<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR249903_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening langdurigheidstoeslag gemeente Enkhuizen 2012</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Enkhuizen</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-10-03</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Enkhuizen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Drom, 24-10-2012</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening langdurigheidstoeslag Wet werk en bijstand gemeente Enkhuizen 2012</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet werk en bijstand, artikel 36 en artikel 8, eerste lid, aanhef en onder d</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, artikel 147</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-10-02</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2012-10-25</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2012-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-10-03</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Vervallen</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>uitkering, bijstand, werk, toeslag, minimabeleid, minima,</overheidrg:onderwerp><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening langdurigheidstoeslag gemeente Enkhuizen 2012</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Enkhuizen; gelezen het voorstel van burgemeester en
                        wethouders d.d.  , nummer : gelet op artikel 36 en op artikel 8, eerste lid,
                        aanhef en onder d van de Wet werk en bijstand en artikel 147 van de
                        Gemeentewet,</al><al>b e s l u i t :</al><al>vast te stellen: de <vet>V</vet><vet>erordening langdurigheidstoeslag
                            </vet><vet>gemeente Enkhuizen </vet><vet>2012</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begrippen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader
                            worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet werk en
                            bijstand (WWB), de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en de
                            Gemeentewet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>college: het college van burgemeester en wethouders</al></li><li nr="b."><al>wet: de Wet werk en bijstand</al></li><li nr="c."><al>referteperiode: een periode van 36 maanden voorafgaand aan de
                                    peildatum.</al></li><li nr="d."><al>peildatum: de datum waarop in enig jaar het recht op de
                                    langdurigheidstoeslag ontstaat.</al></li><li nr="e."><al>inkomen: het inkomen als bedoeld in artikel 32 van de wet, met
                                    dien verstande dat voor de zinsnede ‘een periode waarover een
                                    beroep op bijstand wordt gedaan’ moet worden gelezen ‘de
                                    referteperiode’. Een bijstandsuitkering wordt, in afwijking van
                                    artikel 32 van de wet voor de beoordeling van het recht op
                                    langdurigheidtoeslag als inkomen gezien.</al></li><li nr="f."><al>rechthebbende: een alleenstaande, alleenstaande ouder of
                                    gezinslid met recht op langdurigheidtoeslag</al></li><li nr="g."><al>niet – rechthebbende: een alleenstaande, alleenstaande ouder of
                                    gezinslid die op grond van artikel 11 of 13 lid 1 WWB is
                                    uitgesloten van het recht op langdurigheidtoeslag.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Uitvoering</titel></kop><al>De uitvoering van deze verordening berust bij het college van burgemeester
                        en wethouders.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Voorwaarden</titel></kop><al>Aan de in artikel 36 lid 1 van de wet gestelde voorwaarden van het langdurig
                        hebben van een laag inkomen is voldaan als het inkomen gedurende de
                        referteperiode van 36 maanden niet uitkomt boven 110 procent van de
                        bijstandsnorm.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Hoogte van de langdurigheidstoeslag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De langdurigheidtoeslag bedraagt per 1 januari 2012:</al><lijst><li nr="a."><al>voor een gezin : € 500,--</al></li><li nr="b."><al>voor een alleenstaande ouder : € 450,--</al></li><li nr="c."><al>
                  voor een alleenstaande : € 350,--</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de toepassing van het eerste lid is de situatie op de peildatum
                            bepalend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien sprake is van één of meer niet-rechthebbende gezinsleden en:</al><lijst><li nr="a."><al>nog slechts één gezinslid recht heeft op langdurigheidstoeslag,
                                    komt dit gezinslid in aanmerking voor een langdurigheidstoeslag
                                    naar de hoogte die voor hem als alleenstaande of alleenstaande
                                    ouder zou gelden.</al></li><li nr="b."><al>twee of meer gezinsleden overblijven die als gezin recht hebben
                                    op langdurigheidstoeslag, wordt voor de toepassing van het
                                    eerste lid uitsluitend rekening gehouden met deze rechthebbende
