<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR212163_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening commissie bezwaarschriften</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Rucphen</dcterms:creator><dcterms:modified>2012-08-23</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Rucphen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening commissie bezwaarschriften</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-06-26</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2012-08-23</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2024-04-15</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Geen</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>geen</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening commissie bezwaarschriften</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad, het college en de burgemeester van de gemeente Rucphen;</al><al/><al>ieder voor zover het hun bevoegdheden betreft;</al><al/><al>gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 22
                        mei 2012;</al><al/><al>gehoord de Commissie bezwaarschriften en de raadscommissie Algemeen Bestuur
                        en Middelen;</al><al/><al>gelet op artikel 7:13 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en artikel 84
                        van de Gemeentewet;</al><al/><al>besluiten vast te stellen de volgende verordening:</al><al/><al><vet>Verordening commissie bezwaarschriften</vet></al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><titel>Artikel 1 Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><al>a. het verwerend orgaan: bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft
                        genomen;</al><lijst><li nr=""><al>b. de commissie: vaste commissies van advies voor de
                                bezwaarschriften, als bedoeld in artikel 7:13 van de Algemene wet
                                bestuursrecht, met als taak de in lid 1, óf de in lid 2, van artikel
                                2 benoemde werkzaamheden te verrichten;</al></li><li nr=""><al>c. het college: het college van burgemeester en wethouders.</al></li></lijst><al/><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2 Inleidende bepaling commissie:</titel></kop><al>1. Er is een commissie ter voorbereiding van de beslissing op bezwaren tegen
                        besluiten van de raad en het college, die betrekking hebben op
                        rechtspositionele personeels- en organisatieaangelegenheden; </al><al>2. Er is een commissie:</al><lijst><li nr=""><al>· ter voorbereiding van de beslissing op bezwaren tegen besluiten
                                van de raad, het </al></li></lijst><al>college en de burgemeester, met uitzondering van:</al><lijst><li nr=""><al>o besluiten op grond van een wettelijk voorschrift inzake
                                belastingen of de Wet waardering onroerende zaken;</al></li><li nr=""><al>o besluiten op grond van wettelijke voorschriften op het terrein van
                                Sociale Zaken;</al></li><li nr=""><al>o besluiten als bedoeld in lid 1 van dit artikel.</al></li><li nr=""><al>· ter toetsing van ontwerpen van algemeen verbindende voorschriften,
                                voor zover niet onverkort een model van de VNG wordt gevolgd.
                                </al></li></lijst><al/><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 3 Samenstelling van de commissie</titel></kop><al>l. De commissie bestaat uit een voorzitter en ten minste twee leden.</al><al>2. De voorzitter en de leden worden door het college benoemd, geschorst en
                        ontslagen.</al><al>3. Het college benoemt een genoegzaam aantal plaatsvervangende leden.</al><al>4. De commissie regelt de vervanging van de voorzitter.</al><al/><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4 Secretaris</titel></kop><al>1. De secretaris van de commissie is een door het college aangewezen
                        ambtenaar.</al><al>2. Het college wijst tevens een of meer plaatsvervangers van de secretaris
                        aan.</al><al/><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5 Zittingsduur</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>1. De voorzitter en de leden van commissie worden benoemd voor een
                                termijn van vier jaar. Het is mogelijk één keer herbenoemd te
                                worden.</al></li><li nr="2."><al>2. De voorzitter en de leden van de commissie kunnen op elk moment
                                ontslag nemen.</al></li><li nr="3."><al>3. De aftredende voorzitter en de aftredende leden van de commissie
                                blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is
                                voorzien.</al></li><li nr="4."><al>4. De voorzitter of een lid van de commissie, die een met het
                                lidmaatschap van de commissie onverenigbare betrekking vervult of
                                een aan dat lid verboden handeling verricht, houdt op voorzitter of
                                lid van de commissie te zijn.</al></li></lijst><al/><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6 Ingediend bezwaarschrift</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>1. Op het ingediende bezwaarschrift wordt de datum van ontvangst
