<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR238891_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Mandaatbesluit OFGV</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Dronten</dcterms:creator><dcterms:modified>2013-01-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Dronten</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Mandaatbesluit OFGV</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-12-11</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2024-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Mandaatbesluit OFGV</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Dronten,</vet></al><al>gelet op: afdeling 10.1.1. van de Algemene wet bestuursrecht;</al><al>de Algemene wet bestuursrecht, Wet openbaarheid van bestuur, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, de Wet milieubeheer, </al><al>de Wet bodembescherming, de Wet geluidhinder, de Waterwet, de Gemeentewet, de Provinciewet, de Wet Vervoer Gevaarlijke Stoffen, de Ontgrondingenwet, de Wet Luchtvaart, de Wet hygiëne en veiligheid bad en zwemgelegenheden, de Verordening voor de fysieke leefomgeving Flevoland 2012, Algemene Plaatselijke Verordening van de gemeente Dronten;</al><al>de Natuurbeschermingswet 1998 en de Flora- en faunawet voor zover het gaat om toezicht en handhaving;</al><al>de bij bovengenoemde wetten behorende Amvb’s, circulaires en regelingen;</al><al>artikel 4, vierde lid van de Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Flevoland en Gooi en Vechtstreek; de instemming van de directeur van de Omgevingsdienst Flevoland en Gooi en Vechtstreek, op grond van artikel 10:4, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, </al><al/><al><vet>BESLUIT:</vet></al><al/><al>Vast te stellen het <vet>MandaatbesluitOmgevingsdienst Flevoland en Gooi en Vechtstreek 2013 </vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In dit besluit wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>mandaat: de bevoegdheid om in naam van het College van Burgemeester en Wethouders besluiten te nemen;</al></li><li nr="b."><al>het College: het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Dronten;</al></li><li nr="c."><al>de Raad: de gemeenteraad van de gemeente Dronten;</al></li><li nr="d."><al>OFGV: Omgevingsdienst Flevoland &amp; Gooi en Vechtstreek;</al></li><li nr="e."><al>directeur: de directeur van de OFGV bedoeld in artikel 20, derde lid van de Gemeenschappelijke Regeling OFGV;</al></li><li nr="f."><al>machtiging: de bevoegdheid om namens het college handelingen te verrichten die noch een besluit noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn;</al></li><li nr="g."><al>portefeuillehouder: het lid van het College dat zich bezighoudt met vergunningverlening, toezicht en handhaving;</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Mandaatverlening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het College verleent aan de directeur mandaat om namens haar de in het tweede lid genoemde bevoegdheden uit te oefenen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De bevoegdheden waarop het mandaat betrekking heeft, zijn - ingedeeld naar categorie en voorzien van een mandaatnummer - vermeld in de bij dit besluit behorende bijlage, waarin ook de in acht te nemen randvoorwaarden zijn opgenomen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het in het eerste lid verleende mandaat omvat zowel de bevoegdheid om besluiten te nemen, als de bevoegdheid om deze besluiten voor te bereiden en uit te voeren en de met de voorbereiding en uitvoering samenhangende correspondentie te ondertekenen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De directeur neemt bij de aan hem in mandaat verleende bevoegdheden de algemene instructies en de instructies per geval van het College in acht, als bedoeld in artikel 10.6 eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Vertegenwoordiging in rechte</titel></kop><al>Het College machtigt de directeur om in voorkomende gevallen, voor zover het de in artikel 2, eerste lid genoemde bevoegdheden betreft, medewerkers van de OFGV die onder zijn verantwoordelijkheid vallen, aan te wijzen om het College in rechte te vertegenwoordigen. <vet>Artikel 4. Machtiging</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Het College machtigt de directeur om namens en onder verantwoordelijkheid van haar feitelijke handelingen te verrichten, zijnde handelingen die geen rechtshandelingen zijn.</al></li><li nr="2."