<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--
      meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR26330_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening rekenkamercommissie Hardenberg</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Hardenberg</dcterms:creator><dcterms:modified>2014-06-17</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hardenberg</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad, 02-07-2014</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening rekenkamercommissie Hardenberg</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 81oa</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-06-24</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-04-24</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2024-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>art. 3, lid 1, 6, lid 2, toelichting</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>1032312</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>VERORDENING REKENKAMERCOMMISSIE HARDENBERG</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Hardenberg;</al><al/><al>gelezen het voorstel van het presidium van de gemeente Hardenberg;</al><al/><al>gelet op de artikel 81o van de Gemeentewet;</al><al/><al><vet>Besluit:</vet></al><al/><al>I. in te trekken de Rekenkamerverordening Hardenberg, zoals vastgesteld
                        op 20 december 2005;</al><al/><al>II. vast te stellen de volgende</al><al/><al>VERORDENING REKENKAMERCOMMISSIE HARDENBERG</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>commissie: de gemeentelijke rekenkamercommissie;</al></li><li nr="b."><al>doeltreffendheid of effectiviteit: de mate waarin de organisatie
                                    erin slaagt met de geleverde prestaties de gestelde doelen of
                                    beoogde maatschappelijke effecten te bereiken;</al></li><li nr="c."><al>doelmatigheid of efficiency: het streven om met een zo gunstig
                                    mogelijke inzet van de beschikbare productiemiddelen het gewenst
                                    resultaat te bereiken;</al></li><li nr="d."><al>rechtmatigheid: de mate waarin wordt voldaan aan de
                                    gemeentelijke begroting en wettelijke regels.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Taak</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er is een rekenkamercommissie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De taak van de commissie is het (laten) onderzoeken van de
                                doeltreffendheid, doelmatigheid en de rechtmatigheid van het door
                                het gemeentebestuur gevoerde bestuur.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Samenstelling en benoeming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie bestaat uit één extern lid en ten minste 3 en ten
                                hoogste 5 raadsleden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Benoeming en ontslag van de leden vindt plaats door de raad.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Benoeming vindt plaats voor een periode gelijk aan de zittingsduur
                                van de raad.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het externe lid is tevens voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het externe lid wordt in beginsel voor vier jaar benoemd.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het externe lid kan voor ten hoogste één termijn worden
                                herbenoemd.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Het externe lid legt voor ambtsaanvaarding de eed of de verklaring
                                en belofte af als bedoeld in artikel 81g van de Gemeentewet.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Een commissielid wordt ontslagen:</al><lijst><li nr="a."><al>op eigen verzoek;</al></li><li nr="b."><al>bij aanvaarding van een functie die onverenigbaar is met het
                                        lidmaatschap van de commissie;</al></li><li nr="c."><al>bij langdurige ziekte of in gebreke blijven;</al></li><li nr="d."><al>indien hij bij onherroepelijk geworden rechterlijke
                                        uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel bij zo'n
                                        uitspraak een maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming
                                        tot gevolg heeft;</al></li><li nr="e."><al>indien hij bij onherroepelijk geworden rechterlijke
                                        uitspraak onder curatele is gesteld, in staat van
                                        faillissement is verklaard, surseance van betaling heeft
                                        verkregen of wegens schulden is gegijzeld;</al></li><li nr="f."><al>indien hij naar het oordeel van de raad ernstig nadeel
                                        toebrengt aan het in hem gestelde vertrouwen.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Voorzitter en secretaris</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter draagt zorg voor:</al><lijst><li nr="a."><al>het tot stand komen van de conceptonderzoeksopdracht;</al></li><li nr="b."><al>het tot stand komen van een onderzoeksrapport met conclusies
                                        en aanbevelingen;</al></li><li nr="c."><al>het bevorderen van een zorgvuldige besluitvorming binnen de
                                        commissie;</al></li><li nr="d."><al>de leiding van de vergaderingen aan de commissie;</al></li><li nr="e."><al>in voorkomende gevallen, optreden namens de commissie.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De commissie wordt bijgestaan door een ambtelijk secretaris.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De ambtelijk secretaris wordt in overleg met de commissie en de
                                griffier door het presidium aangewezen. Op verzoek van de voorzitter
                                kunnen ambtenaren van de griffie of uit de ambtelijke organisatie
                                worden aangewezen als ambtelijk secretaris dan wel als - tijdelijke
                                - ondersteuning van de ambtelijk secretaris. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De ambtelijk secretaris draagt zorg voor:</al><lijst><li nr="a."><al>de procescoördinatie van de onderzoeken;</al></li><li nr="b."><al>de administratieve ondersteuning van de commissie;</al></li><li nr="c."><al>de organisatie van de vergaderingen in overleg met de
