<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR265462_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Reglement van orde voor de raadscommissie 2012</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Epe</dcterms:creator><dcterms:modified>2013-01-25</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Epe</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Veluws Nieuws d.d. 05-02-2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Reglement van orde voor de raadscommissie 2012</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 82 GEmeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-01-24</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-01-25</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-05-24</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2012-31509</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Reglement van orde voor de raadscommissie 2012</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/><al><vet>D E R A A D V A N D E G E M E E N T E E P E ; </vet></al><al/><al>gehoord het advies van het presidium 5 juli 2012</al><al/><al>gelet op artikel 82 van de Gemeentewet; </al><al/><al><vet>B E S L U I T: </vet></al><al/><al>vast te stellen de volgende verordening: Reglement van orde voor de
                        raadscommissie 2012</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel><vet>Begripsbepalingen </vet></titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder: </al><lijst><li nr="a."><al> lid: lid van de raadscommissie; </al></li><li nr="b."><al> voorzitter: voorzitter van de raadscommissie; </al></li><li nr="c."><al> commissiegriffier: secretaris van de raadscommissie of diens
                                    vervanger; </al></li><li nr="d."><al> griffier: griffier van de raad of diens vervanger; </al></li><li nr="e."><al> vergadering: vergadering van de raadscommissie. </al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel><vet>Instelling, taken en samenstelling </vet></titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel><vet>Instelling en taken raadscommissie </vet></titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad stelt een raadscommissie in. Afhankelijk van de agenda
                                    kan er parallel een tweede raadscommissie zijn.</al></li><li nr="2."><al>De raadscommissie heeft de volgende taken: </al><lijst><li nr="a."><al> het gevraagd of ongevraagd uitbrengen van advies aan de
                                            raad; het voeren van overleg met</al></li><li nr="b."><al> het college of de burgemeester over in ieder geval door
                                            het college of de burgemeester verstrekte inlichtingen
                                            en het gevoerde bestuur.</al></li></lijst></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Taken</titel></kop><al>Vervallen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Samenstelling</titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>De raadscommissie bestaat uit alle leden van de raad. Bij een
                                    parallelle commissievergadering hebben de raadsleden zitting in
                                    één van de twee commissies.</al></li><li nr="2."><al>b Het is de fracties toegestaan zich in de commissie te laten
                                    vertegenwoordigen door een niet- raadslid van dezelfde politieke
                                    partij. </al></li><li nr="3."><al>Een niet-raadslid uit dezelfde politieke partij komt daartoe
                                    slechts in aanmerking als deze voorkomt op een van de
                                    kandidatenlijsten voor de laatstgehouden verkiezingen voor de
                                    leden van de gemeenteraad. Daarbij dient bij voorkeur te worden
                                    uitgegaan van de volgorde van de kandidatenlijst. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Voorzitter</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter(s) word(t)en door de raad uit zijn midden benoemd.
                                </al></li><li nr="2."><al>De voorzitter(s) zitten de vergadering bij toerbeurt voor en
                                    kunnen indien zij aan de beraadslagingen wensen deel te nemen,
                                    zich laten vervangen door een van de andere voorzitters. De
                                    voorzitter is belast met: </al><lijst><li nr="a."><al> het leiden van de vergadering; </al></li><li nr="b."><al> het handhaven van de orde; </al></li><li nr="c."><al> het doen naleven van deze verordening; </al></li><li nr="d."><al> hetgeen deze verordening hem verder opdraagt. </al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel><vet>Zittingsduur en vacatures </vet></titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>De zittingsperiode van een lid en voorzitter(s) eindigt in ieder
                                    geval aan het einde van de zittingsperiode van de raad. </al></li><li nr="2."><al>Een lid houdt op lid te zijn van de raadscommissie indien hij
                                    ophoudt lid te zijn van de raad. </al></li><li nr="3."><al>De raad kan de voorzitter(s) ontslaan. </al></li><li nr="4."><al>Een lid en de voorzitter kunnen te allen tijde ontslag nemen.
                                    Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de raad. Het
                                    ontslag gaat een maand na de schriftelijke mededeling in of
                                    zoveel eerder als hun opvolger is benoemd.</al></li><li nr="5."><al>Indien door overlijden of ontslag een vacature ontstaat, beslist
                                    de raad zo spoedig mogelijk over de vervulling daarvan, met
                                    inachtneming van artikel 4.</al></li><li nr="6."><al>Indien een fractie blijkens een schriftelijke verklaring aan de
                                    voorzitter van de raad niet langer vertegenwoordigd is in de
                                    raad, vervalt het lidmaatschap van het lid van rechtswege.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel><vet>Griffier en commissiegriffier </vet></titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>De griffier is verantwoordelijk voor de ondersteuning en de
                                    verslaglegging van de raadscommissie. </al></li><li nr="2."><al>Bij iedere vergadering is een commissiegriffier aanwezig. </al></li><li nr="3."><al>Bij zijn verhindering of afwezigheid wordt de commissiegriffier
                                    vervangen door een door de griffier aangewezen medewerker van de
                                    griffie. </al></li><li nr="4."><al>De griffier kan in iedere vergadering aanwezig zijn. </al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel><vet>Aanwezigheid college, burgemeester en gemeentesecretaris
                            </vet></titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel><vet>Aanwezigheid college, burgemeester en secretaris
                                </vet></titel></kop><al>De voorzitter kan de burgemeester, één of meer wethouders en de
                            gemeentesecretaris uitnodigen in de vergadering aanwezig te zijn en aan
                            de beraadslagingen deel te nemen. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel><vet>Vergaderingen </vet></titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel><vet>Tijdstip van vergaderen en voorbereiding </vet></titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel><vet>Vergaderfrequentie</vet></titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>In de regel vinden de vergaderingen van de raadscommissie
                                        plaats op donderdag. </al></li><li nr="2."><al>De vergaderingen van de raadscommissie vangen aan om 19.30
                                        uur en vinden in de regel plaats in het gemeentehuis. </al></li><li nr="3."><al>De raadscommissie vergadert voorts indien de voorzitter het
                                        nodig oordeelt of indien tenminste twee fracties
                                        schriftelijk met opgaaf van redenen daarom verzoeken. </al></li><li nr="4."><al>De voorzitter kan in bijzondere gevallen een andere dag of
                                        aanvangsuur bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen.
