<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR233670_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Rekenkamercommissie gemeente Stichtse Vecht</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Stichtse Vecht</dcterms:creator><dcterms:modified>2012-12-10</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Stichtse Vecht</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Nieuwsblad voor Vecht-, Amstel- en Rijnstreek, 06-12-2012</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Rekenkamercommissie gemeente Stichtse Vecht</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005416/TitelII/HoofdstukIVb/Artikel81oa/geldigheidsdatum_10-12-2012">Gemeentewet, artikel 81oa.</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-11-27</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-08-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>SV98</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Het betreft een nieuwe regeling. Bij de inwerkingtreding van deze verordening vervallen de Verordening rekenkamercommissie Maarssen 2006, vastgesteld bij raadsbesluit van 13 november 2006, de Verordening gemeentelijke rekenkamercommissie Breukelen 2006, vastgesteld bij raadsbesluit van 25 oktober 2005 en de Verordening gemeentelijke rekenkamercommissie Loenen 2006, vastgesteld bij raadsbesluit van 29 november 2005.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening Rekenkamercommissie gemeente Stichtse Vecht</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Stichtse Vecht,</al><al/><al>gelet op:</al><al/><lijst><li nr="-"><al>Artikel 81a en 81oa van de gemeentewet;</al></li><li nr="-"><al>de bespreking in de werksessie van: 14 november 2012;</al></li><li nr="-"><al>het voorstel van de griffier en de voorzitter van de
                                auditcommissie;</al></li></lijst><al/><al>Besluit</al><al/><al>vast te stellen</al><al><vet>De verordening rekenkamercommissie gemeente Stichtse Vecht</vet></al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>Wet : <onderstreept>Gemeentewet</onderstreept>;</al></li><li nr="b."><al>commissie : rekenkamercommissie;</al></li><li nr="c."><al>voorzitter : voorzitter van de rekenkamercommissie;</al></li><li nr="d."><al>raad : gemeenteraad van Stichtse Vecht;</al></li><li nr="e."><al>college : college van burgemeester en wethouders van
                                            Stichtse Vecht;</al></li><li nr="f."><al>rekenkamercommissie : de rekenkamercommissie van de
                                            gemeente Stichtse Vecht</al></li><li nr="g."><al>doelmatigheid : de mate waarin de nagestreefde
                                            beleidsdoelen tegen zo gering mogelijke kosten worden
                                            bereikt;</al></li><li nr="h."><al>doeltreffendheid : de mate waarin het resultaat van het
                                            beleid beantwoordt aan wat er met het beleid werd beoogd
                                            en de gestelde beleidsdoelen worden verwezenlijkt;</al></li><li nr="i."><al>rechtmatigheid : de mate waarin wordt voldaan aan de
                                            wettelijke kaders en regelgeving, met name de wet- en
                                            regelgeving die direct van belang is voor de
                                            rechtmatigheid van het tot stand komen van de
                                            gemeentelijke baten en lasten. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Rekenkamercommissie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Er is een commissie die door de raad wordt ingesteld en
                                            wordt aangeduid als de rekenkamercommissie.</al></li><li nr="2."><al>De commissie doet onderzoek naar de (maatschappelijke)
                                            effecten van het gemeentelijke beleid alsmede naar de
                                            doelmatigheid, de rechtmatigheid en de doeltreffendheid
                                            van het door het gemeentebestuur gevoerde bestuur. Een
                                            door de commissie ingesteld onderzoek naar de
                                            rechtmatigheid van het gevoerde bestuur bevat geen
                                            controle van de jaarrekening.</al></li><li nr="3."><al>De commissie kan de raad gevraagd en ongevraagd
                                    adviseren.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Samenstelling en benoeming leden</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De commissie bestaat uit drie door de raad benoemde leden, de
                                    voorzitter daaronder begrepen. De benoeming vindt plaats op
                                    voordracht van de sollicitatieadviescommissie.</al></li><li nr="2."><al>De leden van de rekenkamercommissie worden benoemd voor een
                                    periode van zes jaar. </al><al> Na afloop van deze periode kunnen zij voor één volgende periode
                                    worden herbenoemd.</al></li><li nr="3."><al>Leden van de gemeenteraad en burgerleden zijn niet benoembaar
                                    tot lid van de rekenkamercommissie. </al></li><li nr="4."><al>De commissie wijst uit haar midden een voorzitter en een
                                    plaatsvervangend voorzitter aan. De voorzitter draagt zorg voor
                                    het tijdig en periodiek bijeenroepen van de commissie, het
                                    leiden van de vergaderingen, het bewaken van de uitgangspunten
