<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR226204_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de uitgangspunten voor het financieel beleid, alsmede voor het financieel beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie van de gemeente Beemster</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Beemster</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-09-05</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Beemster</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Binnendijks, d.d. 12/13 mei 2012, nr. 19</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Financiële verordening gemeente Beemster</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005416&amp;artikel=212&amp;g=2012-04-10">artikel 212 Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-04-10</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2012-05-14</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2016-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>R-2012-0075</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage>exb-2017-38654</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de uitgangspunten voor het financieel beleid, alsmede voor het
                financieel beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie van de
                gemeente Beemster(versie geldend sedert 14 mei
            2012)</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>DE RAAD VAN DE GEMEENTE BEEMSTER; </vet></al><al>gelet op artikel 212 van de Gemeentewet </al><al><vet>BESLUIT:</vet></al><al>vast te stellen de navolgendeVerordening op de uitgangspunten voor het
                        financieel beleid, alsmede voor het financieel beheer en voor de inrichting
                        van de financiële organisatie van de gemeente Beemster</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Titeldeel</label><nr>0</nr><titel/></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Definities</titel></kop><lid><lidnr>a.</lidnr><al> organisatie-eenheid: </al><al>iedere eenheid binnen de gemeentelijke organisatie die als zodanig is
                            aangewezen, te weten de sectoren grondgebied, bedrijfsondersteuning en
                            samenleving.</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al> administratie: </al><al>het systematisch verzamelen, vastleggen, verwerken en verstrekken van
                            informatie ten behoeve van het besturen, het functioneren en het
                            beheersen van (onderdelen van) de organisatie van de gemeente Beemster
                            ten behoeve van de verantwoording die daarover moet worden
                            afgelegd.</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al> financiële administratie: </al><al>het onderdeel van de administratie dat omvat het systematisch maken en
                            verwerken van aantekeningen betreffende de financiële gegevens van
                            (onderdelen van) de organisatie van de gemeente Beemster, teneinde te
                            komen tot een goed inzicht in:</al><lijst><li nr="1."><al>de financieel-economische positie;</al></li><li nr="2."><al>het financiële beheer;</al></li><li nr="3."><al>de uitvoering van de begroting;</al></li><li nr="4."><al>het afwikkelen van vorderingen en schulden;</al></li><li nr="5."><al>alsmede tot het afleggen van rekening en verantwoording daarover.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al> administratieve organisatie: </al><al>het stelsel van organisatorische maatregelen gericht op het tot stand
                            brengen en het in stand houden van de goede werking van de bestuurlijke
                            en ambtelijke informatieverzorging ten behoeve van de verantwoordelijke
                            leiding.</al></lid><lid><lidnr>e.</lidnr><al> financieel beheer: </al><al>het uitoefenen van bestuur over en toezicht op het beheer van middelen
                            en het uitoefenen van rechten van de gemeente Beemster.</al></lid><lid><lidnr>f.</lidnr><al> rechtmatigheid: </al><al>het in overeenstemming zijn met geldende wet- en regelgeving, waaronder
                            gemeentelijke verordeningen, raadsbesluiten en collegebesluiten.</al></lid><lid><lidnr>g.</lidnr><al> doelmatigheid: </al><al>het realiseren van bepaalde prestaties met een zo beperkt mogelijke
                            inzet van middelen.</al></lid><lid><lidnr>h.</lidnr><al> doeltreffendheid: </al><al>de mate waarin de beoogde maatschappelijke effecten van het beleid ook
                            daadwerkelijk worden behaald.​</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Titeldeel</label><nr>1.</nr><titel>Begroting en verantwoording</titel></kop><paragraaf><kop><titel>Kaderstellen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Programmabegroting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad stelt in ieder geval bij de aanvang van de nieuwe
                                    raadsperiode een programma-indeling vast.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De raad stelt per programma vast: </al><lijst><li nr="a."><al>de beoogde maatschappelijke effecten; </al></li><li nr="b."><al>de te leveren goederen en diensten; </al></li><li nr="c."><al>de baten en lasten.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college stelt per programma indicatoren voor met betrekking
                                    tot de beoogde maatschappelijke effecten en de te leveren
                                    goederen en diensten.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De raad stelt de indicatoren, bedoeld in het derde lid,