                                aangetekend.</al></li><li nr="2."><al>2. Het bezwaarschrift met de daarbij overgelegde stukken én het op
                                het onderwerp betrekking hebbend procesdossier dat alle op de zaak
                                betrekking hebbende stukken bevat worden zo spoedig mogelijk in
                                handen van de commissie gesteld.</al></li></lijst><al/><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7 Uitoefening bevoegdheden</titel></kop><al>De bevoegdheden ingevolge de hierna genoemde artikelen van de Awb worden
                        voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de voorzitter van
                        de commissie:</al><al>a. artikel 2:1, tweede lid;</al><al>b. artikel 6:6, wat betreft het de indiener stellen van een termijn;</al><al>c. artikel 6:17, voor zover het de verzending van stukken betreft tijdens de
                        behandeling door de commissie;</al><al>d. artikel 7:4, tweede lid;</al><al>e. artikel 7:6, vierde lid.</al><al/><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 8 Vooronderzoek</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>1. De voorzitter van de commissie is bevoegd rechtstreeks alle
                                gewenste inlichtingen in te winnen of te laten inwinnen.</al></li><li nr="2."><al>2. De voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de
                                commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en hen zo
                                nodig uitnodigen daartoe op de hoorzitting te verschijnen. Indien
                                daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van het college
                                vereist. </al></li></lijst><al/><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 9 Hoorzitting</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>1. De voorzitter van de commissie bepaalt plaats en tijdstip van de
                                zitting waarin de belanghebbenden en het verwerend orgaan in de
                                gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te laten horen.
                            </al></li></lijst><al>2. De voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de Awb.</al><al>3. Indien de voorzitter op grond van het tweede lid besluit af te zien van
                        het horen, doet hij daarvan mededeling aan de belanghebbenden en het
                        verwerend orgaan.</al><al/><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 10 Uitnodiging zitting</titel></kop><al>1. De voorzitter nodigt de belanghebbenden en het verwerend orgaan ten
                        minste twee weken voor de zitting schriftelijk uit.</al><al>2. Binnen drie dagen na de verzending van de uitnodiging kunnen de
                        belanghebbenden of het verwerend orgaan onder opgaaf van redenen de
                        voorzitter verzoeken het tijdstip van de zitting te wijzigen.</al><al>3. De beslissing van de voorzitter op dit verzoek wordt uiterlijk één week
                        voor het tijdstip van de zitting aan de belanghebbenden en het verwerend
                        orgaan meegedeeld.</al><al>4. De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of
                        afwijking toe te staan van de termijnen die genoemd zijn in het eerste tot
                        en met het derde lid.</al><al/><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 11 Quorum</titel></kop><al>Voor het houden van een zitting is vereist dat minimaal twee leden,
                        waaronder in elk geval de voorzitter of zijn plaatsvervanger, aanwezig
                        zijn.</al><al/><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 12 Niet-deelneming aan de behandeling </titel></kop><al>De voorzitter en de leden van de commissie nemen niet deel aan de
                        behandeling van een bezwaarschrift indien daarbij hun onpartijdigheid in het
                        geding kan zijn.</al><al/><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 13 Openbaarheid zitting</titel></kop><al>1. De zitting van de commissie is openbaar.</al><al>2. De deuren kunnen worden gesloten indien de voorzitter van de commissie of
                        een van de aanwezige leden het nodig oordeelt of indien een belanghebbende
                        daartoe een verzoek doet.</al><lijst><li nr=""><al>2. Indien de commissie vervolgens beslist dat gewichtige redenen
                                aanwezig zijn die zich tegen openbaarheid van de zitting verzetten,
                                vindt de zitting plaats met gesloten deuren.</al></li></lijst><al/><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 14 Schriftelijke verslaglegging</titel></kop><al>1. Het verslag als bedoeld in artikel 7:7 van de Awb vermeldt de namen van
                        de aanwezigen en hun hoedanigheid.</al><al>2. Het verslag houdt een zakelijke vermelding in van wat over en weer is
                        gezegd en wat verder ter zitting is voorgevallen.</al><al>3. Indien de zitting geheel of gedeeltelijk met gesloten deuren plaatsvond,
