<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR21915_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Wijzigingsverordening rechtmatigheid gemeente Overbetuwe 2007</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Overbetuwe</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-02-13</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Overbetuwe</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Overbetuwe</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Hét Gemeente Nieuws; 27-12-2007</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Wijzigingsverordening rechtmatigheid gemeente Overbetuwe 2007</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet en de bijzondere specifieke wetten.</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2007-12-18</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2008-01-03</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2007-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2008-05-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>art. 1, 39 t/m 42</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>07rb000160</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Wijzigingsverordening rechtmatigheid gemeente Overbetuwe 2007</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Overbetuwe;</al><al/><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 25 oktober
                        2005;</al><al/><al>gelezen het advies van de commissie Burger van 1 december 2005;</al><al/><al>gelet op artikel(en) 147 van de Gemeentewet en hoofdstuk 4, titel 2 Algemene
                        wet bestuursrecht;</al><al/><al>b e s l u i t :</al><al>vast te stellen de</al><al/><al><vet>Subsidieverordening maatschappelijke ontwikkeling gemeente Overbetuwe
                            2006</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="a."><al>budgetsubsidie: subsidie waarbij de subsidieverstrekker een
                                    activiteit die met de subsidie wordt verricht, inhoudelijk wil
                                    sturen op prestaties en resultaat;</al></li><li nr="b."><al>exploitatiesubsidie: subsidie waarbij de subsidieverstrekker een
                                    activiteit die met de subsidie wordt verricht, tot stand wil
                                    brengen dan wel in stand wil houden door bij te dragen in het
                                    exploitatietekort;</al></li><li nr="c."><al>investeringssubsidie: subsidie in de stichtingskosten of in de
                                    kosten ten behoeve van herstel, verbouwing en uitbreiding van
                                    gebouwen en/of inrichtingen;</al></li><li nr="d."><al>waarderingssubsidie: van het exploitatieresultaat onafhankelijke
                                    subsidie, bedoeld om een bepaalde activiteit te
                                    ondersteunen;</al></li><li nr="e."><al>stimuleringssubsidie: van het exploitatieresulaat onafhankelijke
                                    subsidie op basis van een vaste tel-eenheid, bedoeld om een
                                    bepaalde activiteit te stimuleren;</al></li><li nr="f."><al>tussentijdse subsidie: subsidie ten behoeve van een activiteit
                                    dan wel investering, die wordt verricht in het jaar waarin de
                                    aanvraag om subsidie wordt gedaan;</al></li><li nr="g."><al>eenmalige subsidie: subsidie ten behoeve van een eenmalige
                                    activiteit dan wel investering, die wordt verricht in het jaar
                                    waarin de aanvraag om subsidie wordt gedaan;</al></li><li nr="h."><al>subsidieverlening: het ingevolge afdeling 4.2.3 Awb voorafgaand
                                    aan de (voltooiing van de) te subsidiëren activiteit verlenen
                                    van subsidie, met als gevolg dat de aanvrager een
                                    voorwaardelijke aanspraak op financiële middelen krijgt;</al></li><li nr="i."><al>subsidievaststelling: het ingevolge afdeling 4.2.5 Awb na afloop
                                    van de (voltooiing van de) te subsidiëren activiteit vaststellen
                                    van subsidie, met als gevolg dat de aanvrager een
                                    onvoorwaardelijke en definitieve aanspraak op financiële
                                    middelen krijgt;</al></li><li nr="j."><al>directe subsidievaststelling: het ingevolge afdeling 4.2.5 Awb
                                    voor aanvang van het subsidietijdvak vaststellen van subsidie,
                                    zonder dat voorafgaand aan de te subsidiëren activiteit
                                    subsidieverlening en na afloop ervan subsidievaststelling
                                    plaatsvindt;</al></li><li nr="k."><al>subsidieverstrekking: verzamelterm, omvattende het verlenen (zie
                                    onder h.), (direct) vaststellen (zie onder i. en j.), wijzigen
                                    en/of intrekken van subsidies;</al></li><li nr="l."><al>activiteitenplan: een overzicht van de activiteiten waarvoor
                                    subsidie wordt aangevraagd;</al></li><li nr="m."><al>reserve: het eigen vermogen van de aanvrager niet zijnde een
                                    voorziening, zoals hierna bedoeld;</al></li><li nr="n."><al>voorziening: een voorziening als bedoeld in artikel 374, eerste
                                    lid van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek;</al></li><li nr="o."><al>subsidieplafond: het bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak
                                    ten hoogste beschikbaar is voor het krachtens deze verordening
                                    verstrekken van subsidies;</al></li><li nr="p."><al>raad: de raad van de gemeente Overbetuwe;</al></li><li nr="q."><al>college: het college van burgemeester en wethouders van de
                                    gemeente Overbetuwe;</al></li><li nr="r."><al>Awb: Algemene wet bestuursrecht.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Reikwijdte subsidieverordening</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening is van toepassing op de door het
