<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--
      meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR2484_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Subsidieverordening particuliere initiatieven op het gebied van Cultuur en Welzijn</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Hardenberg</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-10-03</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hardenberg</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad, 2003, nr. 28</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Subsidieverordening particuliere initiatieven op het gebied van Cultuur en Welzijn</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2003-09-25</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2003-12-03</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-10-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Subsidieverordening particuliere initiatieven op het gebied van Cultuur en Welzijn</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/><al><vet>SUBSIDIEVERORDENING PARTICULIERE INITIATIEVEN OP HET GEBIED VAN CULTUUR
                            EN WELZIJN</vet></al><al/><al>De raad van de gemeente Hardenberg;</al><al>Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 26 augustus 2003,
                        no. 2003/JKNE/57461;</al><al>Gelet op de artikelen 147 en 149 van de Gemeentewet en artikel 4:23 eerste
                        lid van de Algemene wet bestuursrecht;</al><al><vet>Besluit:</vet></al><al>vast te stellen de volgende:</al><al><vet>Subsidieverordening particuliere initiatieven op het gebied van Cultuur
                            en Welzijn</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>I</nr><titel>INLEIDENDE BEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>begripsbepalingen</titel></kop><al>het College:</al><al>het college van Burgemeester en Wethouders van Hardenberg;</al><al>de Raad:</al><al>de raad van de gemeente Hardenberg;</al><al>voorziening:</al><al>kleinschalige voorziening in de accommodatiesfeer en/of functionele
                            inventaris. </al><al>investeringskosten:</al><lijst><li nr="-"><al>grondkosten, inclusief kosten verwerving;</al></li><li nr="-"><al>kosten (ver)bouw (op aannemersbasis);</al></li><li nr="-"><al>kosten aankoop materialen;</al></li><li nr="-"><al>legeskosten;</al></li><li nr="-"><al>inventaris, met uitzondering van kleine inventaris.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Doelstelling</titel></kop><al>Deze verordening heeft ten doel het verstrekken van subsidies in de
                            investeringskosten voor kleinschalige voorzieningen in de
                            accommodatiesfeer en/of voor functionele inventaris aan verenigingen,
                            instellingen en organisaties, die zich bewegen op het terrein van
                            cultuur en welzijn in de gemeente Hardenberg.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Criteria</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor subsidiëring komen in aanmerking verenigingen, instellingen en
                                organisaties die statutair gevestigd zijn in de gemeente Hardenberg
                                en activiteiten op het gebied van cultuur en welzijn ontplooien,
                                gericht op inwoners van de gemeente Hardenberg.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op grond van deze verordening wordt slechts subsidie verstrekt ten
                                behoeve van kleinschalige voorzieningen in de accommodatiesfeer
                                en/of voor functionele inventaris, indien de totale
                                investeringskosten hoger zijn dan € 2.500,--, maar een bedrag van €
                                60.000,-- niet te boven gaan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Subsidieplafond</titel></kop><al>De raad stelt jaarlijks bij de vaststelling van de gemeentebegroting een
                            bedrag beschikbaar voor het verlenen van subsidies op grond van deze
                            verordening.</al><al>Met ingang van 2004 wordt dit bedrag jaarlijks aangepast conform de
                            "prijsmutatie overheidsconsumptie".</al><al>Het door de raad vastgestelde bedrag geldt als een subsidieplafond als
                            bedoeld in artikel 4:25 van de Algemene wet bestuursrecht.</al><al>Het jaarlijks beschikbare bedrag wordt verdeeld volgens het principe wie
                            het eerst komt, het eerst maalt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Hoogte van de subsidie</titel></kop><al>De subsidie bedraagt eenderde deel van de geraamde investeringskosten,
                            met dien verstande dat de vast te stellen subsidie nimmer meer bedraagt
                            dan het werkelijke investeringstekort.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>II</nr><titel>DE SUBSIDIEVERLENING</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>De subsidieaanvraag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De subsidieaanvraag, die betrekking heeft op een in een bepaald
