<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR23537_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Treasurystatuut Gemeente Den Haag 2009</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">'s-Gravenhage</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-03-27</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">'s-Gravenhage</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad nr.6, 2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Treasurystatuut Gemeente Den Haag 2009</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-01-24</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-01-25</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-03-27</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>art. 1.2</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>rv 1, 2013</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>2009/07</overheidrg:onderwerp><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Treasurystatuut Gemeente Den Haag 2009</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/><al>In deze regeling wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr=""><table><tgroup cols="3"><tbody><row><entry colname="col1"><al>a.</al></entry><entry colname="col2"><al>de wet: </al></entry><entry colname="col3"><al>de Wet financiering decentrale overheden;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>b.</al></entry><entry colname="col2"><al>lidstaat: </al></entry><entry colname="col3"><al>staat die lid is van de Europese Unie of een
                                                  andere staat die partij is bij de Overeenkomst
                                                  betreffende de Europese Economische Ruimte; </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>c.</al></entry><entry colname="col2"><al>financiële onderneming: </al></entry><entry colname="col3"><al>een onderneming die in een lidstaat het bedrijf
                                                  van kredietinstelling mag uitoefenen,
                                                  beleggingsdiensten mag verlenen,
                                                  beleggingsinstellingen mag beheren, rechten van
                                                  deelneming in een beleggingsmaatschappij mag
                                                  aanbieden, of het bedrijf van verzekeraar mag
                                                  uitoefenen.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>d.</al></entry><entry colname="col2"><al>solvabiliteitsratio: </al></entry><entry colname="col3"><al>het in een lidstaat voor een financiële
                                                  onderneming voorgeschreven minimumniveau
                                                  aansprakelijk vermogen tegenover aangehouden naar
                                                  risicograad gewogen activum;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>e.</al></entry><entry colname="col2"><al>vastrentende waarden: </al></entry><entry colname="col3"><al>openbare en onderhandse leningen;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>f.</al></entry><entry colname="col2"><al>rating: </al></entry><entry colname="col3"><al>taxatie van de kredietwaardigheid van een
                                                  financiële onderneming of een land, bepaald door
                                                  een ratingbureau;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>g.</al></entry><entry colname="col2"><al>nettingovereenkomst:</al></entry><entry colname="col3"><al>een overeenkomst op grond waarvan de wederzijdse
                                                  verplichtingen tussen partijen verrekend worden
                                                  waardoor wordt bepaald wat de ene partij per saldo
                                                  aan de andere partij verschuldigd is;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>h.</al></entry><entry colname="col2"><al>waardepapieren: </al></entry><entry colname="col3"><al>documenten met een geldswaarde, zoals een bewijs
                                                  van een aandeel of obligatie. </al></entry></row></tbody></tgroup></table></li></lijst></preambule></aanhef><regeling-tekst><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>I</nr><titel>Treasurybeleid</titel></kop><artikel><kop><label>Art.</label><nr>1.1</nr><titel>Doelstellingen Treasuryfunctie</titel></kop><lijst><li nr="a."><al> Het ten behoeve van de gemeente Den Haag verkrijgen en
                                    handhaven, tegen zo gunstig mogelijke voorwaarden, van een
                                    duurzame toegang tot de financiële markten.</al></li><li nr="b."><al>Het beschermen van het gemeentelijke vermogen en -resultaat
                                    tegen financiële risico’s, zoals renterisico’s,
                                    liquiditeitsrisico’s, kredietrisico’s en eventuele
                                    valutarisico’s.</al></li><li nr="c."><al>Het ten behoeve van de gemeente Den Haag, binnen de
                                    wettelijke kaders en binnen de bepalingen van dit
                                    treasurystatuut, streven naar een optimale
                                    financieringsstructuur en beheersing van de daarmee gemoeide
                                    kosten. </al></li><li nr="d."><al> Het ten behoeve van de gemeente Den Haag inrichten en handhaven
                                    van een kwalitatief hoogwaardig en veilig betalingssysteem.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Art.</label><nr>1.2</nr><titel>Randvoorwaarden Treasurybeleid</titel></kop><lijst><li nr="a."><al>Bij de uitvoering van alle centrale- en decentrale
                                    treasuryactiviteiten dienen de regelsen bepalingen van de Wet
                                    fido, de ministeriële ‘Regeling uitzettingen en
                                    derivatendecentrale overheden’ (Ruddo), het Treasurystatuut en
                                    van het UitvoeringsbesluitTreasurybeheer in acht te worden
                                        genomen<cursief>. </cursief></al></li><li nr="b."><al> De Centrale Treasury voert haar treasuryactiviteiten alleen uit
                                    voor de uitoefening van de publieke taak van de gemeente Den
                                    Haag of daarmee verbonden partijen. </al></li><li nr="c."><al>Het aantrekken van gelden, zonder een specifiek