                                    gemeentebestuur te verstrekken subsidies voor activiteiten op
                                    het gebied van cultuur, onderwijs, welzijn en zorg, sport en
                                    inspraak in of ten behoeve van de ingezetenen van de gemeente
                                    Overbetuwe.</al></li><li nr="2."><al>De raad kan bepalen dat deze verordening niet of slechts ten
                                    dele van toepassing is op bepaalde (soorten van) subsidies voor
                                    activiteiten in of ten behoeve van de ingezetenen van de
                                    gemeente Overbetuwe.</al></li><li nr="3."><al>De raad kan voor (soorten van) subsidies een bijzondere regeling
                                    vaststellen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Beschikbare bedragen en subsidieplafond</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad stelt de bedragen vast die voor subsidiëring beschikbaar
                                    zijn.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan voor bepaalde (soorten van) subsidies een
                                    subsidieplafond vaststellen. Indien het college een
                                    subsidieplafond vast stelt, wordt bij de bekendmaking van het
                                    subsidieplafond de wijze van verdeling van het alsdan
                                    beschikbare bedrag aangegeven.</al></li><li nr="3."><al>Het college kan een subsidieplafond niet vaststellen op een
                                    hoger bedrag dan het op de begroting beschikbaar gestelde
                                    bedrag.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Bevoegdheid, nadere regels en uitvoering</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college is bevoegd tot het verstrekken van subsidies. Het
                                    college kan hierbij nadere regels vaststellen.</al></li><li nr="2."><al>Het college is belast met de uitvoering van deze verordening en
                                    van een op grond van artikel 2, derde lid van deze verordening
                                    vastgestelde bijzondere regeling, tenzij de raad de uitvoering
                                    geheel of gedeeltelijk aan zichzelf heeft voorbehouden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Uitvoeringsovereenkomst</titel></kop><al>Ter uitvoering van de beschikking tot subsidieverlening is het college
                            bevoegd een overeenkomst als bedoeld in artikel 4:36 Awb te
                            sluiten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Rechtspersoonlijkheid</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Subsidie wordt slechts verstrekt aan een aanvrager die volledige
                                    rechtspersoonlijkheid bezit.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan van het bepaalde in het vorige lid afwijken. De
                                    bepalingen van deze verordening zijn alsdan zoveel mogelijk van
                                    overeenkomstige toepassing.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Gronden om subsidie te weigeren</titel></kop><al>De subsidie kan, naast de in artikel 4:25 en artikel 4:35 Awb vermelde
                            gevallen, worden geweigerd, indien gegronde redenen bestaan om aan te
                            nemen dat:</al><lijst><li nr="a."><al>de activiteiten van de aanvrager niet gericht zullen zijn op de
                                    gemeente Overbetuwe of niet in belangrijke mate ten goede zullen
                                    komen aan ingezetenen van de gemeente Overbetuwe;</al></li><li nr="b."><al>de gelden niet of in onvoldoende mate zullen worden besteed voor
                                    het doel waarvoor de subsidie beschikbaar wordt gesteld;</al></li><li nr="c."><al>de aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten zal
                                    ontplooien die in strijd zijn met de wet, het algemeen belang of
                                    de openbare orde;</al></li><li nr="d."><al>de aanvrager ook zonder subsidieverstrekking over voldoende
                                    gelden, hetzij uit eigen middelen, hetzij uit middelen van
                                    derden, kan beschikken om de kosten van de activiteiten te
                                    dekken;</al></li><li nr="e."><al>de subsidieverstrekking niet past binnen het beleid van de
                                    gemeente Overbetuwe.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Algemene verplichting van de subsidieontvanger</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Onderzoek</titel></kop><al>De subsidieontvanger dient medewerking te verlenen aan elk onderzoek,
                            dat het college nodig acht.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Budgetsubsidies</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Subsidieaanvraag</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een aanvraag om budgetsubsidie dient voor 1 juni van het jaar,
                                    voorafgaand aan de periode ten behoeve waarvan subsidie wordt
                                    gevraagd, schriftelijk bij het college te worden ingediend.</al></li><li nr="2."><al>Bij de indiening van een aanvraag dienen in ieder geval te
                                    worden overgelegd:</al><lijst><li nr="a."><al>een activiteitenplan, met de daarbij na te streven
                                            resultaten en concrete, meetbare prestaties; </al></li><li nr="b."><al>een begroting, omvattende een overzicht van alle voor
                                            het boekjaar geraamde inkomsten en uitgaven, voorzover
                                            deze betrekking hebben op de activiteiten waarvoor
                                            subsidie wordt aangevraagd, en waarbij de inkomsten en
                                            kosten gespecificeerd zijn per activiteit of cluster van
                                            activiteiten; verder geeft de begroting een (globale)