                                        Hij voert hierover overleg met de griffier. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel><vet>Agendacommissie </vet></titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>Er is een agendacommissie. </al></li><li nr="2."><al>De agendacommissie bestaat uit de voorzitter(s) van de
                                        raadscommissie en de plaatsvervangend voorzitter van de
                                        raad. De voorzitter van de raad kan de vergaderingen van de
                                        agendacommissie bijwonen. De griffier of zijn vervanger is
                                        in elke vergadering van de agendacommissie aanwezig. </al></li><li nr="3."><al>De plaatsvervangend voorzitter van de raad is voorzitter van
                                        de agendacommissie. Een van de voorzitters van de
                                        raadscommissie treedt op als zijn plaatsvervanger. </al></li><li nr="4."><al>De agendacommissie heeft tot taak het voorlopig vaststellen
                                        van de agenda van de raadscommissie en het aanwijzen van een
                                        voorzitter.</al></li><li nr="5."><al>De voorzitter van de agendacommissie kan voorstellen de
                                        gemeentesecretaris uit te nodigen voor een vergadering van
                                        de agendacommissie. </al></li><li nr="6."><al>De leden van de agendacommissie hebben elk één stem in de
                                        agendacommissie. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel><vet>Oproep</vet></titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter zendt tenminste zeven dagen voor een
                                        vergadering de leden een oproep onder vermelding van de dag,
                                        het tijdstip en de plaats van de vergadering. </al></li><li nr="2."><al>De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met
                                        uitzondering van de in artikel 86, eerste en tweede lid, van
                                        de Gemeentewet bedoelde stukken, worden tegelijkertijd met
                                        de oproep voor de leden beschikbaar gesteld. </al></li><li nr="3."><al>Indien een aanvullende agenda wordt vastgesteld als bedoeld
                                        in artikel 12, tweede lid, worden deze agenda en de daarop
                                        vermelde voorstellen of onderwerpen zo spoedig mogelijk,
                                        doch uiterlijk 48 uur voor aanvang van de vergadering voor
                                        de leden beschikbaar gesteld. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel><vet>De agenda </vet></titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden
                                        van de oproep tot uiterlijk 48 uur voor de aanvang van een
                                        vergadering een aanvullende agenda opstellen. </al></li><li nr="2."><al>Bij aanvang van de vergadering stelt de raadscommissie de
                                        agenda vast. Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de
                                        raadscommissie bij de vaststelling van de agenda onderwerpen
                                        aan de agenda toevoegen of van de agenda afvoeren.</al></li><li nr="3."><al>Wanneer de raadscommissie een onderwerp of voorstel
                                        onvoldoende voor de beraadslaging voorbereid acht, kan hij
                                        aan het college of de burgemeester nadere inlichtingen of
                                        advies vragen. De raadscommissie bepaalt in welke
                                        vergadering het onderwerp of voorstel opnieuw geagendeerd
                                        wordt. </al></li><li nr="4."><al>Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de
                                        raadscommissie de volgorde van behandeling van de
                                        agendapunten wijzigen. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel><vet>Ter inzage leggen van stukken</vet></titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of
                                        voorstellen op de agenda dienen, worden gelijktijdig met het
                                        verzenden van de oproep voor een ieder op de gebruikelijke
                                        wijze ter inzage gelegd c.q. via de gemeentelijke website
                                        aangeboden. Indien nadien alsnog stukken ter inzage worden
                                        gelegd, wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden en zo
                                        mogelijk in een openbare kennisgeving. </al></li><li nr="2."><al>Een origineel van een ter inzage gelegd stuk wordt niet
                                        buiten het gemeentehuis gebracht. </al></li><li nr="3."><al>Indien voor stukken op grond van artikel 86, eerste en
                                        tweede lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd,
                                        blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid, onder
                                        berusting van de griffier en verleent de griffier een lid
                                        inzage. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel><vet>Openbare kennisgeving </vet></titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>De vergadering wordt tegelijkertijd met de oproep door
                                        aankondiging in een huis-aan-huisblad op de voor
                                        afkondigingen in de gemeente gebruikelijke wijze en door
                                        plaatsing op de gemeentelijke website openbaar gemaakt.
                                    </al></li><li nr="2."><al>De openbare kennisgeving vermeldt: </al><lijst><li nr="a."><al>de datum, aanvangstijd en plaats, alsmede de
                                                voorlopige agenda van de vergadering; </al></li><li nr="b."><al>de wijze waarop en de plaats waar een ieder de
                                                agenda en de daarbij behorende stukken kan inzien;
                                            </al></li><li nr="c."><al>de mogelijkheid tot het uitoefenen van het
                                                spreekrecht als bedoeld in artikel 17. </al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Daarnaast worden de bij de voorlopige agenda behorende
                                        stukken, indien digitaal beschikbaar, op de website van de
                                        gemeente geplaatst. </al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel><vet>Orde der vergadering </vet></titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel><vet>Presentielijst</vet></titel></kop><al>Vervallen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel><vet>Opening vergadering en quorum </vet></titel></kop><al>Vervallen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel><vet>Spreekrecht burgers </vet></titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>Burgers kunnen per agendapunt over de geagendeerde
                                        onderwerpen inspreken. Zij melden zich daartoe voor de
                                        bespreking van het agendapunt bij de voorzitter of de
                                        commissiegriffier.</al></li><li nr="2."><al>Het woord kan niet gevoerd worden over: </al><lijst><li nr="a."><al>een besluit van het gemeentebestuur waartegen
                                                bezwaar en beroep openstaat of heeft opengestaan;
                                            </al></li><li nr="b."><al>benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen
                                                van personen; </al></li><li nr="c."><al>een gedraging waarover een klacht ex artikel 9:1 van
                                                de Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden
                                                ingediend. </al></li></lijst></li><li nr="3."><al>De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De
                                        voorzitter kan van de volgorde afwijken, indien dit in het
                                        belang is van de orde van de vergadering. </al></li><li nr="4."><al>De voorzitter bepaalt de spreektijd en verdeelt deze,
                                        rekening houdend met het aantal insprekers. </al></li><li nr="5."><al>De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit
                                        heeft verleend. De voorzitter kan de deelnemers aan de
                                        commissievergadering toestaan aan insprekers een korte,
                                        verhelderende vraag te stellen. Er vindt geen discussie
                                        plaats tussen een inspreker en deelnemers van de
                                        vergadering. De voorzitter of een lid doet een voorstel voor
                                        de behandeling van de inbreng van de burger. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel><vet>Verslag</vet></titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>Het conceptverslag van de voorgaande vergadering wordt voor
                                        de leden en de collegeleden zo spoedig mogelijk na de
                                        vergadering beschikbaar gesteld. </al></li><li nr="2."><al>Bij het begin van de vergadering wordt, indien mogelijk, het
                                        verslag van de vorige vergadering vastgesteld. </al></li><li nr="3."><al>De leden, de voorzitter, de burgemeester en de wethouders,
                                        hebben het recht, een voorstel tot wijziging van het verslag
                                        aan de commissie te doen, indien het verslag onjuistheden
                                        bevat of niet duidelijk weergeeft hetgeen gezegd of besloten
                                        is. Een voorstel tot verandering dient 24 uur voor de
                                        aanvang van de vergadering schriftelijk bij de
                                        commissiegriffier te worden ingediend. </al></li><li nr="4."><al>Het verslag moet inhouden: </al><lijst><li nr="a."><al>de namen van de voorzitter, de griffier, de
                                                commissiegriffier, de burgemeester en de wethouders,
                                                de gemeentesecretaris en de ter vergadering
                                                aanwezige leden, allen voorzover aanwezig, alsmede
                                                de namen van de overige personen die het woord
                                                gevoerd hebben; </al></li><li nr="b."><al>welke leden afwezig waren; </al></li><li nr="c."><al>een vermelding van de zaken die aan de orde zijn
                                                geweest; </al></li><li nr="d."><al>een zakelijke samenvatting van het gesprokene met
                                                vermelding van de namen der aanwezigen die het woord
                                                voerden; </al></li><li nr="e."><al>een samenvatting van het advies aan de raad onder
                                                vermelding van de namen van de leden die mededeling
                                                hebben gedaan van hun goed- of afkeuring, en met
                                                aantekening van de namen van de leden die zich niet
                                                uitgelaten hebben; </al></li><li nr="f."><al>bij het desbetreffende agendapunt de naam en de
                                                hoedanigheid van die personen aan wie het op grond
                                                van het bepaalde in artikel 24 door de
                                                raadscommissie is toegestaan deel te nemen aan de
                                                beraadslagingen. </al></li></lijst></li><li nr="5."><al>Het verslag wordt opgesteld onder de verantwoordelijkheid
                                        van de griffier. </al></li><li nr="6."><al>Het vastgestelde verslag wordt door de voorzitter en de
                                        commissiegriffier ondertekend. </al></li><li nr="7."><al>Onverminderd het voorgaande draagt de griffier zorg voor een
                                        beeld-en audioverslag </al></li><li nr="8."><al>Het beeld-en audioverslag is tenminste 4 jaar na de
                                        commissievergadering op de gemeentelijke website
                                        beschikbaar.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel><vet>Aantal spreektermijnen </vet></titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>De beraadslaging over een onderwerp of voorstel geschiedt in
                                        ten hoogste twee termijnen, tenzij de raadscommissie anders
                                        beslist. </al></li><li nr="2."><al>Elke spreektermijn wordt door de voorzitter afgesloten.
