<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR20613_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Regeling adviescommissie beeldende kunst</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Uden</dcterms:creator><dcterms:modified>2004-12-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Uden</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Infopagina 27-10-2004</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Regeling adviescommissie beeldende kunst</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, artikel 84</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2004-10-05</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2004-12-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2024-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>College, 05-10-2004</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Regeling adviescommissie beeldende kunst</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Uden;</al><al>overwegende, dat in de Cultuurnota van de gemeente Uden, vastgesteld in de
                        Raad van 30 oktober 2004, als actiepunt is opgenomen dat er een
                        adviescommissie beeldende kunst zal worden ingesteld;</al><al>gelet op artikel 84 van de Gemeentewet;</al><al>b e s l u i t</al><al>vast te stellen de</al><al><vet>Regeling adviescommissie beeldende kunst</vet></al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begrippen</titel></kop><lijst><li nr="a."><al>Commissie : de adviescommissie beeldende kunst.</al></li><li nr="b."><al>Het College : het College van burgemeester en wethouders van de
                                gemeente Uden.</al></li><li nr="c."><al>Kunstwerk : een product van beeldende kunst of een bijdrage aan
                                beeldende vormgeving.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Instelling en taken</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Er is een adviescommissie beeldende kunst.</al></li><li nr="2."><al>De commissie heeft tot taak het College gevraagd en ongevraagd te
                                adviseren over:</al><lijst><li nr="a."><al>de verwerving van kunstwerken;</al></li><li nr="b."><al>het verlenen van opdrachten aan kunstenaars voor het
                                        vervaardigen van kunstwerken;</al></li><li nr="c."><al>het aanvaarden van een door een derde te schenken
                                        kunstwerk;</al></li><li nr="d."><al>de locatie in de gemeente Uden waar een kunstwerk geplaatst
                                        of herplaatst kan worden;</al></li><li nr="c."><al>onderhoud en restauratie gemeentelijke kunstwerken;</al></li><li nr="f."><al>overige onderwerpen op het beleid op het gebied van
                                        beeldende kunst in zijn algemeen.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Samenstelling</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De commissie bestaat uit 5 leden die deskundig zijn op het gebied
                                van beeldende kunst, waarvan:</al><lijst><li nr="a."><al>vier leden worden benoemd door het College op basis van
                                        deskundigheid, waarvan tenminste een professioneel beeldend
                                        kunstenaar. De deskundigheid is verworven door opleiding en
                                        ervaring. Bij de samenstelling wordt gestreefd naar
                                        spreiding van de deskundigheid over de verschillende
                                        disciplines, met daarbij aandacht voor de relatie van
                                        beeldende kunst met de gebouwde omgeving en met
                                        landschapsinrichting en aandacht voor de kennis van
                                        monumentenbeleid of kunsthistorie;</al></li><li nr="b."><al>een lid wordt benoemd door het College op voordracht van de
                                        professionele lokale organisaties op het terrein van kunst
                                        en cultuur.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>De voorzitter</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De leden kiezen uit hun midden een voorzitter.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter is belast met het leiden van de vergaderingen van de
                                commissie, ondertekenen van de stukken die van haar uitgaan en
                                treedt voor de commissie op in gevallen waarin zij moet worden
                                vertegenwoordigd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Secretaris en adviseurs</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het College voegt aan de commissie een ambtenaar als secretaris