><al>Tot de handelingen als bedoeld in het eerste lid behoren in ieder geval het doorzenden van correspondentie, het versturen van ontvangstbevestigingen, het verstrekken van inlichtingen anders dan op basis van de Wet openbaarheid van bestuur, het aanvragen van informatie bij bedrijven en andere overheden anders dan uit hoofde van de uitoefening van een wettelijke taak of bevoegdheid; het versturen van uitnodigingen voor bijeenkomsten en het opschorten van beslistermijnen.</al></li><li nr="3."><al>De directeur kan medewerkers die onder zijn verantwoordelijkheid vallen machtigen om de in de vorige leden genoemde handelingen te verrichten. Wanneer de directeur hiertoe besluit, stuurt hij een afschrift van zijn besluit aan het College. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Voorwaarden mandaat en machtiging</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De directeur houdt zich bij de uitoefening van de aan hem opgedragen bevoegdheden aan de relevante wet- en regelgeving, de door Raad vastgestelde kaders alsmede het door het College vastgestelde beleid.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het College zorgt ervoor dat de directeur over alle benodigde informatie noodzakelijk voor de uitvoering van het bepaalde in het eerste lid, kan beschikken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Informatieplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De directeur informeert het College indien de uitoefening van een gemandateerde bevoegdheid naar verwachting politieke en maatschappelijke gevolgen kan hebben of indien een besluit tot consequentie kan hebben dat gemeente en/of het College aansprakelijk worden gesteld of anderszins aangesproken worden. In de gevallen bedoeld in de vorige volzin verschaft de directeur tijdig alle benodigde informatie aan het College en voert hij overleg met het College. De directeur gaat pas over tot uitoefening van de bewuste bevoegdheid, nadat overleg met het College heeft plaatsgevonden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het College laat zich bij het in het eerste lid bedoelde overleg vertegenwoordigen door de portefeuillehouder.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Ondermandaat</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Ondermandaat</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De directeur kan de bevoegdheden, genoemd in artikel 2, eenmaal in ondermandaat opdragen aan medewerkers die onder zijn verantwoordelijkheid vallen, tenzij dat met zoveel woorden ten aanzien van een concreet mandaat in de bijlage die behoort bij dit mandaatbesluit, uitdrukkelijk is uitgesloten.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De directeur is verplicht om het in het eerste lid genoemde ondermandaatbesluit toe te sturen aan het College. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De artikelen 2, 5 en 6 zijn van overeenkomstige toepassing op de uitoefening van bevoegdheden in ondermandaat. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Ondertekening</titel></kop><al>Uit de ondertekening van de in mandaat danwel ondermandaat genomen besluiten moet blijken dat het namens het College is genomen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Vervanging</titel></kop><al> In geval van afwezigheid van de directeur, kan het mandaat c.q. de machtiging worden uitgeoefend door diens formele plaatsvervanger. De vervanging is van overeenkomstige toepassing op het ondermandaat en het in artikel 4, derde lid genoemde besluit.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Evaluatie</titel></kop><al>Dit besluit wordt een jaar na inwerkingtreding geëvalueerd.<vet> Artikel 1</vet><vet>1</vet><vet>. Inwerkingtreding</vet>Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2013. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Dit besluit wordt aangehaald als: Mandaatbesluit OFGV 2013 </al><al>Dronten, 4 december 2012</al><al>Het college van Dronten</al><al>R.Kool mr. A.B.L. de Jonge</al><al>secretaris voorzitter</al><al>Aldus - gelet op het bepaalde in artikel 10:4, eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht - mee ingestemd door: de directeur van de OFGV, </al><al>P.Schuurman</al></artikel></regeling-tekst><bijlage><kop><titel>BIJLAGE BEHORENDE BIJ MANDAAT OFGV 2013</titel></kop><al><vet>De in de bijlage genoemde bevoegdheden hebben betrekking op de </vet><vet> in de aanhef bij het mandaat/machtigingenbesluit genoemde wetten en</vet><vet> daarbij behorende regelingen</vet><vet>,</vet><vet>Amvb’s en</vet><vet>circulaires, te weten:</vet></al><al>- de Algemene wet bestuursrecht, de Wet openbaarheid bestuur, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, de Wet milieubeheer, de Wet vervoer gevaarlijke stoffen, de Wet bodembescherming, de