<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR2588_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad 2002</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Sint-Michielsgestel</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-07-24</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Sint-Michielsgestel</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">de Brug, 12 juli 2007</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad 2002</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 16</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2007-05-24</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2007-07-13</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2010-07-30</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>wijziging vergaderstructuur</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Index: 1.103</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>rvo</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>1.geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad 2002</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><structuurtekst><al><vet>Reglement van orde voor de vergaderingen van de
                            gemeenteraad</vet></al><al><vet>Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden
                                van de gemeenteraad 2007</vet></al></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In dit reglement wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>voorzitter: de voorzitter van de raad of diens vervanger;</al></li><li nr="b."><al>amendement: voorstel tot wijziging van een ontwerp-verordening
                                    of ontwerp-beslissing, naar de vorm geschikt om daarin direct te
                                    worden opgenomen;</al></li><li nr="c."><al>subamendement: voorstel tot wijziging van een aanhangig
                                    amendement, naar de vorm geschikt om direct te worden opgenomen
                                    in het amendement, waarop het betrekking heeft;</al></li><li nr="d."><al>motie: korte en gemotiveerde verklaring over een onderwerp
                                    waardoor een oordeel, wens of verzoek wordt uitgesproken;</al></li><li nr="e."><al>voorstel van orde: voorstel betreffende de orde van de
                                    vergadering;</al></li><li nr="f."><al>initiatiefvoorstel: een voorstel voor een verordening of een
                                    ander voorstel van de raad;</al></li><li nr="g."><al>college: het college van burgemeester en wethouders;</al></li><li nr="h."><al>presidium: het beraad van voorzitter van de raad,
                                    plaatsvervangend voorzitter van de raad, de fractievoorzitters,
                                    bijgestaan door de griffier;</al></li><li nr="i."><al>commissie: een bij afzonderlijk besluit ingestelde commissie van
                                    de raad, die samengesteld is naar de bij dat besluit
                                    vastgestelde regels;</al></li><li nr="j."><al>wethouder: de daartoe door de raad op grond van artikel 35
                                    Gemeentewet benoemde persoon die deze benoeming heeft aangenomen
                                    en de wettelijke eed of verklaring en belofte in handen van de
                                    burgemeester heeft afgelegd;</al></li><li nr="k."><al>secretaris: de persoon, benoemd (geacht) door het college op
                                    grond van artikel 100 ev van de Gemeentewet;</al></li><li nr="l."><al>vergaderingen van de raad: meningsvormende vergadering en
                                    besluitvormende raadsvergadering;</al></li><li nr="m."><al>meningsvormende vergadering van de raad: de vergadering waarin
                                    de raads- en/of steunfractieleden door middel van het stellen
                                    van vragen en door debatteren met elkaar zich een mening vormen
                                    om een afgewogen besluit te kunnen nemen;</al></li><li nr="n."><al>besluitvormende raadsvergadering: de vergadering van de raad
                                    waarin de raad besluiten neemt;</al></li><li nr="o."><al>griffier: de persoon, benoemd door de raad op grond van artikel
                                    107 van de Gemeentewet;</al></li><li nr="p."><al>steunfractieleden: personen- niet raadsleden zijnde - die de
                                    fractie ondersteunen. Zij kunnen de raadsleden vervangen tijdens
                                    de meningsvormende vergadering van de raad.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>De voorzitter</titel></kop><al>De voorzitter is belast met:</al><lijst><li nr="a."><al>het leiden van de vergadering;</al></li><li nr="b."><al>het handhaven van de orde;</al></li><li nr="c."><al>het doen naleven van het reglement van orde;</al></li><li nr="d."><al>hetgeen de Gemeentewet of dit reglement hem verder
                                    opdraagt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2a</nr><titel>De plaatsvervangend voorzitter</titel></kop><al>De raad benoemt uit zijn midden een plaatsvervangend voorzitter. Bij
                            afwezigheid van de voorzitter van de raad, neemt de plaatsvervangend
                            voorzitter diens taken waar, voor zover die taken betrekking hebben op
                            de werkzaamheden van de raad.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>De griffier</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad benoemt de griffier en de plaatsvervangend griffier en
                                ontslaat deze. De plaatsvervangend griffier vervangt de griffier
                                waar dit nodig is.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De griffier is in elke vergadering van de raad aanwezig.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Hij kan, indien hij daartoe door de voorzitter wordt uitgenodigd,
                                aan de beraadslagingen als bedoeld in dit reglement deelnemen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Voor de griffier, de plaatsvervangend griffier en griffiemedewerkers
                                is voor zover niet anders bepaald, de rechtspositieregeling van de
                                gemeente Sint-Michielsgestel van toepassing.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De griffier heeft de volgende taken:</al><lijst><li nr="a."><al>Hij staat de raad terzijde in de uitoefening van zijn
                                        taak</al></li><li nr="b."><al>Hij mede-ondertekent de stukken die van de raad
                                        uitgaan.</al></li><li nr="c."><al>Hij staat het raadspresidium bij, bereidt de vergaderingen
                                        van het presidium voor en draagt zorg voor de uitvoering van
                                        de besluiten van het presidium.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3a</nr><titel>De secretaris</titel></kop><al>De raad kan het college verzoeken de secretaris in de meningsvormende
                            vergadering aanwezig te laten zijn en deel te laten nemen aan de
                            beraadslagingen als bedoeld in dit reglement.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3b</nr><titel>Het presidium</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter van de raad, de plaatsvervangend voorzitter van de
                                raad en de fractievoorzitters vormen samen het presidium. De
                                griffier is in elke vergadering van het Presidium aanwezig.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Elke fractievoorzitter wijst een lid van de raad aan, dat hem bij
                                zijn afwezigheid in het Presidium vervangt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het Presidium is belast met: sturing en procesbegeleiding,
                                agendavorming ten behoeve van o.a. vergaderingen van de raad en
                                Ronde Tafel Gesprekken, klankbord griffie, inhoudelijke
                                voorbereiding van de voorstellen m.b.t. de werkwijze van de raad en
                                de Bestuurlijke Vernieuwing.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het Presidium kan geen besluiten nemen, indien niet meer dan de
                                helft van zijn leden of hun plaatsvervangers aanwezig is; bij staken
                                van stemmen beslist de voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Andere leden kunnen door de voorzitter worden uitgenodigd aan de
                                vergaderingen van het presidium deel te nemen; deze hebben een
                                adviserende stem.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het Presidium maakt jaarlijks de raming van de in het volgende jaar
                                voor de raad benodigde uitgaven op en zendt deze tijdig aan de raad
                                ter vaststelling.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Het Presidium beheert de geldelijke middelen van de raad.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Bij afzonderlijk op voordracht van het Presidium door de raad vast
                                te stellen reglement worden regels gesteld voor het toekennen van
                                geldelijke middelen aan fracties en voor het beheer van die middelen
                                door fracties.</al></lid><lid><lidnr>9.</lidnr><al>De vergaderingen van het presidium zijn openbaar.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Toelating van nieuwe leden; fracties</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Onderzoek geloofsbrieven; beëdiging</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij elke benoeming van nieuwe leden van de raad stelt de raad een
                                commissie in bestaande uit drie leden van de raad. De commissie
                                onderzoekt de geloofsbrieven, de daarop betrekking hebbende stukken
                                van nieuw benoemde leden en de processen-verbaal van de
                                stembureaus.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De commissie brengt na haar onderzoek van de geloofsbrieven
                                schriftelijk verslag uit aan de raad en doet daarbij een voorstel
                                voor een besluit. In het verslag wordt ook melding gemaakt van een
                                minderheidsstandpunt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Na een raadsverkiezing roept de voorzitter de toegelaten leden van
                                de raad op om in de eerste vergadering van de raad in nieuwe
                                samenstelling, bedoeld in artikel 18 van de Gemeentewet, de
                                voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de voorzitter
                                een nieuw benoemd lid van de raad op voor de vergadering van de raad
                                waarin over diens toelating wordt beslist om de voorgeschreven eed
                                of verklaring en belofte af te leggen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Fractie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De leden van de raad, die door het centraal stembureau op dezelfde
                                kandidatenlijst verkozen zijn verklaard, worden bij de aanvang van
