<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--
      meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR228588_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Wegsleepverordening gemeente Ommen 2004</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Ommen</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-02-28</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Ommen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Ommer Nieuws, 29-12-2004</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Wegsleepverordening gemeente Ommen 2004</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</dcterms:subject><dcterms:issued>2004-12-16</dcterms:issued><dcterms:rights>
          De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht
        </dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2005-02-07</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>WEGSLEEPVERORDENING GEMEENTE OMMEN 2004</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>RVV 1990: het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;</al></li><li nr="b."><al>wet: de Wegenverkeerswet 1994;</al></li><li nr="c."><al>besluit: het Besluit wegslepen van voertuigen;</al></li><li nr="d."><al>voertuig: wat hieronder wordt verstaan in artikel 1, onder al RVV
                                1990;</al></li><li nr="e."><al>motorrijtuig: wat hieronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid,
                                onder c van de wet;</al></li><li nr="f."><al>het college: het college van burgemeester en wethouders.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Aanwijzing van wegen en weggedeelten waar voertuigen kunnen worden
                            verwijderd, overgebracht en in bewaring gesteld in het belang van het
                            vrijhouden van wegen en weggedeelten</titel></kop><al>Als wegen en weggedeelten, bedoeld in artikel 170, eerste lid, onder c
                        van de wet worden alle wegen en weggedeelten binnen de gemeente aangewezen
                        voorzover ze behoren tot één van de in artikel 2 van het besluit bedoelde
                        soorten van wegen en weggedeelten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Plaats bewaring voertuigen en openingstijden</titel></kop><al>Plaats bewaring voertuigen en openingstijden</al><lijst><li nr="1."><al>Als plaats van bewaring van voertuigen wordt aangewezen het terrein
                                van Bergingsbedrijf Autax, Van Ruijsdaelstraat 8-10, 7731 SW
                                Ommen.</al></li><li nr="2."><al>De openingstijden van de in het eerste lid bedoelde bewaarplaats
                                zijn op werkdagen van 09.00 tot 17.00 uur. Buiten deze tijden na
                                telefonische afspraak.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Kosten overbrengen en bewaren voertuigen</titel></kop><al>De kosten van het overbrengen van een voertuig naar de bewaarplaats bedragen
                        (prijspeil 2004):</al><lijst><li nr="1."><al>a. basistarief/voorrijkosten, € 72,80;</al><al>vrachtauto en/of aanhangwagen, € 92,04;</al><al>b. voor het overbrengen van het voertuig naar de bewaarplaats, €
                                70,20;</al><al>vrachtauto en/of aanhangwagen, 88,40;</al><al>c. voor het bewaren van een voertuig:</al><al>- voor de eerste 24 uur of een gedeelte daarvan, € 42,64;</al><al>- voor de volgende dagen of een gedeelte daarvan, € 16,64;</al><al> een vraachtauto of/aanhangwagen: </al><al>- voor de eerste 24 uur, € 62,40;</al><al>- voor de volgende dagen of een gedeelte daarvan, € 17,16.</al></li><li nr="2."><al>De kosten worden jaarlijks geïndexeerd met het prijsindexcijfer voor
                                de gezinsconsumptie.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Overbrengen en in bewaring stellen van motorrijtuigen in het geval
                            van gebleken onvoldoende rijgeschiktheid of rijvaardigheid dan wel het
                            ontbreken van een behoorlijk zichtbare kentekenplaat</titel></kop><al>Wanneer gebruik wordt gemaakt van de bevoegdheid, bedoeld in artikel 130,
                        vierde lid, 164, zevende lid, en 174, eerste lid van de wet, zijn artikel 1,
                        3 en 4 van deze verordening van overeenkomstige toepassing.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking zes weken na de dag van
                        bekendmaking.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als “Wegsleepverordening gemeente Ommen
                        2004”.</al></artikel></regeling-tekst><nota-toelichting><kop><label>Toelichting bij Wegsleepverordening gemeente Ommen 2004</label></kop><al/><al><vet>Toelichting algemeen</vet></al><al/><al><cursief>Werking</cursief></al><al>Op grond van de oude WVW 1994 mochten op de weg staande voertuigen alleen worden
                    weggesleept in het belang van de veiligheid op de weg, de vrijheid van het
                    verkeer of het vrijhouden van invalidenparkeerplaatsen.</al><al>In de nieuwe wegsleepbepalingen uit de WVW en het bijbehorende Besluit wegslepen
                    van voertuigen is dit laatste criterium uitgebreid tot “het vrijhouden van
                    aangewezen weggedeelten en wegen”. Behalve invalidenparkeerplaatsen zijn er
