<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR25563_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Commissie voor Bestuurlijke Vernieuwing 2002</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Tilburg</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Tilburg</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad, 2002, 33</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening op de Commissie Bestuurlijke Vernieuwing 2002</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2002-12-09</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2002-12-10</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2014-10-28</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2002/245</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>1.Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening Commissie voor Bestuurlijke Vernieuwing 2002</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/><al>De raad van de gemeente Tilburg;</al><al/><al>gezien het voorstel van het college;</al><al/><al>Besluit:</al><al/><al>vast te stellen de Verordening Commissie voor Bestuurlijke Vernieuwing
                        2002.</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>I.</nr><titel>Algemene bepalingen.</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Instelling.</titel></kop><al>Er is een vaste commissie ten behoeve van de raad, genaamd de commissie
                            voor Bestuurlijke Vernieuwing. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Samenstelling.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie bestaat uit een aantal leden dat gelijk is aan het
                                aantal fracties in de raad. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Elk lid van de commissie wijst bij verhindering een ander lid uit de
                                fractie als plaatsvervanger aan. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De leden van de commissie worden aan het begin van een nieuwe
                                zittingsperiode van de raad door de raad uit zijn midden benoemd.
                                Daarbij geldt het uitgangspunt dat alle fracties in de raad in deze
                                commissie vertegenwoordigd kunnen zijn. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Leden van het college zijn niet benoembaar tot lid van de commissie.
                            </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De benoeming geschiedt voor de zittingsperiode gelijk aan die van de
                                leden van de zittende raad. Dit geldt eveneens voor tussentijdse
                                benoemingen. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Een commissielid kan tussentijds door de raad worden ontslagen.
                            </al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Hij die ophoudt lid van de raad te zijn kan geen lid meer van de
                                commissie zijn. </al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Een commissielid kan te allen tijde ontslag nemen. Hij geeft daarvan
                                schriftelijk kennis aan de voorzitter van de raad. </al></lid><lid><lidnr>9.</lidnr><al>In tussentijds in de commissie opengevallen plaatsen wordt binnen
                                acht weken voorzien. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Voorzitter.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie wijst uit haar midden een voorzitter en een
                                plaatsvervangend voorzitter aan. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De fractie, waarin de aangewezen voorzitter zitting heeft, mag een
                                extra lid voor de desbetreffende commissie aanwijzen. Dit lid is
                                functionerend raadslid. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Secretariaat.</titel></kop><al>Het secretariaat van de commissie wordt verzorgd door de griffier of een
                            door deze aangewezen medewerker van de griffie. </al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>II.</nr><titel>Taak commissie.</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Taak commissie.</titel></kop><al>De commissie heeft tot taak: </al><lijst><li nr="a."><al>Adviezen ten behoeve van de raad op te stellen op het terrein
                                    van de bestuurlijke vernieuwing in zijn algemeenheid en de
                                    dualisering van het gemeentebestuur in het bijzonder. </al></li><li nr="b."><al>In opdracht van de raad het beleid ten aanzien van nader door de
                                    raad aangegeven aangelegenheden of projecten, waarbij
                                    bestuurlijke vernieuwing in het geding is, te onderzoeken en de
                                    met betrekking daartoe door de raad te nemen besluiten voor te
                                    bereiden. </al></li><li nr="c."><al>Aan de raad, respectievelijk het college gevraagd en ongevraagd
                                    advies uit te brengen over bestuurlijke vernieuwing. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Rapportage.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie voor bestuurlijke vernieuwing is bevoegd aan de raad
                                gevraagd en ongevraagd advies uit te brengen en voorstellen te doen.
                            </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien zij dit wenselijk acht, legt de commissie haar advies eerst
                                voor aan het college. Deze wordt vervolgens in de gelegenheid zijn
                                wensen of bedenkingen over het voorgenomen advies aan de commissie
                                mee te delen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het definitieve advies van de commissie wordt, inclusief de
                                eventuele reactie op de wensen en bedenkingen van het college op het
                                ontwerpadvies, via de commissie Modern Bestuur aan de raad
                                voorgelegd. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Toelichting in raadsvergadering.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Tijdens de raadsvergadering voert de voorzitter van de commissie,
                                namens de commissie, het woord. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De commissie kan in een voorkomend geval een ander lid uit haar
                                midden aanwijzen om in de vergadering van de raad voorstellen of
                                adviezen van de commissie toe te lichten. </al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>III.</nr><titel>Werkwijze commissie.</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Oproepen / vaststellen agenda.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aan het eind van elk kalenderjaar stelt de commissie, op voorstel
                                van de secretaris, haar vergaderschema voor het nieuwe kalenderjaar
                                vast. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De commissie vergadert daarnaast zo dikwijls als de voorzitter het
                                nodig oordeelt of het door tenminste twee leden schriftelijk met
                                opgave van redenen wordt gevraagd. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter bepaalt, in overleg met de secretaris van de
                                commissie, de voorlopige agenda van de vergadering. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De commissie stelt bij het begin van de vergadering de definitieve
                                agenda vast. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Een onderwerp, waarvan behandeling blijkens schriftelijk verzoek van
                                tenminste twee leden wordt verlangd, plaatst de voorzitter op de
                                voorlopige agenda van de eerstvolgende vergadering van de commissie.
