<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR238212_1</dcterms:identifier><dcterms:title>PLanschadeverordening Molenwaard 2013</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Molenwaard</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-05-13</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Molenwaard</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="http://www.gemeentemolenwaard.nl">Het Kontakt, 17 januari 2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Planschadeverordening Molenwaard 2013</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, Wro</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-01-15</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-12-31</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Mozard28355</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>PLanschadeverordening Molenwaard 2013</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Molenwaard;</al><al/><al>Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 18 december
                        2013;</al><al/><al>Gelet op de bepalingen uit de Gemeentewet en de Wet ruimtelijk
                        ordening;</al><al/><al><vet>Besluit vast te stellen de:</vet></al><al/><al><vet>Procedureverordening voor advisering tegemoetkoming in planschade
                            gemeente Molenwaard 2013</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>aanvrager : degene die een aanvraag om tegemoetkoming in de schade,
                                als bedoeld in artikel 6.1 Wet ruimtelijke ordening, indient;</al></li><li nr="b."><al>adviseur : de door het college van burgemeester en wethouders aan te
                                wijzen persoon als bedoeld in artikel 6.1.1.1, onder c, Besluit
                                ruimtelijke ordening;</al></li><li nr="c."><al>adviescommissie : schadebeoordelingscommissie als bedoeld in artikel
                                3, vijfde lid, van deze verordening;</al></li><li nr="d."><al>besluit : Besluit ruimtelijke ordening;</al></li><li nr="e."><al>college : het college van burgemeester en wethouders;</al></li><li nr="f."><al>gemeente : gemeente Nieuw-Lekkerland;</al></li><li nr="g."><al>planologische maatregel : oorzaak als bedoeld in artikel 6.1, tweede
                                lid, Wet ruimtelijke ordening;</al></li><li nr="h."><al>planschade : schade als bedoeld in artikel 6.1, eerste lid, Wet
                                ruimtelijke ordening;</al></li><li nr="i."><al>wet : Wet ruimtelijke ordening.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Opdrachtverstrekking</titel></kop><al>Binnen twaalf weken na het verstrijken van de termijnen, als bedoeld in
                        artikel 6.1.3.1 van het besluit, verstrekt het college aan één of meerdere
                        adviseurs gezamenlijk opdracht om ter zake van een aanvraag advies uit te
                        brengen, tenzij toepassing wordt gegeven aan artikel 6.1.3.1 van het besluit
                        of aan artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Adviseur of adviescommissie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor de advisering over de op de aanvraag te nemen beschikking wordt
                            door het college een adviseur aangewezen die beschikt over voldoende
                            deskundigheid inzake advisering op het gebied van planschade.</al><al/></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als het college, na advies te hebben ingewonnen van de in het eerste lid
                            bedoelde adviseur, van oordeel is dat de aanvraag betrekking heeft op
                            planschade vanwege inkomensderving en er, gezien de complexiteit, aard
                            en omvang van de aanvraag, behoefte bestaat aan extra deskundigheid,
                            wordt door het college een tweede adviseur aangewezen die deskundig is
                            op het gebied van accountancy of van financieel economische
                            bedrijfsvoering.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als het college, na advies te hebben ingewonnen van de in het eerste lid
                            bedoelde adviseur, van oordeel is dat de aanvraag betrekking heeft op
                            planschade vanwege waardevermindering van een onroerende zaak en er,
                            gezien de complexiteit, aard en omvang van de aanvraag, behoefte bestaat
                            aan extra deskundigheid wordt door het college een tweede adviseur
                            aangewezen die deskundig is ter zake van de waardering van onroerende
                            zaken en van waardevermindering daarvan als gevolg van een planologische
                            verslechtering.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Als naar het oordeel van het college het tweede en het derde lid van
                            toepassing zijn, worden zowel de in het tweede als het derde lid
                            bedoelde adviseurs aangewezen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Bij aanwijzing van meerdere adviseurs vormen deze een adviescommissie,
                            waarvan de in het eerste lid bedoelde adviseur voorzitter is.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De adviescommissie wijst uit haar midden een rapporteur aan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Deskundigheid en onafhankelijkheid</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voordat een persoon als adviseur wordt aangewezen, kan het college
                            verlangen dat deze aantoont op grond van opleiding en ervaring deskundig
                            te zijn met betrekking tot de in artikel 3, eerste, tweede of derde lid,
                            bedoelde aspecten waarop deze persoon de aanvraag moet beoordelen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een adviseur mag niet werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van de
                            raad. Eveneens mag een adviseur niet betrokken zijn bij de planologische
                            maatregel waarop de aanvraag betrekking heeft.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Betrokkenheid aanvrager en andere belanghebbenden bij aanwijzing
                            adviseur of adviescommissie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voordat het college de opdracht tot advisering zoals bedoeld in artikel
