<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91-->
  
  
  
  
  
  
  
  
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR234303_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidsregels leerlingenvervoer gemeente Heusden 2012 (versie 2013)</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Heusden</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-07-25</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Heusden</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Scherper, 17-04-2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beleidsregels leerlingenvervoer gemeente Heusden 2012 (versie 2013)</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.1:CVDR95831_3">Verordening leelingenvervoer</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-04-02</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-08-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-04-30</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Beleidsregel 4 aangepast</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>339853</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>zorg en welzijn</overheidrg:onderwerp><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage>exb-2017-32888</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Beleidsregels leerlingenvervoer gemeente Heusden 2012
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef>
      <regeling-tekst>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <nr>1.</nr>
            <titel>Tijdstip en termijn van uitbetaling </titel>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>
              <cursief>Basis in de Verordening leerlingenvervoer, artikel 4: Het
                                college bepaalt bij het verstrekken van bekostiging van de
                                vervoerskosten de wijze en het tijdstip van uitbetaling, alsmede de
                                tijdsduur van de verstrekte bekostiging.</cursief>
            </al>
          </structuurtekst>
          <artikel>
            <kop>
              <titel>Beleidsregel 1</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>De bekostiging van leerlingenvervoer gebeurt per
                                    schooljaar.</al></li>
              <li nr="b."><al>De toegekende vergoeding op basis van het openbaar vervoer wordt
                                    uitbetaald in 2 termijnen op de volgende tijdstippen: </al><lijst>
                  <li nr="·"><al>1e termijn: begin september </al></li>
                  <li nr="·"><al>2e termijn: begin februari </al></li>
                </lijst></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <nr>2.</nr>
            <titel>Terugvordering </titel>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>
              <cursief>Basis in de Verordening leerlingenvervoer, artikel 6, lid 4:
                                Ten onrechte genoten bekostiging kan van de ouders worden
                                teruggevorderd, dan wel worden verrekend bij een eventuele nieuwe
                                verstrekking van bekostiging.</cursief>
            </al>
            <al/>
          </structuurtekst>
          <artikel>
            <kop>
              <titel>Beleidsregel 2</titel>
            </kop>
            <al>Het college hanteert het uitgangspunt dat ten onrechte ontvangen
                            tegemoetkomingen voor leerlingenvervoer altijd van de ouder worden
                            teruggevorderd tenzij er sprake is van dringende redenen om van
                            terugvordering af te zien. </al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <nr>3.</nr>
            <titel>Bekostiging van de kosten van openbaar vervoer ten behoeve van de
                            leerling en van een begeleider</titel>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>
              <cursief>Basis in de Verordening leerlingenvervoer, de artikelen 11, 12,
                                15 lid 1, 17 en 25 lid 1.</cursief>
            </al>
          </structuurtekst>
          <artikel>
            <kop>
              <titel>Beleidsregel 3</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>De bekostiging is gebaseerd op de tarieven openbaar vervoer met
                                    een persoonlijke OV-chipkaart zoals gepubliceerd op de website
                                    www.9292ov.nl . Hierbij wordt uitgegaan van de geldende tarieven
                                    (starttarief per kilometer, basistarief per kilometer en
                                    mogelijke reducties). Peildatum voor de tarieven is 1 januari
                                    van het jaar van aanvraag.</al></li>
              <li nr="b."><al>Daarnaast wordt een opslag toegekend van € 115,- per jaar. Deze
                                    opslag is bedoeld voor: prijsaanpassingen gedurende het
                                    schooljaar, administratieve lasten, kosten zelforganisatie</al></li>
