<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR246091_2</dcterms:identifier><dcterms:title>2013-42 Verordening op de heffing en invordering van zeehavengelden 2014</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Maassluis</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-04-17</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Maassluis</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Schakel</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening zeehavengeld 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=229">Gemeentewet, artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-12-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>aard van de wijziging</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>ADV-13-01997</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-23931</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta><body><intitule>2013-42 Verordening op de heffing en invordering van zeehavengelden 2014</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De Raad van de gemeente Maassluis;</al><al/><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 3 december 2013 tot
                        het vaststellen van de tarieven belastingen en heffingen 2014, zaaknummer
                        Z-13-08617, registratienummer ADV-13-01997</al><al/><al>gelet op het bepaalde in artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en
                        b van de Gemeentewet;</al><al/><al>besluit:</al><al>vast te stellen de volgende verordening:</al><al><vet>Verordening op de heffing en de invordering van zeehavengelden
                            2014</vet>(Verordening zeehavengeld 2014)</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:</al><al/><al>1. ballast : vaste en vloeibare stoffen - water voor landbouwdoeleinden,
                        industrieel gebruik of menselijke consumptie en andere goederen met
                        handelswaarde hieronder niet begrepen - welker inneming in het zeeschip
                        uitsluitend geschiedt of is geschied ter verhoging van de stabiliteit van
                        het zeeschip of ter verlaging van het hoogste punt boven de
                        waterspiegel;</al><al/><al>2. bruto-ton (BT) : de eenheid voor de bruto-inhoud van een zeeschip zoals
                        bedoeld in het Verdrag inzake de meting van schepen, London 1969 (Trb. 1979,
                        nr 122 en 194);</al><al/><al>3. bunkeren : het door het zeeschip innemen van brandstof voor eigen
                        gebruik;</al><al/><al>4. container : een laadkist als omschreven in de aanbeveling ISO 688 – 1979
                        als Series I freight containers van de International Organisation for
                        Standardization voor zover de lengte ten minste 6,055 meter bedraagt;</al><al/><al>5. containerschip : een zeeschip dat blijkens bouw en inrichting geheel is
                        bestemd voor het vervoer van containers;</al><al/><al>6. cruise-schip : een zeeschip dat uitsluitend is bestemd en wordt gebruikt
                        voor bedrijfsmatig vervoer van passagiers, die voor toeristische doeleinden,
                        in hoofdzaak in de zeereis zelf gelegen, deelnemen aan die reis;</al><al/><al>7. haven van Maassluis : de voor de openbare dienst bestemde
                        gemeentewateren, kaden, aanlegsteigers, meerpalen, boeien en andere
                        soortgelijke werken of inrichtingen die bij de gemeente in beheer of in
                        onderhoud zijn;</al><al/><al>8. havengebied Rijnmond /Moerdijk : de gezamenlijke havens van de partijen
                        bij de samen-werkingsregeling zeehavengeld, te weten: gemeente Rotterdam,
                        gemeente Dordrecht, gemeente Schiedam, gemeente Vlaardingen, gemeente
                        Maassluis, Industrie- en Havenschap Moerdijk, Kemira Pernis B.V., Van
                        Ommeren Tank Terminal Vlaardingen B.V., Lensveld Stuwadoors B.V.,
                        Vlaardingen Oost Scheepsreparatie B.V., Mostert Absorbents B.V. en Albatros
                        Shipping &amp; Transport B.V.;</al><al/><al>9. lading : alle door een zeeschip geloste en ingenomen goederen en
                        verpakkingsmateriaal, containers, trailers en zelfdrijvende laad-bakken, met
                        uitzondering van de handbagage van passagiers, voor zover deze met