                            2 verstrekt, stelt het college de aanvrager, eventuele andere betrokken
                            bestuursorganen, alsmede de belanghebbenden als bedoeld in artikel 6.4a,
                            tweede en derde lid, van de wet schriftelijk op de hoogte van de
                            aanwijzing van:</al><lijst><li nr="a."><al>een adviseur als bedoeld in artikel 3, eerste lid, of</al></li><li nr="b."><al>meerdere adviseurs als bedoeld in artikel 3, vijfde lid.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvrager, eventuele andere betrokken bestuursorganen, alsmede de
                            belanghebbenden als bedoeld in artikel 6.4a, tweede en derde lid, van de
                            wet kunnen binnen twee weken na de mededeling als bedoeld in het eerste
                            lid schriftelijk en voldoende gemotiveerd een verzoek tot wraking van
                            één of meerdere adviseurs bij het college indienen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college beslist binnen twee weken na het verstrijken van de in het
                            tweede lid bedoelde termijn over een ingediend verzoek tot wraking van
                            één of meerdere adviseurs.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Werkwijze adviseur of adviescommissie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stelt aan de adviseur of de adviescommissie alle op de
                            aanvraag betrekking hebbende informatie, alsmede de voor de beoordeling
                            daarvan naar het oordeel van de adviseur of van de adviescommissie
                            noodzakelijke bescheiden ter beschikking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college wijst uit de ambtelijke organisatie één of meer personen aan
                            die de adviseur of de adviescommissie bij de uitvoering van de
                            adviesopdracht bijstaat.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De adviseur of de voorzitter van de adviescommissie organiseert één of
                            meerdere hoorzittingen, waar de aanvrager en de in het tweede lid
                            bedoelde ambtelijke vertegenwoordiger(s) in de gelegenheid worden
                            gesteld de aanvraag toe te lichten, onderscheidenlijk de voor de
                            advisering over de aanvraag relevante informatie te verschaffen, dan wel
                            een standpunt van de gemeente over de aanvraag aan de adviseur of de
                            adviescommissie kenbaar te maken.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Eventuele andere betrokken bestuursorganen, alsmede de belanghebbenden
                            als bedoeld in artikel 6.4a, tweede en derde lid, van de wet worden
                            eveneens in de gelegenheid gesteld hun standpunt kenbaar te maken.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De adviseur of de voorzitter van de adviescommissie bepaalt het tijdstip
                            waarop de adviseur of de adviescommissie de situatie ter plaatse zal
                            bezichtigen en nodigt de aanvrager voor de plaatsopneming uit.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Ten behoeve van een taxatie van een bij de aanvraag betrokken onroerende
                            zaak, wordt door de adviseur of de voorzitter van de adviescommissie met
                            de aanvrager een afspraak gemaakt.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Van de in het derde lid bedoelde hoorzitting en van de in het vierde lid
                            bedoelde bezichtiging wordt door, dan wel onder verantwoordelijkheid
                            van, de adviseur of de voorzitter van de adviescommissie een verslag
                            gemaakt, dat onderdeel vormt van het uit te brengen advies.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Alvorens een advies uit te brengen zendt de adviseur of de
                            adviescommissie binnen zestien weken na de dagtekening van de opdracht
                            tot advisering een concept daarvan aan de gemeente, aan de aanvrager,
                            aan eventuele andere betrokken bestuursorganen en aan de belanghebbenden
                            als bedoeld in artikel 6.4a, tweede en derde lid, van de wet. De
                            adviseur of de voorzitter van de adviescommissie kan deze termijn onder
                            opgaaf van redenen met een daarbij aan te geven termijn met ten hoogste
                            vier weken verlengen.</al></lid><lid><lidnr>9.</lidnr><al>De aanvrager, eventuele andere betrokken bestuursorganen alsmede de
                            belanghebbenden als bedoeld in artikel 6.4a, tweede en derde lid, van de
                            wet worden in de gelegenheid gesteld om binnen vier weken na de
                            toezending van het concept advies schriftelijk hierop te reageren.</al></lid><lid><lidnr>10.</lidnr><al>In het geval tijdig reacties zijn ingediend, brengt de adviseur of de
                            adviescommissie binnen vier weken na het verstrijken van de in het
                            achtste lid bedoelde termijn een advies uit aan het college, waarbij de
                            betreffende reacties zijn betrokken.</al></lid><lid><lidnr>11.</lidnr><al>In het geval geen of niet tijdig reacties zijn ingediend, brengt de
                            adviseur of de adviescommissie binnen twee weken na het verstrijken van
                            de in het achtste lid bedoelde termijn een advies uit aan het
                            college.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>De verordening kan worden aangehaald als Planschadeverordening
                                gemeente Molenwaard.</al></li><li nr="2"><al>De Planschadeverordening treedt (met terugwerkende kracht) in
                                werking op 1 januari 2013.</al></li><li nr="3"><al>Met ingang van 1 januari 2013 worden (met terugwerkende kracht) de
                                Planschadeverordeningen van de gemeenten Graafstroom, Liesveld en
                                Nieuw-Lekkerland ingetrokken.</al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Besloten in de openbare raadsvergadering van 15 januari 2013.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Drs. T.W. Kanters D.R. van der Borg</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>