<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR242937_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Winkeltijdenverordening Gemeente Oisterwijk 2012</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Oisterwijk</dcterms:creator><dcterms:modified>2013-01-04</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Oisterwijk</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Nieuwsklok 3-1-2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Winkeltijdenverordening Gemeente Oisterwijk 2012</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005416&amp;artikel=149&amp;g=2013-01-01">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>openbare orde en veiligheid</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-12-20</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-01-04</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-07-09</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Winkeltijdenverordening Gemeente Oisterwijk 2012</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Oisterwijk, gelezen het voorstel van
                        burgemeester en wethouders van de gemeente Oisterwijk d.d. </al><al>13 november 2012;</al><al> gelet op de Winkeltijdenwet, het Vrijstellingsbesluit Winkeltijdenwet
                        en artikel 149 van de gemeentewet,</al><al>besluit vast te stellen de Winkeltijdenverordening gemeente Oisterwijk
                        2012, inclusief de toelichting. </al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder: </al><lijst><li nr="a."><al>de wet: de Winkeltijdenwet;</al></li><li nr="b."><al>winkel: een winkel als bedoeld in artikel 1 van de wet;</al></li><li nr="c."><al>feestdag: nieuwjaarsdag, tweede paasdag, hemelvaartsdag, tweede
                                    pinksterdag, eerste kerstdag en tweede kerstdag;</al></li><li nr="d."><al>college: het college van burgemeester en wethouders;</al></li><li nr="e."><al>SBI 2008: Standaard Bedrijfsindeling 2008 van het Centraal
                                    Bureau voor de Statistiek en is bindend bij de bepaling van de bedrijfsactiviteit en/of
                            hoofdproduct;</al></li><li nr="f."><al>(Deel)gebieden:</al><al>de gehele gemeente;</al><al>bebouwde kom Oisterwijk (m.u.v. perifere detailhandel
                            bedrijventerreinen);</al><al>bebouwde kom Moergestel (m.u.v. perifere detailhandel
                            bedrijventerreinen);</al><al>perifere detailhandel bedrijventerreinen Oisterwijk;</al><al>perifere detailhandel bedrijventerreinen Moergestel;</al><al>het buitengebied van de gemeente Oisterwijk;</al></li><li nr="g."><al>werkdagen: maandag tot en met zaterdag;</al></li><li nr="h."><al>Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenwet: besluit van 21 maart
                                    1996, Stb. 183, houdende verlening van enige vrijstellingen van
                                    de verboden van de Winkeltijdenwet. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college beslist op een aanvraag om een ontheffing binnen 8
                                weken. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan de beslissing voor ten hoogste 8 weken verdagen.
                            </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Overdracht van de ontheffing</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Overdracht van de ontheffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een ontheffing op grond van deze verordening is overdraagbaar na
                                verkregen schriftelijke toestemming van het college.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In geval van een voorgenomen overdracht van de in het eerste lid
                                bedoelde ontheffing doet de houder van de ontheffing hiervan
                                onmiddellijk schriftelijk mededeling aan het college onder
                                vermelding van de naam en het adres van de voorgestelde
                                rechtverkrijgende. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Intrekken of wijzigen van de ontheffing</titel></kop><al> Het college kan een ontheffing intrekken of wijzigen indien: </al><lijst><li nr="a."><al>ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn
                                    verstrekt;</al></li><li nr="b."><al>veranderde omstandigheden of gewijzigde inzichten dit
                                    noodzakelijk maken in verband met het belang of de belangen ter
                                    bescherming waarvan de ontheffing is vereist;</al></li><li nr="c."><al>het gebruik van de winkel of de uitoefening van een bedrijf
                                    anders dan in een winkel op basis van de ontheffing gevaar
                                    oplevert voor de openbare orde, de veiligheid of het woon- en
                                    leefklimaat ter plaatse;</al></li><li nr="d."><al>de aan de ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen niet
                                    zijn of worden nagekomen;</al></li><li nr="e."><al>van de ontheffing geen gebruik wordt gemaakt binnen een daarin
                                    gestelde termijn of, bij gebreke van een dergelijke termijn,
                                    binnen een redelijke termijn;</al></li><li nr="f."><al>de houder dit aanvraagt. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Zon- en feestdagenregeling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De verboden, genoemd in artikel 2, eerste lid, aanhef en onder a en
                                b van de wet, gelden niet op ten hoogste twaalf, door het college
                                aan te wijzen, zondagen en feestdagen per kalenderjaar. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze bevoegdheid geldt voor elk deel van de gemeente
                                afzonderlijk.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De volgende dagen worden niet als koopzondag aangewezen:
                                Nieuwjaarsdag, eerste Paasdag, eerste Pinksterdag en eerste
                                Kerstdag.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De winkelopenstelling op koopzondagen vindt uitsluitend plaats
                                tussen 11.00 en 18.00 uur.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Ontheffing zon- en feestdagenregeling voor bijzondere
                                situaties</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Ontheffing zon- en feestdagenregeling voor bijzondere
                                situaties</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan voor wat betreft zondagen en feestdagen ontheffing
                                verlenen van de in artikel 2 van de wet genoemde verboden, ten
                                behoeve van: </al><lijst><li nr="a."><al>bijzondere gelegenheden van tijdelijke aard; </al></li><li nr="b."><al>het uitstallen van goederen;</al></li><li nr="c."><al>tentoonstellingen in kunstateliers </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De ontheffing kan worden verleend in geval van feestelijkheden,
                                bijeenkomsten, veilingen of beurzen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Er wordt geen ontheffing verleend op de volgende dagen:
                                Nieuwjaarsdag, eerste Paasdag, 4 mei na 19.00 uur, eerste
                                Pinksterdag, 24 december na 19.00 uur en eerste Kerstdag.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De ontheffing kan worden geweigerd indien de woonsituatie of
                                leefsituatie, de veiligheid of de openbare orde in de omgeving van
                                de winkel op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed door de
                                openstelling van de winkel.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Aan een ontheffing kunnen naast het al bepaalde in de verordening
                                overige voorschriften of beperkingen worden verbonden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Openstelling op werkdagen tussen 22.00 en 06.00 uur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan op aanvraag ontheffing verlenen van het verbod,
                                bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder c, van de wet. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Er wordt geen ontheffing verleend op de volgende dagen:
                                Nieuwjaarsdag, Goede Vrijdag, 4 mei, 24 december en eerste
                                Kerstdag.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De ontheffing kan worden geweigerd indien de woonsituatie of de
                                leefsituatie, de veiligheid of de openbare orde in de omgeving van
                                de winkel op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed door de
                                openstelling van de winkel.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Aan een ontheffing kunnen naast het al bepaalde in de verordening
                                overige voorschriften of beperkingen worden verbonden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Toerisme</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De verboden, bedoeld in artikel 2, eerste lid van de wet gelden, om
                            reden van op de gemeente gericht toerisme, voor zover zij betrekking
                            hebben op de zondagen en de feestdagen, niet voor de kunstgaleries en de
                            levensmiddelenbranche met SBI-codes 2008:</al><al>4711 Supermarkten en dergelijke winkels met een algemeen assortiment
                            voeding- en genotmiddelen;</al><al>4721 Winkels in aardappelen, groenten en fruit;</al><al>47221 Winkels in vlees en vleeswaren;</al><al>47222 Winkels in wild en gevogelte;</al><al>4723 Winkels in vis;</al><al>47241 Winkels in brood en banket;</al><al>47242 Winkels in chocolade en suikerwerk;</al><al>47291 Winkels in kaas;</al><al>47292 Winkels in natuurvoeding en reformartikelen;</al><al>47293 Winkels in buitenlandse voedingsmiddelen;</al><al>47299 Gespecialiseerde winkels in overige voedings- en genotmiddelen
                            niet elders genoemd.</al><al>91022 Kunstgalerieën en -expositieruimten</al></li><li nr="2."><al>De SBI-codes 2008 worden in deze verordening als bindend
                                    beoordeeld bij bepaling van de bedrijfsactiviteit en/of bepaling
                                    hoofdproduct. Indien de SBI-codes 2008 worden gewijzigd door het