                        passagiers op hetzelfde schip wordt vervoerd, ballast, brandstof, proviand
                        en andere voor eigen ge-bruik bestemde scheepsbenodigdheden;</al><al/><al>10. lash-schip : een zeeschip dat door zijn inrichting in hoofdzaak bestemd
                        is en wordt gebruikt voor het vervoer van zelfdrijvende laadbakken;</al><al/><al>11. ;lijndienst : een vastgestelde vaart van zeeschepen tussen vaargebieden
                        onderhouden door een rederij of alliantie waarbij: </al><al>- wordt gevaren volgens een minimaal 28 dagen tevoren door de rederij
                        bekendgemaakt vaarschema van geregelde afvaarten tussen het havengebied van
                        Rijnmond/Moerdijk en minstens één vaste bestemming overzee; </al><al>- in het vaarschema tevens de laatste haven voor en de eerste haven na
                        Rijnmond/Moerdijk zijn opgenomen; </al><al>- de lijndienst opereert volgens het principe van een "common carrier"
                        hetgeen wil zeggen dat van iedere verlader de aangeboden lading, zover er
                        ruimte is, wordt geaccepteerd tegen een vastgesteld tarief; </al><al>- het schip alleen stukgoed overslaat</al><al/><al>12. meetbrief : de geldige meetbrief, bedoeld in artikel 24 van de
                        Meetbrievenwet 1981 (Stb. 1981, 122);</al><al/><al/><al>13. oorlogsschip : een zeeschip dat ten behoeve van de Koninklijke Marine of
                        de Marine van een vreemde mogendheid wordt gebezigd, waarover een militair
                        ter zeemacht het bevel voert en dat geheel of gedeeltelijk met militairen is
                        bemand;</al><al/><al/><al>14. plezierjacht : een zeeschip dat uitsluitend wordt gebruikt voor de
                        recreatie, niet zijnde een cruise-schip of een zeilend
                        bedrijfsvaartuig;</al><al/><al>15. roll-on/roll-off-schip : een zeeschip dat in hoofdzaak is bestemd en
                        wordt gebruikt voor het vervoer van lading die geheel of ten dele rijdend
                        aan en van boord wordt gebracht over een tot de vaste uitrusting van een
                        schip behorende, speciaal daarvoor uitgeruste laadklep;</al><al/><al>16. ruwe olie : ruwe aardolie en ruwe oliën uit bitumineuze mineralen als
                        be- doeld onder nr. 27.09 van de gecombineerde nomenclatuur bedoeld in
                        artikel 1 van Verordening (EEG) nr. 2658/87, Publicatieblad van de Europese
                        Gemeenschappen nr. L 256 van 7 september 1987, zoals nadien gewijzigd;</al><al/><al>17. samenwerkingsregeling zeehavengeld : de overeenkomst samenwerking
                        heffing en invordering zeehavengeld, zoals vastgesteld door de gemeenteraad
                        van Maassluis;</al><al/><al>18. scheepsreparatie-inrichting : een inrichting waarvan de hoofdactiviteit
                        is gelegen in het verrichten of het gelegenheid geven tot het verrichten van
                        herstellingen aan zeeschepen en die beschikt over speciaal voor dat doel
                        bestemde en in gebruik zijnde ligplaatsen;</al><al/><al>19. schip : elk drijvend lichaam dat wegens zijn drijfvermogen wordt
                        ge-bruikt dan wel bestemd of geschikt is voor het vervoer van personen,
                        koopwaren, grondstoffen, produkten en voorwerpen van allerlei aard, al dan
                        niet met het drijvend lichaam één geheel uitmakende;</al><al/><al>20. second call : een tweede bezoek binnen een reis van een schip in een
                        intercontinentale lijndienst;</al><al/><al>21. sleepboot : een zeeschip dat blijkens bouw en inrichting in
                        hoofdzaakbestemd is of wordt gebruikt voor het slepen, duwen of assisteren
                        van andere schepen;</al><al/><al>22. slops : schadelijke stoffen welke zijn ontstaan als gevolg van het
                        huishouden van een schip, zoals bedoeld in artikel 1 van de Wet voorkoming
                        verontreiniging door schepen (Stb. 1983, 683);</al><al/><al>23. tankschip : een zeeschip dat geheel of ten dele is bestemd of wordt
                        ge-bruikt voor het vervoer van vloeibare lading in onverpakte toestand;</al><al/><al>24. tarieven : Voor de toepassing van de tarieven van deze verordening