                                    </al></li><li nr="3."><al>Een lid mag in een termijn niet meer dan één maal het woord
                                        voeren over hetzelfde onderwerp of voorstel. </al></li><li nr="4."><al>Bij de bepaling hoeveel malen een lid over hetzelfde
                                        onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet
                                        meegerekend het spreken over een voorstel van orde. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel><vet>Spreektijd</vet></titel></kop><al>Een lid kan een voorstel doen over de spreektijd van de leden. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel><vet>Voorstellen van orde </vet></titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter en ieder lid kunnen tijdens de vergadering
                                        mondeling een voorstel van orde doen, dat kort kan worden
                                        toegelicht. </al></li><li nr="2."><al>Een voorstel van orde kan uitsluitend de orde van de
                                        vergadering betreffen. </al></li><li nr="3."><al>Over een voorstel van orde beslist de raadscommissie
                                        terstond. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel><vet>Handhaving orde; schorsing </vet></titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord, tenzij: </al><lijst><li nr="a."><al>de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het
                                                opvolgen van deze verordening te herinneren; </al></li><li nr="b."><al>een lid hem interrumpeert. De voorzitter kan bepalen
                                                dat de spreker zonder verdere interrupties zijn
                                                betoog zal afronden. </al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Indien een spreker zich beledigende of onbetamelijke
                                        uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt van het in behandeling
                                        zijnde onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk
                                        interrumpeert, dan wel anderszins de orde verstoort, wordt
                                        hij door de voorzitter tot de orde geroepen. Indien de
                                        spreker hieraan geen gevolg geeft, kan de voorzitter hem
                                        gedurende de vergadering, waarin zulks plaats heeft, over
                                        het aanhangige onderwerp het woord ontzeggen. </al></li><li nr="3."><al>De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering
                                        voor een door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de
                                        heropening de orde opnieuw wordt verstoord - de vergadering
                                        sluiten. </al></li><li nr="4."><al>De voorzitter kan een raadscommissie voorstellen aan een lid
                                        dat door zijn gedragingen de geregelde gang van zaken
                                        belemmert, het verdere verblijf in de vergadering te
                                        ontzeggen. </al></li><li nr="5."><al>Over het voorstel wordt niet beraadslaagd. Na aanneming
                                        daarvan verlaat het lid de vergadering onmiddellijk. Zo
                                        nodig doet de voorzitter hem verwijderen. Bij herhaling van
                                        zijn gedrag kan het lid bovendien voor ten hoogste drie
                                        maanden de toegang tot de vergadering worden ontzegd. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel><vet>Beraadslaging </vet></titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>De raadscommissie kan op voorstel van de voorzitter of een
                                        lid beslissen over één of meer onderdelen van een onderwerp
                                        of voorstel afzonderlijk te beraadslagen. </al></li><li nr="2."><al>Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de
                                        raadscommissie beslissen de beraadslaging voor een door hem
                                        te bepalen tijd te schorsen teneinde het college of de leden
                                        de gelegenheid te geven tot onderling nader beraad. De
                                        beraadslagingen worden hervat nadat de schorsingsperiode
                                        verstreken is.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel><vet>Deelname aan de beraadslaging door anderen
                                    </vet></titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>De raadscommissie kan bepalen dat anderen mogen deelnemen
                                        aan de beraadslaging. </al></li><li nr="2."><al>Een beslissing daartoe wordt op voorstel van de voorzitter
                                        of een lid genomen alvorens met de beraadslaging ten aanzien
                                        van het aan de orde zijnde agendapunt een aanvang wordt
                                        genomen. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel><vet>Advies </vet></titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>Wanneer de voorzitter vaststelt, dat een onderwerp of
                                        voorstel voldoende is toegelicht, sluit hij de
                                        beraadslaging, tenzij de raadscommissie anders beslist.
                                    </al></li><li nr="2."><al>Nadat de beraadslaging is gesloten, beslist de
                                        raadscommissie of er een advies aan de raad wordt
                                        uitgebracht. </al></li><li nr="3."><al>Indien de raadscommissie een advies aan de raad uitbrengt
                                        beslissen de leden op voorstel van de voorzitter over de
                                        inhoud van het advies. </al></li><li nr="4."><al>In het advies worden de standpunten van alle fracties
                                        opgenomen. </al></li></lijst></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel><vet>Besloten vergadering </vet></titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel><vet>Algemeen</vet></titel></kop><al>Op een besloten vergadering zijn de bepalingen van deze verordening van
                            overeenkomstige toepassing voor zover deze bepalingen niet strijdig zijn
                            met het besloten karakter van de vergadering. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel><vet>Verslag </vet></titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>Het verslag van een besloten vergadering wordt niet rondgedeeld,
                                    maar ligt uitsluitend voor de leden ter inzage bij de griffier.
                                </al></li><li nr="2."><al>Dit verslag wordt zo spoedig mogelijk in een besloten
                                    vergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze
                                    vergadering neemt de raadscommissie een beslissing over het al
                                    dan niet openbaar maken van dit verslag. Het vastgestelde
                                    verslag wordt door de voorzitter en de commissiegriffier
                                    ondertekend. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Geheimhouding</titel></kop><al>Voor de afloop van de besloten vergadering beslist de raadscommissie
                            overeenkomstig artikel 86, eerste lid, van de Gemeentewet of omtrent de
                            inhoud van de stukken en het verhandelde geheimhouding zal gelden. De
                            raadscommissie kan besluiten de geheimhouding op te heffen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel><vet>Opheffing geheimhouding </vet></titel></kop><al>Indien de raad op grond van artikel 25, derde en vierde lid, van de
                            Gemeentewet voornemens is de geheimhouding op te heffen wordt daarover,
                            indien de raadscommissie die geheimhouding heeft opgelegd daarom
                            verzoekt, in een besloten vergadering met de raadscommissie overleg
                            gevoerd. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6</nr><titel><vet>Toehoorders en pers </vet></titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>De toehoorders en vertegenwoordigers van de pers kunnen
                                    uitsluitend op de voor hen bestemde plaatsen openbare
                                    vergaderingen bijwonen. </al></li><li nr="2."><al>Het geven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere
                                    wijze verstoren van de orde is verboden. </al></li><li nr="3."><al>De voorzitter is bevoegd, toehoorders die op enigerlei wijze de
                                    orde van de vergadering verstoren, te doen vertrekken.
