<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR20813_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Exploitatieverordening gemeente Uden 1997</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Uden</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-10-13</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Uden</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Infopagina 18-03-1998</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Exploitatieverordening gemeente Uden 1997</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet op de Ruimtelijke Ordening, artikel 42 en Gemeentewet , artikel 222 en de Algemene wet bestuursrecht</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</dcterms:subject><dcterms:issued>1997-12-18</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>1998-04-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2008-07-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>1997/112</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>De exploitatieverordening gemeente Uden 1994 vervalt</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Exploitatieverordening gemeente Uden 1997</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De Raad van de gemeente Uden;</al><al>gelezen het voorstel van het College van burgemeester en wethouders van
                        25 november 1997;</al><al>gelet op artikel 42 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening, artikel 222
                        Gemeentewet en de Algemene wet bestuursrecht,</al><al>b e s l u i t</al><al>vast te stellen de gelet op artikel 42 van de Wet op de Ruimtelijke
                        Ordening, artikel 222 Gemeentewet en de Algemene wet bestuursrecht,</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1.</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Algemene begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>medewerking aan het in exploitatie brengen van gronden: het door
                                    of met medewerking van de gemeente treffen van voorzieningen van
                                    openbaar nut, waardoor de in het exploitatiegebied gelegen
                                    onroerende zaken gebaat worden;</al></li><li nr="b."><al>exploitatiegebied: een als zodanig door de gemeenteraad
                                    aangewezen gebied, dat gebaat is door de aanleg van
                                    voorzieningen van openbaar nut;</al></li><li nr="c."><al>exploitant: de genothebbende krachtens eigendom, bezit of
                                    beperkt recht of anderszins rechthebbende van een in het
                                    exploitatiegebied gelegen onroerende zaak welke door het treffen
                                    van voorzieningen van openbaar nut gebaat is;</al></li><li nr="d."><al>exploitatieovereenkomst: de overeenkomst, onder welke naam dan
                                    ook gesloten, waarin de gemeente met een exploitant de
                                    voorwaarden overeenkomt waaronder de gemeente voorzieningen van
                                    openbaar nut zal treffen of daaraan medewerking zal
                                    verlenen;</al></li><li nr="e."><al>aangevuld bekostigingsbesluit: een besluit van de gemeenteraad
                                    waarin niet alleen overeenkomstig artikel 222 Gemeentewet, wordt
                                    besloten in welke mate de aan de voorzieningen verbonden lasten
                                    zullen kunnen worden verhaald op een daarbij aangeduid gebied,
                                    maar waarin ook een omschrijving van de voorzieningen van
                                    openbaar nut en een begroting van kosten en opbrengsten is
                                    opgenomen;</al></li><li nr="f."><al>voorzieningen van openbaar nut, waardoor de in het
                                    exploitatiegebied gelegen onroerende zaken gebaat worden; onder
                                    meer:</al><lijst><li nr="1."><al>riolering, met inbegrip van bijbehorende werken;</al></li><li nr="2."><al>wegen, parkeergelegenheden, pleinen, trottoirs, voet- en
                                            rijwielpaden, straatmeubilair, waterpartijen,
                                            watergangen, bruggen, tunnels en andere rechtstreeks met
                                            de aanleg en inrichting van deze voorzieningen en
                                            kunstwerken verband houdende werken;</al></li><li nr="3."><al>plantsoenen en andere groenvoorzieningen, waaronder
                                            begrepen de aanleg en inrichting van openbare
                                            speelplaatsen en speelweiden alsmede de sierende