                        of indien belanghebbenden, respectievelijk hun gemachtigden niet in elkaars
                        tegenwoordigheid zijn gehoord, maakt het verslag hiervan melding.</al><al>4. Het verslag verwijst naar de op de zitting overgelegde bescheiden, die
                        aan het verslag kunnen worden gehecht.</al><al>5. Het verslag wordt ondertekend door de voorzitter en de secretaris van de
                        commissie.</al><al/><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 15 Nader onderzoek</titel></kop><al>1. Indien na afloop van de zitting maar voordat het advies wordt opgesteld,
                        nader onderzoek wenselijk blijkt te zijn, kan de voorzitter uit eigen
                        beweging of op verlangen van de andere commissieleden dit onderzoek
                        houden.</al><al>2. De uit het nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift aan de
                        leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden
                        toegezonden.</al><al>3. De leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden
                        kunnen binnen een week na verzending van de nadere informatie aan de
                        voorzitter van de commissie een verzoek richten tot het beleggen van een
                        nieuwe hoorzitting. De voorzitter beslist op zo'n verzoek.</al><al>4. Op een nieuwe hoorzitting zijn de bepalingen in deze verordening die
                        betrekking hebben op de hoorzitting, zo veel mogelijk van overeenkomstige
                        toepassing.</al><al/><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 16 Beraadslaging en advies</titel></kop><al>1. De commissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over het door
                        haar uit te brengen advies.</al><al>2. a. De commissie beslist bij meerderheid van stemmen over het uit te
                        brengen advies.</al><al> b. Indien bij een stemming de stemmen staken, beslist de stem van de
                        voorzitter.</al><al> c. Van een minderheidsstandpunt wordt bij het advies melding gemaakt indien
                        die minderheid dat verlangt.</al><al>3. Het advies is gemotiveerd en omvat een voorstel voor de te nemen
                        beslissing op het bezwaarschrift. Het advies wordt door de voorzitter van de
                        commissie en de secretaris van de commissie ondertekend.</al><al/><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 17 Uitbrengen advies en verdaging</titel></kop><al>1. Het advies wordt, onder medezending van het verslag als bedoeld in
                        artikel 14 en eventueel door de commissie ontvangen nadere informatie en
                        nader verslag, tijdig uitgebracht aan het bestuursorgaan dat op het
                        bezwaarschrift dient te beslissen.</al><al>2. Indien naar het oordeel van de voorzitter van de commissie de termijn van
                        12 weken, genoemd in artikel 7:10, eerste lid, van de Awb, ontoereikend is
                        voor achtereenvolgens het uitbrengenvan een advies en het nemen
                        van een beslissing, verzoekt hij het verwerend orgaan tijdig de beslissing
                        te verdagen.</al><al>3. Van een besluit tot verdaging ontvangen de commissie en de
                        belanghebbenden een afschrift.</al><al/><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 17a Vergoeding commissieleden</titel></kop><al>De voorzitter en de leden van de commissie ontvangen voor het bijwonen van
                        de</al><al>vergadering van de commissie een vergoeding zoals die wordt vastgesteld
                        door</al><al>het college.</al><al/><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 18 Jaarverslag</titel></kop><al>De commissie brengt jaarlijks vóór 1 juli aan de bestuursorganen van de
                        gemeente verslag uit van haar werkzaamheden in het voorafgaande
                        kalenderjaar.</al><al/><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 19 Intrekking oude regeling</titel></kop><al>De Verordening commissie bezwaarschriften, vastgesteld bij besluit van de
                        gemeenteraad, het college en de burgemeester van 27 maart 2003, wordt
                        ingetrokken op de datum van inwerkingtreding van deze verordening.</al><al/><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 20 Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na haar bekendmaking. </al><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 21 Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening commissie
                        bezwaarschriften.</al><al/><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door</ondertekening><ondertekening>de raad van de Gemeente Rucphen</ondertekening><ondertekening>in zijn openbare vergadering van 26 juni 2012</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier,</ondertekening><ondertekening>drs. R.A.F. van Pareren.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>mr. M. van der Meer Mohr.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>