                                    Toehoorders die bij herhaling de orde in de vergadering
                                    verstoren kan hij voor ten hoogste drie maanden de toegang tot
                                    de vergadering ontzeggen. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr><titel><vet>Geluid- en beeldregistraties </vet></titel></kop><al>Degenen die in de vergaderzaal tijdens de vergadering geluid- dan wel
                            beeldregistraties willen maken doen hiervan mededeling aan de voorzitter
                            en gedragen zich naar zijn aanwijzingen. Deze aanwijzingen kunnen niet
                            zover gaan dat zij de vrijheid van pers aantasten. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32</nr><titel><vet>Verbod gebruik mobiele telefoons </vet></titel></kop><al>In de vergaderzaal, met inbegrip van de publieke tribune, is tijdens de
                            vergadering het gebruik, alsmede het stand-by houden van mobiele
                            telefoons of andere communicatiemiddelen, die inbreuk kunnen maken op de
                            orde van de vergadering zonder toestemming van de voorzitter niet
                            toegestaan. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>7</nr><titel><vet>Slotbepalingen</vet></titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33</nr><titel><vet>Uitleg verordening </vet></titel></kop><al>In de gevallen waarin deze verordening niet voorziet of bij twijfel over
                            de toepassing van de verordening, beslist de raadscommissie op voorstel
                            van de voorzitter. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>34</nr><titel><vet>Inwerkingtreding</vet></titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking op de dag nadat deze is
                                    vastgesteld. </al></li><li nr="2."><al>Op dat tijdstip vervalt de “Verordening op de raadscommissie
                                    2011”, vastgesteld bij raadsbesluit van 30 juni 2011.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Epe, 24 januari 2013</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Aldus besloten, </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De raad voornoemd, </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De voorzitter, Ir. H. van der Hoeve MPA</ondertekening><ondertekening>de griffier, V. Smit.</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting op de Verordening op de raadscommissie 2011</titel></kop><al/><al><vet>Algemene toelichting </vet></al><al>In de Gemeentewet wordt onderscheid gemaakt tussen raadscommissies,
                            bestuurscommissies en andere commissies (resp. artikel 82, 83 en 84
                            Gemeentewet). Raadscommissies bereiden de besluitvorming in de raad voor
                            en voeren overleg met het college en de burgemeester. Bestuurscommissies
                            zijn commissies waaraan bevoegdheden van de raad, het college of de
                            burgemeester worden overgedragen. Andere commissies kunnen alle
                            mogelijke denkbare taken hebben. Er kan gedacht worden aan
                            adviescommissies zoals de commissie bezwaarschriften, ad hoc commissies
                            en wijkraden. </al><al>Deze verordening heeft betrekking op de raadscommissie. In veel
                            gemeenten is de afgelopen jaren stil gestaan bij het bestaande
                            vergaderstelsel. De praktijk laat zien dat het commissiestelsel niet
                            alleen op verschillende manieren wordt heringericht, maar dat er ook
                            gemeenten zijn die de keuze hebben gemaakt om zonder raadscommissies te
                            werken. De 'Handreiking vernieuwend vergaderen: voorbeelden uit de
                            praktijk {'Uitgave van de Vernieuwingsimpuls Dualisme en lokale
                            democratie, 2005 (www.vernieuwingsimpuls.nl)} gaat uitgebreid in op de
                            nieuwe overlegvormen. In het najaar van 2006 heeft de raad de keuze
                            gemaakt om te gaan werken met één brede raadscommissie. </al><al>De instelling van raadscommissies geschiedt veelal bij verordening,
                            waarin de taken bevoegdheden, samenstelling en werkwijze van de
                            raadscommissies worden vastgelegd. Deze verordening voorziet hierin. </al><al>De verordening is gebaseerd op het in 2010 geactualiseerde model van de
                            VNG. In 2006 was een belangrijke wijziging de versterking van het
                            spreekrecht voor burgers in de raadscommissieverordening en het
                            verwijderen van het spreekrecht voor burgers uit het reglement van orde
                            voor de gemeenteraad. Uit de praktijk kwamen steeds meer signalen dat
                            het inspreekrecht tijdens de raadsvergadering niet de goede manier was
                            om burgers te betrekken bij de besluitvorming. Epe kende overigens geen
                            spreekrecht voor burgers in de raadsvergadering. </al><al>Juist omdat de raadsvergadering het sluitstuk is van het
                            besluitvormingsproces dat lang daarvoor al is begonnen (ambtelijke
                            organisatie, college, commissies) is de kans klein dat de raad op dat
                            moment - als reactie op het inspreken van een burger - nog van richting
                            verandert. De inspreek-mogelijkheid van de burger tijdens de
                            raadsvergadering kan daarmee als "schijnspreekrecht" worden betiteld. De
                            mogelijkheden van burgers om tijdens de commissievergaderingen in te
                            spreken zou daar en tegen beter benut kunnen worden. Deze vergaderingen
                            zijn doorgaans laagdrempeliger en hebben meer mogelijkheden om met de
                            inspreker in overleg te gaan in een informele setting. Afhankelijk van
                            de grootte van de commissie schuift de inspreker aan tafel bij de
                            commissieleden, in plaats van het spreken achter een spreekgestoelte in
                            de raadsvergadering. </al><al/><al>Aangezien de VNG in 2009 het model voor de Verordening op de
                            raadscommissie geheel vernieuwd heeft en wij dat niet toen niet hebben
                            overgenomen en er een aantal wijzigingen zijn in de vergaderstructuur en
                            het voorzitterschap is er voor gekozen om de Verordening op de
                            raadscommissie in zijn geheel te vernieuwen.</al><al/><al/><al><vet>Artikelgewijze toelichting </vet></al><al/><al><vet>Hoofdstuk 1 Begripsbepalingen </vet></al><al/><al><vet>Artikel 1 Begripsbepalingen </vet></al><al/><al>Om te voorkomen dat de omschrijving van terugkerende begrippen in de
                            verordening moeten worden herhaald, zijn in deze bepaling een aantal
                            begrippen eenmalig gedefinieerd. </al><al/><al><vet>Hoofdstuk 2 Instelling, taken en samenstelling </vet></al><al/><al><vet>Artikel 2 Instelling raadscommissies </vet></al><al>De verordening is gebaseerd op één raadscommissie. Daarom zijn artikel 2
                            en 3 van de modelverordening samengevoegd. Uiteraard zijn allerlei
                            andere modellen denkbaar. Nu kan worden volstaan met een artikel 2 dat
                            luidt: De raad stelt een raadscommissie in. De leden 2 tot en met 5 van
                            het model zijn overbodig. </al><al>De taken van de raadscommissies zijn vastgelegd in artikel 82, eerste
                            lid, van de Gemeentewet. </al><al>In de verordening is er voor gekozen om de taken van de commissie die
                            ook in de wet staan nog eens te noemen. </al><al>Raadscommissies bereiden de besluitvorming van de raad voor en
