<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR245795_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Cliëntenparticipatie 2009​</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Rucphen</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-10-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Rucphen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Cliëntenparticipatie 2009</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-09-24</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2009-10-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2016-05-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Geen</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening Cliëntenparticipatie 2009​</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De Raad van de gemeente Rucphen;</al><al/><al>gezien het advies van de Commissie Maatschappelijke Aangelegenheden d.d. 8
                        september 2009;</al><al/><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van de gemeente Rucphen
                        d.d. 21 augustus 2009;</al><al/><al>gelet op artikel 147, eerste lid Gemeentewet, artikel 47 van de Wet werk en
                        bijstand en artikel 12, eerste lid en onderdeel d van de Wet investeren in
                        jongeren;</al><al/><al>overwegende dat het noodzakelijk is de wijze waarop jongeren betrokken
                        worden bij de uitvoering van de wet, bij verordening te regelen;</al><al/><al>BESLUIT</al><al/><al>In te trekken de Verordening Cliëntenparticipatie Wet werk en bijstand
                        2007;</al><al/><al>Vast te stellen de <vet>Verordening Cliëntenparticipatie 2009. </vet></al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><titel>Artikel 1. Doelstelling</titel></kop><al>Het doel van cliëntenparticipatie is dat cliënten en vertegenwoordigers van
                        belangengroepen invloed kunnen uitoefenen op de totstandkoming en de
                        uitvoering van het beleid op het terrein van de gemeentelijke sociale
                        zekerheid. Mede ten behoeve van dit doel is de WMO-raad in het leven
                        geroepen.</al><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2. Beleidsterreinen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>In het kader van cliëntenparticipatie adviseert de WMO-raad gevraagd
                                en ongevraagd over de vorming en uitvoering van het gemeentelijke
                                sociale zekerheidsbeleid.</al></li><li nr="2."><al>Niet tot de taak en bevoegdheid van de WMO-raad behoort het
                                uitbrengen van advies bij klachten, bezwaarschriften of andere zaken
                                van individuele klanten.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 3. Samenwerking</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>In het kader van de cliëntenparticipatie vraagt het college de
                                WMO-raad om advies inzake de totstandkoming en de uitvoering van het
                                gemeentelijk sociale zekerheidsbeleid.</al></li><li nr="2."><al>2. De WMO-raad is gerechtigd uit eigen beweging advies uit te
                                brengen aan het college inzake het gemeentelijk sociale
                                zekerheidsbeleid.</al></li><li nr="3."><al>3. Het advies wordt op een zodanig tijdstip gevraagd, dat het
                                toegevoegd kan worden aan de voor besluitvorming van college of raad
                                ter beschikking te stellen stukken.</al></li><li nr="4."><al>4. Bij het niet of gedeeltelijk overnemen van een advies met
                                betrekking tot het gemeentelijk sociale zekerheidsbeleid stelt het
                                college de WMO-raad daarvan schriftelijk en gemotiveerd in
                                kennis.</al></li><li nr="5."><al>5. Voorafgaand aan vergaderingen tussen de WMO-raad en het college
                                stelt het college de WMO-raad in de gelegenheid om agendapunten aan
                                de dragen met betrekking tot het gemeentelijk sociale
                                zekerheidsbeleid.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4. Slotbepalingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college kan ter uitvoering van deze verordening of in zaken
                                waarin de verordening niet voorziet nadere regels stellen.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening
                                cliëntenparticipatie gemeente Rucphen 2009” en treedt in werking met
                                ingang van 1 oktober 2009.</al></li></lijst><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 24 september 2009</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De raad voornoemd.</ondertekening><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>R. van Pareren. M.L. Everaers.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Algemene toelichting Wet werk en bijstand en cliëntenparticipatie</titel></kop><al>Met ingang van 1 januari 2004 is de Wet werk en bijstand (WWB) in werking
                    getreden. In artikel 47 van de WWB is vastgelegd, dat gemeenten in een
                    verordening moeten aangeven hoe zij cliëntenparticipatie gaan vormgeven. Artikel
                    47 luidt als volgt:</al><al><cursief>De gemeenteraad stelt bij verordening regels over de wijze waarop de