                                    Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) wordt deze
                                    gehanteerd.</al></li><li nr="3."><al>De algemene vrijstelling voor in het eerste lid van dit artikel
                                    genoemde winkels is niet van toepassing op de navolgende dagen:
                                    Nieuwjaarsdag, eerste Paasdag, eerste Pinksterdag en eerste
                                    Kerstdag.</al></li><li nr="4."><al>Het college kan per deelgebied bovenop de 12 reguliere
                                    koopzondagen als bedoeld in artikel 5 ontheffing verlenen van
                                    maximaal 14 zon- en/of feestdagen om reden van op de gemeente
                                    gericht toerisme, waarvoor de verboden, bedoeld in artikel 2
                                    eerste lid van de wet niet van kracht zijn, voor zover zij
                                    betrekking hebben op de zondagen en de feestdagen.</al></li><li nr="5."><al>Een ontheffing als bedoeld in lid 4 kan worden verleend voor </al><lijst><li nr="a."><al>de gehele gemeente;</al></li><li nr="b."><al>Bebouwde Kom Oisterwijk (m.u.v. perifere detailhandel
                                            bedrijventerreinen);</al></li><li nr="c."><al>Bebouwde Kom Moergestel (m.u.v. perifere detailhandel
                                            bedrijventerreinen);</al></li><li nr="d."><al>Perifere Detailhandel bedrijventerreinen
                                            Oisterwijk;</al></li><li nr="e."><al>Perifere Detailhandel bedrijventerreinen
                                            Moergestel;</al></li><li nr="f."><al>het buitengebied van de gemeente Oisterwijk.</al></li></lijst></li><li nr="6."><al>Een ontheffing wordt niet verleend op de navolgende dagen:
                                    Nieuwjaarsdag, eerste Paasdag, eerste Pinksterdag en eerste
                                    Kerstdag.</al></li><li nr="7."><al>De ontheffing kan worden geweigerd indien de woonsituatie of de
                                    leefsituatie, de veiligheid of de openbare orde in de omgeving
                                    van de winkel op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed
                                    door de openstelling van de winkel.</al></li><li nr="8."><al>De winkelopenstelling op koopzondagen vindt uitsluitend plaats
                                    tussen 11.00 en 18.00 uur.</al></li><li nr="9."><al>Aan een ontheffing kunnen naast het al bepaalde in de
                                    verordening overige voorschriften of beperkingen worden
                                    verbonden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Overgangsbepaling en inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De ontheffingen die op grond van de oude verordening zijn verleend
                                worden geacht ontheffingen te zijn op grond van de nieuwe
                                verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag volgend op
                                de publicatie van de vaststelling van deze verordening. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De Winkeltijdenverordening gemeente Oisterwijk 2009 wordt
                                ingetrokken op het moment dat de Winkeltijdenverordening gemeente
                                Oisterwijk 2012 in werking treedt. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al> Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Winkeltijdenverordening
                            gemeente Oisterwijk 2012'. </al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening> Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 20 december 2012. </ondertekening><ondertekening>de voorzitter, de griffier,</ondertekening><ondertekening>Hans Janssen Nelleke van Wijk</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><al><vet>Toelichting</vet><vet> Winkeltijdenverorden</vet><vet>ing gemeente
                                Oisterwijk 20</vet><vet>12</vet> De toelichting bestaat uit
                            twee delen. Het eerste deel van de toelichting (deel A) betreft de
                            toelichting op de verordening, zoals deze door de raad van de gemeente
                            Oisterwijk is vastgesteld. Deel B betreft een algemene toelichting op de
                            regelingen op het gebied van winkeltijden. De Winkeltijdenwet, het
                            vrijstellingenbesluit winkeltijden en de modelverordening winkeltijden
                            van de VNG worden in dit deel besproken.</al><lijst><li nr="A."><al>Artikelgewijze toelichting </al><al>Artikel 1. Begripsbepalingen</al><al>Voor de definitie van winkel wordt verwezen naar artikel 1 van
                                    de Winkeltijdenwet. Daarin is een winkel gedefinieerd als: een
                                    voor het publiek toegankelijke besloten ruimte, waarin goederen
                                    aan particulieren plegen te worden verkocht.</al><al>Voor de omschrijving van het begrip feestdag is aansluiting
                                    gezocht bij artikel 2, eerste lid onder b van de
                                    Winkeltijdenwet. In de wet is geen definitie opgenomen van
                                    feestdag, maar worden de volgende dagen genoemd als dagen waarop
                                    de winkels gesloten moeten zijn (naast de zondag):
                                    Nieuwjaarsdag, tweede Paasdag, Hemelvaartsdag, tweede
                                    Pinksterdag en eerste en tweede Kerstdag. Deze dagen zijn in
                                    artikel 1 van de modelverordening gedefinieerd als feestdag.
                                    Daarnaast noemt artikel 2, eerste lid onder b van de
                                    Winkeltijdenwet nog drie dagen waarop de winkels gesloten moeten
                                    zijn vanaf 19.00 uur: Goede Vrijdag, 4 mei en 24 december. Deze
                                    dagen vallen dus niet onder het begrip feestdag in de
                                    modelverordening.</al><al>Door in de verordening het begrip feestdag te definiëren, kan
                                    waar nodig worden volstaan met het woord “feestdag” of
                                    “feestdagen” en hoeven niet steeds alle dagen bij naam genoemd
                                    te worden. Koninginnedag en Bevrijdingsdag (5 mei) zijn, voor
                                    zover deze dagen niet op zondag vallen, in de wet niet
                                    aangemerkt als een dag waarop de winkels gesloten moeten
                                    zijn.</al><al>Artikel 2. Beslistermijn</al><al>Dit artikel geeft aan binnen welke termijn het college een
                                    besluit neemt en dat het college de mogelijkheid heeft om die
                                    termijn te verlengen.</al><al>Artikel 3. Overdracht van de ontheffing</al><al>De bepaling bindt de overdracht van de ontheffing aan de
                                    schriftelijke toestemming van het college. De ontheffing kan aan
                                    een (rechts)persoon worden verleend als het gaat om
                                    straatverkoop als bedoeld in artikel 2, tweede lid van de
                                    Winkeltijdenwet. Als het om een winkel gaat, heeft de ontheffing
                                    naar zijn aard betrekking op het pand waarin het winkelbedrijf
                                    wordt uitgeoefend. Als het om een ontheffing voor straatverkoop
                                    gaat biedt de tussenkomst het college de gelegenheid om inzicht
                                    te krijgen in de handel en wandel van de opvolger. Als het gaat
                                    om overdracht van het winkelpand aan een ander rechthebbende,
                                    moet het college kunnen toetsen of de ontheffing in stand kan
                                    blijven of dat er eventueel andere voorschriften aan moeten
                                    worden verbonden. Er kan immers sprake zijn van een heel ander
                                    soort winkel dan voorheen.</al><al>Artikel 4. Intrekken of wijzigen van de ontheffing</al><al>Dit artikel geeft aan in welke gevallen het college de
                                    bevoegdheid heeft om een verleende ontheffing in te trekken of
                                    te wijzigen.</al><al>Artikel 5. Zon- en feestdagenregeling (koopzondagen)</al><al>Dit artikel is een uitwerking van artikel 3, tweede lid,
                                    Winkeltijdenwet, dat de raad de mogelijkheid geeft de
                                    bevoegdheid die in het eerste lid aan de raad wordt gegeven, te
                                    delegeren aan het college. Dit is wel een beperkte delegatie: de
                                    raad zelf verleent vrijstelling, B&amp;W bepalen wanneer die
                                    precies geldt door het aanwijzen van maximaal 12 koopzondagen
                                    per jaar. De eerste twee leden van artikel 3 Winkeltijdenwet
                                    luiden:</al><lijst><li nr="1."><al>De gemeenteraad kan voor ten hoogste twaalf door hem aan
                                            te wijzen dagen per kalenderjaar vrijstelling verlenen
                                            van de in artikel 2 vervatte verboden, voor zover deze
                                            betrekking hebben op de zondag, Nieuwjaarsdag, tweede
                                            Paasdag, Hemelvaartsdag, tweede Pinksterdag en eerste of
                                            tweede Kerstdag. De beperking tot twaalf dagen per
                                            kalenderjaar geldt voor elk deel van de gemeente
                                            afzonderlijk.</al></li><li nr="2."><al>De gemeenteraad kan, al dan niet onder het stellen van
                                            regels, de in het eerste lid bedoelde bevoegdheid
                                            delegeren aan burgemeester en wethouders. </al></li></lijst><al>Artikel 6. Ontheffing zon- en feestdagenregeling voor bijzondere
                                    situaties</al><al>Dit artikel steunt op artikel 4, tweede lid, Winkeltijdenwet.
