<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR230811_3</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2013</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Waterland</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-03-27</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Waterland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Elektronisch Gemeenteblad, 31-12-2014</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening toeristenbelasting 2013</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005416&amp;artikel=224&amp;g=2013-01-01">Gemeentewet, art. 224</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-12-18</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>art. 5</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>326-28</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling is vervangen door de <extref doc="1.1:CVDR432374_1">Verordening toeristenbelasting 2017</extref>.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2013</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/><al>De raad van de gemeente Waterland,</al><al>Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders;</al><al>gelet op artikel 224 van de Gemeentewet:</al><al>BESLUIT:</al><al>tot vaststelling van de volgende verordening op de heffing en invordering
                        van toeristenbelasting 2013:</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam 'toeristenbelasting' wordt een directe belasting geheven voor
                        het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een
                        vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene met
                        een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn
                        ingeschreven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als
                            bedoeld in artikel 1.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op
                            degene die verblijf houdt als bedoeld in artikel 1.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als er geen persoon is aan te wijzen die gelegenheid biedt tot verblijf,
                            is degene belastingplichtig die verblijf houdt als bedoeld in artikel
                            1.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>De belasting wordt niet geheven voor het verblijf: </al><lijst><li nr="1."><al>van degene die verblijft in een toegelaten instelling als bedoeld in
                                artikel 5, eerste lid, van de Wet Toelating Zorginstellingen;</al></li><li nr="2."><al>van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de
                                Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de
                                zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en
                                voorzover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in artikel 1 van
                                de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan
                                opvang Asielzoekers.</al></li><li nr="3."><al>van degene die verblijf houdt in een gemeubileerde woning voor welk
                                verblijf forensenbelasting is verschuldigd;</al></li><li nr="4."><al>op vaartuigen voor welk verblijf watertoeristenbelasting is
                                verschuldigd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen in het
                        belastingjaar. Het aantal overnachtingen wordt gesteld op het aantal
                        overnachtende personen vermenigvuldigd met het aantal nachten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5 Belastingtarief</nr></kop><al>Het tarief bedraagt per overnachting € 1,60.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Wanneer de belasting wordt geheven van degene als bedoeld in artikel 2
                            lid 3 wordt de belasting geheven bij wege van aanslag of door middel van
                            een mondelinge of schriftelijke gedagtekende kennisgeving, onder dat
                            laatste ook te verstaan nota, bon of ander schriftuur.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Voorlopige aanslag</titel></kop><al>Na de aanvang van het belastingjaar kan aan de belastingplichtige een
                        voorlopige aanslag worden opgelegd tot ten hoogste 50% kan het bedrag waarop
                        de aanslag over dat jaar, op basis van de aangifte over het voorgaaande
                        jaar, vermoedelijk zal worden vastgesteld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9 Aanslaggrens</nr></kop><al>Geen belastingaanslag wordt opgelegd indien het aantal overnachtingen,
                        waartoe gelegenheid wordt of is gegeven, gedurende het belastingjaar minder
                        dan tien zal of heeft belopen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10 Nachtverblijfregister</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>De belastingplichtige is gehouden per belastingtijdvak een vanwege
                                de gemeente kosteloos ter beschikking gesteld nachtverblijfregister
                                bij te houden.</al></li><li nr="2."><al>Het nachtverblijfregister bevat met betrekking tot ieder aan wie
                                gelegenheid tot overnachten wordt verschaft gegevens tenminste
                                betreffende:</al><lijst><li nr="a."><al>naam en woonplaats;</al></li><li nr="b."><al>datum van aankomst en datum van vertrek;</al></li><li nr="c."><al>het aantal overnachtingen ter zake waarvan belasting
                                        verschuldigd is.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd voor bepaalde
                                gevallen of groepen van gevallen van de in het eerste lid bedoelde
                                verplichting gehele of gedeeltelijke ontheffing </al><al> te verlenen, zo nodig onder door hen te stellen voorwaarden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                            moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de
                            eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend </al><al>op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de
                            tweede twee maanden later.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid
                            gestelde termijnen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De belasting moet ingeval van kennisgeving als bedoeld in artikel 7 lid
                            2 worden betaald op het moment van het doen respectievelijk uitreiken
                            van de kennisgeving. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</nr></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en de invordering van de toeristenbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van de toeristenbelasting wordt geen kwijtschelding
                        verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Aanmeldingsplicht</titel></kop><al>De belastingplichtige, bedoeld in artikel 2, eerste lid, is gehouden,
                        voordat hij voor de eerste maal na het in werking treden van deze
                        verordening gelegenheid tot verblijf verschaft, zulks schriftelijk te melden
                        aan de door het college van burgemeester en wethouders aangewezen
                        gemeenteambtenaren, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdelen b en d,
                        van de Gemeentewet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Aangifte</titel></kop><al>De belastingplichtige, bedoeld in artikel 2, eerste lid, is gehouden, indien
                        hij niet binnen vier weken na afloop van het belastingjaar een uitnodiging
                        heeft ontvangen tot het doen van aangifte, binnen twee na afloop van deze
                        termijn schriftelijk aan de aangewezen ambtenaar, bedoeld in artikel 231,
                        tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet, te verzoeken tot een
                        uitnodiging tot het doen van aangifte. De gemeente behoudt zich te allen
                        tijde het recht voor alsnog een uitnodiging tot het doen van aangifte te
                        verzenden, dan wel, bij gebrek aan een aangifte door belastingplichtige, de
                        grondslag voor de berekening van de toeristenbelasting te schatten en
                        middels ambtshalve aanslag op de leggen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16 Tijdstip van ingang van de heffing en citeertitel</nr></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>De verordening toeristenbelasting 2012 van 15 december 2011 wordt
                                ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van
                                ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing
                                blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben
                                voorgedaan.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na
                                die van de bekendmaking.</al></li><li nr="3."><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2013.</al></li></lijst><al>Deze verordening wordt aangehaald als de “Verordening toeristenbelasting
                        2013”.</al><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente
                        Waterland, gehouden op 22 november 2012</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De griffier,</ondertekening><ondertekening>(Drs. E.G.H. Dijk) </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De voorzitter,</ondertekening><ondertekening>(L.M.B.C. Wagenaar-Kroon)</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>