<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR20611_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Gemeenschappelijke regeling Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Uden</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-09-05</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Uden</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Infopagina 29-06-2005</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Gemeenschappelijke regeling Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">De Wet gemeenschappelijke regelingen, de Gemeentewet, de Wet ambulancevervoer, het voorstel van de Wet ambulancezorg, de Kwaliteitswet zorginstellingen, de Wet tarieven gezondheidszorg en de Wet geneeskndige hulpverlening bij ongevallen en rampen.</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2005-06-23</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2005-07-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2011-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Raad 23-06-2005 en College 19-04-2005</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Zowel de Raad, als het College gaat deze regeling aan.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Gemeenschappelijke regeling Regionale Ambulancevoorziening Brabant
            Midden-West-Noord</intitule><regeling><aanhef><preambule><lijst><li nr="-"><al>de raden en de colleges van de gemeenten Aalburg, Alphen-Chaam,
                                Baarle-Nassau, Bergen op Zoom, Bernheze, Boekel, Boxmeer,
                                Boxtel, Breda, Cuijk, Dongen, Drimmelen, Etten-Leur,
                                Geertruidenberg, Gilze en Rijen, Goirle, Grave, Haaren,
                                Halderberge, 's-Hertogenbosch, Heusden, Hilvarenbeek, Landerd,
                                Lith, Loon op Zand, Maasdonk, Mill en Sint Hubert, Moerdijk,
                                Oisterwijk, Oosterhout, 055, Roosendaal, Rucphen, Schijndel,
                                Sint Anthonis, Sint-Michielsgestel, Sint-Oedenrode, Steenbergen,
                                Tilburg, Uden, Veghel, Vught, Waalwijk, Werkendam, Woensdrecht,
                                Woudrichem, Zundert;</al></li><li nr="-"><al>ieder voor zover het hun bevoegdheden aangaat;</al></li></lijst><al>overwegende</al><lijst><li nr="-"><al>dat het voor een goede ambulancezorg van belang is samen te
                                werken;</al></li><li nr="-"><al>dat deze samenwerking gericht is op een niveau van ambulancezorg
                                waarbij de patiënt centraal staat;</al></li><li nr="-"><al>dat de ambulancezorg in de eerste plaats een onderdeel is van de
                                keten van gezondheidszorg in Nederland;</al></li><li nr="-"><al>dat de ambulancezorg daarnaast een belangrijke pijler is onder
                                de geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen,
                                waardoor het wenselijk is om het werkgebied te laten samenvallen
                                met dat van de politieregio's Midden-en West-Brabant en
                                BrabantNoord;</al></li><li nr="-"><al>dat zij daarvoor een nieuwe gemeenschappelijke regeling willen
                                aangaan op de schaal van Midden-en West-Brabant en Brabant-Noord
                                en daarbij een openbaar lichaam willen instellen.</al></li><li nr="-"><al>dat in verband daarmee moeten worden gewijzigd de
                                gemeenschappelijke regelingen:</al><lijst><li nr="*"><al>Gemeenschappelijke regeling Openbare Gezondheidszorg
                                        West-Brabant;</al></li><li nr="*"><al>Gemeenschappelijke regeling GGD Hart voor Brabant;</al></li></lijst></li></lijst><al>gelet op;</al><al>de Wet gemeenschappelijke regelingen, de Gemeentewet, de Wet
                        ambulancevervoer, het voorstel van de Wet ambulancezorg, de
                        Kwaliteitswet zorginstellingen, de Wet tarieven gezondheidszorg en de
                        Wet geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen;</al><al>b e s l u i t e n aan te gaan de volgende gemeenschappelijke
                        regeling:</al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1.</nr></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>In deze regeling wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>wet: Wet gemeenschappelijke regelingen;</al></li><li nr="b."><al>regeling: deze gemeenschappelijke regeling;</al></li><li nr="c."><al>gemeente: aan de regeling deelnemende gemeente;</al></li><li nr="d."><al>college: college van burgemeester en wethouders van een
                                    gemeente;</al></li><li nr="e."><al>werkgebied: het gezamenlijke grondgebied van de gemeenten
                                    inenerzijds het gebied Midden-en West-Brabant en
                                    anderzijds de gemeenten in het gebied Brabant-Noord; </al><al><cursief>Midden-en West Brabant: g</cursief>evormd door de gemeenten
                            Aalburg, Alphen-Chaam, Baarle-Nassau, Bergen op Zoom, Breda, Dongen,
