<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR229893_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening cliëntenparticipatie Wet werk en bijstand Opsterland 2012</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Opsterland</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-09-11</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Opsterland</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Opsterland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">www.opsterland.nl, 15-11-2012</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening cliëntenparticipatie Wet werk en bijstand Opsterland 2012</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet werk en bijstand, art. 47</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet , art. 147</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-09-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2012-11-15</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2012-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2012-38756</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>De Verordening treedt met terugwerkende kracht in werking.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening cliëntenparticipatie Wet werk en bijstand Opsterland 2012</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Verordening cliëntenparticipatie Wet werk en bijstand Opsterland 2012</al><al/><al>De Raad van de gemeente Opsterland;</al><al>gezien het advies van het cliëntenplatform CUMO van 20 april 2012;</al><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 3 juli 2012;</al><al>overwegende dat de gemeente verantwoordelijk is om bij verordening de realisatie en
            vormgeving van cliëntenparticipatie in het kader van de Wet werk en bijstand te
            regelen;</al><al>gelet op artikel 47 van de Wet werk en bijstand en artikel 147 van de
            Gemeentewet.</al><al/><al>besluit vast te stellen de:</al><al>Verordening cliëntenparticipatie Wet werk en bijstand Opsterland 2012</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening en de daarop rustende bepalingen wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>werk en inkomen: alle aangelegenheden die betrekking hebben op het beleid en de
                uitvoering van de Wet werk en bijstand.</al></li><li nr="b."><al>cliënten: personen genoemd in artikel 7,eerste lid van de wet;</al></li><li nr="c."><al>cliëntenorganisatie: een lokaal georiënteerde organisatie die tot doel heeft in
                algemene zin de belangen te behartigen van cliënten op wie de wetten en
                gemeentelijke regelingen op het terrein van Werk en Inkomen gericht zijn;</al></li><li nr="d."><al>cliëntenparticipatie: het betrekken van cliënten en hun vertegenwoordigers bij de
                beleidsvoorbereiding en beleidsuitvoering van wetten en gemeentelijke regelingen op
                het terrein van werk en inkomen;</al></li><li nr="e."><al>cliëntenplatform: een, op initiatief van de gemeente Opsterland , ingesteld
                adviesorgaan op grond van artikel 47 van de wet;</al></li><li nr="f."><al>college: het college van burgemeester en wethouders van Opsterland;</al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Opdracht aan het college</titel></kop><al>Het college neemt bij de uitvoering van artikel 47 van de wet de regels gesteld bij of
            krachtens deze verordening in acht.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Verantwoordelijkheid college</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college stelt een cliëntenplatform in om gestalte te geven aan de wettelijke
                verplichting van cliëntenparticipatie.</al></li><li nr="2."><al>Het college streeft naar een samenstelling van het cliëntenplatform die een goede
                afspiegeling vormt van de cliënten en de cliëntenorganisaties.</al></li><li nr="3."><al>De leden van het cliëntenplatform worden door het college op voordracht van het
                cliëntenplatform benoemd.</al></li><li nr="4."><al>Het college benoemt de leden van het cliëntenplatform, behoudens tussentijds
                aftreden, in principe voor de duur van het zittende college.</al></li><li nr="5."><al>Het college sluit een convenant met het cliëntenplatform waarin nadere afspraken
                worden vastgelegd.</al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Taken en bevoegdheden</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het cliëntenplatform heeft tot taak om desgevraagd of uit eigen beweging het
                college te adviseren over alle aangelegenheden van beleidsvoorbereiding en
                beleidsuitvoering die betrekking hebben op het terrein van werk en inkomen en van
                invloed zijn op de positie van de burger als cliënt.</al></li><li nr="2."><al>Tot de in het eerste lid bedoelde aangelegenheden behoren niet:</al><lijst><li nr="a."><al>klachten, bezwaarschriften en andere zaken die op individuele personen betrekking
                hebben voor zover deze geen algemene strekking hebben;</al></li><li nr="b."><al>onderwerpen van interne organisatie, voor zover deze geen aanwijsbare gevolgen
                heeft voor de dienstverlening aan de cliënten;</al></li><li nr="c."><al>onderwerpen die een landelijke regeling betreffen, voor zover bij de uitvoering
                geen keuzes zijn gelaten aan het gemeentebestuur, dit behoudens de vraag of het
                gemeentebestuur volledig de ruimte benut die de wettelijke regeling biedt.</al><al/></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Faciliteiten en onkostenvergoeding</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Ten behoeve van het cliëntenplatform wordt jaarlijks in de begroting een budget