                                    Artikel 4 luidt:</al><lijst><li nr="1."><al>Burgemeester en wethouders kunnen vrijstelling van de in
                                            artikel 2 vervatte verboden, voor zover deze betrekking
                                            hebben op de zondag, Nieuwjaarsdag, tweede Paasdag,
                                            Hemelvaartsdag, tweede Pinksterdag en eerste of tweede
                                            Kerstdag, verlenen op grond van plotseling opkomende
                                            bijzondere omstandigheden.</al></li><li nr="2."><al>Zij kunnen in door de gemeenteraad bij verordening
                                            aangewezen gevallen ontheffing verlenen van de in het
                                            eerste lid bedoelde verboden ten behoeve van bijzondere
                                            gelegenheden van tijdelijke aard en ten behoeve van het
                                            uitstallen van goederen.</al></li><li nr="3."><al>De vrijstellingen en ontheffingen kunnen onder
                                            beperkingen worden verleend. Aan de vrijstellingen en
                                            ontheffingen kunnen voorschriften worden verbonden.</al></li></lijst><al>Aangezien de Winkeltijdenwet in artikel 4, eerste lid een
                                    directe bevoegdheid verleent aan het college om vrijstelling te
                                    verlenen op grond van plotseling opkomende bijzondere
                                    omstandigheden hoeft deze mogelijkheid niet afzonderlijk te
                                    worden genoemd in de verordening. Wel worden hier op grond van
                                    het tweede lid van artikel 4 van de Winkeltijdenwet de gevallen
                                    aangewezen waarin ontheffing kan worden verleend ten behoeve van
                                    bijzondere gelegenheden van tijdelijke aard.</al><al>Uit de bewoordingen van artikel 4, eerste lid, van de
                                    Winkeltijdenwet in relatie tot die van 3, vierde lid volgt dat
                                    deze ontheffing zowel op aanvraag als ambtshalve kan worden
                                    verleend.</al><al><onderstreept>Kunstateliers en galeries</onderstreept></al><al>Kunstateliers (atelier van een kunstenaar) en galeries zijn
                                    winkels, maar hebben in de Winkeltijdenwet een speciale status,
                                    die voortkomt uit de oude Winkelsluitingswet en het daarop
                                    berustende Besluit gemeentelijke ontheffingen
                                    Winkelsluitingswet. In artikel 4 van dat landelijk geldende
                                    besluit was een afzonderlijke regeling opgenomen voor
                                    kunstateliers en galeries. Deze bepaling hield in dat
                                    burgemeester en wethouders ontheffing konden verlenen ten
                                    behoeve van het uitstallen van niet fabrieksmatig vervaardigde
                                    kunstvoorwerpen door of voor rekening van de vervaardiger
                                    daarvan, voor de zon- en feestdagen en de sluitingsuren op
                                    werkdagen. Bij het opstellen van de Winkeltijdenwet in 1996 is
                                    deze ontheffingsmogelijkheid niet meer expliciet overgenomen in
                                    het Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenwet. Daar kwamen direct
                                    veel vragen over. In overleg met het ministerie van Economische
                                    Zaken zijn de kunstateliers en de galeries in artikel 7, tweede
                                    lid, van de toenmalige en nu het eerste lid van de huidige
                                    modelverordening Winkeltijdenwet opgenomen. Op grond van artikel
                                    4, tweede lid, van de wet, zoals uitgewerkt in artikel 6, eerste
                                    lid van de modelverordening, kunnen burgemeester en wethouders
                                    ontheffing verlenen voor de zon- en feestdagen voor bijzondere
                                    situaties. De wet laat hierin de gemeenten beleidsvrijheid. Met
                                    gebruikmaking van deze beleidsvrijheid kan de ontheffing
                                    verleend worden voor tentoonstellingen in kunstateliers en
                                    galeries. De achtergrond van deze bijzondere status voor
                                    kunstateliers en galeries is dat de mogelijkheden voor
                                    kunstenaars aan hun werk bekendheid te geven door middel van
                                    (verkoop)tentoonstellingen niet te zeer aan banden gelegd mag
                                    worden. Bovendien spelen concurrentieoverwegingen hier
                                    nauwelijks een rol, gezien het individuele karakter van de
                                    betrokken voorwerpen.</al><al>In artikel 6, eerste lid onder c van de verordening worden
                                    alleen tentoonstellingen in kunstateliers genoemd. Er is voor
                                    gekozen galeries de ruimte te geven elke zondag open te zijn.