                            Drimmelen, Etten-Leur, Geertruidenberg, Gilze en Rijen, Goirle,
                            Halderberge, Hilvarenbeek, Loon op Zand, Moerdijk, Oisterwijk,
                            Oosterhout, Roosendaal, Rucphen, Steenbergen, Tilburg, Waalwijk,
                            Werkendam, Woensdrecht, Woudrichem, Zundert; </al><al><cursief>Brabant-Noord</cursief><cursief>: </cursief>gevormd door de
                            gemeenten Bernheze, Boekel, Boxmeer, Boxtel, Cuijk, Grave, Haaren,
                            Heusden, 'sHertogenbosch, Landerd, Lith, Maasdonk, Mill en Sint Hubert,
                            Oss, Sint Anthonis, Sint-Michielsgestel, Sint-Oedenrode, Schijndel,
                            Uden, Veghel, Vught; </al></li><li nr="f."><al>Gedeputeerde Staten: Gedeputeerde staten van de provincie
                                    Noord-Brabant;</al></li><li nr="g."><al>ambulancezorg: zorg, erop gericht een zieke of gewonde ter zake
                                    van zijn aandoening of letsel hulp te verlenen en per ambulance
                                    te vervoeren;</al></li><li nr="h."><al>ambulance: een in het bijzonder voor het vervoer van zieken of
                                    gewonden ingericht gewondenvervoer;</al></li><li nr="i."><al>regionale ambulancevoorziening: de rechtspersoon waaraan
                                    vergunning is verleend tot het verlenen van ambulancezorg;</al></li><li nr="j."><al>regionaal ambulanceplan: strategisch beleidsplan, dat bij
                                    inwerkingtreding van het voorstel "wet ambulancezorg, nummer
                                    29835", een verplicht karakter krijgt;</al></li><li nr="k."><al>meldkamer (ambulancevervoer): meldkamer ambulancezorg zoals
                                    bedoeld in (het voorstel van) de Wet ambulancezorg;</al></li><li nr="l."><al>directeur: de directeur openbare gezondheidszorg met
                                    portefeuille regionale ambulancevoorziening, van de GGD
                                    West-Brabant en/of GGD Hart voor Brabant die bevoegd en
                                    verantwoordelijk is voor de operationele directievoering van het
                                    openbaar lichaam.;</al></li><li nr="m."><al>regionaal geneeskundig functionaris (RGF): functionaris als
                                    bedoeld in artikel 2 van de Wet geneeskundige hulpverlening bij
                                    ongevallen en rampen.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Waar in de regeling de Gemeentewet van overeenkomstige
                                            toepassing wordt verklaard, treedt in die artikelen 'het
                                            openbaar lichaam' in plaats van 'de gemeente', 'het
                                            Algemeen Bestuur' in de plaats van 'de raad', 'het
                                            Dagelijks Bestuur' in de plaats van 'het college' en 'de
                                            voorzitter' in de plaats van 'de burgemeester'.</al></li><li nr="3."><al>Waar de regeling een mannelijk voornaamwoord of een
                                            mannelijk functionarisbegrip gebruikt, worden zowel
                                            mannelijke als vrouwelijke personen bedoeld. </al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>II.</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Het openbaar lichaam</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er is een openbaar lichaam, genaamd "Regionale Ambulancevoorziening
                                Brabant Midden-West-Noord". Het is gevestigd te Tilburg.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het bestuur van het openbaar lichaam bestaat uit het Algemeen
                                Bestuur, het Dagelijks Bestuur en de voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het openbaar lichaam kan personeel in dienst hebben.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>III.</nr><titel>Doel, taken en bevoegdheden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Doel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het openbaar lichaam heeft tot doel het verlenen of doen verlenen
                                van ambulancezorg.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het openbaar lichaam tracht dit doel te bereiken met alle wettelijk
                                toegestane middelen die daaraan naar zijn mening kunnen
                                bijdragen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Taken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het openbaar lichaam heeft tot taak:</al><lijst><li nr="a."><al>het instellen en in stand houden van een Regionale
                                        Ambulancevoorziening ten behoeve van het werkgebied Midden
                                        en West-Brabant;</al></li><li nr="b."><al>het instellen en in stand houden van een Regionale
                                        Ambulancevoorziening ten behoeve van het werkgebied
