<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR253157_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van de gemeente Kapelle 2012</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Kapelle</dcterms:creator><dcterms:modified>2013-02-04</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Kapelle</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Scheldepost, 3 januari 2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van de gemeente Kapelle 2012</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 16</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-12-18</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-06-03</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2012/73</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>REGLEMENT VAN ORDE VOOR DE VERGADERINGEN EN ANDEREWERKZAAMHEDEN VAN DE RAAD VAN DE
            GEMEENTE KAPELLE 2012</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Kapelle;</al><al>overwegende dat het wenselijk is om het Reglement van Orde voor de
                        vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad te actualiseren;</al><al>gelezen het voorstel van het presidium van 12 november 2012, nummer
                        2012/73;</al><al>gelet op artikel 16 van de Gemeentewet;</al><al>b e s l u i t :</al><al>vast te stellen de volgende</al><al>REGLEMENT VAN ORDE VOOR DE VERGADERINGEN EN ANDERE</al><al>WERKZAAMHEDEN VAN DE RAAD VAN DE GEMEENTE KAPELLE 2012</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In dit reglement wordt verstaan onder:</al><al><vet>A voorzitter</vet><vet>:</vet></al><al>de voorzitter van de raad of diens vervanger;</al><al><vet>B amendement:</vet></al><al>voorstel tot wijziging van een ontwerp-verordening of
                            ontwerp-beslissing, naar de vorm geschikt om daarin direct te worden
                            opgenomen;</al><al><vet>C subamendement:</vet></al><al>voorstel tot wijziging van een aanhangig amendement, naar de vorm
                            geschikt om direct te worden opgenomen in het amendement, waarop het
                            betrekking heeft;</al><al><vet>D motie:</vet></al><al>korte en gemotiveerde verklaring over een onderwerp waardoor een
                            oordeel, wens of verzoek wordt uitgesproken;</al><al><vet>E voorstel van orde:</vet></al><al>voorstel betreffende de orde van de vergadering;</al><al><vet>F initiatiefvoorstel:</vet></al><al>een voorstel voor een verordening of een ander voorstel.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>De voorzitter</titel></kop><al>De voorzitter is belast met:</al><lijst><li nr="a."><al>het leiden van de vergadering;</al></li><li nr="b."><al>het handhaven van de orde;</al></li><li nr="c."><al>het doen naleven van het reglement van orde;</al></li><li nr="d."><al>hetgeen de Gemeentewet of dit reglement hem verder
                                    opdraagt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>De griffier</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De griffier is in elke vergadering van de raad aanwezig.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij verhindering of afwezigheid wordt de griffier vervangen door een
                                door de raad daartoe aangewezen plaatsvervangend griffier.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De griffier kan, indien daartoe door de voorzitter uitgenodigd, aan
                                de beraadslagingen als bedoeld in dit reglement deelnemen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>De secretaris</titel></kop><al>De raad kan het college verzoeken de secretaris in de vergadering
                            aanwezig te laten zijn en deel te laten nemen aan de beraadslagingen als
                            bedoeld in dit reglement.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Het presidium</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad heeft een presidium.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het presidium bestaat uit een voorzitter en de fractievoorzitters.
                                De voorzitter van de raad is tevens voorzitter van het presidium.
                            </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De griffier ondersteunt het presidium en is daartoe in elke
                                vergadering aanwezig.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter kan voorstellen de secretaris uit te nodigen voor het
                                presidium.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Elke fractievoorzitter wijst een lid van de raad aan, dat hem bij
                                zijn afwezigheid in het presidium vervangt.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Elke fractievoorzitter heeft één stem in het presidium.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Het presidium heeft, naast de taken vermeld in de artikelen 9, 11,
                                18, 50 en 51 van deze verordening, als taak aanbevelingen en
                                voorstellen te doen aan de raad inzake de organisatie van de
                                werkzaamheden van de raad en van zijn commissies en
                                werkgroepen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>De agendacommissie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad heeft een agendacommissie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De agendacommissie bestaat uit de waarnemend voorzitter van de raad
                                en twee door de raad aangewezen leden. De voorzitter van de raad is
                                als adviseur aanwezig.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De griffier ondersteunt de agendacommissie en is daartoe in elke
                                vergadering aanwezig.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Toelating van nieuwe leden; benoeming wethouders; fracties</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Onderzoek geloofsbrieven; beëdiging; benoeming wethouders</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij elke benoeming van nieuwe leden van de raad stelt de raad een
                                commissie in bestaande uit drie leden van de raad. De commissie
                                onderzoekt de geloofsbrieven, de daarop betrekking hebbende stukken
                                van nieuw benoemde leden. Bij het onderzoek wordt de door de raad
                                vastgestelde gedragscode betrokken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De commissie brengt na haar onderzoek van de geloofsbrieven
                                schriftelijk verslag uit aan de raad en doet daarbij een voorstel
                                voor een besluit. In het verslag wordt ook melding gemaakt van een
                                minderheidsstandpunt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het onderzoek van het proces-verbaal van het centraal stembureau
                                gebeurt in de laatste samenkomst van de raad in oude samenstelling
                                na de verkiezingen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Na een raadsverkiezing roept de voorzitter de toegelaten leden van
                                de raad op om in de eerste vergadering van de raad in nieuwe
                                samenstelling, bedoeld in artikel 18 van de Gemeentewet, de
                                voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de voorzitter
                                een nieuw benoemd lid van de raad op voor de vergadering van de raad
                                waarin over diens toelating wordt beslist om de voorgeschreven eed
                                of verklaring en belofte af te leggen.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Bij de benoeming van een wethouder wordt overeenkomstig het eerste
                                lid een commissie ingesteld welke onderzoekt of de kandidaat voldoet
                                aan de eisen van de Gemeentewet. Op de werkwijze van deze commissie
                                is het tweede lid van overeenkomstige toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Fractie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De leden van de raad die door het centraal stembureau op dezelfde
                                kandidatenlijst verkozen zijn verklaard, worden bij de aanvang van
                                de zitting als één fractie beschouwd. Is onder een lijstnummer
                                slechts één lid verkozen, dan wordt dit lid als een afzonderlijke
                                fractie beschouwd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien boven de kandidatenlijst een aanduiding was geplaatst, voert
                                de fractie in de raad deze aanduiding als naam. Indien geen
                                aanduiding boven de kandidatenlijst was geplaatst, deelt de fractie
                                in de eerste vergadering van de raad aan de voorzitter mee welke
                                naam deze fractie in de raad wil voeren.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De namen van degenen die als voorzitter van de fractie en als diens