                                    en werkwijze en het bevorderen van een zorgvuldige
                                    besluitvorming. De voorzitter voert hiertoe regelmatig overleg
                                    met de onderzoekers en met het secretariaat. Bij afwezigheid van
                                    de voorzitter neemt de plaatsvervangend voorzitter zijn taak
                                    waar. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Eed</titel></kop><al>Ten aanzien van de leden is <onderstreept>artikel
                                        81g</onderstreept> van de Gemeentewet van overeenkomstige
                                    toepassing.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Ontslag en non-activiteit</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad ontslaat de leden of stelt hen op non-activiteit.</al></li><li nr="2."><al>Het lidmaatschap van een lid eindigt:</al><lijst><li nr="a."><al>op eigen verzoek;</al></li><li nr="b."><al>bij de aanvaarding van een functie die onverenigbaar is met
                                    het lidmaatschap van de rekenkamercommissie;</al></li><li nr="c."><al>wanneer het lid bij onherroepelijk geworden rechterlijke
                                    uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel bij zulk een
                                    uitspraak een maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming tot
                                    gevolg heeft;</al></li><li nr="d."><al>indien het lid bij onherroepelijk geworden rechterlijke
                                    uitspraak onder curatele is gesteld, in staat van faillissement
                                    is verklaard, surseance van betaling heeft verkregen of wegens
                                    schulden is gegijzeld;</al></li><li nr="e."><al>indien de raad van oordeel is dat het lid niet langer geschikt
                                    is de functie van lid van de rekenkamercommissie te
                                    vervullen.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het lidmaatschap van een lid eindigt eveneens bij het
                                    aanvaarden van het raadslidmaatschap of bij de benoeming tot
                                    burgerlid.</al></li><li nr="4."><al>De leden van de rekenkamercommissie kunnen door de raad worden
                                    ontslagen wanneer zij door ziekte of gebreken blijvend
                                    ongeschikt zijn hun functie te vervullen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Vergoeding voor werkzaamheden van de externe leden van de rekenkamercommissie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De leden ontvangen een vaste vergoeding voor hun werkzaamheden
                                    en een vergoeding voor de reiskosten. De vaste vergoeding
                                    bedraagt voor de voorzitter 20% en voor een lid 15% van de
                                    vergoeding die leden van de gemeenteraad ontvangen ingevolge
                                    artikel 2 van de Verordening rechtspositie wethouders, raads- en
                                    commissieleden van de gemeente Stichtse Vecht.</al></li><li nr="2."><al>De vergoeding genoemd in het eerste lid komt ten laste van het
                                    budget van de rekenkamercommissie.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Ambtelijk secretaris.</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad benoemt de ambtelijk secretaris in overleg met de
                                    rekenkamercommissie en de griffier.</al></li><li nr="2."><al>De secretaris staat de rekenkamercommissie bij de uitvoering
                                    van haar taken terzijde.</al></li><li nr="3."><al>De secretaris legt rechtstreeks verantwoording af aan de
                                    rekenkamercommissie over de wijze waarop de ondersteunende taken
                                    worden verricht.</al></li><li nr="4."><al>De secretaris draagt zorg voor de agendaplanning, de
                                    verslaglegging en de vorming van dossiers.</al></li><li nr="5."><al>De ambtelijk secretaris maakt deel uit van de griffie.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Reglement van orde</titel></kop><al>De commissie stelt een reglement van orde voor haar
                                    vergaderingen en andere werkzaamheden vast. Zij zendt het
                                    reglement na vaststelling onverwijld ter kennisneming naar de
                                    raad.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Onderwerpselectie en opdrachtverlening</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Suggesties tot het verrichten van een onderzoek kunnen onder
                                    andere worden gedaan door:</al><lijst><li nr="a."><al>de rekenkamercommissie;</al></li><li nr="b."><al>de gemeenteraad;</al></li><li nr="c."><al>het college van burgemeester en wethouders;</al></li><li nr="d."><al>ingezetenen van de gemeente Stichtse Vecht;</al></li><li nr="e."><al>commissies als bedoeld in artikel 82 van de Gemeentewet.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De commissie kiest zelfstandig de onderwerpen voor haar
                                    onderzoek, formuleert de probleemstelling en de onderzoeksvragen
                                    en stelt de onderzoeksopzet vast. </al></li><li nr="3."><al>De in het vorige lid bedoelde onderzoeksopzet wordt door de