                    immers meer locaties denkbaar waar fout parkeren als zeer hinderlijk wordt
                    ervaren zonder dat de veiligheid op de weg of de vrijheid van het verkeer direct
                    in het geding zijn. Hierbij kan dan o.a. gedacht worden aan onbevoegd parkeren
                    op laad- en loshavens, taxistandplaatsen, marktterreinen, voetgangersgebieden
                    etc. Direct optreden tegen dergelijke fout geparkeerde voertuigen kan dan soms
                    zeer wenselijk zijn. De gemeenten kunnen pas gebruik maken van deze bevoegdheid
                    nadat deze wegen en weggedeelten nader zijn aangewezen in een gemeentelijke
                    verordening.</al><al/><al>Van de bevoegdheid tot wegslepen moet verantwoord gebruik worden gemaakt.</al><al>Een parkeerovertreding op zich is niet zonder meer voldoende om over te gaan tot
                    het wegslepen en in bewaring stellen van een voertuig. Per geval zal moeten
                    worden beoordeeld of de specifieke parkeerovertreding het wegslepen en in
                    bewaring stellen van het desbetreffende voertuig ook rechtvaardigt. Het
                    wegslepen van een voertuig dat om 4.00 uur ’s nachts in strijd foutief
                    geparkeerd is zal doorgaans als niet of minder urgent moeten worden beschouwd.
                    In zo’n geval kan het uitschrijven van een parkeerbon doorgaans volstaan.</al><al/><al><cursief>Verhouding Wet-Mulder en bestuursdwang </cursief></al><al>Wanneer een voertuig fout geparkeerd staat en wegsleepwaardig is, zijn er in
                    principe twee naast elkaar bestaande manieren om hiertegen op te treden.
                    Allereerst door politie en justitie op grond van de Wet
                    administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wet-Mulder) via het
                    opmaken van een proces-verbaal. Daarnaast door het uitvoeren van bestuursdwang
                    (lees: het laten wegslepen en bewaren van dat voertuig) door het college van
                    burgemeester en wethouders.</al><al>Het is niet nodig om eerst een proces-verbaal op grond van de Wet-Mulder op te
                    maken voordat tot het wegslepen van een voertuig kan worden overgegaan, maar het
                        <cursief>kan </cursief>wel samengaan. Wel is het hoe dan ook noodzakelijk om
                    de geconstateerde parkeerovertreding zo goed mogelijk vast te leggen wanneer
                    alleen gebruik wordt gemaakt van de bestuursdwangbevoegdheid. Voor eventuele
                    latere bezwaar- en beroepsprocedures op grond van de Awb is het verstandig de
                    geconstateerde parkeerovertreding zo goed mogelijk vast te leggen in een
                    schriftelijk document en bij voorkeur vergezeld te laten gaan van een foto die
                    de feitelijke situatie weergeeft. Een eventueel sepot, vrijspraak of ontslag van
                    rechtsvervolging door justitie, respectievelijk de rechter naar aanleiding van
                    een proces-verbaal is niet zonder meer een reden om ook de kosten van de
                    bestuursdwang terug te betalen. Het college van burgemeester en wethouders maakt
                    in een eventuele bezwaarprocedure een zelfstandige afweging.</al><al/><al><cursief>Verordening </cursief></al><al>In artikel 170 e.v. WVW 1994 is het kader aangegeven waarbinnen het college van
                    burgemeester en wethouders gebruik kan maken van zijn bevoegdheid tot het
                    wegslepen van voertuigen. Hoewel de bevoegdheid tot het wegslepen van voertuigen
                    in de wet is neergelegd, kan het college pas goed van deze bevoegdheid
                    gebruikmaken wanneer de gemeenteraad in een verordening nadere regels heeft
                    gesteld over de toepassing van deze bevoegdheid, zoals in artikel 173, tweede
                    lid van de wet wordt voorgeschreven. </al><al> In deze verordening dienen in elk geval regels te worden gesteld over:</al><lijst><li nr="1."><al>de aanwijzing van de plaats(en) waar de weggesleepte voertuigen worden
                            bewaard;</al></li><li nr="2."><al>de berekening van de kosten die verbonden zijn aan de uitvoering van het
                            wegslepen en bewaren van voertuigen;</al></li><li nr="3."><al>de eventuele aanwijzing van wegen en weggedeelten waar op grond van
                            artikel 170, eerste lid, onder c WVW 1994 voertuigen mogen worden
                            weggesleept.</al></li></lijst><al>Aangezien in artikel 173, tweede lid van de wet wordt aangegeven dat de nadere
                    regels bij gemeentelijke verordening moeten worden gesteld, kunnen de hiervoor
                    genoemde onderwerpen niet worden gedelegeerd aan het college van burgemeester en
                    wethouders. </al><al/><al><vet>ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ WEGSLEEPVERORDENING GEMEENTE OMMEN
                        2004</vet></al><al/><al><vet>Artikel 1 Begripsomschrijving</vet></al><al/><al>In dit artikel is een aantal begrippen omschreven dat diverse malen in deze
                    verordening terugkomt. De omschrijving van deze begrippen spreekt voor zich.
