<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR263119_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening adviescommissie bezwaarschriften gemeente Moerdijk</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Moerdijk</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-04-29</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Moerdijk</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Moerdijkse Bode week 10, 2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening adviescommissie bezwaarschriften gemeente Moerdijk</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">gelet op de artikelen 147 en 149 van de Gemeentewet en artikel 7:13 van de Algemene wet bestuursrecht</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-02-07</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-03-07</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-05-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening adviescommissie bezwaarschriften gemeente Moerdijk</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad, het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester van
                        de gemeente Moerdijk, ieder voor zover het hun bevoegdheden betreft, </al><al/><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d.,</al><al/><al>gelet op de artikelen 147 en 149 van de Gemeentewet en artikel 7:13 van de
                        Algemene wet bestuursrecht,</al><al/><al>BESLUIT</al><al/><al>vast te stellen de volgende verordening:</al><al/><al>VERORDENING ADVIESCOMMISSIE BEZWAARSCHRIFTEN GEMEENTE MOERDIJK </al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>verwerend orgaan: bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft
                                    genomen;</al></li><li nr="b."><al>commissie: vaste commissie van advies voor de bezwaarschriften
                                    van de gemeente Moerdijk;</al></li><li nr="c."><al>wet: Algemene wet bestuursrecht;</al></li><li nr="d."><al>het college: het college van burgemeester en wethouders;</al></li><li nr="e."><al>het maken van bezwaar: het gebruik maken van de ingevolge een
                                    wettelijk voorschrift bestaande bevoegdheid, voorziening tegen
                                    een besluit te vragen bij het bestuursorgaan dat het besluit
                                    heeft genomen.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Behandeling van de bezwaarschriften</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>De commissie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Inleidende bepaling</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Er is een commissie ter voorbereiding van de beslissing op
                                        gemaakte bezwaren tegen besluiten van de raad, het college
                                        en de burgemeester.</al></li><li nr="2."><al>De commissie is tevens bevoegd klachten te behandelen zoals
                                        bedoeld in hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht in
                                        de volgende gevallen:</al><lijst><li nr="-"><al>In het geval een klacht is ingediend èn voordat
                                                behandeling van deze klacht heeft plaatsgevonden in
                                                de klachtencommissie een bezwaarschrift is
                                                ingediend.</al></li><li nr="-"><al>In het geval een bezwaarschrift is ingediend èn
                                                voordat behandeling van dit bezwaarschrift heeft
                                                plaatsgevonden in de commissie een klacht wordt
                                                ingediend.</al><al>Het in dit lid gestelde vindt slechts plaats indien
                                                klacht en bezwaar betrekking hebben op hetzelfde
                                                onderwerp.</al></li></lijst></li></lijst><lijst><li nr="3."><al>De commissie is niet bevoegd te adviseren ten aanzien
                                        van:</al><lijst><li nr="a."><al>belastingzaken;</al></li><li nr="b."><al>zaken, waarbij het bestuursorgaan heeft ingestemd
                                                met een verzoek tot rechtstreeks beroep bij de
                                                administratieve rechter.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>De commissie bestaat uit twee kamers. Een kamer ten aanzien
                                        van ambtenarenzaken en een kamer ten aanzien van algemene
                                        zaken.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Samenstelling van de kamer algemene zaken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De kamer bestaat uit drie leden, die worden benoemd, geschorst
                                    en ontheven van hun functie door het college.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college benoemt overeenkomstig het eerste lid een genoegzaam
                                    aantal plaatsvervangende leden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Er is sprake van een roulerend voorzitterschap per
                                    kwartaal.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De commissie regelt de vervanging van de voorzitter c.q. de
                                    plaatsvervangend voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De voorzitter en de leden van de commissie kunnen geen deel
                                    uitmaken van of werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van de
                                    gemeente Moerdijk.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Samenstelling van de kamer ambtenarenzaken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De kamer bestaat uit drie leden, die worden benoemd, geschorst
                                    en ontheven van hun functie door het college.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college benoemt overeenkomstig het eerste lid een genoegzaam
                                    aantal plaatsvervangende leden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter wordt aangewezen door het college.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter en de leden van de commissie kunnen geen deel
                                    uitmaken van of werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van de
                                    gemeente Moerdijk.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Secretaris</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De secretaris van de commissie is een door het college
                                    aangewezen ambtenaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college wijst tevens een of meer plaatsvervangers van de
