<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR249479_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Centrumregeling ambtelijke samenwerking Aalsmeer en Amstelveen</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Aalsmeer</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-08</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Aalsmeer</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Nieuwe Meerbode, 10-01-2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Centrumregeling ambtelijke samenwerking Aalsmeer en Amstelveen</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet gemeenschappelijke regelingen, hoofdstuk I</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet">Gemeentewet </dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20waardering%20onroerende%20zaken/article=30">Wet waardering onroerende zaken, art. 30, zevende lid </dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene wet bestuursrecht, afdeling 10.1.1 en 10.1.2</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://aalsmeer.regelingenbank.nl/regelingen/Gemeenschappelijke-Regeling-samenwerkingsverband">Gemeenschappelijke Regeling samenwerkingsverband</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20wet%20bestuursrecht">Algemene wet bestuursrecht </dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-12-18</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Centrumregeling ambtelijke samenwerking Aalsmeer en Amstelveen</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Centrumregeling ambtelijke samenwerking Aalsmeer en Amstelveen</al><al>De colleges van burgemeester en wethouders en de burgemeesters van de gemeenten Aalsmeer en Amstelveen, ieder voor zover het zijn bevoegdheden betreft;</al><al>Overwegende dat</al><al>de colleges van burgemeester en wethouders van Aalsmeer en Amstelveen het voornemen hebben uitgesproken hun uitvoeringskracht zo veel mogelijk te bundelen in één ambtelijke organisatie, geplaatst bij de gemeente Amstelveen;</al><al>deze bundeling onverlet laat de bevoegdheden van het college van burgemeester en wethouders van Aalsmeer, waarvan slechts de voorbereiding en uitvoering wordt opgedragen aan Amstelveen;</al><al>deze bundeling onverlet laat dat bij de gemeente Aalsmeer enkele ambtenaren werkzaam blijven, waaronder de secretaris en de griffier;</al><al>deze bundeling evenmin inbreuk maakt op de verplichtingen van de gemeente Aalsmeer onder de gemeenschappelijke regeling Samenwerkingsverband Aalsmeer - Uithoorn; deze gemeenschappelijke regeling gewijzigd is door het verwijderen van de taken gemeentelijke belastingen met het oogmerk deze taken in regionaal verband uit te laten voeren door de gemeente Amstelveen;</al><al>de raden van Aalsmeer en Amstelveen aan hun colleges van burgemeester en wethouders en burgemeesters voor het treffen van deze gemeenschappelijke regeling toestemming hebben verleend, overeenkomstig;</al><al>Gelet op</al><al>hoofdstuk I van de Wet gemeenschappelijke regelingen;</al><al><extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=gemeentewet">de Gemeentewet</extref>;</al><al>de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=wet%20waardering%20onroerende%20zaken/article=30">Wet waardering onroerende zaken (artikel 30, zevende lid</extref>)</al><al>afdeling 10.1.1 en 10.1.2 van de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20wet%20bestuursrecht">Algemene wet bestuursrecht</extref></al><al>de  <extref doc="http://aalsmeer.regelingenbank.nl/regelingen/Gemeenschappelijke-Regeling-samenwerkingsverband">Gemeenschappelijke regeling Samenwerkingsverband Aalsmeer-Uithoorn</extref></al><al>Besluiten</al><al>te treffen</al><al>de Centrumregeling ambtelijke samenwerking Aalsmeer en Amstelveen</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 1: Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 1 – Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze gemeenschappelijke regeling wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>centrumgemeente: de gemeente Amstelveen;</al></li><li nr="b."><al>college: het college van burgemeester en wethouders;</al></li><li nr="c."><al>gastgemeente: de gemeente Aalsmeer;</al></li><li nr="d."><al>gemeenten: de centrumgemeente en de gastgemeente;</al></li><li nr="e."><al>ambtenaren: ambtenaren, als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=ambtenarenwet/article=1">artikel 1 van de Ambtenarenwet</extref> of <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=gemeentewet/article=4">artikel 4 van de Gemeentewet</extref>, werkzaam bij de centrumgemeente onderscheidenlijk de gastgemeente;</al></li><li nr="f."