                        wordtverstaan onder:</al><al>1. Achterlandtarief: Een tarief dat alleen van toepassing is voor schepen,
                        die aan de volgende twee voorwaarden voldoen: </al><al>a. Op het Certificaat van Deugdelijkheid van het schip is het vaargebied als
                        volgt beperkt: de wateren van Eemsmond benoorden de Duitse waddeneilanden
                        naar de monden van de Weser, Elbe en Eider, door het Noord-Oostzeekanaal
                        naar de Oostzee tot de lijn Stralsund-Trelleborg, alsmede door de Sont en de
                        Belten naar het Kattegat tot de lijn Grenaa-Kullen. </al><al>b. Het schip bereikt vanuit Harlingen of Delfzijl recht-streeks binnendoor
                        het Havengebied Rijnmond/Moerdijk en verlaat na vertrek Nederland weer
                        rechtstreeks binnendoor via de havens van Delfzijl of Harlingen. </al><al>In afwijking van het bepaalde in artikel 5 lid 1, is dit tarief verschuldigd
                        in elke haven die in het havengebied Rijn-mond/Moerdijk wordt bezocht. De
                        verblijfsduur per haven is maximaal 10 dagen.</al><al/><al/><al>2. Bunkertarief: : Dit tarief geldt voor een verblijfsduur van ten hoogste
                        48 uur indien het bezoek uitsluitend wordt gebruikt om te bunkeren.</al><al/><al/><al>3. Klaringstarief : Een zeeschip dat één van de havens van het havengebied
                        Rijnmond/ Moerdijk uitsluitend door de douane wordt in- of uitgeklaard
                        alvorens door te varen naar het achterland is voor dit in- of uitklaren
                        telkens het klaringstarief verschuldigd. De verblijfsduur is daarbij beperkt
                        tot 12 uur. </al><al>Voor wat de ligplaatsen betreft zijn er beperkingen in Rotterdam en
                        Dordrecht. In Rotterdam dient ligplaats gekozen te worden aan de Parkkade of
                        de Stieltjeskade en in Dordrecht aan de Han-delskade, of voor zeeschepen die
                        vanwege de aard van hun (gevaarlijke) lading bepaalde afstanden in acht
                        moeten nemen, op de aangewezen plaats in de Tweede Merwedehaven. Dit tarief
                        is niet verschuldigd indien het zeeschip ook onder een van de andere
                        tarieven van de tabel zeehavengeld verschuldigd is.</al><al/><al>4. Oplegtarief : Dit tarief is verschuldigd voor elke maand of gedeelte
                        daarvan, dat het schip na het eerste tijdvak van 2 maanden nog in het
                        Havengebied Rijnmond/Moerdijk verblijf houdt. Indien gedurende de
                        tijdvakken, dat dit tarief verschuldigd is lading wordt ingenomen dan wel
                        gelost, wordt deze geacht te zijn ingenomen danwel gelost tijdens het
                        tijdvak voordat het oplegtarief van toepassing was.</al><al/><al>5. Ruwe aardolietankers </al><al>- Schepen die ruwe olie lossen al dan niet in combinatie met laden. </al><al>- Schepen die ruwe olie lossen al dan niet in combinatie met lossen en/of
                        laden van andere goederen. </al><al>- Schepen die uitsluitend ruwe olie laden.</al><al/><al>6. Shortsea/feedertarief: Dit tarief is van toepassing indien: a. het schip
                        in lijndienst vaart, b. het schip ten hoogste 6500 BT meet, c. het schip
                        uitsluitend stukgoed vervoert, d. het vaargebied is beperkt tot Europa, het
                        Middellandse Zeegebied en de Zwarte Zee, Marokko, de Canarische eilanden,
                        Madeira en de Kaap Verdische eilanden.</al><al/><al>25. ton : een massa van 1.000 kg;</al><al/><al>26. vissersschip : een zeeschip dat uitsluitend is bestemd en wordt gebruikt
                        voor het vangen van vis of van andere levende rijkdommen op zee;</al><al/><al>27. werkschip : een zeeschip dat is bestemd of wordt gebruikt voor de
                        exploratie dan wel exploitatie van olie- en gasvelden op zee dan wel de
                        winning van mineralen op zee;</al><al/><al>28. zeeschip : elk schip dat is bestemd of wordt gebruikt voor de vaart
                        buitengaats als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Schepenwet (Stbl.
