband zijn aangegaan. De leerlingen die gebruikmaken van de
                    diensten van het OPDC zijn derhalve in alle gevallen ingeschreven bij reguliere
                    scholen voor voortgezet onderwijs. Voor een onderbouwing van de in tabel 7.1.a
                    en 7.1.b opgenomen bruto-normoppervlakten wordt verwezen naar de toelichting van
                    deze bijlage. Indien noodzakelijk voor het bepalen van de omvang van de
                    toekenning, kan op basis van deze onderbouwing de leegstand in onderwijsruimten
                    binnen een gebouw voor voortgezet onderwijs worden bepaald. Tabel 7.1.a
                    Berekening van de leerlingafhankelijke ruimtebehoefte voortgezet onderwijs</al><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="49*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="13*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="18*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="20*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Onderwijssoort</al></entry><entry colname="col2"><al>Leerweg </al></entry><entry colname="col3"><al>Ruimtetype </al></entry><entry colname="col4"><al>BVO/leerling</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Onderbouw (leerjaar 1 en 2) </al></entry><entry colname="col2"><al>-</al></entry><entry colname="col3"><al>Algemeen </al></entry><entry colname="col4"><al>6,18</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Bovenbouw AVO/VWO</al></entry><entry colname="col2"><al>-</al></entry><entry colname="col3"><al>Algemeen </al></entry><entry colname="col4"><al>5,85</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Bovenbouw theoretische leerweg </al></entry><entry colname="col2"><al>TLW </al></entry><entry colname="col3"><al>Algemeen</al></entry><entry colname="col4"><al>6,41</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-</al></entry><entry colname="col2"><al>LWOO </al></entry><entry colname="col3"><al>Algemeen </al></entry><entry colname="col4"><al>7,07</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Bovenbouw techniek </al></entry><entry colname="col2"><al>GLW </al></entry><entry colname="col3"><al>Algemeen </al></entry><entry colname="col4"><al>5,98</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-</al></entry><entry colname="col2"><al>-</al></entry><entry colname="col3"><al>Specifiek </al></entry><entry colname="col4"><al>5,47</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-</al></entry><entry colname="col2"><al>BLW</al></entry><entry colname="col3"><al>Algemeen</al></entry><entry colname="col4"><al>4,69</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-</al></entry><entry colname="col2"><al>-</al></entry><entry colname="col3"><al>Specifiek</al></entry><entry colname="col4"><al>8,99</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-</al></entry><entry colname="col2"><al>LWOO </al></entry><entry colname="col3"><al>Algemeen </al></entry><entry colname="col4"><al>4,44</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-</al></entry><entry colname="col2"><al>-</al></entry><entry colname="col3"><al>Specifiek </al></entry><entry colname="col4"><al>12,72</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Bovenbouw economie </al></entry><entry colname="col2"><al>GLW </al></entry><entry colname="col3"><al>Algemeen </al></entry><entry colname="col4"><al>5,95</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-</al></entry><entry colname="col2"><al>-</al></entry><entry colname="col3"><al>Specifiek </al></entry><entry colname="col4"><al>0,89</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-</al></entry><entry colname="col2"><al>BLW</al></entry><entry colname="col3"><al>Algemeen </al></entry><entry colname="col4"><al>5,56</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-</al></entry><entry colname="col2"><al>-</al></entry><entry colname="col3"><al>Specifiek</al></entry><entry colname="col4"><al>2,25</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-</al></entry><entry colname="col2"><al>LWOO </al></entry><entry colname="col3"><al>Algemeen </al></entry><entry colname="col4"><al>5,85</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>Specifiek </al></entry><entry colname="col4"><al>3,06</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Bovenbouw zorg/welzijn </al></entry><entry colname="col2"><al>GLW </al></entry><entry colname="col3"><al>Algemeen </al></entry><entry colname="col4"><al>5,33</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>Specifiek </al></entry><entry colname="col4"><al>2,10</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>BLW</al></entry><entry colname="col3"><al>Algemeen</al></entry><entry colname="col4"><al>4,71</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>Specifiek </al></entry><entry colname="col4"><al>4,22</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>LWOO </al></entry><entry colname="col3"><al>Algemeen </al></entry><entry colname="col4"><al>4,85</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>Specifiek</al></entry><entry colname="col4"><al>5,53</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Bovenbouw landbouw </al></entry><entry colname="col2"><al>GLW </al></entry><entry colname="col3"><al>Algemeen</al></entry><entry colname="col4"><al>5,94</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>Specifiek </al></entry><entry colname="col4"><al>0,78</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>BLW </al></entry><entry colname="col3"><al>Algemeen </al></entry><entry colname="col4"><al>5,37</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>Specifiek </al></entry><entry colname="col4"><al>2,34</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>LWOO </al></entry><entry colname="col3"><al>Algemeen </al></entry><entry colname="col4"><al>5,03</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>Specifiek </al></entry><entry colname="col4"><al>4,69</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Praktijkonderwijs </al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>Algemeen</al></entry><entry colname="col4"><al>4,41</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>Specifiek </al></entry><entry colname="col4"><al>7,72</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Legenda TLW = theoretische leerweg LWOO= leerwegondersteunend onderwijs GLW =
                    gemengde leerweg BLW = beroepsgerichte leerweg (basis- of kader-) Tabel 7.1.b
                    Berekening van de vaste voet per instelling ten behoeve van de ruimtebehoefte
                    voortgezet onderwijs</al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="65*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="18*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="17*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Onderwijssoort</al></entry><entry colname="col2"><al>Ruimtetype</al></entry><entry colname="col3"><al>Vaste voet</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Hoofdvestiging</al></entry><entry colname="col2"><al>Algemeen</al></entry><entry colname="col3"><al>980</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Nevenvestiging met spreidingsnoodzaak</al></entry><entry colname="col2"><al>Algemeen</al></entry><entry colname="col3"><al>550</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Nevenvestiging zonder spreidingsnoodzaak</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>0</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VMBO-techniek BLW</al></entry><entry colname="col2"><al>Specifiek</al></entry><entry colname="col3"><al>299</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VMBO-economie BLW</al></entry><entry colname="col2"><al>Specifiek</al></entry><entry colname="col3"><al>196</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VMBO-zorg/welzijn BLW</al></entry><entry colname="col2"><al>Specifiek</al></entry><entry colname="col3"><al>168</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VMBO-landbouw BLW</al></entry><entry colname="col2"><al>Specifiek</al></entry><entry colname="col3"><al>117</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Praktijkonderwijs</al></entry><entry colname="col2"><al>Algemeen</al></entry><entry colname="col3"><al>306</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Legenda BLW = beroepsgerichte leerweg (basis- of kader-) De vaste voet per
                    instelling is 980 m2 bruto-vloeroppervlakte (BVO) welke wordt toegekend aan de
                    hoofdvestiging van de instelling. Voor een nevenvestiging die op grond van een
                    ministeriële beschikking in aanmerking komt voor aanvullende bekostiging in
                    verband met spreidingsnoodzaak, geldt een aanvullende vaste voet van 550 m2 BVO.
                    Indien van toepassing worden vaste voeten behorende bij die sectoren waar de
                    beroepsgerichte leerweg wordt aangeboden toegekend op de vestiging waar de
                    beroepsgerichte leerweg(en) wordt aangeboden. Tevens geldt een vaste voet voor
                    die vestiging waar een afdeling voor praktijkonderwijs aanwezig is. <vet>3.2
                        Gymnastiekruimten</vet> De in onderstaande tabel 7.2 'Berekening van de
                    ruimtebehoefte gymnastiekaccommodatie voortgezet onderwijs' vermelde bruto
                    vloeroppervlakten vormen de grondslag voor de bepaling van de omvang van de
                    voorzieningen in de huisvesting ten behoeve van gymnastiekonderwijs. Tabel 7.2
                    Berekening van de ruimtebehoefte gymnastiekaccommodatie voortgezet
                    onderwijs</al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="59*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="16*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="24*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Onderwijssoort</al></entry><entry colname="col2"><al>Leerweg</al></entry><entry colname="col3"><al>BVO/leerling</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Onderbouw (leerjaar 1 en 2)</al></entry><entry colname="col2"><al>-</al></entry><entry colname="col3"><al>1,66</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Bovenbouw AVO/VWO</al></entry><entry colname="col2"><al>-</al></entry><entry colname="col3"><al>0,78</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Bovenbouw theoretische leerweg </al></entry><entry colname="col2"><al>TLW</al></entry><entry colname="col3"><al>1,11</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-</al></entry><entry colname="col2"><al>LWOO</al></entry><entry colname="col3"><al>1,26</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Bovenbouw techniek</al></entry><entry colname="col2"><al>GLW</al></entry><entry colname="col3"><al>1,11</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>- </al></entry><entry colname="col2"><al>BLW</al></entry><entry colname="col3"><al>1,38</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-</al></entry><entry colname="col2"><al>LWOO</al></entry><entry colname="col3"><al>1,57</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Bovenbouw economie</al></entry><entry colname="col2"><al>GLW</al></entry><entry colname="col3"><al>1,11</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-</al></entry><entry colname="col2"><al>BLW</al></entry><entry colname="col3"><al>1,38</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-</al></entry><entry colname="col2"><al>LWOO</al></entry><entry colname="col3"><al>1,57</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Bovenbouw zorg/welzijn</al></entry><entry colname="col2"><al>GLW</al></entry><entry colname="col3"><al>1,11</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-</al></entry><entry colname="col2"><al>BLW</al></entry><entry colname="col3"><al>1,38</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-</al></entry><entry colname="col2"><al>LWOO</al></entry><entry colname="col3"><al>1,57</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Bovenbouw landbouw</al></entry><entry colname="col2"><al>GLW</al></entry><entry colname="col3"><al>1,11</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-</al></entry><entry colname="col2"><al>BLW</al></entry><entry colname="col3"><al>1,38</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-</al></entry><entry colname="col2"><al>LWOO</al></entry><entry colname="col3"><al>1,57</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Praktijkonderwijs</al></entry><entry colname="col2"><al>-</al></entry><entry colname="col3"><al>1,99</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Legenda TLW = theoretische leerweg LWOO = leerwegondersteunend onderwijs GLW =
                    gemengde leerweg BLW = beroepsgerichte leerweg (basis- of kader-) </al><al><vet>DEEL C De bepaling van de omvang van de toekenning</vet> De bepaling van de
                    omvang van een inhoudelijk goedgekeurde voorziening is noodzakelijk om op basis
                    van bijlage IV, de financiële normering, de financiële consequenties vast te
                    stellen. <vet>1 School voor basisonderwijs</vet><vet>1.1 Voor blijvend gebruik
                        bestemde voorzieningen</vet> De omvang van de goedgekeurde voor blijvend
                    gebruik bestemde voorziening, nieuwbouw, dan wel vervangende nieuwbouw, wordt
                    bepaald aan de hand van het aantal groepen waarvoor huisvesting ten minste
                    vijftien jaar noodzakelijk is. Het aantal groepen wordt bepaald zoals beschreven
                    in deel B van deze bijlage: 'Wijze van bepalen van de ruimtehoefte'. </al><al>De omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening
                    uitbreiding, dan wel uitbreiding ter vervanging van een bestaand gebouw, wordt
                    bepaald door het verschil tussen het aantal groepen waarvoor huisvesting ten
                    minste vijftien jaar noodzakelijk is en het aantal groepen waarvoor huisvesting
                    aanwezig is. Het verschil is minimaal 1 groep. Het aantal groepen wordt bepaald
                    zoals beschreven in deel B van deze bijlage: 'Wijze van bepalen van de
                    ruimtehoefte'. Indien in de gegevensadministratie van de gemeente een zogenaamde
                    verschiloppervlakte is opgenomen, zijnde het verschil tussen het werkelijk
                    aanwezige aantal m2 en het aantal m2 behorende bij de geregistreerde capaciteit
                    van het uit te breiden gebouw, wordt bezien in hoeverre de noodzakelijke
                    uitbreiding van de capaciteit van het gebouw kan worden gerealiseerd door
                    aanpassing of door aanpassing in combinatie met uitbreiding van het bestaande
                    gebouw. Het betreft de verschiloppervlakte zoals omschreven in deel A van deze
                    bijlage: 'De bepaling van de capaciteit'. Uitbreiding van het gebouw vindt
                    plaats indien de kosten van aanpassing van het gebouw, dan wel aanpassing en
                    uitbreiding van het gebouw, hoger zijn dan de kosten van uitbreiding sec van het
                    gebouw. Een toeslag voor een afzonderlijk speellokaal wordt toegekend indien de
                    omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorzieningen
                    nieuwbouw, vervangende nieuwbouw, uitbreiding dan wel uitbreiding ter vervanging
                    van een bestaand gebouw, de vijfde groep omvat. Indien de voorziening in de
                    huisvesting een uitbreiding dan wel een uitbreiding ter vervanging van een
                    bestaand gebouw betreft, geldt tevens als voorwaarde dat het bestaande gebouw
                    geen speellokaal bevat. Een tweede toeslag voor een afzonderlijk speellokaal
                    wordt toegekend indien de omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik
                    bestemde voorzieningen nieuwbouw dan wel vervangende nieuwbouw de veertiende
                    groep omvat. De omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde
                    voorziening ingebruikneming wordt bepaald door de omvang van het gebouw of
                    gebouwgedeelte dat noodzakelijk is voor het aantal groepen waarvoor huisvesting
                    ten minste vijftien jaar noodzakelijk is. Het aantal groepen wordt bepaald zoals
                    beschreven in deel B van deze bijlage: 'Wijze van bepalen van de ruimtehoefte'.
                    De omvang van de goedgekeurde voor permanent gebruik bestemde voorziening in de
                    huisvesting medegebruik wordt bepaald door het verschil tussen het aantal
                    groepen waarvoor huisvesting noodzakelijk is en het aantal groepen waarvoor
                    huisvesting aanwezig is. <vet>1.2 Voor tijdelijk gebruik bestemde
                        voorzieningen</vet> De omvang van de goedgekeurde voor tijdelijk gebruik
                    bestemde voorziening nieuwbouw, dan wel vervangende nieuwbouw, wordt bepaald
                    door het aantal groepen waarvoor huisvesting noodzakelijk is ten minste vier
                    jaar en korter dan vijftien jaar. Het aantal groepen wordt bepaald zoals
                    beschreven in deel B van deze bijlage: 'Wijze van bepalen van de ruimtehoefte'.
                    De omvang van de goedgekeurde voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening,
                    uitbreiding, dan wel uitbreiding ter vervanging van een bestaand gebouw, wordt
                    bepaald door het verschil tussen het aantal groepen waarvoor huisvesting ten
                    minste vier jaar en korter dan vijftien jaar noodzakelijk is en het aantal
                    groepen waarvoor huisvesting aanwezig is. Het verschil is minimaal 1 groep. Het
                    aantal groepen wordt bepaald zoals beschreven in deel B van deze bijlage: 'Wijze
                    van bepalen van de ruimtehoefte'. Een tijdelijke voorziening voor één groep
                    extra ten behoeve van een speellokaal wordt toegekend indien de omvang van de
                    goedgekeurde voor tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen nieuwbouw,
                    vervangende nieuwbouw, uitbreiding dan wel uitbreiding ter vervanging van een
                    bestaand gebouw, de vijfde groep omvat. Indien de voorziening in de huisvesting
                    een uitbreiding dan wel een uitbreiding ter vervanging van een bestaand gebouw
                    betreft, geldt tevens als voorwaarde dat het bestaande gebouw geen speellokaal
                    bevat. Een tweede tijdelijke voorziening voor één groep extra ten behoeve van
                    een speellokaal wordt toegekend indien de omvang van de goedgekeurde voor
                    tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen nieuwbouw dan wel vervangende nieuwbouw
                    de veertiende groep omvat. Indien in de gegevensadministratie van de gemeente
                    een zogenaamde verschiloppervlakte is opgenomen, zijnde het verschil tussen het
                    werkelijk aanwezige aantal m2 en het aantal m2 behorende bij de geregistreerde
                    capaciteit van het uit te breiden gebouw, wordt bezien in hoeverre de
                    noodzakelijke uitbreiding van de capaciteit van het gebouw kan worden
                    gerealiseerd door aanpassing van het bestaande gebouw. Het betreft de
                    verschiloppervlakte zoals omschreven in deel A van deze bijlage: 'De bepaling
                    van de capaciteit'. Uitbreiding van het gebouw vindt plaats indien de kosten van
                    aanpassing van het gebouw, hoger zijn dan de kosten van uitbreiding sec van het
                    gebouw. De omvang van de goedgekeurde voor tijdelijk gebruik bestemde
                    voorziening ingebruikneming wordt bepaald door de omvang van het gebouw of
                    gebouwgedeelte dat noodzakelijk is voor het aantal groepen waarvoor huisvesting
                    ten minste vier jaar en korter dan vijftien jaar noodzakelijk is. Het aantal
                    groepen wordt bepaald zoals beschreven in deel B van deze bijlage: 'Wijze van
                    bepalen van de ruimtehoefte'. De omvang van de goedgekeurde voor tijdelijk
                    gebruik bestemde voorziening in de huisvesting medegebruik wordt bepaald door
                    het verschil tussen het aantal groepen waarvoor huisvesting, ten minste vier
                    jaar en korter dan vijftien jaar, noodzakelijk is en het aantal groepen waarvoor
                    huisvesting aanwezig is. De omvang van de voor tijdelijk gebruik bestemde
                    voorziening verplaatsing van noodlokalen wordt bepaald door het aantal groepen
                    waarvoor huisvesting noodzakelijk is ten minste vier jaar en korter dan vijftien
                    jaar. Het aantal groepen wordt bepaald zoals beschreven in deel B van deze
                    bijlage: 'Wijze van bepalen van de ruimtehoefte'. <vet>1.3 Overige voor blijvend
                        gebruik dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen</vet> De
                    omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening, dan wel
                    voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening terrein, dan wel uitbreiding van het
                    terrein, wordt bepaald door de minimaal noodzakelijke terreinoppervlakte om het
                    schoolgebouw te realiseren met inachtneming van de bij of krachtens de wet
                    gestelde eisen ten aanzien van de terreinoppervlakte en het gestelde in bijlage
                    III, deel D. Voor een basisschool wordt de omvang van de goedgekeurde voor
                    blijvend gebruik bestemde voorziening, dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde
                    voorziening eerste aanschaf van het onderwijsleerpakket, dan wel uitbreiding van
                    de eerste aanschaf van het onderwijsleerpakket, wordt bepaald door het verschil
                    tussen het aantal groepen waarvoor reeds eerste aanschaf van het
                    onderwijsleerpakket is bekostigd en de normatief noodzakelijke eerste aanschaf
                    van het onderwijsleerpakket voor het aantal groepen, op basis van het aantal
                    gewogen leerlingen, zoals normatief kan worden gevormd op de meest recente
                    teldatum. Het aantal groepen wordt bepaald zoals beschreven in paragraaf 1.3 van
                    deel B van deze bijlage. Voor een basisschool wordt de omvang van de
                    goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening, dan wel voor tijdelijk
                    gebruik bestemde voorziening eerste aanschaf van het meubilair, dan wel
                    uitbreiding van de eerste aanschaf van het meubilair, wordt bepaald door het
                    verschil tussen het aantal groepen waarvoor eerste aanschaf van het meubilair is
                    bekostigd en de normatief noodzakelijke eerste aanschaf van het meubilair voor
                    het aantal groepen, op basis van het aantal ongewogen leerlingen, zoals
                    normatief kan worden gevormd op de meest recente teldatum. Het aantal groepen
                    wordt bepaald zoals beschreven in paragraaf 1.3 van deel B van deze bijlage.
                    Voor een basisschool wordt een toeslag onderwijsleerpakket tweede speellokaal
                    toegekend indien er sprake is van een uitbreiding met een tweede speellokaal.
                    Voor een basisschool wordt een toeslag meubilair tweede speellokaal toegekend
                    indien er sprake is van een uitbreiding met een tweede speellokaal. Voor een
                    speciale school voor basisonderwijs wordt de omvang van de goedgekeurde voor
                    blijvend gebruik bestemde voorziening, dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde
                    voorziening, eerste aanschaf van het onderwijsleerpakket en meubilair, dan wel
                    uitbreiding van de eerste aanschaf van het onderwijsleerpakket en meubilair,
                    wordt bepaald door het verschil tussen het aantal groepen waarvoor reeds eerste
                    aanschaf van het onderwijsleerpakket en meubilair is bekostigd en de normatief
                    noodzakelijke eerste aanschaf van onderwijsleerpakket en meubilair voor het
                    aantal groepen zoals normatief kan worden gevormd, op basis van de meest recente
                    teldatum. De omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde
                    voorziening, danwel voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening aanpassing
                    anders dan een aanpassing als gevolg van onderwijskundige vernieuwingen wordt
                    bepaald door de activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn om het gebouw
                    geschikt te maken voor het onderwijs, dan wel noodzakelijk zijn voor de
                    voortgang van het onderwijs. De omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik
                    bestemde voorziening aanpassing als gevolg van onderwijskundige vernieuwingen
                    wordt bepaald door de verschiloppervlakte tussen het aantal genormeerde m2 bvo
                    behorend bij de minimumnormen zoals deze golden voor 1 januari 2003 en het
                    aantal genormeerde m2 bvo behorend bij de minimumnormen (zie bijlage III, deel
                    A) bij het aantal groepen dat bepaald is aan de hand van de bepaling van de
                    omvang van een voor blijvend gebruik bestemde voorziening zoals beschreven in
                    deel B van deze bijlage: 'Wijze van bepalen van de ruimtebehoefte' met als
                    maximum het aantal groepen van de school waarvoor de school over permanente
                    huisvesting beschikt. De omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik
                    bestemde voorziening, dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening
                    onderhoud wordt bepaald door de activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn voor
                    de voortgang van het onderwijs. De omvang van de goedgekeurde voor blijvend, dan
                    wel voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening herstel van constructiefouten en
                    herstel van schade aan het gebouw, onderwijsleerpakket/leer- en hulpmiddelen en
                    meubilair in geval van bijzondere omstandigheden wordt bepaald door de
                    activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn voor de voortgang van het onderwijs.
                        <vet>1.4 Gymnastiekruimten</vet> De omvang van de goedgekeurde nieuwbouw,
                    dan wel vervangende nieuwbouw, wordt bepaald door de minimumnormen bij de
                    realisering zoals aangegeven in onderdeel D van deze bijlage. De omvang van de
                    goedgekeurde uitbreiding van een gymnastiekruimte wordt bepaald door de
                    goedgekeurde onderdelen zoals aangegeven bij de criteria voor de beoordeling van
                    een voorziening in lichamelijke oefening, het onderdeel uitbreiding (bijlage I).
                    De omvang van de goedgekeurde aanpassing wordt bepaald door de activiteiten die
                    minimaal noodzakelijk zijn om het gebouw geschikt te maken voor het onderwijs,
                    dan wel voor de voortgang van het onderwijs. De omvang van het goedgekeurde
                    terrein, dan wel uitbreiding van het terrein, wordt bepaald door de minimaal
                    noodzakelijke terreinoppervlakte om de gymnastiekruimte, dan wel de uitbreiding
                    van de gymnastiekruimte te realiseren met inachtneming van de bij of krachtens
                    de wet gestelde eisen met betrekking tot de terreinoppervlakte. De omvang van de
                    goedgekeurde aanvulling op de eerste aanschaf van het meubilair, in geval van
                    ingebruikneming of uitbreiding van de gymnastiekruimte, wordt bepaald door de
                    noodzakelijke eerste aanschaf van het meubilair voor andere leerlingen dan
                    waarvoor de gymnastiekruimte oorspronkelijk is bedoeld. De omvang van het
                    goedgekeurde onderhoud aan de gymnastiekruimte wordt bepaald door de
                    activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn voor de voortgang van het onderwijs.
                    De omvang van het goedgekeurde herstel van constructiefouten en het herstel van
                    schade aan gebouw, onderwijsleerpakket en meubilair in geval van bijzondere
                    omstandigheden, wordt bepaald door de activiteiten die minimaal noodzakelijk
                    zijn voor de voortgang van het onderwijs. <vet>2 School voor (voortgezet)
                        speciaal onderwijs</vet><vet>2.1 Voor blijvend gebruik bestemde
                        voorzieningen</vet> De omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik
                    bestemde voorziening nieuwbouw, dan wel vervangende nieuwbouw, wordt bepaald aan
                    de hand van het aantal groepen waarvoor huisvesting ten minste vijftien jaar
                    noodzakelijk is. Het aantal groepen wordt bepaald zoals beschreven in deel B van
                    deze bijlage: 'Wijze van bepalen van de ruimtehoefte'. De omvang van de
                    goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening uitbreiding, dan wel
                    uitbreiding ter vervanging van een bestaand gebouw, wordt bepaald door het
                    verschil tussen het aantal groepen waarvoor huisvesting ten minste vijftien jaar
                    noodzakelijk is en het aantal groepen waarvoor huisvesting aanwezig is. Het
                    verschil is minimaal 1 groep. Het aantal groepen wordt bepaald zoals beschreven
                    in deel B van deze bijlage: 'Wijze van bepalen van de ruimtehoefte'. Indien in
                    de gegevensadministratie van de gemeente een zogenaamde verschiloppervlakte is
                    opgenomen, zijnde het verschil tussen het werkelijk aanwezige aantal m2 en het
                    aantal m2 behorende bij de geregistreerde capaciteit van het uit te breiden
                    gebouw, wordt bezien in hoeverre de noodzakelijke uitbreiding van de capaciteit
                    van het gebouw kan worden gerealiseerd door aanpassing of door aanpassing in
                    combinatie met uitbreiding van het bestaande gebouw. Het betreft de
                    verschiloppervlakte zoals omschreven in deel A van deze bijlage: 'De bepaling
                    van de capaciteit'. Uitbreiding van het gebouw vindt plaats indien de kosten van
                    aanpassing van het gebouw, dan wel aanpassing en uitbreiding van het gebouw,
                    hoger zijn dan de kosten van uitbreiding sec van het gebouw. De omvang van de
                    goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening ingebruikneming wordt
                    bepaald door de omvang van het gebouw of gebouwgedeelte dat noodzakelijk is voor
                    het aantal groepen waarvoor huisvesting ten minste vijftien jaar noodzakelijk
                    is. Het aantal groepen wordt bepaald zoals beschreven in deel B van deze
                    bijlage: 'Wijze van bepalen van de ruimtebehoefte'. De omvang van de
                    goedgekeurde voor permanent gebruik bestemde voorziening in de huisvesting
                    medegebruik wordt bepaald door het verschil tussen het aantal groepen waarvoor
                    huisvesting noodzakelijk is en het aantal groepen waarvoor huisvesting aanwezig
                    is.</al><al>Voor het groep-gekoppeld-aan-schoolmodel wordt zoveel mogelijk aangesloten bij
                    de hierboven genoemde systematiek. <vet>2.2 Voor tijdelijk gebruik bestemde
                        voorzieningen</vet> De omvang van de goedgekeurde voor tijdelijk gebruik
                    bestemde voorziening nieuwbouw, dan wel vervangende nieuwbouw, wordt bepaald aan
                    de hand van het aantal groepen waarvoor huisvesting noodzakelijk is ten minste
                    vier jaar en korter dan vijftien jaar. Het aantal groepen wordt bepaald zoals
                    beschreven in deel B van deze bijlage: 'Wijze van bepalen van de ruimtehoefte'.