                            overleggen met het college of de burgemeester. Voor wat betreft de
                            invulling van de taken van de raadscommissies zijn ruwweg twee modellen
                            te onderscheiden. In het eerste model is een raadscommissie vooral
                            gericht op voorbereiding en informatievoorziening en vindt het politieke
                            debat plaats in de raad, in het tweede vindt het politieke debat plaats
                            in een raadscommissie en geschiedt de besluitvorming door de raad
                            plaats. </al><al>In Epe is een keuze gemaakt voor het eerste model.</al><al>De taak om de besluitvorming van de raad voor te bereiden komt tot
                            uitdrukking in de taak advies uit te brengen over een voorstel of
                            onderwerp. De raadscommissie kan ook uit eigener beweging advies aan de
                            raad uitbrengen, ook dit advies kan aanleiding zijn voor besluitvorming
                            in de raad. De taken van de raadscommissie zijn in essentie dezelfde als
                            die van de raad, die van kaderstellend, controlerend en
                            volksvertegenwoordigend orgaan. </al><al>De raadscommissie bepaalt evenals de raad zijn eigen agenda. Dit
                            betekent dat niet het college maar de raadscommissie bepaalt of een
                            voorstel aan de raadscommissie wordt voorgelegd alvorens het in de raad
                            wordt besproken. Hierover kan uiteraard ook overleg plaatsvinden in het
                            presidium (bestaande uit de leden van elke in de raad vertegenwoordigde
                            fractie en als adviseur de voorzitter van de raad) of de agendacommissie
                            (bestaande uit de plaatsvervangend voorzitter van de raad, de
                            voorzitter(s) van de raadscommissie Veelal zal het echter wel zo blijven
                            dat een onderwerp eerst in een raadscommissie wordt besproken. </al><al/><al><vet>Artikel 4 Samenstelling </vet></al><al>De raad bepaalt de samenstelling van de raadscommissies. Wel schrijft
                            artikel 82, derde lid, van de Gemeentewet voor dat de raad moet zorgen
                            voor een evenwichtige vertegenwoordiging van de in de raad
                            vertegenwoordigde politieke groeperingen. </al><al>In Epe is in principe gekozen voor één raadscommissie waarvan alle leden
                            van de raad deel uit kunnen maken. Daarmee wordt aan de wettelijke
                            verplichting voldaan. </al><al>De raad heeft in zijn vergadering van 25 januari 2007 besloten het de
                            fracties te laten toestaan zich in de commissie te laten
                            vertegenwoordigen door een niet-raadslid van dezelfde partij. De naam
                            van die persoon moet voorkomen op één van de kandidatenlijsten voor de
                            laatstgehouden verkiezingen voor de gemeenteraad. </al><al>Niet raadsleden als bedoeld in artikel 4 leggen een verklaring af met
                            betrekking tot de geheimhouding van vertrouwelijke stukken. Afspraken
                            worden gemaakt m.b.t de beschikbaarstelling van stukken, toegang tot de
                            raadsleeskamer e.d. </al><al>In de commissievergadering kan per agendapunt de vertegenwoordiging
                            wordt gewijzigd. </al><al/><al><vet>Artikel 5 Voorzitter </vet></al><al>Artikel 82, vierde lid, van de Gemeentewet schrijft voor dat de
                            voorzitter van een raadscommissie raadslid moet zijn. Om die reden
                            bepaalt artikel 5, eerste lid, dat de raad de voorzitter(s) "uit zijn
                            midden" benoemt. In deze bepaling is er voor gekozen om de voorzitter
                            van de raadscommissie door de raad te laten benoemen.</al><al/><al>Het staat de raad echter vrij om te bepalen dat een raadscommissie de
                            voorzitter benoemt. Gelet op de belangrijke functie die de
                            raadscommissies ten opzichte van de raad vervult, ligt het wel in de
                            rede dat de raad de voorzitters benoemt In deze verordening is de keus
                            gemaakt de voorzitter(s) door de raad te laten benoemen. </al><al/><al>De voorzitter is geen lid van de raadscommissie. . Dit is een bewuste
                            keuze, op deze wijze kan de voorzitter zich concentreren op zijn taak
                            als (technisch) voorzitter en zijn tijd en energie aanwenden voor het
                            bewaken van de positie van de raadscommissie. Hij hoeft zich niet te
                            bekommeren om de inbreng van zijn fractie in de raadscommissie. Een
                            andere keuze is echter ook denkbaar, de Gemeentewet verzet zich er niet
                            tegen dat de (plaatsvervangend) voorzitter tevens lid van een
                            raadscommissie is. Indien de raad er voor kiest om de voorzitters tevens
                            lid van de raadscommissies te laten zijn dan zullen de artikelen 4 en 5
                            hierop aangepast moeten worden.</al><al/><al>Het ligt voor de hand dat de voorzitter, evenals de leden, van de
                            raadscommissie in de eerste vergadering van de raad in nieuwe
                            samenstelling worden benoemd, aangezien de zittingsperiode van de
                            voorzitters en de leden aan het einde van de zittingsperiode van de raad
                            eindigt (artikel 6, eerste lid). </al><al/><al><vet>Artikel 6 Zittingsduur en vacatures </vet></al><al>De zittingsperiode van de leden is even lang als de zittingsperiode van
                            de raadsleden, in principe dus vier jaar. De benoeming eindigt derhalve
                            van rechtswege, de raad hoeft hen niet te ontslaan. </al><al>De raad kan een voorzitter van de raadscommissie ontslaan, bijvoorbeeld
                            indien deze voorzitter niet meer het vertrouwen van de meerderheid van
                            de raad bezit. Het vierde en vijfde lid voorzien in de situatie van
                            tussentijdse vacature, hetzij door ontslag het zij door overlijden. </al><al/><al><vet>Artikel 7 Griffier en commissiegriffier </vet></al><al>Iedere raadscommissie wordt ondersteund door een commissiegriffier. Dit
                            is een medewerker van de griffie. </al><al>De commissiegriffier is altijd bij de vergaderingen van de
                            raadscommissie aanwezig. In principe neemt hij geen deel aan de
                            beraadslagingen, zij het dat de raadscommissie op grond van artikel 24
                            van de verordening altijd de mogelijkheid heeft om anderen aan de
                            beraadslagingen deel te laten nemen. Of de griffier aanwezig is in de
                            vergaderingen van de raadscommissies zal afhangen van de omvang van de
                            griffie en het daarmee samenhangende profiel van de commissiegriffier.
                            Het kan ook zijn dat de griffier de taken van de commissiegriffier
                            vervult, maar gelet op de overige taken die de griffier moet vervullen
                            wordt dit minder wenselijk geacht. </al><al/><al><vet>Hoofdstuk 3 Aanwezigheid college, burgemeester en
                                gemeentesecretaris </vet></al><al/><al><vet>Artikel 8 Aanwezigheid college, burgemeester en secretaris
                            </vet></al><al>Het kan gewenst zijn dat een lid van het college, de burgemeester of de
                            gemeentesecretaris deelneemt aan de vergadering van de raadscommissie.
                            De commissie kan per vergadering beslissen of de aanwezigheid al dan
                            niet gewenst is en of de genodigde aan de beraadslagingen mag deelnemen.