                opgenomen ten behoeve van onder meer kosten die verband houden met het organiseren
                van het platform, deskundigheidsbevordering en organisatiekosten.</al></li><li nr="2."><al>Het college draagt er zorg voor dat noodzakelijke faciliteiten aan het
                cliëntenplatform beschikbaar worden gesteld om te bewerkstelligen dat het
                cliëntenplatform naar behoren invulling kan geven aan haar functie.</al></li><li nr="3."><al>Ten laste van het in lid 1 genoemde budget ontvangen de leden van het
                cliëntenplatform voor het bijwonen van de vergadering van het cliëntenplatform een
                door het college vast te stellen onkostenvergoeding.</al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Huishoudelijk reglement</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college draagt zorg voor de totstandkoming en vaststelling van een
                huishoudelijk reglement voor het cliëntenplatform in de vorm van een convenant.</al></li><li nr="2."><al>Het huishoudelijke reglement geeft in ieder geval een nadere invulling aan de
                samenstelling, taken, bevoegdheden, werkwijze van het cliëntenplatform en al hetgeen
                dat van belang is voor het goed functioneren van het cliëntenplatform.</al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Wijziging en intrekking verordening</titel></kop><al>Wijziging of intrekking van deze verordening kan alleen plaatsvinden nadat het
            cliëntenplatform daarover is gehoord.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Uitvoering</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college draagt zorg voor de uitvoering van deze verordening.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan ter uitvoering van deze verordening nadere regels opstellen.</al></li><li nr="3."><al>Het college kan, indien de toepassing van bepalingen in deze verordeningen in de
                individuele situatie tot grove onbillijkheden leidt afwijken van het gestelde in
                deze verordening.</al></li><li nr="4."><al>Het gestelde lid 2 van dit artikel vindt plaats na overleg met het
                cliëntenplatform.</al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Verantwoording</titel></kop><al>Het college legt jaarlijks verantwoording af aan de raad over de uitvoering van deze
            verordening.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Citeertitel, inwerkingtreding en intrekking</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als: Verordening cliëntenparticipatie Wet
                werk en bijstand Opsterland 2012.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2012.</al></li><li nr="3."><al>De Verordening cliëntenparticipatie Wet werk en bijstand en Wet investeren in
                jongeren Opsterland 2010 wordt ingetrokken bij inwerkingtreding van deze
                verordening.</al><al/></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 17 september 2012</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>Ieke Zwart Francisca Ravestein</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><al>Toelichting Verordening cliëntenparticipatie Wet werk en bijstand Opsterland
                2012</al><al/><al>Algemene toelichting</al><al>De rijksoverheid streeft ernaar om burgers meer te betrekken bij de totstandkoming
                van beleid en de uitvoering van de wetten op diverse terreinen. Daarom is op grond
                van de Abw en later de Wwb een cliëntenplatform opgericht. Naderhand zijn nog enkele
                andere wetten in werking getreden, waar ook participatie van cliënten via een raad
                wordt verordonneerd. Zo is er een cliëntenraad voor de Wet maatschappelijke
                ondersteuning en voor de Wet sociale werkvoorziening. Het is toegestaan om alle
                participatie in één enkele raad samen te voegen. Maar omdat de doelgroepen, belangen
                en onderwerpen nogal uiteen kunnen lopen, is hiervoor niet gekozen. De werkwijze van
                het cliëntenplatform is vastgelegd in een convenant. Het spreekt voor zich dat bij
                het opstellen van deze verordening rekening wordt gehouden met de huidige werkwijze.
                Naar aanleiding hiervan is er ook voor gekozen om in deze verordening op hoofdlijnen
                invulling te geven aan de cliëntenparticipatie. Al het overige wordt met behulp van
                een convenant nader geregeld.</al><al/><al>Artikelsgewijze toelichting</al><al/><al>Artikel 1 Begripsbepalingen</al><al>Voor de diverse omschrijvingen is aansluiting gezocht bij de formuleringen in de
                huidige praktijk en de bestaande verordeningen.</al><al/><al>Artikel 2 Opdracht aan het college</al><al>Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.</al><al/><al>Artikel 3 Verantwoordelijkheid college</al><al>In dit artikel wordt de verantwoordelijkheid van het college geformuleerd. Deze
                reikt verder dan alleen gestalte geven aan de cliëntenparticipatie door middel van
                het instellen van een cliëntenplatform. Het college streeft ook naar een
                evenwichtige samenstelling van het cliëntenplatform. De huidige praktijk laat zien
                dat het cliëntenplatform is samengesteld uit individuele cliënten en
                cliëntenorganisaties. Dit wenst het college graag zo te behouden. Vandaar dat in de
                verordening een bepaling is opgenomen die de afspiegeling van de individuele