                                    vast.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het college draagt zorg voor het verzamelen en vastleggen van
                                    gegevens over de geleverde goederen en diensten en de
                                    maatschappelijke effecten, opdat de doelmatigheid en
                                    doeltreffendheid van het beleid zoals vastgesteld door de raad,
                                    kunnen worden getoetst.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Producten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij iedere begroting en jaarstukken wordt een overzicht gegeven
                                    van de toedeling van de producten uit de productraming aan de
                                    programma’s.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De onderverdeling van de programma’s in de producten staat voor
                                    de raadsperiode vast, tenzij er dringende redenen zijn tot
                                    wijzigen. Wijzigingen worden bij de begroting expliciet
                                    vermeld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Kadernota</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college biedt uiterlijk voor 1 juni van het begrotingsjaar
                                    een nota aan over de kaders voor het volgende begrotingsjaar en
                                    de drie opvolgende jaren. In deze nota worden de bevindingen
                                    betrokken uit de rapportage van de begrotingsuitvoering bedoeld
                                    in artikel 7 en de jaarstukken bedoeld in artikel 8.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De raad stelt deze nota uiterlijk voor 1 juli vast.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Uitvoering begroting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stelt regels die waarborgen dat de uitvoering van de
                                    begroting rechtmatig, doelmatig en doeltreffend verloopt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college draagt ten aanzien van de productenraming er zorg
                                    voor dat: </al><lijst><li nr="a."><al>de lasten en baten, door middel van kostentoerekening,
                                            eenduidig zijn toegewezen aan de producten van de
                                            productenraming; </al></li><li nr="b."><al>de budgetten uit de productenraming en kredieten voor
                                            investeringen passen binnen de kaders zoals
                                            geautoriseerd bij de vaststelling van de uiteenzetting
                                            van de financiële positie; </al></li><li nr="c."><al>de lasten van de producten niet dusdanig worden
                                            overschreden dat de realisatie van andere producten
                                            binnen hetzelfde programma onder druk komt.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college draagt er zorg voor dat de lasten van programma’s
                                    zoals geautoriseerd in de (gewijzigde) begroting niet worden
                                    overschreden.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Beheersing en interne controle</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Begrotingswijzigingen</titel></kop><al>Begrotingswijzigingen dienen doorgevoerd te worden bij: </al><al>• Kadernota </al><al>• Tussenrapportage </al><al>• Septembercirculaire </al><al>• Raadsbesluiten met financiële consequenties</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Interne controle</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college draagt ten behoeve van het getrouwe beeld en de
                                    rechtmatigheid van de jaarrekening zorg voor de jaarlijkse
                                    interne toetsing van de getrouwheid van de
                                    informatieverstrekking en de rechtmatigheid van de
                                    beheershandelingen. Bij afwijkingen neemt het college
                                    maatregelen tot herstel.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college draagt zorg voor de jaarlijkse interne toetsing van
                                    een aantal bedrijfsonderdelen op juistheid, volledigheid en
                                    tijdigheid van de bestuurlijke informatievoorziening, de
                                    rechtmatigheid van beheershandelingen en op misbruik en
                                    oneigenlijk gebruik van de gemeentelijke regelingen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college zorgt op basis van de resultaten van de toets
                                    bedoeld in het derde lid indien nodig voor een plan van
                                    verbetering. Het college neemt op basis van het plan van
                                    verbetering maatregelen voor herstel van de tekortkomingen.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Rapportage en verantwoording</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Tussentijdse rapportage en informatie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college informeert de raad door middel van een
                                    tussenrapportage over de realisatie van de begroting van de
                                    gemeente over de eerste zes maanden van het lopende boekjaar.