                    Veelal wordt verwezen naar definities uit bestaande wetgeving.</al><al/><al><cursief>Ad d. Voertuig </cursief></al><al>Het begrip “voertuig”, zoals in artikel 1, onder al RVV 1990 is omschreven, is
                    ruim. Hieronder vallen niet alleen motorvoertuigen, maar ook fietsen en
                    bromfietsen, invalidenvoertuigen, trams en wagens. Al deze voertuigen vallen
                    derhalve onder de werking van deze wegsleepverordening. </al><al/><al><cursief>Ad e. Motorrijtuig </cursief></al><al>Het begrip “motorrijtuig” is apart omschreven omdat artikel 5 van de
                    wegsleepverordening alleen betrekking heeft op dit soort voertuigen.</al><al/><al><vet>Artikel 2 Aanwijzing van wegen en weggedeelten waar voertuigen kunnen
                        worden verwijderd, overgebracht en in bewaring gesteld in het belang van het
                        vrijhouden van wegen en weggedeelten </vet></al><al/><al>Als wegen en weggedeelten, bedoeld in artikel 170, eerste lid, onder c van de
                    wet worden alle wegen en weggedeelten binnen de gemeente aangewezen voorzover ze
                    behoren tot één van de in artikel 2 van het besluit bedoelde soorten van wegen
                    en weggedeelten.</al><al/><al>Ingevolge artikel 170 eerste lid sub c WVW 1994, artikel 2 van het Besluit en
                    artikel 2 van de Wegsleepverordening gemeente Ommen 2004 kan ten behoeve van het
                        <cursief>vrijhouden van aangewezen weggedeelten en wegen
                    </cursief>weggesleept worden van:</al><lijst><li nr="1."><al>wegen en weggedeelten waar door middel van bord E1 van bijlage 1 bij het
                            RVV 1990 of door middel van een gele onderbroken streep als bedoeld in
                            artikel 24, eerste lid, onder e van het RVV 1990 wordt aangegeven dat
                            het verboden is te parkeren;</al></li><li nr="2."><al>wegen en weggedeelten waar door middel van bord E2 van bijlage 1 bij het
                            RVV 1990 of door middel van een gele doorgetrokken streep als bedoeld in
                            artikel 23, eerste lid, onder g van het RVV 1990 wordt aangegeven dat
                            het verboden is stil te staan;</al></li><li nr="3."><al>parkeergelegenheden, aangeduid door bord E4 van bijlage 1 bij het RVV
                            1990, al dan niet met een onderbord waarop aangegeven:</al></li><li nr="-"><al>de categorie of groep voertuigen waarvoor de parkeergelegenheid is
                            bestemd, of;</al></li><li nr="-"><al>dat het parkeren op bepaalde dagen of uren is verboden, of;</al></li><li nr="-"><al>de voorgeschreven wijze van parkeren;</al></li><li nr="4."><al>taxistandplaatsen, aangeduid door bord E5 van bijlage 1 bij het RVV
                            1990;</al></li><li nr="5."><al>parkeerplaatsen voor gehandicapten, aangeduid door bord E6 van bijlage 1
                            bij het RVV 1990;</al></li><li nr="6."><al>gelegenheden voor het onmiddellijk laden en lossen van goederen,
                            aangeduid door bord E7 van bijlage 1 bij het RVV 1990;</al></li><li nr="7."><al>parkeergelegenheden voor een categorie of groep van voertuigen,
                            aangeduid door bord E8 van bijlage 1 bij het RVV 1990;</al></li><li nr="8."><al>parkeergelegenheden voor vergunninghouders, aangeduid met bord E9 van
                            bijlage 1 van het RVV 1990;</al></li><li nr="9."><al>voetgangersgebieden, aangeduid door bord G7 of bord C1 van bijlage 1 bij
