<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR2173_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Aansluitverordening riolering</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Sittard-Geleen</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-15</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Sittard-Geleen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Maas en Mijn, ...</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Aansluitverordening riolering 2005</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>volkshuisvesting en woningbouw</dcterms:subject><dcterms:issued>2004-11-03</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2005-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Gemeenteblad 2004/...</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Aansluitverordening riolering</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>I</nr><titel>: Begripsomschrijvingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>: Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>Aansluitleiding:</al><al>Het particulier riool, het aansluitpunt en de
                                    perceelaansluitleiding tezamen.</al></li><li nr="b."><al>Particulier riool:</al><al>De binnen de kadastrale eigendomsgrenzen van het aan te sluiten
                                    perceel gelegen binnen-, buiten- of terreinrioolleidingen tot
                                    aan het aansluitpunt. Het particuliere riool wordt ook wel “de
                                    particuliere afvoerleiding” genoemd.</al></li><li nr="c."><al>Aansluitpunt:</al><lijst><li nr="1."><al>bij gemengde en gescheiden rioolstelsels het punt,
                                            gelegen op of binnen 0,5 meter afstand van de kadastrale
                                            eigendomsgrens van het aan te sluiten perceel, waar het
                                            particuliere riool op de perceelaansluitleiding wordt
                                            aangesloten;</al></li><li nr="2."><al>bij een drukriool het punt waar het particuliere riool
                                            wordt aangesloten op de pompput</al></li><li nr="3."><al>bij een IBA III-systeem het punt waar het particuliere
                                            riool op deze IBA wordt aangesloten.</al></li></lijst></li><li nr="d."><al>Afvalwater:</al><al>Al het water afkomstig van een perceel, met uitzondering van
                                    hemelwater en drainagewater.</al></li><li nr="e."><al>Openbaar riool:</al><al>Het gedeelte van de riolering dat bij de gemeente in eigendom en
                                    beheer is voor inzameling, transport en zuivering van
                                    afvalwater, met inbegrip van de daartoe behorende rioolgemalen,
                                    persleidingen en werken en installaties van overeenkomstige
                                    aard, met uitzondering van de aansluitleidingen.</al></li><li nr="f."><al>Perceelaansluitleiding:</al><al>Het riool en voorzieningen die deel uit maken van dit riool,
                                    tussen het openbaar riool c.q. IBA III systeem/drukriool en het
                                    aansluitpunt, in beheer bij de gemeente.</al></li><li nr="g."><al>Bronneringswater:</al><al>Grondwater, onttrokken ten behoeve van tijdelijke verlaging van
                                    de grondwaterstand.</al></li><li nr="h."><al>Drainagewater:</al><al>Grondwater , ingezameld door een ingegraven doorlatend
                                    buizensysteem.</al></li><li nr="i."><al>Drukriool:</al><al>Het openbaar riool voor de afvoer van afvalwater, exclusief
                                    hemelwater, waarbij het transport door het riool plaats vindt
                                    door middel van met pompinstallaties veroorzaakte druk .</al></li><li nr="i."><al>Gemengd stelsel:</al><al>Het openbaar riool voor de afvoer van afvalwater, inclusief
                                    hemelwater.</al></li><li nr="j."><al>Gescheiden stelsel:</al><al>Het openbaar riool met een buizenstelsel voor de afvoer van
                                    hemelwater en een buizenstelsel voor de afvoer van het overige
                                    afvalwater .</al></li><li nr="k."><al>IBA-III systeem:</al><al>De zuiveringsinrichting voor panden waarvoor de gemeente
                                    ontheffing van de zorgplicht heeft verkregen en in het kader van
                                    de verbrede zorgplicht een alternatieve voorziening
                                    aanlegt.</al></li><li nr="l."><al>Rechthebbende:</al><lijst><li nr="1."><al>de eigenaar of zakelijk gerechtigde van het perceel ten
                                            behoeve waarvan de aansluiting op het openbaar riool
                                            wordt gerealiseerd en in stand gehouden.</al></li><li nr="2."><al>de rechtverkrijgende onder algemene of bijzondere titel
                                            van de onder 1. bedoelde personen.</al></li></lijst></li><li nr="m."><al>Gebruiker:</al><al>De perceeleigenaar, de zakelijk gerechtigde van het perceel of
                                    de huurder die gebruik maakt van de aansluiting op het openbaar
                                    riool.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>II</nr><titel>De vergunning</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Vergunningsplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden zonder een daartoe verleende aansluitvergunning een
                                aansluiting van een particulier riool op het openbaar riool tot
                                stand te brengen en/of te wijzigen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders verlenen een aansluitvergunning alleen
                                voor het tot stand brengen en in stand houden van een aansluiting
                                tussen het particulier riool en de perceelaansluitleiding:</al><lijst><li nr="a."><al>voor de afvoer van afvalwater inclusief hemelwater indien
                                        ter plaatse een gemengd stelsel aanwezig is;</al></li><li nr="b."><al>voor de afvoer van afvalwater zonder hemelwater naar het
                                        daarvoor bedoelde buizenstelsel, indien ter plaatse een
                                        (verbeterd) gescheiden stelsel aanwezig is;</al></li><li nr="c."><al>voor de afvoer van hemelwater naar het daarvoor bedoelde
                                        buizenstelsel, indien ter plaatse een (verbeterd) gescheiden
                                        stelsel aanwezig is;</al></li><li nr="d."><al>voor de afvoer van afvalwater zonder hemelwater indien ter
                                        plaatse riolering onder over- en/of onderdruk aanwezig
                                        is;</al></li><li nr="e."><al>voor de afvoer van afvalwater zonder hemelwater naar het
                                        gemeentelijke IBA III systeem.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien meer dan één aansluiting van een particulier riool op het
                                openbaar riool tot stand dient te worden gebracht, alsmede wanneer
                                meer dan één aansluiting dient te worden gewijzigd, is het eerste
                                lid voor iedere aansluiting of wijziging afzonderlijk van
                                toepassing.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In de vergunning kunnen voorschriften worden opgenomen met
                                betrekking tot:</al><lijst><li nr="a."><al>het tot stand brengen van de aansluiting;</al></li><li nr="b."><al>het onderhoud, de renovatie en de vervanging van de
                                        perceelaansluitleiding;</al></li><li nr="c."><al>sloopwerkzaamheden op het perceel van de rechthebbende;</al></li><li nr="d."><al>het verkrijgen van een recht van opstal en/of overpad t.b.v.