                    De omvang van de goedgekeurde voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening
                    uitbreiding, dan wel uitbreiding ter vervanging van een bestaand gebouw, wordt
                    bepaald door het verschil tussen het aantal groepen waarvoor huisvesting ten
                    minste vier jaar en korter dan vijftien jaar noodzakelijk is en het aantal
                    groepen waarvoor huisvesting aanwezig is. Het verschil is minimaal 1 groep. Het
                    aantal groepen wordt bepaald zoals beschreven in deel B van deze bijlage: 'Wijze
                    van bepalen van de ruimtehoefte'. Indien in de gegevensadministratie van de
                    gemeente een zogenaamde verschiloppervlakte is opgenomen, zijnde het verschil
                    tussen het werkelijk aanwezige aantal m2 en het aantal m2 behorende bij de
                    geregistreerde capaciteit van het uit te breiden gebouw, wordt bezien in
                    hoeverre de noodzakelijke uitbreiding van de capaciteit van het gebouw kan
                    worden gerealiseerd door aanpassing van het bestaande gebouw. Het betreft de
                    verschiloppervlakte zoals omschreven in deel A van deze bijlage: 'De bepaling
                    van de capaciteit'. Uitbreiding van het gebouw vindt plaats indien de kosten van
                    aanpassing van het gebouw hoger zijn dan de kosten van uitbreiding sec van het
                    gebouw. De omvang van de goedgekeurde voor tijdelijk gebruik bestemde
                    voorziening ingebruikneming wordt bepaald door de omvang van het gebouw of
                    gebouwgedeelte dat noodzakelijk is voor het aantal groepen waarvoor huisvesting
                    ten minste vier jaar en korter dan vijftien jaar noodzakelijk is. Het aantal
                    groepen wordt bepaald zoals beschreven in deel B van deze bijlage: 'Wijze van
                    bepalen van de ruimtebehoefte'. De omvang van de goedgekeurde voor tijdelijk
                    gebruik bestemde voorziening in de huisvesting, medegebruik, wordt bepaald door
                    het verschil tussen het aantal groepen waarvoor huisvesting, ten minste vier
                    jaar en korter dan vijftien jaar, noodzakelijk is en het aantal groepen waarvoor
                    huisvesting aanwezig is. De omvang van de voor tijdelijk gebruik bestemde
                    voorziening verplaatsing van noodlokalen wordt bepaald aan de hand van het
                    aantal groepen waarvoor huisvesting noodzakelijk is ten minste vier jaar en
                    korter dan vijftien jaar. Het aantal groepen wordt bepaald zoals beschreven
                    onder B van deze bijlage: 'Wijze van bepalen van de ruimtehoefte'. <vet>2.3
                        Overige voor blijvend gebruik dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde
                        voorzieningen</vet> De omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik
                    bestemde voorziening, dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening,
                    terrein, dan wel uitbreiding van het terrein, wordt bepaald door de minimaal
                    noodzakelijke terreinoppervlakte om het schoolgebouw te realiseren met
                    inachtneming van de bij of krachtens de wet gestelde eisen zoals gesteld ten
                    aanzien van de terreinoppervlakte en het gestelde in bijlage III, deel D. De
                    omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening, dan wel
                    voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening, eerste aanschaf van het
                    onderwijsleerpakket en meubilair, dan wel uitbreiding van de eerste aanschaf van
                    het onderwijsleerpakket en meubilair, wordt bepaald door het verschil tussen het
                    aantal groepen waarvoor reeds eerste aanschaf van het onderwijsleerpakket en
                    meubilair is bekostigd en de normatief noodzakelijke eerste aanschaf van
                    onderwijsleerpakket en meubilair voor het aantal groepen zoals normatief kan
                    worden gevormd, op basis van de meest recente teldatum. De omvang van de
                    goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening, dan wel voor tijdelijk
                    gebruik bestemde voorziening aanpassing wordt bepaald door de activiteiten die
                    minimaal noodzakelijk zijn om het gebouw geschikt te maken voor het onderwijs,
                    dan wel noodzakelijk zijn voor de voortgang van het onderwijs. De omvang van de
                    goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening, dan wel voor tijdelijk
                    gebruik bestemde voorziening, onderhoud wordt bepaald door de activiteiten die
                    minimaal noodzakelijk zijn voor de voortgang van het onderwijs. De omvang van de
                    goedgekeurde voor blijvend, dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening,
                    herstel van constructiefouten en herstel van schade aan het gebouw,
                    onderwijsleerpakket/leer- en hulpmiddelen en meubilair in geval van bijzondere
                    omstandigheden wordt bepaald door de activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn
                    voor de voortgang van het onderwijs. <vet>2.4 Gymnastiekruimten</vet> De omvang
                    van de goedgekeurde nieuwbouw, dan wel vervangende nieuwbouw, wordt bepaald door
                    de minimumnormen bij realisering zoals aangegeven in onderdeel D van deze
                    bijlage. De omvang van de goedgekeurde uitbreiding van een gymnastiekruimte
                    wordt bepaald door de goedgekeurde onderdelen zoals aangegeven bij de criteria
                    voor de beoordeling van een voorziening in lichamelijke oefening, het onderdeel
                    uitbreiding (bijlage I). De omvang van de goedgekeurde aanpassing wordt bepaald
                    door de activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn om het gebouw geschikt te
                    maken voor het onderwijs, dan wel voor de voortgang van het onderwijs. De omvang
                    van het goedgekeurde terrein, dan wel uitbreiding van het terrein, wordt bepaald
                    door de minimaal noodzakelijke terreinoppervlakte om de gymnastiekruimte, dan
                    wel de uitbreiding van de gymnastiekruimte te realiseren met inachtneming van de
                    bij of krachtens de wet gestelde eisen met betrekking tot de terreinoppervlakte.
                    De omvang van de goedgekeurde aanvulling op de eerste aanschaf van het
                    meubilair, in geval van ingebruikneming of uitbreiding van de gymnastiekruimte,
                    wordt bepaald door de noodzakelijke eerste aanschaf van het meubilair voor
                    andere leerlingen dan voor wie de gymnastiekruimte oorspronkelijk is bedoeld. De
                    omvang van het goedgekeurde onderhoud aan de gymnastiekruimte wordt bepaald door
                    de activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn voor de voortgang van het
                    onderwijs. De omvang van het goedgekeurde herstel van constructiefouten en het
                    herstel van schade aan gebouw, onderwijsleerpakket en meubilair in geval van
                    bijzondere omstandigheden, wordt bepaald door de activiteiten die minimaal
                    noodzakelijk zijn voor de voortgang van het onderwijs. </al><al><vet>3 School voor voortgezet onderwijs</vet><vet>3.1 Voor blijvend gebruik
                        bestemde voorzieningen</vet> De omvang van de goedgekeurde voor blijvend
                    gebruik bestemde voorziening <cursief>nieuwbouw, dan wel vervangende
                        nieuwbouw</cursief>, wordt bepaald aan de hand van het aantal leerlingen,
                    waarvoor huisvesting ten minste vijftien jaar noodzakelijk is. De hieruit
                    voortkomende ruimtebehoefte wordt bepaald aan de hand van het
                    ruimtebehoeftemodel, zoals beschreven in de toelichting van deze bijlage. De
                    omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening
                        <cursief>uitbreiding, dan wel uitbreiding ter vervanging van een bestaand
                        gebouw of uitbreiding door middel van ingebruikneming</cursief> wordt
                    bepaald door het verschil tussen de ruimtebehoefte behorende bij het aantal
                    leerlingen, waarvoor huisvesting ten minste vijftien jaar noodzakelijk is en de
                    huisvesting die aanwezig is. De omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik
                    bestemde voorziening <cursief>ingebruikneming </cursief>wordt bepaald door de
                    omvang van het gebouw of gebouwgedeelte dat noodzakelijk is voor het aantal
                    leerlingen, waarvoor huisvesting ten minste vijftien jaar noodzakelijk is. De
                    ruimtebehoefte wordt bepaald met het ruimtebehoeftemodel, zoals beschreven in
                    deel B van deze bijlage: 'Wijze van bepalen van de ruimtebehoefte'. De omvang
                    van de goedgekeurde voor permanent gebruik bestemde voorziening in de
                    huisvesting <cursief>medegebruik </cursief>wordt bepaald door het verschil
                    tussen de ruimtebehoefte behorende bij het aantal leerlingen aanwezig op de
                    laatst bekende teldatum voor het indienen van de aanvraag en de met tien procent
                    verhoogde capaciteit van de beschikbare ruimte. Aan de hand van het feitelijke
                    lesrooster kan vervolgens het overschot aan beschikbare onderwijsruimte worden
                    bepaald. Medegebruik wordt gegeven in de vorm van in te roosteren lessen. De
                    omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening
                        <cursief>aanpassing de binnenzijde van het gebouw betreffende</cursief>,
                    wordt bepaald door de activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn om de
                    onbelemmerde voortgang van het onderwijs te kunnen garanderen voor het aantal
                    leerlingen waarvoor huisvesting ten minste vijftien jaar noodzakelijk is en voor
                    zover de kosten van deze activiteiten het drempelbedrag per leerling, zoals
                    opgenomen in het Besluit tot vaststelling van het drempelbedrag, bedoeld in
                    artikel 76c, eerste lid, onder b2, van de Wet op het voortgezet onderwijs, te
                    boven gaan. <vet>3.2 Voor tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen</vet> De
                    omvang van de goedgekeurde voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening
                        <cursief>nieuwbouw, dan wel vervangende nieuwbouw, </cursief>wordt bepaald
                    door het aantal leerlingen waarvoor huisvesting ten minste vier jaar doch korter
                    dan vijftien jaar noodzakelijk is. De ruimtebehoefte wordt bepaald met behulp
                    van het ruimtebehoeftemodel zoals beschreven in deel B van deze bijlage: 'Wijze
                    van bepalen van de ruimtebehoefte'. De omvang van de goedgekeurde voor tijdelijk
                    gebruik bestemde voorziening <cursief>uitbreiding, dan wel uitbreiding ter
                        vervanging van een bestaand gebouw</cursief>, wordt bepaald door het
                    verschil tussen de ruimtebehoefte behorende bij het aantal leerlingen waarvoor
                    huisvesting ten minste vier jaar doch korter dan vijftien jaar noodzakelijk is
                    en de met tien procent verhoogde capaciteit van de beschikbare huisvesting. Het
                    verschil is minimaal 100 m2 bruto vloeroppervlakte. De ruimtebehoefte wordt
                    bepaald met behulp van het ruimtebehoeftemodel zoals beschreven in deel B van
                    deze bijlage: 'Wijze van bepalen van de ruimtebehoefte'. De omvang van de
                    goedgekeurde voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening
                        <cursief>ingebruikneming</cursief> wordt bepaald door de omvang van het
                    gebouw of gebouwgedeelte dat noodzakelijk is voor het aantal leerlingen,
                    waarvoor huisvesting ten minste vier jaar en korter dan vijftien jaar
                    noodzakelijk is en de met tien procent verhoogde capaciteit van de beschikbare
                    huisvesting. De ruimtebehoefte wordt bepaald met het ruimtebehoeftemodel, zoals
                    beschreven in deel B van deze bijlage: 'Wijze van bepalen van de
                    ruimtebehoefte'. De omvang van de goedgekeurde voor tijdelijk gebruik bestemde
                    voorziening in de huisvesting<cursief> medegebruik</cursief> wordt bepaald door
                    het verschil tussen de ruimtebehoefte behorende bij het aantal leerlingen
                    aanwezig op de laatst bekende teldatum voor het indienen van de aanvraag en de
                    met tien procent verhoogde capaciteit van de beschikbare ruimte. Aan de hand van
                    het feitelijke lesrooster kan vervolgens het overschot aan beschikbare
                    onderwijsruimte worden bepaald. Medegebruik wordt gegeven in de vorm van in te
                    roosteren lessen. De omvang van de voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening
                    in de huisvesting <cursief>verplaatsing van noodlokalen</cursief> wordt bepaald
                    door het aantal leerlingen waarvoor huisvesting ten minste vier jaar doch korter
                    dan vijftien jaar noodzakelijk is en de met tien procent verhoogde capaciteit
                    van de beschikbare huisvesting. De ruimtebehoefte wordt bepaald met behulp van
                    het ruimtebehoeftemodel zoals beschreven in deel B van deze bijlage: 'Wijze van
                    bepalen van de ruimtebehoefte'. <vet>3.3 Overige voor blijvend gebruik dan wel
                        voor tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen</vet> De omvang van de voor
                    blijvend, dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening <cursief>terrein,
                        dan wel uitbreiding van het terrein,</cursief> wordt bepaald door de
                    minimaal noodzakelijk oppervlakte om het schoolgebouw te realiseren met
                    inachtneming van de bij of krachtens de wet gestelde eisen ten aanzien van de
                    terreinoppervlakte. De omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde
                    voorziening, dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening <cursief>eerste
                        aanschaf van leer- en hulpmiddelen en meubilair, dan wel uitbreiding van de
                        eerste aanschaf van leer- en hulpmiddelen en meubilair,</cursief> is
                    gekoppeld aan de omvang van de toegekende voorziening in de huisvesting. De
                    omvang van de tegemoetkoming in eerste inrichting leer- en hulpmiddelen en
                    meubilair als er sprake is van een inpandige aanpassing waarbij algemene of
                    specifieke ruimte wordt omgezet in specifieke en/of werkplaatsruimte bedraagt
                    het verschil tussen de vergoeding voor eerste inrichting van de bestaande ruimte
                    en de vergoeding voor eerste inrichting van de te creëren ruimte. De omvang van
                    de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening, dan wel voor
                    tijdelijk gebruik bestemde voorziening <cursief>aanpassing de buitenzijde van
                        het gebouw of het terrein betreffende</cursief>, wordt bepaald door de
                    activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn om de onbelemmerde voortgang van het
                    onderwijs te kunnen garanderen voor het aantal leerlingen waarvoor huisvesting
                    langer dan vijftien jaar noodzakelijk is. De omvang van de goedgekeurde voor
                    blijvend, dan wel voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening <cursief>herstel
                        van constructiefouten en herstel van schade aan het gebouw,
                        onderwijsleerpakket/leer- en hulpmiddelen en meubilair in geval van
                        bijzondere omstandigheden </cursief>wordt bepaald door de activiteiten die
                    minimaal noodzakelijk zijn voor de voortgang van het onderwijs. </al><al><vet>3.4 Gymnastiekruimten</vet> De omvang van de goedgekeurde
                        <cursief>nieuwbouw, dan wel vervangende nieuwbouw,</cursief> wordt bepaald
                    aan de hand van het ruimtebehoeftemodel, zoals beschreven in de toelichting bij
                    deze bijlage. De omvang van de goedgekeurde <cursief>uitbreiding</cursief> van
                    een gymnastiekruimte wordt bepaald door het verschil tussen de ruimtebehoefte
                    behorende bij het aantal leerlingen, waarvoor gymnastiekruimte langer dan
                    vijftien jaar noodzakelijk is (te bepalen met behulp van het
                    ruimtebehoeftemodel) en de gymnastiekruimte die aanwezig is. De omvang van de
                    goedgekeurde aanpassing, <cursief>de buitenzijde van het gebouw of het terrein
                        betreffende</cursief>, wordt bepaald door de activiteiten die minimaal
                    noodzakelijk zijn voor de voortgang van het onderwijs. De omvang van de
                    goedgekeurde <cursief>aanpassing, de binnenzijde van het gebouw
                        betreffende</cursief>, wordt bepaald door de activiteiten die minimaal
                    noodzakelijk zijn om het gebouw geschikt te maken voor het onderwijs, dan wel
                    noodzakelijk zijn voor de voortgang van het onderwijs en voor zover de kosten
                    van deze activiteiten het drempelbedrag per leerling, zoals opgenomen in het
                    Besluit tot vaststelling van het drempelbedrag, bedoeld in artikel 76c, eerste
                    lid, onder b2, van de Wet op het voortgezet onderwijs, te boven gaan. De omvang
                    van het goedgekeurde <cursief>terrein, dan wel uitbreiding van het
                        terrein</cursief>, wordt bepaald door de minimaal noodzakelijke
                    terreinoppervlakte om de gymnastiekruimte, dan wel de uitbreiding van de
                    gymnastiekruimte te realiseren met inachtneming van de bij of krachtens de wet
                    gestelde eisen met betrekking tot de terreinoppervlakte. De omvang van de
                    goedgekeurde aanvulling op de <cursief>eerste aanschaf van het
                        meubilair,</cursief> in geval van ingebruikneming of uitbreiding van de
                    gymnastiekruimte, wordt bepaald door de noodzakelijke eerste aanschaf van het
                    meubilair voor andere leerlingen dan waarvoor de gymnastiekruimte oorspronkelijk
                    is bedoeld. De omvang van het goedgekeurde <cursief>herstel van
                        constructiefouten en het herstel van schade aan gebouw, onderwijsleerpakket
                        en meubilair in geval van bijzondere omstandigheden, </cursief>wordt bepaald
                    door de activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn voor de voortgang van het
                    onderwijs. De omvang van de goedgekeurde voorziening medegebruik
                    gymnastiekruimte wordt uitgedrukt in lestijden. Het aantal lestijden gymnastiek
                    wordt bepaald met behulp van het lesrooster met als maximum het met toepassing
                    van tabel 7.2 van het ruimtebehoeftemodel berekende aantal: (aantal leerlingen x
                    32 x m2 bvo gym) : 460. Voor het Lwoo en Praktijkonderwijs wordt een aangepaste
                    formule gehanteerd: (aantal leerlingen x 32 x m2 bvo gym) : 322. Hierop wordt
                    het aantal in eigen accommodatie te verzorgen lessen in mindering gebracht (zie
                    Deel A, paragraaf 3.5.1). De omvang van de goedgekeurde voorziening huur
                    sportterrein bedraagt ten hoogste acht weken per kalenderjaar. Het aantal
                    lestijden waarvoor vergoeding wordt gegeven wordt bepaald aan de hand van het
                    lesrooster met als maximum het met toepassing van tabel 7.2 van het
                    ruimtebehoeftemodel berekende aantal: (aantal leerlingen x 32 x m2 bvo gym) /
                    460. Voor het Lwoo en Praktijkonderwijs wordt een aangepaste formule gehanteerd:
                    (aantal leerlingen x 32 x m2 bvo gym) / 322. </al><tussenkop>DEEL D Minimumnormen bij realisering van nieuwe voorzieningen 1 School
                    voor basisonderwijs</tussenkop><lijst><li nr="·"><al>minimum terreinoppervlakte betrekking hebbende op het verharde gedeelte:
                            3 m2/ll met een minimum van 300 m2 netto, vanaf 200 leerlingen kan
                            worden volstaan met 600 m2 netto;</al></li><li nr="·"><al>minimumoppervlakte van een onderwijsruimte: 8 m2 netto;</al></li><li nr="·"><al>voor het speciaal basisonderwijs geldt een minimum netto oppervlakte van
                            84m2 voor een speellokaal .</al></li></lijst><tussenkop>2 School voor (voortgezet) speciaal onderwijs</tussenkop><lijst><li nr="·"><al>minimum terreinoppervlakte betrekking hebbende op het verharde gedeelte:
                            3 m2/ll met een minimum van 300 m2 netto, vanaf 200 leerlingen kan
                            worden volstaan met 600 m2 netto;</al></li><li nr="·"><al>een speellokaal heeft een minimum netto oppervlakte van 84 m2;</al></li><li nr="·"><al>minimum oppervlakte van een onderwijsruimte: 8 m2 netto.</al></li></lijst><al><vet>3 School voor voortgezet onderwijs</vet> Minimum afmetingen, uitgedrukt in
                    netto m2:</al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="77*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="23*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>theorielokaal: </al></entry><entry colname="col2"><al>42 m2</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>theorievaklokaal: </al></entry><entry colname="col2"><al>50 m2</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>vaklokaal natuurkunde:</al></entry><entry colname="col2"><al>50 m2</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>vaklokaal biologie:</al></entry><entry colname="col2"><al>50 m2</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>vaklokaal scheikunde:</al></entry><entry colname="col2"><al>60 m2</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>vaklokaal handvaardigheid:</al></entry><entry colname="col2"><al>60 m2</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>vaklokaal overig:</al></entry><entry colname="col2"><al>80 m2</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>specifiek vaklokaal lassen: </al></entry><entry colname="col2"><al>50 m2</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>specifiek vaklokaal meten: </al></entry><entry colname="col2"><al>50 m2</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>werkplaats:</al></entry><entry colname="col2"><al>115 m2 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>restaurant:</al></entry><entry colname="col2"><al>80 m2 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><tussenkop>4 Gymnastiekruimten</tussenkop><lijst><li nr="·"><al>De oefenruimte is minimaal 252 m2 netto.</al></li><li nr="·"><al>De hoogte van de oefenruimte is minimaal 5 m.</al></li></lijst><al>Het gymnastiekgebouw bevat ten minste 2 kleedruimten met een
                    was-/douchegelegenheid. </al><al><vet> III-1</vet><vet>Overzicht 'Meetinstructie voor het vaststellen van de
                        bruto-vloeroppervlakte van de schoolgebouwen in het primair onderwijs'</vet>
                    De vaststelling van de bruto-vloeroppervlakte van een schoolgebouw:</al><lijst><li nr="·"><al>De bruto-vloeroppervlakte van een gebouw is de som van de
                            bruto-vloeroppervlakten van alle onderwijsruimten en andere ruimten op
                            alle vloerniveaus. </al></li><li nr="·"><al>De bruto-vloeroppervlakte van ieder vloerniveau wordt begrensd door de
                            buitenomtrek c.q. het buitenvlak van de begrenzing van het gebouw op
                            vloerhoogte.</al></li><li nr="·"><al>De oppervlakte van trappen en liften dient op ieder vloerniveau tot de
                            bruto-vloeroppervlakte te worden gerekend.</al></li><li nr="·"><al>De oppervlakte van verbindende ruimten tussen in-of aanpandige
                            gymnastieklokalen wordt toegerekend aan het lesgebouw.</al></li><li nr="·"><al>Bij scheidingswanden tussen het lesgebouw en in-of aanpandig gelegen
                            gymnastieklokalen wordt de bruto-vloeroppervlakte gerekend tot het hart
                            van de scheidingsconstructie.</al></li><li nr="·"><al>Tot de bruto-vloeroppervlakte wordt niet gerekend een schalmgat of een
                            vide, voor zover de oppervlakte daarvan groter is dan 4 m2.</al></li></lijst><al>Uitzonderingen:</al><lijst><li nr="·"><al>In- en aangebouwde fietsenstallingen en bergingen die uitsluitend van
                            buitenaf bereikbaar zijn, worden niet tot de bruto-vloeroppervlakte
                            gerekend.</al></li><li nr="·"><al>Indien de bruto-vloeroppervlakte niet of moeilijk te bepalen is, mogen
                            de netto-oppervlakten van alle ruimten worden opgeteld. De
                            bruto-vloeroppervlakte wordt dan verkregen door de gevonden
                            nettovloeroppervlakte te vermenigvuldigen met de factor 1,1.</al></li><li nr="·"><al>Bij zolderruimten, kelders of souterrains in gebruik als onderwijsruimte
                            of andere ruimte, wordt de bruto-vloeroppervlakte bepaald door de
                            nettovloeroppervlakte van dat deel van de ruimte met een vrije hoogte ]
                            2,60 m te vermenigvuldigen met de factor 1,1. </al></li><li nr="·"><al>Voorzover een zolderruimte, kelder of souterrain wordt gebruikt als
                            berging, keuken, stencilruimte of werkkast telt deze niet mee voor de
                            berekening van de bruto-vloeroppervlakte.</al></li></lijst><al><vet>III-2</vet><vet>Overzicht 'Meetinstructie voor het vaststellen van de
                        bruto-vloeroppervlakte van de schoolgebouwen in het voortgezet
                        onderwijs'</vet> Deze meetinstructie is bedoeld voor nieuwe (gedeelten van)
                    gebouwen of voor situaties waar gekozen wordt voor het niet overnemen van
                    gegevens van het ministerie van OCenW. De bruto-oppervlakte van een gebouw is de
                    som van de bruto-vloeroppervlakte van alle tot het gebouw behorende 'beloopbare'
                    binnenruimten. De bruto-vloeroppervlakte wordt gemeten op vloerniveau langs de
                    buitenomtrek van de opgaande buitenconstructies, die de ruimten omhullen. Tot de
                    bruto-oppervlakte behoort eveneens: </al><lijst><li nr="·"><al>de oppervlakte van trapgaten, liftschachten, en leidingschachten op elk
                            vloerniveau;</al></li><li nr="·"><al>de oppervlakte van vrijstaande uitwendige kolommen, voor zover groter
                            dan 0,5 m2.</al></li></lijst><al>Uitzonderingen:</al><lijst><li nr="·"><al>De oppervlakten van overdekte niet door vaste buitenbegrenzingen
                            omsloten ruimten worden niet tot de bruto-vloeroppervlakte gerekend,
                            ongeacht de vloerconstructie of wijze van verharding. Dit betreft
                            luifels, dakoverstekken, de ruimte onder op kolommen staande
                            verdiepingen, fietsenstallingen (al dan niet overdekt) en
                            dergelijke.</al></li><li nr="·"><al>Open brand-of vluchttrappen aan de buitenzijde van een gebouw worden bij
                            de bepaling van de bruto-oppervlakte niet meegerekend.</al></li><li nr="·"><al>Niet beloopbare kelders en/of zolders worden niet meegerekend.</al></li></lijst><tussenkop>Bijlage IV </tussenkop><tussenkop>Financiële normering </tussenkop><al>De financiële normering valt uiteen in drie delen: </al><lijst><li nr="-"><al>deel A: vergoeding op basis van normbedragen;</al></li><li nr="-"><al>deel B: vergoeding op basis van feitelijke kosten;</al></li><li nr="-"><al>deel C: bepaling medegebruikstarief.</al></li></lijst><tussenkop>DEEL A Vergoeding op basis van normbedragen </tussenkop><al>De in deze bijlage opgenomen normbedragen zijn de bedragen geldend voor het
                    kalenderjaar 2009, conform vastgesteld door college en raad in het kader van de
                    gemeentelijke begrotingsbehandeling. </al><al>De systematiek van prijsbijstelling en indexering is opgenomen in hoofdstuk 4.