                                    Vandaar dat deze niet meer in dit artikel voorkomen maar zijn
                                    verplaatst naar artikel 8. </al><al><onderstreept>Jurisprudentie</onderstreept></al><al>Onder bijzondere omstandigheden van tijdelijke aard kunnen
                                    feestelijkheden worden verstaan. In een uitspraak van 28 oktober
                                    2008, LJN: BG2147 (Amsterdam Noord), heeft het CBB het begrip
                                    “feestelijkheden” ingevuld. Het ging in deze zaak onder meer om
                                    de vraag of allerlei buitenlandse en nogal buitenissige
                                    feestdagen zoals de Chinese dag van het kind, de Amerikaanse
                                    "doe vriendelijk dag" en dergelijke konden worden aangemerkt als
                                    "feestelijkheden" zoals bedoeld in de Winkeltijdenverordening
                                    van het desbetreffende stadsdeel. Uit de uitspraak blijkt "….dat
                                    het moet gaan om feestelijkheden die bijzondere gelegenheden van
                                    tijdelijke aard zijn. Bij het hanteren van het begrip
                                    "bijzondere gelegenheid van tijdelijke aard" moet er een verband
                                    kunnen worden aangewezen met een gebeurtenis dan wel met het
                                    beleven of uiten van opvattingen of gevoelens, waaraan blijkens
                                    een breed gedragen mening van de bevolking of een
                                    bevolkingsgroep op landelijk dan wel op lokaal niveau, een
                                    feestelijke, gedenkwaardige betekenis moet worden gehecht."</al><al>In een uitspraak van 18 december 2009 bepaalde de
                                    voorzieningenrechter dat het verlenen van ontheffing om op
                                    zondag 20 december open te zijn in verband met het plaatsvinden
                                    van een feestelijkheid (de laatste zondag voor Kerstmis), niet
                                    mogelijk was. In deze mondelinge uitspraak overwoog de rechter:
                                    “Er is echter niet gebleken welke feestelijkheid op die dag
                                    plaats zal vinden en tevens niet of de genoemde feestelijke
                                    activiteiten ten tijde van het verlenen van de ontheffing reeds
                                    gepland waren. Doordat de ontheffing is verleend aan alle
                                    winkeliers in de gemeente Lisse, komt de ontheffing eigenlijk
                                    overeen met het aanwijzen van een extra algemene koopzondag. De
                                    voorzieningenrechter merkt daarbij op dat de gemeenteraad de
                                    mogelijkheid heeft om burgemeester en wethouders de bevoegdheid
                                    te geven twaalf koopzondagen aan te wijzen. De gemeenteraad
                                    heeft deze bevoegdheid echter beperkt tot zes zon- en
                                    feestdagen, van welke bevoegdheid ook gebruik is gemaakt. Door
                                    het aanwijzen van deze extra koopzondag, hebben burgemeester en
                                    wethouders in strijd met de verordening gehandeld.” (LJN BK
                                    7097, Lisse).</al><al>Artikel 7. Openstelling op werkdagen tussen 22.00 en 06.00
                                    uur</al><al>Dit artikel steunt op artikel 7, tweede lid, van de
                                    Winkeltijdenwet. Artikel 7 luidt:</al><lijst><li nr="1."><al>De gemeenteraad kan bij verordening vrijstelling
                                            verlenen van de in artikel 2 vervatte verboden, voor
                                            zover deze betrekking hebben op werkdagen.</al></li><li nr="2."><al>De gemeenteraad kan bij verordening aan burgemeester en
                                            wethouders de bevoegdheid verlenen om, met inachtneming
                                            van de in die verordening te stellen regels,
                                            vrijstelling en op een daartoe strekkende aanvraag
                                            ontheffing van de in het eerste lid bedoelde verboden te
                                            verlenen.</al></li><li nr="3."><al>De vrijstellingen en ontheffingen kunnen onder
                                            beperkingen worden verleend. Aan de vrijstellingen en
                                            ontheffingen kunnen voorschriften worden verbonden.</al></li></lijst><al>Het verbod van artikel 2 van de wet voor de werkdagen staat in
                                    het eerste lid, onder c en houdt in dat de winkels niet tussen
                                    22 en 6 uur open mogen zijn. Hetzelfde geldt voor straatverkoop
                                    (art 2, tweede lid van de Winkeltijdenwet). Er kunnen dus
                                    gebieden worden aangewezen waar de winkels door de week wel
                                    tussen 22 en 6 uur open mogen zijn en waar straatverkoop mag
                                    plaatsvinden. Artikel 7 van de wet geeft de mogelijkheid
                                    gebieden of vormen van detailhandel aan te wijzen waarvoor het
                                    verbod niet geldt. De gemeenteraad kan dit rechtstreeks in de
                                    verordening doen. Ook kan in afzonderlijke gevallen ontheffing
                                    worden verleend.</al><al>De modelverordening gaat ervan uit dat voor de nachtelijke
                                    openstelling de ontheffing het belangrijkste instrument is. Per
                                    geval is dan een afweging te maken of de gewenste openstelling
                                    zich verhoudt met belangen van de woon- en leefomgeving, de
                                    veiligheid en de openbare orde.</al><al>De vrijstellingen en ontheffingen kunnen onder beperkingen en
                                    voorschriften worden verleend. Aan de ontheffing kan
                                    bijvoorbeeld de beperking worden verbonden dat er na een bepaald
                                    tijdstip geen alcoholhoudende drank mag worden verkocht (CBB
                                    18-03-2009, AWB 08/802 S2, Zaanstad) .</al><al>In het Vrijstellingenbesluit is voor een aantal overige vormen
                                    van detailhandel alleen de openstelling op zon- en feestdagen
                                    geregeld. De openstelling van deze vormen van detailhandel op de
                                    uren tussen 22.00 en 06.00 uur op werkdagen wordt door de
                                    verordening geregeld.</al><al>Artikel 8. Toerisme</al><al><onderstreept>Algemeen</onderstreept></al><al>De grondslag van het artikel in de modelverordening is artikel
                                    3, derde lid, onder a van de Winkeltijdenwet. De wet laat de
                                    keuze tussen het verlenen van vrijstelling door de raad of het
                                    op basis van de verordening verlenen van ontheffing door
                                    burgemeester en wethouders. Artikel 3, derde lid, aanhef en
                                    onder a van de wet luidt:</al><al>De gemeenteraad kan bij verordening vrijstelling verlenen van de
                                    in het eerste lid bedoelde verboden of aan burgemeester en
                                    wethouders de bevoegdheid verlenen om in de gevallen, in die
                                    verordening aan te wijzen, en met inachtneming van de daarin
                                    gestelde regels op een daartoe strekkende aanvraag ontheffing
                                    van die verboden te verlenen ten behoeve van:</al><al>a.op de betrokken gemeente of een deel daarvan gericht toerisme,
                                    mits de aantrekkingskracht voor dat toerisme geheel of nagenoeg
                                    geheel is gelegen buiten de verkoopactiviteiten die door de
                                    vrijstelling of ontheffing mogelijk worden gemaakt; (…....)</al><al>Door het wetsvoorstel 31728 wordt dit artikellid uit de
                                    Winkeltijdenwet aangescherpt in die zin dat er sprake moet zijn
                                    van substantieel toerisme in de gemeente en dat de raad dan wel
                                    het college bij zijn besluit nadrukkelijk de volgende belangen
                                    moet meewegen:</al><lijst><li nr="a."><al>werkgelegenheid en economische bedrijvigheid in de
                                            gemeente, waaronder mede wordt begrepen het belang van
                                            winkeliers met weinig of geen personeel en van
                                            winkelpersoneel,</al></li><li nr="b."><al>de zondagsrust in de gemeente, en</al></li><li nr="c."><al>de leefbaarheid, veiligheid en de openbare orde in de