                                </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De tussenrapportage wordt aan de raad aangeboden voor 1
                                    september van het lopende begrotingsjaar.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De inrichting van de tussentijdse rapportage sluit aan bij de
                                    programma-indeling van de begroting.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De rapportage gaat in op afwijkingen, zowel wat betreft de
                                    lasten, de geleverde goederen en diensten en indien daar
                                    aanleiding voor is de maatschappelijke effecten. In de
                                    rapportages wordt in ieder geval aandacht besteed aan
                                    afwijkingen van: </al><lijst><li nr="a."><al>Inkomsten uit de algemene uitkering;</al></li><li nr="b."><al>de rente-ontwikkeling op de kapitaalmarkt; </al></li><li nr="c."><al>resultaten uit grondexploitatie; </al></li><li nr="d."><al>realisatie op begrote subsidieverwachtingen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het college informeert in ieder geval vooraf de raad en neemt
                                    pas een besluit nadat de raad in gelegenheid is gesteld zijn
                                    wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen
                                    voorzover het betreft niet bij begroting vastgestelde
                                    afzonderlijke verplichtingen inzake: </al><lijst><li nr="a."><al>Investeringen groter dan € 10.000; </al></li><li nr="b."><al>aankoop en verkoop van goederen en diensten groter dan €
                                            10.000.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Jaarstukken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college draagt zorg voor een adequate vertaling van de
                                    verantwoording van de diensten naar de productenrealisatie en
                                    naar de programma verantwoording.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college legt verantwoording af over de uitvoering van de
                                    programma’s. In de verantwoording geeft het college aan: </al><lijst><li nr="a."><al>Wat is bereikt; </al></li><li nr="b."><al>welke goederen en diensten zijn geleverd; </al></li><li nr="c."><al>wat de kosten zijn; </al></li><li nr="d."><al>hoe de resultaten zich verhouden tot de in de begroting
                                            gestelde doelen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De raad bepaalt aan de hand van de uitvoering van de programma’s
                                    of de beleidsdoelen van de programma’s voor het lopende jaar
                                    bijstelling behoeven.</al></lid></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Titeldeel</label><nr>2</nr><titel>Financiële positie</titel></kop><paragraaf><kop><titel>Kaderstellen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Financiële positie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college draagt er zorg voor dat, al het beleid waartoe de
                                    raad heeft besloten, in de uiteenzetting van de financiële
                                    positie en de meerjarenramingen is opgenomen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het totaalbedrag aan verleende garanties en waarborgen worden
                                    bij een uiteenzetting van de financiële positie expliciet
                                    vermeld.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De raad autoriseert met het vaststellen van de financiële
                                    positie de investeringskredieten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Waardering &amp; afschrijving vast activa</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Activa met een verkrijgingsprijs van minder dan € 10.000 worden
                                    niet geactiveerd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief
                                    niet afgeschreven, tenzij deze kosten kunnen worden beschouwd
                                    als onderdeel van de verkrijgingsprijs van materiële activa, de
                                    zogenaamde voorbereidingskosten. De afschrijvingstermijn van het
                                    geactiveerde materiële actief is dan geldend voor het totale
                                    bedrag. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De afschrijvingstermijn voor kosten verbonden aan het sluiten
                                    van nieuwe geldleningen en (dis)agio loopt parallel aan de
                                    looptijd van de nieuw aangetrokken geldlening. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De materiële vast activa met economisch nut, zoals bedoeld in
                                    artikel 35 van het Besluit begroting en verantwoording
                                    provincies en gemeenten, worden lineair afgeschreven, tenzij de
                                    raad voor een andere afschrijving heeft gekozen. <cursief>(zie
                                        bijlage voor tabel bij dit lid)</cursief></al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Onder activa met een meerjarig maatschappelijk nut, zoals
                                    bedoeld in artikel 35 van het Besluit begroting en
                                    verantwoording provincies en gemeenten, worden verstaan
                                    investeringen in aanleg en onderhoud van: (inrichting) wegen en
                                    straten, waterwegen, civiele kunstwerken, groen en
                                    kunstwerken.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Aankoop en vervaardiging van activa met een meerjarig
                                    maatschappelijk nut worden onder aftrek van bijdragen van derden
                                    en bestemmingsreserves ten laste van de exploitatie gebracht.