><al>belastingambtenaar de ambtenaar van de centrumgemeente, als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=232">artikel 232, tweede lid onder c</extref>, en<extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=231">artikel 231, tweede lid onder d, van de Gemeentewet</extref></al></li><li nr="g."><al>belastingdeurwaarder de ambtenaar van de centrumgemeente, als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=232">artikel 232, tweede lid onder d</extref>, en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=231">artikel 231, tweede lid onder e, van de Gemeentewet</extref>;</al></li><li nr="h."><al>heffingsambtenaar de ambtenaar van de centrumgemeente, als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=232">artikel 232, tweede lid onder a</extref>, en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=231">artikel 231, tweede lid onder b, van de gemeentewet</extref> en als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=wet%20waardering%20onroerende%20zaken/article=30">artikel 30 zevende lid en artikel 1, tweede lid, van de Wet waardering onroerende zaken</extref>;</al></li><li nr="i."><al>invorderingsambtenaar de ambtenaar van de centrumgemeente, als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=gemeentewet/article=232">artikel 232, tweede lid, onder b</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=gemeentewet%20/article=231">artikel 231, tweede lid, onder c, van de gemeentewet</extref>;</al></li><li nr="j."><al>kwijtscheldingsregels de door de raden van de gemeente Aalsmeer vastgestelde regels als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=gemeentewet/article=255">artikel 255, derde en vierde lid, van de gemeentewet</extref>;</al></li><li nr="k."><al>nadere regels nadere regels ter uitvoering van de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=algemene%20wet%20inzake%20rijksbelastingen">Algemene wet inzake rijksbelastingen</extref>, van de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Invorderingswet%201990">Invorderingswet 1990</extref> en van de belastingverordeningen;</al></li><li nr="l."><al>regeling: de Centrumregeling ambtelijke samenwerking Aalsmeer en Amstelveen.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 2: Centrumconstructie</titel></kop><paragraaf><kop><titel>§1 Belang en centrumgemeente</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 2 – Belang</titel></kop><al>De regeling wordt getroffen ten behoeve van het vormen van een gemeenschappelijke ambtelijke organisatie die belast is met de uitvoering van de door de bestuursorganen van de gemeenten opgedragen taken, behoudens met betrekking tot de e-dienstverlening, werk en inkomen en de voorzieningen krachtens de Wet maatschappelijke ondersteuning, voor zover het de gemeente Aalsmeer betreft.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 3 – Centrumgemeente</titel></kop><al>De gemeente Amstelveen wordt aangewezen als centrumgemeente, bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20gemeenschappelijke%20regelingen/article=8">artikel 8, derde lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen</extref>.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>§2 Taken en bevoegdheden</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 4 – Bevoegdheden colleges</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college van de centrumgemeente wordt mandaat verleend om binnen de beleidskaders van de gastgemeente namens het college van de gastgemeente alle besluiten te nemen ter uitvoering van wetten, algemene maatregelen van bestuur, ministeriële regelingen, provinciale verordeningen en gemeentelijke verordeningen, de gastgemeente betreffende, tenzij een wettelijk voorschrift of de aard van de bevoegdheid zich hiertegen verzet.</al></li><li nr="2."><al>Het college van de centrumgemeente wordt mandaat verleend om namens het college van de gastgemeente alle besluiten te nemen ter uitvoering van de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=gemeentewet/article=230">artikelen 230 tot en met 257 van de Gemeentewet</extref> in samenhang met de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20wet%20inzake%20rijksbelastingen">Algemene wet inzake rijksbelastingen</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Invorderingswet%201990">Invorderingswet 1990</extref> en de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Kostenwet%20invordering%20rijksbelastingen">Kostenwet invordering rijksbelastingen</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=wet%20waardering%20onroerende%20zaken">Wet waardering onroerende zaken</extref> en door de raden van de gastgemeente vastgestelde belastingverordeningen.