                    In onderstaande normbedragen voor (vervangende) nieuwbouw en uitbreiding
                    (paragrafen 1.1, 1.2, 2.1, 2.2 en 3.1) is tevens een vergoeding voor
                    bouwvoorbereiding opgenomen. Deze vergoeding omvat 8% (bij projecten tot een
                    bruto-vloeroppervlakte van 2500 m2) respectievelijk 5% (bij grotere projecten)
                    van het aangegeven normbedrag. Bij de uiteindelijke genormeerde vergoeding van
                    een op het programma geplaatste voorziening voor (vervangende) nieuwbouw en
                    uitbreiding wordt de toegekende genormeerde vergoeding voor de kosten van de
                    bouwvoorbereiding in mindering gebracht. <vet>1 School voor basisonderwijs
                    </vet>In dit hoofdstuk zijn genormeerde bedragen opgenomen voor: </al><lijst><li nr="-"><al>nieuwbouw (paragraaf 1.1);</al></li><li nr="-"><al>uitbreiding (paragraaf 1.2);</al></li><li nr="-"><al>tijdelijke voorziening (paragraaf 1.3);</al></li><li nr="-"><al>eerste inrichting met onderwijsleerpakket en meubilair (paragraaf
                            1.4);</al></li><li nr="-"><al>aanpassing (paragraaf 1.5) en</al></li><li nr="-"><al>gymnastiek (paragraaf 1.6).</al></li></lijst><al><vet>1.1 Nieuwbouw (permanente bouwaard) </vet>De financiële normering
                    voor nieuwbouw valt uiteen in een vijftal kostencomponenten, te weten: </al><lijst><li nr="-"><al>kosten voor terrein;</al></li><li nr="-"><al>bouwkosten;</al></li><li nr="-"><al>toeslag voor paalfundering;</al></li><li nr="-"><al>toeslag voor het realiseren van een afzonderlijk speellokaal;</al></li><li nr="-"><al>toeslag voor sloopkosten, herstel van terrein en verhuiskosten bij
                            vervangende bouw.</al></li></lijst><al>In het geval van vervangende nieuwbouw waarbij sprake is van uitbreiding van een
                    gebouw ter vervanging van een ander gebouw, gelden de bedragen zoals opgenomen
                    in de financiële normering voor uitbreiding (permanente bouwaard).
                        <cursief>Kosten voor terreinen </cursief>Er is geen genormeerd
                    bedrag per vierkante meter opgenomen, aangezien de gemeente het terrein om niet
                    beschikbaar (eventueel na aankoop) stelt en het juridisch eigendom overdraagt
                    aan het schoolbestuur. Indien een terrein dient te worden aangekocht, zullen de
                    kosten zichtbaar moeten worden gemaakt ten behoeve van het programma. Ook bij
                    het beschikbaar stellen van gemeentelijke terreinen kan het, ten behoeve van de
                    interne verrekening tussen de gemeentelijke diensten, wenselijk zijn om de
                    kosten van de terreinen zichtbaar te maken. Voor de bepaling van de kosten voor
                    het terrein wordt aangesloten bij de in de gemeente gangbare wijze van
                    waardevaststelling van terreinen. Voor de minimaal benodigde oppervlakte van het
                    terrein wordt verwezen naar bijlage III, deel D. <cursief>Bouwkosten
                    </cursief>De bouwkosten omvatten de bouwkosten van het gebouw,
                    inclusief fundering op staal, alsmede aanleg en inrichting van het
                    schoolterrein. De vergoeding bestaat uit een vast bedrag en een bedrag per
                    groep. Met deze vergoedingsbedragen kan de in bijlage III aangegeven
                    bruto-vloeroppervlakte worden gerealiseerd. De vergoeding voor een basisschool
                    wordt bepaald op basis van de volgende bedragen: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="65*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="35*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Vaste voet (incl. twee groepen)</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 741.725,83</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Elke volgende groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 145.112,50</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>De vergoeding voor een speciale school voor basisonderwijs wordt bepaald op
                    basis van de volgende bedragen: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="64*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="36*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Vaste voet (incl. vier groepen)</al></entry><entry colname="col2"><al> € 1.201.182,42 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Elke volgende groep</al></entry><entry colname="col2"><al> € 139.140,02 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Bedrag toeslag extra ruimte</al></entry><entry colname="col2"><al> € 165.642,50 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>Toeslag voor paalfundering </cursief>Bij de hiervoor genoemde
                    bouwkosten is rekening gehouden met fundering van het gebouw op staal. In een
                    aantal gevallen zal fundering op palen nodig zijn. De kosten variëren met de
                    lengte van de paalfundering; er zijn drie categorieën, te weten 1 tot 15 meter,
                    15 tot 20 meter en 20 meter en langer. De vergoeding is uitgedrukt in een vast
                    bedrag (inclusief twee respectievelijk vier groepen) en een bedrag per groep. </al><al>De vergoeding voor een basisschool wordt bepaald op basis van de volgende
                    bedragen: </al><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="43*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="19*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="19*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="19*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>1&lt;15</al></entry><entry colname="col3"><al>15&lt;20</al></entry><entry colname="col4"><al>&gt;=20</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Vaste voet (incl. twee groepen)</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 10.442,66</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 15.188,49</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 24.245,33</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Elke volgende groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 2.114,76</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 3.576,97</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 6.402,04</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>De vergoeding voor een speciale school voor basisonderwijs wordt bepaald op
                    basis van de volgende bedragen: </al><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="42*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="19*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="19*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="19*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>1&lt;15</al></entry><entry colname="col3"><al>15&lt;20</al></entry><entry colname="col4"><al>&gt;=20</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Vaste voet (incl. vier groepen)</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 16.388,28</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 25.246,58</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 42.242,20</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Elke volgende groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 1.941,03</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 3.283,16</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 5.874,59</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-Bedrag toeslag extra ruimte</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 2.310,92</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 3.908,33</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 6.993,44</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>Toeslag voor een afzonderlijk speellokaal </cursief>In de
                    hiervoor genoemde bedragen is geen rekening gehouden met de toewijzing van een
                    speellokaal. De toeslag bestaat uit een vast bedrag per ruimte, afhankelijk van
                    de lengte van de paalfundering, waarmee 90 m2 ruimte gerealiseerd kan worden. </al><al>De vergoeding voor zowel een basisschool als een speciale school voor
                    basisonderwijs wordt bepaald op basis </al><al>van de volgende bedragen: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="70*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="30*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Geen paalfundering nodig</al></entry><entry colname="col2"><al> € 113.567,18 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Lengte paalfundering 1&lt;15 meter</al></entry><entry colname="col2"><al> € 115.221,59 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Lengte paalfundering 15&lt;20 meter</al></entry><entry colname="col2"><al> € 116.366,02 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Lengte paalfundering &gt;=20 meter</al></entry><entry colname="col2"><al> € 118.576,41 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>Toeslag voor sloopkosten, herstel van terrein en verhuiskosten bij
                        vervangende bouw </cursief>Indien vervangende nieuwbouw
                    plaatsvindt bestaat de mogelijkheid dat het oude schoolgebouw gesloopt dient te
                    worden. Het desbetreffende terrein moet daarna worden hersteld en, indien de
                    vervangende nieuwbouw op dezelfde plaats wordt gerealiseerd, dienen de
                    leerlingen te verhuizen naar een tijdelijke, vervangende locatie. De genormeerde
                    vergoeding voor sloopkosten (inclusief eventuele verhuiskosten) zoals hieronder
                    opgenomen, is gebaseerd op een vast bedrag per groep, afhankelijk van het type
                    huisvesting dat gesloopt dient te worden. De vergoeding voor zowel een
                    basisschool als een speciale school voor basisonderwijs wordt bepaald op basis
                    van de volgende bedragen: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="60*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="40*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Permanente bouw</al></entry><entry colname="col2"><al> € 5.763,19 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Tijdelijke bouw</al></entry><entry colname="col2"><al> € 2.882,83 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><vet>1.2 Uitbreiding (permanente bouwaard) </vet>Voor uitbreiding van de
                    huisvesting in permanente bouwaard tot 1.035 m2 bruto vloeroppervlakte (maximaal
                    9 groepen) is onderstaand de financiële normering weergegeven. Bij grotere
                    uitbreidingen dient te worden uitgegaan van de financiële normering voor
                    nieuwbouw (permanente bouwaard) (paragraaf 1.1). <cursief>Kosten voor terrein
                    </cursief>Er is geen genormeerd bedrag per vierkante meter opgenomen.
                    Indien uitbreiding van het terrein noodzakelijk is, wordt bij de bepaling van de
                    kosten voor het terrein dezelfde systematiek gevolgd als bij nieuwbouw
                    (paragraaf 1.1). <cursief>Bouwkosten </cursief>De bouwkosten omvatten
                    de bouwkosten van het lokaal, inclusief fundering op staal, alsmede extra aanleg
                    en inrichting van een deel van het schoolterrein. De vergoeding bestaat uit een
                    vast bedrag en een bedrag per groep. Met deze vergoedingsbedragen kan de in
                    bijlage III aangegeven bruto-vloeroppervlakte worden gerealiseerd. </al><al> De vergoeding voor een basisschool wordt bepaald op basis van de volgende
                    bedragen: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="55*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="45*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Vaste voet</al></entry><entry colname="col2"><al> € 104.728,54 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Bedrag per groep</al></entry><entry colname="col2"><al> € 167.879,45 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>De vergoeding voor een speciale school voor basisonderwijs wordt bepaald op
                    basis van de volgende bedragen: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="65*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="35*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Vaste voet</al></entry><entry colname="col2"><al> € 107.816,53 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Bedrag per groep</al></entry><entry colname="col2"><al> € 156.370,85 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Bedrag toeslag extra ruimte</al></entry><entry colname="col2"><al> € 186.155,72 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>Toeslag voor paalfundering </cursief>Bij de hiervoor genoemde
                    bouwkosten is rekening gehouden met fundering van de uitbreiding van het gebouw
                    op staal. In een aantal gevallen zal echter fundering op palen nodig zijn. De
                    kosten variëren met de lengte van de paalfundering; er zijn drie categorieën, te
                    weten 1 tot 15 meter, 15 tot 20 meter en 20 meter en langer. De vergoeding is
                    uitgedrukt in een vast bedrag en een bedrag per groep. </al><al>De vergoeding voor een basisschool wordt bepaald op basis van de volgende
                    bedragen: </al><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="26*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="25*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="25*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="25*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>1&lt;15</al></entry><entry colname="col3"><al>15&lt;20</al></entry><entry colname="col4"><al>&gt;=20</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-Vaste voet</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 4.688,07</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 6.114,03</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 9.809,14</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-Per groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 741,84</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 1.922,76</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 3.887,14</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>De vergoeding voor een speciale school voor basisonderwijs wordt bepaald op
                    basis van de volgende bedragen: </al><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="37*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="21*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="21*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="21*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>1&lt;15</al></entry><entry colname="col3"><al>15&lt;20</al></entry><entry colname="col4"><al>&gt;=20</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-Vaste voet</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 4.730,97</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 6.169,99</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 9.898,93</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-Per groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 676,15</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 1.755,40</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 3.549,41</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-Toeslag extra ruimte</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 805,45</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 2.090,24</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 4.225,85</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>Toeslag voor een afzonderlijk speellokaal </cursief>In de
                    hiervoor genoemde bedragen is geen rekening gehouden met de toewijzing van een
                    speellokaal. De toeslag bestaat uit een vast bedrag per ruimte, afhankelijk van
                    de lengte van de paalfundering, waarmee 90 m2 ruimte gerealiseerd kan worden.
                    Hierbij wordt ervan uitgegaan dat een afzonderlijk speellokaal steeds in
                    combinatie met een uitbreiding van ten minste één groep (lokaal) plaatsvindt. </al><al>De vergoeding voor zowel een basisschool als een speciale school voor
                    basisonderwijs wordt bepaald op basis van de volgende bedragen: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="67*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="33*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Geen paalfundering nodig</al></entry><entry colname="col2"><al> € 131.384,54 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Lengte paalfundering 1&lt;15 m</al></entry><entry colname="col2"><al> € 131.964,40 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Lengte paalfundering 15&lt;20 m</al></entry><entry colname="col2"><al> € 132.888,77 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Lengte paalfundering &gt;=20 m</al></entry><entry colname="col2"><al> € 134.426,72 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al> In geval van uitbreiding met alleen een speellokaal zonder gelijktijdige
                    toekenning van een ander lokaal, wordt voor zowel een basisschool als een
                    speciale school voor basisonderwijs de vergoeding op basis van de volgende
                    bedragen bepaald: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="68*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="32*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Geen paalfundering nodig</al></entry><entry colname="col2"><al> € 236.078,88 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Lengte paalfundering 1&lt;15 m</al></entry><entry colname="col2"><al> € 242.846,14 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Lengte paalfundering 15&gt;=20 m</al></entry><entry colname="col2"><al> € 244.324,01 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Lengte paalfundering &gt;20 m</al></entry><entry colname="col2"><al> € 245.523,61 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>Toeslag voor sloopkosten, herstel van terrein en verhuiskosten bij
                        vervangende bouw </cursief>Hiervoor gelden dezelfde bedragen als
                    bij nieuwbouw (permanente bouwaard). <vet>1.3 Tijdelijke voorziening
                    </vet>De hierna genoemde bedragen zijn afgestemd op de investeringslasten
                    ten behoeve van voor tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen. Hierbij is
                    onderscheid gemaakt tussen nieuwbouw van een voor tijdelijk gebruik bestemd
                    gebouw als hoofdlocatie, uitbreiding van een (permanente) hoofdlocatie met een
                    voor tijdelijk gebruik bestemd gebouw en uitbreiding van bestaande voor
                    tijdelijk gebruik bestemde gebouwen. Daarnaast wordt ingegaan op realisering van
                    een tijdelijke voorziening door middel van huur van een voor tijdelijk gebruik
                    bestemd gebouw. Wat betreft grondkosten wordt ervan uitgegaan dat een tijdelijke
                    voorziening in principe op het aanwezige terrein kan worden gerealiseerd. Is dit
                    niet het geval dan geldt voor de beschikbaarstelling van terrein dezelfde
                    procedure als bij nieuwbouw (paragraaf 1.1). </al><al><cursief>Nieuwbouw als hoofdlocatie/uitbreiding van permanente hoofdlocatie
                    </cursief>Bij de berekening van de hieronder genoemde bedragen voor
                    nieuwbouw van noodlokalen is uitgegaan van de volgende bruto-vloeroppervlakte: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="81*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="19*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Per groep:</al></entry><entry colname="col2"><al>80 m2;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Toeslag voor eerste groep:</al></entry><entry colname="col2"><al>20 m2;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Toeslag voor nieuwbouw als hoofdlocatie:</al></entry><entry colname="col2"><al>160 m2. </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al> Elk voor tijdelijk gebruik bestemd gebouw heeft een aantal
                    standaardvoorzieningen nodig (entree en dergelijke). In verband hiermee wordt
                    voor het eerste lokaal een toeslag gegeven. Hiernaast dienen voor tijdelijk
                    gebruik bestemde voorzieningen, die als hoofdgebouw gaan fungeren, ook te
                    beschikken over een aantal ruimten, die normaliter ook in een permanent
                    hoofdgebouw aanwezig zijn (lerarenkamer, administratieruimte en dergelijke).
                    Hiervoor wordt eveneens een toeslag gegeven. De vergoeding bestaat uit een vast
                    bedrag, een bedrag per groep alsmede bedragen voor de beide toeslagen. In deze
                    bedragen zijn begrepen de bouwkosten, de toeslag voor paalfundering, de toeslag
                    voor herstel en inrichting van terreinen alsmede eenmalige aansluitkosten op
                    nutsvoorzieningen. Tussen haakjes staan de bedragen indien paalfundering niet
                    noodzakelijk is. </al><al>De vergoeding voor zowel een basisschool als een speciale school voor
                    basisonderwijs wordt bepaald op basis van de volgende bedragen: </al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="38*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="26*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="36*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>(zonder paalfundering)</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Vast bedrag</al></entry><entry colname="col2"><al> € 43.105,04 </al></entry><entry colname="col3"><al> € 42.706,61 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Bedrag per groep</al></entry><entry colname="col2"><al> € 84.743,23 </al></entry><entry colname="col3"><al> € 79.889,69 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Toeslag eerste groep</al></entry><entry colname="col2"><al> € 21.185,66 </al></entry><entry colname="col3"><al> € 19.972,57 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Toeslag hoofdlocatie</al></entry><entry colname="col2"><al> € 169.485,85 </al></entry><entry colname="col3"><al> € 159.779,39 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>Uitbreiding van bestaande tijdelijke voorzieningen
                    </cursief>Ook bij uitbreiding van tijdelijke voorzieningen wordt wat
                    betreft de bruto-vloeroppervlakte uitgegaan van 80 m2 per groep. De vergoeding
                    bestaat uit een vast bedrag en een bedrag per groep. In deze bedragen zijn
                    begrepen de bouwkosten, de toeslag voor paalfundering en de toeslag voor herstel
                    en inrichting van terreinen (tussen haakjes staan de bedragen indien
                    paalfundering niet noodzakelijk is). </al><al>De vergoeding voor zowel een basisschool als een speciale school voor
                    basisonderwijs wordt bepaald op basis van de volgende bedragen: </al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="38*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="35*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="27*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Vast bedrag</al></entry><entry colname="col2"><al> € 24.229,69 </al></entry><entry colname="col3"><al>€ 19.455,83</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Bedrag per groep</al></entry><entry colname="col2"><al> € 88.796,84 </al></entry><entry colname="col3"><al>€ 86.569,90</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>Huur van voor tijdelijk gebruik bestemde gebouwen
                    </cursief>Naast aankoop kan een voor tijdelijk gebruik bestemd gebouw
                    ook worden gehuurd. In principe zijn er twee typen huur mogelijk: huur van een
                    noodlokaal en huur van een bestaand gebouw. Beide soorten huur worden vergoed op
                    basis van werkelijke kosten (zie deel B: vergoeding op basis van feitelijke
                    kosten) <vet>1.4 Eerste inrichting onderwijsleerpakket en meubilair
                        </vet><cursief>Basisschool </cursief>De bedragen voor eerste
                    inrichting vallen uiteen in bedragen voor onderwijsleerpakket (OLP) en bedragen
                    voor meubilair. De hierna opgenomen bedragen zijn investeringsbedragen per
                    school met een gegeven aantal groepen. Bij uitbreiding wordt het uit te keren
                    bedrag bepaald aan de hand van het verschil tussen de investeringsbedragen van
                    de school met en zonder uitbreiding. Voor nieuwe instituten geldt dat op de
                    hierna genoemde bedragen, bij eerste aanschaf van het totale onderwijsleerpakket
                    en meubilair, een korting wordt toegepast van 10%. </al><al> De vergoeding voor een basisschool wordt bepaald op basis van de volgende
                    bedragen (in euro): </al><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="40*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="19*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="19*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="21*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Aantal groepen</al></entry><entry colname="col2"><al>OLP</al></entry><entry colname="col3"><al>Meubilair</al></entry><entry colname="col4"><al>Totaal</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2</al></entry><entry colname="col2"><al> € 44.286,97 </al></entry><entry colname="col3"><al> € 26.432,90 </al></entry><entry colname="col4"><al> € 70.719,86 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3</al></entry><entry colname="col2"><al> € 50.397,40 </al></entry><entry colname="col3"><al> € 35.520,74 </al></entry><entry colname="col4"><al> € 85.918,14 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4</al></entry><entry colname="col2"><al> € 62.715,25 </al></entry><entry colname="col3"><al> € 44.892,96 </al></entry><entry colname="col4"><al> € 107.608,21 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5</al></entry><entry colname="col2"><al> € 69.050,34 </al></entry><entry colname="col3"><al> € 53.981,36 </al></entry><entry colname="col4"><al> € 123.031,69 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Elke volgende groep</al></entry><entry colname="col2"><al> € 6.707,67 </al></entry><entry colname="col3"><al> € 6.341,66 </al></entry><entry colname="col4"><al> € 13.049,33 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Toeslag tweede speellokaal</al></entry><entry colname="col2"><al> € 874,48 </al></entry><entry colname="col3"><al> € 6.065,50 </al></entry><entry colname="col4"><al> € 6.939,98 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>Speciale school voor basisonderwijs </cursief>De vergoeding
                    voor eerste inrichting voor onderwijsleerpakket en meubilair voor een speciale
                    school voor basisonderwijs bestaat uit: een vaste voet inclusief vier groepen,
                    een bedrag voor elke volgende groep en een toeslag bij de vorming van de
                    twaalfde groep. </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="68*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="32*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Vaste voet (incl. vier groepen)</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 130.537,07 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Elke volgende groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 13.621,53 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Toeslag bij de twaalfde groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 17.552,04 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al> Indien de toekenning van het aantal groepen eerste inrichting en meubilair één
                    of meer van de eerste vier groepen omvat, wordt de vaste voet naar rato
                    toegekend. </al><al>Voor de normering van de eerste inrichting onderwijsleerpakket en meubilair voor
                    het Kind-in-groepmodel, het groep-in-schoolmodel en het
                    groep-gekoppeld-aan-schoolmodel wordt verwezen naar de tabel zoals die is
                    opgenomen bij de eerste inrichting speciaal (voortgezet) onderwijs. <vet>1.5
                        Aanpassing </vet>Alle aanpassingen met uitzondering van de aanpassing
                    als gevolg van onderwijskundige vernieuwingen worden vergoed op basis van
                    werkelijke kosten (zie deel B: vergoeding op basis van feitelijke kosten).
                        <cursief>Aanpassing als gevolg van onderwijskundige vernieuwingen
                    </cursief>Voor zowel een basisschool als een speciale school voor
                    basisonderwijs wordt de normvergoeding bepaald op basis van de
                    verschiloppervlakte tussen het aantal genormeerde m2 bvo behorend bij de
                    minimumnormen zoals deze golden voor 1 januari 2003 en het aantal genormeerde m2
                    bvo behorend bij de minimumnormen (zie bijlage III, deel A) bij het aantal
                    groepen dat bepaald is aan de hand van de bepaling van de omvang van de
                    permanente ruimtebehoefte van de school (uitgedrukt in groepen). De bedragen
                    zijn inclusief een component voor de eerste inrichting. </al><al>Wanneer het bevoegd gezag van een basisschool of speciale school voor
                    basisonderwijs ervoor kiest om als gevolg van onderwijskundige vernieuwingen in
                    de aanpassingen te voorzien door het op de capaciteit van een gebouw in
                    mindering brengen van een leegstaand lokaal, wordt op het hieronder bepaalde
                    bedrag € 59.008,25</al><al> in mindering gebracht. </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="74*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="26*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Vergoeding school voor basisonderwijs</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><cursief>Aantal groepen</cursief></al></entry><entry colname="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2</al></entry><entry colname="col2"><al> € 58.872,35 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3</al></entry><entry colname="col2"><al> € 75.693,02 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4</al></entry><entry colname="col2"><al> € 92.513,69 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5</al></entry><entry colname="col2"><al> € 109.334,36 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>6</al></entry><entry colname="col2"><al> € 126.155,03 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>7</al></entry><entry colname="col2"><al> € 142.975,70 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>8</al></entry><entry colname="col2"><al> € 159.796,37 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>9</al></entry><entry colname="col2"><al> € 176.617,04 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>10</al></entry><entry colname="col2"><al> € 193.437,71 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>11</al></entry><entry colname="col2"><al> € 210.258,38 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>12</al></entry><entry colname="col2"><al> € 227.079,05 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>13</al></entry><entry colname="col2"><al> € 243.899,72 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Volgende groep</al></entry><entry colname="col2"><al> € 16.820,67 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="73*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="27*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Vergoeding speciale school voor
                                        basisonderwijs</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Aantal groepen</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4</al></entry><entry colname="col2"><al> € 117.744,69 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5</al></entry><entry colname="col2"><al> € 134.565,36 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Volgende groep</al></entry><entry colname="col2"><al> € 16.820,67 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><tussenkop>1.6 Gymnastiek Bouwkosten nieuwbouw/uitbreiding </tussenkop><tussenkop>Nieuwbouw</tussenkop><al>De vergoeding van de bouwkosten voor nieuwbouw van een gymnastiekzaal voor zowel
                    een basisschool als een speciale school voor basisonderwijs met een
                    bruto-vloeroppervlakte van 455 m2 bedraagt € 795.708,24 (op het schoolterrein)
                    respectievelijk € 811.801,91 (op afzonderlijk terrein). Deze vergoeding omvat
                    tevens de kosten van fundering op staal, alsmede de inrichting van het terrein.