Wet geluidhinder, de Waterwet, de gemeentewet, de Provinciewet, de Ontgrondingenwet, de Wet Luchtvaart, de Wet hygiëne en veiligheid bad- en zwemgelegenheden, de Verordening voor de fysieke leefomgeving Flevoland 2012, de Algemene Plaatselijke Verordening van de gemeente Dronten;</al><al>-de Natuurbeschermingswet 1998 en de Flora- en faunawet voor zover het gaat om toezicht en handhaving; - de bij bovengenoemde wetten behorende circulaires en regelingen; </al><tussenkop>CATEGORIE A. ALGEMEEN</tussenkop><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="17*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="36*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="47*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Nummer bevoegdheid</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Bevoegdheden </vet></al></entry><entry colname="col3"><al><vet>voorwaarden</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>A 1</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Vaststellen van verweerschriften en het voeren van correspondentie in het kader van bezwaarprocedures bij de provincie/gemeente en beroepsprocedures bij rechtbank, Raad van State</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>A 2</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Instellen van bezwaar en beroep door de gemeente en voeren rechtsgedingen waarbij de gemeente optreedt als eisende partij</al></entry><entry colname="col3"><al>Na overleg met het College</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>A 3</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Nemen van besluiten op bezwaar inhoudende (on)gegrondverklaring of niet-ontvankelijkheidverklaring</al></entry><entry colname="col3"><al>Conform advies van de commissie bezwaarschriften</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>A3.1</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Nemen van besluiten op bezwaar inhoudende gegrondverklaring</al></entry><entry colname="col3"><al>In afwijking van het advies van de commissie bezwaarschriften na overleg met het college</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>A 4</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Digitaal aanleveren aan het kadaster van besluiten waaruit publiekrechtelijke beperkingen in de zin van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen voortvloeien</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>A 5</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Aanwijzen ambtenaren belast met het onttrekken van persoonsgegevens uit de basisregistratie personen zoals die zijn opgenomen in de gemeentelijke basisadministratie</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>A 6</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Het beslissen op verzoeken om informatie als bedoeld in de Wet openbaarheid van bestuur aangaande het werkterrein van het samenwerkingsverband</al></entry><entry colname="col3"><al>Slechts in geval het lichte Wob-verzoeken betreft; er is sprake van een licht Wob-verzoek indien: het niet gaat om een bestuurlijke of politiek gevoelige zaak, er een vermoeden bestaat dat er een aansprakelijkheidsclaim uit voort kan vloeien, het een juridische kwestie betreft waarbij de vermogenspositie van de gemeente in het geding is dan wel de gemeente rechten of bezit kan verliezen.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>A</vet><vet>7</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Het raadplegen van registers (algemene registers en justitiële documentatieregisters)</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>A 8</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Het geven van wettelijke en vrijwillige adviezen, inspraakreacties en/of commentaar op beleidsplannen, regelgeving van en vergunningverlening door andere overheden of externe partijen</al></entry><entry colname="col3"><al>Grondslag: diverse wetten </al></entry></row></tbody></tgroup></table><tussenkop>CATEGORIE B. VERGUNNINGEN/ONTHEFFINGEN</tussenkop><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="17*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="36*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="47*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Nummer bevoegdheid</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Bevoegdheden </vet></al></entry><entry colname="col3"><al><vet>Voorwaarden</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>B 1</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Procedurele correspondentie Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan het sturen van een ontvangstbevestiging van een aanvraag, besluit om aanvraag niet in behandeling te nemen omdat aanvraag onvolledig is, verzoek om aanvulling van de aanvraag, opschorten/verlengen van de beslistermijn op de aanvraag, vaststellen ontwerpbesluit en inwinnen en beoordelen van advies over de aanvraag (ziet ook op bibob-advies) en inwinnen van zienswijzen n.a.v.ontwerpbesluit</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>B 2</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Beslissen op aanvragen om (het wijzigen van een) ontheffing.