</al></li><li nr="3."><al>Geen mandaat wordt verleend ter uitvoering van de wetten, genoemd in <extref doc="http://aalsmeer.regelingenbank.nl/regelingen/Gemeenschappelijke-Regeling-samenwerkingsverband#artikel-6-opdracht-van-het-samenwerkingsverband">artikel 6, eerste en tweede lid, van de gemeenschappelijke regeling Samenwerkingsverband Aalsmeer-Uithoorn</extref>.</al></li><li nr="3."><al>Het college van de centrumgemeente wordt mandaat verleend om namens het college van de gastgemeente alle feitelijke en rechtshandelingen te verrichten ter voorbereiding en uitvoering van de beslissingen van het college van de gastgemeente.</al></li><li nr="4."><al>De bevoegdheid te beslissen op bezwaarschriften tegen besluiten als bedoeld in het eerste en het derde lid wordt niet opgedragen aan het college van de centrumgemeente. Het college van de centrumgemeente kan wel namens het college van de gastgemeente alle handelingen ter voorbereiding van de beslissing op bezwaar verrichten.</al></li><li nr="5."><al>Ten aanzien van de bevoegdheden die in dit artikel in mandaat worden opgedragen aan het college van de centrumgemeente, kan dit college ondermandaat verlenen aan medewerkers van de centrumgemeente.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5 – Overgedragen collegebevoegdheden</titel></kop><al>1. Het college van de centrumgemeente kan bepalen dat voor toezending of uitreiking van aanslagbiljetten ingevolge <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Invorderingswet%201990/article=8">artikel 8, eerste lid, van de invorderingswet 1990</extref> voor de in artikel 232, tweede lid onder b, bedoelde ambtenaar een andere ambtenaar van de centrumgemeente in de plaats komt.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6 – Bevoegdheden burgemeesters</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De burgemeester van de centrumgemeente wordt mandaat verleend om binnen de beleidskaders van de gastgemeente namens de burgemeester van de gastgemeente alle besluiten te nemen ter uitvoering van wetten, algemene maatregelen van bestuur, ministeriële regelingen, provinciale verordeningen en gemeentelijke verordeningen, de gastgemeente betreffende, tenzij een wettelijk voorschrift of de aard van de bevoegdheid zich hiertegen verzet.</al></li><li nr="2."><al>Geen mandaat wordt verleend ter uitvoering van de wetten, genoemd in <extref doc="http://aalsmeer.regelingenbank.nl/regelingen/Gemeenschappelijke-Regeling-samenwerkingsverband#artikel-6-opdracht-van-het-samenwerkingsverband">artikel 6, eerste en tweede lid, van de gemeenschappelijke regeling Samenwerkingsverband Aalsmeer-Uithoorn</extref>.</al></li><li nr="3."><al>De burgemeester van de centrumgemeente wordt mandaat verleend om namens de burgemeester van de gastgemeente alle feitelijke en rechtshandelingen te verrichten ter voorbereiding en uitvoering van de beslissingen van het college van de gastgemeente.</al></li><li nr="4."><al>De bevoegdheid te beslissen op bezwaarschriften tegen besluiten als bedoeld in het eerste en het derde lid wordt niet opgedragen aan de burgemeester van de centrumgemeente. De burgemeester van de centrumgemeente kan wel namens de burgemeester van de gastgemeente alle handelingen ter voorbereiding van de beslissing op bezwaar verrichten.</al></li><li nr="5."><al>Ten aanzien van de bevoegdheden die in dit artikel in mandaat worden opgedragen aan de burgemeester van de centrumgemeente, kan deze burgemeester ondermandaat verlenen aan medewerkers van de centrumgemeente.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7 – Ambtelijke bevoegdheden</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college van de gastgemeente wijst, met inachtneming van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=232">artikel 232, tweede lid onder a Gemeentewet</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20waardering%20onroerende%20zaken/article=30">artikel 30, zevende lid, van de Wet waardering onroerende zaken</extref> de door de centrumgemeente aangewezen heffingsambtenaar aan als heffingsambtenaar van zijn gemeente;</al></li><li nr="2."