                                plaatsvervanger optreden worden zo spoedig mogelijk doorgegeven aan
                                de voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien één of meer leden van een of meer fracties als zelfstandige
                                fractie gaan optreden of indien één of meer leden van een fractie
                                zich aansluiten bij een andere fractie wordt hiervan zo spoedig
                                mogelijk schriftelijk mededeling gedaan aan de voorzitter. Voor het
                                splitsen dan wel het vormen van nieuwe fracties is geen toestemming
                                vereist van de raad.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De nieuwe naam van de fractie wordt gebruikt met ingang van de
                                eerstvolgende vergadering van de raad.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Vergaderingen</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Tijdstip van vergaderen; voorbereidingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Vergaderfrequentie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergaderingen van de raad vinden in de regel plaats op een
                                    dinsdag, vangen aan om 19.30 uur en worden gehouden in de
                                    raadszaal van het gemeentehuis.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Eindtijd van de vergaderingen is 23.00 uur. In voorkomend geval
                                    wordt een vergadering voortgezet op de aansluitende donderdag
                                    vanaf 19.30 uur. De raad kan besluiten af te wijken van de
                                    eindtijd of van de aansluitende dag.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter kan in bijzondere gevallen een andere dag en
                                    aanvangsuur bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen. Hij
                                    voert hierover, tenzij er sprake is van een spoedeisende
                                    situatie, overleg in het presidium.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De reguliere vergaderdata worden door de raad in overleg met de
                                    agendacommissie telkens voor een kalenderjaar vastgesteld. Voor
                                    elk kalenderjaar wordt een vergaderschema opgesteld en aan de
                                    raad kenbaar gemaakt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Voorbereidende en besluitvormende vergadering</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergaderingen van de raad worden onderscheiden in
                                    voorbereidende vergaderingen en in besluitvormende
                                    vergaderingen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voorstellen aan de raad waarover een besluit moet worden
                                    genomen, worden voorafgaand in een voorbereidende vergadering
                                    behandeld, tenzij de raad anders beslist.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In een voorbereidende vergadering vinden de technische
                                    beraadslagingen over voorstellen plaats en is er ruimte voor
                                    debat.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In een besluitvormende vergaderingen kan zo nodig nog aanvullend
                                    worden beraadslaagd of gedebatteerd en vindt besluitvorming
                                    plaats.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Werkvergadering</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad kan op voorstel van een raadslid, de agendacommissie,
                                    het presidium of het college en onder vaststelling van het
                                    onderwerp waarover zal worden gesproken en aanwijzing van een
                                    voorzitter, een werkvergadering houden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een werkvergadering vindt in beslotenheid plaats, tenzij de raad
                                    anders beslist.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De raad beslist wie er, naast de raadsleden, bij de
                                    werkvergadering nog meer aanwezig zullen zijn.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Tijdens een werkvergadering kunnen er geen besluiten worden
                                    genomen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Op de werkvergadering zijn de artikelen 12 t/m 16, 18 t/m 38,
                                    41, 45, 49, 53, 57 en 58 van dit reglement niet van toepassing
                                    en is artikel 54 in voorkomend geval van toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Oproep</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter zendt ten minste 7 dagen voor een vergadering de
                                    leden van de raad een schriftelijke oproep onder vermelding van
                                    dag, tijdstip en plaats van de vergadering. De oproep kan ook
                                    digitaal worden verzonden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met
                                    uitzondering van de in artikel 25, eerste en tweede lid, van de
                                    Gemeentewet bedoelde stukken, worden tegelijkertijd met de
                                    oproep, hetzij schriftelijk hetzij digitaal, aan de leden van de
                                    raad verzonden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien een aanvullende agenda wordt vastgesteld als bedoeld in
                                    artikel 10, vierde lid, worden deze agenda en de daarop vermelde
                                    voorstellen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48 uur voor
                                    aanvang van de vergadering aan de leden van de raad
                                    gezonden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Agenda</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voordat de schriftelijke of digitale oproep wordt verzonden,
                                    stelt de agendacommissie de voorlopige agenda van de vergadering
                                    vast.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden van
                                    de schriftelijke of digitale oproep tot uiterlijk 48 uur voor de
                                    aanvang van een vergadering een aanvullende agenda
                                    opstellen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij aanvang van de vergadering stelt de raad de agenda vast. Op
                                    voorstel van een lid van de raad of de voorzitter kan de raad
                                    bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan de agenda
                                    toevoegen of van de agenda afvoeren.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Wanneer de raad een onderwerp onvoldoende voor de openbare
                                    beraadslaging voorbereid acht, kan hij aan het college nadere
                                    inlichtingen of advies vragen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Op voorstel van een lid van de raad of van de voorzitter kan de
                                    raad de volgorde van behandeling van de agendapunten
                                    wijzigen</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>De wethouder</titel></kop><al>De agendacommissie kan een of meer wethouders uitnodigen om in de
                                vergadering aanwezig te zijn en aan de beraadslagingen deel te
                                nemen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Ter inzage leggen van stukken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op
                                    de agenda dienen, worden gelijktijdig met het verzenden van de
                                    schriftelijke of digitale oproep voor een ieder op het
                                    gemeentehuis ter inzage gelegd. Indien na het verzenden van de
                                    schriftelijke of digitale oproep stukken ter inzage worden
                                    gelegd, wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden van de raad
                                    en zo mogelijk in een openbare kennisgeving.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een origineel van een ter inzage gelegd stuk wordt niet buiten
                                    het gemeentehuis gebracht.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Onverminderd het bepaalde in het eerste lid kunnen stukken ook
                                    op digitale wijze aan een ieder ter beschikking worden
                                    gesteld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien omtrent stukken op grond van artikel 25, eerste of tweede
                                    lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze
                                    stukken in afwijking van het eerste lid, onder berusting van de
                                    griffier en verleent de griffier de leden van de raad
                                    inzage.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Openbare kennisgeving</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergadering wordt ter openbare kennis gebracht door
                                    aankondiging in het gemeentelijk informatieblad, welke huis aan
                                    huis wordt verspreid, of op de voor afkondigingen in de gemeente
                                    gebruikelijke wijze en door plaatsing op de internetsite van de
                                    gemeente.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De openbare kennisgeving vermeldt: </al><lijst><li nr="a."><al>de datum, aanvangstijd en plaats, alsmede de voorlopige
                                            agenda van de vergadering;</al></li><li nr="b."><al>wijze waarop en de plaats waar een ieder de bij de
                                            vergadering behorende stukken kan inzien.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken worden,
                                    indien digitaal beschikbaar, op de internetsite van de gemeente
                                    geplaatst.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Orde der vergadering</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Presentielijst</titel></kop><al>Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekent ieder lid van de raad de
                                presentielijst. Aan het einde van elke vergadering wordt die lijst
                                door de voorzitter en de griffier door ondertekening
                                vastgesteld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Zitplaatsen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter, de leden van de raad en de griffier hebben een
                                    vaste zitplaats, door de voorzitter na overleg in het presidium
                                    bij aanvang van iedere nieuwe zittingsperiode van de raad
                                    aangewezen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien daartoe aanleiding bestaat, kan de voorzitter de indeling
                                    herzien na overleg in het presidium.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter draagt zorg voor een zitplaats voor de wethouders,
                                    secretaris en overige personen, die voor de vergadering zijn
                                    uitgenodigd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Opening vergadering; quorum</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter opent de vergadering op het vastgestelde uur
                                        indien het daarvoor door de wet vereiste aantal leden van de
                                        raad blijkens de presentielijst aanwezig is.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter verricht de opening van de vergadering door
                                        het uitspreken van het volgende gebed:</al><al>“Almachtige God. Wij komen als gemeenteraad tot U en vragen U om Uw
                                bijstand en zegen bij de vervulling van onze taak. Geef ons wijsheid
                                in de beraadslagingen en bij het nemen van de besluiten. Dit vragen
                                wij u in de naam van Jezus Christus. Amen.”</al></li><li nr="3."><al>Indien de voorzitter het gebed niet wil uitspreken zal hij
                                        een raadslid verzoeken dit te doen. Dat laat onverlet dat
                                        geen der raadsleden verplicht kan worden het gebed uit te
                                        spreken.</al></li><li nr="4."><al>Wanneer een kwartier na het vastgestelde tijdstip niet het
                                        vereiste aantal leden aanwezig is, bepaalt de voorzitter, na
                                        voorlezing van de namen der afwezige leden, dag en uur van
                                        de volgende vergadering, met inachtneming van artikel 20 van
                                        de Gemeentewet.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Spreekrecht burgers</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er is spreekrecht in een voorbereidende vergadering tot maximaal
                                    30 minuten.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Spreekrecht wordt ten aanzien van een specifiek voorstel ook in
                                    een besluitvormende vergadering geboden indien burgers ten
                                    aanzien van dat voorstel niet in de gelegenheid zijn gesteld om
                                    in te spreken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Om van het spreekrecht gebruik te kunnen maken dient een verzoek
                                    daartoe door een of meer burgers te worden gemeld bij de
                                    gemeente vóór 12.00 uur op de dag van de betreffende vergadering
                                    waarin het voorstel wordt behandeld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Tijdens de vergadering wordt per inspreker 5 minuten spreektijd
                                    gegeven. De voorzitter kan besluiten om hiervan af te
                                    wijken.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Tijdens het spreekrecht kan het woord niet worden gevoerd:</al><lijst><li nr="a."><al>over een besluit van het gemeentebestuur waartegen
                                            bezwaar of beroep op de rechter openstaat of heeft
                                            opengestaan;</al></li><li nr="b."><al>over benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen
                                            van personen;</al></li><li nr="c."><al>indien een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene wet
                                            bestuursrecht kan of kon worden ingediend.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Primus bij hoofdelijke stemming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Alvorens de aangekondigde onderwerpen aan de orde te stellen
                                    deelt de voorzitter mede, bij welk lid van de raad, de
                                    hoofdelijke stemming zal beginnen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Daartoe wordt tijdens de eerste vergadering van de raad na de
                                    verkiezingen het raadslid aangewezen die naar alfabetische
                                    volgorde boven aan de lijst staat.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Voor iedere daaropvolgende vergadering wordt de alfabetische
                                    volgorde aangehouden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij tussentijdse wijziging van de samenstelling van de raad
                                    wordt de naam van het nieuwe raadslid alfabetisch aan de lijst
                                    toegevoegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Verslag en besluitenlijst</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De griffier draagt zorg voor het bijhouden van een
                                    presentielijst, voor een kort verslag van de voorbereidende
                                    vergadering en voor de besluitenlijst van de besluitvormende
                                    vergadering. Van de vergaderingen worden audioverslagen
                                    gemaakt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het verslag bevat tenminste: </al><lijst><li nr="a."><al>de namen van de voorzitter, de griffier, de wethouders
                                            en de ter vergadering aanwezige leden, alsmede van de
                                            leden die afwezig waren en overige personen die het
                                            woord hebben gevoerd;</al></li><li nr="b."><al>een vermelding van de zaken die aan de orde zijn
                                            geweest;</al></li><li nr="c."><al>een zakelijke samenvatting van het gesprokene;</al></li><li nr="d."><al>een overzicht van het verloop van elke stemming, met
                                            vermelding bij hoofdelijke stemming van de namen van de
                                            leden die voor of tegen stemden, onder aantekening van
                                            de namen van de leden die zich overeenkomstig de
                                            Gemeentewet van stemming hebben onthouden of zich bij
                                            het uitbrengen van hun stem hebben vergist;</al></li><li nr="e."><al>de tekst van de ter vergadering ingediende
                                            initiatiefvoorstellen, voorstellen van orde, moties,
                                            amendementen en subamendementen;</al></li><li nr="f."><al>bij het desbetreffende agendapunt de naam en de
                                            hoedanigheid van die personen aan wie het op grond van