                                        de aanleg en het beheer van een gemeentelijk IBA III
                                        systeem;</al></li><li nr="e."><al>de periode waarvoor de vergunning wordt verleend indien de
                                        aansluiting is bedoeld voor de tijdelijke afvoer van
                                        bronneringswater dan wel het een tijdelijke lozingssituatie
                                        betreft;</al></li><li nr="f."><al>de hoeveelheid af te voeren (afval) water.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien de rechthebbende binnen een jaar na verlening van de
                                aansluitvergunning geen verzoek heeft gedaan de aansluiting of
                                wijziging van de aansluiting waarop die aansluitingvergunning
                                betrekking heeft, uit te voeren, kunnen Burgemeester en Wethouders
                                de aansluitvergunning intrekken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>De vergunningaanvraag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanvraag voor een aansluitvergunning wordt schriftelijk met
                                behulp van een daartoe bestemd formulier, bij burgemeester en
                                wethouders ingediend door de rechthebbende van het aan te sluiten
                                perceel.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de aanvraag van een aansluitvergunning dienen de volgende
                                gegevens door de rechthebbende te worden verstrekt:</al><lijst><li nr="a."><al>de naam en het adres van de rechthebbende;</al></li><li nr="b."><al>de dagtekening;</al></li><li nr="c."><al>de aanduiding dat het een verzoek om een aansluitvergunning
                                        betreft;</al></li><li nr="d."><al>de ligging van het aan te sluiten perceel:</al><lijst><li nr="1."><al>aan de hand van straat en huisnummer of, indien er
                                                nog geen huisnummer is toegekend, aan de hand van
                                                het kadastraal nummer van het betreffende perceel,
                                                en:</al></li><li nr="2."><al>aangegeven op een situatieschets 1: 1000 of grotere
                                                schaal;</al></li></lijst></li><li nr="e."><al>voor zover het lozing van bedrijfsafvalwater betreft, de
                                        aard en de hoeveelheid van de af te voeren vloeistoffen,
                                        waarbij dient te worden aangegeven of niet verontreinigd
                                        water zoals regen of koelwater, en/of verontreinigd water,
                                        zoals huishoudelijk of industrieel afvalwater, zal worden
                                        afgevoerd;</al></li><li nr="f."><al>voor zover het enkel lozing van huishoudelijk afvalwater
                                        betreft, of er huishoudelijk afvalwater of hemelwater zal
                                        worden afgevoerd;</al></li><li nr="g."><al>in geval van verbrede zorgplicht de locatie waar het
                                        gemeentelijke IBA III-systeem kan worden gerealiseerd;</al></li><li nr="h."><al>van het aan te sluiten of te wijzigen particuliere riool ten
                                        minste de volgende gegevens:</al><lijst><li nr="1."><al>het leidingverloop en de dimensionering;</al></li><li nr="2."><al>de hoogteligging en het materiaal ter plaatse van
                                                het aansluitpunt;</al></li><li nr="3."><al>een duidelijk verschil in kleur of symbolen tussen
                                                de droogweer en hemelwaterafvoerleidingen;</al></li><li nr="4."><al>de wijze waarop de functies van de verschillende
                                                leidingen van het particulier riool ter plaatse van
                                                het aansluitpunt zullen worden gemarkeerd.</al></li></lijst></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de gegevens bedoeld in het tweede lid, reeds zijn vastgelegd
                                in de voor het perceel afgegeven bouwvergunning of een vergunning op
                                grond van de Wet milieubeheer, kan bij de aanvraag van een
                                aansluitvergunning voor dit perceel worden volstaan met het
                                overleggen van een kopie van de gegevens uit deze vergunning.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De aanvraag van een aansluitvergunning wordt slechts in behandeling
                                genomen nadat bij de aanvraag alle in het tweede lid vermelde
                                gegevens zijn verstrekt. Bij het ontbreken van gegevens wordt de
                                rechthebbende daarover geïnformeerd en in de gelegenheid gesteld
                                deze gegevens binnen vier weken na kennisgeving daarvan alsnog aan
                                te vullen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Weigering van een aansluitvergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aansluitvergunning kan slechts worden geweigerd indien
                                aansluiting van het particulier riool op het openbaar riool of
                                wijziging van die aansluiting vanwege technische, juridische of
                                milieuhygiënische redenen bezwaarlijk is.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Aansluiting van het particulier riool op het openbaar riool of
                                wijziging van die aansluiting is in ieder geval bezwaarlijk
                                indien:</al><lijst><li nr="a."><al>de hoogteligging van het aansluitpunt( binnenonderkant buis)
                                        lager ligt dan de bovenzijde van het openbaar riool,
                                        vermeerderd met 200 mm plus de benodigde hoogte voor het
                                        afschot van de aansluitleiding;</al></li><li nr="b."><al>de bovenzijde van een lozingtoestel lager is gelegen dan 150
                                        mm boven de kruin van de straat, tenzij via een
                                        pompinstallatie voorzien van terugslagklep wordt
                                        aangesloten;</al></li><li nr="c."><al>de gevraagde aansluiting een samengevoegde voorziening
                                        betreft, terwijl een gescheiden openbaar riool aanwezig
                                        is;</al></li><li nr="d."><al>de gevraagde aansluiting een lozing voor afvalwater en/of
                                        bronneringswater betreft, waarvoor krachtens de geldende
                                        milieuwetgeving een vergunning benodigd is, maar niet is
                                        verleend, of niet aan de geldende algemene regels is
                                        voldaan;</al></li><li nr="e."><al>het openbaar riool ter plaatse van de aansluitleiding niet
                                        over voldoende capaciteit beschikt om de hoeveelheid te
                                        lozen vloeistoffen te kunnen afvoeren;</al></li><li nr="f."><al>het lozing van niet verontreinigd drainagewater
                                        betreft;</al></li><li nr="g."><al>de gevraagde aansluiting een afvoerleiding voor niet
                                        verontreinigd bronneringswater betreft die zonder bezwaar op
                                        het oppervlaktewater kan worden aangesloten of middels
                                        retourbemaling kan worden afgevoerd;</al></li><li nr="h."><al>een bouwvergunning of een Wet milieubeheer-vergunning voor
                                        het aan te sluiten perceel is geweigerd.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een weigering van een aansluitvergunning is met redenen omkleed,
                                waarbij burgemeester en wethouders de nadere eisen aangeven waaraan