><al>Het college van de gastgemeente wijst, met inachtneming van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=232">artikel 232, tweede lid onder b Gemeentewet</extref> de door de centrumgemeente aangewezen invorderingsambtenaar aan als invorderingsambtenaar van zijn gemeente;</al></li><li nr="3."><al>Het college van de gastgemeente wijst, met inachtneming van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=gemeentewet/article=232">artikel 232, tweede lid onder c Gemeentewet</extref> de door de centrumgemeente aangewezen belastingambtenaar aan als belastingambtenaar van zijn gemeente;</al></li><li nr="4."><al>Het college van de gastgemeente wijst, met inachtneming van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=gemeentewet/article=232">artikel 232, tweede lid onder d Gemeentewet</extref> de door de centrumgemeente aangewezen belastingdeurwaarder aan als belastingdeurwaarder van zijn gemeente;</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 8 – Dienstverleningshandvest</titel></kop><al>In het dienstverleningshandvest, te sluiten door de colleges en de burgemeesters van de gemeenten, wordt nadere uitwerking gegeven aan deze regeling. In het dienstverleningshandvest worden in ieder geval geregeld:</al><lijst><li nr="a."><al>de uitvoeringskaders;</al></li><li nr="b."><al>de kwaliteitseisen waaraan de taakuitoefening door de centrumgemeente moet voldoen;</al></li><li nr="c."><al>de verdeelsleutel en de wijze waarop de gastgemeente een financiële bijdrage levert in de kosten die de centrumgemeente maakt voor de uitvoering van de krachtens deze regeling opgedragen taken en bevoegdheden;</al></li><li nr="d."><al>de verplichtingen tussen de colleges onderscheidenlijk de burgemeesters van de gemeenten;</al></li><li nr="e."><al>de wijze waarop invulling wordt gegeven aan de informatieplichten, bedoeld in de artikelen 11, 12, 13 en 14; en</al></li><li nr="f."><al>de wijze waarop de colleges onderscheidenlijk de burgemeesters van de gemeenten elkaar informeren over het niet nakomen van hun verplichtingen en de gevolgen die zij daaraan verbinden.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>§3. Overleg</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 9 – Bestuurlijk overleg</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college van de centrumgemeente overlegt ten minste eenmaal per jaar met het college van de gastgemeente. De colleges van de gemeenten komen voorts bijeen wanneer één van de colleges dit, onder schriftelijke opgaaf van redenen, noodzakelijk acht.</al></li><li nr="2."><al>Het extra bestuurlijk overleg, bedoeld in het eerste lid, wordt uiterlijk binnen vijf werkdagen na het verzoek van één van de colleges belegd.</al></li><li nr="3."><al>In het bestuurlijk overleg, bedoeld in het eerste lid, wordt gesproken over de harmonisatie van beleid en uitvoering van de gemeenten en het verloop van de samenwerking.</al></li><li nr="4."><al>Het college van de centrumgemeente onderscheidenlijk het college van de gastgemeente kan zich in het overleg, bedoeld in het eerste lid, laten vertegenwoordigen door een of meerdere van zijn leden.</al></li><li nr="5."><al>De secretarissen van de gemeenten zijn tijdens het bestuurlijk overleg, bedoeld in het eerste lid, aanwezig.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 10 – Ambtelijk overleg</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De secretaris van de centrumgemeente overlegt ten minste viermaal per jaar met de secretaris van de gastgemeente over de uitvoering van het dienstverleningshandvest, bedoeld in artikel 8.</al></li><li nr="2."><al>Bij het secretarissenoverleg, bedoeld in het eerste lid, worden ten minste eenmaal per jaar ook de griffiers van de beide gemeenten uitgenodigd.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>§4. Informatie en verantwoording</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 11 – Informatievoorziening colleges</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college van de centrumgemeente geeft het college van de gastgemeente schriftelijk de door een of meer leden van het college van de gastgemeente gevraagde inlichtingen, tenzij het verstrekken ervan in strijd is met het openbaar belang.</al></li><li nr="2."><al>Het college van de centrumgemeente geeft het college van de gastgemeente alle inlichtingen die het college van de gastgemeente voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft.</al></li><li nr="3."