                                de zitting als één fractie beschouwd. Is onder een lijstnummer
                                slechts één lid verkozen, dan wordt dit lid als een afzonderlijke
                                fractie beschouwd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien boven de kandidatenlijst een aanduiding was geplaatst, voert
                                de fractie in de raad deze aanduiding als naam. Indien geen
                                aanduiding boven de kandidatenlijst was geplaatst, deelt de fractie
                                in de eerste vergadering van de raad aan de voorzitter mee welke
                                naam deze fractie in de raad wil voeren.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De namen van degenen die als voorzitter van de fractie en als diens
                                plaatsvervanger optreden worden zo spoedig mogelijk doorgegeven aan
                                de voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>a. Indien:</al></lid><lid><lidnr>1.</lidnr><al>één of meer leden van een fractie als zelfstandige fractie gaan
                                optreden;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>twee of meer fracties als één fractie gaan optreden;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>één of meer leden van een fractie zich aansluiten bij een andere
                                fractie; wordt hiervan zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling
                                gedaan aan de voorzitter.</al><lijst><li nr="b."><al>Met de onder a. beschreven veranderde situatie wordt
                                        rekening gehouden met ingang van de eerstvolgende
                                        vergadering van de raad na de mededeling daarvan.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De fracties kunnen worden ondersteund door steunfractieleden.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Vergaderingen</titel></kop><structuurtekst><al>Paragraaf 1 Tijdstip van vergaderen; voorbereidingen</al></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Vergaderfrequentie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergaderingen van de raad vinden in principe plaats op de tweede
                                en/of de vierde donderdag van de maand, vangen aan om 19.30 uur en
                                worden gehouden in het gemeentehuis.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter kan in bijzondere gevallen een andere dag en
                                aanvangsuur bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen. Hij
                                voert hierover, tenzij er sprake is van een spoedeisende situatie,
                                overleg in het presidium.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Oproep</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter zendt ten minste 14 dagen voor de vergaderingen van de
                                raad de leden van de raad en de steunfractieleden een schriftelijke
                                oproep onder vermelding van dag, tijdstip en plaats van de
                                vergaderingen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met
                                uitzondering van de in artikel 25, eerste en tweede lid, van de
                                Gemeentewet bedoelde stukken worden tegelijkertijd met de
                                schriftelijke oproep aan de leden van de raad en de
                                steunfractieleden verzonden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien een aanvullende agenda wordt vastgesteld als bedoeld in
                                artikel 8, tweede lid, worden deze agenda en de daarop vermelde
                                voorstellen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48 uur voor aanvang
                                van de vergadering aan de leden van de raad gezonden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Agenda</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voordat de schriftelijke oproep wordt verzonden, stelt het presidium
                                de voorlopige agenda van de raadsvergaderingen vast.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als regel wordt per maand voor de vergaderingen van de raad één
                                agenda vastgesteld.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden van de
                                schriftelijke oproep tot uiterlijk 48 uur voor de aanvang van een
                                vergadering een aanvullende agenda opstellen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij aanvang van de vergadering stelt de raad de agenda vast. Op
                                voorstel van een lid van de raad of de voorzitter kan de raad bij de
                                vaststelling van de agenda onderwerpen aan de agenda toevoegen of
                                van de agenda afvoeren.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Wanneer de raad een onderwerp onvoldoende voor de openbare
                                beraadslaging voorbereid acht, kan hij het onderwerp verwijzen naar
                                een volgende raadsvergadering of aan het college nadere inlichtingen
                                of advies vragen.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Op voorstel van een lid van de raad of van de voorzitter kan de raad
                                de volgorde van behandeling van de agendapunten wijzigen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Leden van het college</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het presidium kan een of meer leden van het college uitnodigen om in
                                de vergadering aanwezig te zijn en aan de beraadslagingen deel te
                                nemen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien een lid van het college bij de vergaderingen van de raad
                                aanwezig wil zijn en wil deelnemen aan de beraadslagingen, doet hij
                                hiertoe voor de vaststelling van de voorlopige agenda een verzoek
                                aan de voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Voor de verzending van de schriftelijke oproep beslist het presidium
                                op het verzoek.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Ter inzage leggen van stukken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Stukken, die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op de
                                agenda dienen, worden gelijktijdig met het verzenden van de
                                schriftelijke oproep voor een ieder op het gemeentehuis ter inzage
                                gelegd. De voorzitter maakt van de terinzagelegging melding in de
                                openbare kennisgeving bedoeld in artikel 10. Indien na het verzenden
                                van de schriftelijke oproep stukken ter inzage worden gelegd, wordt
                                hiervan mededeling gedaan aan de leden van de raad en zo mogelijk in
                                een openbare kennisgeving.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een origineel van een ter inzage gelegd stuk wordt niet buiten het
                                gemeentehuis gebracht.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien omtrent stukken op grond van artikel 25, eerste of tweede
                                lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze
                                stukken in afwijking van het eerste lid, onder berusting van de
                                griffier en verleent de griffier de leden van de raad inzage.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Openbare kennisgeving</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De vergaderingen worden door aankondiging in het gemeentelijk
                                    informatieblad of op de voor afkondigingen in de gemeente
                                    gebruikelijke wijze en zo mogelijk door plaatsing op de
                                    internetsite van de gemeente ter openbare kennis gebracht.</al></li><li nr="2."><al>De openbare kennisgeving vermeldt:</al><lijst><li nr="a."><al>de datum, aanvangstijd en plaats van de
                                            vergadering;</al></li><li nr="b."><al>de wijze waarop en de plaats waar een ieder de
                                            voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken kan
                                            inzien;</al></li><li nr="c."><al>de mogelijkheid tot het uitoefenen van het spreekrecht
                                            als bedoeld in artikel 14a.</al></li></lijst></li></lijst><al>Paragraaf 2 Orde der vergadering</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Presentielijst</titel></kop><al>Voorafgaand aan de besluitvormende vergadering van de raad tekent ieder
                            lid van de raad onmiddellijk na binnenkomst de genummerde
                            presentielijst. Aan het einde van elke besluitvormende vergadering wordt
                            die lijst door de voorzitter en de griffier door ondertekening
                            vastgesteld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Zitplaatsen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter, de leden van de raad en de griffier hebben een vaste
                                zitplaats, door de voorzitter na overleg in het presidium bij
                                aanvang van iedere nieuwe zittingsperiode van de raad
                                aangewezen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien daartoe aanleiding bestaat, kan de voorzitter de indeling
                                herzien na overleg in het presidium.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter draagt zorg voor een zitplaats voor de wethouders, de
                                secretaris en overige personen, die voor de vergadering zijn
                                uitgenodigd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Opening vergadering; quorum</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter opent de vergadering op het vastgestelde uur, indien
                                het daarvoor door de wet vereiste aantal leden van de raad blijkens
                                de presentielijst aanwezig is.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Wanneer een kwartier na het vastgestelde tijdstip niet het vereiste
                                aantal leden aanwezig is, bepaalt de voorzitter, na voorlezing van
                                de namen der afwezige leden, dag en uur van de volgende vergadering,
                                met inachtneming van artikel 20 van de Gemeentewet.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14a</nr><titel>Spreekrecht burgers</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Na de opening van de meningsvormende vergadering van de raad kunnen
                                andere aanwezige burgers gezamenlijk gedurende maximaal dertig
                                minuten het woord voeren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het woord kan niet gevoerd worden over:</al><lijst><li nr="a."><al>een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar en
                                        beroep openstaat of waartegen bezwaar of beroep is