                                        Brabant-Noord;</al></li><li nr="c."><al>het in stand houden van een meldkamer ambulancezorg ten
                                        behoeve van het werkgebied Midden-en West-Brabant;</al></li><li nr="d."><al>het in stand houden van een meldkamer ambulancezorg ten
                                        behoeve van het werkgebied Brabant-Noord;</al></li><li nr="e."><al>het vaststellen en (doen) uitvoeren van regionale
                                        ambulanceplannen van de regio Midden- en West Brabant en de
                                        regio Brabant-Noord;</al></li><li nr="f."><al>het (doen) leveren van een bijdrage aan de geneeskundige
                                        hulpverlening bij ongevallen en rampen ten behoeve van de
                                        Veiligheidsregio Midden-en West-Brabant en
                                        Hulpverleningsdienst Brabant-Noord.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Alle overige taken die naar de mening van het Dagelijks Bestuur
                                kunnen bijdragen aan het bereiken van de in artikelen 3, lid 1
                                genoemde doelen en artikel 4 lid 1, genoemde taken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Bevoegdheden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het openbaar lichaam heeft alle bevoegdheden die nodig zijn voor de
                                uitvoering van zijn taken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het openbaar lichaam is, ten behoeve van de Regionale
                                Ambulancevoorziening Midden en West Brabant en de Regionale
                                Ambulancevoorziening Brabant-Noord, het orgaan van gezondheidszorg
                                zoals bedoeld in artikel 1, lid 1 en lid 2 van de Wet tarieven
                                gezondheidszorg.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>IV.</nr><titel>Het algemeen bestuur</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Samenstelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het Algemeen Bestuur bestaat uit zoveel leden als het aantal
                                deelnemende gemeenten. leder lid heeft een plaatsvervanger.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De gemeenteraden wijzen als lid aan het collegelid dat bij voorkeur
                                belast is met de portefeuille gezondheidszorg of het collegelid dat
                                reeds lid is van het Algemeen en/of Dagelijks Bestuur van de
                                Gemeenschappelijke Regeling Openbare Gezondheidszorg West-Brabant of
                                de Gemeenschappelijke Regeling GGD Hart voor Brabant.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De gemeenteraden wijzen een ander collegelid aan als
                                plaatsvervangend lid.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Zittingsduur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het (plaatsvervangend) lidmaatschap eindigt zodra het
                                (plaatsvervangend) lid ophoudt afgevaardigde te zijn van de
                                gemeenteraad die hem heeft aangewezen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Van elke wijziging in het (plaatsvervangend) lidmaatschap geeft de
                                gemeente die het aangaat, binnen acht dagen kennis aan de voorzitter
                                van het openbaar lichaam.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Vergaderingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het Algemeen Bestuur vergadert overeenkomstig het bepaalde in de
                                wet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het bepaalde in het vorige lid is voor de
                                vaststelling van de begroting als bedoeld in artikel 22 van deze
                                regeling een meerderheid nodig van tenminste 24 leden die tevens
                                gemeenten vertegenwoordigen met samen tenminste de helft van het
                                aantal inwoners in het werkgebied.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Voor de vaststelling van de inwonertallen van de gemeenten, wordt
                                uitgegaan van het inwonertal op 1 januari van het jaar, voorafgaande
                                aan het jaar waarop de vast te stellen begroting betrekking heeft.
                                Voor de vaststelling van de aantallen inwoners worden aangehouden de
                                door het Centraal Bureau voor de Statistiek openbaar gemaakte
                                bevolkingscijfers.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Elk lid heeft in de vergadering één stem.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>V.</nr><titel>Het dagelijks bestuur</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Samenstelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het Dagelijks Bestuur bestaat uit de voorzitter en maximaal 5 leden.