                                            vergelijking aan met de begroting van het lopende
                                            boekjaar en de gerealiseerde inkomsten en uitgaven van
                                            het jaar, voorafgaand aan het lopende boekjaar; tevens
                                            wordt aangegeven welke voorzieningen de aanvrager meent
                                            te moeten treffen, voor welke doeleinden deze moeten
                                            dienen en tot welk bedrag de aanvrager deze wenst te
                                            vormen;</al></li><li nr="c."><al>de balans van het voorafgaande jaar met
                                            toelichting.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het college kan andere dan de in het vorige lid vermelde stukken
                                    vragen teneinde de aanvraag om subsidie te kunnen
                                    beoordelen.</al></li><li nr="4."><al>Voorzover de aanvrager voor dezelfde (of vergelijkbare)
                                    activiteiten tevens bij een of meer andere bestuursorganen
                                    subsidie heeft aangevraagd, doet hij daarvan bij de aanvraag
                                    mededeling, onder vermelding van de stand van zaken met
                                    betrekking tot de beoordeling van die subsidieaanvraag.</al></li><li nr="5."><al>Het college kan modellen, formulieren c.q. richtlijnen
                                    vaststellen voor de stukken, zoals bedoeld in het tweede en
                                    derde lid.</al></li><li nr="6."><al>Bij een eerste subsidieaanvraag dient de aanvrager tevens over
                                    te leggen:</al><lijst><li nr="a."><al>een afschrift van de oprichtingsakte dan wel van de
                                            statuten, zoals deze laatstelijk zijn gewijzigd;</al></li><li nr="b."><al>het correspondentieadres;</al></li><li nr="c."><al>de namen van de bestuursleden en hun functie.</al></li></lijst></li><li nr="7."><al>Indien een aanvraag niet tijdig is ingediend, kan het college
                                    besluiten de aanvraag niet in behandeling te nemen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Overleg</titel></kop><al>Het college treedt in overleg met de aanvrager teneinde tot
                            overeenstemming te komen omtrent de gewenste activiteiten en prestaties,
                            de overige subsidieverplichtingen als bedoeld in artikel 16 en de te
                            verstrekken subsidie, tenzij van het overleg met goedvinden van de
                            aanvrager wordt afgezien.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Subsidieverstrekking: verlening of (directe) vaststelling</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De beschikking inzake subsidieverlening dan wel (directe)
                                    vaststelling wordt gegeven binnen acht weken nadat het besluit
                                    terzake is genomen, doch uiterlijk 31 december van het jaar,
                                    voorafgaand aan het subsidietijdvak.</al></li><li nr="2."><al>In de subsidiebeschikking wordt aangegeven welk bedrag voor
                                    welke activiteit wordt verstrekt, voor welk tijdvak en met welke
                                    verplichtingen.</al></li><li nr="3."><al>In geval van subsidieverlening kan in de subsidiebeschikking
                                    worden bepaald dat na afloop van het tijdvak waarvoor de
                                    subsidie is verleend, vaststelling van de subsidie plaatsvindt.
                                    In dat geval wordt bij de subsidieverlening tevens bepaald op
                                    welke wijze en naar welke maatstaven de vaststelling
                                    plaatsvindt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Voldoende gelden</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Overeenkomstig het bepaalde in artikel 7, onder d., vindt
                                    subsidieverstrekking niet of slechts gedeeltelijk plaats, indien
                                    de aanvrager over voldoende gelden, hetzij uit eigen middelen,
                                    hetzij uit middelen van derden, kan beschikken om de kosten van
                                    de activiteiten en prestaties te dekken.</al></li><li nr="2."><al>Onder eigen middelen, zoals bedoeld in het eerste lid van dit
                                    artikel, worden de aanwezige reserves verstaan, voorzover deze
                                    meer bedragen dan 10% van het totaal van de lasten van de
                                    jaarlijkse begroting, berekend over het jaar voorafgaand aan het
                                    jaar waarin de subsidieaanvraag wordt ingediend.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Meerjarige subsidie</titel></kop><al>Het college kan voor een langere periode dan een jaar subsidie
                            verstrekken, doch ten hoogste voor vier jaren.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Indexering</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien een meerjarige subsidie wordt verstrekt, wordt in de
                                    subsidiebeschikking aangegeven op welk bedrag de
                                    subsidieontvanger voor ieder jaar recht heeft dan wel op welke
                                    wijze het toegekende bedrag jaarlijks wordt geïndexeerd.</al></li><li nr="2."><al>Indien er sprake is van een indexering, past het college
                                    jaarlijks het subsidiebedrag aan.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Uitbetaling</titel></kop><al>In de subsidiebeschikking wordt vermeld op welke wijze voorschotten
                            worden verleend, dan wel tot uitbetaling van de subsidie zal worden
                            overgegaan.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Bijzondere verplichtingen van de subsidieontvanger</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Prestaties</titel></kop><al>De subsidieontvanger is gehouden de activiteiten te verrichten dan wel