                                            gemeente.</al></li></lijst><al>Verder bepaalt het wetsvoorstel dat bij de verordening een
                                    toelichting moet worden gevoegd waarin wordt gemotiveerd dat er
                                    sprake is van toeristische aantrekkingskracht van de gemeente of
                                    het gebied in kwestie. De toelichting moet verder expliciet de
                                    belangen beschrijven die bij de besluitvorming zijn betrokken,
                                    in elk geval die belangen die hiervoor onder a, b en c zijn
                                    genoemd.</al><al>In de Memorie van Toelichting wordt nog met nadruk op de
                                    volgende aspecten gewezen. Van belang is allereerst dat de
                                    bepaling alleen mag worden toegepast als er sprake is van
                                    toerisme van een substantiële omvang in de gemeente of een deel
                                    daarvan. Daarnaast moet het gemeentebestuur aangeven dat de
                                    aantrekkingskracht van de gemeente of het desbetreffende deel
                                    ervan geheel of nagenoeg geheel is gelegen buiten de
                                    verkoopactiviteiten die door de vrijstelling of de bevoegdheid
                                    om ontheffing te verlenen mogelijk worden gemaakt. De
                                    toeristische aantrekkingskracht van de gemeente moet met andere
                                    woorden autonoom zijn. Verder is van belang dat de winkelopening
                                    moet dienen ter ondersteuning van het toerisme. De raad heeft
                                    bij dat alles een zekere beoordelingsvrijheid. (TK 2009-2009,
                                    31728, nr. 3, pag. 4-5 en pag.11).</al><al>Over de uitleg van het begrip “toerisme” overwoog de
                                    voorzieningenrechter CBB op 11 maart 2009 (stadsdeel
                                    Amsterdam-Noord, LJN: BH5474): “…….dat de woorden "toerisme" en
                                    "aantrekkingskracht voor dat toerisme" strikt dienen te worden
                                    geïnterpreteerd, aangezien bij een andere benadering het verbod
                                    tot zondagsopenstelling zoals vervat in artikel 2, eerste lid,
                                    van de Wet, feitelijk illusoir zou worden gemaakt. Dat betekent
                                    dat wanneer natuur- of stedeschoon, toeristische recreatiecentra
                                    en toeristische evenementen zich niet in betekenende mate
                                    onderscheiden van datgene wat ter zake bij vele andere gemeenten
                                    voorhanden is, deze omstandigheden op zichzelf noch tezamen de
                                    toeristische aantrekkingskracht kunnen vormen waarop artikel 3,
                                    derde lid, aanhef en onder a, van de Wet (….) het oog heeft,
                                    zulks omdat bij een andere interpretatie het
                                    uitzonderingskarakter van de desbetreffende bepaling teloor zou
                                    gaan. Het zal, zoals van regeringswege bij de behandeling van de
                                    Winkelsluitingswet 1976 en de Wet ook is aangegeven, moeten gaan
                                    om toeristische trekpleisters die, los van de gelegenheid tot
                                    winkelen, zelf in een in aanmerking te nemen mate
                                    ("publieksstroom"; memorie van toelichting bij de wijziging van
                                    de Winkelsluitingswet 1976, p.8) toeristen naar de
                                    desbetreffende gemeente of de(e)l(en) van </al><al>de gemeente trekken. “</al><al><vet>Inhoud artikel 8</vet></al><al>In artikel 8 van de winkeltijdenverordening is geregeld dat de
                                    levensmiddelenbranche en de galeries elke zondag open mogen zijn
                                    van 11.00 – 18.00 uur. </al><al>Voor de overige detailhandel zijn er naast de twaalf zondagen
                                    uit artikel 5 van de verordening ook nog maximaal 14 zondagen
                                    beschikbaar. Het totaal komt hiermee op 26 per jaar.</al><al>Er is geen verschil gemaakt tussen de deelgebieden in de
                                    gemeente.</al><al><vet>Motivering bij artikel 8 </vet></al><al>Met deze toelichting bij het toerismeartikel uit de
                                    Winkeltijdenverordening wordt gevolg gegeven aan de
                                    motiveringsplicht als bedoeld in artikel 3 lid 7 van de
                                    Winkeltijdenwet (Wtw).</al><al>De motivering dient in ieder geval twee onderdelen te
                                    bevatten.</al><al>In de eerste plaats moet gemotiveerd worden dat is voldaan aan
                                    de voorwaarden voor toepassing van artikel 3, derde lid onder
                                    a.</al><al>In de tweede plaats dient de motivering een inzicht te geven in
                                    de belangenafweging die aan het besluit ten grondslag ligt
                                    (artikel 3, lid 6).</al><al>De hierna gegeven motivering voldoet aan deze wettelijke
                                    eisen.</al><al>1.<vet>Artikel 3 lid 3, onder a van de
                                    Winkeltijdenwet</vet></al><al>De raad heeft op grond van artikel 3 lid 3 Wtw de bevoegdheid om
                                    bij verordening als onderhavige vrijstelling te verlenen van het
                                    verbod om winkels op zon- en feestdagen geopend te hebben. Deze
                                    bevoegdheid is aan voorwaarden gebonden. Deze voorwaarden zijn
                                    gesteld in artikel 3 lid 3 onder a van de Wtv.</al><al>Er dient binnen de gemeente sprake te zijn van op de gemeente of
                                    een deel daarvan gericht toerisme met een substantiële omvang,
                                    mits de aantrekkingskracht voor dat toerisme geheel of nagenoeg
                                    geheel is gelegen buiten de verkoopactiviteiten die door de
                                    vrijstelling mogelijk worden gemaakt (het toerisme dient
                                    autonoom te zijn).</al><al>De vaststelling of aan deze voorwaarden is voldaan, vergt een
                                    beoordeling van alle feiten en omstandigheden van het geval, die
                                    nauw verweven is met de specifieke situatie van de gemeente. De
                                    raad heeft daarom een zekere beoordelingsvrijheid, die de
                                    rechter bij zijn toetsing behoort te respecteren.</al><al>De hiernavolgende redenen voldoen aan deze
                                    toepassingsvoorwaarden.</al><al><onderstreept>Autonoom toerisme met een substantiële
                                        omvang.</onderstreept></al><al>In de gemeente is sprake van autonoom toerisme met een
                                    substantiële omvang. In onze gemeente zijn namelijk een aantal
                                    toeristische trekpleisters c.q. voorzieningen aanwezig, op grond
                                    waarvan de gemeente zich onderscheidt van andere gemeenten,
                                    zoals o.a. de Oisterwijkse bossen en vennen, het
                                    bezoekerscentrum van Natuurmonumenten, Piet Plezier,
                                    Staalbergven, Centrum van Oisterwijk, Kanoboerderij De Reusel,
                                    Kerkhovense Molen en de vele recreatieve fiets-, wandel- en
                                    ruiterpaden. Daarnaast zijn er aansprekende evenementen met
                                    bovenlokale aantrekkingskracht zoals, Oisterwijk Sculptuur,
                                    Oisterwijk Swingt, Modedag en Oisterwijk on Ice, Moergestel
                                    Fietsdorp en de Reuzendag</al><al>a.Autonoom toerisme</al><al>De toeristische trekpleisters maken al decennia onderdeel uit
                                    van de gemeente en trekken jaarlijks vele toeristen nog voordat
                                    er sprake was van koopzondagen. Er is sprake van ongeveer
                                    400.000 overnachtingen per jaar en minstens 1 miljoen
                                    dagrecreanten. Oisterwijk had dus al een autonome
                                    aantrekkingskracht op toeristen nog voordat de wetgeving de
                                    zondagopenstelling mogelijk maakte.</al><al>b.Substantiële omvang</al><al>Bij een omvang van 400.000 overnachtingen en ongeveer 1 miljoen
                                    dagrecreanten is er sprake van substantiële omvang van toerisme.