              <li nr="c."><al>Indien een ouder/verzorger een leerling jonger dan 9 jaar
                                    begeleidt, worden de kosten vergoed op basis van de
                                    abonnementskosten van het benodigde aantal sterren, volgens de
                                    website www.9292ov.nl</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <nr>4.</nr>
            <titel>Ontzeggen van de toegang tot het vervoer door de gemeente </titel>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>
              <cursief>Basis in de Verordening leerlingenvervoer, artikel 13, artikel
                                18, lid 1 en 26, lid 1: Het college verstrekt bekostiging op basis
                                van de kosten van aangepast vervoer aan de ouders van de leerling
                                die een basisschool, speciale school voor basisonderwijs of een
                                school voor voortgezet onderwijs bezoekt…".</cursief>
            </al>
          </structuurtekst>
          <artikel>
            <kop>
              <titel>Beleidsregel 4</titel>
            </kop>
            <al>Het college kan een leerling aan wie een vervoersvoorziening in de vorm
                            van aangepast vervoer is verstrekt, tijdelijk of voor de rest van het
                            schooljaar de toegang tot dit vervoer ontzeggen indien bij herhaling is
                            gebleken dat de leerling door agressief gedrag of anderszins de orde in
                            de bus verstoort of de veiligheid van bus en inzittenden in gevaar
                            brengt. Daarbij gelden de volgende uitgangspunten:</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>Klachten worden in beginsel door de vervoerder opgelost.</al></li>
              <li nr="b."><al>Na de melding van een klacht door de vervoerder bij de afdeling
                                    OWZ van de gemeente Heusden wordt een onderzoek opgestart. In
                                    het kader van dat onderzoek spreekt de beleidsmedewerker met
                                    vervoerder, chauffeur, ouders/verzorgers en/of school. Indien na
                                    het onderzoek blijkt dat sprake is van verwijtbaar gedrag van de
                                    leerling volgt een eerste waarschuwingsbrief aan
                                    ouders/verzorgers.</al></li>
              <li nr="c."><al>Bij een volgende klacht wordt stap b herhaald en volgt een 2e
                                    waarschuwingsbrief. Het college zorgt in deze fase voor een
                                    extra zitplaats in de taxi om begeleiding van de leerling door
                                    één van de ouders mogelijk te maken. Als er een begeleider
                                    meegaat, anders dan de ouder of verzorger en hier kosten aan
                                    zijn verbonden, zijn de kosten voor de ouder/verzorger. </al></li>
              <li nr="d."><al>Bij een volgende klacht kan een schorsing per direct volgen,
                                    voor een periode van één volle schoolweek. Er volgt een 3e
                                    waarschuwingsbrief aan ouders/verzorgers.</al></li>
              <li nr="e."><al>Bij een volgende klacht volgt met een 4e brief totale
                                    uitsluiting van het vervoer tot het eind van het schooljaar met
                                    een minimum van 3 maanden exclusief vakanties (schorsing aan het
                                    eind van het schooljaar kan dus doorlopen in het nieuwe
                                    schooljaar). Indien ouders na schorsing opnieuw gebruik willen
                                    maken van het leerlingenvervoer dan moet een nieuwe aanvraag
                                    worden ingediend. </al><al/><al>
                  <extref doc="/cvdr/images/Heusden/i201014.pdf">Wijziging beleidsregel 4 per 1-8-2013</extref>
                </al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <nr>5.</nr>
            <titel>Leerlingen met clusterindicatie die een school voor Speciaal
                            Onderwijs of Voortgezet Speciaal Onderwijs bezoeken</titel>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>
              <cursief>Basis in de Verordening leerlingenvervoer Titel 3, artikel
                                18.</cursief>
            </al>
          </structuurtekst>
          <artikel>
            <kop>
              <titel>Beleidsregel 5</titel>
            </kop>
            <al>Het college verstrekt aan de ouders van de leerling met een
                            clusterindicatie die een school voor (Voortgezet) Speciaal Onderwijs
                            bezoekt, aangepast vervoer als bedoeld in artikel 18 lid 1 sub a.</al>
            <al/>
            <al>
              <onderstreept>Toelichting</onderstreept>