                                    financieringsdoel of object, om dezevervolgens uit te lenen, met
                                    als doel extra rente-inkomsten (near-banking) teverkrijgen, is
                                    verboden.</al></li><li nr="d."><al>Renterisico’s op de netto vlottende schuld zijn begrensd tot de
                                    kasgeldlimiet (Wet Fido).</al></li><li nr="e."><al> Renterisico’s op de vaste schuld zijn begrensd tot de
                                    renterisiconorm (Wet Fido).</al></li><li nr="f."><al> De gemeentelijke treasuryfunctie is ondergebracht bij de
                                    Centrale Treasury, onderdeel van de directie Financiën van de
                                    Bestuursdienst. Tot de treasuryfunctie behoren: </al><lijst><li nr="1."><al> het beheer van renterisico’s en de gemeentelijke
                                            financiering, waaronder het saldo- en
                                            liquiditeitenbeheer en overige vermogenswaarden; </al></li><li nr="2."><al> het beheren van de portefeuilles van opgenomen- en
                                            uitgezette geldleningen en het aantrekken en uitzetten
                                            van kort- en langlopende middelen binnen de kaders van
                                            dit statuut; </al></li><li nr="3."><al> het beheren van de door het college afgegeven
                                            garanties; </al></li><li nr="4."><al> het beheer van gemeentelijke bankrekeningen en de
                                            daarbij behorende dienstverleningsovereenkomsten; </al></li><li nr="5."><al> het inrichten en beheer van een effectief en doelmatig
                                            gemeentelijk betalingsverkeer en gebruik van
                                            betaalinstrumenten; </al></li><li nr="6."><al> het inrichten van de treasuryorganisatie, de eigen
                                            administratie en informatievoorziening. </al></li></lijst></li><li nr="g."><al> Het operationele centrale- en decentrale treasurybeheer
                                    wordt door het college in een Uitvoeringsbesluit Treasurybeheer
                                    vastgesteld. </al></li><li nr="h."><al>Alleen de Centrale Treasury is op grond van een jaarlijks te
                                    nemen collegebesluit bevoegd, ten behoeve van de financiering
                                    van de gemeentelijke financiële bedrijfs-huishouding, tot het
                                    aangaan van overeenkomsten op de geld- en kapitaalmarkt, binnen
                                    de kaders van de Wet Fido (inclusief Ruddo), alsmede binnen de
                                    bepalingen van dit statuut.</al></li><li nr="i."><al>Het college informeert jaarlijks de raad over het gemeentelijke
                                    financieringsprogramma en de onderbouwing daarvan.</al></li></lijst><al/></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Risicobeheer en financiering</titel></kop><artikel><kop><label>Art.</label><nr>2.1</nr></kop><al>De Centrale Treasury zet, al dan niet tegen waardepapieren,
                            slechts gelden uit bij en gaat slechts verbintenissen met betrekking tot
                            financiële derivaten aan met financiële ondernemingen die:</al><lijst><li nr="a."><al> gevestigd zijn in een lidstaat die ten minste beschikt over een
                                    AA-rating afgegeven door ten minste twee ratingbureaus; en</al></li><li nr="b."><al>voor henzelf of voor de door hen uitgegeven waardepapieren
                                    kunnen aantonen dat ze ten minste over een AA-minusrating
                                    beschikken, afgegeven door ten minste twee ratingbureaus.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Art.</label><nr>2.2</nr></kop><al>Indien de gelden worden uitgezet of de verbintenissen met betrekking tot
                            financiële derivaten worden aangegaan voor een periode van minder dan
                            drie maanden, tonen deze financiële ondernemingen aan dat ze, in
                            afwijking van artikel 2.1, onderdeel b, voor henzelf of voor de door hen
                            uitgegeven waardepapieren ten minste over een A-rating, beschikken door
                            ten minste twee ratingbureaus afgegeven.</al></artikel><artikel><kop><label>Art.</label><nr>2.3</nr></kop><al>Artikel 2.1 en 2.2 zijn niet van toepassing op uitzettingen tegen
                            waardepapieren waarvoor een solvabiliteitsratio van 0 procent
                            geldt.</al></artikel><artikel><kop><label>Art.</label><nr>2.4</nr></kop><al>De Centrale Treasury gaat geen leningen aan met het enkele doel de
                            aangetrokken gelden tegen een hoger rendement uit te zetten.</al></artikel><artikel><kop><label>Art.</label><nr>2.5</nr></kop><al>De Centrale Treasury<vet> z</vet>et tijdelijk overtollige gelden van
                            aangetrokken leningen voor projectfinanciering uitsluitend uit bij die
                            financiële onderneming waar deze leningen zijn aangegaan, onverminderd
                            artikel 2.1. Indien de Centrale Treasury een nettingovereenkomst
                            heeft afgesloten met een financiële onderneming inzake het uitzetten van
                            tijdelijk overtollige gelden op basis van aangetrokken leningen voor
                            projectfinanciering bij deze financiële onderneming, zijn artikel 2.1 en
                            art. 2.2 niet van toepassing.</al></artikel><artikel><kop><label>Art.</label><nr>2.6</nr></kop><al>De Centrale Treasury zet uitsluitend gelden uit in de vorm
                            van:</al><lijst><li nr="a."><al>producten waarbij de hoofdsom tenminste aan het einde van de
                                    looptijd intact is, uitgezet bij een instelling die voldoet aan
                                    artikel 2.1 en 2.2;</al></li><li nr="b."><al> vastrentende waarden, uitgegeven door een instelling die
                                    voldoet aan artikel 2.1 en 2.2.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><label>Art.</label><nr>2.7</nr></kop><al>Derivaten worden uitsluitend gebruikt ter beperking van financiële
                            risico's. Dit houdt in dat geen open posities worden ingenomen.