                            de prestaties te leveren, zoals deze in de subsidiebeschikking zijn
                            opgenomen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Niet verrichten activiteiten/leveren prestaties</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De subsidieontvanger dient, indien gedurende het subsidiejaar
                                    blijkt dat de te verrichten activiteiten dreigen niet plaats te
                                    zullen vinden dan wel de te leveren prestaties vermoedelijk niet
                                    zullen worden geleverd, het college hiervan onmiddellijk op de
                                    hoogte te stellen, onder vermelding van oorzaak en genomen dan
                                    wel te nemen maatregelen om alsnog te voldoen aan artikel
                                    16.</al></li><li nr="2."><al>Artikel 4:70 Awb is van overeenkomstige toepassing.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Verslaglegging en verantwoording</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De subsidieontvanger dient uiterlijk 1 juni van het jaar volgend
                                    op het subsidiejaar bij het college een financieel verslag, een
                                    activiteitenverslag (waarin opgenomen een verslag met betrekking
                                    tot de afgesproken prestaties) en een verantwoording van de
                                    overige subsidieverplichtingen in te dienen.</al></li><li nr="2."><al>Het financieel verslag ingevolge het eerste lid omvat de balans
                                    en de exploitatierekening conform artikel 4:76, tweede, derde,
                                    vierde en vijfde lid Awb. Hierbij dient dezelfde indeling te
                                    worden gehanteerd als in de begroting.</al></li><li nr="3."><al>Op het activiteitenverslag is artikel 4:80 Awb van
                                    overeenkomstige toepassing.</al></li><li nr="4."><al>Indien de subsidieontvanger op jaarbasis een subsidie van €
                                    100.000,00 of meer ontvangt, dient het financieel verslag
                                    uiterlijk op 1 juli van het jaar volgend op het subsidiejaar
                                    voorzien te zijn van een getrouwheidsverklaring van een
                                    accountant als bedoeld in artikel 393, vijfde lid, Boek 2 van
                                    het Burgerlijk Wetboek. Artikel 4:78 Awb is van overeenkomstige
                                    toepassing.</al></li><li nr="5."><al>Het college kan bepalen dat het onderzoek en de
                                    getrouwheidsverklaring van de accountant ingevolge artikel 393,
                                    vijfde lid, Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek zich ook uitstrekt
                                    tot de verantwoording van de activiteiten en de prestaties zoals
                                    weergegeven in het activiteitenverslag en overige aan de
                                    subsidie verbonden verplichtingen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Subsidievaststelling, -intrekking en -wijziging</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien er sprake is van een subsidieverlening dient de
                                    subsidieontvanger voor 1 juni na afloop van het tijdvak waarvoor
                                    de subsidie is verleend, een aanvraag tot vaststelling van de
                                    subsidie bij het college in.</al></li><li nr="2."><al>Indien het bepaalde in het eerste lid toepassing vindt, is
                                    artikel 18 van overeenkomstige toepassing.</al></li><li nr="3."><al>Het college stelt binnen 26 weken na ontvangst van de aanvraag
                                    om subsidievaststelling de subsidie vast.</al></li><li nr="4."><al>Het college kan naast de gevallen, vermeld in artikel 4:46,
                                    tweede en derde lid Awb, de subsidie lager vaststellen,
                                    indien:</al><lijst><li nr="a."><al>is gebleken, dat de subsidie aan andere activiteiten is
                                            besteed dan waarvoor zij is aangevraagd, dan wel
                                            verleend;</al></li><li nr="b."><al>de subsidieontvanger feitelijk niet of onvoldoende
                                            overeenkomstig zijn doelstellingen werkzaam is en
                                            hierin, ondanks een ontvangen schriftelijke
                                            waarschuwing, geen verandering brengt;</al></li><li nr="c."><al>de subsidieontvanger een financieel wanbeleid
                                            voert;</al></li><li nr="d."><al>de instelling zichzelf bij besluit heeft, dan wel bij
                                            rechterlijk vonnis is geliquideerd c.q. ontbonden;</al></li><li nr="e."><al>bij de subsidieontvanger conservatoir of executoriaal
                                            beslag is gelegd op het vermogen of een deel ervan;</al></li><li nr="f."><al>aan de subsidieontvanger surséance van betaling is
                                            verleend;</al></li><li nr="g."><al>de subsidieontvanger in staat van faillissement is
                                            verklaard.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>Het college kan, zolang de subsidie niet is vastgesteld, de
                                    subsidieverlening intrekken of ten nadele van de
                                    subsidieontvanger wijzigen als zich een geval als vermeld in
                                    artikel 4:48, eerste lid en/of artikel 4:50, eerste lid Awb, of
                                    een geval als vermeld in het vierde lid van dit artikel
                                    voordoet. In geval van toepassing van artikel 4:50 Awb wordt een
                                    redelijke termijn in acht genomen.</al></li><li nr="6."><al>Het college kan een vastgestelde subsidie intrekken of ten