                        1909, 219); alsmede elk schip dat in verband met sloop of voorgenomen sloop
                        voor de onder ten eerste bedoelde vaart niet meer wordt gebruikt of de
                        bestemming daartoe heeft verloren.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Aard van de heffing en belastbaar feit.</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Onder de naam zeehavengeld wordt een recht geheven ter zake van het
                            verblijf met een zeeschip in de haven van Maassluis, wegens gebruik van
                            gemeente-eigendommen, havenfaciliteiten en dienstverlening in dat
                            verband.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Op het in het vorige lid verschuldigde zeehavengeld is deze verordening
                            van toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastingplicht.</titel></kop><al>Voor de betaling van het zeehavengeld is hoofdelijk aansprakelijk de
                        kapitein, de reder, de eigenaar van het schip, degene aan wie het schip in
                        gebruik is gegeven, alsmede degene die de voorbereidende handelingen jegens
                        de havenbeheerder heeft verricht ter voorbereiding van het verblijf van het
                        zeeschip. Betaling door een van deze partijen bevrijdt de andere
                        partijen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Maatstaf van heffing.</titel></kop><al>Het zeehavengeld wordt berekend naar:</al><al>1. de bruto-inhoud van het zeeschip, uitgedrukt in bruto tonnen;</al><al>2. de lading door het zeeschip in de haven gelost en ingenomen, uitgedrukt
                        in tonnen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Samenwerkingsregeling zeehavengeld, verblijfsduur,
                            achterlandregeling.</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Voor de berekening en inning van zeehavengeld worden de havens van
                            partijen bij de samenwerkingsregeling zeehavengeld in dit verband als
                            één havencomplex beschouwd. Partijen bij genoemde regeling hanteren
                            daartoe eenzelfde tariefstructuur, tarieven en gelijke
                            heffingstijdvakken. Opgave inzake en betaling van zeehavengeld kan
                            derhalve het verblijf in één, maar ook in meer havens in het havengebied
                            Rijnmond/Moerdijk betreffen.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Ter bepaling van de verblijfsduur wordt het verblijf voorts geacht niet
                            te zijn onderbroken wanneer het zeeschip: </al><al>a. het havengebied Rijnmond/Moerdijk uitsluitend heeft verlaten voor een
                            periode van ten hoogste twee maal 24 uur, op aanwijzing van of vanwege
                            de havenmeester om buitengaats te wachten op het vrijkomen van een
                            ligplaats, te ontgassen of schoonmaakhandelingen te verrichten; </al><al>b. het havengebied Rijnmond/Moerdijk uitsluitend heeft verlaten: </al><al>- in landinwaartse richting voor een periode van ten hoogste twee
                            maanden om herstellingen te ondergaan aan een
                            scheepsreparatie-inrichting in Nederland of </al><al>- om een proefvaart te maken, en het schip onmiddellijk na afloop
                            daarvan in het havengebied Rijnmond/Moerdijk terugkeert.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Als een zeeschip het havengebied Rijnmond/Moerdijk landinwaarts verlaat
                            en, zonder tussentijds buitengaats te komen, binnen twee maanden weer
                            bezoekt om vervolgens de haven in buitengaatse richting te verlaten,
                            wordt het eerste en tweede verblijf als één verblijf beschouwd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Tarieven.</titel></kop><al>1. Het zeehavengeld wordt berekend aan de hand van de voor 2014 geldende
                        tarieven, vermeld in ‘Bijlage 1’ van de ‘Algemene voorwaarden zeehavengeld,
                        binnenhavengeld en bijdrage afvalstoffen zeeschepen Havenbedrijf Rotterdam
                        N.V.’, zoals vastgesteld en bekendgemaakt door het Havenbedrijf Rotterdam
                        N.V. </al><al>2. Het zeehavengeld is verschuldigd vanaf het begin tot het einde van het
                        verblijf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Tarieftoepassing.</titel></kop><al>Bij de berekening van het zeehavengeld worden slechts volle eenheden van