                                    secretaris aan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Zittingsduur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De leden van de commissie worden benoemd voor een periode van
                                    vier jaar en kunnen twee maal worden herbenoemd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De leden van de commissie kunnen op ieder moment hun functie
                                    neerleggen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De aftredende leden van de commissie blijven hun functie
                                    vervullen totdat in de opvolging is voorzien.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Financiële tegemoetkoming</titel></kop><al>1.De financiële tegemoetkoming van de voorzitter en de leden van de
                                bezwaarschriftencommissie wordt vastgesteld door het college.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Procedure</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Ingediend bezwaarschrift</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Op het ingediende bezwaarschrift en eventueel de klacht wordt de
                                    datum van ontvangst aangetekend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het bezwaarschrift en eventueel de klacht met de daarbij
                                    overgelegde stukken wordt zo spoedig mogelijk in handen van de
                                    commissie gesteld.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij het bericht van ontvangst als bedoeld in artikel 6:14 van de
                                    wet wordt vermeld dat een commissie over het bezwaar zal
                                    adviseren.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Uitoefening bevoegdheden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De bevoegdheden ingevolge de hierna genoemde artikelen van de
                                    wet worden voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend
                                    door de voorzitter van de commissie:</al><lijst><li nr="a."><al>artikel 2:1, tweede lid;</al></li><li nr="b."><al>artikel 6:6, wat betreft het de indiener stellen van een
                                            termijn;</al></li><li nr="c."><al>artikel 6:17, voorzover het de verzending van stukken
                                            betreft tijdens de behandeling door de commissie;</al></li><li nr="d."><al>artikel 7:4, tweede lid;</al></li><li nr="e."><al>artikel 7:6, vierde lid.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter van de commissie kan zijn bevoegdheden mandateren
                                    aan de secretaris.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Vooronderzoek</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter van de commissie en de secretaris zijn in
                                        verband met de voorbereiding van de behandeling van het
                                        bezwaarschrift en eventueel de klacht bevoegd rechtstreeks
                                        alle gewenste inlichtingen in te winnen of te doen
                                        inwinnen.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de
                                        commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en
                                        dezen zo nodig uitnodigen daartoe in de zitting te
                                        verschijnen.</al><al>Indien daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging
                                        van het college vereist.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Hoorzitting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter van de commissie bepaalt plaats en tijdstip van de
                                    zitting waarin de belanghebbenden en het verwerend orgaan in de
                                    gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te doen
                                    horen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de
                                    wet.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de voorzitter op grond van het in het tweede lid genoemde
                                    artikel besluit van het horen af te zien vermeldt hij dit
                                    gemotiveerd in het advies.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Uitnodiging zitting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter deelt de belanghebbenden en het verwerend orgaan
                                    tenminste 14 dagen voor de zitting schriftelijk mee, dat zij in
                                    de gelegenheid worden gesteld zich te doen horen tijdens de
                                    zitting.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Binnen drie dagen na de in het eerste lid bedoelde mededeling
                                    kunnen de belanghebbenden of het verwerend orgaan, onder opgaaf
                                    van redenen de voorzitter verzoeken het tijdstip van de zitting
                                    te wijzigen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De beslissing van de voorzitter op een verzoek als bedoeld in
                                    het tweede lid wordt zo spoedig mogelijk, doch in ieder geval
                                    uiterlijk een week voor het tijdstip van de zitting aan de
                                    belanghebbende en het verwerend orgaan meegedeeld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te
                                    wijken of afwijking toe te staan van de termijnen als bedoeld in
                                    het eerste, tweede lid en derde lid.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Quorum</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie adviseert met drie leden conform artikel 7:13 van
                                    de wet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor het houden van een zitting is vereist, dat een minimaal
                                    aantal van 2 commissieleden aanwezig is, waaronder in ieder
                                    geval de voorzitter dan wel zijn plaatsvervanger.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Met uitzondering van de kamer ambtenarenzaken rouleert het
                                    voorzitterschap onder de leden. Ieder lid is gedurende één
                                    kwartaal per jaar voorzitter.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Niet deelneming aan de behandeling</titel></kop><al>De voorzitter en de leden van de commissie nemen niet deel aan de
                                behandeling van een bezwaarschrift en eventueel een klacht, indien