                                            het bepaalde in artikel 30 van dit reglement door de
                                            raad is toegestaan deel te nemen aan de
                                            beraadslagingen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De besluitenlijst bevat tenminste: </al><lijst><li nr="a."><al>de namen van de voorzitter, de griffier, de wethouders
                                            en de ter vergadering aanwezige leden, alsmede van de
                                            leden die afwezig waren en overige personen die het
                                            woord hebben gevoerd;</al></li><li nr="b."><al>een vermelding van de zaken die aan de orde zijn
                                            geweest;</al></li><li nr="c."><al>het genomen besluit;</al></li><li nr="d."><al>een overzicht van het verloop van elke stemming, met
                                            vermelding bij hoofdelijke stemming van de namen van de
                                            leden die voor of tegen stemden, onder aantekening van
                                            de namen van de leden die zich overeenkomstig de
                                            Gemeentewet van stemming hebben onthouden of zich bij
                                            het uitbrengen van hun stem hebben vergist;</al></li><li nr="e."><al>de tekst van de ter vergadering ingediende
                                            initiatiefvoorstellen, voorstellen van orde, moties,
                                            amendementen en subamendementen;</al></li><li nr="f."><al>bij het desbetreffende agendapunt de naam en de
                                            hoedanigheid van die personen aan wie het op grond van
                                            het bepaalde in artikel 30 van dit reglement door de
                                            raad is toegestaan deel te nemen aan de
                                            beraadslagingen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het conceptverslag alsmede de conceptbesluitenlijst van de
                                    voorgaande vergadering wordt, zo mogelijk, aan de leden van de
                                    raad toegezonden gelijktijdig met de schriftelijke of digitale
                                    oproep voor de vergadering. Het conceptverslag wordt
                                    gelijktijdig aan de overige personen die het woord hebben
                                    gevoerd, toegezonden.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De leden, de voorzitter, de wethouders, de griffier en de
                                    secretaris hebben het recht, een voorstel tot verandering aan de
                                    raad te doen, indien het conceptverslag of de
                                    conceptbesluitenlijst onjuistheden bevat of niet duidelijk
                                    weergeeft hetgeen gezegd of besloten is. Een voorstel tot
                                    verandering dient vóór 09.00 uur van de dag voorafgaande aan de
                                    dag van de betreffende raadsvergadering bij de griffier te
                                    worden ingediend.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het verslag wordt in de eerstvolgende voorbereidende vergadering
                                    en de besluitenlijst in de eerstvolgende besluitvormende
                                    vergadering vastgesteld. Na vaststelling worden verslag c.q.
                                    besluitenlijst door de voorzitter en de griffier
                                    ondertekend.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Voor zover de aard en de inhoud van de besluitvorming zich
                                    daartegen niet verzet, wordt de besluitenlijst zo spoedig
                                    mogelijk na de vergadering openbaar gemaakt op de in de gemeente
                                    gebruikelijke wijze.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Ingekomen stukken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij de raad ingekomen stukken, waaronder mededelingen van het
                                    college aan de raad, worden op een lijst geplaatst. Deze lijst
                                    wordt aan de leden van de raad toegezonden en ter inzage
                                    gelegd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Na de vaststelling van het verslag stelt de raad, op voorstel
                                    van de agendacommissie, de wijze van afdoening van de ingekomen
                                    stukken vast.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Twee maal per jaar bespreekt de raad een overzicht van de door
                                    het college gedane toezeggingen aan de raad en de aangenomen
                                    moties, vergezeld van een voorstel van de agendacommissie voor
                                    afdoening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Spreekregels</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De leden van de raad en overige aanwezigen spreken vanaf de
                                    spreekplaats, behoudens interrupties en richten zich tot de
                                    voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij bijzondere gelegenheden en het vragenuur, bedoeld in artikel
                                    48,kan de voorzitter bepalen dat de leden van de raad en
                                    de overige aanwezigen van achter de katheder spreken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Volgorde sprekers</titel></kop><al>Een lid van de raad voert het woord na het aan de voorzitter
                                gevraagd en van hem verkregen te hebben.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Aantal spreektermijnen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De beraadslaging over een onderwerp of voorstel geschiedt in ten
                                    hoogste twee termijnen, tenzij de raad anders beslist.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Elke spreektermijn wordt door de voorzitter afgesloten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een lid mag in een termijn niet meer dan één maal het woord
                                    voeren over hetzelfde onderwerp of voorstel.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het derde lid is niet van toepassing op: </al><lijst><li nr="a."><al>de rapporteur van een commissie;</al></li><li nr="b."><al>het lid dat een (sub)amendement, een motie of een
                                            initiatiefvoorstel heeft ingediend, voor wat betreft dat
                                            amendement, die motie of dat voorstel.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Bij de bepaling hoeveel malen een lid over hetzelfde onderwerp
                                    of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het
                                    spreken over een voorstel van orde.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Spreektijd</titel></kop><al>De agendacommissie of een lid van de raad kunnen een voorstel doen
                                over de spreektijd van de leden en de overige aanwezigen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Handhaving orde; schorsing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord, tenzij: </al><lijst><li nr="a."><al>de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het in acht
                                            nemen van dit reglement te herinneren;</al></li><li nr="b."><al>een lid hem interrumpeert. De voorzitter kan bepalen dat
                                            de spreker zonder verdere interrupties zijn betoog zal
                                            afronden.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien een spreker zich in beledigende of onbetamelijke
                                    uitdrukkingen uitlaat, afwijkt van het in behandeling zijnde
                                    onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk interrumpeert, dan
                                    wel anderszins de orde verstoort, wordt hij door de voorzitter
                                    tot de orde geroepen. Indien de betreffende spreker, hieraan
                                    geen gevolg geeft, kan de voorzitter hem gedurende de
                                    vergadering waarin zulks plaats heeft over het aanhangige
                                    onderwerp het woord ontzeggen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering voor
                                    een door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de
                                    heropening de orde opnieuw wordt verstoord - de vergadering
                                    sluiten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel>Beraadslaging</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad kan op voorstel van de voorzitter of een lid van de raad
