<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR21847_3</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening gemeentelijke rekenkamercommissie</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Overbetuwe</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-02-13</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Overbetuwe</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Overbetuwe</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Hét Gemeente Nieuws; 27-12-2007</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening gemeentelijke rekenkamercommissie</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 81a-p</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2007-12-18</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2008-01-03</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2007-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2008-06-11</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>art. 1, 4, 12 t/m 14</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>07rb000160</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening gemeentelijke rekenkamercommissie</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Verordening op de rekenkamercommissie</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="a."><al>de wet: de Gemeentewet;</al></li><li nr="b."><al>het college: het college van burgemeester en wethouders;</al></li><li nr="c."><al>de commissie: de rekenkamercommissie;</al></li><li nr="d."><al>de voorzitter: de voorzitter van de rekenkamercommissie;</al></li><li nr="e."><al>rekenkamercommissie: de rekenkamercommissie van de gemeente
                                Overbetuwe.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Rekenkamercommissie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Er is een commissie die door de raad wordt ingesteld en wordt
                                aangeduid als de rekenkamercommissie.</al></li><li nr="2."><al>De rekenkamercommissie bestaat uit 5 leden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Benoeming leden</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad benoemt 2 leden van de rekenkamercommissie uit zijn midden
                                en/of uit de leden van de raadscommissies en 3 externe leden. </al></li><li nr="2."><al>De leden van de rekenkamercommissie die tevens raadsleden of
                                raadscommissieleden zijn, worden voor een periode gelijk aan de
                                zittingsduur van de raad aangewezen. De leden die niet deel uitmaken
                                van de raad worden voor een periode van zes jaar aangewezen. </al></li><li nr="3."><al>De raad benoemt de voorzitter uit de externe leden van de
                                rekenkamercommissie. De voorzitter draagt zorg voor het tijdig en
                                periodiek bijeenroepen van de commissie, het leiden van de
                                vergaderingen, het bewaken van de uitgangspunten en werkwijze en het
                                bevorderen van een zorgvuldige besluitvorming. De voorzitter voert
                                hiertoe regelmatig overleg met de onderzoeker(s) en met het
                                secretariaat. Bij ontstentenis van de voorzitter treedt het
                                langstzittende externe lid op als voorzitter dan wel, als de overige
                                leden een gelijke periode zitting hebben gehad, het oudste externe
                                lid in jaren. </al></li><li nr="4."><al>Voorafgaand aan de benoeming van de voorzitter en de overige leden
                                van de rekenkamercommissie pleegt de raad overleg met de
                                rekenkamercommissie. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Eed</titel></kop><al>Ten aanzien van de externe leden is artikel 81g van de wet van
                        overeenkomstige toepassing.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Ontslag en non-activiteit</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad ontslaat de leden en plaatsvervangende leden of stelt hen op
                                non-activiteit.</al></li><li nr="2."><al>Het lidmaatschap van een raadslid eindigt:</al><lijst><li nr="a."><al>op eigen verzoek;</al></li><li nr="b."><al>indien het lid aftreedt als lid van de raad; </al></li><li nr="c."><al>indien de raad van oordeel is dat het lid niet langer
                                        geschikt is de functie van de rekenkamercommissie te
                                        vervullen;</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het lidmaatschap van een extern lid eindigt:</al><lijst><li nr="a."><al>op eigen verzoek;</al></li><li nr="b."><al>bij de aanvaarding van een functie die onverenigbaar is met
                                        het lidmaatschap van de rekenkamercommissie.</al></li><li nr="c."><al>wanneer het lid bij onherroepelijk geworden rechterlijke
                                        uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel bij zulk
                                        een uitspraak een maatregel is opgelegd die
                                        vrijheidsbeneming tot gevolg heeft;</al></li><li nr="d."><al>indien het lid bij onherroepelijk geworden rechtelijke
                                        uitspraak onder curatele is gesteld, in staat van
                                        faillissement is verklaard, surseance van betaling heeft