                            het RVV 1990.</al></li></lijst><al/><al><vet>Artikel 3</vet><vet>Plaats bewaring voertuigen en openingstijden</vet></al><al/><al>De inhoud van de bepaling spreekt voor zich. Vanwege de redactie van artikel
                    173, tweede lid WVW 1994 moet(en) de plaats(en) van bewaring van voertuigen door
                    de gemeenteraad worden aangewezen. </al><al/><al><vet>Artikel 4 </vet><vet>Kosten overbrengen en bewaren voertuigen</vet></al><al/><al>In artikel 13 tot en met 15 van het Besluit wegslepen van voertuigen is geregeld
                    welke soorten van kosten die verbonden zijn aan het wegslepen en in bewaring
                    stellen van voertuigen, in rekening kunnen worden gebracht. De kosten zijn
                    gebaseerd op de kosten die het wegsleepbedrijf rekent.</al><al/><al><vet>Artikel 5 Overbrengen en in bewaring stellen van motorrijtuigen in het
                        geval van gebleken onvoldoende rijgeschiktheid of rijvaardigheid dan wel het
                        ontbreken van een behoorlijk zichtbare kentekenplaat</vet></al><al/><al>Naast de in artikel 170, eerste lid WVW 1994 bedoelde gevallen zijn in deze wet
                    nog twee gevallen genoemd, waarin het noodzakelijk kan zijn om een voertuig te
                    laten wegslepen en in bewaring te laten stellen. Achtereenvolgens wordt hier
                    gedoeld op:</al><lijst><li nr="-"><al>het niet afgeven van zijn rijbewijs, wanneer dit is ingevorderd, omdat
                            iemand zijn motorrijtuig heeft bestuurd terwijl hij onder invloed was
                            van drogerende stoffen of alcohol en dergelijke (zie artikel 130 en 164
                            WVW 1994);</al></li><li nr="-"><al>de situatie dat een motorrijtuig niet beschikt over een behoorlijk
                            zichtbare kentekenplaat terwijl de eigenaar of houder van dat
                            motorrijtuig niet direct te achterhalen is. Hierbij kan bijvoorbeeld
                            worden gedacht aan voertuigwrakken die geen kenteken meer hebben of aan
                            situaties dat er sprake kan zijn van het “knoeien” met kentekens in
                            geval van autodiefstal.</al></li></lijst><al/><al>Wanneer in dit soort gevallen een voertuig moet worden weggesleept en in
                    bewaring genomen, is er geen sprake van uitoefening van bestuursdwang. Artikel
                    170, eerste lid WVW 1994, waarin de bestuursdwangbevoegdheid is geregeld, is dan
                    ook niet van toepassing verklaard in de genoemde gevallen. In feite gaat het om
                    een vorm van inbeslagname van goederen die ook in het strafrecht voorkomt. </al><al>Wel heeft de wetgever voor deze gevallen diverse bepalingen uit hoofdstuk X.
                    Bestuursdwang van de WVW 1994 (artikel 170 e.v.) van overeenkomstige toepassing
                    verklaard. In de wegsleepverordening zijn de artikelen over de bewaarplaats van
                    voertuigen en openingstijden (artikel 3) en de kosten van overbrengen en bewaren
                    van voertuigen (artikel 4) voor deze gevallen van overeenkomstige toepassing
                    verklaard.</al><al/><al><vet>Artikel 6 </vet><vet>Inwerkingtreding</vet></al><al/><al>Deze bepaling spreekt voor zich.</al><al/><al>Ingevolge de Tijdelijke referendumwet is het besluit tot het vaststellen van de
                    wegsleepverordening referendabel. Hierdoor treedt de verordening niet eerder in
                    werking dan zes weken na de bekendmaking.</al><al/><al><vet>Artikel 7 Citeertitel</vet></al><al/><al>Deze bepaling spreekt voor zich.</al><al/></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>