<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR233102_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting 2014</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Arnhem</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-05</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Arnhem</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Arnhemse Koerier , 27 november 2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Toeristenbelasting 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">artikel 224 van de Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-11-11</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-11-30</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>B&amp;W 24-09-2013, doc nr. 2013.0.089.901; zaak 2013-09-00558</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling vervangt de verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2013</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN TOERISTENBELASTING
            2014</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al><vet>vakantie-onderkomens</vet>: woningen en andere verblijven,
                                niet-zijnde mobiele kampeeronderkomens of stacaravans, in hoofdzaak
                                bestemd voor en gebezigd als verblijf voor vakantie- en andere
                                recreatieve doeleinden;</al></li><li nr="b."><al><vet>mobiele kampeeronderkomens</vet>: tenten, vouwwagens,
                                kampeerauto’s, toercaravans en soortgelijke onderkomens dan wel
                                soortgelijke voertuigen welke bestemd zijn dan wel gebezigd worden
                                alsverblijf voor vakantie en andere recreatieve
                                doeleinden;</al></li><li nr="c."><al><vet>niet-beroepsmatig verhuurde ruimten:</vet> woningen en andere
                                verblijven, of gedeelten daarvan, niet zijnde mobiele
                                parkeeronderkomens of stacaravans, welke niet in hoofdzaak bestemd
                                zijn als verblijf voor vakantie en andere recreatieve doeleinden,
                                doch wel in bepaalde perioden van het jaar voor die doeleinden
                                worden verhuurd dan wel te huur aangeboden;</al></li><li nr="d."><al><vet>vaste jaarplaats:</vet> een terrein of terreingedeelte dat
                                bestemd is voor het gedurende een jaar plaatsen van een zelfde
                                mobiel kampeeronderkomen of stacaravan, met de bedoeling meerdere
                                jaren ter plaatse te blijven.</al></li><li nr="e."><al><vet>vaste seizoenplaats: </vet>een terrein of terrein gedeelte dat
                                bestemd is voor het gedurende een seizoen plaatsen van een zelfde
                                mobiel kampeeronderkomen of stacaravan, met de bedoeling meerdere
                                jaren ter plaatse te blijven. Gedurende de winterperiode is het niet
                                toegestaan te overnachten in de kampeermiddelen.</al></li><li nr="f."><al><vet>seizoenplaats: </vet>een terrein of terreingedeelte dat bestemd
                                is voor gedurende het seizoen plaatsen van een zelfde
                                kampeeronderkomen dat bij aanvang van het seizoen wordt geplaatst en
                                na afloop van het seizoen van de standplaats wordt verwijderd.</al></li><li nr="g."><al><vet>toeristische plaats: </vet>een terrein of terreingedeelte dat
                                bestemd is voor het gedurende een jaar of seizoen plaatsen van
                                steeds wisselende mobiele kampeeronderkomens.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Ter zake van het houden van verblijf met overnachten binnen de gemeente in
                        hotels, pensions, vakantie-onderkomens, schepen, mobiele kampeeronderkomens,
                        niet-beroepsmatig verhuurde ruimten en op vaste standplaatsen tegen
                        vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene in de
                        basisregistratie personen van de gemeente zijn ingeschreven, wordt onder de
                        naam ‘toeristenbelasting’ een directe belasting geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als
                            bedoeld in artikel 2 in hem ter beschikking staande ruimten dan wel op
                            hem ter beschikking staande terreinen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op
                            degene, ter zake van wiens verblijf de belasting verschuldigd
                            wordt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien met toepassing van het eerste lid geen belastingplichtige is aan
                            te wijzen, is belastingplichtig degene die overeenkomstig het bepaalde
                            in artikel 2 verblijf houdt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting wordt niet geheven ter zake van het verblijf door degene,
                            die:</al><lijst><li nr="a."><al>als verpleegde of verzorgde in een inrichting tot verpleging of
                                    verzorging van zieken, van gebrekkigen, van hulpbehoevenden of
                                    van ouden van dagen verblijft;</al></li><li nr="b."><al>van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van
                                    de Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft
                                    in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde
                                    wet, en voorzover deze persoon verblijf houdt in een gelegenheid
                                    als bedoeld in artikel 2 van de Verordening, onder
                                    verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang
                                    Asielzoekers;</al></li><li nr="c."><al>tijdelijk in de gemeente verblijft als deelnemer aan een
                                    zogenoemde schoolwerkweek;</al></li><li nr="d."><al>als deelnemer van een scoutinggroep.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de forfaitaire berekening van de heffingsgrondslag, als bedoeld in
                            het eerste en tweede lid van artikel 6, worden niet als afzonderlijk
                            onderkomen aangemerkt slaaptentjes van kinderen welke tentjes behoren
                            bij onderkomens waarin gelijktijdig ouders of verzorgers van die
                            kinderen overnachten. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het aantal personen dat heeft overnacht wordt met betrekking tot:</al><lijst><li nr="a."><al>mobiele kampeeronderkomens en stacaravans op vaste jaarplaatsen
                                    bepaald op 2,1</al></li><li nr="b."><al>mobiele kampeeronderkomens en stacaravans op vaste
                                    seizoenplaatsen bepaald op 2,3</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het aantal malen dat door de in het eerste lid bedoelde personen is
                            overnacht wordt:</al><lijst><li nr="a."><al>de door lid 1, sub a, bedoelde personen bepaald op 43</al></li><li nr="b."><al>de door lid 1, sub b, bedoelde personen bepaald op 56</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Opteren voor niet-forfaitaire maatstaf van heffing</titel></kop><al>In afwijking van het bepaalde in artikel 6 wordt op een door de
                        belastingplichtige bij de aangifte gedane aanvraag de maatstaf van heffing
                        vastgesteld op het werkelijke aantal overnachtingen, indien blijkt dat dit
                        aantal lager is dan het op grond van artikel 6 berekende aantal.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Belastingtarief</titel></kop><al>Het tarief bedraagt per overnachting € 0,57</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Belastingtijdvak</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het belastingtijdvak is gelijk aan het kalenderjaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid loopt het belastingtijdvak van 1 april
                            tot en met 31 oktober ter zake van het houden van verblijf door personen
                            in mobiele kampeeronderkomens op niet-vaste standplaatsen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Aanslaggrens</titel></kop><al>Belastingaanslagen van minder dan € 9,00 worden niet opgelegd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                            moeten de aanslagen betaald worden in twee gelijke termijnen waarvan de
                            eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in
                            de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee
                            maanden later.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid
                            gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en invordering van de toeristenbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Aanmeldingsplicht</titel></kop><al>De belastingplichtige bedoeld in artikel 3, eerste lid, is gehouden, voordat
                        hij voor de eerste maal na het in werking treden van deze verordening
                        gelegenheid tot overnachten verschaft, zulks schriftelijk te melden aan de
                        door de in artikel 231, tweede lid, onderdelen b en d, van de Gemeentewet
                        bedoelde gemeenteambtenaar aangewezen ambtenaren van de gemeentelijke
                        belastingen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De ‘Verordening toeristenbelasting 2013' van 4 november 2012 wordt
                            ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang
                            van heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de
                            belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de derde dag na die
                            van bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2014.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Deze verordening kan worden aangehaald als de ‘Verordening
                            toeristenbelasting 2014'.</al></lid></artikel></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>