                                    De bestedingen zijn, gebaseerd op cijfers uit 2009, totaal €
                                    26.420.000,-- per jaar.</al><al>2.<vet>Artikel 3 lid 6 van de Winkeltijdenwet</vet></al><al>De wet bepaalt dat de raad in ieder geval de volgende belangen
                                    dient te betrekken bij de besluitvorming:</al><lijst><li nr="a."><al>werkgelegenheid en economische bedrijvigheid in de
                                            gemeente, waaronder mede wordt begrepen het belang van
                                            winkeliers met weinig of geen personeel en van
                                            winkelpersoneel;</al></li><li nr="b."><al>de zondagsrust in de gemeente;</al></li><li nr="c."><al>de leefbaarheid, de veiligheid en de openbare orde in de
                                            gemeente.</al></li></lijst><al>In het rapport “Midden-Brabant, Toegevoegde waarde
                                    zondagopenstelling” van BRO (2011), dat in opdracht van Leisure
                                    Boulevard is opgesteld, is een uitgebreide analyse te vinden van
                                    het toeristisch profiel van de regio Midden-Brabant.</al><al>Winkelen is, door het laagdrempelige karakter, een belangrijke
                                    vrijetijdsactiviteit.</al><al>Bovendien is het bij uitstek een “winterharde” activiteit, die
                                    de beoogde seizoensverbreding en korte termijn vakantiemarkt in
                                    Midden-Brabant een forse impuls kan geven. Gebiedsbrede
                                    zondagopenstelling kan de aantrekkelijkheid van het gebied
                                    vergroten.</al><al>In het rapport wordt de conclusie getrokken dat de winkels in
                                    het centrum van Oisterwijk, samen met andere functies, een
                                    belangrijke trekker van bovenregionale betekenis vormen en wordt
                                    een aanbeveling gedaan te komen tot een verruiming van het
                                    aantal koopzondagen.</al><al><onderstreept>Ad a. Werkgelegenheid en economische
                                        bedrijvigheid</onderstreept></al><al>In de gemeente zijn 160 bedrijven actief binnen de sector
                                    recreatie en toerisme. Binnen deze sector werken ongeveer 1050
                                    personen waarvan 52% met een full-time arbeidsplaats. De sector
                                    is goed voor 10% van de werkgelegenheid in de gemeente. </al><al>Binnen de detailhandel zijn 313 bedrijven met een
                                    werkgelegenheid van 1.600 personen. Deze sector is goed voor 15
                                    % van de werkgelegenheid.</al><al>34% van de uitgaven op zondag kunnen worden bestempeld als extra
                                    uitgaven. Deze bestedingen zouden anders in andere sectoren
                                    terecht zijn gekomen.</al><al>Uit de inspraak is niet naar voren gekomen dat de belangen van
                                    winkeliers met weinig of geen personeel en van winkelpersoneel
                                    worden geschaad. Personeel zal mogelijk vaker gevraagd worden om
                                    op zondag te werken. Door andere wetgeving kunnen werknemers
                                    niet gedwongen worden om op zondag te werken.</al><al><onderstreept>Ad b. De zondagsrust in de
                                    gemeente</onderstreept></al><al>De zondagsrust wordt gewaarborgd door de Zondagswet. Op grond
                                    daarvan mag de kerkgang tussen 10.00 tot 13.00 uur niet worden
                                    verstoord. Het bepaalde in artikel 8 maakt geen (onaanvaardbare
                                    inbreuk op de zondagsrust. De belangen van de zondagsrust worden
                                    voldoende gewaarborgd.</al><al><onderstreept>Ad c. De leefbaarheid, de veiligheid en de
                                        openbare orde in de gemeente.</onderstreept></al><al>Het is niet waarschijnlijk dat deze belangen op ontoelaatbare
                                    wijze zullen worden beïnvloed door het verruimen van het aantal
                                    koopzondagen. In het algemeen zorgt winkelend publiek niet of
                                    nauwelijks voor overlast of verstoring van de openbare
                                    orde.</al><al>Artikel 9. Overgangsbepaling en inwerkingtreding</al><al>De wet kent geen overgangsbepaling. Aangezien de regeling op
                                    grond van de Winkelsluitingswet en Winkeltijdenwet voor toerisme
                                    niet veranderd is, is een overgangsbepaling opgenomen in de
                                    verordening.</al><al>Hierin is geregeld dat de ontheffingen die op grond van de oude
                                    verordening zijn verleend geacht worden ontheffingen te zijn op
                                    grond van de nieuwe verordening. Betrokkenen hoeven dan geen
                                    nieuwe ontheffing aan te vragen en de gemeente kent minder
                                    bestuurslasten en ontheffingen. Het tijdstip van in werking
                                    treden van de verordening zal om de bestaande ontheffingen en
                                    vrijstellingen te kunnen laten doorlopen moeten worden gekoppeld
                                    aan het tijdstip van intrekken van de oude verordening.</al><al>Artikel 10. Citeertitel</al><al>Om te voorkomen dat de nieuwe verordening dezelfde naam heeft
                                    als de voorganger – die via artikel 12 wordt ingetrokken op het
                                    moment van inwerkingtreding van deze nieuwe – wordt achter de
                                    gemeentenaam het jaartal van de vaststelling opgenomen.</al></li><li nr="B."><al>ALGEMENE TOELICHTING</al></li></lijst><divisie><kop><titel>De Winkeltijdenwet</titel></kop><al>Op 1 juni 1996 is de Winkeltijdenwet tezamen met het
                            Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenwet in werking getreden. Deze wet
                            stelt ruimere regels voor de openingstijden van winkels dan zijn
                            voorganger, de Winkelsluitingswet 1976.</al><al>De tekst van de Winkeltijdenwet en het bijbehorende
                            Vrijstellingenbesluit zijn gepubliceerd in het Staatsblad van 28 maart
                            1996, onder nummer 182 en 183. Op dit moment is een wijziging van de
                            Winkeltijdenwet bij de Eerste Kamer in behandeling (EK 2009-2010;
                            31728). Deze wijziging heeft tot doel een inkadering te geven van de
                            bevoegdheid om toeristische gebieden aan te wijzen, waar de winkels op
                            alle zon- en feestdagen open mogen zijn. Het gaat om een aantal extra
                            eisen aan de besluitvorming en een aanscherping van de bevoegdheid op
                            grond van artikel 3, derde lid, onder a, van de wet. Verder worden door
                            deze wetswijziging de vrijstellingen die de raad op basis van dit
                            artikel bij verordening kan geven, vatbaar voor bezwaar en beroep bij
                            het College van Beroep voor het bedrijfsleven.</al><al>Uitgangspunten Winkeltijdenwet</al><al>In concreto komen deze uitgangspunten neer op het volgende.</al><lijst><li nr="1."><al>Op maandag t/m zaterdag, de werkdagen, is openstelling van
                                    winkels toegestaan tussen 06.00 en 22.00 uur. Gemeenten mogen
                                    tijdens deze uren geen beperkingen opleggen aan de openstelling
                                    van winkels.</al></li><li nr="2."><al>Aan het aantal openingsuren per winkel per week is geen maximum
                                    verbonden.</al></li><li nr="3."><al>Tijdens de nachturen van 22.00 tot 06.00 uur is winkelopening op
                                    werkdagen niet toegestaan. Gemeenten kunnen echter
                                    vrijstellingen of ontheffingen van deze verplichte
                                    winkelsluiting verlenen. Op Goede Vrijdag, Kerstavond (24
                                    december) en. Dodenherdenking (4 mei) moeten de winkels vanaf
                                    19.00 uur dicht zijn.</al></li><li nr="4."><al>Op zon- en feestdagen is winkelopening niet toegestaan. Voor
                                    maximaal 12 zon- en feestdagen per kalenderjaar kan de gemeente
                                    vrijstelling of ontheffing van deze verplichte sluiting
                                    verlenen. De Winkeltijdenwet merkt in dit verband als feestdagen
                                    aan: Nieuwjaarsdag, tweede Paasdag, Hemelvaartsdag, tweede
                                    Pinksterdag en eerste en tweede Kerstdag.</al></li><li nr="5."><al>Winkels waar uitsluitend of hoofdzakelijk levensmiddelen worden
                                    verkocht (in de praktijk gaat het vaak om supermarkten) kunnen
                                    ontheffing krijgen om op zon- en feestdagen vanaf 16.00 uur open
                                    te zijn. Ze moeten dan wel op alle zon- en feestdagen voor 16.00
                                    uur dicht zijn, ook als die als koopzondag zijn aangewezen.
                                    Belangrijk is ook dat er in een gemeente maar één ontheffing per
                                    15.000 inwoners mag worden verleend.</al></li><li nr="6."><al>De raden kunnen bij verordening vrijstelling verlenen van de
                                    verplichte winkelsluiting op zon- en feestdagen in verband met
                                    op de gemeente of een deel daarvan gericht autonoom toerisme.