                    De grondkosten zijn hierin niet begrepen. Indien paalfundering noodzakelijk is,
                    wordt een toeslag gegeven afhankelijk van de benodigde paallengte. </al><al> De vergoeding wordt bepaald op basis van de volgende bedragen: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="64*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="36*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Paallengte 1&lt;15 meter</al></entry><entry colname="col2"><al> € 16.004,79 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Paallengte 15&lt;20 meter</al></entry><entry colname="col2"><al> € 22.063,44 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Paallengte &gt;20 meter</al></entry><entry colname="col2"><al> € 30.987,13 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>Uitbreiding </cursief>Bij uitbreiding van gymnastiekruimte
                    wordt in eerste instantie aangesloten bij de vergoeding voor nieuwbouw van een
                    gymnastiekzaal met een bruto-vloeroppervlakte van 455 m2. Bij kleine
                    gymnastiekzalen, waarvan de oefenvloer een oppervlakte heeft van 140 m2 of
                    minder, kan de oefenvloer worden uitgebreid tot een oppervlakte van 252 m2.
                    Afhankelijk van de benodigde uitbreiding zien de bedragen voor zowel een
                    basisschool als een speciale school voor basisonderwijs er als volgt uit: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="68*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="32*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Uitbreiding met 112 t/m 120 m2</al></entry><entry colname="col2"><al> € 184.872,77 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Uitbreiding met 120 t/m 150 m2</al></entry><entry colname="col2"><al> € 224.738,22 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al> Indien bij de uitbreiding van de oefenvloer paalfundering noodzakelijk is,
                    wordt een toeslag gegeven afhankelijk van de benodigde paallengte. De vergoeding
                    wordt bepaald op basis van de volgende bedragen: </al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="42*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="29*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="29*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>112-120m2</al></entry><entry colname="col3"><al>121-150m2</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Paallengte 1&lt;15m</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 7.165,07</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 8.959,25</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Paallengte 15&lt;20m</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 12.410,30</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 15.508,89</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Paallengte &gt;=20m</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 20.289,49</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 25.361,85</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>OLP/meubilair </cursief>De vergoeding voor de eerste
                    inrichting met OLP/meubilair voor een gymnastiekzaal bedraagt voor zowel een
                    basisschool als een speciale school voor basisonderwijs € 48.021,60.</al><al><vet>2 School voor (voortgezet) speciaal onderwijs </vet> In dit hoofdstuk
                    zijn genormeerde bedragen opgenomen voor: </al><lijst><li nr="-"><al>nieuwbouw (paragraaf 2.1);</al></li><li nr="-"><al>uitbreiding (paragraaf 2.2);</al></li><li nr="-"><al>tijdelijke voorziening (paragraaf 2.3);</al></li><li nr="-"><al>eerste inrichting met onderwijsleerpakket en meubilair (paragraaf 2.4)
                            en</al></li><li nr="-"><al>gymnastiek (paragraaf 2.5).</al></li></lijst><al>Bij toekenning van nieuwbouw of uitbreiding van een nevenvestiging zijn deze
                    normbedragen niet van toepassing. Deze voorzieningen worden toegekend op basis
                    van deel B van dit hoofdstuk. Daar waar in de financiële normering voor het
                    (voortgezet) speciaal onderwijs sprake is van een 'bedrag vaste voet' is dit
                    bedrag mede bestemd voor het aantal groepsruimten dat onderdeel is van de vaste
                    voet aan brutovloeroppervlakte zoals weergegeven in tabel 4 ruimtenormering
                    (v)so. Het 'bedrag per groep' in de financiële normering is het bedrag dat wordt
                    vergoed voor iedere groep bovenop het aantal groepen dat onderdeel is van de
                    vaste voet. Bij toekenning van nieuwbouw of uitbreiding van een nevenvestiging
                    zijn deze normbedragen niet van toepassing. Deze voorzieningen worden toegekend
                    op basis van deel B van deze bijlage. </al><al><vet>2.1 Nieuwbouw (permanente bouwaard) </vet>De financiële normering
                    valt uiteen in een zestal kostencomponenten, te weten: </al><lijst><li nr="-"><al>kosten voor terrein;</al></li><li nr="-"><al>bouwkosten;</al></li><li nr="-"><al>toeslag voor paalfundering;</al></li><li nr="-"><al>toeslag voor het realiseren van een afzonderlijk speellokaal;</al></li><li nr="-"><al>toeslag voor het aanbrengen van een liftinstallatie;</al></li><li nr="-"><al>toeslag voor sloopkosten, herstel van terreinen en verhuiskosten bij
                            vervangende bouw.</al></li></lijst><al>In het geval van vervangende nieuwbouw waarbij sprake is van uitbreiding van een
                    gebouw ter vervanging van een ander gebouw, gelden de bedragen zoals opgenomen
                    in de financiële normering voor uitbreiding (permanente bouwaard).
                        <cursief>Kosten voor terreinen </cursief>Er is geen genormeerd
                    bedrag per vierkante meter opgenomen, aangezien de gemeente het terrein om niet
                    beschikbaar (eventueel na aankoop) stelt en het juridisch eigendom overdraagt
                    aan het schoolbestuur. Indien een terrein dient te worden aangekocht zullen de
                    kosten zichtbaar moeten worden gemaakt ten behoeve van het programma. Bij het
                    beschikbaar stellen van gemeentelijke terreinen kan het, ten behoeve van de
                    interne verrekening tussen de gemeentelijke diensten, wenselijk zijn om de
                    kosten van de terreinen zichtbaar te maken. Voor de bepaling van de kosten voor
                    het terrein wordt aangesloten bij de in de gemeente gangbare wijze van
                    waardevaststelling van terreinen. Voor de bepaling van de minimale omvang van
                    het terrein wordt verwezen naar bijlage III, deel D. <cursief>Bouwkosten
                    </cursief>De bouwkosten omvatten de bouwkosten van het gebouw,
                    inclusief fundering op staal, alsmede aanleg en inrichting van het
                    schoolterrein. De vergoeding bestaat uit een vast bedrag en een bedrag per
                    groep. Per schoolsoort is er een schoolsoortspecifieke correctiefactor. Met deze
                    vergoedingsbedragen kan de in bijlage III aangegeven bruto-vloeroppervlakte
                    worden gerealiseerd. </al><al>De vergoeding wordt bepaald op basis van de volgende bedragen (in euro): </al><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="20*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="24*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="27*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="29*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Vaste voet</al></entry><entry colname="col3"><al>Bedrag per groep</al></entry><entry colname="col4"><al>Bedrag toeslag ER</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-doven</al></entry><entry colname="col2"><al>1.265.500,54</al></entry><entry colname="col3"><al>96.546,07</al></entry><entry colname="col4"><al>135.164,14</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al>1.086.822,51</al></entry><entry colname="col3"><al>123.490,64</al></entry><entry colname="col4"><al>168.986,89</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-visg</al></entry><entry colname="col2"><al>1.227.313,40</al></entry><entry colname="col3"><al>126.001,99</al></entry><entry colname="col4"><al>152.252,05</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-lg</al></entry><entry colname="col2"><al>1.388.753,34</al></entry><entry colname="col3"><al>175.877,34</al></entry><entry colname="col4"><al>196.877,88</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-lz</al></entry><entry colname="col2"><al>1.099.821,26</al></entry><entry colname="col3"><al>129.990,01</al></entry><entry colname="col4"><al>136.489,39</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>1.050.945,06</al></entry><entry colname="col3"><al>125.888,59</al></entry><entry colname="col4"><al>132.514,24</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>1.050.945,06</al></entry><entry colname="col3"><al>125.888,59</al></entry><entry colname="col4"><al>139.139,89</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-pi</al></entry><entry colname="col2"><al>1.017.927,76</al></entry><entry colname="col3"><al>123.490,64</al></entry><entry colname="col4"><al>119.590,88</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-mg</al></entry><entry colname="col2"><al>1.223.311,90</al></entry><entry colname="col3"><al>142.988,77</al></entry><entry colname="col4"><al>171.586,52</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-doven</al></entry><entry colname="col2"><al>1.284.960,68</al></entry><entry colname="col3"><al>107.071,47</al></entry><entry colname="col4"><al>76.479,71</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al>982.866,18</al></entry><entry colname="col3"><al>107.071,47</al></entry><entry colname="col4"><al>82.852,82</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-visg</al></entry><entry colname="col2"><al>1.128.419,02</al></entry><entry colname="col3"><al>114.391,01</al></entry><entry colname="col4"><al>58.495,63</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-lg</al></entry><entry colname="col2"><al>1.201.136,90</al></entry><entry colname="col3"><al>141.600,38</al></entry><entry colname="col4"><al>90.109,22</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-lz</al></entry><entry colname="col2"><al>998.162,37</al></entry><entry colname="col3"><al>101.972,74</al></entry><entry colname="col4"><al>114.718,95</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>1.050.425,26</al></entry><entry colname="col3"><al>120.890,39</al></entry><entry colname="col4"><al>103.991,88</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>1.040.227,19</al></entry><entry colname="col3"><al>102.982,31</al></entry><entry colname="col4"><al>131.302,39</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-pi</al></entry><entry colname="col2"><al>947.175,69</al></entry><entry colname="col3"><al>101.972,74</al></entry><entry colname="col4"><al>95.599,64</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-mg</al></entry><entry colname="col2"><al>1.189.361,03</al></entry><entry colname="col3"><al>144.036,34</al></entry><entry colname="col4"><al>76.479,71</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Voor SOVSO-scholen gelden de volgende bedragen (in euro): </al><table><tgroup cols="6"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="18*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="16*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="16*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="16*"/><colspec colname="col5" colnum="5" colwidth="16*"/><colspec colname="col6" colnum="6" colwidth="16*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Vaste voet</al></entry><entry colname="col3"><al>Bedrag per groep</al></entry><entry colname="col4"><al>Correctie per groep</al></entry><entry colname="col5"><al>SO</al></entry><entry colname="col6"><al>VSO</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-doven</al></entry><entry colname="col2"><al>1.253.093,92</al></entry><entry colname="col3"><al>98.148,39</al></entry><entry colname="col4"><al>8.922,46</al></entry><entry colname="col5"><al>133.838,88</al></entry><entry colname="col6"><al>76.479,71</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al>1.076.270,75</al></entry><entry colname="col3"><al>123.578,90</al></entry><entry colname="col4"><al>15.447,60</al></entry><entry colname="col5"><al>148.037,23</al></entry><entry colname="col6"><al>77.236,74</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-visg</al></entry><entry colname="col2"><al>1.239.115,02</al></entry><entry colname="col3"><al>127.213,23</al></entry><entry colname="col4"><al>13.251,30</al></entry><entry colname="col5"><al>153.716,45</al></entry><entry colname="col6"><al>59.631,47</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-lg</al></entry><entry colname="col2"><al>1.388.753,34</al></entry><entry colname="col3"><al>177.190,34</al></entry><entry colname="col4"><al>35.437,95</al></entry><entry colname="col5"><al>177.190,34</al></entry><entry colname="col6"><al>91.876,42</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-lz</al></entry><entry colname="col2"><al>1.089.143,84</al></entry><entry colname="col3"><al>127.440,64</al></entry><entry colname="col4"><al>18.022,09</al></entry><entry colname="col5"><al>154.473,47</al></entry><entry colname="col6"><al>83.672,98</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>1.060.953,72</al></entry><entry colname="col3"><al>129.762,60</al></entry><entry colname="col4"><al>2.675,63</al></entry><entry colname="col5"><al>133.775,74</al></entry><entry colname="col6"><al>107.020,60</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>1.050.945,06</al></entry><entry colname="col3"><al>139.139,89</al></entry><entry colname="col4"><al>25.177,96</al></entry><entry colname="col5"><al>72.882,77</al></entry><entry colname="col6"><al>112.636,68</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-pi</al></entry><entry colname="col2"><al>1.027.810,76</al></entry><entry colname="col3"><al>124.689,61</al></entry><entry colname="col4"><al>15.750,41-</al></entry><entry colname="col5"><al>120.751,86</al></entry><entry colname="col6"><al>78.751,40</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-mg</al></entry><entry colname="col2"><al>1.211.434,88</al></entry><entry colname="col3"><al>139.025,88</al></entry><entry colname="col4"><al>6.436,24</al></entry><entry colname="col5"><al>169.921,07</al></entry><entry colname="col6"><al>64.363,64</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>Toeslag voor paalfundering </cursief>Bij de hiervoor genoemde
                    bouwkosten is rekening gehouden met fundering van het gebouw op staal. In veel
                    gevallen zal echter ook fundering op palen nodig zijn. De kosten variëren met de
                    lengte van de paalfundering; er zijn drie categorieën, te weten 1 tot 15 meter,
                    15 tot 20 meter en 20 meter en langer. De vergoeding is uitgedrukt in een vast
                    bedrag (inclusief het aantal bijbehorende groepen), een bedrag voor elke extra
                    groep alsmede een bedrag voor de toekenning van extra ruimte. De vergoeding
                    wordt bepaald op basis van de volgende bedragen (in euro): </al><table><tgroup cols="10"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="8*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="11*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="11*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="11*"/><colspec colname="col5" colnum="5" colwidth="10*"/><colspec colname="col6" colnum="6" colwidth="10*"/><colspec colname="col7" colnum="7" colwidth="10*"/><colspec colname="col8" colnum="8" colwidth="10*"/><colspec colname="col9" colnum="9" colwidth="10*"/><colspec colname="col10" colnum="10" colwidth="10*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>bedragen</al></entry><entry colname="col3"><al>vaste</al></entry><entry colname="col4"><al>voet</al></entry><entry colname="col5"><al>bedragen </al></entry><entry colname="col6"><al>per</al></entry><entry colname="col7"><al>groep</al></entry><entry colname="col8"><al>bedragen</al></entry><entry colname="col9"><al>toeslag</al></entry><entry colname="col10"><al>ER</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>1&lt;15</al></entry><entry colname="col3"><al>15&lt;20</al></entry><entry colname="col4"><al>&gt;=20</al></entry><entry colname="col5"><al>1&lt;15</al></entry><entry colname="col6"><al>15&lt;20</al></entry><entry colname="col7"><al>&gt;=20</al></entry><entry colname="col8"><al>1&lt;15</al></entry><entry colname="col9"><al>15&lt;20</al></entry><entry colname="col10"><al>&gt;=20</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-doven</al></entry><entry colname="col2"><al>17.848,61</al></entry><entry colname="col3"><al>28.014,20</al></entry><entry colname="col4"><al>47.546,05</al></entry><entry colname="col5"><al>1.386,56</al></entry><entry colname="col6"><al>2.345,25</al></entry><entry colname="col7"><al>4.195,82</al></entry><entry colname="col8"><al>1.940,68</al></entry><entry colname="col9"><al>3.283,09</al></entry><entry colname="col10"><al>5.874,14</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al>15.131,29</al></entry><entry colname="col3"><al>23.418,11</al></entry><entry colname="col4"><al>39.321,75</al></entry><entry colname="col5"><al>1.756,17</al></entry><entry colname="col6"><al>2.970,47</al></entry><entry colname="col7"><al>5.315,11</al></entry><entry colname="col8"><al>2.402,86</al></entry><entry colname="col9"><al>4.064,64</al></entry><entry colname="col10"><al>7.272,96</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-visg</al></entry><entry colname="col2"><al>16.961,64</al></entry><entry colname="col3"><al>26.513,64</al></entry><entry colname="col4"><al>44.860,61</al></entry><entry colname="col5"><al>1.774,56</al></entry><entry colname="col6"><al>3.001,74</al></entry><entry colname="col7"><al>5.370,89</al></entry><entry colname="col8"><al>2.144,19</al></entry><entry colname="col9"><al>3.626,98</al></entry><entry colname="col10"><al>6.489,57</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-lg</al></entry><entry colname="col2"><al>19.235,17</al></entry><entry colname="col3"><al>30.359,44</al></entry><entry colname="col4"><al>51.741,86</al></entry><entry colname="col5"><al>2.477,04</al></entry><entry colname="col6"><al>4.190,30</al></entry><entry colname="col7"><al>7.496,69</al></entry><entry colname="col8"><al>2.773,10</al></entry><entry colname="col9"><al>4.690,49</al></entry><entry colname="col10"><al>8.392,24</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-lz</al></entry><entry colname="col2"><al>15.316,42</al></entry><entry colname="col3"><al>23.730,73</al></entry><entry colname="col4"><al>39.881,40</al></entry><entry colname="col5"><al>1.848,74</al></entry><entry colname="col6"><al>3.126,78</al></entry><entry colname="col7"><al>5.594,62</al></entry><entry colname="col8"><al>1.940,68</al></entry><entry colname="col9"><al>3.283,09</al></entry><entry colname="col10"><al>5.874,14</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>14.336,27</al></entry><entry colname="col3"><al>22.073,25</al></entry><entry colname="col4"><al>36.915,83</al></entry><entry colname="col5"><al>1.756,17</al></entry><entry colname="col6"><al>2.970,47</al></entry><entry colname="col7"><al>5.315,11</al></entry><entry colname="col8"><al>1.848,74</al></entry><entry colname="col9"><al>3.126,78</al></entry><entry colname="col10"><al>5.594,62</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>14.336,27</al></entry><entry colname="col3"><al>22.073,25</al></entry><entry colname="col4"><al>36.915,83</al></entry><entry colname="col5"><al>1.756,17</al></entry><entry colname="col6"><al>2.970,47</al></entry><entry colname="col7"><al>5.315,11</al></entry><entry colname="col8"><al>1.940,68</al></entry><entry colname="col9"><al>3.283,09</al></entry><entry colname="col10"><al>5.874,14</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-pi</al></entry><entry colname="col2"><al>14.151,76</al></entry><entry colname="col3"><al>21.760,63</al></entry><entry colname="col4"><al>36.356,79</al></entry><entry colname="col5"><al>1.756,17</al></entry><entry colname="col6"><al>2.970,47</al></entry><entry colname="col7"><al>5.315,11</al></entry><entry colname="col8"><al>1.700,39</al></entry><entry colname="col9"><al>2.876,69</al></entry><entry colname="col10"><al>5.147,15</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-mg</al></entry><entry colname="col2"><al>17.072,59</al></entry><entry colname="col3"><al>26.701,21</al></entry><entry colname="col4"><al>45.195,89</al></entry><entry colname="col5"><al>2.033,24</al></entry><entry colname="col6"><al>3.439,40</al></entry><entry colname="col7"><al>6.154,27</al></entry><entry colname="col8"><al>2.440,25</al></entry><entry colname="col9"><al>4.127,17</al></entry><entry colname="col10"><al>7.385,13</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-doven</al></entry><entry colname="col2"><al>18.310,91</al></entry><entry colname="col3"><al>28.796,11</al></entry><entry colname="col4"><al>48.944,64</al></entry><entry colname="col5"><al>1.552,78</al></entry><entry colname="col6"><al>2.626,56</al></entry><entry colname="col7"><al>4.699,54</al></entry><entry colname="col8"><al>1.109,12</al></entry><entry colname="col9"><al>1.876,12</al></entry><entry colname="col10"><al>3.356,82</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al>13.929,86</al></entry><entry colname="col3"><al>21.385,44</al></entry><entry colname="col4"><al>35.685,21</al></entry><entry colname="col5"><al>1.552,78</al></entry><entry colname="col6"><al>2.626,56</al></entry><entry colname="col7"><al>4.699,54</al></entry><entry colname="col8"><al>1.201,55</al></entry><entry colname="col9"><al>2.032,45</al></entry><entry colname="col10"><al>3.636,55</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-visg</al></entry><entry colname="col2"><al>15.722,95</al></entry><entry colname="col3"><al>24.418,50</al></entry><entry colname="col4"><al>41.112,07</al></entry><entry colname="col5"><al>1.626,71</al></entry><entry colname="col6"><al>2.751,64</al></entry><entry colname="col7"><al>4.923,33</al></entry><entry colname="col8"><al>831,85</al></entry><entry colname="col9"><al>1.407,09</al></entry><entry colname="col10"><al>2.517,61</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-lg</al></entry><entry colname="col2"><al>16.924,51</al></entry><entry colname="col3"><al>26.450,95</al></entry><entry colname="col4"><al>44.748,63</al></entry><entry colname="col5"><al>2.033,39</al></entry><entry colname="col6"><al>3.439,54</al></entry><entry colname="col7"><al>6.154,16</al></entry><entry colname="col8"><al>1.293,98</al></entry><entry colname="col9"><al>2.188,80</al></entry><entry colname="col10"><al>3.916,29</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-lz</al></entry><entry colname="col2"><al>14.151,69</al></entry><entry colname="col3"><al>21.760,66</al></entry><entry colname="col4"><al>36.356,57</al></entry><entry colname="col5"><al>1.478,84</al></entry><entry colname="col6"><al>2.501,49</al></entry><entry colname="col7"><al>4.475,76</al></entry><entry colname="col8"><al>1.663,68</al></entry><entry colname="col9"><al>2.814,18</al></entry><entry colname="col10"><al>5.035,23</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>14.613,83</al></entry><entry colname="col3"><al>22.542,37</al></entry><entry colname="col4"><al>37.755,25</al></entry><entry colname="col5"><al>1.719,14</al></entry><entry colname="col6"><al>2.907,98</al></entry><entry colname="col7"><al>5.203,07</al></entry><entry colname="col8"><al>1.478,84</al></entry><entry colname="col9"><al>2.501,49</al></entry><entry colname="col10"><al>4.475,76</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>14.613,83</al></entry><entry colname="col3"><al>22.542,37</al></entry><entry colname="col4"><al>37.755,25</al></entry><entry colname="col5"><al>1.478,84</al></entry><entry colname="col6"><al>2.501,49</al></entry><entry colname="col7"><al>4.475,76</al></entry><entry colname="col8"><al>1.885,51</al></entry><entry colname="col9"><al>3.189,40</al></entry><entry colname="col10"><al>5.706,59</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-pi</al></entry><entry colname="col2"><al>13.412,28</al></entry><entry colname="col3"><al>20.509,92</al></entry><entry colname="col4"><al>34.118,69</al></entry><entry colname="col5"><al>1.478,84</al></entry><entry colname="col6"><al>2.501,49</al></entry><entry colname="col7"><al>4.475,76</al></entry><entry colname="col8"><al>1.386,40</al></entry><entry colname="col9"><al>2.345,14</al></entry><entry colname="col10"><al>4.196,03</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-mg</al></entry><entry colname="col2"><al>16.924,51</al></entry><entry colname="col3"><al>26.450,95</al></entry><entry colname="col4"><al>44.748,63</al></entry><entry colname="col5"><al>2.088,86</al></entry><entry colname="col6"><al>3.533,35</al></entry><entry colname="col7"><al>6.322,01</al></entry><entry colname="col8"><al>1.109,12</al></entry><entry colname="col9"><al>1.876,12</al></entry><entry colname="col10"><al>3.356,82</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>De volgende bedragen (in euro) vormen de toeslag voor de paalfundering voor
                    SOVSO-scholen. Naast deze bedragen hebben SOVSO-scholen ook recht op een bedrag
                    voor de vaste voet. Dit bedrag is gelijk aan het bedrag voor de vaste voet van
                    de SO-component van de SOVSO-school. </al><table><tgroup cols="13"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="8*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="8*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="8*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="8*"/><colspec colname="col5" colnum="5" colwidth="8*"/><colspec colname="col6" colnum="6" colwidth="8*"/><colspec colname="col7" colnum="7" colwidth="8*"/><colspec colname="col8" colnum="8" colwidth="8*"/><colspec colname="col9" colnum="9" colwidth="8*"/><colspec colname="col10" colnum="10" colwidth="8*"/><colspec colname="col11" colnum="11" colwidth="8*"/><colspec colname="col12" colnum="12" colwidth="8*"/><colspec colname="col13" colnum="13" colwidth="8*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Bedragen</al></entry><entry colname="col3"><al>per</al></entry><entry colname="col4"><al>groep</al></entry><entry colname="col5"><al>Bedragen correctie</al></entry><entry colname="col6"><al>per groep</al></entry><entry colname="col7"><al>VSO</al></entry><entry colname="col8"><al>Bedragen</al></entry><entry colname="col9"><al>toeslag ER</al></entry><entry colname="col10"><al>SO</al></entry><entry colname="col11"><al>Bedragen</al></entry><entry colname="col12"><al>toeslag ER</al></entry><entry colname="col13"><al>VSO</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>1&lt;15</al></entry><entry colname="col3"><al>15&lt;20</al></entry><entry colname="col4"><al>&gt;=20</al></entry><entry colname="col5"><al>1&lt;15</al></entry><entry colname="col6"><al>15&lt;20</al></entry><entry colname="col7"><al>&gt;=20</al></entry><entry colname="col8"><al>1&lt;15</al></entry><entry colname="col9"><al>15&lt;20</al></entry><entry colname="col10"><al>&gt;=20</al></entry><entry colname="col11"><al>1&lt;15</al></entry><entry colname="col12"><al>15&gt;20</al></entry><entry colname="col13"><al>&gt;=20</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-doven</al></entry><entry colname="col2"><al>1.423,37</al></entry><entry colname="col3"><al>2.407,68</al></entry><entry colname="col4"><al>4.307,91</al></entry><entry colname="col5"><al>129,39</al></entry><entry colname="col6"><al>218,88</al></entry><entry colname="col7"><al>391,63</al></entry><entry colname="col8"><al>1.940,97</al></entry><entry colname="col9"><al>3.283,20</al></entry><entry colname="col10"><al>5.874,43</al></entry><entry colname="col11"><al>1.109,12</al></entry><entry colname="col12"><al>1.876,12</al></entry><entry colname="col13"><al>3.356,82</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al>1.774,59</al></entry><entry colname="col3"><al>3.001,79</al></entry><entry colname="col4"><al>5.370,90</al></entry><entry colname="col5"><al>221,83-</al></entry><entry colname="col6"><al>375,23-</al></entry><entry colname="col7"><al>671,36-</al></entry><entry colname="col8"><al>2.125,83</al></entry><entry colname="col9"><al>3.595,89</al></entry><entry colname="col10"><al>6.433,91</al></entry><entry colname="col11"><al>1.109,12</al></entry><entry colname="col12"><al>1.876,12</al></entry><entry colname="col13"><al>3.356,82</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-visg</al></entry><entry colname="col2"><al>1.774,59</al></entry><entry colname="col3"><al>3.001,79</al></entry><entry colname="col4"><al>5.370,90</al></entry><entry colname="col5"><al>184,86-</al></entry><entry colname="col6"><al>312,69-</al></entry><entry colname="col7"><al>559,47-</al></entry><entry colname="col8"><al>2.144,31</al></entry><entry colname="col9"><al>3.627,16</al></entry><entry colname="col10"><al>6.489,85</al></entry><entry colname="col11"><al>831,85</al></entry><entry colname="col12"><al>1.407,09</al></entry><entry colname="col13"><al>2.517,61</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-lg</al></entry><entry colname="col2"><al>2.495,53</al></entry><entry colname="col3"><al>4.221,27</al></entry><entry colname="col4"><al>7.552,84</al></entry><entry colname="col5"><al>499,11-</al></entry><entry colname="col6"><al>844,25-</al></entry><entry colname="col7"><al>1.510,56</al></entry><entry colname="col8"><al>2.495,53</al></entry><entry colname="col9"><al>4.221,27</al></entry><entry colname="col10"><al>7.552,84</al></entry><entry colname="col11"><al>1.293,98</al></entry><entry colname="col12"><al>2.188,80</al></entry><entry colname="col13"><al>3.916,29</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-lz</al></entry><entry colname="col2"><al>1.830,06</al></entry><entry colname="col3"><al>3.095,60</al></entry><entry colname="col4"><al>5.538,75</al></entry><entry colname="col5"><al>258,80-</al></entry><entry colname="col6"><al>437,76-</al></entry><entry colname="col7"><al>783,26-</al></entry><entry colname="col8"><al>2.218,25</al></entry><entry colname="col9"><al>3.752,23</al></entry><entry colname="col10"><al>6.713,64</al></entry><entry colname="col11"><al>1.201,55</al></entry><entry colname="col12"><al>2.032,45</al></entry><entry colname="col13"><al>3.636,55</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>1.793,09</al></entry><entry colname="col3"><al>3.033,06</al></entry><entry colname="col4"><al>5.426,86</al></entry><entry colname="col5"><al>36,97</al></entry><entry colname="col6"><al>62,54</al></entry><entry colname="col7"><al>111,90</al></entry><entry colname="col8"><al>1.848,54</al></entry><entry colname="col9"><al>3.126,87</al></entry><entry colname="col10"><al>5.594,70</al></entry><entry colname="col11"><al>1.478,84</al></entry><entry colname="col12"><al>2.501,49</al></entry><entry colname="col13"><al>4.475,76</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>1.940,97</al></entry><entry colname="col3"><al>3.283,20</al></entry><entry colname="col4"><al>5.874,43</al></entry><entry colname="col5"><al>351,22</al></entry><entry colname="col6"><al>594,11</al></entry><entry colname="col7"><al>1.062,99</al></entry><entry colname="col8"><al>1.016,70</al></entry><entry colname="col9"><al>1.719,78</al></entry><entry colname="col10"><al>3.077,08</al></entry><entry colname="col11"><al>1.571,26</al></entry><entry colname="col12"><al>2.657,83</al></entry><entry colname="col13"><al>4.755,49</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-pi</al></entry><entry colname="col2"><al>1.756,12</al></entry><entry colname="col3"><al>2.970,52</al></entry><entry colname="col4"><al>5.314,96</al></entry><entry colname="col5"><al>221,83-</al></entry><entry colname="col6"><al>375,23-</al></entry><entry colname="col7"><al>671,36-</al></entry><entry colname="col8"><al>1.700,65</al></entry><entry colname="col9"><al>2.876,71</al></entry><entry colname="col10"><al>5.147,12</al></entry><entry colname="col11"><al>1.109,12</al></entry><entry colname="col12"><al>1.876,12</al></entry><entry colname="col13"><al>3.356,82</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-mg</al></entry><entry colname="col2"><al>1.996,42</al></entry><entry colname="col3"><al>3.377,01</al></entry><entry colname="col4"><al>6.042,28</al></entry><entry colname="col5"><al>92,42</al></entry><entry colname="col6"><al>156,34</al></entry><entry colname="col7"><al>279,73</al></entry><entry colname="col8"><al>2.440,08</al></entry><entry colname="col9"><al>4.127,46</al></entry><entry colname="col10"><al>7.385,00</al></entry><entry colname="col11"><al>924,27</al></entry><entry colname="col12"><al>1.563,43</al></entry><entry colname="col13"><al>2.797,35</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>Toeslag voor een speellokaal </cursief>In de hierboven