><al>Het college van de centrumgemeente geeft het college van de gastgemeente vooraf inlichtingen over de uitoefening van bevoegdheden, indien het college van de gastgemeente daarom verzoekt of indien de uitoefening ingrijpende gevolgen kan hebben voor de gastgemeente. In het laatste geval neemt het college van de centrumgemeente geen besluit dan nadat het college van de gastgemeente in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van het college van de centrumgemeente te brengen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 12 – Informatievoorziening burgemeesters</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De burgemeester van de centrumgemeente geeft de burgemeester van de gastgemeente schriftelijk de door de burgemeester van de gastgemeente gevraagde inlichtingen, tenzij het verstrekken ervan in strijd is met het openbaar belang.</al></li><li nr="2."><al>De burgemeester van de centrumgemeente geeft de burgemeester van de gastgemeente alle inlichtingen die de burgemeester van de gastgemeente voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft.</al></li><li nr="3."><al>De burgemeester van de centrumgemeente geeft de burgemeester van de gastgemeente vooraf inlichtingen over de uitoefening van bevoegdheden, indien de burgemeester van de gastgemeente daarom verzoekt of indien de uitoefening ingrijpende gevolgen kan hebben voor de gastgemeente. In het laatste geval neemt de burgemeester van de centrumgemeente geen besluit dan nadat de burgemeester van de gastgemeente in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van de burgemeester van de centrumgemeente te brengen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 13 – Informatievoorziening door gastgemeente</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college van de gastgemeente geeft het college van de centrumgemeente alle inlichtingen die het college of een medewerker van de centrumgemeente voor de uitoefening van zijn taken, bedoeld in artikel 4, nodig heeft.</al></li><li nr="2."><al>De burgemeester van de gastgemeente geeft de burgemeester van de centrumgemeente alle inlichtingen die de burgemeester of een medewerker van de centrumgemeente voor de uitoefening van zijn taken, bedoeld in artikel 6, nodig heeft.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 14 – Ambtelijke informatievoorziening</titel></kop><al>De medewerkers van de centrumgemeente geven het college, de burgemeester en de medewerkers van de gastgemeente alle door hen gevraagde inlichtingen omtrent de uitoefening van de hen opgedragen taken en bevoegdheden voor zover deze de gastgemeente betreffen en onverminderd de verantwoordelijkheden van het college onderscheidenlijk de burgemeester van de centrumgemeente krachtens de wet of deze regeling.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 15 – Overige informatievoorziening</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De rekenkamer van de gastgemeente is bevoegd alle documenten die berusten bij het gemeentebestuur van de centrumgemeente te onderzoeken voor zover zij dat ter vervulling van haar taak als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=182">artikel 182, eerste lid, van de Gemeentewet</extref> nodig acht.</al></li><li nr="2."><al>Het gemeentebestuur van de centrumgemeente verstrekt desgevraagd alle inlichtingen die de rekenkamer van de gastgemeente ter vervulling van haar taak als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=182">artikel 182, eerste lid, van de Gemeentewet</extref> nodig acht.</al></li><li nr="3."><al>De artikelen 155a tot en met 155e zijn van overeenkomstige toepassing op ambtenaren of gewezen ambtenaren, in de zin van artikel 4 Gemeentewet, werkzaam door of vanwege het gemeentebestuur van de centrumgemeente aangesteld of daaraan ondergeschikt, wanneer de raad van de gastgemeente besluit een onderzoek in te stellen, als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=155a">artikel 155a, eerste lid, van de Gemeentewet</extref>.</al></li><li nr="4."><al>Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op de uitvoering van de rekenkamerfunctie, wanneer de raad van de gastgemeente overeenkomstig <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=81oa">artikel 81oa van de Gemeentewet</extref> op een andere wijze heeft voorzien in de uitoefening van de rekenkamerfunctie.