                                            elementen welke rechtstreeks voortvloeien uit een juiste
                                            uitvoering van een verzorgd bestemmingsplan;</al></li><li nr="4."><al>openbare verlichtingen brandkranen met de nodige
                                            aansluitingen;</al></li><li nr="5."><al>waterhuishoudkundige voorzieningen, met inbegrip van
                                            drainagevoorzieningen;</al></li></lijst></li><li nr="g."><al>afstand van gronden aan de gemeente: eigendomsoverdracht van
                                    gronden aan de gemeente.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Kosten van exploitatie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voor de berekening ten behoeve van de begroting van kosten en
                                    ten behoeve van de vaststelling van exploitatiebijdragen, wordt
                                    onder de kosten, verband houdende met het verlenen van
                                    medewerking aan het in exploitatie brengen van grond
                                    begrepen:</al><lijst><li nr="1."><al>De inbrengwaarde van alle binnen het exploitatiegebied
                                            gelegen gronden, zijnde:</al><lijst><li nr="a."><al>de waarde van de grond;</al></li><li nr="b."><al>de waarde van de opstallen die voor de
                                                  verwezenlijking van de bestemming niet gehandhaafd
                                                  kunnen worden;</al></li><li nr="c."><al>de kosten van het vrijmaken van de gronden van
                                                  opstallen;</al></li><li nr="d."><al>de kosten van vrijmaken van de grond van zich in
                                                  de grond bevindende resten, zoals funderingen,
                                                  leidingen en kabels, en van persoonlijke rechten
                                                  en lasten, eigendom, bezit of beperkt recht,
                                                  zakelijke lasten, alsmede de kosten van
                                                  schadevergoedingen.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De kosten van aanleg binnen een exploitatiegebied door
                                            de gemeente van de onder artikel 1, onder f omschreven
                                            voorzieningen van openbaar nut.</al></li><li nr="3."><al>De kosten van aanleg van voorzieningen van openbaar nut
                                            buiten het exploitatiegebied voorzover de binnen het
                                            exploitatiegebied liggende onroerende zaken door deze
                                            voorzieningen direct danwel indirect gebaat zijn.</al></li><li nr="4."><al>De kosten van:</al><lijst><li nr="a."><al>het dempen van sloten en het verrichten van
                                                  grondwerken ten behoeve van voorzieningen van
                                                  openbaar nut met inbegrip van het egaliseren,
                                                  ophogen en afgraven;</al></li><li nr="b."><al>het verrichten van bodemonderzoek en -sanering,
                                                  voorzover het de ondergrond van voorzieningen van
                                                  openbaar nut betreft en voorzover verhaal bij
                                                  derden van de daarmee verband houdende kosten niet
                                                  in de rede ligt;</al></li><li nr="c."><al>in verband met de milieuwetgeving of
                                                  milieutechnisch noodzakelijke maatregelen en
                                                  voorzieningen ter uitvoering van een
                                                  bestemmingsplan;</al></li><li nr="d."><al>de verwerving van de ondergrond van
                                                  voorzieningen van openbaar nut buiten het
                                                  exploitatiegebied;</al></li><li nr="e."><al>het slopen van opstallen op de ondergrond van
                                                  voorzieningen van openbaar nut buiten het
                                                  exploitatiegebied;</al></li><li nr="f."><al>alle overige werkzaamheden die noodzakelijk zijn
                                                  voor het verlenen van medewerking aan het in
                                                  exploitatie brengen van gronden, in ieder
                                                  geval:</al><lijst><li nr="1."><al>de kosten van planontwikkeling,
                                                  planvoorbereiding en planbeheer en plantoezicht.