                                het particulier riool dient te voldoen om voor vergunningverlening
                                in aanmerking te komen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Verlening van de aansluitvergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><lijst><li nr="a."><al>Burgemeester en wethouders besluiten binnen 6 weken na
                                        ontvangst op de aanvraag.</al></li><li nr="b."><al>Burgemeester en wethouders kunnen deze termijn eenmalig met
                                        6 weken verlengen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid houden burgemeester en wethouders de
                                beslissing omtrent een aanvraag van een aansluitvergunning aan
                                indien er geen reden is de vergunning te weigeren:</al><lijst><li nr="a."><al>terwijl voor het aan te sluiten perceel nog een aanvraag
                                        moet worden gedaan of in behandeling is voor een
                                        bouwvergunning krachtens artikel 40 van de Woningwet.</al></li><li nr="b."><al>terwijl er voor het aan te sluiten perceel nog een aanvraag
                                        moet worden gedaan of in behandeling is voor een vergunning
                                        krachtens artikel 8.1van de Wet milieubeheer.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De rechthebbende wordt zo spoedig mogelijk van de aanhouding op de
                                hoogte gesteld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Na verlening van de in lid 2 onder sub a en b bedoelde vergunningen,
                                nemen burgemeester en wethouders alsnog binnen 6 weken een besluit
                                op de aanvraag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Burgemeester en Wethouders kunnen van de bepalingen in deze verordening
                            afwijken voor zover toepassing gelet op het belang dat deze regeling
                            beoogt te beschermen, zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende
                            aard.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>III</nr><titel>De aansluiting</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Het verzoek tot aanleg of wijziging
                                perceelaansluitleiding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De rechthebbende aan wie ingevolge afdeling II een
                                aansluitvergunning is verleend, kan de gemeente verzoeken de
                                aansluiting of wijziging van de aansluiting waarop die vergunning
                                betrekking heeft uit te voeren. De rechthebbende dient een daartoe
                                strekkend schriftelijk verzoek in te dienen bij burgemeester en
                                wethouders.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij het verzoek tot aansluiting dienen in ieder geval de volgende
                                gegevens door de rechthebbende te worden vermeld:</al><lijst><li nr="a."><al>de naam en het woonadres van de rechthebbende ;</al></li><li nr="b."><al>het nummer van de aansluitvergunning ;</al></li><li nr="c."><al>de door rechthebbende gewenste datum van uitvoering .</al></li></lijst><al>Het verzoek tot aansluiting wordt slechts in behandeling genomen
                                indien deze gegevens volledig zijn vermeld.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de kosten van de aanleg van de aansluiting reeds zijn voldaan
                                uit hoofde van een eerder door de rechthebbende met de gemeente
                                gesloten overeenkomst, dient de rechthebbende dit naast de in het
                                tweede lid bedoelde gegevens bij het verzoek tot aansluiting te
                                vermelden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen 4 weken na de ontvangst
                                van het verzoek stellen burgemeester en wethouders, zoveel mogelijk
                                in overleg met rechthebbende, een termijn vast voor uitvoering van
                                de aansluiting. Bij de vaststelling van het tijdstip van uitvoering
                                wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met het door de
                                rechthebbende gewenste tijdstip.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Uitvoering aanleg of wijziging van de
                                perceelaansluitleiding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De uitvoering van de aanleg of wijziging van de
                                perceelaansluitleiding, inclusief de aansluiting van het particulier
                                riool op de perceelaansluitleiding, vindt niet plaats anders dan
                                door of vanwege de gemeente.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van lid 1, kunnen burgemeester en wethouders na overleg
                                met de rechthebbende in de aansluitvergunning vastleggen dat de
                                rechthebbende zelf de aansluiting uitvoert. De rechthebbende
                                onttrekt het aansluitpunt, na melding aan burgemeester en wethouders
                                dat de aansluiting is uitgevoerd, gedurende drie werkdagen niet aan
                                het zicht.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De aansluiting van het particulier riool op de
                                perceelaansluitleiding vindt slechts plaats als het aan te sluiten
                                particuliere riool tot aan het aansluitpunt aanwezig is en voldoet
                                aan de daaraan op grond van het Bouwbesluit of de Bouwverordening
                                gemeente Sittard-Geleen te stellen eisen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De gemeente kan in ieder geval niet worden gehouden tot feitelijke
                                uitvoering over te gaan, voordat :</al><lijst><li nr="a."><al>De op grond van de legesverordening verschuldigde leges
                                        volledig zijn voldaan en;</al></li><li nr="b."><al>de kosten van aanleg en aansluiting en de over die kosten
                                        verschuldigde omzetbelasting door de rechthebbende aan de
                                        gemeente zijn voldaan.</al></li></lijst></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>IV</nr><titel>Beheer en Onderhoud</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Beheer, Onderhoud, renovatie en vervanging</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het beheer en onderhoud, de renovatie dan wel de vervanging van de
                                perceelaansluitleiding wordt uitgevoerd door of namens de gemeente
                                en voor rekening van de gemeente, tenzij het aannemelijk is dat de
                                betreffende onderhouds- dan wel herstelwerkzaamheden dienen te
                                worden uitgevoerd ten gevolge van een onjuist gebruik van het
                                particulier riool, in welk geval de kosten voor rekening van de
                                rechthebbende of veroorzaker komen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Onder onjuist gebruik wordt in ieder geval begrepen:</al><lijst><li nr="a."><al>het via deze aansluiting lozen van stoffen die, vanwege hun
                                        aard en samenstelling, verstoppingen in de aansluitleiding
                                        of hoofdriool veroorzaken;</al></li><li nr="b."><al>het via deze aansluiting lozen van stoffen die, door hun
                                        aard of concentratie, de constructie van de aansluitleiding
                                        aantasten.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De kosten voor het onderhoud van het particulier riool komen voor
                                rekening van de rechthebbende, tenzij onomstotelijk vaststaat dat de
                                noodzaak tot onderhoud is veroorzaakt door inspoeling vanuit het