            </al>
            <al>Artikel 18 van de Verordening leerlingenvervoer kent het college de
                            bevoegdheid toe om aangepast vervoer te verstrekken aan leerlingen die,
                            naar oordeel van het college, niet in staat zijn van het openbaar
                            vervoer gebruik te maken. Overwegende dat bij het merendeel van de
                            kinderen die een clusterschool bezoeken sprake is van een lichamelijke,
                            zintuiglijke of verstandelijke handicap, bepaalt het college dat deze
                            leerlingen niet in staat zijn -ook niet onder begeleiding- van openbaar
                            vervoer gebruik te maken. Hiermede kent het college de facto aangepast
                            vervoer toe, tenzij de ouders aangeven een bekostiging op basis van de
                            kosten van het openbaar vervoer te wensen.</al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <nr>6.</nr>
            <titel>Leerlingen met clusterindicatie die een reguliere school voor
                            Voortgezet Onderwijs bezoeken</titel>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>
              <cursief>Basis in de Verordening leerlingenvervoer, artikel 28: In
                                gevallen die uitvoering van het leerlingenvervoer betreffen en
                                waarin deze verordening niet voorziet, beslist het
                                college.</cursief>
            </al>
          </structuurtekst>
          <artikel>
            <kop>
              <titel>Beleidsregel 6</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Het college verstrekt aan de ouders van de leerling met een
                                    clusterindicatie die een reguliere school voor Voortgezet
                                    Onderwijs bezoekt, bekostiging op basis van de kosten van het
                                    openbaar vervoer, indien de afstand van de woning naar de
                                    dichtstbijzijnde voor hem toegankelijke school meer dan
                                        <onderstreept>zes </onderstreept>kilometer bedraagt. Voor de
                                    berekening van de afstand wordt de routeplanner van de ANWB
                                    gehanteerd, gemeten volgens de kortste route.</al></li>
              <li nr="2."><al>De bekostiging zal nooit hoger zijn dan de kosten van openbaar
                                    vervoer naar de dichtstbijzijnde school voor (Voortgezet)
                                    Speciaal Onderwijs waarvoor de leerling geïndiceerd is.</al></li>
              <li nr="3."><al>Voor deze bekostiging geldt de aanvraagprocedure volgens artikel
                                    5 van de Verordening leerlingenvervoer gemeente Heusden.</al></li>
            </lijst>
            <al>
              <onderstreept>Toelichting</onderstreept>
            </al>
            <al>Voor de wet geldt een kind met een clusterindicatie dat het reguliere
                            Voortgezet Onderwijs bezoekt als ieder ander kind dat het Voortgezet
                            Onderwijs bezoekt. Omdat er voor het Voortgezet Onderwijs geen
                            vervoersplicht geldt, komen deze kinderen niet voor leerlingenvervoer in
                            aanmerking, tenzij er sprake is van een handicap (Titel 6 van de
                            Verordening). Voor kinderen met een clusterindicatie voor het Voortgezet
                            Speciaal Onderwijs die het gewone Voortgezet Onderwijs bezoeken en
                            verder dan 6 kilometer van de school vandaan wonen, treft het college
                            deze speciale regeling. De betreffende leerlingen kunnen, zonder dat er
                            eerst behoeft te worden vastgesteld of er sprake is van een handicap,
                            een bekostiging aanvragen op basis van de kosten van het openbaar
                            vervoer.</al>
            <al/>
            <al>Indien aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in beleidsregel 5,
                            kan het college tevens de kosten ten behoeve van een begeleider
                            toekennen als ouders aangeven dat de leerling niet zelfstandig van het
                            openbaar vervoer gebruik kan maken. Hiervoor vraagt de gemeente een
                            onafhankelijk advies bij een deskundige. Deze zal dan moeten beoordelen
                            of de leerling, gezien zijn lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke
                            handicap, niet in staat is zonder begeleiding van het openbaar vervoer
                            gebruik te maken. </al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <nr>7.</nr>
            <titel>Leerlingen met een clusterindicatie die naar een verder gelegen