                                    commissie ter kennisneming aan de gemeenteraad verstuurd.</al></li><li nr="4."><al>De raad kan de commissie een gemotiveerd verzoek doen tot het
                                    instellen van een onderzoek. De commissie bericht de raad binnen
                                    een maand in hoeverre aan dat verzoek wordt voldaan. Indien de
                                    rekenkamercommissie niet aan het verzoek van de raad voldoet,
                                    zal zij daarvoor goede gronden aanvoeren.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Uitvoering van het onderzoek en rapportage</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De commissie is belast met en verantwoordelijk voor de
                                            uitvoering, begeleiding en sturing van het onderzoek
                                            volgens de door haar vastgestelde onderzoeksopzet.</al></li><li nr="2."><al>De commissie beoordeelt of het wenselijk is de raad
                                            tussentijds te informeren over de voortgang van het
                                            onderzoek.</al></li><li nr="3."><al>De commissie is bevoegd bij alle leden van het
                                            gemeentebestuur en bij alle ambtenaren de mondelinge en
                                            schriftelijke inlichtingen in te winnen die zij nodig
                                            acht voor de uitvoering van de onderzoeken. De leden van
                                            het gemeentebestuur en de ambtenaren van de gemeente
                                            zijn verplicht de gevraagde inlichtingen binnen de door
                                            de rekenkamercommissie gestelde termijn te
                                            verstrekken.</al></li><li nr="4."><al>De commissie vergadert zoveel als zij nodig acht, ter
                                            bespreking van procedurele en inhoudelijke aspecten van
                                            het onderzoek.</al></li><li nr="5."><al>De commissie vergadert in beslotenheid. Haar rapporten
                                            zijn openbaar. Op grond van de belangen genoemd in
                                                <onderstreept>artikel 10 van de Wet Openbaarheid van
                                                Bestuur</onderstreept> kan de commissie rapporten
                                            die aan de raad worden voorgelegd of gedeelten daarvan
                                            als geheim aanmerken. De leden van de commissie en
                                            degenen die ten behoeve van de rekenkamercommissie
                                            werkzaam zijn, zijn verplicht tot geheimhouding van al
                                            hetgeen hen in hun hoedanigheid van lid, respectievelijk
                                            medewerker ter kennis is gekomen. </al></li><li nr="6."><al>De rekenkamercommissie kan openbare informatieve
                                            vergaderingen beleggen.</al></li><li nr="7."><al>Voor de uitvoering van het onderzoek kan de commissie,
                                            met inachtneming van het beschikbare budget, externe
                                            deskundigheid inschakelen.</al></li><li nr="8."><al>De commissie stelt de betrokkenen in de gelegenheid om
                                            binnen een door haar te stellen termijn, die tenminste
                                            twee weken bedraagt, hun zienswijze op het
                                            conceptonderzoeksrapport aan de commissie kenbaar te
                                            maken. Betrokkenen zijn degenen wier taakuitvoering
                                            (mede) voorwerp van onderzoek is of is geweest. De
                                            commissie bepaalt wie verder als betrokkenen worden
                                            aangemerkt.</al></li><li nr="9."><al>Na vaststelling door de commissie worden het
                                            onderzoeksrapport en de nota met conclusies en
                                            aanbevelingen en de zienswijze van betrokkenen op het
                                            rapport zo spoedig mogelijk, onder toezending van een
                                            afschrift aan het college en betrokkenen, aan de raad
                                            aangeboden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Budget</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De rekenkamercommissie is bevoegd binnen een aan haar
                                            bij de begroting beschikbaar gesteld budget uitgaven te
                                            doen ten behoeve van de uitvoering van haar taken.</al></li><li nr="2."><al>Ten laste van het in het voorgaande lid bedoelde budget
                                            worden de kosten gebracht van:</al><lijst><li nr="a."><al>de vergoedingen aan de (externe) leden;</al></li><li nr="b."><al>interne onderzoeksmedewerkers;</al></li><li nr="c."><al>externe deskundigen die eventueel door de
                                            rekenkamercommissie zijn ingeschakeld;</al></li><li nr="d."><al>eventuele overige uitgaven die de commissie nodig acht
                                            voor de uitoefening van haar taak.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>De rekenkamercommissie is voor de besteding van het