                                    Zoals hiervoor vermeld wordt deze bevoegdheid door het
                                    wetsvoorstel 31728 nader ingekaderd.</al></li></lijst><al>De Winkeltijdenwet is niet alleen van toepassing op winkels: het is op
                            de in artikel 2, eerste lid, van de wet bedoelde dagen en tijden ook
                            verboden om in de uitoefening van een bedrijf (anders dan in een winkel)
                            goederen te koop aan te bieden of te verkopen aan particulieren. Dit
                            volgt uit artikel 2, tweede lid.</al></divisie><divisie><kop><titel>Gemeentelijke bevoegdheden</titel></kop><al>Als algemene regel geldt dat op zon- en feestdagen de winkels gesloten
                            zijn. Hierop bestaat een aantal uitzonderingen in de vorm van
                            vrijstellings- en ontheffingsmogelijkheden. Hiermee kan het
                            gemeentebestuur ook buiten de wettelijk geregelde sluitingstijden
                            winkelopening toestaan. Deze bevoegdheden kunnen worden ingedeeld in de
                            volgende vier categorieën.</al><al>1.Bevoegdheden op werkdagen</al><al>De gemeentelijke bevoegdheden op werkdagen behelzen feitelijk de
                            mogelijkheid om ook na 22.00 uur winkelopening toe te staan (art. 7 van
                            de Winkeltijdenwet). De winkeltijdenverordening moet in een grondslag
                            voorzien om de detailhandelsactiviteiten mogelijk te maken die na 22.00
                            uur op werkdagen plaatsvinden. Dat is gebeurd in artikel 9 van de
                            modelverordening.</al><al>2.Bevoegdheden op zon- en feestdagen en 19-uurdagen</al><al>De gemeenteraad heeft op grond van artikel 3, eerste lid,
                            Winkeltijdenwet de bevoegdheid om per kalenderjaar maximaal twaalf
                            zondagen of feestdagen als koopzondag aan te wijzen. Deze bevoegdheid
                            geldt per deel van de gemeente afzonderlijk en kan worden overgedragen
                            aan het college van burgemeester en wethouders. Ook kan de raad het
                            college van burgemeester en wethouders een ontheffingsbevoegdheid
                            toekennen.</al><al>Artikel 2, eerste lid, aanhef en onder a, Winkeltijdenwet bepaalt dat de
                            winkels op zondag gesloten moeten zijn. In het eerste lid, onder b,
                            wordt een aantal andere dagen genoemd waarop de winkels gesloten moeten
                            zijn, namelijk Nieuwjaarsdag, tweede Paasdag, Hemelvaartsdag, tweede
                            Pinksterdag en eerste en tweede Kerstdag. Deze dagen zijn in artikel 1
                            van de modelverordening gedefinieerd als feestdagen. Daarnaast noemt
                            artikel 2, eerste lid onder b, van de Winkeltijdenwet nog drie dagen
                            waarop de winkels gesloten moeten zijn vanaf 19.00 uur: Goede Vrijdag, 4
                            mei en 24 december. Deze dagen vallen dus niet onder het begrip
                            feestdagen. In deze toelichting worden ze verder aangeduid als
                            “19-uurdagen”.</al><al>Nieuwjaarsdag, tweede Paasdag, Hemelvaartsdag, tweede Pinksterdag en
                            eerste en tweede Kerstdag zijn ook in artikel 1 van het
                            Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenwet gedefinieerd als feestdagen.</al><al>Artikel 3, eerste lid, van de Winkeltijdenwet noemt als dagen die als
                            koopzondag kunnen worden aangewezen naast de zondagen alleen de hiervoor
                            vermelde feestdagen Nieuwjaarsdag, tweede Paasdag, Hemelvaartsdag,
                            tweede Pinksterdag en eerste en tweede Kerstdag. Daaruit volgt dat de
                            19uurdagen niet als koopzondag kunnen worden aangewezen indien zij op
                            een zondag vallen.</al><al>3.Bevoegdheden voor specifieke situaties</al><al>De gemeente heeft de bevoegdheid om bij verordening een vrijstelling te
                            verlenen van het verbod om op zon- en feestdagen open te zijn vanwege op
                            de gemeente of een deel daarvan gericht autonoom toerisme (artikel 3,
                            derde lid, onder a). Deze vrijstelling kan worden verleend voor de
                            gehele gemeente of een deel daarvan. Hierbij geldt de wettelijke
                            voorwaarde dat de lokale aantrekkingskracht voor toeristen niet wordt
                            bepaald door de (vrijgestelde) winkelopening. Deze bevoegdheid is
                            uitgewerkt in artikel 10 van de modelverordening.</al><al>Zoals in de inleiding vermeld is een wetsvoorstel bij de Eerste Kamer in
                            behandeling waardoor deze bepaling verder wordt ingekaderd. Zie voor
                            meer informatie en jurisprudentie de artikelgewijze toelichting bij
                            artikel 10 van deze modelverordening.</al><al>De wet voorziet in artikel 3, vierde lid, in een bevoegdheid van de
                            gemeenteraad om in een verordening een bevoegdheid aan het college van
                            burgemeester en wethouders toe te kennen om aan winkels die uitsluitend
                            of hoofdzakelijk eet- en drinkwaren verkopen een ontheffing te verlenen
                            voor opening op zon- en feestdagen vanaf 16.00 uur. Per 15.000 inwoners
                            van de gemeente mag slechts één winkel worden aangewezen. In gemeenten
                            met minder dan 15.000 inwoners mag aan één winkel een dergelijke
                            ontheffing worden verleend. Deze bepaling komt in plaats van de
                            avondwinkelbepaling in de Winkelsluitingswet 1976. Net als onder de
                            Winkelsluitingswet 1976 moeten deze winkels zich uitsluitend of
                            hoofdzakelijk richten op de verkoop van eet- en drinkwaren, met
                            uitzondering van sterke drank in de zin van artikel 1 van de Drank en
                            Horecawet. Het gaat in de praktijk vaak om supermarkten. Doordat artikel
                            3, vierde lid van de Winkeltijdenwet verwijst naar artikel 2, tweede lid
                            onder a en b, kan een dergelijke supermarkt dus op zondagen, feestdagen
                            en op 19uur dagen geopend zijn. Zie verder de toelichting bij artikel 6
                            van deze verordening.</al><al>Winkels die een ontheffing op grond van artikel 3, vierde lid, hebben
                            mogen op werkdagen ook op de reguliere winkeltijden, dus tussen 06.00
                            uur en 22.00 uur, onbeperkt geopend zijn. Daarnaast kan nog vrijstelling
                            of ontheffing worden verleend voor de uren tussen 22.00 uur en 06.00 uur
                            (artikel 7 Winkeltijdenwet). De betrokken winkels moeten echter wel op
                            alle zon- en feestdagen gesloten zijn tot 16.00 uur. Dit geldt dus ook
                            voor die zon- en feestdagen die als koopzondag zijn aangewezen.</al><al>Daarnaast heeft de gemeente de mogelijkheid om voor grensoverschrijdend
                            verkeer een vrijstelling te verlenen aan winkels in de nabijheid van
                            grensovergangen langs daarop aansluitende doorgaande wegen.</al><al>Het college heeft op grond van artikel 4, eerste lid, van de wet de
                            bevoegdheid om bij plotseling opkomende bijzondere omstandigheden een
                            vrijstelling van de verplichte winkelsluiting te verlenen. Daarnaast kan
                            de raad het college in bij de verordening aangewezen gevallen de
                            bevoegdheid toe kennen op verzoek een ontheffing verlenen bij bijzondere
                            gelegenheden van tijdelijke aard en voor het uitstallen van goederen.
                            Zie daarover ook de toelichting bij artikel 7.</al><al>Het college kan op grond van artikel 6 van de Winkeltijdenwet op verzoek
                            een ontheffing verlenen voor de openstelling van de winkel op zondag aan
                            winkeliers die tot een kerkgenootschap behoren dat de wekelijkse
                            religieuze rustdag op een andere dag dan de zondag houdt. Deze
                            winkeliers moeten dan wel op hun eigen religieuze rustdag hun winkel
                            gesloten houden</al><al>4.Algemeen</al><al>Alle op grond van de wet en de verordening te verlenen vrijstellingen en
                            ontheffingen kunnen onder beperkingen worden verleend; ook kunnen er
                            voorschriften aan worden gebonden. Aan de ontheffingen op grond van
                            artikel 3, vierde lid, en op grond van artikel 7 van de Winkeltijdenwet
                            (avondopenstelling op zondag respectievelijk op werkdagen) kan
                            bijvoorbeeld de beperking worden verbonden dat er na een bepaald
                            tijdstip geen alcoholhoudende drank mag worden verkocht (CBB 18-03-2009,
                            AWB 08/802 S2, Zaanstad)</al></divisie><divisie><kop><titel>Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenwet</titel></kop><al>In het Vrijstellingenbesluit worden aan enkele vormen van detailhandel
                            landelijke vrijstellingen verleend van de openingsverboden uit de
                            Winkeltijdenwet. Hierbij worden landelijke vrijstellingen voor de gehele
                            week en landelijke vrijstellingen voor de zondagen en de feestdagen
                            onderscheiden. Voor de detailhandelsactiviteiten van de laatste
                            categorie kunnen voor de werkdagen op lokaal niveau vrijstellingen en
                            ontheffingen worden verleend. De twee categorieën zijn hieronder nader
                            uitgewerkt.</al><al>Aan dit onderscheid ligt de keuze ten grondslag om het zwaartepunt bij
                            de mogelijkheid voor het verlenen van vrijstellingen bij de gemeenten te
                            leggen. Voor een beperkt aantal detailhandelsactiviteiten wordt de
                            vrijstelling gedurende de gehele week echter van zo groot landelijk
                            belang geacht, dat hiervoor landelijke vrijstellingen zijn opgenomen.