                                daarbij hun onpartijdigheid in het geding kan zijn.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Openbaarheid zitting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De zitting van de commissie is openbaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De zitting kan met gesloten deuren plaatsvinden, indien de
                                    voorzitter van de commissie of een van de aanwezige leden het
                                    nodig oordeelt of indien een belanghebbende daartoe een verzoek
                                    doet, indien de commissie gewichtige redenen daartoe aanwezig
                                    acht.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De zitting vindt altijd achter gesloten deuren plaats bij de
                                    behandeling van bezwaarschriften en/of klachten in het kader van
                                    sociale wetgeving en van (de kamer) ambtenarenzaken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Schriftelijke verslaglegging</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het verslag als bedoeld in de artikelen 7:7, 7:21 en eventueel
                                    9:10 van de wet vermeldt de namen van de aanwezigen, met daarbij
                                    een vermelding van hun hoedanigheid.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het verslag houdt een korte vermelding in van hetgeen over en
                                    weer is gezegd en van al hetgeen voor het overige ter zitting is
                                    voorgevallen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de zitting geheel of gedeeltelijk met gesloten deuren
                                    plaatsvond, of indien belanghebbenden respectievelijk hun
                                    gemachtigden niet in elkaars tegenwoordigheid zijn gehoord,
                                    maakt het verslag hiervan melding.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het verslag verwijst naar de op de zitting overgelegde
                                    bescheiden, die aan het verslag worden gehecht.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het verslag wordt ondertekend door de voorzitter en de
                                    secretaris van de commissie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Nader onderzoek</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien na afloop van de zitting maar voordat advies wordt
                                    opgesteld, nader onderzoek wenselijk blijkt te zijn, kan de
                                    voorzitter uit eigen beweging of op verlangen van de commissie
                                    dit onderzoek houden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De uit het nader onderzoek verkregen informatie wordt in
                                    afschrift aan de leden van de commissie, het verwerend orgaan en
                                    de belanghebbenden toegezonden. Partijen kunnen binnen een door
                                    de commissie te bepalen termijn schriftelijk reageren.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De leden van de commissie, het verwerend orgaan en de
                                    belanghebbenden kunnen binnen een week na verzending van de in
                                    het eerste lid bedoelde nadere informatie aan de voorzitter een
                                    verzoek richten tot het beleggen van een nieuwe hoorzitting. De
                                    voorzitter beslist omtrent een dergelijk verzoek.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Op een nieuwe hoorzitting, als bedoeld in het derde lid, zijn de
                                    bepalingen in deze verordening, die betrekking hebben op de
                                    hoorzitting zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Raadkamer en advies</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over
                                    het door haar uit te brengen advies.</al><lijst><li nr="a."><al>De commissie beslist bij meerderheid van stemmen over
                                            het uit te brengen advies.</al></li><li nr="b."><al>Van een minderheidsstandpunt wordt bij het advies
                                            melding gemaakt, indien die minderheid dat
                                            verlangt.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het advies is gemotiveerd en omvat een voorstel voor de te nemen
                                    beslissing op het bezwaarschrift en eventueel de klacht.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het advies wordt door de voorzitter en de secretaris van de
                                    commissie ondertekend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Uitbrengen advies</titel></kop><al>Het advies wordt, onder medezending van het verslag als bedoeld in
                                artikel 16 en eventueel door de commissie ontvangen nadere
                                informatie, tijdig uitgebracht aan het bestuursorgaan dat op het
                                bezwaarschrift en eventuele klacht dient te beslissen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Jaarverslag</titel></kop><al>De commissie brengt jaarlijks voor 1 april aan de bestuursorganen
                                van de gemeente verslag uit van haar werkzaamheden in het
                                voorafgaande jaar.</al></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na bekendmaking
                                ervan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De verordening wordt met inachtneming van de bepalingen in de
                                Gemeentewet bekendgemaakt in huis aan huis blad de Moerdijkse
                                Bode.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De Verordening adviescommissie bezwaarschriften gemeente Moerdijk
                                2005 wordt ingetrokken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Overgangsbepaling</titel></kop><al>Aanhangig gemaakte klachten en bezwaarschriften die zijn ingediend voor
                            de datum van inwerkingtreding van deze verordening en nog niet zijn
                            afgehandeld, zullen worden behandeld conform de bepalingen zoals
                            opgenomen in deze verordening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als Verordening adviescommissie
                            bezwaarschriften gemeente Moerdijk.</al><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Vastgesteld in de vergadering van de raad d.d. 7 februari 2013. </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>H.D. Tiekstra J.P.M. Klijs</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>