                                        ingesteld;</al></li><li nr="b."><al>benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van
                                        personen;</al></li><li nr="c."><al>een gedraging waarover een klacht ex artikel 9:1 van de
                                        Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden ingediend.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Degene, die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit tot
                                12.00 uur op de dag van de vergadering aan de griffier. Hij vermeldt
                                daarbij zijn naam, adres en telefoonnummer en het onderwerp,
                                waarover hij het woord wil voeren.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De
                                voorzitter kan van de volgorde afwijken, indien dit in het belang is
                                van de orde van de vergadering.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. De voorzitter
                                verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als er meer dan
                                zes sprekers zijn. De voorzitter kan tevens in bijzondere gevallen
                                afwijken van de maximale lengte van de spreektijd.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit heeft
                                verleend. De voorzitter of een lid doet een voorstel voor de
                                behandeling van de inbreng van de burger.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Geluid en beeldregistraties</titel></kop><al>Degenen die in de vergaderzaal tijdens de raadsvergadering geluid- en/of
                            beeldregistraties willen maken, doen hiervan mededeling aan de
                            voorzitter en gedragen zich naar zijn aanwijzingen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Primus bij hoofdelijke stemming</titel></kop><al>Alvorens de aangekondigde onderwerpen aan de orde te stellen deelt de
                            voorzitter mede, bij welk lid van de raad, de hoofdelijke stemming zal
                            beginnen. Daartoe wordt bij loting een volgnummer van de presentielijst
                            aangewezen; bij het daar genoemde lid begint de hoofdelijke
                            stemming.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Verslag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Door de zorg van de griffier worden de vergaderingen van de raad op
                                een geluidsdrager vastgelegd en wordt van het verhandelde
                                schriftelijk verslag opgemaakt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De geluidsdrager wordt voor de duur van 4 jaren bewaard in de
                                daarvoor bestemde archiefruimte.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het ontwerp-verslag van de voorgaande vergaderingen wordt, zo
                                mogelijk, aan de leden van de raad toegezonden gelijktijdig met de
                                schriftelijke oproep. Het ontwerp-verslag wordt gelijktijdig aan de
                                overige personen die het woord gevoerd hebben, toegezonden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij het begin van de besluitvormende raadsvergadering wordt, zoveel
                                mogelijk, het verslag van de vorige vergadering vastgesteld.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De leden, de voorzitter, de wethouders, en andere personen die
                                tijdens de vergadering het woord hebben gevoerd, hebben het recht
                                een voorstel tot verandering aan de raad te doen, indien het verslag
                                onjuistheden bevat of niet duidelijk weergeeft hetgeen gezegd of
                                besloten is. Een voorstel tot verandering dient voor het vaststellen
                                van het verslag bij de griffier te worden ingediend.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het verslag moeten inhouden:</al><lijst><li nr="a."><al>de namen van de voorzitter, de griffier, de wethouders en de
                                        ter vergadering aanwezige leden, alsmede van de leden die
                                        afwezig waren en overige personen die het woord gevoerd
                                        hebben;</al></li><li nr="b."><al>een vermelding van de zaken die aan de orde zijn
                                        geweest;</al></li><li nr="c."><al>een zakelijke samenvatting van het gesprokene met vermelding
                                        van de namen van de aanwezigen die het woord voerden;</al></li><li nr="d."><al>een overzicht van het verloop van elke stemming, met
                                        vermelding bij hoofdelijke stemming van de namen van de
                                        leden die voor of tegen stemden, onder aantekening van de
                                        namen van de leden die zich overeenkomstig de Gemeentewet
                                        van stemming hebben onthouden;</al></li><li nr="e."><al>de tekst van de ter vergadering ingediende
                                        initiatiefvoorstellen en burgerinitiatiefvoorstellen,
                                        voorstellen van orde, moties, amendementen en
                                        subamendementen;</al></li><li nr="f."><al>bij het desbetreffende agendapunt de naam en de hoedanigheid
                                        van die personen aan wie het op grond van het bepaalde in
                                        artikel 25 door de raad is toegestaan deel te nemen aan de
                                        beraadslagingen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Het vastgestelde verslag worden door de voorzitter en de griffier
                                ondertekend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Ingekomen stukken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij de raad ingekomen stukken, waaronder schriftelijke mededelingen
                                van het college aan de raad, worden op een lijst geplaatst, waarbij
                                de griffie ieder stuk voorziet van een volgnummer. De actuele lijst
                                wordt met de raadsstukken aan de leden van de raad en de
                                steunfractieleden toegezonden en bij de raadsstukken ter inzage
                                gelegd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De griffie doet aan de raad een voorstel voor de wijze van
                                afhandeling. Ten aanzien van de ingekomen stukken over zaken,
                                vallende onder de bevoegdheid van de raad, kunnen de volgende wijzen
                                van afdoening worden voorgesteld:</al><lijst><li nr="a."><al>voor kennisgeving aan nemen</al></li><li nr="b."><al>ter voorbereiding in handen van het college stellen</al></li><li nr="c."><al>ter afhandeling in handen van het college stellen</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Ieder lid kan een andere afhandeling voor een ingekomen stuk
                                voorstellen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De uiteindelijke wijze van afhandeling wordt door de raad
                                vastgesteld.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Afzenders van een ingekomen stuk krijgen, voorzover nodig, na
                                vaststelling van de wijze van afhandeling door de raad hiervan
                                schriftelijk bericht. Dit wordt op de lijst van ingekomen stukken
                                aangegeven.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Spreekregels</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een lid voert slechts het woord na het aan de voorzitter gevraagd en
                                van hem verkregen te hebben.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De leden van de raad en overige aanwezigen spreken vanaf hun plaats
                                of van de spreekplaats en richten zich tot de voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij bijzondere gelegenheden kan de voorzitter bepalen dat de leden
                                van de raad en de overige aanwezigen vanaf een andere plaats
                                spreken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Volgorde sprekers</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De volgorde van de sprekers wordt bepaald door de voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De volgorde van sprekers kan worden gewijzigd, wanneer een lid van
                                de raad het woord vraagt over de orde van de vergadering.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Aantal spreektermijnen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De beraadslaging over een onderwerp of voorstel geschiedt in ten
                                hoogste twee termijnen, tenzij de raad anders beslist.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Elke spreektermijn wordt door de voorzitter afgesloten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een lid mag in een termijn niet meer dan één maal het woord voeren
                                over hetzelfde onderwerp of voorstel.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het derde lid is niet van toepassing op:</al><lijst><li nr="a."><al>de rapporteur van een commissie;</al></li><li nr="b."><al>het lid dat een (sub)amendement, een motie of een
                                        initiatiefvoorstel heeft ingediend, voor wat betreft dat
                                        amendement, die motie of dat voorstel.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Bij de bepaling hoeveel malen een lid over hetzelfde onderwerp of
                                voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het spreken
                                over een voorstel van orde.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Spreektijd</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad kan op eigen initiatief of op voorstel van de voorzitter
                                regelen stellen omtrent de spreektijd van de leden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een lid van de raad kan een voorstel doen over de spreektijd van de
                                leden en de overige aanwezigen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Handhaving orde; schorsing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord, tenzij</al><lijst><li nr="a."><al>de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het opvolgen van
                                        dit reglement te herinneren;</al></li><li nr="b."><al>een lid hem interrumpeert. De voorzitter kan bepalen dat de
                                        spreker zonder verdere interrupties zijn betoog zal
                                        afronden.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien een spreker, zich beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen
                                veroorlooft, afwijkt van het in behandeling zijnde onderwerp, een
                                andere spreker herhaaldelijk interrumpeert, dan wel anderszins de
                                orde verstoort, wordt hij door de voorzitter tot de orde geroepen.