                                    Activa met een meerjarig maatschappelijk nut in de openbare
                                    ruimten worden alleen in uitzonderingsgevallen geactiveerd. Deze
                                    uitzonderingsgevallen betreffen: </al><lijst><li nr="•"><al>Eerste aanleg, vervanging of groot incidenteel onderhoud
                                            (levensduur verlengend) van wegen en straten met de
                                            hierbij behorende civiele kunstwerken, niet opgenomen in
                                            grondexploitaties; </al></li><li nr="•"><al>eerste aanleg, vervanging of groot incidenteel onderhoud
                                            llevensduur verlengend) van waterbouwkundige werken,
                                            verkeerslichtinstallaties en openbare verlichting; </al></li><li nr="•"><al>omvangrijke wegconstructies in het kader van
                                            wijkverbetering of verkeersdoorstroming. <cursief>(zie
                                                bijlage voor tabel bij dit lid)</cursief></al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Voorzieningen voor oninbare vorderingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor openstaande vorderingen betreffende: </al><lijst><li nr="a."><al>onroerende zaakbelasting gebruikers; </al></li><li nr="b."><al>onroerende zaakbelasting eigenaren; </al></li><li nr="c."><al>rioolrechten; </al></li><li nr="d."><al>afvalstoffenheffing </al></li></lijst><al>wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd op basis van
                                    een beoordeling op oninbaarheid van de openstaande vorderingen
                                    ouder dan drie maanden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de overige vorderingen wordt een voorziening wegens
                                    oninbaarheid gevormd op basis van een beoordeling op inbaarheid
                                    van de openstaande vorderingen ouder dan drie maanden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Reserves en voorzieningen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college biedt eenmaal in de vier jaar een geactualiseerde
                                    nota reserves en voorzieningen aan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De nota behandelt: </al><lijst><li nr="a."><al>de vorming en besteding van reserves; </al></li><li nr="b."><al>de vorming en besteding van voorzieningen; </al></li><li nr="c."><al>de toerekening en verwerking van rente over de reserves
                                            en de voorzieningen.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Kostprijsberekening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van producten en
                                    diensten van de gemeente Beemster wordt een systeem van
                                    kostentoerekening gehanteerd. Bij de kostentoerekening worden
                                    naast de directe kosten alleen die indirecte kosten betrokken,
                                    die rechtstreeks samenhangen met de door de gemeente verleende
                                    diensten.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de indirecte kosten worden betrokken de bijdragen aan
                                    reserves voor de noodzakelijke vervanging van de betrokken
                                    activa, de kapitaallasten van de in gebruik zijnde activa en
                                    voor rioolrechten, reinigingsrechten en afvalstoffenheffing de
                                    compensabele BTW.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het rentepercentage voor de jaarlijkse toerekening van rente aan
                                    een investering wordt zoveel mogelijk in overeenstemming
                                    gebracht met de rente van vaste geldleningen in het jaar van
                                    investering die in soort en looptijden overeenkomen met de
                                    afschrijvingswijze / - termijnen van de investering.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Financieringsfunctie</titel></kop><al>Het college biedt eenmaal in de vier jaar een geactualiseerde nota
                                over de uitoefening van de financieringsfunctie aan
                                (treasurystatuut).</al></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Titeldeel</label><nr>3.</nr><titel>Financiële organisatie en administratie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Administratie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De administratie is zodanig van opzet en werking, dat zij in ieder
                                geval dienstbaar is voor: </al><lijst><li nr="a."><al>het sturen en het beheersen van activiteiten en processen in
                                        de gemeente als geheel en in de organisatie-eenheden; </al></li><li nr="b."><al>het verstrekken van informatie over ontwikkelingen in de
                                        omvang van activa met economisch nut, activa met
                                        maatschappelijk nut, voorraden, vorderingen en schulden,
                                        enzovoorts; </al></li><li nr="c."><al>het verschaffen van informatie aan de budgethouders en voor
                                        het maken van kostencalculaties; </al></li><li nr="d."><al>het bevorderen van de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de