                    genoemde bedragen is geen rekening gehouden met de toewijzing van een
                    speellokaal. De toeslag bestaat uit een vast bedrag per ruimte, afhankelijk van
                    de lengte van de paalfundering, waarmee 90 m2 ruimte gerealiseerd kan worden. </al><al>De vergoeding wordt bepaald op basis van de volgende bedragen: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="70*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="30*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Geen paalfundering nodig</al></entry><entry colname="col2"><al> € 113.567,18 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Lengte paalfundering 1&lt;15 meter</al></entry><entry colname="col2"><al> € 115.221,59 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Lengte paalfundering 15&lt;20 meter</al></entry><entry colname="col2"><al> € 116.366,02 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Lengte paalfundering &gt;=20 meter</al></entry><entry colname="col2"><al> € 118.576,41 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>Toeslag voor liftinstallatie </cursief>Indien bij nieuwbouw
                    van een school een liftinstallatie wordt aangebracht geldt het volgende
                    vergoedingsbedrag: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="67*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="33*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Lift, incl. aanbrengen schacht</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 114.375,69</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>Toeslag voor sloopkosten, herstel van terrein en verhuiskosten bij
                        vervangende bouw </cursief>Indien vervangende nieuwbouw
                    plaatsvindt, bestaat de mogelijkheid dat het oude schoolgebouw gesloopt dient te
                    worden. Het desbetreffende terrein moet daarna worden hersteld en indien de
                    vervangende nieuwbouw op dezelfde plaats wordt gerealiseerd, dienen de
                    leerlingen te verhuizen naar een tijdelijke, vervangende locatie. De genormeerde
                    vergoeding zoals hieronder opgenomen is gebaseerd op een vast bedrag per groep,
                    afhankelijk van het type huisvesting dat gesloopt dient te worden. De
                    genormeerde vergoeding voor sloopkosten (inclusief eventuele verhuiskosten)
                    wordt bepaald op basis van de volgende bedragen: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="60*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="40*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Permanente bouw </al></entry><entry colname="col2"><al> € 5.763,19 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Tijdelijke bouw</al></entry><entry colname="col2"><al> € 2.882,83 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Ten behoeve van de nieuwbouw voor voorzieningen in het kader van het
                    groep-gekoppeld-aan-schoolmodel gelden de normeringen zoals hierboven vermeld
                    voor de desbetreffende onderwijssoort </al><al><vet>2.2 Uitbreiding (permanente bouwaard) </vet>Voor uitbreiding van de
                    huisvesting in een permanente bouwaard tot 1000 m2 bruto-vloeroppervlakte is
                    onderstaand de financiële normering weergegeven. Bij grotere uitbreidingen dient
                    te worden uitgegaan van de financiële normering voor nieuwbouw (permanente
                    bouwaard) (paragraaf 2.1). <cursief>Kosten voor terreinen </cursief>Er
                    is geen genormeerd bedrag per vierkante meter opgenomen. Indien uitbreiding van
                    het terrein noodzakelijk is, wordt bij de bepaling van de kosten voor het
                    terrein dezelfde systematiek gevolgd als bij nieuwbouw (paragraaf 2.1).
                        <cursief>Bouwkosten </cursief>De bouwkosten omvatten de bouwkosten
                    van het lokaal, inclusief fundering op staal, alsmede aanleg en inrichting van
                    een deel van het schoolterrein. De vergoeding bestaat uit een vast bedrag, een
                    bedrag per groep en, indien van toepassing, een toeslag voor extra ruimte. Met
                    deze vergoedingsbedragen kan de in bijlage III aangegeven bruto-vloeroppervlakte
                    worden gerealiseerd. </al><al> De vergoeding wordt bepaald op basis van de volgende bedragen (in euro): </al><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="19*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="26*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="25*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="29*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Bedrag vaste voet</al></entry><entry colname="col3"><al>Bedrag per groep</al></entry><entry colname="col4"><al>Toeslag extra ruimte</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-doven</al></entry><entry colname="col2"><al>95.635,41</al></entry><entry colname="col3"><al>109.503,51</al></entry><entry colname="col4"><al>153.304,92</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al>97.548,12</al></entry><entry colname="col3"><al>141.478,55</al></entry><entry colname="col4"><al>193.602,21</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-visg</al></entry><entry colname="col2"><al>98.504,48</al></entry><entry colname="col3"><al>144.369,43</al></entry><entry colname="col4"><al>174.446,40</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-lg</al></entry><entry colname="col2"><al>98.504,48</al></entry><entry colname="col3"><al>201.515,67</al></entry><entry colname="col4"><al>225.577,24</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-lz</al></entry><entry colname="col2"><al>97.548,12</al></entry><entry colname="col3"><al>148.924,78</al></entry><entry colname="col4"><al>156.371,02</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>97.548,12</al></entry><entry colname="col3"><al>141.478,55</al></entry><entry colname="col4"><al>148.924,78</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>97.548,12</al></entry><entry colname="col3"><al>141.478,55</al></entry><entry colname="col4"><al>156.371,02</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-pi</al></entry><entry colname="col2"><al>96.591,77</al></entry><entry colname="col3"><al>140.091,50</al></entry><entry colname="col4"><al>135.667,55</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-mg</al></entry><entry colname="col2"><al>97.548,12</al></entry><entry colname="col3"><al>163.817,25</al></entry><entry colname="col4"><al>196.580,71</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-doven</al></entry><entry colname="col2"><al>95.635,41</al></entry><entry colname="col3"><al>122.643,94</al></entry><entry colname="col4"><al>87.602,82</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al>95.635,41</al></entry><entry colname="col3"><al>122.643,94</al></entry><entry colname="col4"><al>94.903,04</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-visg</al></entry><entry colname="col2"><al>96.591,77</al></entry><entry colname="col3"><al>129.768,96</al></entry><entry colname="col4"><al>66.359,13</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-lg</al></entry><entry colname="col2"><al>96.591,77</al></entry><entry colname="col3"><al>162.211,21</al></entry><entry colname="col4"><al>103.225,31</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-lz</al></entry><entry colname="col2"><al>94.679,05</al></entry><entry colname="col3"><al>115.635,71</al></entry><entry colname="col4"><al>130.090,18</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>96.591,77</al></entry><entry colname="col3"><al>137.142,20</al></entry><entry colname="col4"><al>117.971,79</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>96.591,77</al></entry><entry colname="col3"><al>117.971,79</al></entry><entry colname="col4"><al>150.414,02</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-pi</al></entry><entry colname="col2"><al>94.679,05</al></entry><entry colname="col3"><al>115.635,71</al></entry><entry colname="col4"><al>108.408,48</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-mg</al></entry><entry colname="col2"><al>96.591,77</al></entry><entry colname="col3"><al>166.635,15</al></entry><entry colname="col4"><al>88.478,84</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>De vergoeding wordt bepaald op basis van de volgende bedragen (in euro): </al><table><tgroup cols="6"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="14*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="16*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="16*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="20*"/><colspec colname="col5" colnum="5" colwidth="19*"/><colspec colname="col6" colnum="6" colwidth="14*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Bedrag vaste voet</al></entry><entry colname="col3"><al>Bedrag per groep</al></entry><entry colname="col4"><al>Bedrag correctie SOSVO</al></entry><entry colname="col5"><al>Toeslagen extra ruimte</al></entry><entry colname="col6"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al>SO</al></entry><entry colname="col6"><al>VSO</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-doven</al></entry><entry colname="col2"><al>95.635,41</al></entry><entry colname="col3"><al>112.423,61</al></entry><entry colname="col4"><al>10.220,33</al></entry><entry colname="col5"><al>153.304,92</al></entry><entry colname="col6"><al>87.602,82</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al>97.548,12</al></entry><entry colname="col3"><al>142.967,79</al></entry><entry colname="col4"><al>17.870,98</al></entry><entry colname="col5"><al>171.263,50</al></entry><entry colname="col6"><al>89.354,87</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-visg</al></entry><entry colname="col2"><al>98.504,48</al></entry><entry colname="col3"><al>144.369,43</al></entry><entry colname="col4"><al>15.038,48</al></entry><entry colname="col5"><al>174.446,40</al></entry><entry colname="col6"><al>67.673,17</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-lg</al></entry><entry colname="col2"><al>99.460,83</al></entry><entry colname="col3"><al>204.990,57</al></entry><entry colname="col4"><al>40.998,12</al></entry><entry colname="col5"><al>204.990,57</al></entry><entry colname="col6"><al>106.291,41</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-lz</al></entry><entry colname="col2"><al>96.591,77</al></entry><entry colname="col3"><al>145.990,09</al></entry><entry colname="col4"><al>20.645,06</al></entry><entry colname="col5"><al>176.957,68</al></entry><entry colname="col6"><al>95.852,08</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>97.548,12</al></entry><entry colname="col3"><al>144.457,03</al></entry><entry colname="col4"><al>2.978,50</al></entry><entry colname="col5"><al>148.924,78</al></entry><entry colname="col6"><al>119.139,82</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>97.548,12</al></entry><entry colname="col3"><al>156.371,02</al></entry><entry colname="col4"><al>28.295,71</al></entry><entry colname="col5"><al>81.908,63</al></entry><entry colname="col6"><al>126.586,06</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-pi</al></entry><entry colname="col2"><al>97.548,12</al></entry><entry colname="col3"><al>141.478,55</al></entry><entry colname="col4"><al>17.870,98</al></entry><entry colname="col5"><al>137.010,80</al></entry><entry colname="col6"><al>89.354,87</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-mg</al></entry><entry colname="col2"><al>98.504,48</al></entry><entry colname="col3"><al>162.415,61</al></entry><entry colname="col4"><al>7.519,24</al></entry><entry colname="col5"><al>198.507,97</al></entry><entry colname="col6"><al>75.192,41</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>Toeslag voor paalfundering </cursief>Bij de hiervoor genoemde
                    bouwkosten is rekening gehouden met fundering van het gebouw op staal. In een
                    aantal gevallen zal echter fundering op palen nodig zijn. De kosten variëren met
                    de lengte van de paalfundering; er zijn drie categorieën, te weten 1 tot 15
                    meter, 15 tot 20 meter en 20 meter en langer. De vergoeding is uitgedrukt in een
                    vast bedrag, een bedrag voor elke groep alsmede een bedrag voor de toekenning
                    van extra ruimte (ER). De vergoeding wordt bepaald op basis van de volgende
                    bedragen: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="70*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="30*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>vast bedrag (per uitbreiding):</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Paallengte 1&lt;15 meter</al></entry><entry colname="col2"><al> € 4.281,63 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Paallengte 15&lt;20 meter</al></entry><entry colname="col2"><al> € 5.583,59 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Paallengte &gt;=20 meter</al></entry><entry colname="col2"><al> € 8.479,90 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="7"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="16*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="13*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="15*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="15*"/><colspec colname="col5" colnum="5" colwidth="13*"/><colspec colname="col6" colnum="6" colwidth="15*"/><colspec colname="col7" colnum="7" colwidth="15*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Bedrag</al></entry><entry colname="col3"><al>per</al></entry><entry colname="col4"><al>groep</al></entry><entry colname="col5"><al>Bedrag</al></entry><entry colname="col6"><al>toeslag</al></entry><entry colname="col7"><al>ER</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>1&lt;15</al></entry><entry colname="col3"><al>15&lt;20</al></entry><entry colname="col4"><al>&gt;=20</al></entry><entry colname="col5"><al>1&lt;15</al></entry><entry colname="col6"><al>15&lt;20</al></entry><entry colname="col7"><al>&gt;=20</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-doven</al></entry><entry colname="col2"><al> 483,14 </al></entry><entry colname="col3"><al>1.254,08</al></entry><entry colname="col4"><al>2.535,48</al></entry><entry colname="col5"><al> 676,39 </al></entry><entry colname="col6"><al>1.755,70</al></entry><entry colname="col7"><al>3.549,67</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al> 611,98 </al></entry><entry colname="col3"><al>1.588,50</al></entry><entry colname="col4"><al>3.211,60</al></entry><entry colname="col5"><al> 837,44 </al></entry><entry colname="col6"><al>2.173,73</al></entry><entry colname="col7"><al>4.394,83</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-visg</al></entry><entry colname="col2"><al> 618,42 </al></entry><entry colname="col3"><al>1.605,21</al></entry><entry colname="col4"><al>3.245,42</al></entry><entry colname="col5"><al> 747,26 </al></entry><entry colname="col6"><al>1.939,63</al></entry><entry colname="col7"><al>3.921,54</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-lg</al></entry><entry colname="col2"><al> 863,21 </al></entry><entry colname="col3"><al>2.240,61</al></entry><entry colname="col4"><al>4.530,06</al></entry><entry colname="col5"><al> 966,29 </al></entry><entry colname="col6"><al>2.508,15</al></entry><entry colname="col7"><al>5.070,96</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-lz</al></entry><entry colname="col2"><al> 644,19 </al></entry><entry colname="col3"><al>1.672,11</al></entry><entry colname="col4"><al>3.380,64</al></entry><entry colname="col5"><al> 676,39 </al></entry><entry colname="col6"><al>1.755,70</al></entry><entry colname="col7"><al>3.549,67</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al> 611,98 </al></entry><entry colname="col3"><al>1.588,50</al></entry><entry colname="col4"><al>3.211,60</al></entry><entry colname="col5"><al> 644,19 </al></entry><entry colname="col6"><al>1.672,11</al></entry><entry colname="col7"><al>3.380,64</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-zmok</al></entry><entry colname="col2"><al> 611,98 </al></entry><entry colname="col3"><al>1.588,50</al></entry><entry colname="col4"><al>3.211,60</al></entry><entry colname="col5"><al> 676,39 </al></entry><entry colname="col6"><al>1.755,70</al></entry><entry colname="col7"><al>3.549,67</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-pi</al></entry><entry colname="col2"><al> 611,98 </al></entry><entry colname="col3"><al>1.588,50</al></entry><entry colname="col4"><al>3.211,60</al></entry><entry colname="col5"><al> 592,65 </al></entry><entry colname="col6"><al>1.538,34</al></entry><entry colname="col7"><al>3.110,19</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-mg</al></entry><entry colname="col2"><al> 708,61 </al></entry><entry colname="col3"><al>1.839,31</al></entry><entry colname="col4"><al>3.718,70</al></entry><entry colname="col5"><al> 850,33 </al></entry><entry colname="col6"><al>2.207,17</al></entry><entry colname="col7"><al>4.462,44</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-doven</al></entry><entry colname="col2"><al> 541,12 </al></entry><entry colname="col3"><al>1.404,57</al></entry><entry colname="col4"><al>2.839,73</al></entry><entry colname="col5"><al> 386,51 </al></entry><entry colname="col6"><al>1.003,26</al></entry><entry colname="col7"><al>2.028,38</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al> 541,12 </al></entry><entry colname="col3"><al>1.404,57</al></entry><entry colname="col4"><al>2.839,73</al></entry><entry colname="col5"><al> 418,72 </al></entry><entry colname="col6"><al>1.086,87</al></entry><entry colname="col7"><al>2.197,41</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-visg</al></entry><entry colname="col2"><al> 566,89 </al></entry><entry colname="col3"><al>1.471,44</al></entry><entry colname="col4"><al>2.974,96</al></entry><entry colname="col5"><al> 289,88 </al></entry><entry colname="col6"><al> 752,45 </al></entry><entry colname="col7"><al>1.521,29</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-lg</al></entry><entry colname="col2"><al> 708,61 </al></entry><entry colname="col3"><al>1.839,31</al></entry><entry colname="col4"><al>3.718,70</al></entry><entry colname="col5"><al> 450,93 </al></entry><entry colname="col6"><al>1.170,48</al></entry><entry colname="col7"><al>2.366,45</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-lz</al></entry><entry colname="col2"><al> 515,36 </al></entry><entry colname="col3"><al>1.337,69</al></entry><entry colname="col4"><al>2.704,51</al></entry><entry colname="col5"><al> 579,77 </al></entry><entry colname="col6"><al>1.504,90</al></entry><entry colname="col7"><al>3.042,57</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al> 599,10 </al></entry><entry colname="col3"><al>1.555,06</al></entry><entry colname="col4"><al>3.144,00</al></entry><entry colname="col5"><al> 515,36 </al></entry><entry colname="col6"><al>1.337,69</al></entry><entry colname="col7"><al>2.704,51</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-zmok</al></entry><entry colname="col2"><al> 515,36 </al></entry><entry colname="col3"><al>1.337,69</al></entry><entry colname="col4"><al>2.704,51</al></entry><entry colname="col5"><al> 657,07 </al></entry><entry colname="col6"><al>1.705,55</al></entry><entry colname="col7"><al>3.448,25</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-pi</al></entry><entry colname="col2"><al> 515,36 </al></entry><entry colname="col3"><al>1.337,69</al></entry><entry colname="col4"><al>2.704,51</al></entry><entry colname="col5"><al> 483,14 </al></entry><entry colname="col6"><al>1.254,08</al></entry><entry colname="col7"><al>2.535,48</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-mg</al></entry><entry colname="col2"><al> 727,94 </al></entry><entry colname="col3"><al>1.889,47</al></entry><entry colname="col4"><al>3.820,12</al></entry><entry colname="col5"><al> 386,51 </al></entry><entry colname="col6"><al>1.003,26</al></entry><entry colname="col7"><al>2.028,38</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>De volgende bedragen (in euro) vormen de toeslag voor de paalfundering voor
                    SOVSO-scholen. Naast deze bedragen hebben de scholen ook recht op de hiervoor
                    genoemde vaste bedragen. </al><table><tgroup cols="13"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="8*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="8*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="8*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="8*"/><colspec colname="col5" colnum="5" colwidth="8*"/><colspec colname="col6" colnum="6" colwidth="8*"/><colspec colname="col7" colnum="7" colwidth="8*"/><colspec colname="col8" colnum="8" colwidth="8*"/><colspec colname="col9" colnum="9" colwidth="8*"/><colspec colname="col10" colnum="10" colwidth="8*"/><colspec colname="col11" colnum="11" colwidth="8*"/><colspec colname="col12" colnum="12" colwidth="8*"/><colspec colname="col13" colnum="13" colwidth="8*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Bedrag correctie</al></entry><entry colname="col3"><al>SOVSO</al></entry><entry colname="col4"><al>per groep</al></entry><entry colname="col5"><al>Bedragen</al></entry><entry colname="col6"><al>toeslag ER</al></entry><entry colname="col7"><al>SO</al></entry><entry colname="col8"><al>Bedragen</al></entry><entry colname="col9"><al>toeslag ER</al></entry><entry colname="col10"><al>VSO</al></entry><entry colname="col11"><al>Bedrag</al></entry><entry colname="col12"><al>correctie SOVSO</al></entry><entry colname="col13"><al>per groep</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>1&lt;15</al></entry><entry colname="col3"><al>15&lt;20</al></entry><entry colname="col4"><al>&gt;=20</al></entry><entry colname="col5"><al>1&lt;15</al></entry><entry colname="col6"><al>15&lt;20</al></entry><entry colname="col7"><al>&gt;=20</al></entry><entry colname="col8"><al>1&lt;15</al></entry><entry colname="col9"><al>15&lt;20</al></entry><entry colname="col10"><al>&gt;=20</al></entry><entry colname="col11"><al>1&lt;15</al></entry><entry colname="col12"><al>15&lt;20</al></entry><entry colname="col13"><al>&gt;=20</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-doven</al></entry><entry colname="col2"><al>496,03</al></entry><entry colname="col3"><al>1.287,52</al></entry><entry colname="col4"><al>2.603,10</al></entry><entry colname="col5"><al>45,09</al></entry><entry colname="col6"><al>117,05</al></entry><entry colname="col7"><al>236,65</al></entry><entry colname="col8"><al>676,39</al></entry><entry colname="col9"><al>1.755,70</al></entry><entry colname="col10"><al>3.549,67</al></entry><entry colname="col11"><al>386,51</al></entry><entry colname="col12"><al>1.003,26</al></entry><entry colname="col13"><al>2.028,38</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al>618,42</al></entry><entry colname="col3"><al>1.605,21</al></entry><entry colname="col4"><al>3.245,42</al></entry><entry colname="col5"><al>77,30</al></entry><entry colname="col6"><al>200,65</al></entry><entry colname="col7"><al>405,67-</al></entry><entry colname="col8"><al>740,82</al></entry><entry colname="col9"><al>1.922,91</al></entry><entry colname="col10"><al>3.887,74</al></entry><entry colname="col11"><al>386,51</al></entry><entry colname="col12"><al>1.003,26</al></entry><entry colname="col13"><al>2.028,38</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-visg</al></entry><entry colname="col2"><al>618,42</al></entry><entry colname="col3"><al>1.605,21</al></entry><entry colname="col4"><al>3.245,42</al></entry><entry colname="col5"><al>64,42</al></entry><entry colname="col6"><al>167,21</al></entry><entry colname="col7"><al>338,07</al></entry><entry colname="col8"><al>747,26</al></entry><entry colname="col9"><al>1.939,63</al></entry><entry colname="col10"><al>3.921,54</al></entry><entry colname="col11"><al>289,88</al></entry><entry colname="col12"><al>752,45</al></entry><entry colname="col13"><al>1.521,29</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-lg</al></entry><entry colname="col2"><al>869,65</al></entry><entry colname="col3"><al>2.257,33</al></entry><entry colname="col4"><al>4.563,86</al></entry><entry colname="col5"><al>173,93</al></entry><entry colname="col6"><al>451,47</al></entry><entry colname="col7"><al>912,77</al></entry><entry colname="col8"><al>869,65</al></entry><entry colname="col9"><al>2.257,33</al></entry><entry colname="col10"><al>4.563,86</al></entry><entry colname="col11"><al>450,93</al></entry><entry colname="col12"><al>1.170,48</al></entry><entry colname="col13"><al>2.366,45</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-lz</al></entry><entry colname="col2"><al>637,74</al></entry><entry colname="col3"><al>1.655,39</al></entry><entry colname="col4"><al>3.346,83</al></entry><entry colname="col5"><al>90,18</al></entry><entry colname="col6"><al>234,10</al></entry><entry colname="col7"><al>473,29</al></entry><entry colname="col8"><al>773,03</al></entry><entry colname="col9"><al>2.006,52</al></entry><entry colname="col10"><al>4.056,77</al></entry><entry colname="col11"><al>418,72</al></entry><entry colname="col12"><al>1.086,87</al></entry><entry colname="col13"><al>2.197,41</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>624,86</al></entry><entry colname="col3"><al>1.621,93</al></entry><entry colname="col4"><al>3.279,22</al></entry><entry colname="col5"><al>12,88</al></entry><entry colname="col6"><al>33,44</al></entry><entry colname="col7"><al>67,62</al></entry><entry colname="col8"><al>644,19</al></entry><entry colname="col9"><al>1.672,11</al></entry><entry colname="col10"><al>3.380,64</al></entry><entry colname="col11"><al>515,36</al></entry><entry colname="col12"><al>1.337,69</al></entry><entry colname="col13"><al>2.704,51</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>676,39</al></entry><entry colname="col3"><al>1.755,70</al></entry><entry colname="col4"><al>3.549,67</al></entry><entry colname="col5"><al>122,40</al></entry><entry colname="col6"><al>317,70</al></entry><entry colname="col7"><al>642,32</al></entry><entry colname="col8"><al>354,31</al></entry><entry colname="col9"><al>919,66</al></entry><entry colname="col10"><al>1.859,36</al></entry><entry colname="col11"><al>547,56</al></entry><entry colname="col12"><al>1.421,29</al></entry><entry colname="col13"><al>2.873,55</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-pi</al></entry><entry colname="col2"><al>611,98</al></entry><entry colname="col3"><al>1.588,50</al></entry><entry colname="col4"><al>3.211,60</al></entry><entry colname="col5"><al>77,30</al></entry><entry colname="col6"><al>200,65</al></entry><entry colname="col7"><al>405,67-</al></entry><entry colname="col8"><al>592,65</al></entry><entry colname="col9"><al>1.538,34</al></entry><entry colname="col10"><al>3.110,19</al></entry><entry colname="col11"><al>386,51</al></entry><entry colname="col12"><al>1.003,26</al></entry><entry colname="col13"><al>2.028,38</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-mg</al></entry><entry colname="col2"><al>695,73</al></entry><entry colname="col3"><al>1.805,88</al></entry><entry colname="col4"><al>3.651,09</al></entry><entry colname="col5"><al>32,21</al></entry><entry colname="col6"><al>83,61</al></entry><entry colname="col7"><al>169,03</al></entry><entry colname="col8"><al>850,33</al></entry><entry colname="col9"><al>2.207,17</al></entry><entry colname="col10"><al>4.462,44</al></entry><entry colname="col11"><al>322,10</al></entry><entry colname="col12"><al>836,05</al></entry><entry colname="col13"><al>1.690,32</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>Toeslag liftinstallatie </cursief>Indien bij uitbreiding van
                    het gebouw tevens een liftinstallatie wordt aangebracht kan aanspraak worden
                    gemaakt op de volgende vergoeding: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="67*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="33*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Lift, incl. aanbrengen schacht</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 137.477,50</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>Toeslag voor een speellokaal </cursief>In de hiervoor
                    genoemde bedragen is geen rekening gehouden met toewijzing van een speellokaal.