                                toe.</al></li><li nr="2."><al>De secretaris ondersteunt de commissie bij het vervullen van haar
                                werkzaamheden, draagt zorg voor de verslaglegging van haar
                                vergaderingen en ondertekent mede de stukken van de commissie.</al></li><li nr="3."><al>Indien daartoe aanleiding bestaat, kan het College beslissen andere
                                ambtelijke adviseurs tijdelijk aan de commissie toe te voegen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Zittingsduur</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De leden van de commissie treden elke vier jaar af, zij kunnen
                                terstond worden herbenoemd.</al></li><li nr="2."><al>De leden van de commissie kunnen te allen tijde ontslag nemen. Zij
                                geven hiervan schriftelijk kennis aan het College. Het lid blijft
                                zijn functie uitoefenen totdat in opvolging is voorzien.</al></li><li nr="2."><al>Indien tussentijds een vacature ontstaat, kan de commissie het
                                College een aanbeveling doen voor de benoeming van een lid.</al></li><li nr="3."><al>Het College kan, gehoord hebbende de commissie, een lid te allen
                                tijde ontslaan.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Vergaderingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De commissie vergadert zo dikwijls de voorzitter dit noodzakelijk
                                acht of ten minste twee van de leden hun wens hiertoe met opgave van
                                redenen aan de voorzitter mededelen.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter bepaalt dag, uur en plaats van de vergadering. Hij
                                zorgt ervoor, dat elk lid tijdig schriftelijk wordt opgeroepen. De
                                oproeping voor de vergadering vermeldt de agenda en wordt voorzover
                                mogelijk vergezeld van de stukken die betrekking hebben op deze
                                onderwerpen.</al></li><li nr="3."><al>De vergaderingen van de commissie zijn besloten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Besluitvorming</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De commissie kan slechts besluiten indien meer dan de helft van het
                                aantal zitting hebbende leden aanwezig is. Als bij een vergadering
                                het vereiste aantal leden niet is opgekomen, belegt de voorzitter
                                een nieuwe bijeenkomst met een tussenruimte van tenminste twee volle
                                dagen. De vergadering wordt gehouden ongeacht het aantal opgekomen
                                leden.</al></li><li nr="2."><al>Besluiten worden genomen met meerderheid van stemmen van de
                                aanwezige leden. Indien de stemmen staken, wordt geen besluit
                                genomen, doch worden de verschillende stanspunten ter kennis
                                gebracht aan het College.</al></li><li nr="3."><al>De minderheid kan vorderen dat haar afwijkende mening uit het advies
                                blijkt.</al></li><li nr="4."><al>Een lid van de commissie neemt niet deel aan de stemming over een
                                aangelegenheid die hem rechtstreeks of middellijk persoonlijk
                                aangaat of waarbij hij als vertegenwoordiger is betrokken.</al></li><li nr="5."><al>Indien het College in zijn besluit afwijkt van het door de commissie
                                uitgebrachte advies wordt dit met redenen omkleed, meegedeeld aan de
                                commissie.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Inschakelen ambtenaren adviseurs en deskundigen</titel></kop><al>De commissie is bevoegd ambtenaren, adviseurs, en deskundigen in te
                        schakelen, echter met dien verstande dat vooraf toestemming van het College
                        nodig is indien hieraan kosten voor de gemeente verbonden zijn.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Citeertitel en inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze regeling kan worden aangehaald als ‘Regeling adviescommissie beeldende
                        kunst’ en treedt in werking op.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Uden, 5 oktober 2004 Burgemeester en wethouders van Uden</ondertekening><ondertekening>de secretaris de burgemeester</ondertekening><ondertekening>mr. A. van den Brink dr. J.W. Kersten</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening> Regeling Commissie adviescommissie beeldende kunst</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><tussenkop>Toelichting regeling adviescommissie beeldende kunst</tussenkop><tussenkop>Algemeen</tussenkop><al>In de cultuurnota van de gemeente Uden is als een van de actiepunten opgenomen
