<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR250216_4</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van precariobelasting 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Weesp</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-02-20</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Weesp</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening precariobelasting 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 228</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-12-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-12-30</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2016-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Z.42606/D.20396</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>belastingen</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en invordering van precariobelasting 2015</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Weesp;</al><al>gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van </al><al>6 november 2014;</al><al>gelet op artikel 228 van de Gemeentewet;</al><al>b e s l u i t :</al><al>vast te stellen de verordening:</al><al>Verordening op de heffing en invordering van een precariobelasting
                        2015.</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Aard van de heffing en belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam precariobelasting wordt ter zake van het hebben van voorwerpen
                        onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, een
                        belas¬ting geheven overeenkomstig de in deze verordening opgenomen
                        bepalingen en in de daarbij behorende tarieventabel.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><al>De belasting wordt geheven van degene van wie, dan wel ten behoeve van wie,
                        voorwerpen worden aangetroffen onder, op of boven gemeentegrond, voor de
                        openbare dienst bestemd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Heffingsgrondslag en tarief</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De belasting wordt geheven naar de tarieven opgenomen in de bij deze
                            verorde¬ning behorende tarieventabel, met inachtneming van de in de
                            tabel gegeven aanwijzingen.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De belasting wordt niet geheven voor zover deze niet meer bedraagt dan €
                            25,00, met dien verstande dat de belastingplicht daarbij geldt voor een
                            periode niet langer dan 14 dagen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Voor de toepassing van deze verordening</al><lijst><li nr="a."><al>­wordt verstaan onder een jaar: een kalenderjaar;</al></li><li nr="b."><al>wordt verstaan onder een maand: een tijdvak van 30
                                    achtereenvolgende dagen;</al></li><li nr="c."><al>wordt verstaan onder een week: een tijdvak van 7
                                    achtereenvolgende dagen;</al></li><li nr="d."><al>wordt verstaan onder een dag: een tijdvak van 24 uur,
                                    aanvangende te 0.00 uur.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De in deze verordening genoemde gedeelten van tijds- en andere eenhed¬en
                            worden voor een geheel gerekend.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Indien het heffingstijdvak gelijk is aan het kalenderjaar en het
                            belast¬baar feit aanvangt in de loop van het tijdvak, wordt de belasting
                            geheven over zoveel twaalfden van het over een jaar te betalen bedrag,
                            als er na het aanvangstijdstip nog volle maanden van het heffingstijdvak
                            resteren.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>Een gedeelte van een week, een maand of een jaar wordt aangemerkt als
                            een gehele week, respectievelijk een gehele maand of een geheel jaar,
                            indien zulks leidt tot een voor belastingplichtige voordeliger
                            tarief.</al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>Indien op grond van deze verordening meer dan één tarief toegepast zou
                            kunnen worden, vindt uitsluitend toepassing van het hoogste tarief
                            plaats.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Heffingstijdvak</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het heffingstijdvak is de in een kalenderjaar gelegen periode gedurende
                            welke zich een belastbaar feit in de zin van de verordening voordoet of
                            zal voordoen.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Indien het belastbaar feit betrekking heeft op meer dan een
                            afzonderlij¬ke periode in een kalenderjaar, kan de heffing voor elk
                            belastbaar feit afzonderlijk plaatsvinden</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Wijze van heffing en tijdstip verschuldigdheid</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De belasting wordt geheven bij wege van aanslag</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De belasting is verschuldigd bij de aanvang van het heffingstijdvak of
                            zo dit later is, op het tijdstip waarop het belastbaar feit een aanvang
                            neemt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990
                            moeten de aanslagen worden betaald uiterlijk binnen één maand na de