</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>B 3 </vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Beslissen op aanvragen om (het wijzigen van) een vergunning </al></entry><entry colname="col3"><al>Met uitzondering van het weigeren van een vergunning op grond van de Wet bibob.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>B 4</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Het afdoen van aanvragen om een enkelvoudige omgevingsvergunning o.g.v. art 2.1 lid 1, sub d en e </al></entry><entry colname="col3"><al>Grondslag: Wabo en Bouwbesluit</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>B </vet><vet>5</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Besluit tot het ambtshalve wijzigen van een vergunning/ontheffing.</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>B 5</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Het nemen van <onderstreept>verlengingsbesluiten</onderstreept> voor de enkelvoudige aanvragen om een omgevingsvergunning o.g.v. artikel 2.1 lid 1, sub d en e</al></entry><entry colname="col3"><al>Grondslag: artikelen 3.9, lid 2 en 3.12, lid 8 Wabo</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>B 6</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Het afdoen van meldingen op grond van artikel 8:40 Wm en het BARIM</al></entry><entry colname="col3"><al>Grondslag: artikel 8.40 Wm en Barim</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>B 7</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Het afdoen van aanvragen om ontheffing op grond van artikel 3 van het Lozingenbesluit bodembescherming</al></entry><entry colname="col3"><al>Grondslag: Wabo, Milieuregelgeving, Bouwbesluit</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>B </vet><vet>8</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Intrekken ontheffing/vergunning op verzoek houder ontheffing/vergunning</al></entry><entry colname="col3"><al>Met uitzondering van het intrekken van een vergunning op grond van de Wet bibob</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>B </vet><vet>9</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Ambtshalve intrekken van een ontheffing/vergunning</al></entry><entry colname="col3"><al>Met uitzondering van het intrekken van een vergunning op grond van de Wet bibob</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>B </vet><vet>1</vet><vet>0</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Beslissen naar aanleiding van meldingen op grond van het Besluit uniforme saneringen </al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>B 11</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Het afdoen van meldingen op grond van het Besluit bodemkwaliteit </al></entry><entry colname="col3"><al>Grondslag: artikelen 32 en 42 Besluit bodemkwaliteit</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>B 12</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Het afdoen van meldingen brandveilig gebruik op grond van het Bouwbesluit</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>B 1</vet><vet>3</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Beslissen op aanvragen om ontbrandingstoestemming voor het ontbranden van professioneel vuurwerk tijdens vuurwerkevenementen</al></entry><entry colname="col3"><al>Na overleg met evenementencoördinator</al></entry></row></tbody></tgroup></table><tussenkop>CATEGORIE C. TOEZICHT/HANDHAVING</tussenkop><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="17*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="36*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="47*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Nummer bevoegdheid</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Bevoegdheden</vet></al></entry><entry colname="col3"><al><vet>Voorwaarden</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>C 1</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Procedurele correspondentie </al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>C 2</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Besluit tot het uitoefenen van bestuursdwang