                                                  Onder deze kosten wordt ten minste verstaan: de
                                                  kosten verband houdende met het opstellen van
                                                  structuurplannen en bestemmingsplannen, het
                                                  opstellen van planmatige uitwerkingen of
                                                  wijzigingen, het vervaardigen van besluiten tot
                                                  het verlenen van vrijstelling van een
                                                  bestemmingsplan alsmede van overige planologische
                                                  maatregelen voorzover deze nodig zijn voor het in
                                                  exploitatie brengen van gronden binnen het
                                                  exploitatiegebied;</al></li><li nr="2."><al>de kosten verband houdende met onderzoeken,
                                                  voorbereiding en toezicht ten behoeve van de
                                                  voorzieningen van openbaar nut voorzover deze
                                                  verband houden met het in exploitatie brengen van
                                                  gronden binnen het exploitatiegebied;</al></li><li nr="3."><al>de kosten van het gemeentelijk apparaat,
                                                  voorzover die rechtstreeks aan het in exploitatie
                                                  brengen van gronden kunnen worden
                                                  toegerekend;</al></li><li nr="4."><al>de rente van geïnvesteerde kapitalen en
                                                  overige lasten, verminderd met
                                                  renteopbrengsten;</al></li><li nr="5."><al>de kosten van tijdelijk beheer van de
                                                  ondergrond van voorzieningen van openbaar nut,
                                                  zijnde de kosten die ten gevolge van een
                                                  noodzakelijk actief verwervingsbeleid worden
                                                  gemaakt en niet dan wel niet geheel door middel
                                                  van tijdelijke verhuur worden gedekt;</al></li><li nr="6."><al>overige kosten die in beginsel ten laste van
                                                  de grondexploitatie behoren te worden
                                                  gebracht.</al></li></lijst></li></lijst></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het bepaalde in het eerste lid, onder 1 is niet van toepassing
                                    ten aanzien van de binnen een exploitatiegebied gelegen gebate
                                    gronden die als gevolg van de voorzieningen van openbaar nut
                                    niet geschikt worden voor bebouwing.</al></li><li nr="3."><al>Naast het bepaalde in het tweede lid wordt de raming van de in
                                    het eerste lid, onder 1 bedoelde inbrengwaarde van de gronden
                                    beperkt tot de gronden welke zijn bestemd voor het treffen van
                                    voorzieningen van openbaar nut, ingeval sprake is van een
                                    exploitatiegebied waarvoor geldt dat de voorzieningen van
                                    openbaar nut niet in hoofdzaak gericht zijn op het geschikt
                                    maken voor bebouwing van onroerende zaken.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2.</nr><titel>In exploitatie brengen op initiatief van de gemeente</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Vaststelling aangevuld bekostigingsbesluit</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voordat op initiatief van de gemeente met het treffen van
                                    voorzieningen van openbaar nut in een exploitatiegebied wordt
                                    aangevangen, wordt door de gemeenteraad een aangevuld
                                    bekostigingsbesluit voor dat exploitatiegebied vastgesteld en
                                    bekend gemaakt op de wijze zoals bedoeld in artikel 139
                                    Gemeentewet.</al></li><li nr="2."><al>Het aangevulde bekostigingsbesluit bevat in ieder geval de
                                    volgende onderdelen:</al><lijst><li nr="a."><al>aanduiding van het exploitatiegebied en aanwijzing van
                                            de daarin gelegen onroerende zaken die gebaat zijn door
                                            de aanleg van voorzieningen van openbaar nut;</al></li><li nr="b."><al>aanduiding van de mate waarin de kosten, verband
                                            houdende met het verlenen van medewerking aan het in
                                            exploitatie brengen van gronden, op de genothebbende van
                                            de in het vorige lid bedoelde onroerende zaken kunnen
                                            worden verhaald; </al></li><li nr="c."><al>omschrijving van de van gemeentewege uit te voeren
                                            voorzieningen van openbaar nut en daarmee verband
                                            houdende werkzaamheden;</al></li><li nr="d."><al>de bepaling dat, in geval met een exploitant niet tot
                                            overeenstemming kan worden gekomen over een
                                            exploitatieovereenkomst, kostenverhaal zal kunnen