                                        verkregen of wegens schulden is gegijzeld.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>De externe leden van de rekenkamercommissie kunnen door de raad
                                worden ontslagen wanneer zij door ziekte of gebreken blijvend
                                ongeschikt zijn hun functie te vervullen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Vergoeding voor werkzaamheden van de externe leden van de
                            rekenkamercommissie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De externe leden en externe voorzitter ontvangen een vergoeding à €
                                239,- voor het bijwonen van de vergaderingen van de
                                rekenkamercommissie.</al></li><li nr="2."><al>De vergoedingen genoemd in het eerste lid komen ten laste van het
                                budget van de rekenkamercommissie. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Ambtelijk secretaris.</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De griffier stelt de ambtelijk secretaris aan in overleg met de
                                rekenkamercommissie.</al></li><li nr="2."><al>De secretaris staat de rekenkamercommissie bij de uitvoering van
                                haar taken terzijde.</al></li><li nr="3."><al>De secretaris legt rechtstreeks verantwoording af aan de
                                rekenkamercommissie over de wijze waarop de ondersteunende taken
                                worden verricht.</al></li><li nr="4."><al>De secretaris draagt zorg voor de agendaplanning, de verspreiding
                                van (vergader)stukken en de verslaglegging van de
                                vergaderingen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7a</nr><titel>Onderzoeksmedewerkers</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad benoemt onderzoeksmedewerkers in overleg met de voorzitter
                                van de rekenkamercommissie.</al></li><li nr="2."><al>De onderzoeksmedewerkers verzorgen het onafhankelijke onderzoek voor
                                de rekenkamercommissie.</al></li><li nr="3."><al>De onderzoeksmedewerkers leggen rechtstreeks verantwoording af aan
                                de rekenkamercommissie over de wijze waarop het onderzoek wordt
                                verricht.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Reglement van orde</titel></kop><al>De commissie stelt een reglement van orde voor haar vergaderingen en andere
                        werkzaamheden vast. Zij zendt het reglement na vaststelling onverwijld ter
                        kennisneming naar de raad.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Onderwerpselectie en opdrachtverlening</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De commissie bepaalt de onderwerpen die zij onderzoekt, formuleert
                                de probleemstelling en stelt de onderzoeksopzet vast. </al></li><li nr="2."><al>De in het vorige lid bedoelde onderzoeksopzet wordt door de
                                commissie ter kennisneming aan de raad verstuurd.</al></li><li nr="3."><al>De raad kan de commissie een gemotiveerd verzoek doen tot het
                                instellen van een onderzoek. De rekenkamer bericht de raad binnen
                                een maand in hoeverre aan dat verzoek wordt voldaan. Indien de
                                commissie niet aan het verzoek van de raad voldoet, zal zij daarvoor
                                goede gronden aanvoeren. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Werkwijze</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De commissie is belast met en verantwoordelijk voor de uitvoering,
                                begeleiding en sturing van het onderzoek volgens de door haar
                                vastgestelde onderzoeksopzet.</al></li><li nr="2."><al>De commissie beoordeelt of het wenselijk is de raad tussentijds te
                                informeren.</al></li><li nr="3."><al>De commissie is bevoegd bij alle leden van het gemeentebestuur en
                                bij alle ambtenaren de mondelinge en schriftelijke inlichtingen in
                                te winnen die zij nodig acht voor de uitvoering van de onderzoeken.
                                De leden van het gemeentebestuur en de ambtenaren van de gemeente
                                zijn verplicht de gevraagde inlichtingen binnen de door de commissie
                                gestelde termijn te verstrekken.</al></li><li nr="4."><al>De commissie vergadert zoveel als zij nodig acht, ter bespreking van
                                procedu¬rele en inhoudelijke aspecten van het onderzoek.</al></li><li nr="5."><al>De commissie vergadert in beslotenheid, haar rapporten zijn
                                openbaar. Op grond van de belangen genoemd in artikel 10 van de Wet
                                Openbaarheid van Bestuur kan de commissie rapporten die aan de raad
                                worden voorgelegd of gedeelten daarvan als geheim aanmerken.</al></li><li nr="6."><al>De commissie kan openbare informatieve vergaderingen beleggen.</al></li><li nr="7."><al>Voor de uitvoering van het onderzoek kan de commissie, met
                                inachtneming van het beschikbare budget, externe personen of bureaus