                                De leden en de plaatsvervangend leden worden uit en door het
                                Algemeen Bestuur aangewezen, waarbij wordt voldaan aan de volgende
                                bepalingen:</al></lid><lid><lidnr>-</lidnr><al>drie leden worden aangewezen uit de leden die tevens lid zijn van
                                het Dagelijks Bestuur van de Gemeenschappelijke regeling Openbare
                                gezondheidszorg West-Brabant;</al></lid><lid><lidnr>-</lidnr><al>drie leden worden aangewezen uit de leden die tevens lid zijn van
                                het Dagelijks Bestuur van de Gemeenschappelijke regeling GGD Hart
                                voor Brabant;</al></lid><lid><lidnr>-</lidnr><al>ieder lid heeft een plaatsvervanger.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het Dagelijks Bestuur kan een of meer van zijn bevoegdheden
                                mandateren aan de directeur door dit vast te leggen in de
                                organisatieverordening als bedoeld in artikel 13 lid 2.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het Algemeen Bestuur kan leden van het Dagelijks Bestuur ontslag
                                verlenen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Zittingsduur</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het (plaatsvervangend) lidmaatschap van het Dagelijks Bestuur
                                eindigt zodra het lidmaatschap van het Algemeen Bestuur eindigt of
                                wanneer het lid van het Dagelijks Bestuur als zodanig ontslag neemt
                                of krijgt verleend.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Het (plaatsvervangend) lid van het Dagelijks Bestuur dat ontslag
                                neemt of krijgt verleend, blijft in functie tot de eerstvolgende
                                vergadering van het Algemeen Bestuur.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Vergaderingen</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De artikelen 52, 53 en 54 tot en met 60 van de Gemeentewet zijn op
                                de vergaderingen van het Dagelijks Bestuur van overeenkomstige
                                toepassing.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Elk lid heeft in de vergadering één stem.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>VI.</nr><titel>De voorzitter</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Aanwijzing en vervanging</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het Algemeen Bestuur wijst uit zijn midden de voorzitter aan met
                                inachtneming van het bepaalde in artikel 9 eerste lid.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De voorzitter is tevens voorzitter van het Algemeen Bestuur en van
                                het Dagelijks Bestuur.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Bij verhindering of ontstentenis wordt de voorzitter vervangen door
                                een door het Dagelijks Bestuur uit zijn midden aan te wijzen
                                plaatsvervanger.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het Algemeen Bestuur kan de voorzitter ontslag verlenen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>VII.</nr><titel>Taken en bevoegdheden van de bestuursorganen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Verdeling van taken en bevoegdheden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij de verdeling van de taken en bevoegdheden over de
                                bestuursorganen zijn zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing
                                de regels die hierover bij of krachtens de Gemeentewet zijn gesteld,
                                voor zover daarvan niet bij deze regeling is afgeweken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het Dagelijks Bestuur stelt een organisatieverordening vast met
                                daarin nadere regels voor de taak en de bevoegdheden van de
                                directeur en de instructie voor de secretaris.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Verordeningen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De bevoegdheid tot regeling van de huishouding van het openbaar
                                lichaam berust bij het Dagelijks Bestuur.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De bevoegdheid tot het vaststellen van rechtspositieregelingen ligt
                                bij het Dagelijks Bestuur.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Samenwerking en dienstverlening</titel></kop><al>1.Het Dagelijks Bestuur besluit in het kader van zijn taakuitvoering
                            eventueel tot samenwerking met andere rechtspersonen en tot het (laten)
                            verlenen van de aan ambulancezorg gerelateerde diensten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Bevoegdheid voorzitter</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter is belast met de uitvoering van de besluiten van het
                                Algemeen en Dagelijks Bestuur.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De artikelen 53a, 74, 75, 170 lid 1 en lid 3 en 171 van de
                                Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing op de
                                voorzitter.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>VIII.</nr><titel>Informatie en verantwoording</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Informatie- en verantwoordingsplicht leden Algemeen
                                Bestuur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een lid van het Algemeen Bestuur geeft het orgaan van de
                                rechtspersoon waaruit hij is aangewezen de door een of meer leden
                                van dat orgaan gevraagde inlichtingen. Schriftelijk gevraagde
                                inlichtingen worden schriftelijk gegeven.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Alvorens de gevraagde inlichtingen te verstrekken kan het lid van
                                het Algemeen Bestuur zich daarover laten adviseren door het
                                Dagelijks Bestuur.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een lid van het Algemeen Bestuur is verantwoording verschuldigd voor
                                het door hem in het Algemeen Bestuur gevoerde beleid aan de raad van
                                de gemeente waardoor hij is aangewezen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het afleggen van verantwoording vindt plaats overeenkomstig het
                                reglement van orde van het desbetreffende orgaan met dien verstande
                                dat termijnen worden verdubbeld om het lid van het Algemeen Bestuur
                                de gelegenheid te geven zich door het Dagelijks Bestuur te laten
                                informeren.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>Informatie- en verantwoordingsplicht (leden) Dagelijks
                                Bestuur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De leden van het Dagelijks Bestuur verstrekken zowel gezamenlijk als
                                ieder afzonderlijk de door het Algemeen Bestuur of door een of meer
                                leden daarvan gevraagde inlichtingen. Schriftelijk gevraagde
                                inlichtingen worden zo mogelijk schriftelijk gegeven.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De leden van het Dagelijks Bestuur verstrekken zowel gezamenlijk als
                                ieder afzonderlijk de door de raden of colleges van de deelnemende
                                gemeenten of een of meer leden daarvan gevraagde inlichtingen.
