<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR21382_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Wet kinderopvang</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Grootegast</dcterms:creator><dcterms:modified>2004-12-02</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Westerkwartier</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Het Westerkwartier, 01-12-2004</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Wet kinderopvang gemeente Grootegast</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet kinderopvang, art. 25.</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 149.</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2004-11-23</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2004-12-02</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2021-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage>exb-2017-18783</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening Wet kinderopvang</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Grootegast;</al><al/><al>Gelezen het voorstel van het college van 12 november 2004, inzake
                        verordening kinderopvang;</al><al/><al>Gelet op artikel 25 van de wet kinderopvang en artikel 149 van de
                        Gemeentewet;</al><al/><al>Overwegende dat het noodzakelijk is de verlening, de voorschotverlening en
                        de vaststelling van de tegemoetkoming van de gemeente in de kosten van
                        kinderopvang bij verordening te regelen;</al><al/><al>BESLUIT</al><al/><al>Vast te stellen de volgende verordening</al><al/><al><vet>verordening Wet kinderopvang</vet></al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder: </al><lijst><li nr="a."><al>het college: het college van burgemeester en wethouders van de
                                    gemeente Grootegast; </al></li><li nr="b."><al>de wet: de Wet kinderopvang. </al><al/></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Vaststelling noodzaak van kinderopvang op grond van sociaal-medische
                            indicatie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Te verstrekken gegevens</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een aanvraag tot vaststelling van de noodzaak van kinderopvang
                                    op grond van sociaal-medische indicatie als bedoeld in artikel
                                    23 van de wet bevat in ieder geval de volgende gegevens: </al><lijst><li nr="a."><al>naam en adres van de ouder; </al></li><li nr="b."><al>indien van toepassing: naam van de partner en, indien
                                            dit een ander adres is dan het adres van de ouder: het
                                            adres van de partner; </al></li><li nr="c."><al>naam en geboortedatum van het kind of de kinderen waarop
                                            de aanvraag betrekking heeft; </al></li><li nr="d."><al>de overige gegevens die het college nodig acht om te
                                            kunnen besluiten over de aanvraag van de tegemoetkoming.
                                        </al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het college kan bepalen dat de aanvraag geschiedt met behulp van
                                    een door het college vastgesteld en beschikbaar gesteld
                                    aanvraagformulier. </al></li><li nr="3."><al>Indien de ouder een partner heeft, wordt de aanvraag mede
                                    ondertekend door de partner </al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college besluit over de aanvraag binnen acht weken na
                                    ontvangst van alle benodigde gegevens. </al></li><li nr="2."><al>Het college kan dit besluit met ten hoogste vier weken
                                    opschorten. Het college stelt hiervan de ouder schriftelijk in
                                    kennis. </al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Inhoud van de beschikking</titel></kop><al>Het besluit tot vaststelling van de noodzaak van kinderopvang op grond
                            van een sociaal-medische indicatie bevat in ieder geval: </al><lijst><li nr="a."><al>de geldigheidsduur van de indicatie; </al></li><li nr="b."><al>de omvang van de kinderopvang die noodzakelijk wordt geacht. </al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Weigeringsgronden</titel></kop><al>Het college weigert de noodzaak van kinderopvang op grond van een
                            sociaal-medische indicatie vast te stellen indien: </al><lijst><li nr="a."><al>de ouder en de partner reeds een tegemoetkoming in de kosten van
                                    kinderopvang ontvangt of kan ontvangen; of </al></li><li nr="b."><al>de ouder of de partner niet behoort tot de personen als bedoeld
                                    in artikel 6, eerste lid, onderdeel k of l. </al><al/></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3</nr><titel>Aanvraag van de tegemoetkoming</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Te verstrekken gegevens bij de aanvraag</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een aanvraag voor een tegemoetkoming in de kosten omvat: </al><lijst><li nr="a."><al>naam, adres en sofi-nummer van de ouder; </al></li><li nr="b."><al>indien van toepassing: naam en sofi-nummer van de
                                            partner en, indien dit een adres is dan het adres van de
                                            ouder: het adres van de partner; </al></li><li nr="c."><al>naam, geboortedatum en sofi-nummer van het kind of
                                            kinderen waarop de aangevraagde tegemoetkoming
                                            betrekking op heeft; </al></li><li nr="d."><al>een offerte of contract van het kindercentrum of
                                            gastouderbureau dat de kinderopvang gaat verzorgen
                                            waarin in ieder geval wordt aangegeven: het aantal uren
                                            kinderopvang per kind, de kostprijs per uur en de
                                            aanvangsdatum van de opvang; </al></li><li nr="e."><al>gegevens of verwijzing naar gegevens waaruit blijkt dat
                                            de ouder behoort tot de groep personen als bedoeld in
                                            artikel 22 van de wet; </al></li><li nr="f."><al>overige gegevens die het college nodig acht om te kunnen
                                            besluiten over de aanvraag van de tegemoetkoming. </al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het college kan bepalen dat de aanvraag geschiedt met behulp van
                                    een door het college vastgesteld en beschikbaar gesteld
                                    aanvraagformulier.</al></li><li nr="3."><al>Indien de ouder een partner heeft, wordt de aanvraag mede
                                    ondertekend door de partner.</al><al/></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>4</nr><titel>Verlening van de tegemoetkoming</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>het besluit tot het verlenen van de tegemoetkoming</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college besluit over de aanvraag binnen acht weken na