                                kalenderjaar te realiseren voorziening, kan vanaf 1 januari van het
                                aan dat jaar voorafgaande kalenderjaar bij het college worden
                                ingediend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Aanvragen, die geen betrekking hebben op voorzieningen die in het
                                daaropvolgende kalenderjaar zullen worden gerealiseerd, worden niet
                                in behandeling genomen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de subsidieaanvraag moet tenminste worden overlegd:</al><lijst><li nr="a."><al>een motivering van de noodzaak of gewenstheid van de te
                                        realiseren voorziening;</al></li><li nr="b."><al>een raming van de investeringskosten;</al></li><li nr="c."><al>een financierings- en exploitatieopzet.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Uitsluitingen aanspraak op subsidie</titel></kop><al>Op grond van deze verordening zijn de volgende voorzieningen uitgesloten
                            van subsidie:</al><lijst><li nr="1."><al>Voorzieningen waarvoor reeds op grond van een andere
                                    gemeentelijke subsidieregeling subsidie wordt verstrekt.</al></li><li nr="2."><al>Voorzieningen die op commerciële basis (zullen) worden
                                    geëxploiteerd.</al></li><li nr="3."><al>Voorzieningen die reeds zijn gerealiseerd of waarvan reeds met
                                    de realisering is begonnen voordat de subsidieaanvraag is
                                    ingediend.</al></li><li nr="4."><al>Voorzieningen waarvoor reeds eerder een gemeentelijke subsidie
                                    is verstrekt. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Weigeringsgronden</titel></kop><al>De subsidie kan naast de in artikel 4:25 en artikel 4:35 van de Algemene
                            wet bestuursrecht genoemde gevallen geweigerd worden indien gegronde
                            redenen bestaan aan te nemen dat:</al><lijst><li nr="1."><al>De gelden niet of in onvoldoende mate besteed zullen worden voor
                                    het doel waarvoor de subsidie beschikbaar wordt gesteld.</al></li><li nr="2."><al>De aanvrager ook zonder subsidieverstrekking over voldoende
                                    gelden, hetzij uit eigen middelen, hetzij uit middelen van
                                    derden kan beschikken om de voorziening te realiseren.</al></li><li nr="3."><al>De subsidieverstrekking niet past binnen het beleid van de
                                    gemeente.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>De beslistermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college beslist binnen acht weken na ontvangst van de
                                aanvraag.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in lid 1 genoemde termijn kan ten hoogste met een periode van
                                vier weken worden verlengd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Verplichtingen van de
                                subsidieontvanger</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij de subsidieverlening wordt de subsidieontvanger de verplichting
                                opgelegd de voorziening daadwerkelijk in het daaropvolgende
                                kalenderjaar te realiseren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien blijkt dat de subsidieontvanger niet aan de in het eerste lid
                                bedoelde verplichting kan voldoen, kan het college, op verzoek van
                                de subsidieontvanger, in bijzondere gevallen uitstel verlenen. De
                                subsidieontvanger dient hiertoe vóór 1 december van het jaar waarin
                                de voorziening gerealiseerd dient te zijn een schriftelijk verzoek
                                bij het college in te dienen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de subsidieontvanger niet aan de in dit artikel genoemde
                                verplichting voldoet kan het college besluiten de subsidieverlening
                                in te trekken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Verstrekken van voorschotten</titel></kop><al>Vooruitlopend op de vaststelling van de subsidie kan het college een
                            voorschot uitbetalen. Dit voorschot bedraagt maximaal 100% van het
                            verleende bedrag.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>III</nr><titel>DE SUBSIDIEVASTSTELLING</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>De aanvraag tot subsidievaststelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanvraag tot subsidievaststelling moet binnen acht weken nadat de
                                voorziening is gerealiseerd bij het college worden ingediend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de aanvraag tot subsidievaststelling dient een financiële