                cliënten en cliëntenorganisaties dient te waarborgen.</al><al>Tot slot behoort het benoemen van leden ook tot de verantwoordelijkheid van het
                college. Omdat een college, uitzonderingen daar gelaten, een zittingsduur van 4 jaar
                heeft en het cliëntenplatform het college adviseert, is de benoemingsduur in
                principe gelijkgesteld aan de zittingsduur van het college.</al><al/><al>Artikel 4 Taken en bevoegdheden</al><al>Het cliëntenplatform fungeert als adviesorgaan van het college. Behalve
                adviserende taken heeft het cliëntenplatform ook recht op initiatief. Het
                cliëntenplatform kan op verzoek van het college advies uitbrengen over
                aangelegenheden op het terrein van werk en inkomen, maar kan zeker ook zelf het
                initiatief nemen. Mocht het cliëntenplatform het niet eens zijn met het “gewogen”
                voorstel van het college aan de gemeenteraad dan kan het cliëntenplatform nog altijd
                de weg van de reguliere inspraak bewandelen. Daarbij kan worden ingesproken bij
                vergaderingen van de raadsadviescommissie.</al><al>Is het cliëntenplatform het oneens met een collegebesluit dat tot de bevoegdheid
                van het college behoort en dus niet als voorstel aan de raad wordt aangeboden dan is
                het cliëntenplatform natuurlijk altijd vrij om zijn zienswijze onder de aandacht te
                brengen van de raad. Dit artikel regelt ook de aangelegenheden waarvoor het
                cliëntenplatform geen adviesrecht of recht op initiatief heeft. Het college legt in
                het convenant vast bij raadsvoorstellen en collegevoorstellen het advies van het
                cliëntenplatform mee te nemen en in een bijlage aan te geven of adviezen wel of niet
                zijn opgenomen inclusief een argumentatie.</al><al/><al>Artikel 5 Faciliteiten en onkostenvergoeding</al><al>Door het college wordt jaarlijks een budget beschikbaar gesteld waaruit op basis
                van een door het cliëntenplatform op te stellen en door het college goed te keuren
                begroting de kosten van de ambtelijke ondersteuning en andere kosten, zoals kosten
                voor deskundigheidsbevordering en organisatiekosten, ten laste kunnen worden
                gebracht.</al><al>Voorts zal het college het cliëntenplatform ook de gelegenheid moeten bieden om
                zijn taak naar behoren uit te voeren. Daartoe wordt aansluiting gezocht bij de
                huidige praktijk. </al><al>Daarnaast ontvangen de leden van het cliëntenplatform voor het bijwonen van
                vergaderingen een door het college vast te stellen onkostenvergoeding. Voor wat
                betreft deze vergoedingen is nadrukkelijk aangegeven dat het om een
                onkostenvergoeding gaat. Deze vergoedingen dienen niet te worden gezien als
                middelen, zoals vermeld in artikel 31, eerste lid van de Wet werk en bijstand. De
                onkostenvergoeding komen ten laste van het in lid 1 van dit artikel genoemde
                budget.</al><al/><al>Artikel 6 Huishoudelijk reglement</al><al>Omdat deze verordening op hoofdlijnen is geformuleerd zal het college er zorg voor
                dragen dat er een huishoudelijk reglement wordt opgesteld en vastgesteld in de vorm
                van een convenant. In het tweede lid staat vermeld wat er in ieder geval in het
                huishoudelijke reglement geregeld dient te worden. Daarbij is gekozen voor een ruime
                formulering, maar in concreto zullen in het huishoudelijke reglement zaken worden
                geregeld die verband houden met bijvoorbeeld de wijze van selectie van de leden, de
                wijze van benoeming, redenen voor beëindigen van het lidmaatschap, de taken van de
                onafhankelijke voorzitter en de secretaris en de vergaderorde van het
                cliëntenplatform.</al><al/><al>Artikel 7 Wijziging en intrekking verordening</al><al>Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.</al><al/><al>Artikel 8 Uitvoering</al><al>Voor de uitvoering van deze verordening kan het noodzakelijk zijn om nadere regels
                op te stellen. Artikel 8, tweede lid geeft het college de bevoegdheid om deze
                regels, in overleg met het cliëntenplatform op te stellen.</al><al>Het gestelde in het derde lid heeft betrekking op de zogenaamde
                “hardheidsclausule”. Een dergelijke bepaling wordt in de verordening opgenomen om
                het college enige vrijheid te geven bij het toepassen van de bepalingen. Toepassen
                van deze hardheidsclausule dient echter wel tot het uiterste beperkt te worden. Bij
                het regelmatig toepassen van deze clausule dient aanpassing van de verordening te
                worden overwogen.</al><al/><al>Artikel 9 Verantwoording </al><al>De gemeenteraad kan slechts zijn controlerende functie op goede wijze vormgeven
                indien beschikt wordt over de van belang zijnde gegevens. Het college zal de raad
                jaarlijks voorzien van informatie over de uitvoering van de Wet werk en bijstand.
                Daarin zal ook de informatie over de uitvoering van deze verordening en dus het
                functioneren van het cliëntenplatform als zodanig worden opgenomen.</al><al/><al>Artikel 10 Citeertitel, inwerkingtreding en intrekking</al><al>Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.</al><al/></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>