                    De vergoeding voor een speellokaal bestaat uit een vast bedrag per ruimte,
                    afhankelijk van de lengte van de paalfundering, waarmee 90 m2 ruimte kan worden
                    gerealiseerd. Voor een speellokaal in combinatie met een uitbreiding van ten
                    minste één groep (lokaal) geldt de toeslag zoals die is opgenomen in paragraaf
                    2.1. In geval van uitbreiding met alleen een speellokaal zonder gelijktijdige
                    toekenning van een ander lokaal, wordt de vergoeding op basis van de volgende
                    bedragen bepaald: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="67*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="33*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Geen paalfundering nodig</al></entry><entry colname="col2"><al> € 236.078,88 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Lengte paalfundering 1&lt;15 m</al></entry><entry colname="col2"><al> € 242.846,14 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Lengte paalfundering 15&lt;20 m</al></entry><entry colname="col2"><al> € 244.324,01 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Lengte paalfundering &gt;=20 m</al></entry><entry colname="col2"><al> € 245.523,61 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>Toeslag voor sloopkosten, herstel van terrein en verhuiskosten bij
                        vervangende bouw </cursief>Voor deze toeslag gelden dezelfde
                    voorwaarden en bedragen als bij nieuwbouw (permanente bouwaard). </al><al>Ten behoeve van de nieuwbouw voor voorzieningen in het kader van het
                    groep-gekoppeld-aan-schoolmodel gelden de normeringen zoals hierboven vermeld
                    voor de desbetreffende onderwijssoort </al><al><vet>2.3 Tijdelijke voorziening </vet>De hierna genoemde bedragen zijn
                    afgestemd op de investeringslasten ten behoeve van voor tijdelijk gebruik
                    bestemde voorzieningen. Hierbij is onderscheid gemaakt in nieuwbouw van een voor
                    tijdelijk gebruik bestemd gebouw als hoofdlocatie, uitbreiding van een
                    (permanente) hoofdlocatie met een voor tijdelijk gebruik bestemd gebouw en
                    uitbreiding van bestaande voor tijdelijk gebruik bestemde gebouwen. Daarnaast
                    wordt ingegaan op realisering van een tijdelijke voorziening door middel van
                    huur van een voor tijdelijke gebruik bestemde voorziening. Wat betreft
                    grondkosten wordt ervan uitgegaan dat een tijdelijke voorziening in principe op
                    het aanwezige terrein kan worden gerealiseerd. Is dit niet het geval dan geldt
                    voor de beschikbaarstelling van terrein dezelfde procedure als bij nieuwbouw
                    (paragraaf 2.1). <vet>Nieuwbouw als hoofdlocatie/uitbreiding van permanente
                        hoofdlocatie </vet>Bij de berekening van de hieronder genoemde
                    bedragen voor nieuwbouw van noodlokalen is uitgegaan van de volgende
                    bruto-vloeroppervlakte: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="82*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="18*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Per groep:</al></entry><entry colname="col2"><al>80 m2</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Toeslag voor eerste groep: </al></entry><entry colname="col2"><al>20 m2</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Toeslag voor nieuwbouw als hoofdlocatie: </al></entry><entry colname="col2"><al>160 m2</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al> Elk voor tijdelijk gebruik bestemd gebouw heeft een aantal
                    standaardvoorzieningen nodig (entree en dergelijke). In verband hiermee wordt
                    voor de eerste groep een toeslag gegeven. Hiernaast dienen voor tijdelijk
                    gebruik bestemde voorzieningen die als hoofdlocatie gaan fungeren, ook te
                    beschikken over een aantal ruimten, die normaliter in een permanent hoofdgebouw
                    aanwezig zijn (lerarenkamer, administratieruimte en dergelijke). Hiervoor wordt
                    eveneens een toeslag gegeven. De vergoeding bestaat uit een vast bedrag en een
                    bedrag per groep. In deze bedragen zijn begrepen de bouwkosten, de toeslag voor
                    paalfundering alsmede eenmalige aansluitkosten op nutsvoorzieningen. Indien
                    paalfundering niet noodzakelijk is, dient een aftrek plaats te vinden van de
                    volgende bedragen: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="74*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="26*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Voor de vaste voet</al></entry><entry colname="col2"><al> € 398,43 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Per groep</al></entry><entry colname="col2"><al> € 4.852,92 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Toeslag eerste groep</al></entry><entry colname="col2"><al> € 1.213,69 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Toeslag nieuwbouw als hoofdlocatie</al></entry><entry colname="col2"><al> € 9.705,24 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>De vergoeding wordt bepaald op basis van de volgende bedragen (in euro): </al><table><tgroup cols="5"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="15*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="20*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="19*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="23*"/><colspec colname="col5" colnum="5" colwidth="23*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Bedrag vaste voet</al></entry><entry colname="col3"><al>Bedrag per groep</al></entry><entry colname="col4"><al>Toeslag eerste groep</al></entry><entry colname="col5"><al>Toeslag hoofdlocatie</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-doven</al></entry><entry colname="col2"><al>44.151,94</al></entry><entry colname="col3"><al>81.018,11</al></entry><entry colname="col4"><al>20.266,67</al></entry><entry colname="col5"><al>162.133,30</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al>44.151,94</al></entry><entry colname="col3"><al>81.018,11</al></entry><entry colname="col4"><al>20.266,67</al></entry><entry colname="col5"><al>162.133,30</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-visg</al></entry><entry colname="col2"><al>44.921,98</al></entry><entry colname="col3"><al>82.526,31</al></entry><entry colname="col4"><al>20.667,99</al></entry><entry colname="col5"><al>165.343,86</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-lg</al></entry><entry colname="col2"><al>46.077,06</al></entry><entry colname="col3"><al>84.788,62</al></entry><entry colname="col4"><al>21.269,96</al></entry><entry colname="col5"><al>170.159,70</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-lz</al></entry><entry colname="col2"><al>43.766,91</al></entry><entry colname="col3"><al>80.264,01</al></entry><entry colname="col4"><al>20.066,01</al></entry><entry colname="col5"><al>160.528,02</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>44.536,96</al></entry><entry colname="col3"><al>81.772,21</al></entry><entry colname="col4"><al>20.467,33</al></entry><entry colname="col5"><al>163.738,58</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>44.151,94</al></entry><entry colname="col3"><al>81.018,11</al></entry><entry colname="col4"><al>20.266,67</al></entry><entry colname="col5"><al>162.133,30</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-pi</al></entry><entry colname="col2"><al>43.766,91</al></entry><entry colname="col3"><al>80.264,01</al></entry><entry colname="col4"><al>20.066,01</al></entry><entry colname="col5"><al>160.528,02</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-mg</al></entry><entry colname="col2"><al>46.077,06</al></entry><entry colname="col3"><al>84.788,62</al></entry><entry colname="col4"><al>21.269,96</al></entry><entry colname="col5"><al>170.159,70</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-doven</al></entry><entry colname="col2"><al>44.536,96</al></entry><entry colname="col3"><al>81.772,21</al></entry><entry colname="col4"><al>20.467,33</al></entry><entry colname="col5"><al>163.738,58</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al>44.536,96</al></entry><entry colname="col3"><al>81.772,21</al></entry><entry colname="col4"><al>20.467,33</al></entry><entry colname="col5"><al>163.738,58</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-visg</al></entry><entry colname="col2"><al>44.921,98</al></entry><entry colname="col3"><al>82.526,31</al></entry><entry colname="col4"><al>20.667,99</al></entry><entry colname="col5"><al>165.343,86</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-lg</al></entry><entry colname="col2"><al>46.847,12</al></entry><entry colname="col3"><al>86.296,81</al></entry><entry colname="col4"><al>21.671,28</al></entry><entry colname="col5"><al>173.370,26</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-lz</al></entry><entry colname="col2"><al>44.151,94</al></entry><entry colname="col3"><al>81.018,11</al></entry><entry colname="col4"><al>20.266,67</al></entry><entry colname="col5"><al>162.133,30</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>44.921,98</al></entry><entry colname="col3"><al>82.526,31</al></entry><entry colname="col4"><al>20.667,99</al></entry><entry colname="col5"><al>165.343,86</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>44.921,98</al></entry><entry colname="col3"><al>82.526,31</al></entry><entry colname="col4"><al>20.667,99</al></entry><entry colname="col5"><al>165.343,86</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-pi</al></entry><entry colname="col2"><al>44.536,96</al></entry><entry colname="col3"><al>81.772,21</al></entry><entry colname="col4"><al>20.467,33</al></entry><entry colname="col5"><al>163.738,58</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-mg</al></entry><entry colname="col2"><al>46.077,06</al></entry><entry colname="col3"><al>84.788,62</al></entry><entry colname="col4"><al>21.269,96</al></entry><entry colname="col5"><al>170.159,70</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SG-doven</al></entry><entry colname="col2"><al>44.921,98</al></entry><entry colname="col3"><al>82.526,31</al></entry><entry colname="col4"><al>20.667,99</al></entry><entry colname="col5"><al>165.343,86</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SG-sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al>44.536,96</al></entry><entry colname="col3"><al>81.772,21</al></entry><entry colname="col4"><al>20.467,33</al></entry><entry colname="col5"><al>163.738,58</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SG-visg</al></entry><entry colname="col2"><al>44.921,98</al></entry><entry colname="col3"><al>82.526,31</al></entry><entry colname="col4"><al>20.667,99</al></entry><entry colname="col5"><al>165.343,86</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SG-lg</al></entry><entry colname="col2"><al>46.462,09</al></entry><entry colname="col3"><al>85.542,72</al></entry><entry colname="col4"><al>21.470,62</al></entry><entry colname="col5"><al>171.764,99</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SG-lz</al></entry><entry colname="col2"><al>44.536,96</al></entry><entry colname="col3"><al>81.772,21</al></entry><entry colname="col4"><al>20.467,33</al></entry><entry colname="col5"><al>163.738,58</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SG-zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>45.307,01</al></entry><entry colname="col3"><al>83.280,41</al></entry><entry colname="col4"><al>20.868,64</al></entry><entry colname="col5"><al>166.949,14</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SG-zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>44.921,98</al></entry><entry colname="col3"><al>82.526,31</al></entry><entry colname="col4"><al>20.667,99</al></entry><entry colname="col5"><al>165.343,86</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SG-pi</al></entry><entry colname="col2"><al>44.536,96</al></entry><entry colname="col3"><al>81.772,21</al></entry><entry colname="col4"><al>20.467,33</al></entry><entry colname="col5"><al>163.738,58</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SG-mg</al></entry><entry colname="col2"><al>46.462,09</al></entry><entry colname="col3"><al>85.542,72</al></entry><entry colname="col4"><al>21.470,62</al></entry><entry colname="col5"><al>171.764,99</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Voor sloopkosten van het oude gebouw, herstel en inrichting van terreinen
                    alsmede voor tijdelijke verhuizing van de leerlingen kan een aparte toeslag
                    worden gegeven. Voor de bedragen wordt verwezen naar de toeslag bij nieuwbouw
                    (paragraaf 2.1). <vet>Uitbreiding tijdelijke voorziening </vet>Ook bij
                    uitbreiding van tijdelijke voorzieningen wordt wat betreft de
                    bruto-vloeroppervlakte uitgegaan van 80 m2 per groep. De vergoeding bestaat uit
                    een vast bedrag en een bedrag per groep. In deze bedragen zijn begrepen de
                    bouwkosten en de toeslag voor de paalfundering. Indien geen paalfundering
                    noodzakelijk is, dient het bedrag voor de vaste voet te worden verminderd met €
                    4.962,40 en het bedrag per groep met € 2.314,89 . </al><al>De vergoeding wordt bepaald op basis van de volgende bedragen (in euro): </al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="27*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="37*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="36*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Bedrag vaste voet</al></entry><entry colname="col3"><al>Bedrag per groep</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-doven</al></entry><entry colname="col2"><al>24.145,88</al></entry><entry colname="col3"><al>85.960,44</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al>24.525,71</al></entry><entry colname="col3"><al>87.602,28</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-visg</al></entry><entry colname="col2"><al>24.905,56</al></entry><entry colname="col3"><al>89.244,10</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-lg</al></entry><entry colname="col2"><al>24.905,56</al></entry><entry colname="col3"><al>89.244,10</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-lz</al></entry><entry colname="col2"><al>24.525,71</al></entry><entry colname="col3"><al>87.602,28</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>24.525,71</al></entry><entry colname="col3"><al>87.602,28</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>24.715,64</al></entry><entry colname="col3"><al>88.423,19</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-pi</al></entry><entry colname="col2"><al>24.525,71</al></entry><entry colname="col3"><al>87.602,28</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-mg</al></entry><entry colname="col2"><al>24.525,71</al></entry><entry colname="col3"><al>87.602,28</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-doven</al></entry><entry colname="col2"><al>24.145,88</al></entry><entry colname="col3"><al>85.960,44</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al>24.145,88</al></entry><entry colname="col3"><al>85.960,44</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-visg</al></entry><entry colname="col2"><al>24.335,79</al></entry><entry colname="col3"><al>86.781,35</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-lg</al></entry><entry colname="col2"><al>24.525,71</al></entry><entry colname="col3"><al>87.602,28</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-lz</al></entry><entry colname="col2"><al>24.145,88</al></entry><entry colname="col3"><al>85.960,44</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>24.525,71</al></entry><entry colname="col3"><al>87.602,28</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>24.525,71</al></entry><entry colname="col3"><al>87.602,28</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-pi</al></entry><entry colname="col2"><al>24.145,88</al></entry><entry colname="col3"><al>85.960,44</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-mg</al></entry><entry colname="col2"><al>24.525,71</al></entry><entry colname="col3"><al>87.602,28</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SG-doven</al></entry><entry colname="col2"><al>24.335,79</al></entry><entry colname="col3"><al>86.781,35</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SG-sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al>24.335,79</al></entry><entry colname="col3"><al>86.781,35</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SG-visg</al></entry><entry colname="col2"><al>24.715,64</al></entry><entry colname="col3"><al>88.423,19</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SG-lg</al></entry><entry colname="col2"><al>24.905,56</al></entry><entry colname="col3"><al>89.244,10</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SG-lz</al></entry><entry colname="col2"><al>24.335,79</al></entry><entry colname="col3"><al>86.781,35</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SG-zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>24.525,71</al></entry><entry colname="col3"><al>87.602,28</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SG-zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>24.715,64</al></entry><entry colname="col3"><al>88.423,19</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SG-pi</al></entry><entry colname="col2"><al>24.525,71</al></entry><entry colname="col3"><al>87.602,28</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SG-mg</al></entry><entry colname="col2"><al>24.715,64</al></entry><entry colname="col3"><al>88.423,19</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al> Voor sloopkosten van het oude gebouw, herstel en inrichting van terreinen
                    alsmede voor tijdelijke verhuizing van de leerlingen kan een aparte toeslag
                    worden gegeven. Voor de bedragen wordt verwezen naar de toeslag bij nieuwbouw
                    (paragraaf 2.1). <vet>Huur van voor tijdelijk gebruik bestemde gebouwen
                    </vet>Naast aankoop kan een voor tijdelijk gebruik bestemd gebouw ook
                    worden gehuurd. In principe zijn er twee typen huur mogelijk: huur van een
                    noodlokaal en huur van een bestaand gebouw. Beide soorten huur worden vergoed op
                    basis van werkelijke kosten (zie deel B: vergoeding op basis van feitelijke
                    kosten) </al><al><vet>2.4 Eerste inrichting onderwijsleerpakket en meubilair </vet>De
                    vergoeding voor eerste inrichting voor onderwijsleerpakket en meubilair bestaat
                    uit: </al><lijst><li nr="-"><al>een vaste voet inclusief vier groepen;</al></li><li nr="-"><al>een bedrag voor elke volgende groep;</al></li><li nr="-"><al>een toeslag voor extra ruimte (SO 12e groep, VSO 13e groep).</al></li></lijst><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="19*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="21*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="30*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="30*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Vaste voet</al></entry><entry colname="col3"><al>Elke volgende groep</al></entry><entry colname="col4"><al>Toeslag extra ruimte</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-doven</al></entry><entry colname="col2"><al>206.654,49</al></entry><entry colname="col3"><al>23.249,46</al></entry><entry colname="col4"><al>12.893,58</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-sh</al></entry><entry colname="col2"><al>239.219,74</al></entry><entry colname="col3"><al>30.391,52</al></entry><entry colname="col4"><al>22.181,20</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-esm</al></entry><entry colname="col2"><al>155.854,33</al></entry><entry colname="col3"><al>13.517,86</al></entry><entry colname="col4"><al>20.911,22</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-visg</al></entry><entry colname="col2"><al>232.183,60</al></entry><entry colname="col3"><al>19.332,48</al></entry><entry colname="col4"><al>20.865,02</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-lz</al></entry><entry colname="col2"><al>141.176,92</al></entry><entry colname="col3"><al>13.588,85</al></entry><entry colname="col4"><al>15.824,55</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-lg</al></entry><entry colname="col2"><al>226.080,50</al></entry><entry colname="col3"><al>23.302,42</al></entry><entry colname="col4"><al>18.964,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>138.377,80</al></entry><entry colname="col3"><al>11.865,88</al></entry><entry colname="col4"><al>16.596,46</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>129.894,76</al></entry><entry colname="col3"><al>13.005,14</al></entry><entry colname="col4"><al>13.783,80</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-pi</al></entry><entry colname="col2"><al>134.015,70</al></entry><entry colname="col3"><al>13.051,34</al></entry><entry colname="col4"><al>14.391,18</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-mg</al></entry><entry colname="col2"><al>189.014,56</al></entry><entry colname="col3"><al>16.009,36</al></entry><entry colname="col4"><al>17.475,41</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-doven</al></entry><entry colname="col2"><al>218.748,00</al></entry><entry colname="col3"><al>30.121,08</al></entry><entry colname="col4"><al>16.936,77</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-sh</al></entry><entry colname="col2"><al>201.327,80</al></entry><entry colname="col3"><al>22.468,54</al></entry><entry colname="col4"><al>16.958,18</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-esm</al></entry><entry colname="col2"><al>167.092,55</al></entry><entry colname="col3"><al>12.059,70</al></entry><entry colname="col4"><al>15.783,99</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-visg</al></entry><entry colname="col2"><al>273.182,30</al></entry><entry colname="col3"><al>30.039,94</al></entry><entry colname="col4"><al>16.704,64</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-lz</al></entry><entry colname="col2"><al>154.253,06</al></entry><entry colname="col3"><al>11.186,38</al></entry><entry colname="col4"><al>16.011,62</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-lg</al></entry><entry colname="col2"><al>208.145,33</al></entry><entry colname="col3"><al>16.381,22</al></entry><entry colname="col4"><al>14.765,30</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>141.206,22</al></entry><entry colname="col3"><al>9.710,18</al></entry><entry colname="col4"><al>22.056,11</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>157.640,40</al></entry><entry colname="col3"><al>11.713,75</al></entry><entry colname="col4"><al>17.823,61</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-pi</al></entry><entry colname="col2"><al>156.918,09</al></entry><entry colname="col3"><al>12.100,27</al></entry><entry colname="col4"><al>18.406,20</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-mg</al></entry><entry colname="col2"><al>147.233,81</al></entry><entry colname="col3"><al>9.546,79</al></entry><entry colname="col4"><al>13.283,48</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al> Indien de toekenning van het aantal groepen eerste inrichting en meubilair één
                    of meer van de eerste vier groepen omvat, wordt de vaste voet naar rato
                    toegekend. Voor een nevenvestiging wordt per groep het bedrag voor elke volgende
                    groep toegekend. </al><al>Voor het kind-in-groepmodel, groep-in-schoolmodel en
                    groep-gekoppeld-aan-schoolmodel gelden de bedragen zoals die hierboven zijn
                    genoemd voor de desbetreffende onderwijssoort. </al><al>Voor het kind-in-groepmodel is de vast voet niet van toepassing, enkel het
                    bedrag voor de volgende groep is van toepassing. Dit zelfde geldt voor het
                    groep-in-schoolmodel. Voor dit model wordt boven het bedrag voor elke volgende
                    groep een éénmalige toeslag verleend van € 15.000,-- voor de eerste groep die
                    bij een school wordt geplaatst.</al><tussenkop>2.5 Gymnastiek Bouwkosten nieuwbouw/uitbreiding Nieuwbouw</tussenkop><al>De vergoeding van de bouwkosten voor nieuwbouw van een gymnastiekzaal met een
                    bruto-vloeroppervlakte van 455 m2 bedraagt € 795.708,24 (op het schoolterrein) €
                    811.801,91 (op afzonderlijk terrein). Deze vergoeding omvat tevens de kosten van
                    fundering op staal, alsmede de inrichting van het terrein. De grondkosten zijn
                    hierin niet begrepen. Voor LG-scholen en MG-scholen met een LG- of
                    MLK/ZMLK-component is er een toeslag van 50 m2 (grotere entree en kleed- en
                    doucheruimte). Met deze toeslag is een bedrag gemoeid van € 79.821,04. Indien
                    paalfundering noodzakelijk is, wordt een toeslag gegeven. Indien extra ruimte
                    voor LG en MG-scholen van 50 m2 beschikbaar is gesteld, geldt een hogere toeslag
                    (tussen haakjes vermeld). De vergoeding wordt bepaald op basis van de volgende
                    bedragen: </al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="41*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="28*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="31*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Paallengte 1&lt;15m</al></entry><entry colname="col2"><al> € 16.004,79 </al></entry><entry colname="col3"><al>( € 20.179,76) </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Paallengte 15&lt;20m</al></entry><entry colname="col2"><al> € 22.063,44 </al></entry><entry colname="col3"><al>( € 27.947,39) </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Paallengte &gt;=20m</al></entry><entry colname="col2"><al> € 30.987,13 </al></entry><entry colname="col3"><al>( € 40.221,00)</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>Uitbreiding </cursief>Bij uitbreiding van gymnastiekruimte
                    wordt in eerste instantie aangesloten bij de vergoeding voor nieuwbouw van een
                    gymnastiekzaal met een bruto-vloeroppervlakte van 455 m2. Bij kleine
                    gymnastiekzalen, waarvan de oefenvloer een oppervlakte heeft van 140 m2 of
                    minder, kan de oefenvloer worden uitgebreid tot een oppervlakte van 252 m2.