                                        voorzitter.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De ambtelijk secretaris legt over zijn werkzaamheden ten behoeve van
                                de commissie rechtstreeks verantwoording af aan de commissie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Vergoeding voor werkzaamheden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het externe lid ontvangt een vergoeding voor het bijwonen van de
                                vergaderingen van de commissie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ten aanzien van de vergoedingen en de onkostenvergoedingen van het
                                externe lid is artikel 15 Rechtspositiebesluit raads- en
                                commissieleden van toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Selectie onderzoeksonderwerp</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie bepaalt het onderwerp dat zij onderzoekt, formuleert de
                                probleemstelling en de stelt de onderzoeksopzet vast.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in het vorige lid bedoelde onderzoeksopzet wordt ter kennisneming
                                aan het presidium gestuurd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de keuze van het onderzoeksonderwerp worden de volgende
                                richtinggevende criteria zo veel mogelijk in acht genomen:</al><lijst><li nr="a."><al>het onderwerp moet op effectiviteit van beleid en/of
                                        efficiency van de uitvoering en/of de rechtmatigheid daarvan
                                        kunnen worden getoetst;</al></li></lijst><lijst><li nr="b."><al>het onderwerp moet bestuurlijk relevant zijn, waarbij het
                                        maatschappelijk effect zwaar weegt;</al></li><li nr="c."><al>het gemeentebestuur moet van de uitkomsten kunnen
                                        leren;</al></li><li nr="d."><al>de betrokkenheid van het gemeentebestuur bij het onderwerp
                                        dient substantieel en aanwijsbaar te zijn;</al></li><li nr="e."><al>het onderwerp dient betrekking te hebben op een (deels)
                                        afgerond beleidsterrein, waarbij de relatie met de doelen en
                                        gewenste resultaten uit de toekomstvisie en het
                                        meerjarenprogramma gelegd kan worden.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Werkwijze en afstemming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie is belast met en verantwoordelijk voor de organisatie
                                en uitvoering van het onderzoek.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de commissie verzoekt om mondelinge en/of schriftelijke
                                inlichtingen van leden van het college, van raadsleden of
                                medewerkers van de gemeente, zijn deze verplicht daaraan - binnen de
                                eventueel door de commissie gestelde termijn - gehoor te geven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De commissie is bevoegd, indien en voor zover de gemeente uit andere
                                hoofde over deze bevoegdheid beschikt, ten aanzien van de volgende
                                instellingen en over de volgende periode onderzoek te doen instellen
                                bij:</al><lijst><li nr="a."><al>openbare lichamen en gemeenschappelijke organen ingesteld
                                        krachtens de Wet gemeenschappelijke regelingen, waaraan de
                                        gemeente deelneemt, over de jaren dat de gemeente deelneemt
                                        in de regeling;</al></li><li nr="b."><al>naamloze vennootschappen en besloten vennootschappen met
                                        beperkte aansprakelijkheid waarvan de gemeente meer dan 50%
                                        van het geplaatste aandelenkapitaal houdt, over de jaren dat
                                        de gemeente meer dan 50% van het geplaatste aandelenkapitaal
                                        houdt;</al></li><li nr="c."><al>andere privaatrechtelijke rechtspersonen waaraan de gemeente
                                        of een derde voor rekening en risico van de gemeente
                                        rechtstreeks of middelijk een subsidie, lening of garantie
                                        heeft verstrekt ten bedrage van tenminste 50% van de baten
                                        van deze instelling, over de jaren waarop deze subsidie,
                                        lening of garantie betrekking heeft.</al></li></lijst><al>De commissie is bevoegd mondeling of schriftelijk informatie in te
                                winnen bij de onder a, b, en c genoemde organisaties. Bij het
                                uitoefenen van haar taak kan de commissie gebruik maken van de
                                resultaten van door anderen verrichte controles, onverminderd haar
                                bevoegdheid tot eigen onderzoek.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De commissie past tijdens haar onderzoek onverminderd het principe
                                van hoor en wederhoor toe.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De commissie kan voor haar functioneren een reglement van orde vast
                                stellen, dat zij ter kennisneming aan de raad stuurt.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De commissie kan de raad tussentijds informeren over de voortgang
                                van het onderzoek.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De commissie publiceert over de voorbereiding, uitvoering en
                                rapportering van onderzoeken op de momenten dat zij dat wenselijk
                                acht.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Vergaderingen en geheimhouding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergaderingen van de commissie worden in beslotenheid