                            Het gaat om de detailhandel in instellingen voor de volksgezondheid,
                            verkeer en vervoer en de verkoop van nieuwsbladen en tijdschriften.
                            Omdat de bevoegdheid van gemeenten om detailhandel op zon- en feestdagen
                            toe te staan beperkt blijft tot twaalf dagen per jaar, geeft het besluit
                            ook landelijke vrijstellingen voor enkele soorten detailhandel die van
                            oudsher op zon- en feestdagen plaatsvindt. Het gaat deels om winkels die
                            gewoonlijk ook op werkdagen na 22.00 uur geopend zijn. Om de
                            openstelling van deze winkels dan mogelijk te maken, kan in de
                            verordening een vrijstelling of mogelijkheid voor het verlenen van een
                            ontheffing worden opgenomen.</al><al>1.Vrijstellingen voor zon- en feestdagen en werkdagen</al><al>De vrijstellingen die voor de hele week gelden zijn alleen van
                            toepassing op: </al><lijst><li nr="a."><al>Instellingen van volksgezondheid (apotheken en winkels in en op
                                    het terrein van ziekenhuizen en verpleeghuizen). Het college
                                    krijgt daarbij de bevoegdheid om op verzoek een ontheffing te
                                    verlenen voor verkooppunten van uitsluitend of hoofdzakelijk
                                    eet- en drinkwaren, prentbriefkaarten, nieuwsbladen en
                                    tijdschriften, alsmede bloemen en planten, op ten hoogste 250
                                    meter afstand van de publieksingang van een ziekenhuis of
                                    verpleeghuis. Deze ontheffing mag gelden vanaf een half uur voor
                                    de aanvang van de bezoektijden tot het einde daarvan.</al></li><li nr="b."><al>Instellingen van verkeer en vervoer (winkels in
                                    NS-stationsgebouwen, luchtvaartterreinen voor intercontinentaal
                                    verkeer, shops in benzinestations en wegrestaurants en verkoop
                                    ten behoeve van de beroepsscheepvaart). Het college krijgt
                                    daarbij de bevoegdheid op verzoek een ontheffing te verlenen aan
                                    winkels gericht op reizigers in een gebouw voor een knooppunt
                                    van openbaar vervoer of voor het verkopen van bloemen en planten
                                    op een afstand van ten hoogste 100 meter daarvan.</al></li><li nr="c."><al>Instellingen voor de verkoop van nieuwsbladen en
                                    tijdschriften.</al></li><li nr="2."><al>Vrijstellingen uitsluitend voor zon- en feestdagen</al></li></lijst><al>Vrijstellingen voor uitsluitend de zon- en feestdagen worden in dit
                            besluit verleend voor: </al><lijst><li nr="a."><al>Bepaalde winkels (musea; winkels waar uitsluitend maaltijden,
                                    voor directe consumptie geschikte eetwaren, alcoholvrije dranken
                                    en, via een automaat, tabak en tabaksproducten, middelen ter
                                    voorkoming van zwangerschap en damesverband worden verkocht;
                                    videotheken, mits geen andere goederen te koop worden aangeboden
                                    of verkocht dan videobanden en andere beelddragers, alsmede
                                    tijdschriften en catalogi, die betrekking hebben op het te huur
                                    aangeboden assortiment).</al></li><li nr="b."><al>Openstelling van winkels anders dan voor verkoop, indien
                                    noodzakelijk voor het betreden van een restaurant of lunchroom
                                    en voor fietsenwinkels voor zover noodzakelijk voor het huren
                                    van fietsen en bromfietsen.</al></li><li nr="c."><al>Straatverkoop van eetwaren voor directe consumptie en
                                    alcoholvrije dranken. Indien de plaatselijke omstandigheden
                                    daartoe aanleiding geven, kan de raad bij verordening bepalen
                                    dat deze vrijstelling niet geldt voor de betrokken gemeente of
                                    een of meer delen daarvan. Daarin is voorzien in artikel 8 van
                                    de modelverordening.</al></li><li nr="d."><al>Verkoop van bloemen en planten gedurende de openingstijden op
                                    een afstand van ten hoogste 100 meter van de publieksingang van
                                    een begraafplaats.</al></li><li nr="e."><al>Verkoop van rechtstreeks verband houdende goederen bij
                                    voorstellingen, uitvoeringen of evenementen van culturele aard
                                    vanaf een uur voor aanvang tot een uur na afloop.</al></li><li nr="f."><al>Verkoop van rechtstreeks verband houdende goederen in of op het
                                    terrein van sportcomplexen gedurende de openingstijden van die
                                    sportcomplexen.</al></li><li nr="g."><al>Winkels in of op het terrein van bejaardenoorden, waar
                                    uitsluitend of hoofdzakelijk eet- en drinkwaren,
                                    prentbriefkaarten, nieuwsbladen en tijdschriften, alsmede
                                    bloemen en planten worden verkocht.</al></li><li nr="h."><al>Winkels in fotoartikelen, indien betreden noodzakelijk is voor
                                    het maken van portretfoto's ter gelegenheid van de Eerste
                                    Heilige Communie.</al></li><li nr="i."><al>Verkoop van bloemen en planten op dagen waarop Allerheiligen en
                                    Allerzielen worden gevierd.</al></li><li nr="j."><al>Verkoop van brood en gebak dat in het bijzonder is bestemd voor
                                    hen die zich aan de Ramadan houden, en wel tussen twee uur vóór
                                    zonsondergang tot zonsondergang gedurende de Ramadan, mits in
                                    die winkel dat brood en gebak ook pleegt te worden verkocht
                                    buiten de periode van de Ramadan.</al></li><li nr="k."><al>Verkoop van eetwaren voor directe consumptie en alcoholvrije
                                    dranken, religieuze artikelen en souvenirs, alsmede bloemen en
                                    planten, in de directe omgeving van een bedevaartplaats,
                                    gedurende de tijd dat deze plaats als zodanig wordt
                                    bezocht.</al></li><li nr="l."><al>Verkoop van feestartikelen op zondag waarop carnaval wordt
                                    gevierd, vanaf 12.00 uur en op zon- en feestdagen waarop in de
                                    gemeente een kermis wordt gehouden, gedurende de openingstijden
                                    van die kermis.</al></li></lijst></divisie><divisie><kop><titel>Handhaving</titel></kop><al>De controle op de naleving van de regels is in eerste instantie een taak
                            van de plaatselijk bevoegde politie in overleg met de gemeente. De
                            Belastingdienst/FIOD-ECD wordt daarbij ingeschakeld als er een
                            landelijke coördinatie vereist is.</al><al>Uiteraard is ook bestuursrechtelijke handhaving mogelijk. Over de
                            handhaving van de Winkeltijdenwet heeft de Minister van Economische
                            Zaken op 22 december 2006 een brief naar alle gemeenten gestuurd. Over
                            de samenloop van strafrechtelijke en bestuursrechtelijke handhaving
                            heeft de VNG nadere informatie gegeven. Deze is te vinden op de website
                            van de VNG, http://www.vng.nl/eCache/DEF/62/907.html .</al></divisie></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>