                            school voor(V)SO gaan</titel>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>
              <cursief>Basis in de Verordening leerlingenvervoer, artikel 28: In
                                gevallen die uitvoering van het leerlingenvervoer betreffen en
                                waarin deze verordening niet voorziet, beslist het
                                college.</cursief>
            </al>
          </structuurtekst>
          <artikel>
            <kop>
              <titel>Beleidsregel 7</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Het college verstrekt aan de ouders van de leerling met een
                                    clusterindicatie die een verder gelegen school voor (V)SO
                                    bezoekt, bekostiging op basis van de kosten van het openbaar
                                    vervoer naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school voor
                                    (V)SO, indien de afstand van de woning naar de dichtstbijzijnde
                                    voor hem toegankelijke school meer dan
                                        <onderstreept>vier</onderstreept>kilometer
                                    bedraagt. Voor de berekening van de afstand wordt de
                                    routeplanner van de ANWB gehanteerd.</al></li>
              <li nr="2."><al>De bekostiging zal nooit hoger zijn dan de kosten van openbaar
                                    vervoer naar de dichtstbijzijnde school voor (V)SO waarvoor de
                                    leerling geïndiceerd is.</al></li>
              <li nr="3."><al>Voor deze bekostiging geldt de aanvraagprocedure volgens artikel
                                    5 van de Verordening leerlingenvervoer gemeente Heusden.</al></li>
            </lijst>
            <al>
              <onderstreept>Toelichting</onderstreept>
            </al>
            <al>De gemeente heeft de wettelijke taak om te zorgen voor een vergoeding
                            voor “passend vervoer” naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school die
                            aansluit op de levensovertuiging van de ouders en/of de
                            handicap/stoornis van het kind. Kiezen ouders op andere gronden voor een
                            bepaalde school, bijvoorbeeld om onderwijsinhoudelijke redenen, dan is
                            de gemeente niet wettelijk verplicht om voor “passend vervoer” te
                            zorgen. In zo’n situatie heeft de gemeente de vrijheid om zelf te
                            bepalen of zij het vervoer geheel of gedeeltelijk betaalt. </al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <nr>8.</nr>
            <titel>Hardheidsclausule </titel>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>
              <cursief>Basis in de Verordening leerlingenvervoer, artikel 29: Het
                                college kan in bijzondere gevallen, het vervoer voor onderwijs
                                aangaande, ten gunste van de ouders afwijken van de bepalingen in
                                deze verordening, zonodig na advies te hebben gevraagd aan de
                                permanente commissie leerlingenzorg, de commissie van begeleiding,
                                de regionale verwijzingscommissie of andere deskundigen.</cursief>
            </al>
          </structuurtekst>
          <artikel>
            <kop>
              <titel>Beleidsregel 8</titel>
            </kop>
            <al>De hardheidsclausule wordt <vet>niet </vet>toegepast als er <vet>alleen
                                sprake </vet>is van de omstandigheid dat ouders/verzorgers wegens
                            werkzaamheden of andere bezigheden de leerling niet naar school kunnen
                            brengen. </al>
            <al/>
            <al>
              <onderstreept>Toelichting</onderstreept>
            </al>
            <al>De Verordening leerlingenvervoer kent een hardheidsclausule. Dit
                            betekent dat in situaties die niet in de verordening geregeld zijn en
                            die tot kennelijk onbillijke situaties leiden, er met een beroep op deze
                            bepaling alsnog bekostiging van leerlingenvervoer kan worden verleend.
                            Toepassing van de hardheidsclausule is bedoeld voor echt uitzonderlijke
                            situaties, omdat het overgrote deel van de voorkomende situaties in de
                            verordening is geregeld. Ook van de beleidsregels zelf kan worden
                            afgeweken op grond van de zogenaamde inherente afwijkingsbevoegdheid van
                            het college. Dit geldt dan eveneens voor situaties waarin de toepassing
                            van de beleidsregels tot een kennelijk onbillijke uitkomst zou leiden.