                                    nadele van de subsidieontvanger wijzigen in de gevallen, vermeld
                                    in artikel 4:49, eerste lid Awb. Deze bepaling is ook van
                                    toepassing op de directe subsidievaststelling.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Controle</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college is bevoegd controle uit te oefenen op de getrouwheid
                                    van de in de artikel 17, 18 en 19 bedoelde verslagen.</al></li><li nr="2."><al>De administratie van de subsidieontvanger dient zodanig te zijn
                                    ingericht dat de in het eerste lid bedoelde controle op
                                    eenvoudige wijze mogelijk is.</al></li><li nr="3."><al>De subsidieontvanger is verplicht de door het college daartoe
                                    aangewezen ambtenaren of toezichthouders inzage te geven in zijn
                                    boeken en andere zakelijke bescheiden en deze desgewenst te
                                    verstrekken en toegang te verlenen tot zijn gebouwen voorzover
                                    de in het eerste lid van dit artikel bedoelde controle dat
                                    vereist.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Kennisgeving</titel></kop><al>De subsidieontvanger stelt het college onverwijld op de hoogte van:</al><lijst><li nr="a."><al>het voornemen tot ontbinden van de rechtspersoon; </al></li><li nr="b."><al>het oprichten van dan wel deelnemen in een rechtspersoon;</al></li><li nr="c."><al>zijn faillissement dan wel het voornemen tot het doen van
                                    aangifte daartoe of het aanvragen van surséance van
                                    betaling;</al></li><li nr="d."><al>wijziging van de statuten dan wel de bestuurssamenstelling;</al></li><li nr="e."><al>de verstrekking van subsidie door een of meer andere
                                    bestuursorganen, zoals bedoeld in artikel 9, vierde lid.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Restitutie vermogensvorming</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De subsidieontvanger is een vergoeding aan de gemeente
                                    verschuldigd voor zover het verstrekken van de subsidie heeft
                                    geleid tot vermogensvorming, indien sprake is van de in artikel
                                    4:41, tweede lid Awb vermelde gevallen.</al></li><li nr="2."><al>Indien de subsidieontvanger zijn inkomsten geheel of in
                                    overwegende mate ontleent aan de subsidie, wordt de maximale
                                    vergoeding verstrekt.</al></li><li nr="3."><al>Indien het tweede lid niet van toepassing is, wordt de hoogte
                                    van de vergoeding bepaald naar evenredigheid van de hoogte van
                                    het subsidiebedrag op het totaal van de inkomsten.</al></li><li nr="4."><al>Bij de bepaling van de hoogte van de vergoeding wordt uitgegaan
                                    van de waarde van de vermogensbestanddelen op het tijdstip
                                    waarop de vergoeding verschuldigd wordt, met dien verstande dat
                                    in geval van ontvangst van schadevergoeding wordt uitgegaan van
                                    het bedrag dat als schadevergoeding door de subsidieontvanger
                                    wordt ontvangen.</al></li><li nr="5."><al>Indien het onroerende zaken betreft, geschiedt de waardebepaling
                                    door een door het college aangewezen onafhankelijke
                                    deskundige.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Exploitatiesubsidies</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Subsidieaanvraag</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een aanvraag om exploitatiesubsidie dient voor 1 juni van het
                                    jaar, voorafgaand aan het jaar ten behoeve waarvan subsidie
                                    wordt gevraagd, schriftelijk bij het college te worden
                                    ingediend.</al></li><li nr="2."><al>Bij de indiening van een aanvraag dienen in ieder geval te
                                    worden overgelegd:</al><lijst><li nr="a."><al>een activiteitenplan;</al></li><li nr="b."><al>een begroting, omvattende een overzicht van alle voor
                                            het boekjaar geraamde inkomsten en uitgaven van de
                                            aanvrager, voorzover deze betrekking hebben op de
                                            activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd; verder
                                            geeft de begroting een (globale) vergelijking aan met de
                                            begroting van het lopende boekjaar en de gerealiseerde
                                            inkomsten en uitgaven van het jaar, voorafgaand aan het
                                            lopende boekjaar; tevens wordt aangegeven welke
                                            voorzieningen de aanvrager meent te moeten treffen, voor
                                            welke doeleinden deze moeten dienen en tot welk bedrag
                                            de aanvrager deze wenst te vormen;</al></li><li nr="c."><al>de balans van het voorafgaande jaar met
                                            toelichting.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het college kan andere dan de in het vorige lid vermelde stukken
                                    vragen teneinde de aanvraag om subsidie te kunnen
                                    beoordelen.</al></li><li nr="4."><al>Voorzover de aanvrager voor dezelfde (of vergelijkbare)
                                    activiteiten tevens bij een of meer andere bestuursorganen
                                    subsidie heeft aangevraagd, doet hij daarvan bij de aanvraag
                                    mededeling, onder vermelding van de stand van zaken met