                            Artikel 82, vijfde lid, dat artikel 21, tweede lid, van overeenkomstige
                            toepassing verklaard, is hiervoor de grondslag. Dit geldt zowel voor
                            besloten als voor niet besloten vergaderingen. In openbare vergaderingen
                            kunnen collegeleden, de burgemeester en de gemeentesecretaris uiteraard
                            altijd aanwezig zijn. Deelnemen aan de beraadslagingen kunnen zij echter
                            alleen als de raadscommissie hiermee instemt. In de regel zal de
                            portefeuillehouder veelal wel aanwezig zijn ten behoeve van het voeren
                            van overleg en het uitoefenen van controle door de raadscommissie. Onder
                            het begrip gemeentesecretaris worden in dit verband ook de ambtenaren
                            bedoeld die technische informatie kunnen verstrekken over aan de orde
                            zijnde onderwerpen. </al><al>De bepaling is met de herziening in 2006 gewijzigd. Er is gekozen voor
                            een wat minder strenge duale redactie. Zo is het artikel over de
                            gemeentesecretaris geïntegreerd in dit artikel en is weggelaten dat aan
                            het college toestemming moet worden gevraagd voor de aanwezigheid van de
                            gemeentesecretaris (aangezien het college werkgever is van de
                            gemeentesecretaris). </al><al/><al><vet>Hoofdstuk 4 Vergaderingen </vet></al><al/><al><vet>Paragraaf 1 Tijdstip van vergaderen en voorbereiding </vet></al><al/><al><vet>Artikel 9 Vergaderfrequentie </vet></al><al>Veelal zullen de vergaderingen van de raadscommissie plaatsvinden op een
                            vaste dag en plaats voorafgaand aan de vergaderingen van de raad. In Epe
                            is de donderdagavond, met een frequentie van eens in de drie weken, de
                            vaste vergaderavond van de raadscommissie. De raadscommissie vergadert
                            vaker als de voorzitter het nodig oordeelt of indien ten minste twee
                            fracties hierom vragen. Afhankelijk van de agenda kan er parallel een
                            tweede raadscommissie zijn.</al><al>Indien een raadscommissie een hoorzitting zal willen houden, kan de
                            voorzitter gebruik maken van het derde lid en een andere dag,
                            aanvangsuur of plaats bepalen. Bepaald is dat de voorzitter hierover
                            overleg voert met de griffier. Indien de commissiegriffier echter meer
                            inhoudelijke taken vervult, is het ook denkbaar dat hierover overleg
                            wordt gevoerd met de commissiegriffier. </al><al>De vergaderingen van de raadscommissie zijn in de regel openbaar. Op
                            verzoek van een vijfde van het aantal leden van een raadscommissie of de
                            voorzitter kan de raadscommissie beslissen om achter gesloten deuren te
                            vergaderen. Van een besloten vergadering wordt een afzonderlijk verslag
                            opgemaakt, dat niet openbaar is tenzij de raadscommissie anders beslist. </al><al/><al><vet>Artikel 10 Agendacommissie </vet></al><al>Dit artikel is aan de (model)verordening toegevoegd omdat is gebleken
                            dat veelal behoefte bestaat aan een agendacommissie. De agendacommissie
                            vervult een coördinerende rol bij de agendering van zaken in de
                            commissie. De agendacommissie stelt de agenda van de raadscommissie
                            voorlopig vast. De definitieve vaststelling van de agenda van een
                            raadscommissie geschiedt door de raadscommissie bij de aanvang van de
                            vergadering. De voorzitter van de agendacommissie voert overleg met de
                            voorzitter van het presidium over de voorlopige agenda van de raad. Dit
                            is bepaald in het reglement van orde voor de raad. </al><al/><al><vet>Artikel 11 Oproep </vet></al><al>De leden van een raadscommissie ontvangen een oproep inclusief de agenda
                            voor een vergadering en de stukken tenminste een week voor de
                            vergadering. Indien in spoedeisende gevallen een aanvullende agenda
                            wordt vastgesteld bedraagt deze termijn minimaal 48 uur voor een
                            vergadering. Uiteraard kan ook voor andere termijnen worden gekozen. Wel
                            zal de termijn uiteraard zodanig moeten zijn dat de leden van een
                            raadscommissie in staat zijn om de stukken te lezen. De stukken ten
                            aanzien waarvan geheimhouding is opgelegd worden niet toegezonden, maar
                            kunnen bij de griffier worden ingezien (artikel 13, derde lid). </al><al/><al><vet>Artikel 12 De agenda</vet></al><al>De voorlopige agenda voor de commissievergadering wordt vastgesteld door
                            de agendacommissie (artikel 10). Raadsleden kunnen gebruik maken van de
                            rondvraag om onderwerpen aan te dragen voor bespreking in
                            commissieverband. Zo nodig wordt door de agendacommissie het presidium
                            ingeschakeld en eventueel wordt er in de raad over de agendering
                            gestemd.</al><al/><al><vet>Artikel 13 Ter inzage leggen van stukken </vet></al><al>Naast de voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, worden
                            stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op de
                            agenda dienen op een vaste plaats voor een ieder ter inzage gelegd.
                            Veelal zal dit in het gemeentehuis zijn, maar in Epe worden de stukken
                            ook op de gebruikelijke plaatsen in de dorpen ter inzage gelegd. In de
                            openbare kennisgeving wordt vermeld waar de stukken liggen. Originele
                            stukken moeten uiteraard bij de gemeente blijven berusten. Stukken ten
                            aanzien waarvan geheimhouding wordt opgelegd kunnen leden van
                            raadscommissie bij de griffier inzien. </al><al/><al><vet>Artikel 14 Openbare kennisgeving </vet></al><al>Op grond van artikel 82, vijfde lid, van de Gemeentewet moet de
                            voorzitter van een raadscommissie tegelijkertijd met de oproep de dag,
                            het tijdstip en de plaats van de vergadering ter openbare kennis
                            brengen. De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken worden
                            tegelijkertijd met de oproep en op een bij openbare kennisgeving aan te
                            geven plaats ter inzage gelegd. Deze bepaling geeft hier een regeling
                            voor. Tevens is de verplichting opgenomen om de agenda en de stukken ook
                            op internet te plaatsen. Vanuit het oogpunt van service aan de burger is
                            dit een voor de hand liggende regeling die, doordat de gemeente de
                            beschikking heeft over een website, ook praktisch uitvoerbaar is. Dit is
                            echter niet verplicht op grond van de Gemeentewet. </al><al/><al><vet>Paragraaf 2 Orde der vergadering </vet></al><al/><al><vet>Artikel 15 Presentielijst </vet></al><al>Vervallen. </al><al/><al><vet>Artikel 16 Opening der vergadering en quorum </vet></al><al>Vervallen. </al><al/><al><vet>Artikel 17 Spreekrecht burgers </vet></al><al>In de algemene inleiding is aangegeven dat bij de herziening van het
                            Reglement van orde ervoor gekozen is het spreekrecht in de
                            raadsvergadering te schrappen en in de commissievergadering meer uit te
                            werken. Dit omdat het besluitvormingsproces in de raadsvergadering al
                            zover gevorderd is dat aan het inspreken geen recht kan worden gedaan.
                            Tijdens de commissievergaderingen zijn er meer mogelijkheden voor de
                            inspreker om van gedachten te wisselen met de commissieleden en zo bij
                            te dragen aan de besluitvorming. Het spreekrecht van burgers kan
                            bijdragen aan het vergroten van de betrokkenheid van de burgers bij het
                            lokaal bestuur, één van doelstellingen van de vernieuwing van het lokaal
                            bestuur. </al><al>Het spreekrecht is beperkt gehouden tot geagendeerde onderwerpen, omdat
                            burgers op die manier een doeltreffende bijdrage kunnen leveren aan de
                            beraadslagingen van een raadscommissie. Doordat het spreekrecht
                            betrekking heeft op geagendeerde onderwerpen, kan een burger alleen
                            inspreken over onderwerpen die een raadscommissie aangaan. </al><al>In het tweede lid zijn drie onderwerpen opgenomen, waar het spreekrecht
                            niet voor geldt. Als een besluit van de raad of het college vatbaar is
                            voor bezwaar en de burger belanghebbende is, kan de burger een
                            bezwaarschrift indienen. Ook kan een burger beroep instellen bij de
                            rechtbank. In de commissie kan wel gesproken worden over onherroepelijk
                            geworden uitspraken. Verder zijn de benoemingen, keuzen, voordrachten en
                            aanbevelingen van personen uitgesloten van het spreekrecht van burgers.