                                Schriftelijk gevraagde inlichtingen worden zo mogelijk schriftelijk
                                gegeven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De leden van het Dagelijks Bestuur leggen zowel gezamenlijk als
                                ieder afzonderlijk verantwoording af aan het Algemeen Bestuur voor
                                het door hen gevoerde bestuur.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>IX.</nr><titel>De organisatie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19.</nr><titel>De directie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De directeur met de portefeuille Openbare Gezondheidszorg (in elk
                                geval RAV, infectieziektenbestrijding) die deelneemt aan zowel de
                                directie van de GGD West Brabant als aan de directie van de GGD Hart
                                voor Brabant, is lid van de directie van het openbaar lichaam en als
                                zodanig belast met de operationele directievoering van deze
                                Gemeenschappelijke regeling.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De directie bestaat naast de directeur uit de directievoorzitters
                                van de GGD Hart voor Brabant en de directievoorzitter van de
                                Gemeenschappelijke Regeling Openbare Gezondheidszorg
                                West-Brabant.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De directie verdeelt onderling de taken en legt deze taakverdeling
                                ter goedkeuring voor aan het dagelijks bestuur.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De functie Regionaal Geneeskundig Functionaris wordt per subregio
                                als omschreven in artikel 1 e vervuld door de directeur en/of door
                                de directievoorzitters, als omschreven in het tweede lid van dit
                                artikel. Formele aanwijzing geschiedt voor elke regio afzonderlijk
                                door de besturen van de Veiligheidsregio Midden-en West-Brabant
                                respectievelijk de Hulpverleningsregio Brabant-Noord.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het Algemeen Bestuur benoemt, schorst en ontslaat de
                                directievoorzitter op voorstel van het Dagelijks Bestuur.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De operationeel directeur vervult de functie van secretaris. De
                                artikelen 102 tot en met 107d van de Gemeentewet zijn van
                                overeenkomstige toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20.</nr><titel>Het archief</titel></kop><al>1.Het dagelijks bestuur stelt een verordening vast op de zorg voor de
                            archiefstukken van deze gemeenschappelijke regeling, op het beheer
                            daarvan en op het toezicht op het beheer.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>X.</nr><titel>Financiën</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21.</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Op dit hoofdstuk is van overeenkomstige toepassing Titel IV van de
                                Gemeentewet voor zover daarvan niet bij of krachtens de wet is
                                afgeweken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het Algemeen Bestuur stelt verordeningen vast overeenkomstig de
                                artikelen 212 en 213 van de Gemeentewet.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het Dagelijks Bestuur zendt deze verordeningen binnen twee weken na
                                vaststelling aan Gedeputeerde Staten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22.</nr><titel>De begroting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het Algemeen Bestuur stelt jaarlijks de begroting vast conform het
                                bepaalde in artikel 34 en 35 van de wet. De begroting gaat vergezeld
                                van een meerjarenraming voor het lopende en de drie op het
                                begrotingsjaar volgende jaren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De begroting en de meerjarenbegroting zijn gebaseerd op het,
                                eveneens door het Algemeen Bestuur vastgesteld, regionaal
                                ambulanceplan.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het Dagelijks Bestuur biedt de begroting aan de deelnemende
                                gemeenten aan, uiterlijk op 15 april in hel jaar voorafgaande aan
                                hel jaar waarop de begroting betrekking heeft.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Na vaststelling van de begroting door het Algemeen Bestuur, zendt