                                verantwoording te worden overlegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>De beslistermijn</titel></kop><al>Het college stelt de subsidie vast binnen acht weken na ontvangst van de
                            aanvraag als bedoeld in artikel 12.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>IV</nr><titel>SLOT- EN OVERGANGSBEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking zes weken na de bekendmaking.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Citeerartikel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als "Subsidieverordening
                            particuliere initiatieven op het gebied van Cultuur en Welzijn".</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering</ondertekening><ondertekening>van de raad van de gemeente Hardenberg van 25 september 2003.</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>De voorzitter, De griffier.</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><tussenkop>Artikelsgewijze toelichting bij de Subsidieverordening
                    particuliere initiatieven op het gebied van Cultuur en Welzijn.</tussenkop><tussenkop>HOOFDSTUK I INLEIDENDE BEPALINGEN</tussenkop><tussenkop>Artikel 1 begripsbepalingen</tussenkop><al>In dit artikel wordt een omschrijving gegeven van het begrip voorziening. Een
                    voorziening wordt hier omschreven als een kleinschalige voorziening in de
                    accommodatiesfeer en/of functionele inventaris.</al><al>In artikel 3 van de verordening is een maximum bedrag van de investeringskosten
                    genoemd.</al><al>Het moet gaan om nieuwe voorzieningen (nieuwbouw of uitbreiding). Dit betekent
                    dat aanvragen die betrekking hebben op (achterstallig) onderhoud niet voor
                    subsidie in aanmerking komen.</al><al>Verder wordt in dit artikel een omschrijving gegeven van het begrip
                    investeringskosten.</al><al>Bij grondkosten kan ook gedacht worden aan de kosten van het bouwrijp maken van
                    het terrein, het aanleggen van een parkeervoorziening en/ of
                    groenvoorziening.</al><al>Aanvragen die zowel een bouwkundige voorziening als inventaris betreffen worden
                    als één project gezien. </al><al>Bij subsidieaanvragen voor inventaris dient het te gaan om nieuwe inventaris,
                    niet om vervanging van reeds aanwezige inventaris. Voor vervanging van bestaande
                    inventaris wordt geen subsidie verleend.</al><tussenkop>Artikel 2 Doelstelling</tussenkop><al>In dit artikel is de doelstelling van de verordening weergegeven. Van belang is
                    dat het gaat om subsidie in de investeringskosten. Verder dienen de
                    investeringen betrekking te hebben op voorzieningen op het terrein van cultuur
                    of welzijn in de gemeente Hardenberg. </al><tussenkop>Artikel 3 Criteria</tussenkop><al>In dit artikel worden de criteria genoemd waaraan de subsidieaanvragen moeten
                    voldoen. Het gaat om aanvragen van locale verenigingen, instellingen en
                    organisaties, die statutair in de gemeente Hardenberg gevestigd zijn. Aanvragen
                    van regionale en landelijke instellingen komen dus niet voor subsidie in
                    aanmerking.</al><al>Om te voorkomen dat er allerlei kleine subsidieaanvragen worden ingediend is er
                    in dit artikel een minimumbedrag opgenomen. Het dient te gaan om voorzieningen
                    waarvan de investeringskosten hoger zijn dan € 2.500,--.</al><al>Deze subsidieverordening heeft betrekking op kleinschalige voorzieningen,
                    vandaar dat er ook een maximumbedrag is opgenomen. Het totale investeringsbedrag
                    mag niet meer bedragen dan € 60.000,--.</al><tussenkop>Artikel 4 Subsidieplafond</tussenkop><al>Het aantal subsidieaanvragen kan per jaar sterk variëren. Ten einde ongewenste
                    overschrijdingen van het beschikbare budget te voorkomen, wordt een
                    subsidieplafond gehanteerd. </al><al>Het beschikbare bedrag wordt verdeeld volgens het principe wie het eerst komt,
                    het eerst maalt. Dit betekent dat op het moment dat het beschikbare bedrag is
                    verdeeld er geen subsidieaanvragen meer gehonoreerd kunnen worden.
                    Overschrijding van het subsidieplafond is een weigeringsgrond (zie artikel 4:25,
                    lid 2 van de Algemene wet bestuursrecht). De datum van ontvangst van de aanvraag
                    is in dezen maatgevend.</al><tussenkop>Artikel 5 Hoogte van de subsidie</tussenkop><al>De subsidie wordt verleend op basis van de ingediende begroting en bedraagt
                    eenderde deel van de geraamde investeringskosten.</al><al>Indien bij de subsidievaststelling blijkt dat de werkelijke investeringskosten
                    lager zijn geweest, dan kan de subsidie op een lager bedrag worden vastgesteld.