                                            plaatsvinden door middel van heffing van
                                            baatbelasting;</al></li><li nr="e."><al>een begroting van de ten laste van de onroerende zaken
                                            in het exploitatiegebied komende kosten, verband
                                            houdende met het verlenen van medewerking aan het in
                                            exploitatie brengen van grond, en van de ten gunste van
                                            het in exploitatie nemen van gronden komende
                                            opbrengsten. De opbrengsten bestaan uit:</al><lijst><li nr="1."><al>subsidies;</al></li><li nr="2."><al>verkoop van gronden;</al></li><li nr="3."><al>bijdragen in de kosten van aanleg van
                                                  voorzieningen van openbaar nut, hetzij via
                                                  overeenkomst hetzij via baatbelasting of enige
                                                  daarvoor in de plaats komende belasting;</al></li><li nr="4."><al>overige bijdragen.</al></li></lijst></li><li nr="f."><al>Van deze begroting maakt eveneens deel uit de wijze van
                                            toerekening van de totale kosten en opbrengsten aan de
                                            onroerende zaken in het exploitatiegebied, zoveel
                                            mogelijk naar de mate van het profijt dat de onroerende
                                            zaken hebben van het samenhangend geheel van
                                            voorzieningen van openbaar nut.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>In het aangevuld bekostigingsbesluit kan worden bepaald dat de
                                    begroting als bedoeld in het tweede lid onder e later door de
                                    gemeenteraad wordt vastgesteld. De begroting kan door de
                                    gemeenteraad periodiek worden herzien. De begroting wordt
                                    bekendgemaakt op de wijze als bedoeld in artikel 139
                                    Gemeentewet.</al></li><li nr="4."><al>Voor de berekening van de in het tweede lid onder e bedoelde
                                    kosten wordt ervan uitgegaan dat het exploitatiegebied in zijn
                                    geheel door de gemeente in exploitatie zal worden gebracht.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Wijze van toerekening naar mate van profijt</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voor de toerekening van het profijt wordt als rekeneenheid
                                    gebruikt het gemiddelde bedrag van de ten nutte van het
                                    exploitatiegebied gemaakte of te maken kosten per m²
                                    grondoppervlakte.</al></li><li nr="2."><al>Onder de grondoppervlakte wordt verstaan de kadastrale
                                    oppervlakte van de onroerende zaken, waar mogelijk ingedeeld
                                    naar de in een bestemmingsplan opgenomen geprojecteerde kavels
                                    (bouw)grond, vermenigvuldigd met factoren voor ligging en
                                    bestemming en objectieve gebruiksmogelijkheid, waarin het
                                    profijt van de van gemeentewege getroffen voorzieningen van
                                    openbaar nut tot uitdrukking komt.</al></li><li nr="3."><al>Ingeval de toerekening op basis van m² grondoppervlakte geen
                                    geschikte grondslag blijkt te zijn, geschiedt de toerekening op
                                    basis van een nader door de gemeenteraad te bepalen grondslag
                                    welke voorziet in de aanwezige verschillen in profijt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Vaststelling exploitatiebijdrage</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De exploitant betaalt als bijdrage in de kosten, verband houdende
                                met het verlenen van medewerking aan het in exploitatie brengen van
                                gronden, het bedrag dat volgens de in de begroting als bedoeld in
                                artikel 3, tweede lid onder e uitgewerkte wijze aan zijn onroerende
                                zaak wordt toegerekend, vermeerderd met de kosten op de afstand van
                                de gronden bestemd voor de aanleg en/of aanpassing van voorzieningen
                                van openbaar nut vallende en de kosten van kadastrale uitmeting, en
                                verminderd met de inbrengwaarde van de bij de exploitant in eigendom
                                zijnde en voor exploitatie bedoelde gronden en van de gronden welke
                                zijn bestemd voor het treffen van voorzieningen van openbaar nut en
                                door exploitant aan de gemeente worden afgestaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De waarde van de in het eerste lid bedoelde grond die door de
                                exploitant is ingebracht, wordt door de gemeente en de exploitant
                                gezamenlijk door middel van taxatie vastgesteld. Indien hierover
                                geen overeenstemming kan worden bereikt, wordt deze waarde
                                vastgesteld door een commissie van drie deskundigen, van wie één aan
                                te wijzen door de gemeente, één door de exploitant en een derde door