                                    beslissen over één of meer onderdelen van een onderwerp of
                                    voorstel afzonderlijk te beraadslagen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op verzoek van een lid van de raad of op voorstel van de
                                    voorzitter kan de raad besluiten de beraadslaging voor een door
                                    hem te bepalen tijd te schorsen teneinde het college of de leden
                                    de gelegenheid te geven tot onderling nader beraad. De
                                    beraadslagingen worden hervat nadat de schorsingsperiode
                                    verstreken is.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Deelname aan de beraadslaging door anderen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad kan bepalen dat anderen dan de in de vergadering
                                    aanwezige leden van de raad, de wethouder, de griffier en de
                                    voorzitter deelnemen aan de beraadslaging.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een beslissing daartoe wordt op voorstel van de voorzitter of
                                    één der leden van de raad genomen alvorens met de beraadslaging
                                    ten aanzien van het aan de orde zijnde agendapunt een aanvang
                                    wordt genomen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr><titel>Stemverklaring</titel></kop><al>Voordat de raad tot stemming overgaat, heeft ieder lid het recht
                                zijn stemgedrag kort te motiveren.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32</nr><titel>Beslissing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Wanneer de voorzitter vaststelt dat een onderwerp of voorstel
                                    voldoende is toegelicht, sluit hij de beraadslaging, tenzij de
                                    raad anders beslist.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij het sluiten van de beraadslaging over een onderwerp of
                                    voorstel in een voorbereidende vergadering, beslist de raad op
                                    voorstel van de voorzitter of in de daarop volgende
                                    besluitvormende vergadering besluitvorming zal plaatsvinden
                                    zonder voorafgaande aanvullende beraadslagingen
                                    (hamerstuk).</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de besluitvorming vindt, na een stemming over eventuele
                                    amendementen, de stemming plaats over het voorstel, zoals het
                                    dan luidt, in zijn geheel tenzij geen stemming wordt
                                    gevraagd.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Voordat de stemming over het voorstel in zijn geheel
                                    plaatsvindt, formuleert de voorzitter het voorstel over de te
                                    nemen eindbeslissing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33</nr><titel>Sluiting vergadering</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter sluit de vergadering.</al></li><li nr="2."><al>Aan het eind van de besluitvormende vergadering spreekt de
                                        voorzitter bij het sluiten het volgende gebed uit:</al><al>“Here, wij danken U dat wij mochten samenkomen om de belangen van
                                onze gemeente te bespreken. Mag het dienen tot het welzijn van onze
                                burgers. Amen.”</al></li><li nr="3."><al>Indien de voorzitter het gebed niet wil uitspreken zal hij een
                                raadslid verzoeken dit te doen. Dat laat onverlet dat geen der
                                raadsleden verplicht kan worden het gebed uit te spreken.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3</nr><titel>Procedures bij stemmingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>34</nr><titel>Algemene bepalingen over stemming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Stemming vindt plaats bij handopsteken tenzij hoofdelijke
                                    stemming wordt verlangd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In de vergadering aanwezige leden kunnen aantekening in het
                                    verslag vragen, dat zij geacht willen worden te hebben
                                    tegengestemd of zich op grond van artikel 28 van de Gemeentewet
                                    van stemming te hebben onthouden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien door een of meer leden hoofdelijke stemming wordt
                                    gevraagd, doet de voorzitter daarvan mededeling.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij hoofdelijke stemming roept de voorzitter of de griffier de
                                    leden van de raad bij naam op hun stem uit te brengen. De
                                    stemming begint bij het lid dat daarvoor overeenkomstig artikel
                                    21 van dit reglement is aangewezen. Vervolgens geschiedt de
                                    oproeping naar de volgorde van de presentielijst.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Bij hoofdelijke stemming is ieder ter vergadering aanwezig lid
                                    dat zich niet van deelneming aan de stemming op grond van
                                    artikel 28 van de Gemeentewet moet onthouden, verplicht zijn
                                    stem uit te brengen.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De leden brengen hun stem uit door het woord 'voor' of 'tegen'
                                    uit te spreken, zonder enige toevoeging.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Heeft een lid zich bij het uitbrengen van zijn stem vergist, dan
                                    kan hij deze vergissing nog herstellen voordat het volgende lid
                                    gestemd heeft. Bemerkt het lid zijn vergissing pas later, dan
                                    kan hij nadat de voorzitter de uitslag van de stemming bekend
                                    heeft gemaakt wel aantekening vragen dat hij zich heeft vergist;
                                    in de uitslag van de stemming brengt dit echter geen
                                    verandering.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>De voorzitter deelt de uitslag na afloop van de stemming mede,
                                    met vermelding van het aantal voor en tegen uitgebrachte
                                    stemmen. Hij doet daarbij tevens mededeling van het genomen
                                    besluit.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>35</nr><titel>Stemming over amendementen en moties</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien een amendement op een aanhangig voorstel is ingediend,
                                    wordt eerst over dat amendement gestemd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien op een amendement een subamendement is ingediend, wordt
                                    eerst over het subamendement gestemd en vervolgens over het
                                    amendement.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien twee of meer amendementen of subamendementen op een
                                    aanhangig voorstel zijn ingediend, bepaalt de voorzitter de
                                    volgorde waarin hierover zal worden gestemd. Daarbij geldt de
                                    regel, dat het meest verstrekkende amendement of subamendement
                                    het eerst in stemming wordt gebracht.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien aangaande een aanhangig voorstel een motie is ingediend,
                                    wordt eerst over het voorstel gestemd en vervolgens over de
                                    motie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>36</nr><titel>Stemming over personen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Wanneer een stemming over personen voor het doen van een
                                    voordracht of het opstellen van een voordracht of aanbeveling
                                    moet plaatshebben, benoemt de voorzitter drie leden tot
                                    stembureau.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ieder ter vergadering aanwezig lid dat zich niet op grond van de
                                    Gemeentewet van stemming moet onthouden is verplicht een
                                    stembriefje in te leveren. De stembriefjes dienen identiek te
                                    zijn.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Er hebben zoveel stemmingen plaats als er personen zijn te
                                    benoemen, voor te dragen of aan te bevelen. De raad kan op
                                    voorstel van de voorzitter beslissen dat bepaalde stemmingen