                    Er wordt namelijk nimmer meer gesubsidieerd dan het werkelijke
                    exploitatietekort.</al><tussenkop>HOOFDSTUK II DE SUBSIDIEVERLENING</tussenkop><tussenkop>Artikel 6 De subsidieaanvraag</tussenkop><al>Subsidieaanvragen kunnen vanaf 1 januari van het jaar voorafgaande aan het jaar
                    waarin de voorziening wordt gerealiseerd bij het college worden ingediend.</al><al>Voorzieningen die niet in het daaropvolgende kalenderjaar worden gerealiseerd
                    worden niet in behandeling genomen. </al><al>Dit betekent dat de voorbereiding van de te realiseren voorziening op het
                    tijdstip van de subsidieaanvraag in een dusdanig stadium dient te verkeren dat
                    de voorziening in het daaropvolgende kalenderjaar ook daadwerkelijk gerealiseerd
                    kan worden. Zo zal er op het moment van de subsidieaanvraag duidelijkheid moeten
                    zijn over de financiering van de voorziening, alsmede over de
                    bestemmingsplan-technische mogelijkheden. </al><tussenkop>Artikel 7 Uitsluitingen aanspraak op subsidie</tussenkop><al>Dit artikel voorkomt een cumulatie van gemeentelijke subsidies.</al><al>Alleen voorzieningen die op niet-commerciële basis worden geëxploiteerd komen
                    voor subsidie in aanmerking.</al><al>De subsidieaanvraag moet worden ingediend voordat met de realisering van de
                    voorziening is begonnen. Voorzieningen die reeds zijn gerealiseerd komen
                    (uiteraard) niet voor subsidie in aanmerking. </al><al>Een bepaalde voorziening komt slechts eenmaal voor subsidie in aanmerking. </al><tussenkop>Artikel 8 Weigeringsgronden</tussenkop><al>In de subsidietitel van de Algemene wet bestuursrecht worden enkele algemene
                    gronden genoemd voor het weigeren van een subsidie (artikel 4:25 en 4:35). Deze
                    gronden hoeven daarom niet in de verordening opgenomen te worden. Artikel 8
                    bevat daarom een drietal aanvullende algemene weigeringsgronden.</al><tussenkop>Artikel 9 De beslistermijn</tussenkop><al>In dit artikel wordt de termijn genoemd waarbinnen het college een beslissing op
                    een subsidieaanvraag neemt.</al><tussenkop>Artikel 10 Verplichtingen van de
                    subsidieontvanger</tussenkop><al>Het is de bedoeling dat de voorziening ook daadwerkelijk in het kalenderjaar
                    volgend op het jaar waarin de subsidieaanvraag is ingediend wordt gerealiseerd. </al><al>Deze verplichting wordt nadrukkelijk bij de beschikking tot subsidieverlening
                    aan de subsidieontvanger opgelegd.</al><al>In bijzondere gevallen kan het college, op verzoek van de subsidieontvanger,
                    hiervan uitstel verlenen.</al><tussenkop>Artikel 11 Verstrekken van voorschotten</tussenkop><al>Op grond van dit artikel kan het college, vooruitlopend op de
                    subsidievaststelling, een voorschot verstrekken. Dit artikel is opgenomen om
                    liquiditeitsproblemen bij de subsidieaanvrager te voorkomen.</al><tussenkop>HOOFDSTUK III DE SUBSIDIEVASTSTELLING</tussenkop><tussenkop>Artikel 12 De aanvraag tot
                    subsidievaststelling</tussenkop><al>De subsidie wordt vastgesteld naar aanleiding van de aanvraag tot
                    subsidievaststelling. Bij deze aanvraag dient een financiële verantwoording van
                    de gerealiseerde voorziening te worden overlegd.</al><al>Indien de aanvrager in gebreke blijft en dus geen aanvraag tot
                    subsidievaststelling indient, kan de subsidie ambtshalve worden vastgesteld. </al><tussenkop>Artikel 13 De beslistermijn</tussenkop><al>Op grond van dit artikel dient het college binnen acht weken na ontvangst van de
                    aanvraag de subsidie vast te stellen.</al><tussenkop>HOOFDSTUK IV SLOT- EN OVERGANGSBEPALINGEN</tussenkop><tussenkop>Artikel 14 Inwerkingtreding</tussenkop><al>Dit artikel geeft aan op welk moment de verordening inwerking treedt.</al><al>De verordening treedt zes weken na bekendmaking in werking.</al><al>Op grond van de Tijdelijke referendumwet mogen gemeentelijke verordeningen niet
                    eerder dan zes weken na de datum van bekendmaking (in het gemeenteblad) in
                    werking treden.</al><tussenkop>Artikel 15 Citeerartikel</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zich.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>