                                de beide reeds aangewezen deskundigen of, indien zij het daarover
                                niet eens kunnen worden, door de terzake bevoegde
                                kantonrechter.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de exploitant zelf conform artikel 6, derde lid, onder e
                                voorzieningen van openbaar nut aanlegt, bestaat de
                                exploitatiebijdrage uit de bijdrage, zoals deze op grond van het
                                eerste lid van dit artikel wordt bepaald, verminderd met de kosten
                                van de door exploitant uit te voeren werkzaamheden, voorzover deze
                                kosten corresponderen met de begroting van kosten zoals bedoeld in
                                artikel 3, tweede lid, onder e.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Inhoud exploitatieovereenkomst</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het verhaal van kosten verband houdende met het verlenen van
                                medewerking aan het in exploitatie brengen van gronden vindt plaats
                                met inachtneming van de voorgaande artikelen. Van de
                                exploitatieovereenkomst wordt een akte opgemaakt. Indien de
                                exploitatieovereenkomst mede een grondtransactie betreft, is dit een
                                notariële akte.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het College van burgemeester en wethouders beslist tot het aangaan
                                van een exploitatieovereenkomst op initiatief van de gemeente
                                slechts nadat een aangevuld bekostigingsbesluit is vastgesteld.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De exploitatieovereenkomst bevat in ieder geval bepalingen
                                over:</al><lijst><li nr="a."><al>de aard, omvang en kwaliteit van de door de gemeente of
                                        exploitant aan te leggen voorzieningen van openbaar nut
                                        ;</al></li><li nr="b."><al>het tijdvak waarbinnen deze voorzieningen worden
                                        uitgevoerd;</al></li><li nr="c."><al>de ten laste van de exploitant komende bijdrage als bedoeld
                                        in artikel 5, eerste lid;</al></li><li nr="d."><al>in voorkomende gevallen de afstand van gronden aan de
                                        gemeente, voorzover die gronden zijn bestemd voor de aanleg
                                        of aanpassing van voorzieningen van openbaar nut, en in deze
                                        gevallen het verrichten van onderzoek naar
                                        bodemverontreiniging op kosten van exploitant;</al></li><li nr="e."><al>in gevallen waarbij het College van burgemeester en
                                        wethouders besluit de gehele of gedeeltelijke uitvoering van
                                        de door de gemeente aan te leggen voorzieningen van openbaar
                                        nut aan de exploitant op te dragen: deze opdracht en de
                                        waarborging van een tijdige en kwalitatief goede
                                        uitvoering;</al></li><li nr="f."><al>een betalingsregeling;</al></li><li nr="g."><al>in voorkomende gevallen een taakverdeling;</al></li><li nr="h."><al>in voorkomende gevallen een regeling voor gewijzigde
                                        omstandigheden, wanprestatie, aansprakelijkheid en
                                        faillissement.</al></li></lijst></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3.</nr><titel>In exploitatie brengen op verzoek van exploitant</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Indiening aanvraag voor medewerking</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een belanghebbende kan bij het College van burgemeester en
                                wethouders een aanvraag indienen voor medewerking aan het in
                                exploitatie brengen van gronden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het College van burgemeester en wethouders verleent slechts
                                medewerking aan het op aanvraag van exploitant in exploitatie
                                brengen van gronden krachtens een exploitatieovereenkomst als
                                bedoeld in artikel 6 na vaststelling van een begroting zoals bedoeld
                                in artikel 3, tweede lid, onder e. Het bepaalde in artikel 6, tweede
                                lid, is in dat geval niet van toepassing. Indien een aanvraag is
                                ingekomen met betrekking tot een onroerende zaak, voor welke werken
                                in het daarbij behorende exploitatiegebied reeds een aangevuld
                                bekostigingsbesluit, zoals bedoeld in artikel 3, is vastgesteld,
                                maakt het College van burgemeester en wethouders dit aan de
                                exploitant bekend. Naast de hiervoor genoemde bekendmaking wordt aan
                                exploitant tevens een ontwerpovereenkomst, zoals bedoeld in artikel
                                6, aangeboden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de aanvraag dient in ieder geval te worden gevoegd:</al><lijst><li nr="a."><al>een nauwkeurige omschrijving van de in exploitatie te