                        inhoud of massa in aanmerking genomen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Vrijstellingen.</titel></kop><al>Zeehavengeld wordt niet in rekening gebracht voor gebruikmaking van de haven
                        door:</al><al>1. een sleepboot, uitsluitend indien en voor zover deze wordt gebruikt in
                        het kader van de normale assistentie van zeeschepen bij het in- en uitvaren
                        van de haven;</al><al>2. een zeeschip voor de periode van ten hoogste vier maanden, indien het
                        havenbezoek en de bijbehorende dienstverlening slechts plaatsvindt voor het
                        dokken of het doen verrichten van herstellingen, bij een
                        scheepsreparatie-inrichting en mits zowel het tijdstip van aanvang als dat
                        van het einde van het dokken of herstellen vooraf schriftelijk aan het
                        Havenbedrijf Rotterdam N.V. is medegedeeld;</al><al>3. een zeeschip voor een periode van ten hoogste zeven kalenderdagen, indien
                        het havenbezoek en de bijbehorende dienstverlening slechts plaatsvindt ten
                        behoeve van het voor de eerste maal zeeklaar maken en/of het houden van een
                        eerste proeftocht na nieuwbouw, dan wel ten behoeve van het ontschepen van
                        zieken of doden, mits:</al><lijst><li nr="a."><al>het havenbezoek en de bijbehorende dienstverlening niet langer duurt
                                dan daartoe noodzakelijk is;</al></li><li nr="b."><al>vooraf van het voornemen daartoe schriftelijk aan het Havenbedrijf
                                Rotterdam N.V. kennis is gegeven; en</al><al/><al>c. onmiddellijk na afloop van de handelingen het Havenbedrijf
                                Rotterdam N.V. schriftelijk in kennis is gesteld van de afloop.</al></li></lijst><al>4. een Zeeschip voor een periode van ten hoogste zeven kalenderdagen, indien
                        het havenbezoek en de bijbehorende dienstverlening slechts plaatsvindt in
                        verband met het schoonmaken van ladingruimten, met inbegrip van het gasvrij
                        maken van het schip, bij een daartoe ingerichte en van de vereiste
                        vergunningen voorziene inrichting; of</al><al>5. een oorlogsschip mits de behandeling van eventuele lading uitsluitend
                        door militairen geschiedt.</al><al>6. een zeeschip dat, komende van zee en gaande naar het achterland of
                        omgekeerd de haven uitsluitend bezoekt om te bunkeren, mits het schip niet
                        langer dan vier uur gebruik maakt van de havenfaciliteiten;</al><al>7. een hospitaalschip.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Opgave.</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Binnen 24 uur na aanvang van het verblijf dient schriftelijk dan wel
                            electronisch opgave te worden gedaan door één van de in artikel 3
                            genoemde betalingsplichtigen van de voor de vaststelling van het
                            verschuldigde zeehavengeld van belang zijnde gegevens aan het
                            Havenbedrijf Rotterdam NV. Degene die opgave doet, geeft daarmee te
                            kennen de toepasselijkheid van deze verordening te accepteren. Uiterlijk
                            drie dagen na het vertrek van het schip uit het havengebied
                            Rijnmond/Moerdijk dient schriftelijk dan wel electronisch aanvullende
                            opgave te worden gedaan van de overslaggegevens alsmede de verschillende
                            ligplaatsen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Met betrekking tot een verblijf langer dan twee maanden is na afloop van
                            die twee maanden het oplegtarief van toepassing voor elke maand of
                            gedeelte daarvan. De aanvullende opgave van dit verlengde havenbezoek
                            dient door het Havenbedrijf Rotterdam NV te zijn ontvangen telkens voor
                            aanvang van het betreffende tijdvak. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Wijze van heffing en tijdstip van betaling.</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het zeehavengeld wordt geheven bij wege van voldoening op aangifte.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De betaling wordt gedaan aan het Havenbedrijf Rotterdam N.V. , danwel
                            aan de betrokken in artikel 231, tweede lid, sub c Gemeentewet bedoelde