in de situaties als genoemd in de “Instructie uitoefening mandaat bij vuurwerkevenementen’’</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>C 3</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Besluit tot het opleggen van een last onder dwangsom/ bestuursdwang </al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>C 4</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Besluit tot beëindiging van een dwangsomprocedure/bestuurs-dwang</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>C</vet><vet>5</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Het nemen van een besluit op een aanvraag om handhaving (positief dan wel negatief)</al></entry><entry colname="col3"><al>Grondslag: artikelen 5:22 en 5:23 Algemene wet bestuursrecht, Wabo, Bouwbesluit en milieuregelgeving</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>C</vet><vet>6</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Het in rekening brengen van verbeurde dwangsommen</al></entry><entry colname="col3"><al>Grondslag: Algemene wet bestuursrecht</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>C</vet><vet> 7</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Het tekenen van legitimatiebewijzen voor toezichthouders voor de gemeente Dronten</al></entry><entry colname="col3"><al>Grondslag: artikel 5:12 Algemene wet bestuursrecht</al></entry></row></tbody></tgroup></table><tussenkop>CATEGORIE D. OVERIG</tussenkop><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="17*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="36*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="47*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Nummer bevoegdheid</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Bevoegdheden</vet></al></entry><entry colname="col3"><al><vet>Voorwaarden</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>D 1</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Procedurele correspondentie </al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>D 2</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Vaststellen hogere grenswaarde als bedoeld in de Wet geluidhinder.</al></entry><entry colname="col3"><al>Na overleg met het College</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>D 3</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Beslissen krachtens artikel 7.8b lid 1 Wet milieubeheer omtrent de vraag of een milieueffect-rapportage moet worden opgemaakt</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>D 4</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Goedkeuren (nazorg)plannen</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>D 5</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Kennisname bereikt sanerings-resultaat en besluit instemming nazorgplan als bedoeld in de Wet bodembescherming.</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>D</vet><vet> 6</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Het laten uitvoeren van geluidsmetingen o.g.v. de Wm en de Algemene plaatselijke verordening</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>D</vet><vet> 7</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Het afdoen van klachten, niet zijnde klachten als bedoeld in hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht, die het werkveld van het samenwerkingsverband betreffen</al></entry><entry colname="col3"><al>Grondslag: diverse wetten, o.a. Wabo, bouwbesluit en milieuregelgeving</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>D 8</vet></al></entry><entry colname="col2"><al>Instellen zwemverbod en afgeven negatief zwemadvies</al></entry><entry colname="col3"><al>Actieve informatieplicht richting het college</al></entry></row></tbody></tgroup></table><tussenkop>TOELICHTING BIJ MANDAAT OFGV 2013</tussenkop><al> ALGEMEEN </al><tussenkop>Inleiding</tussenkop><al>De Omgevingsdienst Flevoland &amp; Gooi en Vechtstreek (hierna: OFGV) is door onder meer de gemeente Dronten opgericht met als doel een robuuste uitvoeringsorganisatie te vormen ten behoeve van een adequate uitvoering van omgevingstaken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving.</al><al>Het is de bedoeling dat de OFGV in opdracht van onder meer de gemeente Dronten deze taken op een effectieve en slagvaardige manier gaat uitvoeren. De effectiviteit en slagvaardigheid wordt vergroot wanneer het College aan de directeur van de OFGV de bevoegdheid toekennen om namens hen de benodigde besluiten te nemen en handelingen te verrichten. Door vaststelling van het onderhavige mandaatbesluit OFGV 2013 (hierna: mandaatbesluit) wordt aan de directeur deze bevoegdheid toegekend.