                                        brengen onroerende zaken;</al></li><li nr="b."><al>gegevens, waaruit blijkt dat de belanghebbende genothebbende
                                        krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of anderszins
                                        rechthebbende van de in exploitatie te brengen onroerende
                                        zaken is of kan worden;</al></li><li nr="c."><al>gegevens omtrent de door belanghebbende te treffen
                                        (bouw)werkzaamheden.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In geval door het College van burgemeester en wethouders een
                                aanvraag voor een bouwvergunning, eventueel in combinatie met een
                                aanvraag voor vrijstelling, wordt ontvangen, waarbij in geval van
                                verlening van de vrijstelling en/of bouwvergunning van gemeentewege
                                voorzieningen van openbaar nut moeten worden getroffen, wordt
                                hiervan zo spoedig mogelijk, doch in ieder geval voor de beslissing
                                op de aanvraag mededeling gedaan aan de aanvrager. Daarbij zal een
                                zo nauwkeurig mogelijke raming van de voor rekening van de
                                exploitant komende kosten, verband houdende met het in exploitatie
                                brengen van gronden, worden verstrekt. Tevens zal daarbij aan de
                                aanvrager de gelegenheid worden gegeven tot het indienen van een
                                aanvraag voor medewerking.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het College van burgemeester en wethouders reageert op de aanvraag
                                om medewerking, hetzij met een weigering hetzij met de aanbieding
                                van een conceptovereenkomst, binnen zes maanden na de dag waarop het
                                verzoek is ontvangen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Aanhouding verzoek</titel></kop><al>De reactie op een aanvraag kan worden aangehouden:</al><lijst><li nr="a."><al>ingeval de procedure tot goedkeuring van een van toepassing
                                    zijnd bestemmingsplan of een herziening daarvan nog niet is
                                    afgerond, tot vier weken na het onherroepelijk worden van (het
                                    betreffende deel van) het bestemmingsplan of de herziening
                                    daarvan;</al></li><li nr="b."><al>ingeval voorzienbaar is dat de in artikel 9 genoemde
                                    belemmeringen binnen afzienbare tijd zullen kunnen worden
                                    weggenomen, tot vier weken nadat deze belemmeringen zijn
                                    weggenomen.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4.</nr><titel>Overige bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Weigeringsgronden voor een exploitatieovereenkomst</titel></kop><al>De medewerking aan het in exploitatie brengen van gronden behoeft in
                            ieder geval niet te worden verleend, indien:</al><lijst><li nr="a."><al>de in exploitatie te brengen grond niet is gelegen in een gebied
                                    waarvoor een bestemmingsplan geldt;</al></li><li nr="b."><al>de door de exploitatie aangegeven (bouw)werkzaamheden of de
                                    daartoe benodigde voorzieningen van openbaar nut zouden leiden
                                    tot strijd met het bestemmingsplan of de Woningwet;</al></li><li nr="c."><al>het treffen van de voorzieningen, hoewel overeenkomstig een
                                    bestemmingsplan, anderszins zou leiden tot strijd met belangen
                                    van een doeltreffende uitbreiding van bebouwing of
                                    herinrichting;</al></li><li nr="d."><al>het in exploitatie brengen van grond anderszins zou leiden tot
                                    ten laste van de gemeente blijvende kosten van voorzieningen van
                                    openbaar nut of tot bezwaren ten aanzien van het doeltreffend
                                    voorzien in watervoorziening, openbare verlichting, riolering en
                                    andere voorzieningen van openbaar nut;</al></li><li nr="e."><al>exploitant geen afstand wil doen van gronden ten behoeve van
                                    aanleg van voorzieningen van openbaar nut;</al></li><li nr="f."><al>exploitant de ondergrond van voorzieningen van openbaar nut niet
                                    wil onderzoeken op de aanwezigheid van bodemverontreiniging, dan
                                    wel de bodem niet wil saneren wanneer dat noodzakelijk is.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Relatie baatbelasting</titel></kop><al>In een gebied waarvoor een aangevuld bekostigingsbesluit is genomen,
                            zal, indien de exploitant een exploitatieovereenkomst aangaat, in de
                            overeenkomst worden bepaald dat, met betrekking tot de uitvoering van de
                            in deze overeenkomst genoemde voorzieningen van openbaar nut, geen
                            aanvullend kostenverhaal op basis van baatbelasting ten laste van de
                            betreffende onroerende zaak zal plaatsvinden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Uitzonderingsbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De artikelen 2, 3, 5, en 6 van deze verordening zijn niet van
                                toepassing voor voorzieningen van openbaar nut van ondergeschikt