                                openbaar riool.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Onder renovatie wordt tevens begrepen het aanpassen van de
                                perceelaansluitleiding ten gevolge van een wijziging van het
                                gemeentelijk rioolstelsel.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Calamiteiten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij een verstopping of andere storing in het particulier riool
                                onderzoekt de rechthebbende of het een verstopping of een storing
                                betreft in het particulier riool of in de
                                perceelaansluitleiding.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien na het in lid 1 bedoelde onderzoek wordt vermoed dat sprake
                                is van een verstopping of storing in de perceelaansluitleiding of
                                van een verstopping of storing als gevolg van inspoeling vanuit het
                                openbaar riool, neemt de rechthebbende of de gebruiker contact op
                                met de gemeente voor het verrichten van de noodzakelijke
                                werkzaamheden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien na het in lid 1 bedoelde onderzoek blijkt dat er sprake is
                                van een verstopping of storing in het particuliere riool, dient de
                                rechthebbende deze verstopping of storing zelf te verhelpen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij het door de gemeente verrichten van de in lid 2 bedoelde
                                werkzaamheden dient de rechthebbende of gebruiker, voordat met de
                                werkzaamheden wordt gestart, tevoren schriftelijk akkoord te gaan
                                met de voorwaarde dat de kosten van de werkzaamheden aan hem in
                                rekening worden gebracht, indien blijkt dat deze kosten voor zijn
                                rekening zijn.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>V</nr><titel>Verwijdering aansluiting, sloop</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Zorgplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij sloopwerkzaamheden of andere werkzaamheden op een op het
                                openbaar riool aangesloten perceel, moeten door de rechthebbende
                                zodanige voorzieningen aan het particuliere riool worden getroffen
                                dat (bijvoorbeeld) verzanding en/of beschadiging van het openbare
                                riool en de perceelaansluitleiding wordt voorkomen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de rechthebbende bij sloopwerkzaamheden niet voldoet aan de
                                in het eerste lid omschreven zorgplicht, heeft de gemeente de
                                bevoegdheid de aansluiting op het openbaar riool af te sluiten en de
                                hieraan verbonden kosten te verhalen op de rechthebbende.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien het gebruik van een aansluitleiding definitief wordt
                                beëindigd, wordt de op de aansluitleiding betrekking hebbende
                                vergunning ingetrokken, waarna de aansluitleiding op kosten van de
                                rechthebbende door de gemeente wordt verwijderd/afgekoppeld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien het gebruik van een aansluitleiding definitief wordt
                                beëindigd is de rechthebbende verplicht de gemeente hiervan in
                                kennis te stellen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>VI</nr><titel>Overgangs en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanvragen tot aansluiting of wijziging van een aansluiting die
                                voor de datum van inwerkingtreding zijn ingediend vallen onder de
                                bepalingen van deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op aansluitingen die op het moment van de inwerkingtreding van deze
                                verordening krachtens de tot dan geldende wetgeving en voorschriften
                                tot stand zijn gebracht, zijn de bepalingen van afdeling IV en
                                afdeling V van deze verordening rechtstreeks van toepassing.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij strijd van deze verordening met bepalingen in eerdere
                                overeenkomsten gesloten tussen de gemeente en de rechthebbende,
                                prevaleert het bepaalde in deze overeenkomsten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking zes weken na de datum van haar
                                bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze verordening kan worden aangehaald als: “Aansluitverordening
                                Riolering 2005.”</al></lid></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 3 november 2004,</al></slotformulering><ondertekening>de griffier</ondertekening><ondertekening>de voorzitter</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><kop><titel>AANVRAAGFORMULIER AANSLUITVERGUNNING RIOLERING HUISHOUDELIJK
                        AFVALWATER</titel></kop><al>De ondergetekende:</al><al>adres :</al><al>postcode/woonplaats:</al><al>telefoon :</al><al>contactpersoon/uitvoerder:</al><al>Verzoekt het college van burgemeester en wethouders van de gemeente
                    Sittard-Geleen voor zijn rekening ten behoeve van het pand/perceel gelegen
                    aan</al><al>adres:</al><al>huisnummer </al><al>kadastraal nummer:</al><al>pand valt onder verbrede zorgplicht: ja / nee<noot id="d9239e677"><noot.nr>*</noot.nr><noot.al>doorhalen wat niet van toepassing is</noot.al></noot></al><al>en aangegeven op bijgevoegde situatieschets van tenminste 1 : 1000 een
                    aansluitvergunning te verlenen.</al><al>Deze aanvraag betreft:</al><lijst><li nr="-"><al>hemelwater</al></li><li nr="-"><al>huishoudelijk afvalwater</al></li><li nr="-"><al>gemengde afvoer van hemelwater en huishoudelijk afvalwater<noot id="d9239e697"><noot.nr>*</noot.nr><noot.al>doorhalen wat niet van toepassing is</noot.al></noot>.</al></li></lijst><al>Bij deze aanvraag treft u een tekening waarop de volgende gegevens staan
                    vermeld:</al><lijst><li nr="-"><al>het leidingverloop</al></li><li nr="-"><al>de dimensionering</al></li><li nr="-"><al>de hoogteligging</al></li><li nr="-"><al>het materiaal ter plaatse van het aansluitpunt.</al></li><li nr="-"><al>de situering van het ontstoppingstuk (aansluitpunt) / overige
                            rioleringstechnische voorzieningen zoals o.a. IBA; pompinstallatie etc.
                            Tevens heb ik in het onderstaande overzicht de gegevens ingevuld :</al></li></lijst><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="21*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="26*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="25*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="28*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Gegevens</al></entry><entry colname="col2"><al>Droogweerafvoer</al></entry><entry colname="col3"><al>Regenwaterafvoer</al></entry><entry colname="col4"><al>Gemengde afvoer</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Materiaal</al></entry><entry colname="col2"><al>Polypropyleen</al></entry><entry colname="col3"><al>Polypropyleen</al></entry><entry colname="col4"><al>Polypropyleen</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Doorsnede</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Kleur</al></entry><entry colname="col2"><al>Rood-bruin</al></entry><entry colname="col3"><al>Groen</al></entry><entry colname="col4"><al>Zwart</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Symbool ter herkenning</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Datum : . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . </al><al>De aanvrager/ gemachtigde<noot id="d9239e791"><noot.nr>*</noot.nr><noot.al>doorhalen wat niet van toepassing is</noot.al></noot></al><al>Naam:. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . ..</al><al>Handtekekening: ………………………………</al><tussenkop>AANVRAAGFORMULIER AANSLUITVERGUNNING RIOLERING