                                inschakelen.</al></li><li nr="8."><al>De commissie stelt de betrokkenen in de gelegenheid om binnen een
                                door haar te stellen termijn, die tenminste twee weken bedraagt, hun
                                zienswijze op het conceptonderzoeksrapport aan de commissie kenbaar
                                te maken. Betrokkenen zijn degenen wier taakuitvoering (mede)
                                voorwerp van onderzoek is of is geweest. De commissie bepaalt verder
                                wie verder als betrokkenen worden aangemerkt.</al></li><li nr="9."><al>Na vaststelling door de commissie worden het onderzoeksrapport en de
                                nota met conclusies en aanbevelingen en de zienswijze van
                                betrokkenen op het rapport zo spoedig mogelijk, onder toezending van
                                een afschrift aan het college en betrokkenen, aan de raad
                                aangeboden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Budget</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De rekenkamercommissie is bevoegd binnen een aan haar bij de
                                begroting beschikbaar gesteld budget uitgaven te doen ten behoeve
                                van de uitvoering van haar taken.</al></li><li nr="2."><al>Ten laste van het in het voorgaande lid bedoelde budget worden de
                                kosten gebracht van:</al><lijst><li nr="a."><al>de vergoedingen aan de externe leden;</al></li><li nr="b."><al>de ambtelijk secretaris;</al></li><li nr="c."><al>onderzoeksmedewerkers;</al></li><li nr="d."><al>externe deskundigen die eventueel door de
                                        rekenkamercommissie zijn ingeschakeld;</al></li><li nr="e."><al>eventuele overige uitgaven die de commissie nodig acht voor
                                        de uitoefening van haar taak.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>De rekenkamercommissie is voor de besteding van het budget
                                uitsluitend verantwoording verschuldigd aan de raad.</al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 12 Hardheidsclausule</titel></kop><al>De raad kan één of meerdere artikelen van deze verordening buiten toepassing
                        laten of daarvan afwijken, voor zover toepassing gelet op het belang van het
                        functioneren van de rekenkamercommissie, leidt tot een onbillijkheid van
                        overwegende aard.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2005.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening gemeentelijke
                        rekenkamercommissie gemeente Overbetuwe 2004. </al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Behorend bij het besluit dd. 31 augustus 2004</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Mij bekend,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De griffier</ondertekening><ondertekening>Drs. A.J. van den Brink MBA </ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><al/><al><vet>Artikel 1 </vet></al><al>Dit artikel bevat enkele definities om te voorkomen dat bepaalde begrippen
                    telkens in hun geheel moeten worden uitgeschreven.</al><al>In deze modelverordening is gekozen om de begrippen doelmatigheid,
                    doeltreffendheid en rechtmatigheid (die in artikel 182 van de Gemeentewet is
                    genoemd) niet in artikel 1 op te nemen. Hiermee willen wij voorkomen dat
                    gemeenten in de verordening een eigen definitie hanteren. Wel wordt in deze
                    toelichting uiteengezet wat onder deze termen wordt verstaan. Doelmatigheid is
                    de mate waarin de nagestreefde beleidsdoelen tegen zo gering mogelijke kosten
                    worden bereikt. Bij doeltreffendheid gaat het er om of het resultaat van het
                    beleid beantwoordt aan wat er met het beleid werd beoogd en de gestelde
                    beleidsdoelen worden verwezenlijkt. Bij rechtmatigheid gaat het om het voldoen
                    aan de wettelijke kaders en regelgeving. Het gaat dan vooral om wet- en
                    regelgeving die direct van belang is voor de rechtmatigheid van de
                    totstandkoming van de gemeentelijke baten en lasten. </al><al/><al><vet>Artikel 2</vet></al><al>Wanneer gemeenten geen rekenkamer instellen, stellen zij op grond van artikel
                    81o van de wet regels vast voor de uitoefening van de rekenkamerfunctie. De wet
                    spreekt van een rekenkamerfunctie. In deze modelverordening is gekozen voor een
                    rekenkamercommissie met raadsleden en externen. De voorzitter wordt uit de
                    externe leden gekozen. De raad bepaalt zelf hoeveel leden de rekenkamer zal
                    hebben. </al><al/><al><vet>Artikel 3</vet></al><al>Anders dan bij de rekenkamer kunnen naast externen ook raadsleden en leden van
                    andere commissies deel uitmaken van de rekenkamercommissie. Indien de
                    rekenkamercommissie uit twee of meer leden bestaat, benoemt de
                    rekenkamercommissie uit de externe leden de voorzitter van de rekenkamer. Uit
                    oogpunt van onafhankelijkheid is er voor gekozen worden dat niet-raadsleden
                    deelnemen in de rekenkamercommissie. In het tweede lid is een termijn van zes
                    jaar genoemd. De raad kan uiteraard zelf bepalen of hij de leden van de