                                hel Dagelijks Bestuur daarover bericht aan Gedeputeerde Staten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23.</nr><titel>De jaarrekening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Van de inkomsten en uitgaven van het openbaar lichaam wordt door het
                                Dagelijks Bestuur over elk dienstjaar verantwoording afgelegd aan
                                hel Algemeen Bestuur, onder overlegging van de jaarrekening met
                                daarbij behorende bescheiden. Het Dagelijks Bestuur voegt daarbij
                                een verslag van bevindingen van de accountant(s) overeenkomstig
                                artikel 213 van de Gemeentewet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het Algemeen Bestuur stelt de jaarrekening vast conform het bepaalde
                                in artikel 34 van de wet. De vaststelling wordt medegedeeld aan de
                                raden van de gemeenten en aan gedeputeerde staten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het Dagelijks Bestuur biedt de jaarrekening aan de deelnemende
                                gemeenten aan, uiterlijk op 15 april van het jaar volgend op het
                                jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Behoudens later in rechte gebleken onregelmatigheden ontlast de
                                vaststelling van de jaarrekening de leden van het Dagelijks Bestuur
                                van het daarin verantwoorde financieel beheer.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>XI.</nr><titel>Toetreden, uittreden, wijzigen, opheffen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24.</nr><titel>Toetreden</titel></kop><al>1.Na het aangaan van deze regeling kan een gemeente alleen toetreden na
                            instemming van tweederde van het aantal leden van het Algemeen Bestuur.
                            Het Algemeen Bestuur regelt de gevolgen van de toetreding.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25.</nr><titel>Uittreden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Elke gemeente kan bij eensluidende besluiten van raad en college de
                                deelname aan deze regeling opzeggen met ingang van twee
                                kalenderjaren na het jaar waarin deze besluiten zijn genomen. De
                                gemeente brengt deze besluiten terstond ter kennis van het Dagelijks
                                Bestuur.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het Algemeen Bestuur regelt de financiële verplichtingen en de
                                overige gevolgen van de uittreding.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Ais het Algemeen Bestuur bij meerderheid van tenminste tweederde van
                                het aantal leden die tevens gezamenlijk tenminste tweederde van het
                                aantal inwoners vertegenwoordigen, daartoe besluit, kan een kortere
                                termijn worden toegestaan dan de in het eerste lid genoemde
                                termijn.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het Algemeen Bestuur brengt elk besluit tot uittreding terstond ter
                                kennis van de gemeenten en Gedeputeerde Staten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26.</nr><titel>Wijzigen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze regeling kan worden gewijzigd bij eensluidende besluiten van de
                                organen van tenminste tweederde van de deelnemende gemeenten die
                                gezamenlijk tenminste tweederde van het aantal inwoners
                                vertegenwoordigen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een wijziging van deze regeling behoeft de goedkeuring van
                                Gedeputeerde Staten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het Dagelijks Bestuur maakt de wijziging openbaar.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27.</nr><titel>Opheffen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze regeling kan worden opgeheven bij eensluidende besluiten van de
                                organen van tenminste tweederde van de deelnemende gemeenten die
                                gezamenlijk tenminste tweederde van het aantal inwoners
                                vertegenwoordigen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij opheffing besluit het Algemeen Bestuur tot liquidatie en stelt,
                                nadat organen van de gemeenten zijn gehoord, een liquidatieplan op,
                                Daarbij kan hij van deze regeling afwijken,</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De organen van het openbaar lichaam blijven na de opheffing in