</al></li></lijst></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 3: Uitvoering ambtelijke bevoegdheden</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 16: Heffingsambtenaar</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De heffingsambtenaar heeft de bevoegdheden en verplichtingen die bij of krachtens de Algemene wet inzake rijksbelastingen, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Invorderingswet%201990">Invorderingswet 1990</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Kostenwet%20invordering%20rijksbelastingen">Kostenwet invordering rijksbelastingen</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet">Gemeentewet</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=wet%20milieubeheer">Wet milieubeheer</extref> en de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20waardering%20onroerende%20zaken">Wet waardering onroerende zaken</extref> zijn toegekend aan de inspecteur, respectievelijk de ambtenaar belast met de heffing van de gemeenten.</al></li><li nr="2."><al>Bij de uitoefening van de bevoegdheden als bedoeld in het eerste lid neemt de heffingsambtenaar de nadere regels van het college van de gastgemeente in acht en houdt hij rekening met de beleidsregels die dat gastcollege heeft geformuleerd ter zake van de uitoefening van zijn bevoegdheid.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 17: Invorderingsambtenaar</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De invorderingsambtenaar heeft de bevoegdheden en verplichtingen die bij of krachtens de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20wet%20inzake%20rijksbelastingen">Algemene wet inzake rijksbelastingen</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Invorderingswet%201990">Invorderingswet 1990</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Kostenwet%20invordering%20rijksbelastingen">Kostenwet invordering rijksbelastingen</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet">Gemeentewet</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20milieubeheer">Wet milieubeheer</extref> zijn toegekend aan de ontvanger, respectievelijk de ambtenaar belast met de invordering van de gemeenten.</al></li><li nr="2."><al>Bij de uitoefening van de bevoegdheden als bedoeld in het eerste lid neemt de invorderingsambtenaar de kwijtscheldingsregels van de gastgemeente in acht en de nadere regels van het college van de gastgemeente in acht, alsmede houdt hij rekening met de beleidsregels die dat gastcollege heeft geformuleerd ter zake van de uitoefening van zijn bevoegdheid.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 18: Belastingambtenaar</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De belastingambtenaar oefent de bevoegdheden en verplichtingen uit die bij of krachtens de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20wet%20inzake%20rijksbelastingen">Algemene wet inzake rijksbelastingen</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Invorderingswet%201990">Invorderingswet 1990</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Kostenwet%20invordering%20rijksbelastingen">Kostenwet invordering rijksbelastingen</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet">Gemeentewet</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20milieubeheer">Wet milieubeheer</extref> en de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20waardering%20onroerende%20zaken">Wet waardering onroerende zaken</extref> zijn toegekend aan de ambtenaren van de rijksbelastingdienst, respectievelijk de ambtenaar belast met de heffing of invordering van de gemeentelijke belastingen als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=gemeentewet/article=231">artikel 231, tweede lid onder d, van de Gemeentewet</extref>.</al></li><li nr="2."><al>Bij de uitoefening van de bevoegdheden als bedoeld in het eerste lid neemt de belastingambtenaar de nadere regels van het college van de gastgemeente in acht, alsmede houdt hij rekening met de beleidsregels van dat college ter zake van de uitoefening van zijn bevoegdheid.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 19: Belastingdeurwaarder</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De belastingdeurwaarder oefent de bevoegdheden en verplichtingen uit die bij of krachtens de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20wet%20inzake%20rijksbelastingen">Algemene wet inzake rijksbelastingen</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Invorderingswet%201990">Invorderingswet 1990</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Kostenwet%20invordering%20rijksbelastingen">Kostenwet invordering rijksbelastingen</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet">Gemeentewet</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20milieubeheer">Wet milieubeheer</extref> en de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20waardering%20onroerende%20zaken">Wet waardering onroerende zaken</extref> zijn toegekend  aan de belastingdeurwaarder.