                    Afhankelijk van de benodigde uitbreiding zien de bedragen er als volgt uit: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="68*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="32*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Uitbreiding met 112 t/m 120 m2</al></entry><entry colname="col2"><al> € 184.872,77 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Uitbreiding met 120 t/m 150 m2</al></entry><entry colname="col2"><al> € 224.738,22 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al> Indien bij de uitbreiding van de oefenvloer paalfundering noodzakelijk is,
                    wordt een toeslag gegeven afhankelijk van de benodigde paallengte. De vergoeding
                    wordt bepaald op basis van de volgende bedragen: </al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="42*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="29*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="29*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>112-120m2</al></entry><entry colname="col3"><al>121-150m2</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Paallengte 1&lt;15m</al></entry><entry colname="col2"><al> € 7.165,07 </al></entry><entry colname="col3"><al> € 8.959,25 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Paallengte 15&lt;20m</al></entry><entry colname="col2"><al> € 12.410,30 </al></entry><entry colname="col3"><al> € 15.508,89 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Paallengte &gt;=20m</al></entry><entry colname="col2"><al> € 20.289,49 </al></entry><entry colname="col3"><al> € 25.361,85 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>OLP/meubilair </cursief>De vergoeding voor de eerste
                    inrichting met OLP/meubilair voor een gymnastiekzaal voor (voortgezet) speciaal
                    onderwijs ziet er als volgt uit: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="56*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="44*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Schoolsoort</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-doven</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 38.294,32 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 38.069,68 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-visg</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 46.089,08 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-lg/mg</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 50.486,16 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-lz/pi</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 36.211,67 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 36.211,67 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SO-zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 36.137,16 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-doven</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 44.895,70 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 46.067,16 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-visg</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 54.804,89 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-lg/mg</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 56.224,55 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-lz/pi</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 44.246,96 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 44.246,96 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>VSO-zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 39.498,67 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-doven</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 46.492,90 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-sh/esm</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 49.839,61 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-visg</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 56.873,30 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-lg/mg</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 57.754,90 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-lz/pi</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 48.018,32 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-zmlk</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 48.018,32 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>SOVSO-zmok</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 39.946,86 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><vet>3 School voor voortgezet onderwijs </vet>De financiële normering voor
                    het voortgezet onderwijs is onderverdeeld in: </al><lijst><li nr="-"><al>nieuwbouw/uitbreiding (paragraaf 3.1);</al></li><li nr="-"><al>tijdelijke voorzieningen (paragraaf 3.2);</al></li><li nr="-"><al>eerste inrichting leer- en hulpmiddelen en meubilair (paragraaf 3.3);
                            en</al></li><li nr="-"><al>gymnastiek (paragraaf 3.4).</al></li></lijst><al><vet>3.1 Nieuwbouw en uitbreiding </vet>Er bestaat geen onderscheid in de
                    normbedragen tussen nieuwbouw en uitbreiding. Bij uitbreiding vindt veelal ook
                    aanpassing van het bestaande gebouw plaats (zie voor de vaststelling van het
                    bedrag voor de component 'aanpassing' deel B). </al><al>De financiële normering voor nieuwbouw en uitbreiding valt uiteen in een tweetal
                    kostencomponenten: </al><lijst><li nr="-"><al>kosten van terreinen;</al></li><li nr="-"><al>bouwkosten.</al></li></lijst><al><cursief>Kosten van terreinen </cursief>Er is geen genormeerd bedrag
                    per vierkante meter opgenomen, aangezien de gemeente het terrein om niet
                    beschikbaar (eventueel na aankoop) stelt en het juridisch eigendom overdraagt
                    aan het schoolbestuur. Indien een terrein dient te worden aangekocht zullen de
                    kosten zichtbaar moeten worden gemaakt ten behoeve van het programma. Bij het
                    beschikbaar stellen van gemeentelijke terreinen kan het, ten behoeve van de
                    interne verrekening tussen de gemeentelijke diensten, wenselijk zijn om de
                    kosten van de terreinen zichtbaar te maken. Voor de bepaling van de kosten voor
                    het terrein wordt aangesloten bij de in de gemeente gangbare wijze van
                    waardevaststelling van terreinen. <cursief>Bouwkosten
                    </cursief>Bouwkosten omvatten de bouwkosten van het gebouw, inclusief
                    fundering op staal, alsmede de aanleg en inrichting van het schoolterrein. In
                    het bedrag voor de vaste normkosten wordt een tweetal vergoedingen
                    onderscheiden, te weten een vergoeding voor de ruimte-afhankelijke kosten en een
                    vergoeding voor de sectie-afhankelijke kosten. De ruimte-afhankelijke kosten
                    bestaan uit bedragen per m2 bruto-vloeroppervlak voor de afzonderlijke
                    ruimtesoorten van een schoolgebouw. De indeling van deze bedragen geschiedt aan
                    de hand van de hoofdindeling van de ruimtelijke normering naar type ruimte zoals
                    opgenomen in Bijlage III, deel B. De sectie-afhankelijke kosten bestaan voor
                    projecten vanaf 460 m2 bruto-vloeroppervlak uit een vast bedrag per
                    huisvestingsvoorziening, alsmede een vast bedrag per sectie. Voor kleinere
                    projecten worden geen sectie-afhankelijke kosten per project toegekend. Deze
                    kosten zijn namelijk opgenomen in de bedragen voor de ruimte-afhankelijke kosten
                    per m2 bruto-vloeroppervlakte. De bedragen zijn opgenomen in de tabel op de
                    volgende bladzijde met vaste bedragen per m2 bruto-vloeroppervlakte en vaste
                    bedragen per voorziening. Voor de berekening van de vergoeding voor de
                    ruimte-afhankelijke kosten worden de benodigde aantallen m2 per type ruimte van
                    de goedgekeurde huisvestingsvoorziening, berekend op basis van Bijlage III, Deel
                    C, vermenigvuldigd met onderstaande bedragen per ruimtesoort. Berekening van de
                    vergoeding voor de sectie-afhankelijke kosten geschiedt door optelling van de
                    algemene vaste voet en de vaste voet voor de algemene sectie of de
                    werkplaatssectie, dan wel beide, afhankelijk van de secties waaruit de op basis
                    van Bijlage III goedgekeurde huisvestingsvoorziening bestaat. De vergoeding voor
                    de ruimte-afhankelijke kosten en de vergoeding voor de sectie-afhankelijke
                    kosten vormen tezamen de totale vergoeding voor de vaste normkosten. </al><al> Bedragen voor ruimte-afhankelijke kosten per bruto m2 </al><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="44*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="18*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="20*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="18*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>&lt;460m2</al></entry><entry colname="col3"><al>460&lt;2500m2</al></entry><entry colname="col4"><al>&gt;=25002</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Algemene en specifieke ruimte</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 2.026,49</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 1.202,66</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 1.173,84</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Werkplaatsen</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 1.979,29</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 1.601,10</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 1.601,10</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Werkplaatsen consumptief</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 2.403,48</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 2.025,27</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 2.025,27</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Specifieke ruimte: </al><lijst><li nr="-"><al>(uiterlijke) verzorging/mode en commercie: huishoudkunde,
                            gezondheidskunde, uiterlijke verzorging, mode en commercie;</al></li><li nr="-"><al>handel/verkoop/administratie: verkooppraktijk, kantoorpraktijk,
                            etaleren.</al></li></lijst><al>Werkplaatsen: </al><lijst><li nr="-"><al>techniek algemeen: bouwtechniek, machinale houtbewerking, meten,
                            elektrotechniek, installatietechniek, lasserij, metaal,
                            voertuigentechniek;</al></li><li nr="-"><al>consumptief: werkplaats consumptieve techniek;</al></li><li nr="-"><al>grafische techniek: werkplaats grafische techniek;</al></li><li nr="-"><al>landbouw: groen-praktijk;</al></li></lijst><al>De overige ruimte is algemene ruimte. Bedragen voor de sectie-afhankelijke
                    kosten per voorziening </al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="47*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="30*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="24*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>&lt; 460 m2</al></entry><entry colname="col2"><al>&gt; 460 &lt; 2500 m2</al></entry><entry colname="col3"><al>&gt;= 2500 m2</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Vaste voet algemeen</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 127.867,27</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 127.867,27</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Vaste voet algemene sectie</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 250.993,80</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 350.444,76</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Vaste voet werkplaatssectie</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 46.409,60</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 46.409,60</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al> Tot de werkplaatssectie behoren de volgende werkplaatsen: bouwtechniek,
                    machinale houtbewerking, consumptieve techniek, meten, elektrotechniek,
                    grafische techniek, installatietechniek, lasserij, mechanische techniek en
                    motorvoertuigentechniek. De specifieke en algemene ruimten behoren tot de
                    algemene sectie. De overige theorie-, theorievak- en (specifieke) vaklokalen en
                    tevens de directie- en nevenruimten behoren tot de categorie algemeen. </al><tussenkop>Aanvullende normkosten</tussenkop><al>Bij de onderbouwing van het bedrag voor de vaste normkosten is uitgegaan van een
                    standaardlocatie. Echter, als gevolg van plaatselijke omstandigheden kunnen
                    extra kosten optreden. Voor een beperkt aantal omstandigheden wordt een
                    aanvullend bedrag beschikbaar gesteld. Dit beperkt zich tot een tweetal
                    aspecten, te weten fundering en bemaling. In de hiervoor genoemde
                    vergoedingsbedragen is uitgegaan van fundering op staal. In veel gevallen zal
                    echter paalfundering noodzakelijk zijn. Het criterium voor toekenning van een
                    bedrag voor (paal)fundering is het op te stellen sonderingsrapport. De
                    vergoeding is afhankelijk van de benodigde paallengte en de omvang van de bouw
                    in bruto-vloeroppervlakte (A). De vergoeding kan worden berekend aan de hand van
                    de volgende formules: Nieuwbouw en uitbreiding &lt; 1000 m2 </al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="57*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="24*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="19*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Paallengte 1 tot 15 meter</al></entry><entry colname="col2"><al> € 3.727,50 </al></entry><entry colname="col3"><al> € 19,56 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Paallengte 15 tot 20 meter</al></entry><entry colname="col2"><al> € 3.968,40 </al></entry><entry colname="col3"><al> € 33,09 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Paallengte 20 meter of langer</al></entry><entry colname="col2"><al> € 4.430,59 </al></entry><entry colname="col3"><al> € 59,21 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Uitbreiding &gt;= 1000 m2 </al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="57*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="24*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="19*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Paallengte 1 tot 15 meter</al></entry><entry colname="col2"><al> € 4.551,95 </al></entry><entry colname="col3"><al> € 6,85 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Paallengte 15 tot 20 meter</al></entry><entry colname="col2"><al> € 5.937,28 </al></entry><entry colname="col3"><al> € 17,78 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Paallengte 20 meter of langer</al></entry><entry colname="col2"><al> € 9.016,26 </al></entry><entry colname="col3"><al> € 35,95 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Om in aanmerking te komen voor een aanvullende bedrag voor bemaling is de
                    grondwaterstand maatgevend. Indien deze grondwaterstand minder dan 1 meter onder
                    het maaiveld ligt, is bemaling noodzakelijk en wordt een bedrag per m2
                    goedgekeurde terreinoppervlakte toegekend. De vergoeding bedraagt € 12,70 per m2
                    terrein. <vet>3.2 Tijdelijke voorziening </vet>Het vergoedingsbedrag voor
                    een tijdelijke voorziening in het voortgezet onderwijs is gebaseerd op een
                    vergoedingsformule, afhankelijk van het type voorziening. </al><al>De volgende typen van tijdelijke voorzieningen worden onderscheiden: </al><lijst><li nr="-"><al>nieuwbouw/uitbreiding tijdelijke lokalen;</al></li><li nr="-"><al>huur van tijdelijke lokalen.</al></li></lijst><al><cursief>Nieuwbouw/uitbreiding tijdelijke lokalen </cursief>Het bedrag
                    voor de huisvestingskosten van nieuwbouw en uitbreiding met tijdelijke lokalen
                    wordt vastgesteld aan de hand van de volgende formule: </al><al> € 644,85 * A + € 44.334,67 </al><al>A = het toegekende aantal m2 bruto-vloeroppervlakte aan tijdelijke huisvesting.
                    Voor de berekening van A wordt verwezen naar bijlage III, deel C. Alle directe
                    en indirecte kosten gemoeid met de realisatie van de voorziening moeten worden
                    bestreden uit het ter beschikking gestelde bedrag. Tot die kosten behoren onder
                    meer het aansluiten van de tijdelijke huisvestingsvoorziening op
                    nutsvoorzieningen, de leges en het geschikt maken van het terrein inclusief
                    fundering voor de te plaatsen tijdelijke huisvestingsvoorziening. <cursief>Huur
                        van tijdelijke lokalen </cursief>Naast aankoop kan een voor
                    tijdelijk gebruik bestemd gebouw ook worden gehuurd. In principe zijn er twee
                    typen huur mogelijk: huur van een noodlokaal en huur van een bestaand gebouw.
                    Beide soorten huur worden vergoed op basis van werkelijke kosten (zie deel B:
                    vergoeding op basis van feitelijke kosten). <vet>3.3 Eerste inrichting leer- en
                        hulpmiddelen en meubilair </vet>De toekenning van een vergoeding voor
                    eerste inrichting met inventaris (leer- en hulpmiddelen en meubilair) is
                    gekoppeld aan de huisvestingsvoorzieningen nieuwbouw (niet zijnde vervangende
                    nieuwbouw), uitbreiding en ingebruikneming (niet zijnde ingebruikneming ter
                    vervanging van een bestaand gebouw) waarbij de eerste inrichting nog niet eerder
                    van overheidswege is bekostigd. Indien bij uitbreiding wordt verwezen naar
                    medegebruik is toekenning van inventaris slechts van toepassing indien
                    inventaris in de voor medegebruik aangewezen ruimte ontbreekt dan wel niet
                    geschikt is. De hoogte van de vergoeding is afhankelijk van het type ruimte dat
                    wordt gerealiseerd. Door het verschil te bepalen tussen de aanwezige bruto
                    vloeroppervlakte per ruimtetype en het te realiseren bruto vloeroppervlakte per
                    ruimtetype wordt de hoogte van de vergoeding bepaald aan de hand van de in
                    onderstaande tabel genoemde bedragen. </al><al> Normbedragen inventaris per ruimtetype </al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="25*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="58*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="17*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Algemene ruimte</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>€ 147,93 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Specifieke ruimte</al></entry><entry colname="col2"><al>(Uiterlijke) verzoring/mode en commmercie</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 345,74 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Handel/verkoop/administratie</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 211,50 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Praktijkonderwijs</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 283,97 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Werkplaatsen</al></entry><entry colname="col2"><al>Techniek algemeen</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 362,73 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Consumptief</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 702,45 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Grafische techniek</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 1.342,96 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Landbouw</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 0,00 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al> Specifieke ruimte: </al><lijst><li nr="-"><al>(uiterlijke)verzorging/mode en commercie: huishoudkunde,
                            gezondheidskunde, uiterlijke verzorging, mode en commercie;</al></li><li nr="-"><al>handel/verkoop/administratie: verkooppraktijk, kantoorpraktijk,
                            etaleren;</al></li><li nr="-"><al>praktijkonderwijs: praktijkwerkplekken</al></li></lijst><al>Werkplaatsen: </al><lijst><li nr="-"><al>techniek algemeen: bouwtechniek, machinale houtbewerking, meten,
                            elektrotechniek, installatietechniek, lasserij, metaal,
                            voertuigentechniek;</al></li><li nr="-"><al>consumptief: werkplaats consumptieve techniek;</al></li><li nr="-"><al>grafische techniek: werkplaats grafische techniek;</al></li><li nr="-"><al>landbouw: groen-praktijk;</al></li><li nr="-"><al>praktijkonderwijs: praktijkwerkplekken.</al></li></lijst><al>De overige ruimte is algemene ruimte. </al><al>Voor de normering van de eerste inrichting onderwijsleerpakket en meubilair voor
                    het Kind-in-groepmodel, het groep-in-schoolmodel en het
                    groep-gekoppeld-aan-schoolmodel wordt verwezen naar de tabel zoals die is
                    opgenomen bij de eerste inrichting speciaal (voortgezet) onderwijs. </al><al><vet>3.4 Gymnastiek voortgezet onderwijs </vet><cursief>Bouwkosten
                        nieuwbouw/uitbreiding </cursief>De vergoeding van de bouwkosten
                    voor nieuwbouw van een gymnastiekzaal met een bruto-vloeroppervlakte van 455 m2
                    bedraagt € 795.708,24 (op het schoolterrein) respectievelijk € 811.801,91 (op
                    afzonderlijk terrein). De vergoeding voor de bouwkosten van een gymnastiekzaal
                    omvat alle schaal- en ruimteafhankelijke kosten, alsmede kosten voor de
                    inrichting van het terrein. De kosten voor de aankoop van grond zijn hierin niet
                    begrepen. Indien paalfundering noodzakelijk is, wordt een toeslag gegeven
                    afhankelijk van de benodigde paallengte. De vergoeding wordt bepaald op basis
                    van de volgende bedragen: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="65*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="35*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Paallengte 1&lt;15 meter:</al></entry><entry colname="col2"><al> € 16.004,79 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Paallengte 15&lt;20 meter:</al></entry><entry colname="col2"><al> € 22.063,44 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Paallengte &gt;=20 meter:</al></entry><entry colname="col2"><al> € 30.987,13 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>Medegebruik/huur van een niet-eigen lokaal </cursief>Naast
                    gymnastiek in een eigen ruimte van de school is er tevens gymnastiek mogelijk in
                    een bestaande gymnastiekaccommodatie door middel van medegebruik van een
                    gymnastiekaccommodatie van een andere school, de gemeente of een commerciële
                    exploitant. Afhankelijk van de eigenaar van de accommodatie is de school voor
                    voortgezet onderwijs de volgende vergoeding verschuldigd: </al><lijst><li nr="a."><al>Indien de gymnastiekruimte van een andere school voor voortgezet
                            onderwijs wordt gebruikt, wordt het variabele en het vaste deel van het
                            klokuurbedrag vergoed voor het aantal lesuren medegebruik. Voor de
                            hoogte van de vergoeding wordt aangesloten bij het vaste en variabele
                            deel van de klokuurvergoeding in het primair onderwijs.</al><al> Indien de gymnastiekruimte van een school voor primair onderwijs wordt
                            gebruikt, wordt in ieder geval het variabele deel van het klokuurbedrag
                            vergoed voor het aantal lesuren medegebruik. Als de gebruiksduur van de
                            gymnastiekruimte vanwege het medegebruik door de VO-school boven de 26
                            klokuren uitkomt, dient de VO-school voor het aantal uren dat boven de
                            26 klokuren ligt ook het vaste deel van het klokuurbedrag te vergoeden.
                        </al></li><li nr="b."><al>Indien een gymnastiekaccommodatie van de gemeente wordt gebruikt, is de
                            school voor voortgezet onderwijs de gemeente een bedrag aan
                            exploitatiekosten verschuldigd voor het aantal lesuren gebruik. Voor de
                            hoogte van de vergoeding wordt aangesloten bij het vaste en variabele
                            deel van de klokuurvergoeding in het primair onderwijs.</al></li><li nr="c."><al>Indien een gymnastiekaccommodatie van een commerciële exploitant wordt
                            gebruikt, betaalt de school voor voortgezet onderwijs de huurprijs
                            (stichtingskosten en materiële instandhouding). De gemeente betaalt aan
                            de school een stichtingskostenvergoeding als onderdeel van de huur. De
                            hoogte van deze stichtingskostenvergoeding bedraagt het verschil tussen
                            huurbedrag en het vaste en variabele deel van het klokuurbedrag voor het
                            aantal uren gebruik. Voor de hoogte van het klokuurbedrag wordt
                            aangesloten bij het vaste en variabele deel van de klokuurvergoeding in
                            het primair onderwijs.</al></li></lijst><al>Voor de hoogte van het vaste deel van het klokuurbedrag onder a, b en c wordt
                    het vaste bedrag, zoals genoemd in de beleidsregel voor bekostiging
                    gymnastiekruimte voor basisonderwijs <cursief>en (voortgezet) speciaal onderwijs
                    </cursief>onderdeel 'Vergoeding per klokuur', gedeeld door 26. Vermenigvuldiging
                    van het op deze wijze verkregen bedrag met het aantal uren resulteert in het
                    totale vaste deel van de klokuurvergoeding dat een school voor voortgezet
                    onderwijs moet vergoeden. <cursief>Huur sportvelden
                    </cursief>Gedurende maximaal 8 weken per jaar kan een school aanspraak
                    maken op een vergoeding van de huur van een sportveld. De vergoeding voor deze
                    kosten bedraagt € 20,05 per klokuur. <cursief>Eerste inrichting leer- en
                        hulpmiddelen/meubilair </cursief>In geval van nieuwbouw (als
                    eerste voorziening), uitbreiding en ingebruikneming (niet zijnde ingebruikneming
                    ter vervanging van een bestaand gebouw) waarbij de eerste inrichting nog niet
                    eerder van overheidswege is bekostigd, bestaat aanspraak op vergoeding voor
                    eerste inrichting met leer- en hulpmiddelen/meubilair. Bij de voorzieningen
                    vervangende nieuwbouw en medegebruik bestaat geen aanspraak op eerste inrichting
                    met leer- en hulpmiddelen/meubilair. De vergoeding, afhankelijk van het type
                    toegekende gymnastiekaccommodatie wordt bepaald op basis van de volgende
                    bedragen : </al><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="29*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="22*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="24*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="24*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Meubilair</al></entry><entry colname="col3"><al>L.h.m</al></entry><entry colname="col4"><al>Totaal</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Eerste lokaal</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 1.014,21 </al></entry><entry colname="col3"><al>€ 60.479,18 </al></entry><entry colname="col4"><al>€ 61.494,48 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Tweede lokaal</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 1.014,21 </al></entry><entry colname="col3"><al>€ 47.178,35 </al></entry><entry colname="col4"><al>€ 48.192,55 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Derde lokaal</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 1.014,21 </al></entry><entry colname="col3"><al>€ 20.510,94 </al></entry><entry colname="col4"><al>€ 21.525,15 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Oefenplaats 1</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>€ 13.356,72 </al></entry><entry colname="col4"><al>€ 13.356,72 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Oefenplaats 2</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>€ 1.541,85 </al></entry><entry colname="col4"><al>€ 1.541,85 </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><vet>4 Indexering </vet>De in deze bijlage genoemde normbedragen zijn
                    afgeleid van het prijspeil van 1 juli 1996. Jaarlijks worden door het college de
                    werkelijke prijsontwikkeling in het afgelopen jaar en de verwachte
                    prijsontwikkeling ten behoeve van het vaststellen van de hoogte van de
                    vergoeding in het jaar van uitvoering van het programma bekendgemaakt.