                                functie totdat de liquidatie volledig is voltooid.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het Dagelijks Bestuur maakt de opheffing openbaar bekend.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>XII.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr></kop><al>1.De regeling treedt in werking op 1 juli 2005 en is aangegaan voor
                            onbepaalde tijd. De regeling heeft een toelichting. Elke gemeente draagt
                            zorg voor de bekendmaking van de regeling op een in die gemeente
                            gebruikelijke wijze. De regeling kan worden aangehaald als
                            "Gemeenschappelijke regeling Regionale Ambulancevoorziening Brabant
                            Midden-West-Noord". De Gemeente Tilburg is belast met de eerste
                            inzending van deze regeling aan Gedeputeerde Staten van de Provincie
                            Noord-Brabant ter voldoening van de verplichtingen als vastgelegd in
                            artikel 26 Wet Gemeenschappelijke Regelingen.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door de Raad van de gemeente Uden </ondertekening><ondertekening>in zijn openbare vergadering van 23 juni 2005,</ondertekening><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>Aldus vastgesteld door het College van de gemeente
                        Uden</ondertekening><ondertekening>in zijn vergadering van 19 april 2005,</ondertekening><ondertekening>de secretaris, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><bijlage><al><vet>Inhoudsopgave</vet><onderstreept>Bladzijde</onderstreept></al><al>Hoofdstuk 1. 1</al><al>Artikel 1. Begripsomschrijvingen 1</al><al>Hoofdstuk II. Algemene bepalingen 2</al><al>Artikel 2. Het openbaar lichaam 2</al><al>Hoofdstuk III. Doel, taken en bevoegdheden 2</al><al>Artikel 3. Doel 2</al><al>Artikel 4. Taken 3</al><al>Artikel 5. Bevoegdheden 3</al><al>Hoofdstuk IV. Het algemeen bestuur 3</al><al>Artikel 6. Samenstelling 3</al><al>Artikel 7. Zittingsduur 3</al><al>Artikel 8. Vergaderingen 3</al><al>Hoofdstuk V. Het dagelijks bestuur 4</al><al>Artikel 9. Samenstelling 4</al><al>Artikel 10. Zittingsduur 4</al><al>Artikel 11. Vergaderingen 4</al><al>Hoofdstuk VI. De voorzitter 4</al><al>Artikel 12. Aanwijzing en vervanging 4</al><al>Hoofdstuk VII. Taken en bevoegdheden van de bestuursorganen 4</al><al>Artikel 13. Verdeling van taken en bevoegdheden 4</al><al>Artikel 14. Verordeningen 5</al><al>Artikel 15. Samenwerking en dienstverlening 5</al><al>Artikel 16. Bevoegdheid voorzitter 5</al><al>Hoofdstuk VIII. Informatie en verantwoording 5</al><al>Artikel 17. Informatie- en verantwoordingsplicht leden Algemeen Bestuur
                            5</al><al>Artikel 18. Informatie- en verantwoordingsplicht (leden) Dagelijks
                            Bestuur 5</al><al>Hoofdstuk IX. De organisatie 5</al><al>Artikel 19. De directie 5</al><al>Artikel 20. Het archief 6</al><al>Hoofdstuk X. Financiën 6</al><al>Artikel 21. Algemene bepalingen 6</al><al>Artikel 22. De begroting 6</al><al>Artikel 23. De jaarrekening 6</al><al>Hoofdstuk XI. Toetreden, uittreden, wijzigen, opheffen 7</al><al>Artikel 24. Toetreden 7</al><al>Artikel 25. Uittreden 7</al><al>Artikel 26. Wijzigen 7</al><al>Artikel 27. Opheffen 7</al><al>Hoofdstuk XII. Slotbepalingen 7</al><al>Artikel 28 7</al><al>Toelichting Gemeenschappelijke regeling Regionale Ambulancevoorziening
                            Brabant Midden-West-Noord 1</al><al>Artikel 3. Doel 1</al><al>Artikel 4. Taken 1</al><al>Artikel 5. Bevoegdheden 2</al><al>Artikel 7. Samenstelling (Algemeen Bestuur) 2</al><al>Artikel 8. Vergaderingen (Algemeen Bestuur) 2</al><al>Artikel 9. Samenstelling (Dagelijks Bestuur) 2</al><al>Artikel 13. Verdeling van taken en bevoegdheden 3</al><al>Artikel 14. Verordeningen 3</al><al>Artikel 15. Samenwerking en dienstverlening 4</al><al>Artikel 19. Directie 4</al><al>Artikel 20. Het archief 4</al><al>Artikel 21. Financiële administratie, geldelijk beheer en controle
                            4</al><al>Artikel 22/23. De begroting/de jaarrekening 5</al><al>Artikel 26. en 27. Wijzigen respectievelijk opheffen van de regeling
                            5</al><al>Artikel 24/25/26/27. Toetreden/UittredenlWijzigen/Opheffen 5</al><al>Artikel 15. WAY 6</al></bijlage><nota-toelichting><tussenkop>Toelichting Gemeenschappelijke regeling Regionale
                    AmbulancevoorzieningBrabant Midden-West-Noord</tussenkop><tussenkop>Inleiding</tussenkop><al>Per (politie)regio wil de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport een
                    Regionale Ambulancevoorziening (hierna RAV), die integraal verantwoordelijk is
                    voor het leveren van verantwoorde ambulancezorg, zowel in de dagelijkse,
                    routinematige situatie als bij rampen en zware ongevallen.</al><al>Met het vaststellen van deze regeling stellen de deelnemers de Regionale
                    Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord in. Deze regeling omvat het
                    werkgebied van twee (politie)regio's hetgeen schaalvoordelen met zich meebrengt.