                            ambtenaar, gelijktijdig met de aangifte bij het college van burgemeester
                            en wethouders.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Belastingplichtige dient het zeehavengeld direct bij het doen van de
                            eerste opgave in contanten te betalen, dan wel hiervoor zekerheid te
                            stellen door middel van een borgstelling of een bankgarantie.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>Het zeehavengeld wordt berekend en gefactureerd aan de hand van de
                            eerste en de aanvullende opgave.</al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>Belastingplichtige dient het uiteindelijke bedrag aan zeehavengeld dat
                            is berekend aan de hand van de eerste en aanvullende opgave vóór vertrek
                            van het zeeschip uit de haven aan het Havenbedrijf Rotterdam N.V. te
                            hebben voldaan.</al></lid><lid><lidnr>6</lidnr><al>In afwijking van het bepaalde in artikel 10.5 behoeft het zeehavengeld
                            eerst na ontvangst van een factuur of verzamelfactuur te worden voldaan
                            indien belastingplichtige ten behoeve van het Havenbedrijf Rotterdam
                            N.V. zekerheid heeft gesteld door middel van een borgstelling of een
                            bankgarantie. In voornoemd geval dient het Havenbedrijf Rotterdam N.V.
                            de betaling te hebben ontvangen binnen acht kalenderdagen na de
                            factuurdatum. Betaling kan in dit geval eveneens plaatsvinden door
                            middel van een automatische incasso. Het factuurbedrag wordt alsdan
                            afgeschreven met een valutadatum 14 dagen na factuurdatum.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Verrekening.</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Indien degene, die opgave heeft gedaan, merkt dat er als gevolg van een
                            onjuiste aanvullende opgave te weinig of te veel is betaald, dient
                            hiervan onmiddellijk schriftelijk bericht te worden gedaan aan het
                            Havenbedrijf Rotterdam NV. Verrekening zal dan naar keuze plaatsvinden
                            via een factuur respectievelijk creditnota, of via de eerstvolgende
                            verzamelfactuur.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Het Havenbedrijf Rotterdam NV is te allen tijde bevoegd om ingeval van
                            onjuiste opgave/aanvullende opgave, die niet door de betalingsplichtige
                            is gemeld een correctie daarop toe te passen, verrekening te doen
                            plaatsvinden bij volgende betalingen, of na te vorderen tot het juiste
                            bedrag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Naleving.</titel></kop><al>De betalingsplichtigen bedoeld in artikel 3 zijn hoofdelijk verantwoordelijk
                        en aansprakelijk voor de stipte naleving van het bepaalde in artikel 9, 10
                        en 11 lid 1. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van zeehavengeld wordt geen kwijtschelding verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en
                            wethouders.</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en invordering van zeehavengelden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel.</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De ‘Verordening op de heffing en de invordering van zeehavengelden 2013’
                            d.d. 18 december 2012,wordt ingetrokken met ingang van de in
                            het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien
                            verstande dat zijn toepassing blijft op de belastbare feiten die zich
                            voor die datum hebben voorgedaan.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2014.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2014.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>Deze verordening wordt aangehaald als 'Verordening zeehavengeld
                            2014’.</al></lid></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente
                        Maassluis, gehouden op 17 december 2013,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>mr. R. van der Hoek, drs. J.A. Karssen</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Maassluis/i232763.pdf">Gemeenteblad 2013-42</extref></al></bijlage></regeling></body></cvdr>