</al><tussenkop>Wat is mandaat</tussenkop><al>In de Algemene wet bestuursrecht is een algemene regeling opgenomen over mandaat, en wel in afdeling 10.1.1. In artikel 10.1 van deze Algemene wet bestuursrecht wordt onder mandaat verstaan: de bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan (lees in casu: het College) besluiten te nemen. Met andere woorden: degene aan wie mandaat wordt verleend (= de gemandateerde) krijgt de bevoegdheid om een besluit te nemen dat geldt als een besluit van het bestuursorgaan dat het mandaat heeft verleend. Het door de gemandateerde genomen besluit geldt dan ook als een besluit van het bestuursorgaan en heeft dezelfde juridische gevolgen als een door het bestuursorgaan zelf genomen besluit. Mandaat heeft alleen betrekking op het nemen van besluiten in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. In deze wet wordt onder besluit verstaan “een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling”. Het gaat hier om typische overheidsbeslissingen, zoals het verlenen van een vergunning/ontheffing.</al><al>Het bestuursorgaan dat mandaat heeft verleend (= de mandaatgever) blijft volledig verantwoordelijk voor het besluit dat in mandaat is genomen. Daarom is in de Algemene wet bestuursrecht de mogelijkheid opgenomen dat de mandaatgever de gemandateerde instructies kan geven waarmee de gemandateerde bij het uitoefenen van het mandaat rekening moet houden. In de praktijk hangt een effectieve toepassing van het mandaatbesluit direct samen met : 1. het vertrouwen dat het bestuursorgaan heeft in de gemandateerde. 2.de competentie van de gemandateerde om in te schatten wanneer een besluit – dat in principe in mandaat mag worden genomen – in verband met politieke gevoeligheid ter besluitvorming aan het College moet worden voorgelegd. Bij het schrijven van onderhavige mandaatregeling is ervan uitgegaan dat dit vertrouwen en de benodigde competentie aanwezig zijn. </al><al><cursief><onderstreept>Wat is machtiging</onderstreept></cursief></al><al>In onderhavig mandaat/machtigingenbesluit wordt niet alleen over mandaat gesproken maar ook over machtiging. De begrippen mandaat en machtiging hebben gemeen dat namens het College wordt gehandeld. Bij mandaat gaat het om het nemen van besluiten in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. Het gaat daarbij om het verrichten van publiekrechtelijke rechtshandelingen. Dit zijn typische overheidshandelingen zoals bijvoorbeeld het nemen van een besluit op een aanvraag om een vergunning en het verlenen van een ontheffing. Het gaat hierbij om rechtshandelingen die een burger niet kan verrichten. Daarnaast is het ook mogelijk om andere handelingen te verrichten, zoals feitelijke handelingen en privaatrechtelijke rechtshandelingen (bijvoorbeeld het kopen van een boek). Dit zijn handelingen die ook burgers kunnen verrichten. Wanneer een ander namens het College deze handelingen verricht, is geen sprake van mandaat maar van machtiging.</al><al/><al><cursief><onderstreept>Gehanteerde uitgangspunten bij het opstellen van onderhavig mandaatbesluit </onderstreept></cursief></al><al>Bij het opstellen van een mandaatregeling moet een goede balans worden gevonden tussen rechtszekerheid en doelmatigheid. Uit een oogpunt van rechtszekerheid is het van belang dat zo scherp mogelijk omschreven wordt welke bevoegdheden in mandaat mogen worden uitgeoefend en welke handelingen op grond van een verleende machtiging mogen worden verricht. Doelmatigheid is echter juist meer gediend met ruimere en algemeen geformuleerde mandaten en machtigingen, zodat niet bij voortduring afgevraagd moet worden of een bepaald besluit of handelen nu juist wel of juist niet onder het mandaat of de machtiging valt. In onderhavig mandaatbesluit is getracht deze balans te vinden door hierin een algemeen kader aan te geven waarbinnen kan worden beoordeeld of een besluit in mandaat kan worden genomen of een handeling op grond van een verleende machtiging kan worden verricht. In de bij dit mandaatbesluit behorende bijlage wordt concreet aangegeven op welk soort besluiten het mandaat, betrekking heeft en op welk soort handelingen de machtiging. </al><al/><al>ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING</al><tussenkop>Artikel 1. Begripsbepalingen</tussenkop><al>In dit artikel worden veel gebruikte begrippen uitgelegd.</al><tussenkop>Artikel 2. Mandaatverlening</tussenkop><al>Dit artikel regelt de mandaatverlening aan de directeur van de OFGV. De bevoegdheden die door de directeur in mandaat mogen worden uitgeoefend zijn vermeld in de bijlage die bij dit mandaat/machtigingenbesluit behoort.