                                    ontvangst van alle benodigde gegevens. </al></li><li nr="2."><al>Het college kan dit besluit met ten hoogste vier weken
                                    opschorten. Het college stelt de ouder hiervan schriftelijk in
                                    kennis. </al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Weigeringsgrond</titel></kop><al>Het college weigert de tegemoetkoming indien de ouder niet behoort tot
                            de personen als bedoeld in artikel 22 van de wet. </al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Ingangsdatum tegemoetkoming</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De tegemoetkoming wordt verleend met ingang van de datum waarop
                                    de aanvraag voor de tegemoetkoming door het college in ontvangst
                                    is genomen. </al></li><li nr="2."><al>Als op deze datum nog geen kinderopvang plaatsvindt, wordt de
                                    tegemoetkoming verleend met ingang van de datum waarop de
                                    kinderopvang daadwerkelijk zal plaatsvinden </al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>De periode waarvoor de tegemoetkoming wordt verleend</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De tegemoet wordt verleend voor een periode van een jaar. </al></li><li nr="2."><al>In afwijking van het eerste lid kan het college de
                                    tegemoetkoming voor een andere periode verlenen. </al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Omvang van de kinderopvang</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college verleent de tegemoetkoming voor het aantal uren
                                    kinderopvang dat door de ouder is aangevraagd. </al></li><li nr="2."><al>In afwijking van het eerste lid verleent het college bij een
                                    ouder als bedoeld in artikel 24, eerste lid, onderdeel a, of
                                    tweede lid, onderdeel a, van de wet tegemoetkoming voor het
                                    aantal uren kinderopvang dat naar zijn oordeel redelijkerwijs
                                    noodzakelijk is voor de combinatie arbeid en zorg. </al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Inhoud van de beschikking</titel></kop><al>Het besluit tot verlening van een tegemoetkoming in de kosten van
                            kinderopvang bevat in ieder geval: </al><lijst><li nr="a."><al>De vaststelling tot welke van de gemeentelijke doelgroepen de
                                    ouder behoort; </al></li><li nr="b."><al>De naam en de geboortedatum van het kind of kinderen waarop de
                                    tegemoetkoming betrekking heeft; </al></li><li nr="c."><al>De naam en het adres van het kindercentrum of gastouderbureau
                                    waar de kinderopvang plaatsvindt; </al></li><li nr="d."><al>De periode en de omvang van de kinderopvang per tijdvak waarvoor
                                    de tegemoetkoming wordt verleend. </al></li><li nr="e."><al>De wijze waarop het bedrag van de tegemoetkoming wordt bepaald
                                    en het bedrag dat op basis hiervan wordt verleend; </al></li><li nr="f."><al>De wijze waarop de tegemoetkoming wordt uitbetaald; </al></li><li nr="g."><al>De verplichting van de ouder </al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>De bevoorschotting van de tegemoetkoming</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De tegemoetkoming wordt in de vorm van een voorschot in
                                    maandelijkse termijnen uitbetaald. </al></li><li nr="2."><al>Het college kan nadere voorschriften stellen over de wijze van
                                    bevoorschotting. </al><al/></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>5</nr><titel>Vaststelling van de tegemoetkoming</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Het besluit tot vaststelling van de tegemoetkoming</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De ouder verstrekt binnen vier weken na afloop van de periode
                                    waarvoor de tegemoetkoming is verleend aan het college een
                                    overzicht van de feitelijke kosten van kinderopvang over deze
                                    periode. </al></li><li nr="2."><al>Het college stelt de tegemoetkoming binnen acht weken na
                                    ontvangst van het overzicht van de kosten vast. </al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Verrekening van de voorschotten</titel></kop><al>De tegemoetkoming wordt overeenkomstig de vaststelling binnen vier weken
                            betaald, onder verrekening van de betaalde voorschotten. </al><al/></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>6</nr><titel>Verplichting van de ouder</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Inlichtingenplicht</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De ouder of de partner doet het college onmiddellijk na het
                                    bekend worden daarvan uit eigen beweging schriftelijk mededeling
                                    van inlichtingen en gegevens die kunnen leiden tot de
                                    vaststelling van een lagere tegemoetkoming. </al></li><li nr="2."><al>De ouder of de partner verstrekt desgevraagd aan het college te
                                    stellen redelijke termijn, alle gegevens en inlichtingen van hem
                                    en zijn partner die voor de aanspraak op en de hoogte van de
                                    tegemoetkoming van de gemeente van belang zijn. </al><al/></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>7</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Onder toepassing van artikel 25 van de Tijdelijke referendumwet
                                    treedt deze verordening in werking een dag na haar bekendmaking.
                                </al></li><li nr="2."><al>In afwijking van het eerste lid treedt paragraaf 2 van deze
                                    verordening in werking op het moment dat artikel 23 van de Wet
                                    kinderopvang in werking treedt. </al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>De verordening wordt aangehaald als: “Verordening Wet kinderopvang
                            gemeente Grootegast”. </al></artikel></paragraaf></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in een openbare raadsvergadering van 23 november
                            2004,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>K.B Dijkstra, voorzitter</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>H.R. Kastermans, raadsgriffier</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Grootegast/i1300.pdf">Publicatie van de verordening in Het Westerkwartier, 01-12-2004</extref></al></bijlage></regeling></body></cvdr>