                                        doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de
                                        gestelde beleidsdoelen, de begroting en ter zake geldende
                                        wet- en regelgeving;</al></li><li nr="e."><al>het afleggen van verantwoording over de rechtmatigheid, de
                                        doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde
                                        bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de
                                        begroting en ter zake geldende wet- en regelgeving; </al></li><li nr="f."><al>de controle van de registratie van gegevens als zodanig en
                                        van de daaraan ontleende informatie alsmede voor de controle
                                        op de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de
                                        doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de
                                        gestelde beleidsdoelen.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Financiële administratie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college draagt er zorg voor dat: </al><lijst><li nr="a."><al>de inrichting en de werking van de financiële administratie
                                        voldoet aan het Besluit begroting en verantwoording
                                        provincies en gemeenten en andere relevante wet- en
                                        regelgeving; </al></li><li nr="b."><al>de vereiste informatie verstrekt wordt aan het rijk, de
                                        provincie en de Europese Unie, alsmede aan andere
                                        instellingen die specifiek verantwoordingsverplichtingen
                                        opleggen aan gemeenten.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>Financiële organisatie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college draagt de zorg voor en legt (in een besluit) vast: </al><lijst><li nr="a."><al>een eenduidige indeling van de gemeentelijke organisatie en
                                        een eenduidige toewijzing van de gemeentelijke taken aan de
                                        organisatie-eenheden; </al></li><li nr="b."><al>een adequate scheiding van taken, functies, bevoegdheden,
                                        verantwoordelijkheden, zodat aan de eisen van interne
                                        controle wordt voldaan en de betrouwbaarheid van de
                                        verstrekte informatie aan beleids- en beheersorganen is
                                        gewaarborgd; </al></li><li nr="c."><al>de verlening van mandaten en volmachten voor het aangaan van
                                        verplichtingen ten laste van de toegekende budgetten en
                                        investeringskredieten; </al></li><li nr="d."><al>de regels voor de opdrachtverlening en de verrekening van
                                        leveringen tussen de organisatie-eenheden van de gemeente;
                                    </al></li><li nr="e."><al>de regels voor de verlening van décharge over het gevoerde
                                        beheer van de diensten.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19.</nr><titel>Aanbesteding en inkoop</titel></kop><al>Het college draagt zorg voor en legt (in een besluit) vast de interne
                            regels (protocol) voor de inkoop en aanbesteding van werken en diensten.
                            De regels waarborgen dat wordt gehandeld in overeenstemming met de
                            regels terzake van de Europese Unie.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20.</nr><titel>Misbruik en oneigenlijk gebruik</titel></kop><al>Het college zorgt voor en legt vast de regels voor het voorkomen van
                            misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en
                            eigendommen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Titeldeel</label><nr>4.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21.</nr><titel>Inwerktreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die
                                waarop deze is bekendgemaakt, met dien verstande dat de begroting,
                                meerjarenraming, de jaarstukken, de uitvoeringsinformatie en de
                                informatie voor derden en de daarbij behorende toelichtingen met
                                ingang van de begroting voor het begrotingsjaar 2013 voldoen aan de
                                bepalingen van deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De financiële verordening gemeente Beemster zoals vastgesteld bij
                                raadsbesluit van 22 april 2010, wordt hiermee vervangen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald onder de naam “Financiële
                            verordening gemeente Beemster”. </al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad d.d. 10 april
                        2012.</ondertekening><ondertekening>H.N.G. Brinkman, voorzitter</ondertekening><ondertekening>C.J. Jonges, griffier</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><kop><label>Bijlage</label><titel>Tabellen beherende bij artikel 11 lid 4. en lid 6.</titel></kop><al><extref doc="/cvdr/images/Beemster/i145013.pdf">Tabellen behorende bij artikel 11, lid 4. en lid 6.</extref></al></bijlage></regeling></body></cvdr>