                                Indien de betreffende spreker, hieraan geen gevolg geeft, kan de
                                voorzitter hem gedurende de vergadering, waarin zulks plaats heeft,
                                over het aanhangige onderwerp het woord ontzeggen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering voor een
                                door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de heropening de
                                orde opnieuw wordt verstoord - de vergadering sluiten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Beraadslaging</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad kan op voorstel van de voorzitter of een lid van de raad
                                beslissen over één of meer onderdelen van een onderwerp of voorstel
                                afzonderlijk te beraadslagen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op verzoek van een lid van de raad of op voorstel van de voorzitter
                                kan de raad besluiten de beraadslaging voor een door hem te bepalen
                                tijd te schorsen teneinde het college of de leden de gelegenheid te
                                geven tot onderling nader beraad. De beraadslagingen worden hervat
                                nadat de schorsingsperiode verstreken is.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Deelname aan de beraadslaging door anderen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad kan bepalen dat anderen dan de in de vergadering aanwezige
                                leden van de raad, de wethouder, de secretaris, de griffier en de
                                voorzitter deelnemen aan de beraadslaging.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een beslissing daartoe wordt op voorstel van de voorzitter of één
                                der leden van de raad genomen alvorens met de beraadslaging ten
                                aanzien van het aan de orde zijnde agendapunt een aanvang wordt
                                genomen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Stemverklaring</titel></kop><al>Na het sluiten van de beraadslaging en voordat de raad tot stemming
                            overgaat, heeft ieder lid het recht zijn uit te brengen stem kort te
                            motiveren.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Beslissing</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Wanneer de voorzitter vaststelt, dat een onderwerp of voorstel
                                    voldoende is toegelicht, sluit hij de beraadslaging, tenzij de
                                    raad anders beslist.</al></li><li nr="2."><al>Nadat de beraadslaging is gesloten, vindt na een stemming over
                                    eventuele amendementen, de stemming plaats over het voorstel,
                                    zoals het dan luidt, in zijn geheel tenzij geen stemming wordt
                                    gevraagd.</al></li><li nr="3."><al>Voordat de stemming over het voorstel in zijn geheel
                                    plaatsvindt, formuleert de voorzitter het voorstel over de te
                                    nemen eindbeslissing.</al></li></lijst><al>Paragraaf 3 Procedures bij stemmingen</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Algemene bepalingen over stemming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter vraagt, of stemming wordt verlangd. Indien geen
                                stemming wordt gevraagd en ook de voorzitter dit niet verlangt,
                                stelt de voorzitter vast dat het voorstel zonder hoofdelijke
                                stemming is aangenomen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In de vergadering aanwezige leden kunnen aantekening in het verslag
                                vragen, dat zij geacht willen worden te hebben tegengestemd of zich
                                van stemming te hebben onthouden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien door een of meer leden stemming wordt gevraagd, doet de
                                voorzitter daarvan mededeling.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien door een of meer leden stemming wordt gevraagd geschiedt de
                                stemming bij handopsteken tenzij uitdrukkelijk om hoofdelijke
                                stemming wordt verzocht.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Bij stemming bij handopsteking, verzoekt de voorzitter eerst om de
                                hand op te steken indien men voor het voorstel is en noteert het
                                aantal opgestoken handen. Daarna verzoekt de voorzitter om de hand
                                op te steken indien men tegen het voorstel is en noteert het aantal
                                opgestoken handen.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Bij hoofdelijke stemming roept de griffier op verzoek van de
                                voorzitter de leden van de raad bij naam op hun stem uit te brengen.