                            </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>In gevallen, ter beoordeling van de voorzitter, kan de commissie
                                schriftelijk worden geraadpleegd. Indien schriftelijke afdoening bij
                                een of meer leden op bezwaar stuit, geschiedt de behandeling van de
                                desbetreffende aangelegenheid in de eerstvolgende vergadering van de
                                commissie. </al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De voorzitter draagt er zorg voor dat plaats, dag en uur van de
                                openbare vergadering alsmede een opgave van de te behandelen
                                agendapunten ter openbare kennis worden gebracht. Een afschrift van
                                deze kennisgeving wordt ter kennisneming gezonden van de leden van
                                de raad, die geen lid zijn van de commissie en aan het college.
                            </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Ingekomen brieven.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Brieven gericht aan de commissie worden geplaatst op de lijst van
                                ingekomen stukken van de commissie. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter informeert de commissie over aan de commissie gerichte
                                ingekomen brieven voor of tijdens de eerstvolgende
                                commissievergadering. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Bijwonen vergaderingen.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De leden van de raad, die geen lid zijn van de commissie, kunnen de
                                vergaderingen van de commissie bijwonen. Zij mogen aan de
                                beraadslagingen deelnemen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter van de commissie is bevoegd ambtenaren van de gemeente
                                en externe deskundigen tot het bijwonen van de vergaderingen uit te
                                nodigen voor het verstrekken van inlichtingen of het geven van
                                adviezen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Tot zodanige uitnodiging gaat de voorzitter tevens over indien
                                tenminste twee leden van de commissie daarom verzoeken. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Openbaarheid vergaderingen.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergaderingen van de commissie zijn openbaar. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de voorzitter of tenminste twee leden van de commissie van
                                mening zijn dat openbare of persoonlijke belangen door de
                                openbaarheid kunnen worden geschaad kunnen de deuren van de
                                vergadering geheel of gedeeltelijk worden gesloten. De commissie
                                beslist vervolgens of met gesloten deuren zal worden vergaderd.
                            </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Quorum.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergadering vindt geen doorgang indien blijkt dat niet meer dan
                                de helft van het aantal zitting hebbende leden aanwezig is. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In dat geval kan de voorzitter een nieuwe vergadering beleggen,
                                waarbij er slechts vierentwintig uur tussen het verzenden van de
                                kennisgeving en het aanvangsuur aanwezig behoeft te zijn. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Die tweede vergadering vindt doorgang ongeacht het aantal opgekomen
                                leden. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Aan de agenda van de tweede vergadering mogen geen nieuwe
                                agendapunten worden toegevoegd. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Geheimhouding.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Artikel 25 van de Gemeentewet is van overeenkomstige toepassing.
                            </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het opleggen van de voorlopige geheimhouding geschiedt door de
                                voorzitter. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Insprekers.</titel></kop><al>De commissie kan derden uitnodigen of op verzoek in de gelegenheid
                            stellen een toelichting te geven over een aan de orde zijnd agendapunt.
                        </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Verslaglegging.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Van ieder besproken onderwerp in een commissievergadering wordt,
                                onder zorg van de secretaris van de commissie, een verslag
                                opgesteld. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De griffier is verantwoordelijk voor de tijdigheid en de inhoud van
                                het verslag. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het verslag bevat een beknopte zakelijke weergave van het
                                besprokene. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De commissie kan bij een afzonderlijk agendapunt besluiten dat een
                                meer uitgebreid verslag moet worden opgesteld. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het verslag vermeldt tevens de namen van de aan- en afwezige leden
                                van de commissie en van de overige aanwezigen ter vergadering. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het verslag wordt ter vaststelling opgenomen op de voorlopige agenda
                                voor de eerstkomende commissievergadering. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Besluiten.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie neemt besluiten bij meerderheid van stemmen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de stemmen staken beslist de stem van de voorzitter. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Informatieverstrekking.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Op verzoeken van de commissie om toezending van onder het college
                                berustende stukken dan wel van (aanvullende) schriftelijke
                                informatie neemt het college binnen drie weken een beslissing. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien het college redenen aanwezig acht om toezending van
                                documenten of verstrekking van informatie op grond van het vorige
                                lid af te zien, doet het daarvan mededeling aan de voorzitter van de
                                commissie. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Voor het verkrijgen van mondelinge informatie kan de commissie leden
                                van het college uitnodigen om ter vergadering te verschijnen. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien een lid van het college redenen aanwezig acht om niet op een
                                uitnodiging als bedoeld in het vorige lid in te gaan doet hij
                                daarvan schriftelijke mededeling aan de voorzitter van de commissie.
                            </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het bepaalde in dit artikel is van overeenkomstige toepassing op
                                andere gemeentelijke bestuursorganen. </al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>IV.</nr><titel>Slotbepalingen.</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>Uitleg verordening.</titel></kop><al>Bij twijfel over de betekenis of de toepassing van deze verordening en
                            in gevallen, waarin niet in deze verordening is voorzien, beslist de
                            voorzitter van de commissie. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19.</nr><titel>Tijdstip inwerkingtreding en citeertitel.</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt onmiddellijk na de bekendmaking ervan in
                                    werking. </al></li><li nr="2."><al>Op het tijdstip als bedoeld in het eerste lid vervalt de
                                    Verordening op de Commissie voor Bestuurlijke Vernieuwing 2001,
                                    zoals vastgesteld in de raadsvergadering van 25 juni 2001. </al></li><li nr="3."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening op de
                                    Commissie Bestuurlijke Vernieuwing 2002". </al><al/></li></lijst></artikel></paragraaf></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 9 december 2002</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier, </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>(plv. secretaris)</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>