</al></li><li nr="2."><al>Bij de uitoefening van de bevoegdheden als bedoeld in het eerste lid neemt de belastingdeurwaarder de nadere regels van de gastgemeente in acht en houdt hij rekening met de beleidsregels die dat college heeft geformuleerd ter zake van de uitoefening van zijn bevoegdheid.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 4: Geschillen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 20 – Deskundigenadvies</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Onverminderd <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=wet%20gemeenschappelijke%20regelingen/article=28">artikel 28 van de Wet gemeenschappelijke regelingen</extref>, worden geschillen over deze regeling, in de ruimste zin, onderworpen aan een niet-bindend deskundigenadvies.</al></li><li nr="2."><al>Voordat wordt overgegaan tot het vragen van het deskundigenadvies, bedoeld in het eerste lid, wordt het geschil besproken tussen afvaardigingen van de colleges van de gemeenten.</al></li><li nr="3."><al>Indien het overleg, bedoeld in het tweede lid, niet tot een oplossing leidt, benoemen de colleges van de gemeenten elk een onafhankelijke deskundige. Beide deskundigen benoemen gezamenlijk een derde deskundige, die als voorzitter van de adviescommissie optreedt. De colleges van de gemeenten treden gezamenlijk op als opdrachtgever van de adviescommissie. De colleges van de gemeenten zetten in hun opdracht aan de adviescommissie in ieder geval het probleem uiteen, formuleren de te beantwoorden vragen en bepalen de termijn waarbinnen de adviescommissie haar advies uitbrengt.</al></li><li nr="4."><al>De adviescommissie, bedoeld in het derde lid, regelt de wijze waarop zij haar advies tot stand brengt. Het advies wordt toegezonden aan de colleges van de gemeenten.</al></li><li nr="5."><al>Na ontvangst van het advies, bedoeld in het vierde lid, treden de afvaardigingen, bedoeld in het tweede lid, nogmaals in overleg om te trachten, gelet op het advies van de adviescommissie, bedoeld in het vierde lid, tot een oplossing van het geschil te komen. Indien dat overleg niet tot een oplossing leidt, kan het college van elk van de gemeenten het geschil, overeenkomstig <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20gemeenschappelijke%20regelingen/article=28">artikel 28 van de Wet gemeenschappelijke regelingen</extref>, voorleggen aan gedeputeerde staten van de provincie Noord-Holland.</al></li><li nr="6."><al>De colleges van de gemeenten dragen de kosten van de werkzaamheden van de adviescommissie, bedoeld in het derde lid, evenredig.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 5: Wijziging, uittreding en opheffing</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 21 – Wijziging van de regeling</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze regeling kan door de colleges en de burgemeesters van de gemeenten worden gewijzigd, nadat zij hiertoe onderling overeenstemming hebben bereikt.</al></li><li nr="2."><al>De colleges en de burgemeesters van de gemeenten besluiten omtrent de voorgestelde wijziging niet dan nadat zij daartoe toestemming hebben verkregen van hun raden, overeenkomstig <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20gemeenschappelijke%20regelingen">artikel 1, tweede lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen</extref>.</al></li><li nr="3."><al>Een wijziging van de centrumregeling is tot stand gekomen wanneer de colleges en de burgemeesters van de gemeenten op de wijze als vermeld in het tweede lid hiermee hebben ingestemd.</al></li><li nr="4."><al>De wijziging van de regeling treedt, tenzij anders bepaald, in werking op de dag volgend op die waarop de wijziging door de colleges van de gemeenten is bekendgemaakt.</al></li><li nr="5."><al>Artikel 26 is van overeenkomstige toepassing.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 22 – Uittreding en opheffing</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze regeling wordt opgeheven bij gelijkluidend besluit van de colleges en de burgemeesters van de gemeenten.</al></li><li nr="2."