                    BEDRIJFSAFVALWATER.</tussenkop><al>De ondergetekende:</al><al>adres :</al><al>postcode/woonplaats:</al><al>telefoon :</al><al>contactpersoon/uitvoerder:</al><al>Verzoekt het college van burgemeester en wethouders van de gemeente</al><al>voor zijn rekening ten behoeve van het pand/perceel gelegen aan</al><al>adres:</al><al>huisnummer:</al><al>kadastraal nummer:</al><al>en aangegeven op bijgevoegde situatieschets van tenminste 1 : 1000, een
                    aansluitvergunning te verlenen.</al><al>Deze aanvraag betreft een hoeveelheid van ..…. kubieke meter vloeistof per
                    seconde wat moet worden afgevoerd. Het gaat om regenwater/koelwater/
                    huishoudelijk afvalwater/industrieel afvalwater<noot id="d9239e828"><noot.nr>*</noot.nr><noot.al>doorhalen wat niet van toepassing is</noot.al></noot></al><al>Bij deze aanvraag treft u een tekening waarop de volgende gegevens vermeld
                    staan:</al><lijst><li nr="-"><al>het leidingverloop:</al></li><li nr="-"><al>de dimensionering:</al></li><li nr="-"><al>de hoogteligging:</al></li><li nr="-"><al>het materiaal ter plaatse van het aansluitpunt.</al></li><li nr="-"><al>de situering van het ontstoppingstuk (aansluitpunt) / overige
                            rioleringstechnische voorzieningen zoals o.a. slibvangput, vetvangput,
                            olie- benzineafscheider, pompinstallatie etc.</al></li></lijst><al>Tevens heb ik in het onderstaande overzicht de gegevens ingevuld :</al><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="21*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="26*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="25*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="28*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Gegevens</al></entry><entry colname="col2"><al>Droogweerafvoer</al></entry><entry colname="col3"><al>Regenwaterafvoer</al></entry><entry colname="col4"><al>Gemengde afvoer</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Materiaal</al></entry><entry colname="col2"><al>Polypropyleen</al></entry><entry colname="col3"><al>Polypropyleen</al></entry><entry colname="col4"><al>Polypropyleen</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Doorsnede</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Kleur</al></entry><entry colname="col2"><al>Rood-bruin</al></entry><entry colname="col3"><al>Groen</al></entry><entry colname="col4"><al>Zwart</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Symbool ter herkenning</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Deze aanvraag betreft een vergunning voor een:</al><lijst><li nr="O"><al>vaste aansluiting<noot id="d9239e925"><noot.nr>*</noot.nr><noot.al>aankruisen wat van toepassing is.</noot.al></noot></al></li><li nr="O"><al>tijdelijke aansluiting<noot id="d9239e933"><noot.nr>*</noot.nr><noot.al>aankruisen wat van toepassing is.</noot.al></noot></al></li></lijst><al>Datum : . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . </al><al>De aanvrager/ gemachtigde<noot id="d9239e942"><noot.nr>*</noot.nr><noot.al>doorhalen wat niet van toepassing is</noot.al></noot></al><al>Naam:. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . ..</al><al>Handtekekening: ………………………………</al></bijlage><nota-toelichting><tussenkop>Toelichting aansluitverordening riolering Gemeente
                    Sittard-Geleen.</tussenkop><tussenkop>1.1 . Algemeen </tussenkop><al>Inzameling en transport van afvalwater is een taak van de gemeente. In het kader
                    van de verbrede zorgplicht kan de gemeente in voorkomende gevallen eveneens
                    instaan voor zuivering van afvalwater middels een IBA III systeem. Voor het
                    uitvoeren van deze taak heeft de gemeente rioolstelsels en IBA III systemen
                    aangelegd en zorgt de gemeente voor het beheer van deze voorzieningen.</al><al>Een aansluitverordening regelt de verhouding tussen burgers en de gemeente
                    inzake de aansluiting op het gemeentelijk rioolstelsel. In een
                    aansluitverordening kunnen voorwaarden worden gesteld aan de wijze waarop de
                    aansluiting op het gemeenteriool wordt verkregen. Daarnaast wordt ook geregeld
                    wie verantwoordelijk is voor het beheer van de perceelaansluitleiding. Dit
                    strekt tot voordeel van alle betrokken partijen, omdat er dan duidelijkheid
                    bestaat over de verwachtingen die een burger en de gemeente van elkaar mogen
                    hebben.</al><tussenkop>1.2 . Opzet van de verordening </tussenkop><al>Uitgangspunt van deze verordening is dat voor een nieuwe aansluiting op het
                    riool of een wijziging van de bestaande aansluiting, een vergunning is vereist.
                    Aan het verlenen van de vergunning worden vervolgens voorwaarden gesteld. Deze
                    voorwaarden betreffen allereerst de technische eisen waaraan de aansluiting moet
                    voldoen. De technische eisen betreffen het leidingverloop en de dimensionering,
                    de hoogteligging van de aansluitleiding en het materiaal ter plaatse van het
                    aansluitpunt. Ook worden nadere voorwaarden gesteld voor het geval er een
                    gescheiden rioolstelsel is. Dat wil zeggen dat er dan een aparte aansluiting
                    voor een hemelwaterriool en een aparte aansluiting voor een vuilwaterriool
                    worden aangelegd. Hierbij dient rekening te worden gehouden met de in het
                    Bouwbesluit en de Model-Bouwverordening genoemde bouwtechnische eisen. Tenslotte
                    zijn er voorwaarden opgenomen over onderhoud, renovatie en vervanging van de
                    aansluiting en beëindiging van het gebruik van de aansluiting. Tevens biedt deze
                    verordening de mogelijkheid om “het anders om gaan met water” expliciet te
                    reguleren. </al><al>Het gemeentelijk rioolstelsel wordt op een drietal plaatsen begrensd:</al><lijst><li nr="-"><al>het punt waar afvalwater of overtollige neerslag wordt overgenomen van
                            de producent (doorgaans daar waar het particulier riool overgaat in
                            gemeentelijk eigendom);</al></li><li nr="-"><al>het punt waar afvalwater of de overtollige neerslag wordt overgedragen
                            aan de beheerder van de zuiveringstechnische werken niet zijnde de
                            gemeente;</al></li><li nr="-"><al>het punt waar overstortingen op het oppervlaktewater plaats vinden.</al></li></lijst><al>Deze verordening heeft alleen betrekking op de begrenzing van het eerst genoemde
                    punt. Deze begrenzing, de plaats waar het particulier riool is aangesloten op de
                    perceelaansluitleiding( de uitlegger), wordt het aansluitpunt genoemd. Het
                    aansluitpunt wordt in de verordening gesitueerd op de kadastrale eigendomsgrens
                    van het aan te sluiten perceel of niet meer dan een halve meter daar
                    vandaan.</al><al>De aansluitleiding bestaat dus vanaf het hoofdriool achtereenvolgens uit de
                    perceelaansluitleiding, het aansluitpunt en het particuliere riool dan wel in
                    geval van een gemeentelijk IBA III systeem of drukriool achtereenvolgens uit het
                    IBA-systeem of pompgemaal, perceelaansluitleiding (optioneel), het aansluitpunt
                    en het particuliere riool.</al><al>In het systeem van de verordening is een keuze gemaakt voor een verdeling van
                    het beheer van de aansluitleiding. Dit betekent dat de gemeente en de eigenaar
                    elk verantwoordelijk zijn voor het onderhoud van een deel van de
                    aansluitleiding. Het deel van de aansluitleiding vanaf het aansluitpunt naar het
                    hoofdriool van het gemeentelijk rioolstelsel respectievelijk het gemeentelijke
                    IBA-III systeem ( de perceelaansluitleiding), wordt beheerd door de gemeente.