                                    gezinsleden.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De bedragen genoemd in het eerste lid worden jaarlijks per 1 januari
                            geïndexeerd met het consumentenprijsindexcijfer. De bedragen worden in
                            hele euro’s naar boven afgerond.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Beleidsregels</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stelt beleidsregels vast met betrekking tot de uitvoering
                            van deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De beleidsregels, zoals bedoeld in het eerste lid, hebben in ieder geval
                            betrekking op de invulling van het begrip ‘geen zicht op
                            inkomensverbetering' zoals bedoeld in artikel 36 lid 1 WWB.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Onvoorziene gevallen</titel></kop><al>In gevallen waarin deze regeling niet voorziet, beslist het college.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als: Verordening
                        langdurigheidstoeslag Wet werk en bijstand gemeente Enkhuizen 2012</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de dag van de bekendmaking en werkt
                        terug vanaf 1 januari 2012.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Besloten in de openbare vergadering van XXXX De griffier, De voorzitter,
                    </al></slotformulering></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label>Nota-toelichting</label><nr/><titel/></kop><al><vet>ALGEMEEN</vet></al><al>Sinds 1 januari 2009 is de langdurigheidtoeslag geregeld in de verordening
                    langdurigheids-toeslag. De langdurigheidstoeslag is opgenomen in artikel 36 van
                    de Wet werk en bijstand. Daarnaast bepaalt artikel 8 lid 1 sub d van de wet dat
                    gemeenten in een verordening regels voor de langdurigheidstoeslag moeten
                    vastleggen. Deze regels dienen in ieder geval betrekking te hebben op de hoogte
                    van de langdurigheidtoeslag en de wijze waarop invulling wordt gegeven aan de
                    begrippen langdurig en laag inkomen, zoals die in artikel 36 lid 1 van de wet
                    worden gebruikt.</al><al>Per 1 januari 2012 is een wijziging in de Wet werk en bijstand in werking
                    getreden waarbij is vastgesteld dat de langdurigheidtoeslag alleen is bedoeld
                    voor mensen met een inkomen dat niet hoger is dan 110% van de
                    bijstandsnorm.</al><al>De wet bepaalt dat het college de toeslag op aanvraag verstrekt. Dit sluit
                    mogelijkheid voor ambtshalve toekenning uit. Het kabinet geeft hierbij aan dat
                    het gaat om een vorm van bijzondere bijstand, waarbij geldt dat voor elk
                    individueel geval beoordeeld moet worden of er een recht bestaat. </al><al/><al><vet>WIJZIGING INKOMENSGRENS</vet></al><al>In de Verordening langdurigheidstoeslag 2009 is een inkomensgrens opgenomen van
                    107,5% van de bijstandsnorm. Deze grens is vastgesteld na een amendement van de
                    Raad. Door het college was het voorstel gedaan om een inkomensgrens van 100% te
                    hanteren. Een belangrijke reden daarvoor was dat een inkomensgrens van
                    bijvoorbeeld 120% niet valt te rijmen met de wettelijke uitsluiting van
                    belanghebbenden van 65 jaar of ouder voor de langdurigheidstoeslag. Het hanteren
                    van een hogere grens zou strijdig zijn met het verbod op leeftijdsdiscriminatie
                    zoals dat is vastgelegd in artikel 26 van het Internationaal Verdrag inzake
                    Burgerrechten en Politieke Rechten.</al><al>Het percentage van 107,5% komt overeen met het verschil tussen de bijstandsnorm
                    voor mensen jonger dan 65 jaar en de bijstandnorm voor 65 jarigen en ouder.</al><al>Met de wijzigingen in de Wet werk en bijstand is in artikel 36 lid 6 per 1
                    januari 2012 opgenomen dat de inkomensgrens maximaal 110% mag zijn. Gezien de
                    wens van de Raad destijds samen met de regionale afstemming van het beleid wordt
                    de Verordening langdurigheidstoeslag daarop aangepast. </al><al>De Verordening langdurigheidstoeslag 2012, zoals die nu is neergelegd, is in
                    regionaal verband uitgewerkt. </al><al/><al><vet>ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING </vet></al><al/><al>Artikel1. BEGRIPPEN</al><al>De begrippen die in deze verordening voorkomen hebben dezelfde betekenis als in
                    de WWB. Ten aanzien van een aantal begrippen, die als zodanig niet in de WWB
                    zelf staan, is een definitie gegeven in deze verordening. Met betrekking tot het
                    begrip “inkomen” is een van de WWB afwijkende definitie opgenomen. Een
                    bijstandsuitkering wordt, in afwijking van artikel 32 van de WWB, voor de
                    beoordeling op het recht op langdurigheidtoeslag ook als inkomen gezien.</al><al/><al>Artikel2. UITVOERING </al><al>Dit artikel behoeft geen toelichting.</al><al/><al>Artikel3. VOORWAARDEN</al><al>In dit artikel worden de begrippen “langdurig” en “laag inkomen” omschreven.