                                    betrekking tot de beoordeling van die subsidieaanvraag.</al></li><li nr="5."><al>Het college kan modellen, formulieren c.q. richtlijnen
                                    vaststellen voor de stukken, zoals bedoeld in het tweede en
                                    derde lid.</al></li><li nr="6."><al>Bij een eerste subsidieaanvraag dient de aanvrager tevens over
                                    te leggen:</al><lijst><li nr="a."><al>een afschrift van de oprichtingsakte dan wel van de
                                            statuten, zoals deze laatstelijk zijn gewijzigd;</al></li><li nr="b."><al>het correspondentieadres;</al></li><li nr="c."><al>de namen van de bestuursleden en hun functie.</al></li></lijst></li><li nr="7."><al>Indien een aanvraag niet tijdig is ingediend, kan het college
                                    besluiten de aanvraag niet in behandeling te nemen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Subsidieverlening, -vaststelling en bevoorschotting</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De beschikking inzake subsidieverlening, wordt gegeven binnen
                                    acht weken nadat het besluit terzake is genomen, doch uiterlijk
                                    31 december van het jaar, voorafgaand aan de
                                    subsidieperiode.</al></li><li nr="2."><al>Het college stelt de subsidie op basis van het
                                    exploitatieresultaat van de activiteiten, zoals opgenomen in de
                                    subsidieaanvraag, vast binnen de toegestane subsidiabele
                                    kosten.</al></li><li nr="3."><al>Artikel 15 is van overeenkomstige toepassing.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Bijzondere verplichtingen van de subsidieontvanger</titel></kop><al>De artikelen 18 tot en met 22 zijn van overeenkomstige toepassing.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Investeringssubsidies</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Subsidieaanvraag</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een aanvraag om investeringssubsidie dient uiterlijk 12 weken,
                                    voordat de voorgenomen investering plaatsvindt, schriftelijk bij
                                    het college te worden ingediend.</al></li><li nr="2."><al>Bij de indiening van een aanvraag dienen in ieder geval te
                                    worden overgelegd:</al><lijst><li nr="a."><al>een kostenspecificatie of -raming van de voorgenomen
                                            investering;</al></li><li nr="b."><al>een plan tot financiering van de investering en de
                                            raming van de gevolgen voor de exploitatie, die uit de
                                            investering voortvloeien;</al></li><li nr="c."><al>de balans van het voorafgaande jaar met
                                            toelichting.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het college kan andere dan de in het vorige lid vermelde stukken
                                    vragen teneinde de aanvraag om subsidie te kunnen
                                    beoordelen.</al></li><li nr="4."><al>Voorzover de aanvrager voor dezelfde (of vergelijkbare)
                                    activiteiten tevens bij een of meer andere bestuursorganen
                                    subsidie heeft aangevraagd, doet hij daarvan bij de aanvraag
                                    mededeling, onder vermelding van de stand van zaken met
                                    betrekking tot de beoordeling van die subsidieaanvraag.</al></li><li nr="5."><al>Het college kan modellen, formulieren c.q. richtlijnen
                                    vaststellen voor de stukken, zoals bedoeld in het tweede en
                                    derde lid.</al></li><li nr="6."><al>Bij een eerste subsidieaanvraag dient de aanvrager tevens over
                                    te leggen:</al></li><li nr="7."><al>een afschrift van de oprichtingsakte dan wel van de statuten,
                                    zoals deze laatstelijk zijn gewijzigd;</al></li><li nr="8."><al>het correspondentieadres;</al></li><li nr="9."><al>de namen van de bestuursleden en hun functie.</al></li><li nr="10."><al>Indien een aanvraag niet tijdig is ingediend, kan het college
                                    besluiten de aanvraag niet in behandeling te nemen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Subsidieverlening of (directe) -vaststelling en
                                uitbetaling</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De beschikking inzake subsidieverlening dan wel (directe)
                                    subsidievaststelling wordt gegeven binnen 12 weken nadat de
                                    aanvraag is ontvangen.</al></li><li nr="2."><al>In de subsidiebeschikking kan worden bepaald dat binnen een door
                                    het college te bepalen termijn nadat de investering heeft
                                    plaatsgevonden waarvoor de subsidie is verleend, vaststelling
                                    van de subsidie plaatsvindt. In dat geval wordt bij de
                                    subsidieverlening tevens bepaald op welke wijze en naar welke
                                    maatstaven de vaststelling plaatsvindt. Het college stelt de
                                    subsidie vast binnen de toegestane subsidiabele kosten. Artikel
                                    19, derde en vierde lid, is dan van overeenkomstige
                                    toepassing.</al></li><li nr="3."><al>Artikel 15 is van overeenkomstige toepassing.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Bijzondere verplichtingen van de subsidieontvanger</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De artikelen 20 en 21 zijn van overeenkomstige toepassing.</al></li><li nr="2."><al>Artikel 22 kan bij de subsidiebeschikking van overeenkomstige
                                    toepassing worden verklaard.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6</nr><titel>Waarderingssubsidies</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel>Subsidieaanvraag</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een aanvraag om waarderingssubsidie dient voor 1 juni van het