                    Dit deel van de huisaansluiting ligt onder de openbare weg respectievelijk kan
                    in particulier terrein liggen.</al><al>Als er nu bijvoorbeeld een verstopping is ontstaan in het particuliere riool,
                    dan moet de rechthebbende zelf en voor eigen rekening zorgdragen voor het
                    verhelpen van het probleem. Dit kan bijvoorbeeld door het inschakelen van een
                    installateur. Is er een verstopping ontstaan in de perceelaansluitleiding,
                    bijvoorbeeld door ingroeiende boomwortels of door verzakking, dan draagt de
                    gemeente zorg voor de reparatie. De kosten van onderhoud, renovatie en
                    vervanging van de perceelaansluitleiding zijn voor de gemeente. Hierop is echter
                    wel een uitzondering gemaakt. Als het aannemelijk is dat de betreffende
                    onderhouds- of herstelwerkzaamheden moeten worden uitgevoerd als gevolg van een
                    onjuist gebruik van het riool, dan zijn de kosten voor rekening van de
                    rechthebbende of de veroorzaker van de schade. Indien de wortelingroei afkomstig
                    is van bomen en/of beplanting die in beheer en onderhoud zijn van particulieren
                    dan zullen de reparatiekosten worden verhaald op de veroorzaker van de schade. </al><al>De aanleg van de perceelaansluitleiding geschiedt door de gemeente of door een
                    namens de gemeente in te schakelen aannemer. Deze legt de perceelaansluitleiding
                    aan voor rekening van de eigenaar. De kosten die de eigenaar moet betalen zijn
                    in beginsel de daadwerkelijke kosten van de aanleg. De tarieven worden
                    vastgelegd in een bij een verordening vastgestelde tarievenlijst.</al><al>De tarieven zijn genotsretributies op grond van artikel 229 lid 1 Gemeentewet en
                    worden volgens het tweede lid van artikel 229 Gemeentewet aangemerkt als
                    gemeentelijke belastingen.</al><al>De verlening van de vergunning kan door de gemeente worden geweigerd indien
                    aansluiting van het particulier riool op het openbaar riool of wijziging van die
                    aansluiting vanwege technische, juridische of milieuhygiënische redenen
                    bezwaarlijk is. In de verordening is geen uitputtende regeling opgenomen met
                    betrekking tot weigeringsgronden voor het verlenen van de vergunning. Wel zijn
                    situaties opgenomen die in ieder geval bezwaarlijk zijn voor het verlenen van
                    een vergunning. Een van deze weigeringsgronden is de aansluiting van
                    drainagewater hetgeen in de lijn ligt van het beleid van de vierde Nota
                    waterhuishouding. Het Gemeentelijk Rioleringsplan biedt de basis voor het
                    weigeren van dit type lozingen. Consequentie van het weigeren van deze lozingen
                    kan zijn dat de gemeente een drainagestelsel zal moeten aanleggen. Overigens
                    heeft de gemeente geen wettelijk vastgestelde ontvangstplicht voor
                    drainagewater.</al><al>Als een vergunningaanvraag wordt geweigerd moet deze weigering voorzien zijn van
                    een goede motivatie.</al><al>De verordening is opgebouwd uit 13 artikelen, die zijn ondergebracht in zes
                    afdelingen. In afdeling I worden de begripsbepalingen gegeven. Afdeling II
                    regelt de vergunning: een omschrijving van de vergunningsplicht, de aanvraag, de
                    verlening en tot slot de gronden tot weigering.</al><al>In afdeling III komt het tot stand brengen van de aansluiting aan de orde.
                    Hierin worden het verzoek tot aanleg of wijziging, de kosten en de uitvoering
                    geregeld. Het onderhoud komt in afdeling IV aan de orde, de verwijdering en
                    sloop van de aansluiting in afdeling V. De laatste afdeling tenslotte, afdeling
                    VI, betreft de overgangs- en slotbepalingen. Deze overgangs-bepalingen zijn
                    noodzakelijk daar de gemeente nog geen aansluitverordening heeft. </al><tussenkop>1.3 . Artikelsgewijze toelichting </tussenkop><al>De aansluitverordening is opgebouwd uit 13 artikelen:</al><tussenkop>Artikel 1</tussenkop><al>In artikel 1 worden de begripsbepalingen gegeven. De begrippenlijst is nogal
                    uitgebreid om te voorkomen dat onnodige discussie kan ontstaan over de betekenis
                    van bepaalde begrippen. Voor de uitleg van de bepalingen in de
                    aansluitverordening en de voorschriften in een aansluitvergunning, gelden de
                    definities van artikel 1.</al><al>In de vorige paragraaf is al stilgestaan bij de begrippen
                    perceelaansluitleiding, particulier riool en aansluitpunt. Omdat het
                    aansluitpunt de scheidingslijn vormt tussen de beheersverantwoordelijkheid van
                    de gemeente en de beheersverantwoordelijkheid van de perceeleigenaar is het
                    belangrijk dat een duidelijke definitie wordt gegeven van het aansluitpunt die
                    ook goed past bij de situatie in de gemeente. In veel gemeenten liggen
                    verschillende typen rioolstelsels. In artikel 1 worden daarom drie definities
                    gegeven voor een aansluitpunt, namelijk één voor de aansluitingen op de
                    gescheiden en gemengde stelsel, één voor de aansluitingen in het buitengebied op
                    de drukriolering en één voor de aansluitingen in het buitengebied op een IBA-III
                    systeem.</al><al>Artikel 1 geeft ook een omschrijving van bronneringswater en drainagewater omdat
                    ook verzoeken aan de gemeente voor( tijdelijke) lozingen van dit water onder het
                    regime van de aansluitverordening vallen.</al><al>De rechthebbende is degene die een aansluitvergunning kan aanvragen. Als
                    rechthebbende wordt niet alleen aangemerkt de( perceel) eigenaar maar ook de
                    zakelijke gerechtigde van een aan te sluiten perceel. Ook de rechtsopvolgers van
                    deze eigenaren of zakelijk gerechtigden worden aangemerkt als rechthebbende,
                    zodat de vergunning geldig blijft in geval het perceel bijvoorbeeld wordt
                    verkocht.</al><tussenkop>Artikel 2</tussenkop><al>In artikel 2 wordt bepaald dat aansluiting van een particulier riool op het
                    openbaar riool of wijziging van een dergelijke aansluiting, verboden is zonder
                    vergunning. Deze vergunningsplicht voor het verkrijgen van een aansluiting op de
                    riolering is een belangrijk uitgangspunt van de aansluitverordening.</al><al>In de vergunning kunnen voorschriften worden opgenomen omtrent het particulier
                    riool zoals dat aanwezig moet zijn op het moment dat de aansluiting tot stand
                    gebracht wordt. Daarnaast is het raadzaam de voor de rechthebbende geldende
                    regels uit de verordening met betrekking tot het onderhoud, de renovatie,
                    vervanging en sloop, expliciet in de vergunning te vermelden. Zolang de
                    betreffende aansluiting bestaat, blijven deze voorschriften gelden. Bij
                    wijziging van de aansluiting moet een nieuwe vergunning worden aangevraagd.</al><al>In lid 2 wordt aangegeven dat burgemeester en wethouders alleen
                    aansluitvergunningen verlenen voor aansluitingen die overeenstemmen met het
                    rioolstelsel ter plaatse. Dit betekent dat er bijvoorbeeld geen vergunning kan
                    worden verkregen voor de gemengde afvoer van hemelwater en het overige
                    afvalwater als ter plaatse een gescheiden stelsel ligt. Met deze bepaling in lid