                            Omdat inspraak over de benoemingen, keuzen, voordrachten of
                            aanbevelingen van personen - de belangen van - kandidaten al dan niet in
                            de uitoefening van hun ambt of functie kan schaden, kunnen burgers
                            hierover geen uitlatingen doen. Als laatste kunnen burgers zich ook niet
                            uitlaten over onderwerpen, waar zij op grond van artikel 9:2 Algemene
                            wet bestuursrecht een klacht over kunnen indienen. Deze procedure gaat
                            voor het spreekrecht van burgers. </al><al>De burgers die wensen in te spreken moeten zich voor de vergadering
                            melden bij de commissiegriffier. Op basis van artikel 18, eerste lid,
                            wordt het verslag, nadat het is vastgesteld, op verzoek ter beschikking
                            gesteld en gepubliceerd via de website. </al><al/><al><vet>Artikel 18 Verslag </vet></al><al>Het conceptverslag wordt zo spoedig mogelijk verstuurd aan de leden. De
                            voorzitter, de leden en de collegeleden hebben het recht een voorstel
                            tot wijziging te doen. Een voorstel tot wijziging wordt voorafgaand aan
                            de vergadering schriftelijk bij de commissiegriffier ingediend. Het
                            recht om aanpassing voor te stellen (derde lid) komt ook toe aan de
                            voorzitter, een lid en een collegelid, dat bij de desbetreffende
                            vergadering aanwezig was. Het is aan de raadscommissie om te beslissen
                            of een voorgestelde wijziging of aanvulling geaccepteerd wordt,
                            aangezien de raadscommissie het verslag vaststelt. Een afwijzing van een
                            dergelijk voorstel is niet vatbaar voor beroep (aldus de Afdeling
                            Rechtspraak van de Raad van State). Het is aan te bevelen uitsluitend
                            een zakelijke samenvatting van hetgeen besproken is, te geven. De
                            commissiegriffier stelt het verslag op, maar de uiteindelijke
                            verantwoordelijkheid hiervoor, ligt bij de griffier op grond van het
                            vijfde lid. Na vaststelling van het verslag ondertekenen de voorzitter
                            en de commissiegriffier deze. </al><al/><al><vet>Artikel 19 Aantal spreektermijnen </vet></al><al>Het stellen van vragen dient ook als een spreektermijn beschouwd te
                            worden. Een spreektermijn wordt door de voorzitter afgesloten. Dit hoeft
                            overigens niets te veranderen aan de praktijk dat een portefeuillehouder
                            antwoordt na de inbreng van de raadsleden in de eerste of tweede
                            termijn. Een verzoek van een raadslid na afloop van de tweede termijn om
                            nog een korte reactie te geven, dient de voorzitter niet te honoreren.
                            Indien de raadscommissie van mening is, dat na de tweede termijn verdere
                            beraadslaging nodig is, kan hij daartoe uitdrukkelijk besluiten. </al><al/><al><vet>Artikel 20 Spreektijd </vet></al><al>Dit artikel strekt ertoe te benadrukken dat de raadscommissie op eigen
                            initiatief regels kan stellen over de spreektijd van de leden. Hetzelfde
                            geldt voor de spreektijd van overige sprekers. De voorzitter hoeft dit
                            niet voor te stellen. De voorzitter kan in het kader van zijn taak om de
                            orde tijdens de vergadering te handhaven wel voorstellen de spreektijd
                            te beperken. </al><al/><al><vet>Artikel 21 Voorstellen van orde </vet></al><al>Ieder lid heeft te allen tijde het recht een voorstel van orde te doen.
                            De beslissing of er inderdaad sprake is van een voorstel van orde is aan
                            de raadscommissie. Over een voorstel van orde wordt direct, zonder
                            beraadslaging, besloten door de raadscommissie Bij staken van stemmen is
                            het voorstel niet aangenomen, (artikel 32, vierde lid Gemeentewet is
                            hierop niet van toepassing). Een voorstel van orde betreft bijvoorbeeld
                            het schorsen van de vergadering voor een (overleg) pauze. </al><al/><al><vet>Artikel 22 Handhaving orde; schorsing </vet></al><al>Het eerste lid verzekert dat leden van de raadscommissie vrijelijk
                            kunnen spreken. Wel zijn interrupties uiteraard toegestaan voor zover de
                            voorzitter bij een overvloed aan interrupties of in het belang van de
                            voortgang van de beraadslagingen niet bepaalt dat een spreker zijn
                            betoog zonder verdere interrupties afrondt. Om te bevorderen dat leden
                            van de raadscommissie zich niet belemmerd voelen om hun mening te uiten
                            bepaalt artikel 82, vijfde lid, van de Gemeentewet bovendien dat artikel
                            22 van overeenkomstige toepassing is op leden van raadscommissies.
                            Hierdoor zijn leden van raadscommissies niet in rechte te vervolgen, aan
                            te spreken of verplicht getuigenis af te leggen over hetgeen zij in de
                            vergadering zeggen of schriftelijk overleggen. Dit geldt voor zowel
                            raadsleden als niet-raadsleden. </al><al>Op basis van het tweede lid kunnen alle sprekers in bepaalde gevallen
                            door de voorzitter tot de orde worden geroepen en kan hen zo nodig over
                            het aanhangige onderwerp het woord ontzegd worden. Ook kan de voorzitter
                            de vergadering schorsen en bij herhaling van de verstoring van de orde,
                            kan hij de vergadering sluiten. In het uiterste geval kan hij een lid
                            het verdere verblijf ontzeggen en hem uit de vergadering doen
                            verwijderen. Indien een lid blijft volharden in zijn gedrag kan hem de
                            toegang tot de vergadering voor ten hoogste drie maanden worden ontzegd.