                            dagtekening van het aanslagbiljet.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het voorgaande
                            lid gestelde termijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Vrijstelling</titel></kop><al>De belasting wordt niet geheven ter zake van:</al><lijst><li nr="a."><al>voorwerpen waarvan de aanwezigheid door de gemeente op grond van een
                                overeenkomst, concessie, wettelijk voorschrift of anderszins
                                rechtens moet worden gedoogd;</al></li><li nr="b."><al>het hebben van wegwijzers en verkeersaanwijzingen van de ANWB of
                                andere soortgelijke instellingen;</al></li><li nr="c."><al>het hebben van voorwerpen, welke noodzakelijk zijn voor de
                                uitoefening van de publiekrechtelijke taak door het rijk, de
                                provincie, het water¬schap of de gemeente;</al></li><li nr="d."><al>het hebben van halteborden, abri's en dergelijke ten dienste van het
                                openbaar vervoer per bus;</al></li><li nr="e."><al>het hebben van buizen, pijpen, leidingen en dergelijke, waaronder
                                afvoer¬buizen van hemelwater, die zijn aangesloten op de
                                gemeentelijke riolering;</al></li><li nr="f."><al>het hebben van pilasters, plinten, kozijndorpels, gevelversieringen,
                                goten, puilijsten, goot- en kroonlijsten, spionnen, naamplaatjes,
                                vlaggen¬stokhou¬ders en dergelijke;</al></li><li nr="g."><al>het hebben van fietsenrekken, fietsklemmen, fietstegels en
                                dergelijke, alsmede aan de gevel bevestigde stangen of buizen,
                                bestemd om rijwielen tegen te plaatsen, voor zover deze voorwerpen
                                niet zijn voorzien van reclame-uitingen;</al></li><li nr="h."><al>het hebben van rolluiken, voor zover kan worden aangetoond dat dit
                                vanwege inbraakpreventie door een verzekeringsmaatschappij verplicht
                                wordt gesteld;</al></li><li nr="i."><al>het hebben van zonneschermen door particulieren, niet zijnde
                                zonneschermen bij inrichtingen voor commerciële doeleinden, zoals
                                winkels, kantoren en bedrijven;</al></li><li nr="j."><al>het hebben van voorwerpen door instellingen die geen commerciële
                                activiteiten nastreven, zoals instellingen met een politiek,
                                godsdienstig, geestelijk wereldbeschouwelijk, sociaal, weldadig of
                                algemeen nut beogend doel.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Ontheffing</titel></kop><al>Indien het heffingstijdvak gelijk is aan het kalenderjaar kan op verzoek van
                        de belastingschuldige ontheffing worden verleend indien blijkt dat de
                        belas¬tingplicht in de loop van het jaar is beëindigd. De ontheffing wordt
                        verleend over de na beëindiging van de belastingplichtige nog volle
                        resterende kalen¬der¬maanden. Eventuele afronding van bedragen vindt plaats
                        op twee decimalen nauwkeurig.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrek¬king tot de heffing en de invordering van de precariobelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De 'Verordening precariobelasting 2014' vastgesteld in de openbare
                            vergade¬ring van de raad op 12 december 2013 ¬wordt ingetrokken met
                            ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing.
                            Zij blijft van toepassing op de belastbare feiten die zich voor die
                            datum hebben voorge¬daan. ¬</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die
                            van bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2015.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>Deze verordening kan worden aangehaald als 'Verordening
                            precariobelasting 2015'.</al><al/><al/></lid></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering</ondertekening><ondertekening>van de raad op 17 december 2014.</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Mw. M. Walrave B.J. van Bochove</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><bijlage><kop><label>Tarieventabel</label><nr>1</nr><titel/></kop><al>Tarieventabel: behorende bij de "Verordening precariobelasting 2015" </al><al>(behorende bij raadsbesluit van 17 december 2014). </al><al>00. Algemeen tarief </al><al>00.01 Voorwerpen waarvoor onder de navolgende nummers </al><al>niet in een bijzonder tarief is voorzien: </al><al>per m2 of per strekkende meter per dag € 0,80</al><al>per m2 of per strekkende meter per week € 1,41</al><al>per m2 of per strekkende meter per maand € 4,20</al><al>per m2 of per strekkende meter per jaar € 34,07</al><al>10. Bouw, sloop- en onderhoudswerken </al><al>10.01 Het innemen, overdekken of op enigerlei wijze aan de </al><al>openbare dienst onttrekken van openbare gemeente- </al><al>grond met voorwerpen ten behoeve van bouw, sloop en </al><al>onderhoudswerken, andere dan die zijn genoemd onder </al><al>10.02 en 10.03, per m2, per voorwerp: </al><al>per dag € 0,80</al><al>per week € 1,41</al><al>per maand € 4,20</al><al>per jaar € 34,07</al><al>10.02 Voor het hebben van