                    2 is een duidelijke basis gelegd voor handhavend optreden. Immers, iemand die
                    bijvoorbeeld een aansluiting heeft op de drukriolering of vuilwaterriool en daar
                    later een leiding voor de afvoer van hemelwater op aansluit, handelt in strijd
                    met de vergunningsplicht. Overigens biedt de verordening geen basis voor
                    handhavend optreden voor situaties die al bestaan op het moment dat de
                    verordening in werking treedt.</al><al>Lid 3 geeft nog een toevoeging aan lid 2 door te stellen dat voor elke
                    aansluiting afzonderlijk, bijvoorbeeld bij een gemengd stelsel voor de afvoer
                    van vuilwater en de afvoer van hemelwater een vergunning moet worden
                    aangevraagd. Bij het aansluiten van een perceel op een gemengd stelsel zullen
                    deze aansluitingen doorgaans tegelijk worden gerealiseerd zodat in dat geval
                    natuurlijk de voorwaarden voor dat perceel in één vergunning kunnen worden
                    opgenomen.</al><al>Als de vergunning is verleend kan de rechthebbende een verzoek doen aan
                    burgemeester en wethouders om de aansluiting tot stand te brengen ( zie artikel
                    7) . Om te voorkomen dat de gemeente aansluitvergunningen verleent voor percelen
                    waar uiteindelijk geen aansluiting tot stand wordt gebracht, kunnen burgemeester
                    en wethouders, indien een jaar na de vergunningverlening nog geen verzoek is
                    gedaan tot aansluiting, de vergunning intrekken. Omdat net als een
                    vergunningverlening, de intrekking is aan te merken als een beschikking in de
                    zin van de Algemene wet bestuursrecht, dient de rechthebbende in de gelegenheid
                    te worden gesteld toe te lichten waarom nog niet is verzocht tot aansluiting en
                    moet de intrekking worden voorzien van een deugdelijke motivering.</al><tussenkop>Artikel 3</tussenkop><al>Artikel 3 bepaalt dat de vergunning moet worden aangevraagd door de
                    rechthebbende. Om dit te vereenvoudigen, moet de aanvraag worden gedaan met een
                    daartoe bestemd formulier. Bij de aansluitverordening zijn een formulier voor
                    een aansluiting voor huishoudelijk afvalwater en een formulier voor
                    bedrijfsafvalwater bijgevoegd.</al><al>In het tweede lid is vastgelegd waaraan de aanvraag moet voldoen. Omdat het
                    mogelijk is dat de gevraagde gegevens die nodig zijn om een aansluiting goed tot
                    stand te brengen, reeds zijn vastgelegd in een bouwvergunning of een vergunning
                    op grond van de Wet milieubeheer, kan de aanvrager in dat geval volstaan met een
                    kopie van deze gegevens.</al><al>Op grond van lid 4 krijgt de aanvrager na daarover geïnformeerd te zijn nog vier
                    weken de tijd om de gegevens aan te vullen indien de overlegde gegevens
                    incompleet zijn. Als na het verstrijken van die periode de gegevens nog steeds
                    onvolledig zijn of opnieuw een onvolledige aanvraag wordt ingediend, kunnen
                    burgemeester en wethouders op basis van art . 4 : 5 lid 1 Awb besluiten de
                    aanvraag niet te behandelen.</al><tussenkop>Artikel 4</tussenkop><al>In artikel 4 is vastgelegd op welke gronden de vergunning geweigerd kan worden.
                    In lid 1 is aangegeven dat het moet gaan om technische, juridische of
                    milieuhygiënische weigeringgronden. In lid 2 worden voorbeelden gegeven van
                    mogelijke weigeringgronden. Sub a over de hoogteligging is bijvoorbeeld een
                    technische weigeringgrond, sub f over de lozing van niet verontreinigd
                    drainagewater is bijvoorbeeld een milieuhygiënische grond en sub h over de
                    verlening van andere vergunningen een juridische grond. De in lid 2 genoemde
                    weigeringgronden zijn niet uitputtend bedoeld en moeten worden gezien als
                    ondersteuning van de motivatie om een vergunning te weigeren. Bij een weigering
                    wordt altijd aangegeven aan welke eisen moet worden voldaan om alsnog voor de
                    aansluitvergunning in aanmerking te komen.</al><tussenkop>Artikel 5</tussenkop><al>Burgemeester en wethouders moeten op grond van artikel 5 lid 1 binnen 6 weken
                    beslissen op de aanvraag. Deze termijn moet normaliter voldoende zijn om een
                    aanvraag voor een aansluitvergunning af te werken. Mocht dat toch niet het geval
                    zijn, dan kan de in het eerste lid genoemde termijn op basis van lid 1b eenmalig
                    met zes weken worden verlengd.</al><al>In geval de rechthebbende voor het betreffende perceel ook nog een aanvraag voor
                    een bouwvergunning of een Wet milieubeheer vergunning heeft lopen, wordt de
                    aanvraag voor de aansluitvergunning aangehouden totdat deze vergunningen zijn
                    verleend. Een weigering deze vergunningen te verlenen, vormt een directe
                    weigeringgrond voor de aansluitvergunning. Deze weigeringgrond is opgenomen in
                    artikel 4.</al><tussenkop>Artikel 6</tussenkop><al>Om te voorkomen dat toepassing van de bepalingen van deze verordening omtrent
                    het verlenen van de aansluitvergunning in een concreet geval zou leiden tot een
                    beslissing in strijd met de redelijkheid en billijkheid, is in artikel 6 een
                    hardheidsclausule opgenomen.</al><tussenkop>Artikel 7</tussenkop><al>In artikel 7 is vastgelegd hoe de rechthebbende na het verkrijgen van de
                    vergunning een verzoek kan doen tot aansluiting op het openbaar riool. Na het
                    indienen van een verzoek dient de gemeente binnen vier weken met de aanvrager in
                    contact te treden omtrent de uitvoering van de werkzaamheden. </al><tussenkop>Artikel 8</tussenkop><al>In artikel 8 wordt bepaald dat de aanleg van de perceelaansluitleiding geschiedt
                    door of vanwege de gemeente. Omdat de gemeente er onder andere in verband met
                    het ontwijken van kabels en leidingen ook voor kan kiezen dat eerst de
                    perceelaansluitleiding moet worden aangelegd en daarna pas het particulier
                    riool, is in lid 2 de mogelijkheid opgenomen om van lid 1 af te wijken. Na
                    overleg met de rechthebbende, kan in de aansluitvergunning worden vastgelegd dat
                    de rechthebbende de aansluiting zelf uitvoert. Om te kunnen controleren of deze
                    aansluiting deugdelijk tot stand is gebracht moet de rechthebbende melden dat
                    hij de aansluiting heeft uitgevoerd, waarna het aansluitpunt nog drie werkdagen
                    in het zicht moet blijven. Het is raadzaam dit naast de andere voorwaarden
                    duidelijk in de vergunning vast te leggen, waarbij dan ook de verplichting wordt
                    opgelegd het gat in de grond rond het aansluitpunt goed af te zetten.</al><al>Lid 3 geeft aan dat een aansluiting niet plaats vindt als het particulier riool
                    niet voldoet aan de daaraan te stellen bouwtechnische eisen. Deze bepaling moet
                    worden gezien als een zogenaamde vangnet bepaling. In de meeste gevallen zal op
                    basis van de eisen die zijn gesteld in een bouwvergunning al een particulier
                    riool aanwezig zijn dat voldoet aan de eisen. Daarnaast is een particulier riool
                    dat niet goed is aangelegd ook een grond om de aansluitvergunning te weigeren.