                                            budget uitsluitend verantwoording verschuldigd aan de
                                            raad.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari
                                    2013.</al></li><li nr="2."><al>Bij de inwerkingtreding van deze verordening vervallen de
                                    Verordening rekenkamercommissie Maarssen 2006, vastgesteld bij
                                    raadsbesluit van 13 november 2006, de Verordening gemeentelijke
                                    rekenkamercommissie Breukelen 2006, vastgesteld bij raadsbesluit
                                    van 25 oktober 2005 en de Verordening gemeentelijke
                                    rekenkamercommissie Loenen 2006, vastgesteld bij raadsbesluit
                                    van 29 november 2005.</al></li><li nr="3."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Verordening
                                    Rekenkamercommissie gemeente Stichtse Vecht’.</al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>27 november 2012</ondertekening><ondertekening>Griffier, Voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Artikelgewijze toelichting</titel></kop><al><vet>Verordening op de rekenkamercommissie met externe leden en een
                            externe voorzitter</vet></al><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al>Dit artikel bevat enkele definities om te voorkomen dat bepaalde
                            begrippen telkens in hun geheel moeten worden uitgeschreven.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><al>Wanneer gemeenten geen rekenkamer instellen, stellen zij op grond van
                            artikel 81oa van de wet regels vast voor de uitoefening van de
                            rekenkamerfunctie. De wet spreekt van een rekenkamerfunctie. In deze
                            verordening is gekozen voor een rekenkamercommissie met alleen externen.
                            De voorzitter wordt uit de leden gekozen. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><al>De raad bepaalt zelf hoeveel leden de rekenkamercommissie zal hebben. De
                            juridische grondslag hiervoor is artikel 82 van de Gemeentewet. De
                            juridische basis voor de rekenkamercommissie verschilt daarmee niet van
                            die van de andere commissies. </al><al>Omdat is gekozen voor een rekenkamercommissie met uitsluitend externe
                            leden, zijn raadsleden en burgerleden niet benoembaar tot lid van de
                            rekenkamercommissie. Indien de rekenkamercommissie uit twee of meer
                            leden bestaat, wijst de rekenkamercommissie uit haar midden een
                            voorzitter en plaatsvervangend voorzitter aan. In het tweede lid is een
                            termijn van zes jaar genoemd. De raad kan uiteraard zelf bepalen of de
                            leden van de rekenkamercommissie korter of langer dan zes jaar worden
                            benoemd.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><al>De verplichting deze eed of verklaring en belofte af te leggen vloeit
                            voor de rekenkamer rechtstreeks voort uit artikel 81g van de
                            Gemeentewet. Deze bepaling wordt van overeenkomstige toepassing
                            verklaard op de (externe) leden van de rekenkamercommissie.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><al>Dit artikel handelt over het ontslag van de leden en over de
                            mogelijkheid (of soms verplichting) hen op non-activiteit te stellen in
                            bepaalde situaties. Hiertoe wordt besloten bij raadsbesluit. De
                            voorbereiding van het raadsvoorstel- en besluit loopt via de
                            griffie.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr></kop><al>In dit artikel is de vergoeding die de (externe) leden voor hun
                            werkzaamheden ontvangen, vastgelegd.</al><al>Ingevolge artikel 96, lid 1 van de Gemeentewet, gelden er door de raad
                            bij verordening (Verordening rechtspositie wethouders, raads- en
                            commissieleden van de gemeente Stichtse Vecht 2011) vastgestelde
                            vergoedingen voor leden van een commissie. In lid 2 is bepaald dat de
                            raad in bijzondere gevallen bij verordening kan regelen dat een
                            commissie een vaste vergoeding voor hun werkzaamheden en een
                            tegemoetkoming in de kosten ontvangen. </al><al>In deze verordening is opgenomen dat de leden van de rekenkamercommissie
                            een vaste vergoeding per maand ontvangen van 15% van de vergoeding die
                            de leden van de gemeenteraad voor hun werkzaamheden ontvangen ingevolge
                            artikel 2 van de Verordening rechtspositie wethouders, raads- en
                            commissieleden van de gemeente Stichtse Vecht 2011. De voorzitter
                            ontvangt een vergoeding van 20%. Van de voorzitter zullen extra
                            werkzaamheden worden verwacht in het kader van de voorbereiding van
                            vergaderingen en het onderhouden van contacten. De vergoeding voor
                            raadsleden wordt jaarlijks door het Ministerie van BZK vastgesteld.