                            In deze beleidsregels is bepaald dat de hardheidsclausule in een aantal
                            situaties niet zal worden toegepast. Met nadruk staat er dat dit geldt
                            indien er <vet>alleen sprake </vet>is van de genoemde omstandigheid. De
                            reden daarvan is dat ook in een reguliere situatie waarin geen sprake is
                            van leerlingenvervoer, de ouders zelf verantwoordelijk zijn voor het
                            vinden van een oplossing voor het schoolvervoer wegens werk of
                            opleiding. </al>
            <al/>
            <al>De genoemde omstandigheden kunnen wel <vet>in combinatie met
                            </vet>andere relevante omstandigheden aanleiding zijn voor het toepassen
                            van de hardheidsclausule. </al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <nr>9.</nr>
            <titel>Co-ouderschap </titel>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>
              <cursief>Basis in de Verordening leerlingenvervoer, artikel 28: In
                                gevallen die uitvoering van het leerlingenvervoer betreffen en
                                waarin deze verordening niet voorziet, beslist het
                                college.</cursief>
            </al>
          </structuurtekst>
          <artikel>
            <kop>
              <titel>Beleidsregel 9</titel>
            </kop>
            <al>Bij co-ouderschap kan er recht zijn op bekostiging van leerlingenvervoer
                            voor de dagen dat de leerling bij de betreffende ouder verblijft. De
                            beide ouders moeten afzonderlijk een aanvraag indienen voor de dagen dat
                            het kind tijdens weekdagen bij hen verblijft. </al>
            <al/>
            <al>
              <onderstreept>Toelichting</onderstreept>
            </al>
            <al>Co-ouderschap is geen wettelijke term maar wordt in deze beleidsregels
                            als volgt omschreven. Ouders, al dan niet gescheiden, die niet bij
                            elkaar wonen, kunnen afspreken om hun kind(eren) gezamenlijk te
                            (blijven) verzorgen en opvoeden. Er is sprake van co-ouderschap als
                            zowel de ene ouder, als de andere ouder in een regelmatige afwisseling,
                            volgens een vast rooster, de zorg voor het kind of de kinderen
                            hebben</al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <nr>10.</nr>
            <titel>Buitenschoolse opvang voor leerlingen (V)SO</titel>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>
              <cursief>Basis in de Verordening leerlingenvervoer, artikel 1:
                                begripsbepalingen woning (lid e ).</cursief>
            </al>
            <al>De verordening beschrijft het begrip woning als de plaats waar de
                            leerling structureel en feitelijk verblijft. Een buitenschoolse opvang
                            voldoet niet aan deze beschrijving en valt daarmee niet onder de
                            regeling leerlingenvervoer.</al>
          </structuurtekst>
          <artikel>
            <kop>
              <titel>Beleidsregel 10</titel>
            </kop>
            <al>Bij buitenschoolse opvang kan er sprake zijn van bekostiging van
                            leerlingenvervoer voor de vaste dagen dat een leerling op de
                            buitenschoolse opvang verblijft. Ouders zijn zelf verantwoordelijk voor
                            het vervoer van de buitenschoolse opvang naar de woning.</al>
            <al/>
            <al>
              <onderstreept>Toelichting</onderstreept>
            </al>
            <al>Bekostiging naar de buitenschoolse opvang vindt alleen plaats indien er
                            geen sprake is van een naschoolse opvang op de school waar de leerling
                            naar toe gaat. Verder dient de buitenschoolse opvang zo dicht mogelijk
                            te liggen bij de woning of de school waar de leerling naar toe
                            gaat.</al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <titel>Datum inwerkingtreding </titel>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>De ingangsdatum van de beleidsregels is de dag na publicatie van de
                            beleidsregels op de gemeentelijke informatiepagina.</al>
          </structuurtekst>
        </hoofdstuk>
      </regeling-tekst>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>