><al>Opheffing is behoudens bijzondere omstandigheden niet mogelijk in de eerste vijf jaar na het treffen van deze regeling. Van bijzondere omstandigheden is slechts sprake als hierover tussen de colleges en de burgemeesters van de gemeenten overeenstemming bestaat.</al></li><li nr="3."><al>Indien een besluit tot opheffing, bedoeld in het eerste lid, wordt genomen, geven de colleges van de gemeenten gezamenlijk een onafhankelijke registeraccountant opdracht om een opheffingsplan op te stellen.</al></li><li nr="4."><al>Het opheffingsplan, bedoeld in het derde lid, voorziet in ieder geval in de verplichtingen van de gastgemeente tot deelneming in de financiële en in de personele gevolgen van de opheffing.</al></li><li nr="5."><al>Het college van de centrumgemeente is belast met de uitvoering van het opheffingsplan, bedoeld in het derde lid.</al></li><li nr="6."><al>Een besluit tot uittreding door het college en de burgemeester van één der gemeenten leidt eveneens tot opheffing van de regeling. Een besluit tot uittreding door het college en de burgemeester van één der gemeenten wordt niet genomen dan nadat zij daartoe toestemming hebben verkregen van de raad, overeenkomstig <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20gemeenschappelijke%20regelingen/article=1">artikel 1, tweede lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen</extref>.</al></li><li nr="7."><al>Het besluit tot uittreding treedt in werking op 1 januari van het tweede jaar volgend op het jaar waarin het besluit tot uittreding is genomen. Het tweede tot en met het vijfde lid zijn van overeenkomstige toepassing.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 6: Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 23 – Duur van de regeling</titel></kop><al>De regeling wordt getroffen voor onbepaalde tijd.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 24 – Inzending regeling</titel></kop><al>Het college van de centrumgemeente is belast met de inzending van deze regeling aan gedeputeerde staten van de provincie Noord-Holland.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 25 – Relatie met het Samenwerkingsverband Aalsmeer-Uithoorn</titel></kop><al>Het college van de gastgemeente informeert het college van de centrumgemeente omtrent een wijziging van de <extref doc="http://aalsmeer.regelingenbank.nl/regelingen/Gemeenschappelijke-Regeling-samenwerkingsverband">Gemeenschappelijke regeling Samenwerkingsverband Aalsmeer-Uithoorn</extref>, wanneer deze wijziging gevolgen heeft voor deze regeling.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 26 - Evaluatie</titel></kop><al>Deze regeling, alsmede het dienstverleningshandvest bedoeld in artikel 8, en de uitvoering van deze regelingen worden voor 1 juli 2015 geëvalueerd.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 27 – Inwerkingtreding</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze regeling treedt in werking op de eerste dag van de maand, volgend op de dag waarop de colleges en de burgemeesters van de gemeenten deze regeling op de gebruikelijke wijze bekend hebben gemaakt.</al></li><li nr="2."><al>In afwijking van het eerste lid treedt de regeling in werking op 1 januari 2013 indien de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten deze regeling eerder dan 1 december 2012 op de bekende wijze hebben bekendgemaakt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 28 – Citeerwijze</titel></kop><al>Deze regeling wordt aangehaald als Centrumregeling ambtelijke samenwerking Aalsmeer en Amstelveen.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten door</ondertekening><ondertekening>HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE AALSMEER</ondertekening><ondertekening>in de vergadering van 18 december 2012</ondertekening><ondertekening>de secretaris, de waarnemend burgemeester,</ondertekening><ondertekening>D.J. van Huizen Th. Van Eijk</ondertekening><ondertekening>DE WAARNEMEND BURGEMEESTER VAN DE GEMEENTE AALSMEER</ondertekening><ondertekening>bij besluit van …………..</ondertekening><ondertekening>Th. Van Eijk</ondertekening><ondertekening>HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE AMSTELVEEN</ondertekening><ondertekening>in de vergadering van 2 januari 2013</ondertekening><ondertekening>de secretaris, de burgemeester,</ondertekening><ondertekening>R.J.T. Schurink J.H.C. van Zanen</ondertekening><ondertekening>DE BURGEMEESTER VAN DE GEMEENTE AMSTELVEEN</ondertekening><ondertekening>bij besluit van …………………..</ondertekening><ondertekening>J.H.C. van Zanen</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>