                                    worden samengevat op één briefje.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het stembureau onderzoekt of het aantal ingeleverde stembriefjes
                                    gelijk is aan het aantal leden dat ingevolge het tweede lid
                                    verplicht is een stembriefje in te leveren. Wanneer de aantallen
                                    niet gelijk zijn, worden de stembriefjes vernietigd zonder deze
                                    te openen en wordt een nieuwe stemming gehouden.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Voor het bepalen van de volstrekte meerderheid als bedoeld in
                                    artikel 30 van de Gemeentewet worden geacht geen stem te hebben
                                    uitgebracht die leden die geen behoorlijk stembriefje hebben
                                    ingeleverd. Onder een niet behoorlijk ingevuld stembriefje wordt
                                    verstaan:</al><lijst><li nr="a."><al>een blanco ingevuld stembriefje;</al></li><li nr="b."><al>een niet identiek stembriefje;</al></li><li nr="c."><al>een ondertekend stembriefje;</al></li><li nr="d."><al>een stembriefje waarop meer dan één naam is vermeld,
                                            tenzij de stemming verschillende vacatures betreft;</al></li><li nr="e."><al>een stembriefje waarbij, indien het een benoeming op
                                            voordracht betreft, op een persoon wordt gestemd die
                                            niet is voorgedragen;</al></li><li nr="f."><al>een stembriefje waarbij op een andere persoon wordt
                                            gestemd dan die waartoe de stemming is beperkt.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>In geval van twijfel over de inhoud van een stembriefje beslist
                                    de raad, op voorstel van de voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Onder de zorg van de griffier worden de stembriefjes
                                    onmiddellijk na vaststelling van de uitslag vernietigd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37</nr><titel>Herstemming over personen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Wanneer bij de eerste stemming niemand de volstrekte meerderheid
                                    heeft verkregen, wordt tot een tweede stemming overgegaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Wanneer ook bij deze tweede stemming door niemand de volstrekte
                                    meerderheid is verkregen, heeft een derde stemming plaats tussen
                                    twee personen, die bij de tweede stemming de meeste stemmen op
                                    zich hebben verenigd. Zijn bij de tweede stemming de meeste
                                    stemmen over meer dan twee personen verdeeld, dan wordt bij een
                                    tussenstemming uitgemaakt tussen welke twee personen de derde
                                    stemming zal plaatshebben.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien bij tussenstemming of bij de derde stemming de stemmen
                                    staken, beslist terstond het lot.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>38</nr><titel>Beslissing door het lot</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Wanneer het lot moet beslissen, worden de namen van hen tussen
                                    wie de beslissing moet plaatshebben, door de voorzitter op
                                    afzonderlijke, geheel gelijke, briefjes geschreven.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze briefjes worden, nadat zij door het stembureau zijn
                                    gecontroleerd, op gelijke wijze gevouwen, in een stembokaal
                                    gedeponeerd en omgeschud.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Vervolgens neemt de voorzitter een van de briefjes uit de
                                    stembokaal. Degene wiens naam op dit briefje voorkomt, is
                                    gekozen.</al></lid></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Commissies en werkgroepen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>39</nr><titel>Financiële commissie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er is een financiële commissie, bestaande uit drie raadsleden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De leden van de commissie kiezen uit hun midden een voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De taken van de commissie zijn:</al><lijst><li nr="a."><al>het voorbereiden van en deelnemen aan het overleg met de
                                        accountant als bedoeld in artikel 4, derde lid, van de
                                        Controleverordening gemeente Kapelle;</al></li><li nr="b."><al>het voorbereiden van en deelnemen aan het overleg met de
                                        accountant als bedoeld in artikel 7, vierde lid, van de
                                        Controleverordening gemeente Kapelle;</al></li><li nr="c."><al>het voeren van de aanbestedingsprocedure voor een nieuw
                                        accountantscontract.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De commissie wordt ondersteund door de griffier.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>40</nr><titel>Instellen van werkgroepen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad kan op voorstel van een raadslid, de agendacommissie, het
                                presidium of het college, op ad hoc basis, een of meer werkgroepen
                                instellen. De fracties kunnen daartoe voorstellen doen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Per fractie maakt één raadslid deel uit van de werkgroep. Ieder
                                raadslid kan zich laten vervangen door een fractie- of
                                steunfractielid.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De leden van de werkgroep kiezen uit hun midden een voorzitter en
                                een plaatsvervangend voorzitter. De voorzitter roept de werkgroep
                                bijeen en draagt zorg voor de agenda van de vergadering.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De werkgroep krijgt voor het uitvoeren van haar taak vooraf een
                                opdracht van de raad ten aanzien van onderwerpen welke (nog) niet in
                                de raadsvergadering ter besluitvorming aan de orde zijn geweest. De
                                raad bepaalt tevens de wijze waarop en de termijn waarbinnen de
                                werkgroep dient te rapporteren aan de raad.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De voorzitter doet, door tussenkomst van de griffier en indien
                                nodig, een voorstel aan het college voor ambtelijke ondersteuning
                                bij de uitvoering van de gestelde opdracht.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Na behandeling van de rapportage in de raad, houdt de werkgroep op
                                te bestaan, tenzij de raad anders beslist.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Rechten van leden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>41</nr><titel>Voorstellen van orde</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter en ieder lid van de raad kunnen tijdens de vergadering
                                mondeling een voorstel van orde doen, dat kort kan worden
                                toegelicht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een voorstel van orde kan uitsluitend de orde van de vergadering
                                betreffen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Over een voorstel van orde beslist de raad terstond.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>42</nr><titel>Behandeling collegevoorstel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een voorstel van het college aan de raad dat vermeld staat op de
                                voorlopige agenda van de raadsvergadering, kan niet worden
                                ingetrokken zonder toestemming van de raad.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de raad van oordeel is dat een voorstel als bedoeld in het
                                eerste lid voor advies terug aan het college moet worden gezonden,
                                bepaalt de raad in welke vergadering het voorstel opnieuw wordt
                                geagendeerd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>43</nr><titel>Initiatiefvoorstel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een initiatiefvoorstel moet om in behandeling genomen te kunnen
                                worden schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter plaatst het voorstel op de agenda van de eerstvolgende
                                voorbereidende vergadering, tenzij de schriftelijke oproep hiervoor
                                reeds verzonden is. In dit laatste geval wordt het voorstel op de
                                agenda van de daaropvolgende voorbereidende vergadering geplaatst.