</al><al>Het verleende mandaat ziet zowel op het namens het College nemen van besluiten als op het namens het College ondertekenen van besluiten. </al><tussenkop>Artikel 3. Vertegenwoordiging in rechte</tussenkop><al>In dit artikel is aangegeven dat de directeur medewerkers die onder zijn verantwoordelijkheid vallen, kan aanwijzen om het College in rechte te vertegenwoordigen. Dit artikel is algemeen geformuleerd. Het wordt aan de verantwoordelijkheid van de directeur overgelaten om er voor te zorgen dat de aan te wijzen medewerkers over de vereiste kennis en vaardigheden beschikken.</al><tussenkop>Artikel 4. Machtiging</tussenkop><al>In dit artikel wordt de directeur door het College gemachtigd om namens hen feitelijke handelingen te verrichten. In het tweede lid worden een aantal voorbeelden genoemd.</al><tussenkop>Artikel 5.Voorwaarden mandaat en machtiging</tussenkop><al>In dit artikel worden de voorwaarden genoemd waaraan de directeur zich bij het uitoefenen van het mandaat danwel de machtiging dient te houden. </al><tussenkop>Artikel 6. Informatieplicht</tussenkop><al>In dit artikel is geregeld dat de directeur het college op de hoogte stelt van politiekgevoelige besluitvorming. De directeur voert hierover overleg met het college. Het College kan zich bij dit overleg laten vertegenwoordigen door de portefeuillehouder (indien van toepassing. </al><al>Wanneer sprake is van politieke gevoeligheid worden de uitkomsten van dit overleg vastgelegd. </al><tussenkop>Artikel 7. Ondermandaat</tussenkop><al>Omdat een efficiënte besluitvorming bij de OFGV te bevorderen, is het de directeur toegestaan om eenmaal ondermandaat te verlenen aan medewerkers die onder zijn verantwoordelijkheid vallen.</al><al>Het wordt aan de verantwoordelijkheid van de directeur overgelaten om er voor te zorgen dat de aan te wijzen medewerkers over de vereiste kennis en vaardigheden beschikken.</al><tussenkop>Artikel 8. Ondertekening</tussenkop><al>In dit artikel is de wijze van ondertekening van de in mandaat genomen besluiten geregeld.</al><al><cursief>Artikel 9. Vervanging</cursief></al><al>Dit artikel regelt dat in geval van verhindering van de directeur zijn formele plaatsvervanger het mandaat dan wel de machtiging krijgt. </al><tussenkop>Artikel 10. Evaluatie</tussenkop><tussenkop>Artikel 10. Evaluatie</tussenkop><al>Omdat de OFGV een nieuwe organisatie is en moet groeien in haar rol, hecht het College er aan om de werking van de mandaat/machtigingenregeling na een jaar te evalueren. In het kader van deze evaluatie kan worden nagegaan of aanleiding bestaat het verleende mandaat uit te breiden.</al><al/><al>TOELICHTING OP DE BIJLAGE </al><al/><al>Zowel in de aanhef van het mandaatbesluit als in de bijlage zelf is aangeven dat de bevoegdheden waarvoor mandaat is verleend, betrekking hebben op: - de Algemene wet bestuursrecht, Wet openbaarheid bestuur, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, de Wet milieubeheer, de Wet bodembescherming, de Wet geluidhinder, de Waterwet, de gemeentewet, de Provinciewet, de Wet vervoer gevaarlijke stoffen, de Ontgrondingenwet, de Wet Luchtvaart, de Wet hygiene en veiligheid bad- en zwemgelegenheden, de Verordening voor de fysieke leefomgeving Flevoland 2012, de Algemene Plaatselijke Verordening van de gemeente Dronten; - de Natuurbeschermingswet en de Flora-en faunawet voor zover het gaat om toezicht en handhaving en - de bij bovengenoemde wetten behorende circulaires en regelingen; </al><al>De bijlage is ingedeeld in een aantal categorieën: categorie A: algemeen</al><al>categorie B: vergunningverlening/ontheffingverlening</al><al>categorie C: toezicht/handhaving</al><al>categorie D: overig.</al><al/><al>ALGEMEEN</al><al> Bij het opstellen van de bijlage is getracht een goede balans te vinden tussen rechtszekerheid en doelmatigheid. Uit een oogpunt van rechtszekerheid is het van belang dat zo scherp mogelijk omschreven wordt welke bevoegdheden in mandaat mogen worden uitgeoefend en welke handelingen op grond van een verleende machtiging mogen worden verricht. Doelmatigheid is echter juist meer gediend met ruimere en algemeen geformuleerde mandaten en machtigingen, zodat niet bij voortduring afgevraagd moet worden of een bepaald besluit of handelen nu juist wel of juist niet onder het mandaat of de machtiging valt. In onderhavige bijlage is getracht deze balans te vinden door te werken met categorieën van besluiten.</al><al>In de aanhef van de bijlage is voor de volledigheid aangegeven op welke wetten de in de bijlage genoemde bevoegdheden betrekking hebben. </al></bijlage></regeling></body></cvdr>