                    dat er een adviescommissie voor beeldende kunst ingesteld diende te worden.</al><al>Het is gebruikelijk dat bestuurders zich op kunstgebied laten adviseren door
                    onafhankelijke adviseurs, het betreft dan vooral een advies over de kwaliteit
                    van de kunst. Tot nu toe werd gewerkt met ad hoc-commissies met externe
                    begeleiding vanuit de Noord-Brabantse Kunststichting. Om continuïteit te
                    waarborgen is het wenselijk om te komen tot een permanente adviescommissie die
                    per project kan worden uitgebreid met externe deskundigen of ambtelijke
                    vertegenwoordigers.</al><tussenkop>Artikelsgewijze toelichting</tussenkop><al>Begripsomschrijvingen (artikel 1)</al><tussenkop>Dit artikel behoeft geen toelichting.</tussenkop><al>Taken (artikel 2)</al><tussenkop>In dit artikel wordt de commissie ingesteld en haar taak omschreven. De
                    commissie adviseert voornamelijk over het verlenen van opdrachten voor het
                    verwerven van nieuwe kunstwerken in de openbare of publieke ruimte, maar kan ook
                    adviseren over andere zaken die het totale gemeentelijke beeldende kunst beleid
                    betreffen. De commissie heeft geen eigen budget, de gemeente Uden heeft een
                    voorziening voor aankoop kunstwerken, het College beslist hierover na advies van
                    de commissie.</tussenkop><al>Samenstelling (artikel 3)</al><tussenkop>De commissie bestaat uit 5 deskundigen, verdeeld over de diverse
                    disciplines. Om zorg te dragen voor een geïntegreerd opdrachtenbeleid, wordt
                    aanbevolen om bij de selectie van de leden aandacht te besteden aan de
                    deskundigheid ten aanzien van de relatie tussen het kunstwerk en de openbare
                    ruimte (stedenbouw, stadsbeheer, ruimtelijke ordening en
                    [landschaps]architectuur) en de deskundigheid t.a.v. de historische context
                    (monumentenzorg, kunsthistorie). Adviseurs kunnen desgewenst op ad hoc-basis
                    ingeschakeld worden.</tussenkop><tussenkop>Om het draagvlak voor de adviezen van de commissie te bevorderen wordt
                    ervoor gekozen om een lid voor te laten dragen door de professionele lokale
                    organisaties.</tussenkop><tussenkop>Ten aanzien van de voordracht voor een beeldende kunstenaar is er niet
                    voor gekozen om hiervoor een lokale organisatie aan te wijzen, omdat er geen
                    overlegorgaan is, dat alle beeldende kunstenaars uit Uden
                    vertegenwoordigd.</tussenkop><al>Voorzitter en secretaris (artikel 4 en 5)</al><tussenkop>Deze artikelen bevatten een globale taakomschrijving van de voorzitter en
                    de ambtelijk secretaris van de commissie.</tussenkop><al>Zittingsduur(artikel 6)</al><al>Er moet een juiste balans gevonden worden tussen vernieuwing van de leden en
                    continuïteit van kennis en ervaring die met de jaren wordt opgedaan. Daarom
                    wordt ervoor gekozen om leden voor de duur van 4 jaar te benoemen, deze periode
                    kan verlengd worden.</al><al>Gezien de taak en positie van de commissie is ervan afgezien de zittingsperiode
                    van de commissie te laten samenvallen met die van de raadsleden.</al><al>Vergaderingen artikel 7</al><al>Omdat de advisering van de commissie zaken kan betreffen die vertrouwelijk zijn,
                    de wordt in dit artikel vastgelegd dat de vergaderingen besloten zijn. Voor het
                    overige is de geheimhouding afdoende geregeld in artikel 55, tweede lid en 86
                    van de Gemeentewet.</al><al>Besluitvorming-(artikel 8)</al><al>Het streven is om te komen tot unanieme advisering, als dit in een bepaald geval
                    niet mogelijk is, door het gestelde in het tweede lid, kan het
                    besluitvormingsproces toch doorgang vinden.</al><al>Om te voorkomen dat leden van de commissie over hun eigen beeldend werk advies
                    moeten uitbrengen is het derde lid opgenomen. De adviezen van de commissie zijn
                    niet bindend, het College kan een voorstel van de commissie, gebaseerd op een
                    zorgvuldige afweging, afwijzen. Dit moet wel aan de commissie meegedeeld
                    worden.</al><al>De overige artikelen behoeven geen toelichting.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>