                            Gekozen is voor een sobere vergoeding. De hoogte van de vergoeding is
                            vergelijkbaar met die in de gemeenten Woerden en Veenendaal. In deze
                            vergoeding zijn alle werkzaamheden begrepen, voorbereiden vergaderingen,
                            opstellen onderzoeksopzet, het voeren van overleg en het verrichten van
                            kleine onderzoeken. Voor de reiskosten wordt op declaratiebasis een
                            vergoeding verleend.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><al>De rekenkamercommissie wordt bijgestaan door een secretaris. De
                            rekenkamercommissie dient zelfstandig te functioneren en in het derde
                            lid is voorzien in een rechtstreekse verantwoordingsrelatie van de
                            secretaris ten opzichte van de rekenkamercommissie.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr></kop><al>Artikel 81i van de Gemeentewet wordt van overeenkomstige toepassing
                            verklaard op de rekenkamercommissie. In het reglement van orde
                            moeten/kunnen zaken als de vergoeding, volgorde van aftreden bij een
                            meerhoofdige rekenkamercommissie, verhouding secretaris-voorzitter, de
                            procedure die wordt gevolgd bij onderzoeken, hoe wordt omgegaan met
                            verzoeken van derden om onderzoek te verrichten enzovoorts
                            geregeld.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr></kop><al>De rekenkamercommissie dient onafhankelijk te zijn en om deze
                            onafhankelijkheid te bevorderen is het van belang dat zij zelfstandig de
                            onderzoeksonderwerpen kan kiezen. De rekenkamercommissie kan op verzoek
                            van de raad een onderzoek instellen maar is niet verplicht het verzoek
                            van de raad in te willigen. Dit verzoek van de raad wordt in artikel
                            182, tweede lid, van de wet expliciet genoemd. Doordat deze mogelijkheid
                            uitdrukkelijk in de wet is genoemd, wordt er een bepaald gewicht
                            toegekend aan het verzoek van de raad. Indien de rekenkamercommissie
                            niet voldoet aan een goed gemotiveerd verzoek van de raad zal zij
                            daarvoor goede gronden aanvoeren.</al><al>In het eerste lid is geregeld van wie, naast een verzoek van de raad, de
                            suggestie tot het uitvoeren van onderzoek uit kan gaan.</al><al>Op het moment dat de commissie een onderzoek doet betreffende de
                            rechtmatigheid moet er afstemming zijn met de auditcommissie om te
                            voorkomen dat onderzoeken elkaar overlappen of dubbel worden uitgevoerd. </al><al>De rekenkamercommissie maakt een groslijst van de onderzoeksonderwerpen
                            met statusaanduiding openbaar. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr></kop><al>Om te waarborgen dat de rekenkamercommissie bij de uitvoering van haar
                            onderzoek over voldoende en relevante gegevens kan beschikken is
                            voorzien in de bevoegdheid om inlichtingen in te winnen van alle leden
                            van het gemeentebestuur en van alle ambtenaren. De rapporten van de
                            rekenkamercommissie zijn in beginsel openbaar maar op grond van de
                            belangen genoemd in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob)
                            kunnen rapporten of gedeelten daarvan als geheim worden aangemerkt.</al><al>Uit oogpunt van zorgvuldigheid is het van groot belang dat de
                            onderzochte partij de kans krijgt om te reageren op het (nog niet
                            gepubliceerde) ontwerp-onderzoeksrapport. Er vindt dan wederhoor plaats
                            waarbij de feitelijke bevindingen die uit het onderzoek voortvloeien aan
                            de betreffende ambtenaren worden voorgelegd met de vraag er eventuele
                            onjuistheden uit te halen en te corrigeren. Indien van toepassing wordt
                            de verantwoordelijke wethouder of het college de gelegenheid geboden om
                            te reageren op de conceptaanbevelingen die de rekenkamercommissie
                            verbindt aan de (gecorrigeerde) bevindingen. Tot slot brengt de
                            rekenkamercommissie een definitief rapport naar buiten met bevindingen,
                            conclusies en eventueel aanbevelingen.</al><al>Eventueel zouden zaken die in dit artikel zijn opgenomen ook in een
                            reglement van orde kunnen worden geregeld.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr></kop><al>De rekenkamercommissie is zelfstandig verantwoordelijk voor de besteding
                            van het budget dat noodzakelijk is voor de uitvoering van haar taak. Ten
                            laste van het budget worden de in het tweede lid genoemde kosten
                            gebracht.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr></kop><al>Dit artikel behoeft geen toelichting.</al></divisie></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>