                    Onder het begrip “langdurig” wordt verstaan de referteperiode van 36 maanden.
                    Dit sluit aan bij de door de wetgever gegeven termijn. De minimumleeftijd is
                    immers door de wetgever teruggebracht van 23 naar 21 jaar. Een belanghebbende is
                    vanaf zijn 18e voor de WWB een zelfstandig rechtssubject. Onder het begrip “laag
                    inkomen” wordt verstaan een inkomen dat niet uitkomt boven 110% van de voor de
                    belanghebbende van toepassing zijnde bijstandsnorm. </al><al/><al>Artikel4. HOOGTE VAN DE LANGDURIGHEIDSTOESLAG</al><al>In het eerste lid van dit artikel wordt de hoogte van de toeslag geregeld. De
                    bedragen per 1 januari 2012 zijn vastgesteld op basis van een gemiddelde aan
                    langdurigheidtoeslagen binnen de regiogemeentes. In het vierde lid van dit
                    artikel wordt vastgesteld dat de bedragen genoemd in het eerste lid elk jaar per
                    1 januari worden verhoogd met het consumentenprijsindexcijfer. </al><al>In het derde lid wordt een regeling overeenkomstig artikel 24 van de WWB gegeven
                    voor situaties waarin bij een gezin één van de gezinsleden is uitgesloten van
                    het recht op langdurigheidstoeslag ingevolge artikel 11 of artikel 13 lid 1 van
                    de WWB. </al><al>Er wordt hier een onderscheid gemaakt bij 1 of meerdere “overblijvende”
                    gezinsleden. Is er sprake van uitsluiting van een of meerdere gezinsleden en
                    blijft er 1 gezinslid over, dan kan deze de langdurigheidstoeslag ontvangen naar
                    de norm die voor die persoon geldt (dus alleenstaand of alleenstaande
                    ouder).</al><al>Blijven er na uitsluiting minimaal 2 rechthebbenden over, dan kan de
                    langdurigheidstoeslag worden uitbetaald naar de norm gezin.</al><al/><al>Artikel5. BELEIDSREGELS</al><al>Het college stelt in haar bijzonder bijstandsbeleid regels vast met betrekking
                    tot het verstrekken van een langdurigheidstoeslag. Deze regels hebben onder
                    andere betrekking op het moment van aanvragen. Ook is in deze regels opgenomen
                    wat moet worden verstaan onder zicht op inkomensverbetering.</al><al>In de beleidsregels wordt ook de glijdende schaal opgenomen. Dit houdt in dat
                    marginale overschrijdingen van de bijstandsgrens worden verrekend met de
                    langdurigheidstoeslag.</al><al/><al>Artikel6. ONVOORZIENE GEVALLEN</al><al>Het college kan in zeer bijzondere situaties waarbij de toepassing van het
                    gestelde in deze verordening tot onbillijkheden zal leiden, anders
                    beslissen.</al><al/><al>Artikel7. CITEERTITEL</al><al>Dit artikel behoeft geen verdere toelichting.</al><al/><al>Artikel8. INWERKINGTREDING</al><al>Bij de inwerkingtreding is aangesloten bij de inwerkingtreding van de
                    wijzigingen in de WWB per 1 januari 2012.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>