een schutting of hekwerk per </al><al>strekkende meter </al><al>per dag € 0,80</al><al>per week € 1,41</al><al>per maand € 4,20</al><al>per jaar € 34,07</al><al>10.03 Een lozingspunt voor het machinaal lozen van water </al><al>op de riolering van de gemeente: </al><al>per lozingspunt per dag € 35,65</al><al>20. Leidingen, buizen, kabels, kokers, slangen of </al><al>soortgelijke voorwerpen </al><al>20.01 Voor het hebben van leidingen, buizen, kabels, kokers, </al><al>slangen of soortgelijke voorwerpen: </al><al>voor de eerste 20 meter, per m1 per jaar € 3,53</al><al>voor elke volgende m1 per jaar € 1,16</al><al>30. Automaat, speeltoestel, weegtoestel, betaalautomaat </al><al>30.01 Voor het hebben van een automatisch verkooptoestel, </al><al>speeltoestel, weegtoestel, of soortgelijk voorwerp </al><al>berekend naar de grootste afmeting van het voorwerp </al><al>per ½ meter: </al><al>per jaar € 27,94</al><al>40. Voorwerpen bij onroerende zaken </al><al>40.01 Voor het hebben van een neerklapbaar zonnescherm </al><al>of markies: </al><al>per jaar € 13,89</al><al>40.02 Voor het hebben van een vast zonnescherm of markies: </al><al>per m2 per jaar € 17,12</al><al>40.03 Voor het hebben van een luifel of een beluifeling: </al><al>voor de eerste 3 m2 per jaar € 13,89</al><al>en voor ieder volgende m2 daarboven per jaar € 17,12</al><al>40.04 Voor een uitbouw, overbouwing, kelder, tunnel, </al><al>balkon en dergelijke onderdelen van onroerende </al><al>zaken (hieronder niet begrepen de voorwerpen </al><al>als bedoeld in onderdeel 70 van deze tabel) </al><al>per m2 oppervlakte per bouwlaag per jaar € 17,12</al><al>50. Terras </al><al>50.01 Voor het hebben van banken, tafels en stoelen, bloemen- </al><al>of plantenbakken, windschermen en eventuele andere </al><al>voorwerpen onderdeel uitmakend van een terras, in de </al><al>periode van 1 april tot 1 oktober: </al><al>per m2 of m1 per maand € 5,95</al><al>buiten de periode van 1 april tot 1 oktober: </al><al>per m2 of m1 per maand € 1,41</al><al>60. Standplaatsen </al><al>60.01 Voor de verkoop van diverse goederen, zoals bijvoor- </al><al>beeld bloemen, fruit, versnaperingen, fritures, vis en </al><al>tijdschriften al dan niet met behulp van een kraam, </al><al>kiosk, (verkoop)wagen, tent, caravan of ander opstal: </al><al>per m2 per dag € 1,70</al><al>per m2 per week € 4,92</al><al>per m2 per maand € 14,66</al><al>per m2 per jaar € 111,72</al><al>70. Voorwerpen voor reclame of soortgelijke doeleinden </al><al>70.01 Voor het hebben van een bord, sandwichbord, verplaats- </al><al>baar bord, kledingrek, verrijdbare reclame-uiting, lichtbak, </al><al>lantaarn, uithangbord, gevelbord, gevelplaat, spot, vlag, </al><al>reclametegel of andere tot reclame of andere doeleinden </al><al>gebezigde voorwerpen indien de grootste afmeting van </al><al>het voorwerp niet meer bedraagt dan: </al><al>een ½ meter per jaar € 13,89</al><al>indien zij meer bedraagt dan: </al><al>een ½ meter, maar niet meer dan één meter per jaar € 27,94</al><al>indien zij meer bedraagt dan: </al><al>één meter per jaar € 27,94</al><al>en voor elke meter daarboven per jaar € 13,89</al><al>70.02 Voor het hebben van neonbuizen, lichtprikkabels, een rij </al><al>geschakelde gloeilampen of dergelijke lichtapparaten, </al><al>indien de grootste afmeting van de installatie niet meer </al><al>bedraagt dan: </al><al>5 meter per jaar € 27,94</al><al>indien zij meer bedraagt dan: </al><al>5 meter, maar niet meer dan 10 meter per jaar € 41,83</al><al>indien zij meer bedraagt dan: </al><al>10 meter per jaar € 55,86</al><al>70.03 Voor het hebben van straatversieringen zoals vlaggetjes, </al><al>slingers, lichtprikkabels en dergelijke, aangebracht </al><al>namens een winkeliersvereniging, buurtvereniging en </al><al>soortgelijke instellingen en uitsluitend aangebracht ter </al><al>gelegenheid van speciale aangelegenheden, zoals de </al><al>sluis en brugfeesten, Koninginnedag, de sinterklaas- </al><al>periode en kerstperiode en voor zover met die voorwerpen </al><al>geen reclame wordt gemaakt of beoogd voor bepaalde </al><al>merkartikelen, objecten of subjecten: </al><al>per steeg, straat, laan of plein: </al><al>per gebeurtenis per jaar € 55,86</al><al>70.04 Voor het hebben van een spandoek per strekkende meter, </al><al>gerekend naar de grootste afmeting: </al><al>per dag € 0,80</al><al>per week € 1,41</al><al>per maand € 4,20</al><al>per jaar € 34,07</al><al>70.05 Voor het hebben van een uitgebouwde uitstalkast, </al><al>etalage, vitrine of dergelijke inrichting, voor zover boven </al><al>gemeentegrond hangende berekend over de verticale </al><al>hoogte keer de horizontale breedte: </al><al>per m2 per jaar € 63,03</al><al>70.06 Voor het hebben van een rijwielrek met daarop aange- </al><al>gebrachte reclame berekend over de grootste afmeting </al><al>van het voorwerp: </al><al>per meter per jaar € 27,94</al><al>80. Gebruik van betaalde parkeerplaatsen </al><al>80.01 Voor het hebben van voorwerpen, niet zijnde een motor- </al><al>rijtuig in de zin van de Wegenverkeerswet 1994, op een </al><al>parkeerplaats bestemd voor betaald parkeren, is een </al><al>tarief verschuldigd dat gelijk is aan 75% van het verschul- </al><al>digde parkeergeld volgens de ten tijde van het gebruik </al><al>geldende 'Verordening parkeerbelastingen'. </al><al>90. Aanmeren van vaartuigen in gemeentewater </al><al>90.01 Voor het hebben van een vaartuig bedraagt de belasting </al><al>per strekkende meter lengte van het vaartuig per jaar € 38,09</al><al>Voor eensluidend afschrift, </al><al>de griffier, </al><al>mw. M. Walrave. </al><al/></bijlage></regeling></body></cvdr>