                                De stemming begint bij het lid dat daarvoor overeenkomstig artikel
                                16 is aangewezen. Vervolgens geschiedt de oproeping naar de volgorde
                                van de presentielijst.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De leden brengen hun stem uit door het woord “voor” of “tegen” uit
                                te spreken, zonder enige toevoeging.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Heeft een lid zich bij het uitbrengen van zijn stem vergist, dan kan
                                hij deze vergissing nog herstellen voordat het volgende lid gestemd
                                heeft. Bemerkt het lid zijn vergissing pas later, dan kan hij nadat
                                de voorzitter de uitslag van de stemming bekend heeft gemaakt wel
                                aantekening vragen dat hij zich heeft vergist; in de uitslag van de
                                stemming brengt dit echter geen verandering.</al></lid><lid><lidnr>9.</lidnr><al>De voorzitter deelt de uitslag na afloop van de stemming mede, met
                                vermelding van het aantal voor en tegen uitgebrachte stemmen. Hij
                                doet daarbij tevens mededeling van het genomen besluit.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel>Stemming over amendementen en moties</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien een amendement op een aanhangig voorstel is ingediend, wordt
                                eerst over dat amendement gestemd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien op een amendement een subamendement is ingediend, wordt eerst
                                over het subamendement gestemd en vervolgens over het
                                amendement.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien twee of meer amendementen of subamendementen op een aanhangig
                                voorstel zijn ingediend, bepaalt de voorzitter de volgorde waarin
                                hierover zal worden gestemd. Daarbij geldt de regel, dat het meest
                                verstrekkende amendement of subamendement het eerst in stemming
                                wordt gebracht.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien aangaande een aanhangig voorstel een motie is ingediend,
                                wordt eerst over het voorstel gestemd en vervolgens over de
                                motie.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Stemmingen over amendementen, sub-amendementen en moties geschieden
                                overeenkomstig artikel 28 van dit reglement.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Stemming over personen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Wanneer een stemming over personen voor het doen van een voordracht
                                of het opstellen van een voordracht of aanbeveling moet
                                plaatshebben, benoemt de voorzitter 2 leden tot
                                stemopnemingscommissie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ieder ter vergadering aanwezig lid dat zich niet op grond van de
                                Gemeentewet van stemming moet onthouden is verplicht een stembriefje
                                in te leveren. De stembriefjes dienen identiek te zijn.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Er hebben zoveel stemmingen plaats als er personen zijn te benoemen,
                                voor te dragen of aan te bevelen. De raad kan op voorstel van de
                                voorzitter beslissen dat bepaalde stemmingen worden samengevat op
                                één briefje.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De stemopnemingscommissie onderzoekt of het aantal ingeleverde
                                stembriefjes gelijk is aan het aantal leden dat ingevolge het tweede
                                lid verplicht is een stembriefje in te leveren. Wanneer de aantallen
                                niet gelijk zijn worden de stembriefjes vernietigd zonder deze te
                                openen en wordt een nieuwe stemming gehouden.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Voor het bepalen van de volstrekte meerderheid als bedoeld in
                                artikel 30 van de Gemeentewet worden geacht geen stem te hebben
                                uitgebracht die leden die geen behoorlijk stembriefje hebben
                                ingeleverd. Onder een niet behoorlijk ingevuld stembriefje wordt
                                verstaan:</al><lijst><li nr="a."><al>een blanco ingeleverd stembriefje;</al></li><li nr="b."><al>een ondertekend stembriefje;</al></li><li nr="c."><al>een stembriefje waarop meer dan één naam is vermeld, tenzij
                                        de stemming verschillende vacatures betreft;</al></li><li nr="d."><al>een stembriefje waarbij, indien het een benoeming op
                                        voordracht betreft, op een persoon wordt gestemd die niet is
                                        voorgedragen;</al></li><li nr="e."><al>een stembriefje waarbij op een andere persoon wordt gestemd
                                        dan die waartoe de</al><al> stemming is beperkt.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>In geval van twijfel over de inhoud van een stembriefje beslist de
                                raad, op voorstel van de voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Onder de zorg van de griffier worden de stembriefjes onmiddellijk na
                                vaststelling van de uitslag vernietigd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr><titel>Herstemming over personen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Wanneer bij de eerste stemming niemand de volstrekte meerderheid
                                heeft verkregen, wordt tot een tweede stemming overgegaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Wanneer ook bij deze tweede stemming door niemand de volstrekte
                                meerderheid is verkregen, heeft een derde stemming plaats tussen
                                twee personen, die bij de tweede stemming de meeste stemmen op zich
                                hebben verenigd. Zijn bij de tweede stemming de meeste stemmen over
                                meer dan twee personen verdeeld, dan wordt bij een tussenstemming
                                uitgemaakt tussen welke twee personen de derde stemming zal
                                plaatshebben.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien bij tussenstemming of bij de derde stemming de stemmen
                                staken, beslist terstond het lot.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32</nr><titel>Beslissing door het lot</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Wanneer het lot moet beslissen, worden de namen van hen tussen wie
                                de beslissing moet plaatshebben, door de voorzitter op
                                afzonderlijke, geheel gelijke, briefjes geschreven.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze briefjes worden, nadat zij door de stemopnemingscommissie zijn
                                gecontroleerd, op gelijke wijze gevouwen, in een stembokaal
                                gedeponeerd en omgeschud.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Vervolgens neemt de voorzitter een van de briefjes uit de
                                stembokaal. Degene wiens naam op dit briefje voorkomt, is
                                gekozen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Rechten van leden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33</nr><titel>Amendementen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Ieder lid van de raad kan tot het sluiten van de beraadslagingen
                                amendementen indienen. Een amendement kan het voorstel inhouden om
                                een geagendeerd voorstel in één of meer onderdelen te splitsen,
                                waarover afzonderlijke besluitvorming zal plaatsvinden. Alleen
                                beraadslaagd kan worden over amendementen die ingediend zijn door
                                leden van de raad, die de presentielijst getekend hebben en in de
                                vergadering aanwezig zijn.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ieder lid dat in de vergadering aanwezig is, is bevoegd op het
                                amendement dat door een lid is ingediend, een wijziging voor te
                                stellen (subamendement).</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Elk (sub)amendement en elk voorstel moet, om in behandeling genomen
                                te kunnen worden, schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend,
                                tenzij de voorzitter - met het oog op het eenvoudige karakter van
                                het voorgestelde - oordeelt, dat met een mondelinge indiening kan
                                worden volstaan.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Intrekking, door de indiener(s), van het (sub)amendement is
                                mogelijk, totdat de besluitvorming door de raad heeft
                                plaatsgevonden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>34</nr><titel>Moties</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Ieder lid van de raad kan ter vergadering een motie indienen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een motie moet om in behandeling genomen te kunnen worden
                                schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De behandeling van een motie over een aanhangig onderwerp of
                                voorstel vindt tegelijk met de beraadslaging over dat onderwerp of
                                voorstel plaats.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De behandeling van een motie over een niet op de agenda opgenomen
                                onderwerp vindt plaats nadat alle op de agenda voorkomende
                                onderwerpen zijn behandeld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>35</nr><titel>Voorstellen van orde</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter en ieder lid van de raad kunnen tijdens de vergadering
                                mondeling een voorstel van orde doen, dat kort kan worden
                                toegelicht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een voorstel van orde kan uitsluitend de orde van de vergadering
                                betreffen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Over een voorstel van orde beslist de raad terstond.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>36</nr><titel>Initiatiefvoorstel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een initiatiefvoorstel moet om in behandeling genomen te kunnen
                                worden schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter legt het initiatiefvoorstel voor aan het presidium met
                                het verzoek het op de agenda van de eerstvolgende meningsvormende
                                vergadering te plaatsen, tenzij de schriftelijke oproep hiervoor
                                reeds verzonden is. In dit laatste geval wordt het voorstel op de
                                agenda van de daaropvolgende meningsvormende vergadering