                                gehouden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De commissie kan openbare informatieve vergaderingen beleggen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De commissie kan geheimhouding opleggen over het in de vergadering
                                behandelde en over de inhoud van stukken die aan de commissie zijn
                                overgelegd.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De geheimhouding wordt door hen die bij de behandeling aanwezig
                                waren en allen die van het behandelde of de stukken kennis dragen in
                                acht genomen totdat de commissie haar opheft. Betreft het stukken
                                waarover door andere organen geheimhouding is opgelegd, of het
                                verslag van de behandeling van dergelijke stukken, dan blijft
                                geheimhouding gehandhaafd tot het betreffende orgaan of de raad deze
                                opheft.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Resultaten onderzoek</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het onderzoek van de commissie resulteert in een openbaar
                                onderzoeksrapport, waarin bevindingen, conclusies en aanbevelingen
                                zijn opgenomen. Eventuele minderheidsstandpunten worden
                                weergegeven.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college van burgemeester en wethouders geeft binnen acht weken
                                na het gereedkomen van het onderzoeksrapport een reactie op de
                                conclusies en aanbevelingen van het onderzoeksrapport.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het onderzoeksrapport wordt samen met de reactie van het college van
                                burgemeester en wethouders aan de raad aangeboden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De raad neemt besluiten naar aanleiding van de conclusies en
                                aanbevelingen van het onderzoeksrapport met inachtneming van de
                                reactie van het college van burgemeester en wethouders.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Budget</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie is bevoegd binnen een aan haar bij de begroting
                                beschikbaar gesteld budget uitgaven te doen voor de uitvoering van
                                haar taken. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Uit het budget worden in ieder geval betaald:</al><lijst><li nr="a."><al>de vergoeding aan de externe leden;</al></li><li nr="b."><al>de ambtelijk secretaris;</al></li><li nr="c."><al> externe deskundigen die door de commissie worden
                                        ingeschakeld;</al></li><li nr="d."><al>overige uitgaven die de commissie nodig acht voor de
                                        uitoefening van haar taak.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Citeertitel en inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als Verordening
                            rekenkamercommissie Hardenberg en treedt 1 dag na bekendmaking in
                            werking.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergaderingvan de raad van de gemeente
                        Hardenberg van 20 april 2010.</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>De voorzitter, De griffier.</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label>Toelichting op de Verordening rekenkamercommissie Hardenberg</label><nr/><titel/></kop><al><vet>Artikel 1</vet></al><al>Dit artikel behoeft geen toelichting.</al><al/><al><vet>Artikel 2</vet></al><al>De gemeenteraad heeft gekozen voor een rekenkamerfunctie als bedoeld in artikel
                    81o Gemeentewet.</al><al/><al><vet>Artikel 3</vet></al><al>De gemeenteraad kiest voor een commissie die bestaat uit een externe voorzitter
                    en 3, 4 of 5 raadsleden. Er is voor een gemengde commissie gekozen omdat de raad
                    graag betrokken wil zijn bij de keuze van het onderzoeksonderwerp en de
                    probleemstelling waar het onderzoek zich op moet richten. Ook staat voor de raad
                    het leren centraal en vinden onderzoeken niet plaats om 'af te rekenen'.</al><al>De voorzitter wordt in beginsel voor een periode benoemd die gelijk is aan de
                    raadsperiode. Vanwege de continuïteit binnen de raad vindt er in het laatste
                    jaar van de raadsperiode een evaluatie plaats over het functioneren van de
                    commissie in het algemeen en de voorzitter in het bijzonder. Deze evaluatie
                    vormt de basis voor een mogelijke (éénmalige) herbenoeming. </al><al/><al><vet>Artikel 4</vet></al><al>De voorzitter vervult een belangrijke rol in het functioneren van de commissie
                    en in de invulling van de adviesrol die de commissie richting de raad kan
                    hebben. Hij wordt geacht invulling te geven aan constructieve communicatie
                    tussen de raad en de rekenkamercommissie. De rekenkamercommissie wordt
                    bijgestaan door een ambtelijk secretaris. Deze vervult een belangrijke rol in de
                    procescoördinatie van de onderzoeken, waaronder de afstemming van de
                    onderzoeksonderwerpen en de onderzoeksvragen. Daarnaast vervult de secretaris
                    een administratieve meer procedurele rol ten aanzien van de vergaderingen.</al><al/><al><vet>Artikel 5</vet></al><al>De vergoeding voor de werkzaamheden van de voorzitter is gelijk aan die van de
                    voorzitter voor de commissie Bezwaar- en beroepschriften in de gemeente.</al><al/><al><vet>Artikel 6</vet></al><al>De gemeenteraad heeft een duidelijke behoefte om betrokken te zijn bij de keuze
                    van het onderzoeksonderwerp en de probleemstelling waarop het onderzoek zich
                    moet richten. Deze betrokkenheid kan plaatsvinden door op gezette tijden met het
                    presidium af te stemmen en de onderzoeksopzetten ter kennisneming aan het
                    presidium toe te sturen.</al><al/><al><vet>Artikel 7, 8, 9, 10 en 11</vet></al><al>Deze artikelen behoeven geen toelichting.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>