                            Derivaten worden afgesloten met een instelling die voldoet aan artikel
                            2.1 en 2.2. In afwijking van het eerste lid, laatste volzin, kunnen
                            derivaten ook worden afgesloten op een gereglementeerde markt in de
                            Europese Economische Ruimte, zoals bedoeld in de Richtlijn 93/22/EEG van
                            de Raad van 10 mei 1993 betreffende het verrichten van diensten op het
                            gebied van beleggingen in effecten in een lidstaat van de Europese
                            Economische Ruimte, bij een onder toezicht staande effecteninstelling.
                        </al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3</nr><titel>Betalingsverkeer</titel></kop><artikel><kop><label>Art.</label><nr>3.1</nr></kop><al>De Centrale Treasury is verantwoordelijk voor een doelmatige- en
                            efficiënte inrichting van het gemeentelijke externe- en interne
                            betalingsverkeer. </al></artikel><artikel><kop><label>Art.</label><nr>3.2</nr></kop><al>De Centrale Treasury is, met uitsluiting van alle andere gemeentelijke
                            organisaties, bevoegd tot het aangaan van dienstverleningsovereenkomsten
                            met die bankinstellingen, die door het college zijn aangewezen. Hoofd
                            Centrale Treasury treedt daarbij op als gemeentelijke vertegenwoordiger
                            en houder van alle gemeentelijke bankrekeningen.</al></artikel><artikel><kop><label>Art.</label><nr>3.3</nr></kop><al> Voor het gebruik van creditkaarten is schriftelijke toestemming nodig
                            van de Centrale Treasury.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>4</nr><titel>Gemeentelijk saldo- en liquiditeitenbeheer</titel></kop><artikel><kop><label>Art.</label><nr>4.1</nr></kop><al>De gemeentelijke organisaties zijn verplicht, ten behoeve van de
                            financieringsactiviteiten van de Centrale Treasury, per kwartaal een
                            liquiditeitsprognose op te stellen van de verwachte inkomsten en
                            uitgaven op kasbasis. </al></artikel><artikel><kop><label>Art.</label><nr>4.2</nr></kop><al>De Centrale Treasury is bevoegd, met het doel de kwaliteit en de
                            betrouwbaarheid van de decentrale prognoses te vergroten, om buiten
                            en/of binnen bepaalde betrouwbaarheidsmarges, een malus- en een
                            bonusmaatregel te treffen. </al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>5</nr><titel>Organisatie, planning en control, informatievoorziening </titel></kop><artikel><kop><label>Art.</label><nr>5.1</nr></kop><al>Binnen de daartoe opgestelde gemeentelijke richtlijn heeft de Centrale
                            Treasury ten aanzien van de ‘planning en control’ een eigen
                            verantwoordingstraject. Accountantscontrole is op de Centrale Treasury
                            van toepassing. </al></artikel><artikel><kop><label>Art.</label><nr>5.2</nr></kop><al>Bij de gemeentebegroting en de gemeenterekening geeft de Centrale
                            Treasury in de treasuryparagraaf een toelichting op de resultaten van
                            het financieringsbeleid en financieringsactiviteiten. </al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>6</nr><titel>Slotbepaling</titel></kop><artikel><kop><label>Art.</label><nr>6.1</nr></kop><al> Het Treasurystatuut 2009 treedt in werking op de dag na goedkeuring
                            door de raad.</al></artikel><artikel><kop><label>Art.</label><nr>6.2</nr></kop><al>Het Treasurystatuut 2003 wordt ingetrokken. </al></artikel></paragraaf></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>