                                Bij vaststelling van de agenda wordt het initiatiefvoorstel in
                                stemming gebracht.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De behandeling van het voorstel vindt plaats nadat alle op de agenda
                                voorkomende voorstellen en onderwerpen zijn behandeld, tenzij de
                                raad oordeelt dat: </al><lijst><li nr="a."><al>het voorstel met het oog op de orde van de vergadering
                                        tezamen met een ander geagendeerd voorstel of onderwerp
                                        dient te worden behandeld;</al></li><li nr="b."><al>het voorstel voor advies naar het college dient te worden
                                        gezonden. In dit geval bepaalt de raad in welke vergadering
                                        het voorstel opnieuw wordt geagendeerd.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De raad kan voorwaarden stellen aan de indiening en behandeling van
                                een voorstel, niet zijnde een voorstel voor een verordening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>44</nr><titel>Amendementen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Ieder lid van de raad kan tot het sluiten van de beraadslagingen
                                amendementen indienen. Een amendement kan het voorstel inhouden om
                                een geagendeerd voorstel in één of meer onderdelen te splitsen,
                                waarover afzonderlijke besluitvorming zal plaatsvinden. Er kan
                                alleen beraadslaagd worden over amendementen die ingediend zijn door
                                leden van de raad die de presentielijst getekend hebben en in de
                                vergadering aanwezig zijn.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ieder lid dat in de vergadering aanwezig is, is bevoegd op het
                                amendement dat door een lid is ingediend, een wijziging voor te
                                stellen (subamendement).</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Elk amendement of subamendement en elk voorstel moet om in
                                behandeling genomen te kunnen worden schriftelijk bij de voorzitter
                                worden ingediend, tenzij de voorzitter - met het oog op het
                                eenvoudige karakter van het voorgestelde - oordeelt, dat met een
                                mondelinge indiening kan worden volstaan.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Intrekking, door de indiener(s), van het amendement of subamendement
                                is mogelijk, totdat de besluitvorming door de raad heeft
                                plaatsgevonden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>45</nr><titel>Moties</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Ieder lid van de raad kan ter vergadering een motie indienen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een motie moet om in behandeling genomen te kunnen worden
                                schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De behandeling van een motie over een aanhangig onderwerp of
                                voorstel vindt tegelijk met de beraadslaging over dat onderwerp of
                                voorstel plaats.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De behandeling van een motie over een niet op de agenda opgenomen
                                onderwerp vindt plaats nadat alle op de agenda voorkomende
                                onderwerpen zijn behandeld.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Intrekking of wijziging, door de indiener(s), van de motie is
                                mogelijk totdat de besluitvorming door de raad heeft
                                plaatsgevonden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>46</nr><titel>Inlichtingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien een lid van de raad over een onderwerp inlichtingen als
                                bedoeld in de artikelen 169, derde lid, en 180, derde lid, van de
                                Gemeentewet verlangt, wordt een verzoek daartoe door tussenkomst van
                                de griffier schriftelijk ingediend bij het college of de
                                burgemeester.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De griffier draagt er zorg voor dat de overige leden van de raad een
                                afschrift van dit verzoek krijgen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De verlangde inlichtingen worden mondeling of schriftelijk in de
                                eerstvolgende of in de daarop volgende vergadering gegeven.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De gestelde vragen en het antwoord vormen een agendapunt voor de
                                vergadering, waarin de antwoorden zullen worden gegeven.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>47</nr><titel>Schriftelijke vragen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Schriftelijke vragen worden uitsluitend door middel van het digitale
                                vragenformulier ingediend. De vragen worden kort en duidelijk
                                geformuleerd en kunnen zo nodig van een toelichting worden voorzien.
                            </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de vragen wordt aangegeven, of schriftelijke of mondelinge
                                beantwoording wordt verlangd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De griffier draagt er zorg voor dat de vragen zo spoedig mogelijk
                                ter kennis van de secretaris en de overige leden van de raad worden
                                gebracht.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De beantwoording gaat als volgt:</al><lijst><li nr="a."><al>schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk
                                        plaats, in ieder geval binnen dertig dagen nadat de vragen
                                        zijn binnengekomen;</al></li><li nr="b."><al>mondelinge beantwoording vindt plaats in de eerstvolgende
                                        voorbereidende raadsvergadering met overeenkomstige
                                        toepassing van de leden 1, 2, 4 en 6 van artikel 48 van dit
                                        reglement (vragenuur);</al></li><li nr="c."><al>indien beantwoording niet binnen deze termijnen kan
                                        plaatsvinden, stelt het verantwoordelijk lid van het college
                                        of de burgemeester de vragensteller hiervan gemotiveerd in
                                        kennis, waarbij de termijn aangegeven wordt, waarbinnen
                                        beantwoording zal plaatsvinden. Dit bericht wordt behandeld
                                        als een antwoord.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De schriftelijke antwoorden van het college of de burgemeester
                                worden door tussenkomst van de griffier aan de vragensteller
                                toegezonden met een afschrift aan de overige leden van de raad. Na
                                ontvangst door de vragensteller worden vraag en antwoord op de
                                gemeentelijke internetsite geplaatst en via de ingekomen stukken ter
                                kennis van de raad gebracht.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Na de mondelinge beantwoording wordt de vraag op de gemeentelijke
                                internetsite geplaatst met een verwijzing naar het audioverslag van
                                de vergadering waarin de vraag is beantwoord.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De vragensteller kan, bij schriftelijke beantwoording in de
                                eerstvolgende raadsvergadering en bij mondelinge beantwoording in
                                dezelfde raadsvergadering, na de behandeling van de op de agenda
                                voorkomende onderwerpen, nadere inlichtingen vragen omtrent het door
                                de burgemeester of door het college gegeven antwoord, tenzij de raad
                                anders beslist.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>48</nr><titel>Vragenuur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Tijdens de vergadering is er een vragenuur, tenzij er bij de
                                voorzitter geen vragen zijn ingediend. In bijzondere gevallen kan de
                                agendacommissie bepalen dat het vragenuur op een ander tijdstip
                                wordt gehouden. De voorzitter bepaalt op welk tijdstip het vragenuur
                                eindigt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het lid van de raad dat tijdens het vragenuur vragen wil stellen,
                                meldt dit onder aanduiding van het onderwerp en indiening van de te
                                stellen vragen, vóór 09.00 uur van de dag voorafgaande aan de dag
                                van de betreffende raadsvergadering en via het daartoe bestemde
                                digitale formulier, bij de voorzitter. De voorzitter kan na overleg
                                met de agendacommissie weigeren een onderwerp tijdens het vragenuur
                                aan de orde te stellen indien hij het onderwerp niet voldoende
                                nauwkeurig acht aangegeven of indien het onderwerp in de
                                raadsvergadering op diezelfde dag aan de orde komt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter bepaalt de volgorde, waarin aangemelde onderwerpen
                                tijdens het vragenuur aan de orde worden gesteld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Per onderwerp wordt aan de vragensteller het woord verleend om één