                    Alleen in geval toch al een aansluitvergunning is verleend en nadien
                    bijvoorbeeld het particulier riool nog is verlegd of beschadigd, kan op basis
                    van artikel 8 lid 3 toch worden afgezien van aansluiting.</al><al>In lid 4 is de bepaling vastgelegd dat burgemeester en wethouders niet zijn
                    gehouden tot feitelijke uitvoering als de kosten voor de aanleg niet zijn
                    voldaan èn als de leges voor het behandelen van de vergunningaanvraag niet is
                    voldaan. De hoogte van de leges die de gemeente hiervoor in rekening brengt,
                    moet worden vastgelegd in de legesverordening. De administratieve kosten zijn
                    separaat vermeld.</al><tussenkop>Artikel 9</tussenkop><al>Artikel 9 geeft nadere regels over het beheer en onderhoud, de renovatie en
                    vervanging. Deze worden door en voor rekening van de gemeente uitgevoerd vanaf
                    het openbaar riool tot het aansluitpunt, tenzij het aannemelijk is dat de
                    betreffende onderhouds- of herstelwerkzaamheden moeten worden uitgevoerd ten
                    gevolge van een onjuist gebruik van de aansluitleiding. In dat geval komen de
                    kosten voor rekening van de rechthebbende.</al><al>De rechthebbende moet zorgen dat de door hem gebruikte aansluiting vrij blijft
                    van aanslag, slib, e. d., waardoor op den duur de leiding verstopt kan raken. De
                    rechthebbende is zelf verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van het
                    particulier riool, tenzij aannemelijk is dat de noodzaak tot onderhoud is
                    veroorzaakt door terugstroming van afvalwater uit het openbaar riool.</al><tussenkop>Artikel 10</tussenkop><al>In artikel 10 is een calamiteitenregeling opgenomen om te voorkomen dat voor elk
                    probleem de gemeente erbij wordt geroepen. Om te voorkomen dat de rechthebbende
                    of de gebruiker voor elke storing of verstopping meteen de gemeente belt, is in
                    lid 1 de regel opgenomen dat in geval van storing of verstopping de
                    rechthebbende eerst moet vaststellen waar de storing of verstopping zich in de
                    aansluitleiding bevindt. Als hij geconstateerd heeft, dat de storing of
                    verstopping in de perceelaansluitleiding zit, kan hij de gemeente laten komen om
                    de storing of verstopping op te heffen.</al><al>In lid 3 wordt nadrukkelijk gesteld dat de rechthebbende zelf verantwoordelijk
                    is voor het verhelpen van verstoppingen in het particulier riool. Dit betekent
                    dat de rechthebbende, indien hij het pand bijvoorbeeld verhuurt, bij
                    calamiteiten voor de gebruiker van het particuliere riool het aanspreekpunt is.
                    Verder geeft het artikel een regeling voor het geval toch de hulp wordt
                    ingeroepen van de gemeente, omdat wordt vermoed dat het een storing betreft
                    waarvoor de gemeente verantwoordelijk is.</al><tussenkop>Artikel 11</tussenkop><al>In artikel 11 zijn bepalingen opgenomen over de zorg die betracht moet worden
                    bij werkzaamheden die schade kunnen veroorzaken aan het openbaar riool. In lid 3
                    en lid 4 is vastgelegd dat bij definitieve beëindiging van het gebruik van een
                    aansluitleiding, de aansluitvergunning wordt ingetrokken en de leiding wordt
                    verwijderd.</al><tussenkop>Artikel 12</tussenkop><al>Omdat met het van kracht worden van de aansluitverordening juridisch een nieuwe
                    situatie ontstaat, zijn in artikel 12 een aantal overgangsbepalingen
                    opgenomen.</al><al>Aanvragen tot aansluiting of wijziging van een aansluiting die na de
                    inwerkingtreding van de verordening nog in behandeling moeten worden genomen,
                    worden behandeld volgens de regeling in de verordening. In lid 2 zijn op alle
                    reeds bestaande aansluitingen de bepalingen met betrekking tot het beheer en
                    onderhoud en de zorgplicht bij verwijdering en sloop van toepassing verklaard.
                    Uiteraard mag deze toepassing geen strijd opleveren met de algemene beginselen
                    van behoorlijk bestuur. Bij wijziging van een bestaande aansluiting bestaat
                    uiteraard de plicht om daarvoor een aansluitvergunning te verkrijgen.</al><al>Omdat het denkbaar is dat voor het tot stand brengen van rioolaansluitingen in
                    het verleden met perceeleigenaren overeenkomsten zijn gesloten waarin afspraken
                    zijn gemaakt die strijd opleveren met de aansluitverordening, is in lid 3
                    vastgelegd dat in dergelijke situaties de bepalingen van de overeenkomst
                    prevaleren. Het zou immers in strijd zijn met het rechtszekerheidsbeginsel als
                    deze afspraken zomaar opzij worden gezet.</al><tussenkop>Artikel 13</tussenkop><al>Artikel 13, over de inwerkingtreding en de citeertitel spreken voor zich.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>