                                    jaar, voorafgaand aan het jaar ten behoeve waarvan subsidie
                                    wordt gevraagd, schriftelijk bij het college te worden
                                    ingediend.</al></li><li nr="2."><al>Bij de indiening van een aanvraag dient een summier
                                    activiteitenplan te worden overgelegd.</al></li><li nr="3."><al>Het college kan andere dan het in het vorige lid vermelde stuk
                                    vragen teneinde de aanvraag om subsidie te kunnen
                                    beoordelen.</al></li><li nr="4."><al>Het college kan modellen, formulieren c.q. richtlijnen
                                    vaststellen voor de stukken, zoals bedoeld in het tweede en
                                    derde lid.</al></li><li nr="5."><al>Bij een eerste subsidieaanvraag dient de aanvrager tevens over
                                    te leggen:</al><lijst><li nr="a."><al>een afschrift van de oprichtingsakte dan wel van de
                                            statuten, zoals deze laatstelijk zijn gewijzigd;</al></li><li nr="b."><al>het correspondentieadres;</al></li><li nr="c."><al>de namen van de bestuursleden en hun functie.</al></li></lijst></li><li nr="6."><al>Indien een aanvraag niet tijdig is ingediend, kan het college
                                    besluiten de aanvraag niet in behandeling te nemen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Directe subsidievaststelling en -uitbetaling</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De beschikking inzake directe subsidievaststelling wordt gegeven
                                    binnen acht weken nadat het besluit terzake is genomen, doch
                                    uiterlijk 31 december van het jaar, voorafgaand aan het
                                    subsidiejaar. </al></li><li nr="2."><al>In de subsidiebeschikking kan worden bepaald dat de
                                    subsidieontvanger binnen 12 weken na afloop van de activiteit of
                                    van het subsidiejaar waarvoor de subsidie is verstrekt, een
                                    summier schriftelijk verslag uitbrengt omtrent het verloop van
                                    de activiteit al dan niet samen met een summier financieel
                                    verslag over de besteding van de subsidie. Artikel 20 is van
                                    overeenkomstige toepassing.</al></li><li nr="3."><al>Artikel 15 is van overeenkomstige toepassing.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr><titel>Bijzondere verplichtingen van de subsidieontvanger</titel></kop><al>Artikel 21, onder a. en b., is van overeenkomstige toepassing.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>7</nr><titel>Stimuleringssubsidies</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32</nr><titel>Subsidieaanvraag</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een aanvraag om stimuleringssubsidie dient voor 1 juni van het
                                    jaar, voorafgaand aan het jaar ten behoeve waarvan subsidie
                                    wordt gevraagd, schriftelijk bij het college te worden
                                    ingediend, tenzij een bijzondere regeling, ingevolge artikel 2,
                                    derde lid, anders bepaalt.</al></li><li nr="2."><al>Bij nadere regels dan wel bij bijzondere regeling kan worden
                                    bepaald welke gegevens bij de aanvraag dienen te worden
                                    overgelegd.</al></li><li nr="3."><al>Het college kan andere dan de bij nadere regels dan wel bij
                                    bijzondere regeling bepaalde stukken vragen teneinde de aanvraag
                                    om subsidie te kunnen beoordelen.</al></li><li nr="4."><al>Het college kan modellen, formulieren c.q. richtlijnen
                                    vaststellen voor de stukken, zoals bedoeld in het tweede en
                                    derde lid.</al></li><li nr="5."><al>Bij een eerste subsidieaanvraag dient de aanvrager tevens over
                                    te leggen:</al><lijst><li nr="a."><al>een afschrift van de oprichtingsakte dan wel van de
                                            statuten, zoals deze laatstelijk zijn gewijzigd;</al></li><li nr="b."><al>het correspondentieadres;</al></li><li nr="c."><al>de namen van de bestuursleden en hun functie.</al></li></lijst></li><li nr="6."><al>Indien een aanvraag niet tijdig is ingediend, kan het college
                                    besluiten de aanvraag niet in behandeling te nemen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33</nr><titel>Directe subsidievaststelling en -uitbetaling</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De beschikking inzake directe subsidievaststelling wordt gegeven
                                    binnen acht weken nadat het besluit terzake is genomen, doch
                                    uiterlijk 31 december van het jaar, voorafgaand aan het
                                    subsidiejaar.</al></li><li nr="2."><al>Artikel 15 is van overeenkomstige toepassing.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>34</nr><titel>Bijzondere verplichtingen van de subsidieontvanger</titel></kop><al>In de nadere regels c.q. de bijzondere regeling kan worden bepaald of,
                            en zo ja op welke wijze, jaarlijks verslag wordt gedaan omtrent de
                            activiteit. Artikel 20 is van overeenkomstige toepassing.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>35</nr><titel>Geen weigering vanwege voldoende gelden</titel></kop><al>Artikel 7, onder d. is niet van toepassing.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>8</nr><titel>Tussentijdse en/of eenmalige subsidies</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>36</nr><titel>Subsidieaanvraag</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een aanvraag om tussentijdse dan wel eenmalige subsidie dient