                                geplaatst.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In de meningsvormende vergadering wordt over het voorstel gesproken,
                                waarbij kan worden besloten:</al><lijst><li nr="a."><al>het voorstel voor advies naar het college te zenden en
                                        daarna opnieuw voor een meningsvormende vergadering te
                                        agenderen. In dit geval wordt het voorstel door het college
                                        zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen dertig dagen, van
                                        advies voorzien, waarna het voorstel bij de eerstvolgende
                                        gelegenheid op de agenda van de meningsvormende vergadering
                                        wordt geplaatst.</al></li><li nr="b."><al>het voorstel voor advies naar het college te zenden en door
                                        te zenden naar de besluitvormende raad. In dit geval wordt
                                        het voorstel door het college zo spoedig mogelijk, doch
                                        uiterlijk binnen dertig dagen, van advies voorzien, waarna
                                        het voorstel bij de eerstvolgende gelegenheid op de agenda
                                        van de besluitvormende raad wordt geplaatst.</al></li><li nr="c."><al>het voorstel van advies te voorzien en door te zenden naar
                                        de besluitvormende raad.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>36a</nr><titel>Collegevoorstel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een voorstel voor een verordening of een ander voorstel van het
                                college aan de raad, dat vermeld staat op de agenda van de
                                raadsvergadering, kan niet worden ingetrokken zonder toestemming van
                                de raad.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de raad van oordeel is dat een voorstel als bedoeld in het
                                eerste lid voor advies terug aan het college moet worden gezonden,
                                bepaalt de raad in welke vergadering het voorstel opnieuw
                                geagendeerd wordt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>36b</nr><titel>Interpellatie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het verzoek tot het houden van een interpellatie wordt, behoudens in
                                naar het oordeel van de voorzitter spoedeisende gevallen, ten minste
                                12 uur voor de aanvang van de vergadering schriftelijk bij de
                                voorzitter ingediend. Het verzoek bevat een duidelijke omschrijving
                                van het onderwerp waarover inlichtingen worden verlangd alsmede de
                                te stellen vragen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk
                                ter kennis van de overige leden van de raad en de wethouders. Bij de
                                behandeling van de ingekomen stukken van de eerstvolgende
                                vergadering na indiening van het verzoek wordt het verzoek in
                                stemming gebracht. De raad bepaalt op welk tijdstip tijdens de
                                vergadering de interpellatie zal worden gehouden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De interpellant voert niet meer dan tweemaal het woord, de overige
                                leden van de raad de wethouders niet meer dan eenmaal, tenzij de
                                raad hen hiertoe verlof geeft.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37</nr><titel>Schriftelijke vragen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Schriftelijke vragen worden kort en duidelijk geformuleerd. De
                                vragen kunnen van een toelichting worden voorzien. Bij de vragen
                                wordt aangegeven, of schriftelijke of mondelinge beantwoording wordt
                                verlangd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vragen worden bij de voorzitter van de raad ingediend. Deze
                                draagt er zorg voor dat de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van
                                de overige leden van de raad en het college worden gebracht.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in
                                ieder geval binnen dertig dagen, nadat de vragen zijn binnengekomen.
                                Mondelinge beantwoording vindt plaats in de eerstvolgende
                                raadsvergadering. Indien beantwoording niet binnen deze termijnen
                                kan plaatsvinden, stelt het verantwoordelijk lid van het college de
                                vragensteller hiervan gemotiveerd in kennis, waarbij de termijn
                                aangegeven wordt, waarbinnen beantwoording zal plaatsvinden. Dit
                                bericht wordt behandeld als een antwoord.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De antwoorden worden door het verantwoordelijk lid van het college
                                aan de leden van de raad medegedeeld.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De vragen en antwoorden worden gelijktijdig met de stukken als
                                bedoeld in artikel 18 aan de leden van de raad toegezonden.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De vragensteller kan, bij schriftelijke beantwoording in de
                                eerstvolgende raadsvergadering en bij mondelinge beantwoording in
                                dezelfde raadsvergadering, na de behandeling van de op de agenda
                                voorkomende onderwerpen nadere inlichtingen vragen omtrent het door
                                het verantwoordelijke lid van het college gegeven antwoord, tenzij
                                de raad anders beslist.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37</nr><titel>a Vragenuur</titel></kop><lid><lidnr>1a.</lidnr><al>In de meningsvormende vergadering worden de leden in de gelegenheid
                                vragen te stellen in de rondvraag.</al></lid><lid><lidnr>1b.</lidnr><al>In de besluitvormende vergadering stelt de voorzitter de leden in de
                                gelegenheid tot het stellen van vragen, tenzij er bij de voorzitter
                                geen vragen zijn ingediend. In bijzondere gevallen kan het presidium
                                bepalen dat het vragenuur op een ander tijdstip wordt gehouden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het lid van de raad dat tijdens het vragenuur vragen wil stellen,
                                meldt dit onder aanduiding van het onderwerp ten minste 12 uur voor
                                aanvang van het vragenuur bij de voorzitter. De voorzitter kan na
                                overleg met het presidium weigeren een onderwerp tijdens het
                                vragenuur aan de orde te stellen indien hij het onderwerp niet
                                voldoende nauwkeurig acht aangegeven of indien het onderwerp in de
                                raadsvergadering op diezelfde dag aan de orde komt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter bepaalt de volgorde, waarin aangemelde onderwerpen
                                tijdens het vragenuur aan de orde worden gesteld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter bepaalt per onderwerp de spreektijd voor de
                                vragensteller, voor het verantwoordelijk lid van het college en voor
                                de overige leden van de raad.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Per onderwerp wordt aan de vragensteller het woord verleend om één
                                of meer vragen aan het verantwoordelijk lid van het college te
                                stellen en een toelichting daarop te geven.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Na de beantwoording door het verantwoordelijk lid van het college
                                krijgt de vragensteller desgewenst het woord om aanvullende vragen
                                te stellen.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Vervolgens kan de voorzitter aan andere leden van de raad het woord
                                verlenen om hetzij aan de vragensteller, hetzij aan het college
                                vragen te stellen over hetzelfde onderwerp.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Tijdens het vragenuur kunnen geen moties worden ingediend en worden
                                geen interrupties toegelaten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>38</nr><titel>Inlichtingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien een lid van de raad over een onderwerp inlichtingen als
                                bedoeld in de artikelen 169, derde lid, en 180, derde lid, van de
                                Gemeentewet verlangt, wordt een verzoek daartoe schriftelijk
                                ingediend bij het college of de burgemeester.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een afschrift van dit verzoek wordt door de indiener in afschrift
                                toegezonden aan de raad.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De verlangde inlichtingen worden mondeling of schriftelijk in de
                                eerstvolgende of in de daarop volgende vergadering gegeven.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De gestelde vragen en het antwoord vormen een agendapunt voor de
                                vergadering, waarin de antwoorden zullen worden gegeven.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Begroting en rekening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>39</nr><titel>Procedure begroting</titel></kop><al>Onverminderd het bepaalde in de Gemeentewet geschiedt de voorbereiding,
                            het onderzoek, de behandeling en de vaststelling van de begroting
                            volgens een procedure die de raad vaststelt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>40</nr><titel>Procedure jaarrekening</titel></kop><al>Onverminderd het bepaalde in de Gemeentewet geschiedt de voorbereiding
                            en het onderzoek van de jaarrekening en het jaarverslag, alsmede de
                            vaststelling van de jaarrekening en van een eventueel
                            indemniteitsbesluit volgens een procedure die de raad vaststelt.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6</nr><titel>Lidmaatschap van andere organisaties</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>41</nr><titel>Verslag; verantwoording</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een lid van de raad, een wethouder, de burgemeester, de secretaris
                                of de griffier die door de gemeenteraad is aangewezen tot lid van
                                het algemeen bestuur van een openbaar lichaam of van een ander
                                gemeenschappelijk orgaan, ingesteld op grond van de Wet
                                gemeenschappelijke regelingen, heeft het recht om in aansluiting op
                                de behandeling van de lijst van ingekomen stukken verslag te doen
                                over zaken die in het algemeen bestuur als bedoeld aan de orde zijn.