                                of meer vragen aan het college of de burgemeester te stellen en een
                                toelichting daarop te geven.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Na de beantwoording door het college of de burgemeester krijgt de
                                vragensteller desgewenst het woord om enkele aanvullende vragen te
                                stellen.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Vervolgens kan de voorzitter aan andere leden van de raad het woord
                                verlenen om hetzij aan de vragensteller, hetzij aan het college of
                                de burgemeester vragen te stellen over hetzelfde onderwerp.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Tijdens het vragenuur worden geen interrupties toegelaten en kunnen
                                geen moties worden ingediend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>49</nr><titel>Interpellatie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het verzoek tot het houden van een interpellatie wordt, behoudens in
                                naar het oordeel van de voorzitter spoedeisende gevallen, vóór 09.00
                                uur van de dag voorafgaande aan de dag van de betreffende
                                raadsvergadering schriftelijk bij de voorzitter ingediend. Het
                                verzoek bevat een duidelijke omschrijving van het onderwerp waarover
                                inlichtingen worden verlangd alsmede de te stellen vragen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk
                                ter kennis van de overige leden van de raad en de wethouders. Bij de
                                vaststelling van de agenda van de eerstvolgende vergadering na
                                indiening van het verzoek wordt het verzoek in stemming gebracht. De
                                interpellatie vindt plaats als tenminste éénderde van de aanwezige
                                leden, afgerond naar boven, daarmee instemt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De raad bepaalt op welk tijdstip tijdens de vergadering de
                                interpellatie zal worden gehouden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De interpellant voert niet meer dan tweemaal het woord, de overige
                                leden van de raad, de burgemeester en de wethouders niet meer dan
                                eenmaal, tenzij de raad hen hiertoe verlof geeft.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6</nr><titel>Begroting en rekening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>50</nr><titel>Procedure begroting</titel></kop><al>Onverminderd het bepaalde in de Gemeentewet geschiedt de voorbereiding,
                            het onderzoek, de behandeling en de vaststelling van de begroting
                            volgens een procedure die de raad, op voorstel van het presidium,
                            vaststelt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>51</nr><titel>Procedure jaarrekening</titel></kop><al>Onverminderd het bepaalde in de Gemeentewet geschiedt de voorbereiding
                            en het onderzoek van de jaarrekening en het jaarverslag, alsmede de
                            vaststelling van de jaarrekening en van een eventueel
                            indemniteitsbesluit volgens een procedure die de raad, op voorstel van
                            het presidium, vaststelt.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>7</nr><titel>Lidmaatschap van andere organisaties</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>52</nr><titel>Verslag en verantwoording</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een lid van de raad, een wethouder, de burgemeester of de
                                secretaris, die door de gemeenteraad is aangewezen tot lid van het
                                algemeen bestuur van een openbaar lichaam of van een
                                gemeenschappelijk orgaan ingesteld op grond van de Wet
                                gemeenschappelijke regelingen of in een andere organisatie of
                                institutie, heeft het recht om in aansluiting op de behandeling van
                                de lijst van ingekomen stukken òf voor het sluiten van de
                                vergadering verslag te doen over zaken die in het algemeen bestuur
                                of gemeenschappelijk orgaan aan de orde zijn.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ieder lid van de raad kan aan een persoon als bedoeld in het eerste
                                lid, schriftelijke vragen stellen. Artikel 47 is van overeenkomstige
                                toepassing.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Wanneer een lid van de raad een persoon als bedoeld in het eerste
                                lid ter verantwoording wenst te roepen over zijn wijze van
                                functioneren als zodanig, besluit de raad over het toestaan daarvan.
                                Artikel 46 is van overeenkomstige toepassing.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>8</nr><titel>Besloten vergadering</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>53</nr><titel>Algemeen</titel></kop><al>Op een besloten vergadering zijn de bepalingen van dit reglement van
                            overeenkomstige toepassing voor zover deze bepalingen niet strijdig zijn
                            met het besloten karakter van de vergadering.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>54</nr><titel>Besluitenlijst en verslag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De besluitenlijst dan wel het verslag van een besloten vergadering
                                wordt niet verspreid, maar ligt uitsluitend voor de leden ter
                                inzage.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De besluitenlijst dan wel het verslag wordt zo spoedig mogelijk in
                                een besloten vergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze
                                vergadering neemt de raad een besluit over het al dan niet openbaar
                                maken van besluitenlijst of verslag. De vastgestelde besluitenlijst
                                dan wel het verslag wordt door de voorzitter en de griffier
                                ondertekend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>55</nr><titel>Geheimhouding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor de afloop van een besloten vergadering beslist de raad
                                overeenkomstig artikel 25, eerste lid, van de Gemeentewet of omtrent
                                de inhoud van de stukken en het verhandelde geheimhouding zal
                                gelden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De geheimhouding dient in acht te worden genomen door een ieder die
                                bij de vergadering aanwezig is en door een ieder die op een andere
                                wijze kennis heeft van de stukken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De raad kan besluiten de geheimhouding op te heffen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>56</nr><titel>Opheffing geheimhouding</titel></kop><al>Indien de raad op grond van artikel 25, derde en vierde lid, artikel 55,
                            tweede en derde lid, of artikel 86, tweede en derde lid, van de
                            Gemeentewet voornemens is de geheimhouding op te heffen, wordt, indien
                            daarom wordt verzocht door het orgaan dat geheimhouding heeft opgelegd,
                            in een besloten vergadering met het desbetreffende orgaan overleg
                            gevoerd.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>9</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>57</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Toehoorders en vertegenwoordigers van de pers kunnen uitsluitend op
                                de voor hen bestemde plaatsen openbare vergaderingen bijwonen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het geven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere wijze
                                verstoren van de orde is verboden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>58</nr><titel>Geluid- en beeldregistraties</titel></kop><al>Degenen die in de vergaderzaal tijdens een openbare raadsvergadering
                            geluid- dan wel beeldregistraties willen maken doen hiervan mededeling
                            aan de voorzitter en gedragen zich naar zijn aanwijzingen. Deze
                            aanwijzingen kunnen niet zover gaan dat zij de vrijheid van pers
                            aantasten.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>10</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>59</nr><titel>Uitleg reglement</titel></kop><al>In de gevallen waarin dit reglement niet voorziet of bij twijfel omtrent
                            de toepassing van het reglement, beslist de raad op voorstel van de
                            voorzitter.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>60</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het Reglement van Orde voor de vergaderingen en andere
                                    werkzaamheden van de raad van de gemeente Kapelle, vastgesteld
                                    bij raadsbesluit van 29 juni 2010, besluitnummer 2010/26, wordt
                                    ingetrokken.</al></li><li nr="2."><al>Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2013.</al></li></lijst><al/><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Vastgesteld in de openbare vergadering van de raad der gemeente Kapelle
                        van 18 december 2012.</ondertekening><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>