<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR231563_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en de invordering van liggeld 2013</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Zuidhorn</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-05</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Zuidhorn</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Westerkwartier, 27-12-2012</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening liggeld 2013</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 229, lid 1</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-11-05</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2014-01-03</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze verordening vervangt de Verordening op de heffing en de invordering van liggeld 2012.</al><al>De Verordening op de heffing en de invordering van liggeld 2012 is met ingang van 1 januari 2013 ingetrokken, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en de invordering van liggeld 2013 </intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Zuidhorn; </al><al> </al><al>Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 2 oktober 2012 inzake de heffing en de invordering van liggeld;</al><al> </al><al>gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel a en b, van de Gemeentewet;</al><al>  </al><al>B E S L U I T :</al><al>  </al><al>vast te stellen de “Verordening op de heffing en de invordering van liggeld 2013”, inhoudende de volgende bepalingen:</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>woonschip: elk vaartuig dat uitsluitend of in hoofdzaak wordt gebezigd als, of te oordelen naar zijn constructie of inrichting uitsluitend of in hoofdzaak bestemd is tot, dag- of nachtverblijf van een of meer personen;</al></li></lijst><lijst><li nr="b."><al>ligplaats: een gedeelte van het openbaar water bij de locaties Zuidwending (Nieuwbrugsterweg) en Steentil (Aduarderdiep), bestemd of geschikt om door een woonschip met bijbehorende voor­zieningen te worden ingenomen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastbaar feit </titel></kop><al>Onder de naam ‘liggeld’ wordt een recht geheven voor het hebben van een ligplaats voor een woon­schip, daaronder begrepen de diensten die met de ligplaats verband houden, op de krachtens de ‘Woonschepen­verordening 2011’ aangewezen ligplaatsen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastingplicht </titel></kop><al>Het liggeld wordt geheven van degene die de ligplaats heeft. Als degene die de ligplaats heeft wordt aangemerkt de houder van de ligplaatsvergunning, bedoeld in artikel 6 van de ‘Woon­schepen­verordening 2005’, dan wel de hoofdbewoner van het woonschip. Wie als hoofdbewoner wordt aangemerkt wordt naar de omstandigheden beoordeeld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Belastingtarief </titel></kop><al>Het liggeld bedraagt per ligplaats € 562,37</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Belastingtijdvak </titel></kop><al>Het belastingtijdvak is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Tarieven voor het aanvragen, overschrijven of wijzigen van een ligplaatsvergunning </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag om een ligplaats­vergunning € 83,11</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag om een wijziging of een overschrijving van een ligplaatsvergunning € 49,90.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Wijze van heffing </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het recht genoemd in artikel 4 wordt bij wege van aanslag geheven.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het recht genoemd in artikel 6 wordt geheven bij wege van een schriftelijke, gedagtekende kennisgeving waarin het verschuldigde bedrag is vermeld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsbelang </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het liggeld is verschuldigd bij het begin van het belastingtijdvak of, zo dit later is, bij de aan­vang van de belastingplicht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak aanvangt, is het recht verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van het voor dat tijdvak verschuldigde recht als er in dat belasting­tijdvak, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van het voor dat belastingtijdvak verschuldigde recht als er in dat belastingtijdvak, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>termijnen van betaling </titel></kop><al>De aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke termijnen waarvan de eerste termijn vervalt een maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elke volgende termijn telkens een maand later.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Kwijtschelding </titel></kop><al>Bij de invordering van liggeld wordt geen kwijtschelding verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders </titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van liggeld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Overgangsbepaling </titel></kop><al>Voor de eigenaren van woonschepen die reeds vóór 1 januari 2001 een aanvraag voor een ligplaats­vergunning hebben ingediend bij het college van burgemeester en wethouders, maar waarbij uit toetsing van de aanvraag is gebleken dat nog niet wordt voldaan aan de gestelde eisen in artikel 8, lid 3, onder c van de woonschepenverordening, wordt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een ligplaatsvergunning een recht geheven op grond van artikel 1.17.4.2 van de tarieven­tabel behorende bij de Legesverordening 2013.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De ‘Verordening op de heffing en de invordering van liggeld 2012’ van 31 oktober 2011 wordt inge­trokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de tiende dag na die van de bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2013.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Verordening liggeld 2013’.</al></lid></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Zuidhorn</ondertekening><ondertekening>in de openbare vergadering van 5 november 2012,</ondertekening><ondertekening> </ondertekening><ondertekening> </ondertekening><ondertekening> </ondertekening><ondertekening> </ondertekening><ondertekening>L.K. Swart, voorzitter                                       M.J. Slopsema-Terpstra, griffier</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>