                            Het vierde lid is sluit aan bij artikel 26, derde lid, van de
                            Gemeentewet, die een dergelijke regeling geeft ten aanzien van
                            raadsleden. Onder interruptie is overigens niet te verstaan het geven
                            van tekenen van goed- of afkeuring; deze uitingen worden beschouwd als
                            verstoringen van de orde. Voor wat betreft de handhaving van de orde op
                            de publieke tribune wordt verwezen naar artikel 30 van deze verordening. </al><al/><al><vet>Artikel 23 Beraadslaging </vet></al><al>Om de duur van vergaderingen niet onnodig te verlengen, wordt over een
                            voorstel dat in onderdelen of artikelen is verdeeld, in principe in zijn
                            geheel beraadslaagd. In het eerste lid is een uitzonderingsmogelijkheid
                            opgenomen. Zowel de voorzitter als de leden hebben het recht om voor te
                            stellen een voorstel gesplitst te behandelen. Het eerste lid brengt
                            daarmee tot uitdrukking dat de raadscommissie zijn eigen werkwijze
                            bepaalt. Het recht wordt aan ieder individueel raadslid toegekend. Dit
                            past in het streven naar dualisering, aangezien dualisering versterking
                            van de vertegenwoordigende en daarmee agenderende rol van de
                            raadscommissie veronderstelt. Hiertoe dienen ook individuele raadsleden
                            en kleine fracties over adequate instrumenten te beschikken. Indien de
                            schorsing als bedoeld in het tweede lid aan het einde van de tweede
                            termijn plaatsvindt, zijn er vervolgens twee mogelijkheden: er wordt
                            direct tot stemming overgegaan of aan de beraadslagingen wordt een derde
                            termijn toegevoegd (zie artikel 19). </al><al/><al><vet>Artikel 24 Deelname aan beraadslaging door anderen </vet></al><al>Deze bepaling is noodzakelijk in verband met het in artikel 22
                            Gemeentewet geregelde verschoningsrecht, dat in artikel 82, vijfde lid,
                            van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing wordt verklaard op
                            leden van de raadscommissie en andere personen die aan de
                            beraadslagingen deelnemen. Het gaat in deze bepaling om anderen dan de
                            leden, de voorzitter, de burgemeester, de wethouders en de
                            gemeentesecretaris. Deze hebben op grond van artikel 8 van de
                            verordening reeds het recht om aan de beraadslagingen deel te nemen.
                            Uiteraard hebben deze andere sprekers niet dezelfde rechten als de
                            leden. Een andere spreker heeft onder meer geen recht om een voorstel te
                            doen tot wijziging van het verslag, een voorstel over de spreektijd of
                            over de orde van de vergadering. </al><al/><al><vet>Artikel 25 Advies </vet></al><al>De voorzitter kan de beraadslaging sluiten, als hij vaststelt dat een
                            onderwerp voldoende is toegelicht, tenzij de raadscommissie anders
                            beslist. De raadscommissie neemt geen beslissingen, maar bereidt de
                            besluitvorming in de raad voor en overlegt met het college en de
                            burgemeester. Wel kan de raadscommissie gevraagd en ongevraagd advies
                            uitbrengen aan de raad. De leden beslissen over het advies. Ten behoeve
                            van het debat in de raad en om recht te doen aan de mening van alle
                            fracties, inclusief minderheidsstandpunten, wordt de standpunten van
                            alle fracties opgenomen. Het ligt voor de hand dat indien een lid het
                            niet eens is met het fractiestandpunt, hier afzonderlijk melding van
                            wordt gemaakt in het advies aan de raad. Het advies kan luiden: rijp
                            voor besluitvorming, hamerstuk; rijp voor beraadslaging of nader advies
                            vragen aan het college of de burgemeester. </al><al/><al><vet>Hoofdstuk 5 Besloten vergadering </vet></al><al/><al><vet>Artikel 26 Algemeen </vet></al><al>Bij bepalingen die van overeenkomstige toepassing zijn kan onder meer
                            gedacht worden aan de bepalingen omtrent het tijdig verzenden van
                            stukken, het vergaderquorum en voorstellen van orde. De bepalingen van
                            deze verordening zijn echter niet van toepassing, voorzover de
                            toepassing van die bepalingen strijdig is met het besloten karakter van
                            de vergadering. Zo zullen er bijvoorbeeld geen beeld- en
                            geluidsregistraties voor openbaar gebruik gemaakt kunnen worden. Ten
                            aanzien van de stukken die betrekking hebben op een besloten vergadering
                            en het behandelde zal de raadscommissie moeten besluiten of
                            geheimhouding als bedoeld in artikel 86 van de Gemeentewet wordt
                            opgelegd dan wel opgeheven. </al><al/><al><vet>Artikel 27 Verslag </vet></al><al>Op grond van artikel 82, vijfde lid, van de Gemeentewet is artikel 23
                            van overeenkomstige toepassing. Het vierde lid van artikel 23 van de
                            Gemeentewet schrijft voor dat van een besloten vergadering een
                            afzonderlijk verslag wordt opgemaakt, dat niet openbaar wordt gemaakt
                            tenzij de raad en in casu dus de raadscommissie anders beslist. In
                            aanvulling hierop bepaalt het tweede lid van deze bepaling dat het
                            verslag van een besloten vergadering ter inzage liggen bij de griffier.
                            De raadscommissie beslist over het openbaar maken van dit verslag. </al><al/><al><vet>Artikel 28 Geheimhouding </vet></al><al>Hetgeen besproken wordt in een besloten vergadering, valt niet van
                            rechtswege onder de geheimhoudingsplicht. Daarvoor is toepassing van de
                            procedure volgens artikel 86 van de Gemeentewet nodig. Niet alleen de
                            raadscommissie kan geheimhouding opleggen, ook de voorzitter van de
                            raadscommissie, het college en de burgemeester kunnen geheimhouding aan
                            de raadscommissie opleggen. Overigens kan de raadscommissie ook
                            geheimhouding opleggen aan de raad of het college ten aanzien van
                            stukken die zij aan de raad of het college overlegt (artikel 25, tweede
                            lid, en artikel 55, tweede lid, van de Gemeentewet). De geheimhouding
                            geldt ten aanzien van een ieder die aanwezig is bij een besloten
                            vergadering of die kennis draagt van stukken ten aanzien waarvan
                            geheimhouding geldt. De geheimhouding geldt totdat het orgaan dat de
                            geheimhouding heeft opgelegd of de raad, haar opheft. </al><al/><al><vet>Artikel 29 Opheffing geheimhouding </vet></al><al>Zoals uit de toelichting op artikel 28 blijkt kan de raad de
                            geheimhouding die de raadscommissie aan de raad oplegt, opheffen. In
                            deze bepaling is een overlegverplichting opgenomen waardoor recht wordt
                            gedaan aan het principe van hoor en wederhoor.</al><al/><al><vet>Hoofdstuk 6 Toehoorders en pers </vet></al><al/><al><vet>Artikel 30 Toehoorders en pers </vet></al><al>Artikel 26, eerste en tweede lid, van de Gemeentewet regelen dat de
                            voorzitter van de raad toehoorders die de orde verstoren, kan doen
                            vertrekken en bij volharding in hun gedrag de toegang kan ontzeggen.
                            Voor raadscommissies ontbreekt een dergelijke bepaling in de
                            Gemeentewet, het derde lid voorziet hierin. </al><al/><al><vet>Artikel 31 Geluid- en beeldregistraties </vet></al><al>Aangezien de vergaderingen van de raadscommissie in principe openbaar
                            zijn, kunnen radio- en tv-stations geluid- en beeldregistraties maken.
                            Dit is uiteraard niet het geval als het een besloten vergadering
                            betreft. </al><al/><al><vet>Artikel 32 Verbod gebruik mobiele telefoons </vet></al><al>Dit artikel heeft betrekking op het mobiele telefoonverkeer. Het afgaan
                            van mobiele telefoons werkt verstorend tijdens de vergadering. Dit laat
                            echter onverlet, dat indien zwaarwegende redenen dit noodzakelijk maken,
                            de voorzitter aanwezigen toestemming kan geven hun mobiele telefoon wel
                            stand-by te laten staan. </al><al/><al><vet>Hoofdstuk 7 Slotbepalingen </vet></al><al/><al><vet>Artikel 33 Uitleg verordening en artikel 34 Inwerkingtreding
                            </vet></al><al>Deze artikelen behoeven geen toelichting.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>