                    rekenkamercommissie korter of langer dan zes jaar benoemd.</al><al/><al><vet>Artikel 4</vet></al><al>De verplichting deze eed of verklaring en belofte af te leggen vloeit voor de
                    rekenkamer rechtstreeks voort uit artikel 81g van de Gemeentewet. Deze bepaling
                    wordt van overeenkomstige toepassing verklaard op de externe leden van de
                    rekenkamercommissie.</al><al/><al><vet>Artikel 5</vet></al><al>Dit artikel handelt over het ontslag van de leden en over de mogelijkheid (of
                    soms verplichting) hen op non-activiteit te stellen in bepaalde situaties.</al><al/><al><vet>Artikel 6</vet></al><al>In dit artikel is de vergoeding die externe leden voor hun werkzaamheden
                    ontvangen, vastgelegd. </al><al/><al><vet>Artikel 7</vet></al><al>De rekenkamercommissie wordt bijgestaan door een secretaris. Deze wordt door de
                    griffier aangewezen. De rekenkamercommissie dient zelfstandig te functioneren en
                    in het derde lid is voorzien in een rechtstreekse verantwoordingsrelatie van de
                    secretaris ten opzichte van de rekenkamercommissie.</al><al/><al><vet>Artikel 7a</vet></al><al>Voor de uitvoering van het onderzoek kan de rekenkamercommissie vertrouwen op
                    een onderzoeksmedewerker. De onderzoeksmedewerker wordt aangestuurd door de
                    voorzitter van de rekenkamercommissie en rapporteert rechtstreeks aan de
                    commissie. Haar/zijn functioneren wordt de in eerste plaats beoordeeld door de
                    voorzitter en bij geschil door de voltallige rekenkamercommissie. De
                    onderzoeksmedewerker is volledig onafhankelijk van het college en (in iets
                    mindere mate) de raad en kan daardoor onbelemmerd en objectief onderzoek
                    doen.</al><al/><al><vet>Artikel 8</vet></al><al>Artikel 81i van de Gemeentewet wordt van overeenkomstige toepassing verklaard op
                    de rekenkamercommissie. In het reglement van orde moeten/kunnen zaken als de
                    vergoeding, volgorde van aftreden bij een meerhoofdige rekenkamercommissie,
                    verhouding secretaris-voorzitter, de procedure die wordt gevolgd bij
                    onderzoeken, hoe wordt omgegaan met verzoeken van derden om onderzoek te
                    verrichten enzovoorts geregeld.</al><al/><al><vet>Artikel 9</vet></al><al>De rekenkamercommissie dient onafhankelijk te zijn en om deze onafhankelijkheid
                    te bevorderen is het van belang dat zij zelfstandig de onderzoeksonderwerpen kan
                    kiezen. De rekenkamercommissie kan op verzoek van de raad een onderzoek
                    instellen maar is niet verplicht het verzoek van de raad in te willigen. Dit
                    verzoek van de raad wordt in artikel 182, tweede lid van de wet expliciet
                    genoemd. Doordat deze mogelijkheid van uitdrukkelijk in de wet is genoemd, wordt
                    er een bepaald gewicht toegekend aan het verzoek van de raad. Indien de
                    rekenkamercommissie niet voldoet aan een goed gemotiveerd verzoek van de raad
                    zal zij daarvoor goede gronden aanvoeren. </al><al/><al><vet>Artikel 10</vet></al><al>Om te waarborgen dat de rekenkamercommissie bij de uitvoering van haar onderzoek
                    over voldoende en relevante gegevens kan beschikken is voorzien in de
                    bevoegdheid om inlichtingen in te winnen van alle leden van het gemeentebestuur
                    en van alle ambtenaren. De rapporten van de rekenkamercommissie zijn in beginsel
                    openbaar maar op grond van de belangen genoemd in artikel 10 van de Wob kunnen
                    rapporten of gedeelten daarvan als geheim worden aangemerkt. </al><al/><al>Uit oogpunt van zorgvuldigheid is het van groot belang dat de onderzochte partij
                    de kans krijgt om te reageren op het (nog niet gepubliceerde)
                    ontwerponderzoeksrapport. Er vindt dan wederhoor plaats waarbij de feitelijke
                    bevindingen die uit het onderzoek voortvloeien aan de betreffende ambtenaren
                    worden voorgelegd met de vraag eventuele onjuistheden uit te halen en te
                    corrigeren. Indien van toepassing wordt de verantwoordelijke wethouder of het
                    college de gelegenheid geboden om te reageren op de conceptaanbevelingen die de
                    rekenkamer verbindt aan de (gecorrigeerde) bevindingen. Tot slot brengt de
                    rekenkamer een definitief rapport naar buiten met bevindingen, conclusies en
                    eventueel aanbevelingen.</al><al/><al>Eventueel zouden zaken die in dit artikel zijn opgenomen ook in een reglement
                    van orde kunnen worden geregeld.</al><al/><al><vet>Artikel 11</vet></al><al>De rekenkamercommissie is zelfstandig verantwoordelijk voor de besteding van het
                    budget dat noodzakelijk is voor de uitvoering van haar taak. Ten laste van het
                    budget worden de in het tweede lid genoemde kosten gebracht.</al><al/><al><vet>Artikel 12 en 13</vet></al><al>Deze artikelen behoeven geen toelichting.</al><al/><al>Behorend bij het besluit dd. 31 augustus 2004</al><al/><al>Mij bekend,</al><al/><al>De griffier</al><al>Drs. A.J. van den Brink MBA</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>