                                Door de raad gewenste bespreking van dit verslag kan de voorzitter
                                verwijzen naar de meningsvormende vergadering of de desbetreffende
                                commissie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ieder lid van de raad kan aan een persoon als bedoeld in het eerste
                                lid, schriftelijke vragen stellen. De regels voor het stellen van
                                schriftelijke vragen, vastgesteld in artikel 37, zijn van
                                overeenkomstige toepassing.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Wanneer een lid van de raad een persoon als bedoeld in het eerste
                                lid ter verantwoording wenst te roepen over zijn wijze van
                                functioneren als zodanig, besluit de raad over het toestaan daarvan.
                                De regels voor het vragen van inlichtingen, vastgesteld in artikel
                                38, zijn van overeenkomstige toepassing.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op andere organisaties
                                of instituties, waarin de raad één van zijn leden heeft
                                benoemd.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>7</nr><titel>Besloten vergadering</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>42</nr><titel>Algemeen</titel></kop><al>Op een besloten vergadering zijn de bepalingen van dit reglement van
                            overeenkomstige toepassing voorzover deze bepalingen niet strijdig zijn
                            met het besloten karakter van de vergadering.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>43</nr><titel>Verslag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het verslag van een besloten vergadering wordt niet rondgedeeld,
                                maar ligt uitsluitend voor de leden ter inzage.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Dit verslag wordt zo spoedig mogelijk in een besloten vergadering
                                ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze vergadering neemt de raad
                                een besluit over het al dan niet openbaar maken van het verslag. Het
                                vastgestelde verslag wordt door de voorzitter en de griffier
                                ondertekend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>44</nr><titel>Geheimhouding</titel></kop><al>Voor de afloop van de besloten vergadering beslist de raad
                            overeenkomstig artikel 25, eerste lid, van de Gemeentewet of omtrent de
                            inhoud van de stukken en het verhandelde geheimhouding zal gelden. De
                            raad kan besluiten de geheimhouding op te heffen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>45</nr><titel>Opheffing geheimhouding</titel></kop><al>Indien de raad op grond van artikel 25, derde en vierde lid, artikel 55,
                            tweede en derde lid, of artikel 86, tweede en derde lid, van de
                            Gemeentewet voornemens is de geheimhouding op te heffen wordt, indien
                            daarom wordt verzocht door het orgaan dat geheimhouding heeft opgelegd,
                            in een besloten vergadering met het desbetreffende orgaan overleg
                            gevoerd.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>8</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>46</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De toehoorders en vertegenwoordigers van de pers kunnen uitsluitend
                                op de voor hen bestemde plaatsen openbare vergaderingen
                                bijwonen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het geven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere wijze
                                verstoren van de orde is verboden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>47</nr><titel>Verbod gebruik mobiele telefoons</titel></kop><al>In de vergaderzaal, met inbegrip van de publieke tribune, is tijdens de
                            vergadering het gebruik, alsmede het standby houden van mobiele
                            telefoons of andere communicatiemiddelen, die inbreuk kunnen maken op de
                            orde van de vergadering, zonder toestemming van de voorzitter, niet
                            toegestaan.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>9</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>48</nr><titel>Uitleg reglement</titel></kop><al>In de gevallen waarin dit reglement niet voorziet of bij twijfel omtrent
                            de toepassing van het reglement, beslist de raad op voorstel van de
                            voorzitter.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>49</nr><titel>In werking treden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Dit reglement treedt in werking daags na bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op dat tijdstip vervalt het reglement van orde voor de vergaderingen
                                van de raad van de gemeente Sint-Michielsgestel vastgesteld bij
                                raadsbesluit van 2 januari 1996 en sedertdien gewijzigd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>50</nr><titel>Aanhalingstitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als: Reglement van orde voor de
                            vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad 2007.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Sint-Michielsgestel in zijn
                        openbare vergadering van 24 mei 2007</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier,</ondertekening><ondertekening>N.A. Hoogerbrug – van de Ven</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>mr. J.C.M. Pommer</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><al>Inhoudsopgave Reglement van orde voor de vergaderingen van de gemeenteraad</al><al>Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Pagina 1 </al><al>Artikel 1 Begripsbepalingen Pagina 1 </al><al>Artikel 2 De voorzitter Pagina 1 </al><al>Artikel 2a De plaatsvervangend voorzitter Pagina 1</al><al>Artikel 3 De griffier Pagina 1 </al><al>Artikel 3a De <cursief>directeur</cursief> Pagina 2 </al><al>Artikel 3b Het presidium Pagina 2 </al><al>Hoofdstuk 2 Toelating van nieuwe leden; fracties Pagina 2 </al><al>Artikel 4 Onderzoek geloofsbrieven; beëdiging Pagina 2 </al><al>Artikel 5 Fractie Pagina 2 </al><al>Hoofdstuk 3 Vergaderingen Pagina 3 </al><al>Paragraaf 1 Tijdstip van vergaderen; voorbereiding Pagina 3 </al><al>Artikel 6 Vergaderfrequentie Pagina 3 </al><al>Artikel 7 Oproep Pagina 3 </al><al>Artikel 8 Agenda Pagina 3 </al><al>Artikel 9 Leden van het college Pagina 3 </al><al>Artikel 10 Ter inzage leggen van stukken Pagina 3 </al><al>Artikel 11 Openbare kennisgeving Pagina 4 </al><al>Paragraaf 2 Orde der vergadering Pagina 4 </al><al>Artikel 12 Presentielijst Pagina 4 </al><al>Artikel 13 Zitplaatsen Pagina 4 </al><al>Artikel 14 Opening vergadering; quorum Pagina 4 </al><al>Artikel 14a Spreekrecht burgers Pagina 4 </al><al>Artikel 15 Geluids- en beeldregistraties Pagina 4 </al><al>Artikel 16 Primus bij hoofdelijke stemming Pagina 4 </al><al>Artikel 17 Verslag Pagina 5 </al><al>Artikel 18 Ingekomen stukken Pagina 5 </al><al>Artikel 19 Spreekregels Pagina 5 </al><al>Artikel 20 Volgorde sprekers Pagina 5 </al><al>Artikel 21 Aantal spreektermijnen Pagina 6 </al><al>Artikel 22 Spreektijd Pagina 6 </al><al>Artikel 23 Handhaving orde; schorsing Pagina 6 </al><al>Artikel 24 Beraadslaging Pagina 6 </al><al>Artikel 25 Deelname aan de beraadslaging door anderen Pagina 6 </al><al>Artikel 26 