                        personen, bedoeld in artikel 7, eerste lid, of hun vertegenwoordigers worden
                        betrokken bij de uitvoering van deze wet, waarbij in ieder geval wordt
                        geregeld de wijze waarop:</cursief></al><lijst><li nr="1."><al><cursief>a. periodiek overleg wordt gevoerd met deze personen of hun
                                vertegenwoordigers;</cursief></al></li><li nr="2."><al><cursief>b. deze personen of vertegenwoordigers onderwerpen voor de
                                agenda van dit overleg kunnen aanmelden;</cursief></al></li><li nr="3."><al><cursief>c. zij worden voorzien van de voor een adequate deelname aan
                                het overleg benodigde informatie.</cursief></al></li></lijst><al><vet>De Wet investeren in jongeren en cliëntenparticipatie</vet> Op 1 oktober
                    2009 treedt de Wet investeren in jongeren (WIJ) in werking. </al><al>In artikel 12, eerste lid, onderdeel d WIJ is vastgelegd dat de gemeenteraad bij
                    verordening regels moet stellen over de wijze waarop jongeren, of hun
                    vertegenwoordigers worden betrokken bij de uitvoering van de wet. Artikel 12
                    luidt als volgt:</al><al><cursief>1. De gemeenteraad stelt bij verordening regels met betrekking tot:
                    </cursief></al><lijst><li nr="1."><al><cursief>a. de inhoud van een werkleeraanbod; </cursief></al></li><li nr="2."><al><cursief>b. het verlagen van het bedrag van de inkomensvoorziening,
                                bedoeld in </cursief><extref doc="http://handboek.stimulansz.nl/#e754f7d37bae7204ce8880a6252edb0b">artikel 41</extref>, eerste lid; </al></li><li nr="3."><al><cursief>c. het bestrijden van misbruik en oneigenlijk gebruik van deze
                                wet; </cursief></al></li><li nr="4."><al><vet><cursief>d. de wijze waarop jongeren, of hun vertegenwoordigers
                                    worden betrokken bij de uitvoering van deze wet;
                                </cursief></vet></al></li></lijst><al><cursief>2. De regels bedoeld in het eerste lid, <vet>onderdeel d</vet>, hebben
                        in ieder geval betrekking op de wijze waarop: </cursief></al><lijst><li nr="1."><al><cursief>a. periodiek overleg wordt gevoerd met de jongeren of hun
                                vertegenwoordigers; </cursief></al></li><li nr="2."><al><cursief>b. de jongeren of vertegenwoordigers onderwerpen voor de agenda
                                van dit overleg kunnen aanmelden; </cursief></al></li><li nr="3."><al><cursief>c. de jongeren of vertegenwoordigers worden voorzien van de
                                voor een adequate deelname aan het overleg benodigde
                                informatie</cursief></al></li></lijst><al/><al>Met deze verordening komt de gemeenteraad tot een invulling van deze uit
                    genoemde wetten voortvloeiende plicht. In de Wet inkomensvoorziening oudere en
                    gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (Ioaw) en de Wet
                    inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen
                    zelfstandigen (Ioaz) is cliëntenparticipatie niet opgenomen. Gemeenten hebben
                    dus niet de verplichting, maar wel de bevoegdheid, om de cliëntenparticipatie in
                    het kader van de Ioaw en de Ioaz in de huidige verordening mee te nemen. Van
                    deze bevoegdheid heeft de gemeente Rucphen in deze verordening gebruik gemaakt;
                    deze keuze blijkt uit de formulering, dat de participatie betrekking heeft op
                    “het terrein van de gemeentelijke sociale zekerheid”. </al><al><vet>Artikelgewijze toelichting</vet></al><al/><al><vet>Artikel 1. Doelstelling</vet></al><al>In dit artikel worden de kerndoelstellingen van cliëntenparticipatie omschreven.
                    Vastgelegd wordt dat via cliëntenparticipatie op twee terreinen invloed kan
                    worden uitgeoefend:</al><lijst><li nr=""><al>op de <cursief>totstandkoming</cursief> van gemeentelijk sociale
                            zekerheidsbeleid;</al></li><li nr=""><al>op de <cursief>uitvoering</cursief> van gemeentelijk sociale
                            zekerheidsbeleid;</al></li></lijst><al/><al><vet>Artikel 2. Beleidsterreinen</vet></al><al>Dit artikel bepaalt de reikwijdte van de taken en bevoegdheden van de WMO-raad
                    met betrekking tot het gemeentelijk sociale zekerheidsbeleid. Nadrukkelijk is
                    opgenomen dat ook op eigen initiatief een advies kan worden uitgebracht.
                    Individuele aangelegenheden vallen buiten het werkveld.</al><al><vet>Artikel 3. Samenwerking</vet></al><al>In dit artikel wordt een aantal praktische zaken vastgelegd met betrekking tot
                    de samenwerking tussen de WMO-raad en het college. Het college is immers het
                    bestuursorgaan dat is belast met de uitvoering van het gemeentelijke sociale
                    zekerheidsbeleid. Zo is bijvoorbeeld vastgelegd dat de WMO-raad tijdig in staat
                    wordt gesteld om agendapunten aan te dragen die betrekking hebben op het lokale
                    sociale zekerheidsbeleid.</al><al><vet>Artikel 4. Slotbepalingen</vet></al><al>Dit artikel spreekt voor zich.</al><al/><al/></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>