                                    uiterlijk 12 weken, voordat met de (eenmalige) activiteit wordt
                                    gestart, schriftelijk bij het college te worden ingediend. </al></li><li nr="2."><al>Bij de indiening van een aanvraag dienen in ieder geval te
                                    worden overgelegd: </al><lijst><li nr="a."><al>een activiteitenplan;</al></li><li nr="b."><al>een begroting, omvattende een overzicht van alle
                                            geraamde inkomsten en uitgaven van de aanvrager,
                                            voorzover deze betrekking hebben op de activiteiten
                                            waarvoor subsidie wordt aangevraagd;</al></li><li nr="c."><al>de balans van het voorafgaande jaar met
                                            toelichting.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het college kan andere dan de in het vorige lid vermelde stukken
                                    vragen teneinde de aanvraag om subsidie te kunnen
                                    beoordelen.</al></li><li nr="4."><al>Het college kan modellen, formulieren c.q. richtlijnen
                                    vaststellen voor de stukken, zoals bedoeld in het tweede en
                                    derde lid.</al></li><li nr="5."><al>Bij een eerste subsidieaanvraag dient de aanvrager tevens over
                                    te leggen:</al><lijst><li nr="a."><al>afschrift van de oprichtingsakte dan wel van de
                                            statuten, zoals deze laatstelijk zijn gewijzigd;</al></li><li nr="b."><al>het correspondentieadres;</al></li><li nr="c."><al>de namen van de bestuursleden en hun functie.</al></li></lijst></li><li nr="6."><al>Indien een aanvraag niet tijdig is ingediend, kan het college
                                    besluiten de aanvraag niet in behandeling te nemen.</al></li><li nr="7."><al>Een aanvraag om tussentijdse dan wel eenmalige subsidie,
                                    afkomstig van een aanvrager aan wie al een budget- dan wel
                                    exploitatiesubsidie voor het betreffende jaar is verstrekt,
                                    wordt niet in behandeling genomen, tenzij de aanvraag om
                                    subsidie op instigatie van het gemeentebestuur plaatsvindt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37</nr><titel>Subsidieverlening of (directe) subsidievaststelling en
                                -uitbetaling</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De beschikking inzake subsidieverlening dan wel (directe)
                                    subsidievaststelling wordt gegeven binnen 12 weken nadat de
                                    aanvraag is ontvangen.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan verplichten dat na afloop van de activiteit
                                    binnen een nader te bepalen termijn de subsidieontvanger een
                                    financieel en een activiteitenverslag indient. Artikel 20 kan
                                    van overeenkomstige toepassing worden verklaard.</al></li><li nr="3."><al>In de subsidiebeschikking kan worden bepaald dat binnen een door
                                    het college te bepalen termijn na afloop van de activiteit
                                    waarvoor de subsidie is verleend, vaststelling van de subsidie
                                    plaatsvindt. In dat geval wordt bij de subsidieverlening tevens
                                    bepaald op welke wijze en naar welke maatstaven de vaststelling
                                    plaatsvindt. Het college stelt de subsidie vast binnen de
                                    toegestane subsidiabele kosten. Artikel 19, derde en vierde lid,
                                    is dan van overeenkomstige toepassing.</al></li><li nr="4."><al>Artikel 15 is van overeenkomstige toepassing.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>38</nr><titel>Bijzondere verplichtingen van de subsidieontvanger</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De artikelen 20 en 21 zijn van overeenkomstige toepassing.</al></li><li nr="2."><al>Artikel 22 kan bij de subsidiebeschikking van overeenkomstige
                                    toepassing worden verklaard.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>9</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>39</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Het college kan één of meerdere artikelen van deze verordening buiten
                            toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover toepassing gelet op het
                            belang van het verstrekken van subsidies, leidt tot een onbillijkheid
                            van overwegende aard. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>40</nr><titel>Intrekking oude regeling</titel></kop><al>De Subsidieverordening maatschappelijke ontwikkeling gemeente Overbetuwe
                            2002, wordt ingetrokken. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>41</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Op een aanvraag om subsidie die voor 1 januari 2006 is
                                    ingediend, blijft de Subsidieverordening maatschappelijke
                                    ontwikkeling gemeente Overbetuwe 2002 van toepassing.</al></li><li nr="2."><al>Op een aanvraag om subsidie die op en na 1 januari 2006 is
                                    ingediend, is deze verordening van toepassing. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 42 Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2006.</al><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 42 Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Subsidieverordening
                            Maatschappelijke Ontwikkeling gemeente Overbetuwe 2006.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in zijn openbare vergadering</ondertekening><ondertekening>van 20 december 2005</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier,</ondertekening><ondertekening>drs. A.J. van den Brink</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>E. Tuijnman.</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>