Stemverklaring Pagina 6 </al><al>Artikel 27 Beslissing Pagina 6 </al><al>Paragraaf 3 Procedure bij stemmingen Pagina 7 </al><al>Artikel 28 Algemene bepalingen over stemmingen Pagina 7 </al><al>Artikel 29 Stemming over amendementen en moties Pagina 7 </al><al>Artikel 30 Stemming over personen Pagina 7 </al><al>Artikel 31 Herstemming over personen Pagina 8 </al><al>Artikel 32 Beslissing door het lot Pagina 8 </al><al>Hoofdstuk 4 Rechten van leden Pagina 8 </al><al>Artikel 33 Amendementen Pagina 8 </al><al>Artikel 34 Moties Pagina 8 </al><al>Artikel 35 Voorstellen van orde Pagina 9 </al><al>Artikel 36 Initiatiefvoorstel Pagina 9 </al><al>Artikel 36a Collegevoorstel Pagina 9 </al><al>Artikel 36b Interpellatie Pagina 9 </al><al>Artikel 37 Schriftelijke vragen Pagina 9 </al><al>Artikel 37a Vragenuur Pagina 10 </al><al>Artikel 38 Inlichtingen Pagina 10 </al><al>Hoofstuk 5 Begroting en rekening Pagina 10 </al><al>Artikel 39 Procedure begroting Pagina 10 </al><al>Artikel 40 Procedure jaarrekening Pagina 10 </al><al>Hoofdstuk 6 Lidmaatschap van andere organisaties Pagina 10</al><al>Artikel 41 Verslag; verantwoording Pagina 10 </al><al>Hoofdstuk 7 Besloten vergadering Pagina 11 </al><al>Artikel 42 Algemeen Pagina 11 </al><al>Artikel 43 Verslag Pagina 11 </al><al>Artikel 44 Geheimhouding Pagina 11 </al><al>Artikel 45 Opheffing geheimhouding Pagina 11 </al><al>Hoofdstuk 8 Toehoorders en pers Pagina 11 </al><al>Artikel 46 Toehoorders en pers Pagina 11 </al><al>Artikel 47 Verbod gebruik mobiele telefoon Pagina 11 </al><al>Hoofdstuk 9 Slotbepalingen Pagina 11 </al><al>Artikel 48 Uitleg reglement Pagina 11 </al><al>Artikel 49 In werking treden Pagina 12 </al><al>Artikel 50 Aanhalingstitel Pagina 12 </al><al>INHOUDSOPGAVE Pagina</al><al>Raadsvergadering van 24 mei 2007</al><al>Punt 12 Bijlage 036</al><al><vet>Onderwerp:</vet> Reglement van orde voor de vergaderingen en andere
                    werkzaamheden van de </al><al> gemeenteraad 2007.</al><al><vet>Samenvatting:</vet></al><al>In maart 2006 zijn er gemeenteraadsverkiezingen geweest. Met het aantreden van
                    de nieuwe raad is er ook een nieuwe vergaderstructuur ingevoerd: de commissies
                    van advies aan de raad zijn afgeschaft en daarvoor in de plaats is de
                    raadsvergadering opgesplitst in een meningsvormend gedeelte en een
                    besluitvormend gedeelte. Ook de samenstelling en taken van het presidium zijn
                    veranderd. Dit alles heeft tot gevolg dat het Reglement van orde voor de
                    vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad moet worden aangepast. </al><al>Daarnaast is het bestaande reglement na juridische toetsing en de behandeling in
                    de meningsvormende raadsvergadering van 15 maart 2007 nog op een aantal punten
                    aangepast.</al><al>De gewijzigde/aangepaste passages zijn in cursief opgenomen.</al><al>De raad wordt geadviseerd in te stemmen met het geactualiseerde Reglement van
                    orde.</al><al><vet>Inleiding:</vet></al><al>Gelijktijdig met het aantreden van de nieuwe raad na de
                    gemeenteraadsverkiezingen in maart 2006, is een nieuwe vergaderstructuur
                    ingevoerd. In deze nieuwe structuur zijn de commissies van advies aan de raad
                    afgeschaft. De raadsvergaderingen zijn opgesplitst in een meningsvormend deel en
                    een besluitvormend deel. Tevens is het fenomeen Ronde Tafel Gesprek ingevoerd.
                    Ook de samenstelling en de taken van het Presidium zijn veranderd.</al><al>Door deze structuurwijziging is het Reglement van orde voor de vergaderingen en
                    andere werkzaamheden van de gemeenteraad toe aan een update. Ook een nadere
                    juridische toets en uw opmerkingen in de meningsvormende raadsvergadering van 15
                    maart 2007 hebben tot aanpassing geleid.</al><al>Ter nadere toelichting nog een aantal opmerkingen. </al><lijst><li nr="-"><al>Steunfractieleden(art.1): de begripsomschrijving is aangepast. De nadere
                            formalisering van deze functie zal worden geregeld in een afzonderlijke
                            beleidsregel.</al></li><li nr="-"><al>Spreekrecht burgers (art. 14a): is verruimd; in die zin dat burgers ook
                            het woord mogen voeren over niet-geagendeerde onderwerpen. </al></li></lijst><al>De beperking onder het tweede lid, sub a, geldt voortaan alleen voor onderwerpen
                    waartegen bezwaar en beroep openstaat of waartegen bezwaar of beroep is
                    ingesteld. </al><al><vet>Wat willen wij bereiken?</vet></al><al>Dat het Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de
                    gemeenteraad aangepast wordt aan onder meer de nieuwe vergaderstructuur en aan
                    de veranderde samenstelling en taken van het presidium</al><al><vet>Wat gaan wij daarvoor doen?</vet></al><al>Het Reglement van orde actualiseren</al><al><vet>Wat gaat het kosten?</vet></al><al>Niet van toepassing</al><al><vet>Voorstel college:</vet></al><al>Niet van toepassing</al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="28*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="3*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="70*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Interactiviteit</al></entry><entry colname="col2"><al>:</al></entry><entry colname="col3"><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Procedure</al></entry><entry colname="col2"><al>:</al></entry><entry colname="col3"><al>Het besluit om het Reglement van orde gewijzigd vast te
                                        stellen dient te worden gepubliceerd</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>BTW-compensatiefonds</al></entry><entry colname="col2"><al>:</al></entry><entry colname="col3"><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Kostendekking</al></entry><entry colname="col2"><al>:</al></entry><entry colname="col3"><al>n.v.t..</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Toets aanbestedingsnota</al></entry><entry colname="col2"><al>:</al></entry><entry colname="col3"><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Advies OR</al></entry><entry colname="col2"><al>:</al></entry><entry colname="col3"><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Voorstel</al></entry><entry colname="col2"><al>:</al></entry><entry colname="col3"><al>De raad wordt voorgesteld om het geactualiseerde Reglement
                                        van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van
                                        de gemeenteraad 2007 vast te stellen.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Sint-Michielsgestel, 26 februari 2007</al><al>Het presidium van de gemeenteraad</al><al> De raad van de gemeente Sint-Michielsgestel;</al><al>gezien het voorstel van het presidium van 29 april 2007;</al><al>gelet op artikel 16 van de Gemeentewet ;</al><al><vet> B E S L U I T :</vet></al><al>Vast te stellen het Reglement van orde voor de vergaderingen en andere
                    werkzaamheden van de gemeenteraad 2007.</al><al>Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Sint-Michielsgestel in zijn
                    openbare vergadering </al><al>van 24 mei 2007.</al><al>De raad voornoemd.</al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="50*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="50*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>de griffier,</al></entry><entry colname="col2"><al>de voorzitter,</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>N.A. Hoogerbrug – van de Ven</al></entry><entry colname="col2"><al>mr. J.C.M. Pommer</al></entry></row></tbody></tgroup></table></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>