                        <vet>Werkelijke prijsontwikkeling </vet>Jaarlijks worden de
                    normbedragen aangepast aan de werkelijke prijsontwikkeling tot 1 juli van het
                    lopende jaar. Om te voorkomen dat elk jaar alle tabellen aangepast zouden moeten
                    worden, wordt jaarlijks na 1 juli het prijsbijstellingscijfer bekendgemaakt. </al><al>Voor de voorzieningen nieuwbouw en uitbreiding wordt als prijsbijstellingscijfer
                    aangehouden het verschil tussen het CBS-indexcijfer 'Nieuwbouwwoningen;
                    outputindex 2000=100 (inclusief BTW)', gepubliceerd in de 'Maandstatistiek
                    bouwnijverheid' van het CBS over het tweede kwartaal van het lopende jaar en het
                    tweede kwartaal van het daaraan voorafgaande jaar. Voor de voorzieningen
                    onderhoud, eerste inrichting leer- en hulpmiddelen en meubilair en de
                    klokuurvergoeding gymnastiek wordt als prijsbijstellingscijfer aangehouden het
                    verschil tussen het CBS-indexcijfer 'Consumentenindex van alle huishoudens’
                    (NR-reeks), gepubliceerd in de 'Maandstatistiek van de prijzen' van het CBS over
                    de maand juli van het lopende jaar en de maand juli van het daaraan voorafgaande
                    jaar. Indien de CBS-ondexcijfers “Nieuwbouwwoningen; outputindex 2000 = 100”
                    over het tweede kwartaal van het lopend jaar niet (tijdig) beschikbaar zijn,
                    worden de CBS-cijfers over het eerste kwartaal van het lopende én het tweede
                    kwartaal van het daaraan voorafgaande jaar gehanteerd.</al><al><vet>Verwachte prijsontwikkeling ten behoeve van het programma </vet>Naast
                    de bijstelling van de prijzen tot 1 juli van het jaar waarin het programma wordt
                    vastgesteld is het noodzakelijk om een inschatting te maken van het werkelijk
                    prijsniveau in het jaar van uitvoering van het programma. Dit is noodzakelijk om
                    de hoogte van de vergoeding bij vaststelling van het programma en het moment van
                    vergoeding vast te stellen. </al><al>Voor de voorzieningen nieuwbouw en uitbreiding geldt als prijsindexcijfer het
                    MEV-cijfer (Macro-economische verkenningen) 'bruto investeringen door bedrijven
                    in woningen', zoals bekendgemaakt op de derde dinsdag in september. Voor de
                    voorzieningen onderhoud, eerste inrichting leer- en hulpmiddelen en meubilair en
                    de klokuurvergoeding gymnastiek geldt als prijsindexcijfer het MEV-cijfer
                    'prijsmutatie van de netto-materiële overheidsconsumptie', zoals bekendgemaakt
                    op de derde dinsdag in september. </al><al><vet>DEEL B Vergoeding op basis van feitelijke kosten </vet> In artikel 4
                    van deze verordening is aangegeven welke voorzieningen worden vergoed op basis
                    van normbedragen en welke voorzieningen worden vergoed op basis van feitelijke
                    kosten. Indien goedgekeurde huisvestingsvoorzieningen, ingevolge artikel 4, 3e
                    lid laatste volzin, worden vergoed op basis van feitelijke kosten, dient aan de
                    in dit deel van de bijlage opgenomen aanbestedingsregels te worden voldaan.
                        <vet>Europese aanbesteding </vet>Indien de omvang van een opdracht of
                    contract boven een bepaald bedrag uitkomt, worden ingevolge het Besluit
                    overheidsaanbestedingen de richtlijnen van de Europese Unie (2004/18/EG)
                    toegepast. Deze richtlijnen gelden vanaf de volgende bedragen: </al><lijst><li nr="·"><al>206.000 euro (exclusief BTW) voor leveringen en diensten; </al></li><li nr="·"><al>5.150.000 euro (exclusief BTW) voor werken. </al></li></lijst><al>Bouwactiviteiten, zoals nieuwbouw, uitbreiding en dergelijke, vallen onder de
                    definitie 'werken'. Aankoop van bijvoorbeeld meubilair of onderwijsleerpakket
                    valt onder 'leveringen'. Bij aankoop van gebouwen en terreinen is de richtlijn
                    uiteraard niet van toepassing. <vet>Opdrachten onder het Europees drempelbedrag
                    </vet>Op opdrachten onder het Europees drempelbedrag zijn de richtlijnen,
                    zoals vastgelegd in het Besluit overheidsaanbestedingen, van toepassing.
                    Ingevolge artikel 15, tweede lid, van de verordening worden afspraken gemaakt
                    over de wijze van aanbesteding. Als uitgangspunt hierbij geldt dat op basis van
                    het vastgestelde gemeentelijk beleid bepaald wordt op welke wijze een opdracht
                    wordt aanbesteed, tenzij het college na overleg anders beslist. </al><al><vet>DEEL C Bepaling medegebruikstarieven </vet>Een bevoegd gezag van een
                    school voor basisonderwijs, voor (voortgezet) speciaal onderwijs, voor
                    voortgezet onderwijs alsmede een instelling als bedoeld in de Wet educatie en
                    beroepsonderwijs betaalt voor het onderwijsgebruik van een lokaal, niet zijnde
                    een gymnastiekruimte, een vergoeding. Deze vergoeding is gelijk aan het bedrag
                    dat voor elke groep bij meer dan zes groepen ter beschikking wordt gesteld
                    binnen de groepsafhankelijke programma's van eisen voor het basisonderwijs,
                    zoals jaarlijks wordt bekendgemaakt door het ministerie van Onderwijs, Cultuur
                    en Wetenschap. </al><al>Het medegebruikstarief per lokaal bedraagt voor 2009 € 4.451,00 per jaar. </al><tussenkop>DEEL D Bepaling tarieven gebruik onderwijsruimten voor commerciële
                    doeleinden</tussenkop><al>Een commerciële instelling die gebruik maakt van onderwijsruimten dient een
                    marktconform tarief voor dit gebruik te betalen aan de verhuurder. Naast de
                    kosten voor de materiële instandhouding zoals bedoeld onder deel C, zit in dit
                    tarief eveneens een deel voor de “kale huur” van de ruimte. </al><al>Het te hanteren tarief wordt jaarlijkst vastgesteld op 210% van het bedrag dat
                    voor elke groep bij meer dan zes groepen ter beschikking wordt gesteld binnen de
                    groepsafhankelijke programma's van eisen voor het basisonderwijs, zoals
                    jaarlijks wordt bekendgemaakt door het ministerie van Onderwijs, Cultuur en
                    Wetenschap; het bedrag wordt naar boven afgerond op een veelvoud van € 10.</al><al>Voor 2009 komt het tarief uit op een bedrag van € 9.350 per lokaal per
                    jaar.</al><al>Het bestuur van de school waar de betreffende ruimte wordt gebruikt treedt op
                    als verhuurder en draagt zorg voor de inning van de huurprijs. </al><al>Eén derde deel van de huurprijs wordt door het schoolbestuur afgedragen aan de
                    gemeente. </al><al>De gemeente Almere zendt hiervoor jaarlijks een rekening aan de desbetreffende
                    schoolbesturen.</al><tussenkop>Bijlage V </tussenkop><tussenkop>Criteria voor de urgentie van de aangevraagde voorzieningen</tussenkop><al><vet>1 Volgorde van hoofdprioriteiten</vet> Huisvestingsvoorzieningen
                    aangevraagd voor hetzelfde jaar die voldoen aan de criteria, als bedoeld in
                    artikel 12, eerste lid, onderdelen a, b en c worden ter samenstelling van het
                    programma en het overzicht gerangschikt in volgorde van prioriteit. Ten eerste
                    vindt de rangschikking plaats naar hoofdprioriteit:</al><lijst><li nr="1."><al>voorzieningen om capaciteitstekorten als bepaald op basis van bijlage
                            III op te heffen;</al></li><li nr="2."><al>voorzieningen noodzakelijk om een adequaat onderhoudsniveau te handhaven
                            i.c. onderhoud van gebouwen voor primair onderwijs;</al></li><li nr="3."><al>voorzieningen noodzakelijk om te voldoen aan bij of krachtens de wet
                            gestelde verplichtingen bestaande uit aanpassingen voor zover deze geen
                            capaciteitsuitbreiding inhouden;</al></li><li nr="4."><al>voorzieningen die wenselijk zijn als gevolg van nieuwe onderwijskundige
                            inzichten en/of gewenste bouwkundige aanpassingen om gebouwen aan te
                            passen aan de eigentijdse eisen van het onderwijs.</al></li></lijst><al><vet>Ad 1</vet> Hieronder vallen nieuwbouw, uitbreiding, eerste inrichting (los
                    van andere voorzieningen aangevraagd), verplaatsing noodlokalen, medegebruik en
                    het inpandig of deels inpandig creëren van lesruimten, inclusief (voor zover van
                    toepassing) het daarbij horende terrein en de eerste inrichting. Ook vergroting
                    van de capaciteit voor onderwijs in de lichamelijke oefening bijvoorbeeld door
                    nieuwbouw van een gymnastiekruimte behoort tot deze hoofdprioriteit. Vervangende
                    bouw en ingebruikneming van een gebouw inclusief de noodzakelijke aanpassingen
                    vallen slechts in deze hoofdprioriteit, indien zij dienen om een tekort aan
                    capaciteit op te heffen. <vet>Ad 2</vet> Vervangende bouw, ingebruikneming van
                    een gebouw ter vervanging van een ander gebouw inclusief de noodzakelijke
                    aanpassingen, onderhoud in het primair onderwijs, herstel van constructiefouten,
                    herstel of vervanging van schade in bijzondere omstandigheden en de aanpassing
                    'vervanging van een oliegestookte verwarmingsinstallatie' in het primair
                    onderwijs vormen de tweede hoofdprioriteit. <vet>Ad 3</vet> Aanpassingen van
                    gebouwen voor primair onderwijs met uitzondering van het (deels) inpandig
                    creëren van lesruimten en vervanging van een oliegestookte verwarming vallen
                    onder hoofdprioriteit 3. <vet>Ad 4</vet> Invulling van hoofdprioriteit 4 zal
                    afhangen van de gevolgen van nieuwe onderwijskundige inzichten voor gebouwen.
                    Daarnaast vallen hieronder de activiteiten van aanpassingen van meer algemene
                    aard en herstel of vervanging van schade in bijzondere omstandigheden voor zover
                    dit niet spoedeisend is. </al><al><vet>2 Nadere volgorde binnen de hoofdprioriteiten: de subprioriteiten</vet>
                    Vervolgens wordt binnen elke hoofdprioriteit op basis van de subprioriteit de
                    nadere volgorde bepaald. Daarbij wordt voor enige hoofdprioriteiten, namelijk de
                    hoofdprioriteiten 2, 3 en 4, de subprioriteit bepaald afhankelijk van de functie
                    die een ruimte heeft. Indien meerdere voorzieningen voor plaatsing op het
                    programma in aanmerking komen, worden de subprioriteiten steeds per voorziening
                    opnieuw toegepast. Onder lesruimten vallen: theorielokalen/leslokalen,
                    vaklokalen/speellokalen en gymnastiekruimten. Onder niet-lesruimten vallen:
                    kabinetten, personeelsruimten en overige nevenruimten binnen het gebouw. Onder
                    het begrip overige ruimte vallen: bergingen, fietsenstallingen en voorzieningen
                    aan het terrein.</al><tussenkop>2.1 Binnen de hoofdprioriteit 'voorzieningen om capaciteitstekorten als
                    bepaald op basis van bijlage III op te heffen' komt voor plaatsing op het
                    programma in aanmerking:</tussenkop><lijst><li nr="a."><al>als eerste die voorziening die relatief gezien een zo groot mogelijk
                            kwantitatief tekort opheft in een situatie met herschikking van
                            schoolgebouwen;</al></li><li nr="b."><al>vervolgens die voorziening die relatief gezien een zo groot mogelijk
                            kwantitatief tekort opheft in een situatie zonder herschikking van
                            schoolgebouwen en</al></li><li nr="c."><al>vervolgens die voorziening die relatief gezien een zo groot mogelijk
                            kwantitatief tekort aan gymnastiekruimten opheft.</al></li></lijst><tussenkop>2.2 Binnen de hoofdprioriteit 'voorzieningen noodzakelijk om een adequaat
                    onderhoudsniveau te handhaven' komt voor plaatsing op het programma in
                    aanmerking:</tussenkop><lijst><li nr="a."><al>als eerste die voorziening aan een gebouw waarbij volgens het
                            bouwkundige rapport zoals bedoeld in artikel 7, lid 2 onder c, de
                            laagste score qua kwaliteit wordt toegekend;</al></li><li nr="b."><al>vervolgens die voorziening aan een theorielokaal/leslokaal waarbij
                            volgens het bouwkundige rapport zoals bedoeld in artikel 7, lid 2 onder
                            c, de laagste score qua kwaliteit wordt toegekend;</al></li><li nr="c."><al>vervolgens die voorziening aan een
                            vaklokaal/speellokaal/gymnastiekruimte waarbij volgens het bouwkundige
                            rapport zoals bedoeld in artikel 7, lid 2 onder c, de laagste score qua
                            kwaliteit wordt toegekend;</al></li><li nr="d."><al>vervolgens die voorziening aan een niet-lesruimte waarbij volgens het
                            bouwkundige rapport zoals bedoeld in artikel 7, lid 2 onder c, de
                            laagste score qua kwaliteit wordt toegekend;</al></li><li nr="e."><al>vervolgens die voorziening aan een overige ruimte waarbij volgens het
                            bouwkundige rapport zoals bedoeld in artikel 7, lid 2 onder c, de
                            laagste score qua kwaliteit wordt toegekend.</al></li></lijst><tussenkop>2.3 Binnen de hoofdprioriteit 'voorzieningen noodzakelijk om te voldoen
                    aan bij of krachtens de wet gestelde verplichtingen waaronder aanpassingen voor
                    zover deze geen capaciteitsuitbreiding betreffen' komt voor plaatsing op het
                    programma in aanmerking:</tussenkop><lijst><li nr="a."><al>als eerste de voorziening aan een gebouw dat niet voldoet aan de wet- en
                            regelgeving en waarbij de bouwkundige conditie volgens het rapport zoals
                            bedoeld in artikel 7, lid 2 onder c, de minste is;</al></li><li nr="b."><al>vervolgens de voorziening aan een theorielokaal/leslokaal dat niet
                            voldoet aan de wet- en regelgeving en waarbij de bouwkundige conditie
                            volgens het rapport zoals bedoeld in artikel 7, lid 2 onder c, de minste
                            is; </al></li><li nr="c."><al>vervolgens de voorziening aan een vaklokaal/speellokaal/gymnastiekruimte
                            dat niet voldoet aan de wet- en regelgeving en waarbij de bouwkundige
                            conditie volgens het rapport zoals bedoeld in artikel 7, lid 2 onder c,
                            de minste is; </al></li><li nr="d."><al>vervolgens de voorziening aan een niet-lesruimte die niet voldoet aan de
                            wet- en regelgeving en waarbij de bouwkundige conditie volgens het
                            rapport zoals bedoeld in artikel 7, lid 2 onder c, de minste is; en</al></li><li nr="e."><al>vervolgens de voorziening aan een overige ruimte die niet voldoet aan de
                            wet- en regelgeving en waarbij de bouwkundige conditie volgens het
                            rapport zoals bedoeld in artikel 7, lid 2 onder c, de minste is.</al></li></lijst><tussenkop>2.4 Binnen de hoofdprioriteit 'voorzieningen die wenselijk zijn als
                    gevolg van nieuwe onderwijskundige inzichten en/of gewenste bouwkundige
                    aanpassingen om gebouwen aan te passen aan de eigentijdse eisen van het
                    onderwijs' komt voor plaatsing op het programma in aanmerking:</tussenkop><lijst><li nr="a."><al>als eerste de voorziening aanpassing als gevolg van onderwijskundige
                            vernieuwingen aan een gebouw dat aangepast wordt waarbij het aantal
                            groepen leerlingen het hoogst is;</al></li><li nr="b."><al>vervolgens de voorziening voor theorielokalen/leslokalen waarbij het
                            percentage leerlingen waarvoor het nieuwe onderwijskundige beleid geldt
                            het hoogst is;</al></li><li nr="c."><al>vervolgens de voorziening voor vaklokalen/speellokalen/gymnastiekruimten
                            waarbij het percentage leerlingen waarvoor het nieuwe onderwijskundige
                            beleid geldt het hoogst is;</al></li><li nr="d."><al>vervolgens de voorziening aan niet-lesruimte die als lesruimte in
                            gebruik wordt genomen waarbij het percentage leerlingen waarvoor nieuw
                            onderwijskundig beleid geldt het hoogst is;</al></li><li nr="e."><al>vervolgens herstel of vervanging van schade in bijzondere
                            omstandigheden, waarbij de ernst van de schade het hoogst is; en</al></li><li nr="f."><al>vervolgens de activiteit ten behoeve van aanpassingen van meer algemene
                            aard, waarbij de ouderdom van het niet-aangepaste gebouw het hoogst
                            is.</al></li></lijst><tussenkop>Bijlage VI </tussenkop><tussenkop>Beleidsregel voor bekostiging gymnastiekruimte voor basisonderwijs en
                    (voortgezet) speciaal onderwijs</tussenkop><tussenkop>Artikel 1 Omvang en bekostiging gebruik </tussenkop><lijst><li nr="1."><al>De omvang van het door de gemeente bekostigde gebruik van een
                            gymnastiekruimte door een school voor basisonderwijs en een school voor
                            (voortgezet) speciaal onderwijs is gebaseerd op het aantal klokuren per
                            week waarin volgens het activiteitenplan door de school de
                            gymnastiekruimte wordt gebruikt. Voor een basisschool wordt het maximaal
                            aantal klokuren dat voor bekostiging in aanmerking komt vastgesteld
                            volgens het bepaalde in bijlage III, deel B van de verordening
                            voorzieningen huisvesting onderwijs en bedraagt ten hoogste 1,5 klokuur
                            per week per groep leerlingen van 6 jaar en ouder. Voor een speciale
                            school voor basisonderwijs en een school voor (voortgezet) speciaal
                            onderwijs wordt het maximaal aantal klokuren dat voor bekostiging in
                            aanmerking komt vastgesteld volgens het bepaalde in bijlage III, deel B
                            van de verordening voorzieningen huisvesting onderwijs, en bedraagt ten
                            hoogste 3,75 klokuur per week per groep leerlingen jonger dan zes jaar
                            indien de school niet de beschikking heeft over een speellokaal en ten
                            hoogste 2,25 klokuur per groep leerlingen van zes jaar en ouder. </al></li><li nr="2."><al>Het bevoegd gezag van een niet door de gemeente in stand gehouden school
                            voor basisonderwijs of school voor (voortgezet) speciaal onderwijs dat
                            eigenaar is van een gymnastiekruimte ontvangt jaarlijks bekostiging. De
                            hoogte van de bekostiging wordt vastgesteld volgens het bepaalde in de
                                <onderstreept>bijlage </onderstreept>bij deze regeling, op basis van
                            de door het betreffende bevoegd gezag ingevolge artikel 38, eerste lid
                            van de verordening voorzieningen huisvesting onderwijs verstrekte
                            gegevens. Het maximaal aantal voor bekostiging in aanmerking komende
                            klokuren wordt op grond van het eerste lid vastgesteld. Wanneer er
                            sprake is van medegebruik van de gymnastiekruimte door een of meer
                            andere scholen voor basisonderwijs of (voortgezet) speciaal onderwijs
                            wordt voor de bepaling van de hoogte van de vergoeding het aantal
                            klokuren getotaliseerd. </al></li><li nr="3."><al>Het college keert de ingevolge het tweede lid vastgestelde jaarlijkse
                            vergoeding in driemaandelijkse termijnen uit aan het bevoegd gezag als
                            bedoeld in het tweede lid, waarbij de eerste termijn aanvangt aan het
                            begin van het schooljaar. </al></li></lijst><tussenkop>Artikel 2 Beslissing college in gevallen waarin de verordening niet
                    voorziet </tussenkop><al>In gevallen, de uitvoering van deze regeling betreffende, waarin deze regeling
                    niet voorziet, beslist het college. <vet>Artikel 3 Indexering </vet>Het
                    college stelt jaarlijks de in het kader van deze regeling gehanteerde
                    normbedragen voor de klokuurvergoeding bij op basis van de in
                        <onderstreept>bijlage IV </onderstreept>, deel A van de verordening
                    voorzieningen huisvesting onderwijs opgenomen prijsindexen en systematiek van
                    prijsbijstelling. </al><tussenkop>Artikel 4 Citeertitel; inwerkingtreding </tussenkop><al>Deze regeling kan worden aangehaald als: beleidsregel bekostiging
                    gymnastiekruimte voor basisonderwijs en (voortgezet) speciaal onderwijs gemeente
                    Almere</al><tussenkop>Grondslag bekostiging voor materiële instandhouding lichamelijke
                    oefening</tussenkop><al><vet>Basisschool </vet>Voor een basisschool is het aantal groepen bepalend
                    voor het aantal klokuren gymnastiek. Per groep 6-12-jarigen wordt maximaal 1,5
                    klokuur gymnastiek vergoed. Het aantal groepen is afhankelijk van het aantal
                    formatieplaatsen. Bij de bepaling van het aantal formatieplaatsen en daarop
                    gebaseerde aantal groepen wordt uitgegaan van de formule en bepalingen zoals
                    vastgelegd in Bijlage III, Deel B, artikel 1.2 van de verordening voorzieningen
                    huisvesting onderwijs.</al><al><vet>Speciale school voor basisonderwijs </vet>Voor een speciale school
                    voor basisonderwijs is het aantal groepen bepalend voor het aantal klokuren
                    gymnastiek. Per groep met leerlingen jonger dan 6 jaar wordt, indien de school
                    niet de beschikking heeft over een speellokaal, maximaal 3,75 klokuur gymnastiek
                    vergoed. Per groep met leerlingen van 6 jaar en ouder wordt maximaal 2,25
                    klokuur gymnastiek vergoed. Het aantal groepen wordt bepaald door het aantal
                    leerlingen te delen door de 'N-factor'. De 'N-factor' is bepalend voor de
                    groepsgrootte. De N-factor voor een speciale school voor basisonderwijs is 15.
                    Het verkregen getal wordt alleen naar boven afgerond indien het cijfer achter de
                    komma groter is dan 5. In het andere geval wordt het getal naar beneden
                    afgerond. <vet>School voor (voortgezet) speciaal onderwijs </vet>Het
                    aantal groepen is bepalend voor het aantal klokuren gymnastiek. Per groep met
                    leerlingen jonger dan 6 jaar word maximaal 3,75 klokuur gymnastiek vergoed,
                    indien de school of nevenvestiging niet de beschikking heeft over een
                    speellokaal,. Per groep met leerlingen van 6 jaar en ouder wordt maximaal 2,25
                    klokuur gymnastiek vergoed. Bij de bepaling van het aantal groepen wordt
                    uitgegaan van de bepalingen uit Bijlage III, Deel B, artikel 2.2 van de
                    verordening voorzieningen huisvesting onderwijs.</al><tussenkop>Vergoeding per klokuur</tussenkop><al>Ingevolge artikel 117 van de Wet op het primair onderwijs en artikel 115 van de
                    Wet op de Expertisecentra worden de volgende vergoedingsbedragen voor het
                    gebruik van een gymnastiekzaal vastgesteld. De bedragen bevatten een vergoeding
                    voor onderhoud aan de binnenzijde van het gebouw, de materiële instandhouding
                    alsmede een vergoeding voor vervanging en aanpassing van onderwijsleerpakket en
                    meubilair. De hoogte van de vergoeding is afhankelijk van het stichtingsjaar van
                    de gymnastiekaccommodatie en de oppervlakte van de oefenzaal. </al><al>De vergoeding bestaat uit een vast bedrag en een variabel bedrag per vastgesteld
                    klokuur. </al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="46*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="23*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="31*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Stichtingsjaar en omvang</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Vast bedrag</vet></al></entry><entry colname="col3"><al><vet>Variabel bedrag</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Tot 1987</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-&lt; 90 m2</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 2.585,68</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 314,17</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-90-130 m2</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 3.317,85</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 397,56</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-130-170 m2</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 3.627,82</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 429,02</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-170-190 m2</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 3.462,08</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 469,41</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-190-230 m2</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 3.315,75</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 517,14</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-&gt; 230 m2</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 3.752,64</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 578,50</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Vanaf 1987</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>-&gt;= 252 m2</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 2.979,56</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 526,06</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><vet>Medegebruik/huur van een niet-eigen voorziening </vet>Naast
                    gymnastiek in een eigen lokaal van de school is er tevens gymnastiek mogelijk in
                    een bestaande gymnastiekaccommodatie door middel van medegebruik of huur (van
                    een andere school/de gemeente/een commerciële exploitant). Afhankelijk van de
                    eigenaar van de accommodatie bestaat recht op de volgende vergoeding: </al><lijst><li nr="·"><al>Indien de gymnastiekzaal van een andere school voor primair onderwijs
                            wordt gebruikt, wordt het variabele deel van het klokuurbedrag aan de
                            eigenaar vergoed. </al></li><li nr="·"><al>Indien de gymnastiekzaal van een school voor voortgezet onderwijs wordt
                            gebruikt, wordt het vaste en het variabele deel van het klokuurbedrag
                            vergoed. </al></li><li nr="·"><al>Indien een gymnastiekaccommodatie van de gemeente wordt gebruikt,
                            volstaat ingebruikgeving van de accommodatie voor het vastgesteld aantal
                            klokuren. </al></li></lijst><al>Indien een gymnastiekaccommodatie van een commerciële exploitant wordt gebruikt,
                    zal de huurprijs (stichtingskosten + materiële instandhouding) worden vergoed.
                    De huurprijs wordt door de gemeente aan de exploitant voldaan.</al></bijlage><nota-toelichting/></regeling></body></cvdr>