                                belang, zoals een uitweg op de openbare weg of een aansluiting op
                                het openbare riool. In dergelijke gevallen besluit het College van
                                burgemeester en wethouders onder welke voorwaarden deze
                                voorzieningen van openbaar nut door of met medewerking van de
                                gemeente zullen worden aangelegd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien het bepaalde in artikel 2, tweede en/of derde lid toepassing
                                heeft verkregen, wordt de ten laste van de exploitant komende
                                bijdrage bepaald op de voet van artikel 5, met dien verstande dat de
                                in artikel 5, eerste lid bedoelde vermindering beperkt is tot de
                                inbrengwaarde van de gronden die zijn bestemd voor het treffen van
                                voorzieningen van openbaar nut en door exploitant aan de gemeente
                                worden afgestaan.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5.</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Overgangsbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Ten aanzien van een exploitatiegebied waarvoor geldt dat voor de
                                datum van inwerkingtreding van deze verordening met het treffen van
                                voorzieningen van openbaar nut is aangevangen, deze voorzieningen
                                niet geheel zijn voltooid en waarvoor geen aangevuld
                                bekostigingsbesluit of afzonderlijke begroting, zoals bedoeld in
                                artikel 3, tweede lid, onder f van de Exploitatieverordening
                                gemeente Uden 1994 is vastgesteld, vinden de bepalingen van deze
                                verordening voor dat exploitatiegebied, voorzover nodig, op een aan
                                die situatie aangepaste wijze toepassing. In elk geval geldt daarbij
                                dat, indien binnen dat exploitatiegebied wordt gekomen tot een
                                exploitatieovereenkomst zoals bedoeld in artikel 6, de vaststelling
                                van de daarin op te nemen financiële bijdrage geschiedt op basis van
                                een door de gemeenteraad vast te stellen begroting zoals bedoeld in
                                artikel 3, tweede lid, onder e van de Exploitatieverordening
                                gemeente Uden 1994. Het besluit tot vaststelling van de begroting
                                wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 139 van de
                                Gemeentewet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ten aanzien van een exploitatiegebied waarvoor geldt dat voor de
                                datum van inwerkingtreding van deze verordening een aangevuld
                                bekostigingsbesluit of afzonderlijke begroting zoals bedoeld in
                                artikel 3, tweede lid, onder f van de Exploitatieverordening
                                gemeente Uden 1994 is vastgesteld, blijft de Exploitatieverordening
                                gemeente Uden 1994 van toepassing tot twee jaren nadat de ten
                                behoeve van dat exploitatiegebied getroffen en/of te treffen
                                voorzieningen van openbaar nut geheel zijn voltooid.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Ten aanzien van een voor de datum van inwerkingtreding van deze
                                verordening ontvangen aanvraag tot het verlenen van medewerking aan
                                het in exploitatie brengen van gronden, waarop voor de datum van
                                inwerkingtreding van deze verordening niet is beslist, blijft de
                                Exploitatieverordening gemeente Uden 1994 van toepassing tot op de
                                aanvraag is beslist, met dien verstande dat, indien tot het treffen
                                van voorzieningen van openbaar nut wordt besloten, laatstgenoemde
                                verordening van toepassing blijft tot twee jaren nadat de te treffen
                                voorzieningen van openbaar nut geheel zijn voltooid.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op de eerste dag van de maand,
                                volgende op de maand waarin de bekendmaking van de verordening heeft
                                plaatsgevonden als bedoeld in artikel 139 Gemeentewet. De
                                verordening wordt bekend gemaakt nadat Gedeputeerde Staten de
                                verordening hebben goedgekeurd .</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op hetzelfde tijdstip vervalt de Exploitatieverordening gemeente
                                Uden 1994, zoals vastgesteld bij raadsbesluit van 27 oktober 1994,
                                met dien verstande dat zij van toepassing blijft voor de gevallen
                                zoals bedoeld in artikel 12, tweede en derde lid.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als 'Exploitatieverordening
                            gemeente Uden 1997'.</al><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Vastgesteld in de openbare vergadering van 18 december 1997.</ondertekening><ondertekening>De Raad voornoemd</ondertekening><ondertekening>de secretaris de voorzitter</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>