                    De regeling is primair gebaseerd op de Wet gemeenschappelijke regelingen (WGR)
                    en verder op de Gemeentewet.</al><al>Overigens is deze regeling de resultante van de reeds langer bestaande
                    bedrijfsmatige samenwerking op het terrein van de ambulancezorg tussen de
                    GGDWest-Brabant en de GGDHart voor Brabant, welke samenwerking met
                    deze regeling wordt geformaliseerd.</al><al>De Wet ambulancezorg is bij het aangaan van de regeling nog in de fase van
                    besluitvorming, zie voorstel wet (nummer 29 835).</al><al>Hieronder volgt, waar nodig, een artikelsgewijze toelichting.</al><tussenkop>Artikel 3. Doel</tussenkop><al>Dit artikel beschrijft het doel van de regeling: ambulancezorg. Daarbij staat de
                    patiënt centraal en krijgt hij of zij op een zo doelmatig mogelijke manier
                    ambulancezorg: de zorg die beroeps-of bedrijfsmatig wordt verleend om een zieke
                    of ongevalslachtoffer binnen het kader van zijn aandoening of letsel hulp te
                    verlenen en, waar nodig, adequaat te vervoeren met inachtneming van datgene wat
                    op grond van algemeen beschikbare medische en verpleegkundige kennis
                    noodzakelijk is. </al><tussenkop>Artikel 4. Taken</tussenkop><al>Een RAV sluit als een rechtspersoon voor zover nodig een samenwerkingsverband
                    met alle ambulancediensten in het werkgebied en de meldkamer ambulancezorg
                    (MKA). De RAV is verantwoordelijk voor het kwaliteitsbeleid, de beschikbaarheid
                    en de doelmatigheid van de ambulancezorg, zoals die worden gesteld op grond van
                    de Kwaliteitswet zorginstellingen, het referentiekader Spreiding &amp;
                    beschikbaarheid II en de Wet geneeskundige behandelingsovereenkomst.</al><tussenkop>Meldkamer ambulancezorg (MKA)</tussenkop><al>De meldkamer ambulancezorg is het deel van de meldkamer dat zorginhoudelijk valt
                    onder de RAV, zoals het politiedeel onder de politie en het brandweerdeel onder
                    de brandweer valt.</al><al>De kwaliteitseisen voor verantwoorde ambulancezorg gelden dus voor de meldkamer
                    ambulancezorg in verband met het belang van indicatiestelling, zorgtoewijzing en
                    zorgcoördinatie.</al><tussenkop>Regionaal ambulanceplan (RAP)</tussenkop><al>Het regionaal ambulanceplan heeft een centrale plaats binnen de RAV. De RAV
                    maakt dit plan in samenspraak met de zorgverzekeraars en het GHOR-bestuur in de
                    regio. In het RAP staat in ieder geval.</al><al>Een overzicht van de voorzieningen, waaronder het aantal ambulances, dat zal
                    worden ingezet om op elke plaats in de regio in spoedeisende situaties binnen 15
                    minuten na melding ambulancezorg te leveren, rekening houdend met de
                    ambulancevoorzieningen in de aangrenzende regio's.</al><al>Een regeling van de verantwoordelijkheden rond de meldkamer ambulancezorg.</al><al>Een regeling van de samenwerking met andere instellingen in de regio, zoals
                    ziekenhuizen en naburige RAV's.</al><tussenkop>Overige beleidsvoornemens</tussenkop><al>Geneeskundige hulpverlening bijongevallen en rampen (GHOR).</al><al>Het RAP gaat ook in op de taken en de organisatie van de RAV bij ongevallen en
                    rampen.</al><al>Dit onderdeel wordt ter instemming voorgelegd aan het GHOR-bestuur in de
                    desbetreffende regio. Het RAP volgt ook dezelfde vierjaarlijkse cyclus als het
                    regionaal beheersplan rampenbestrijding, dat door gedeputeerde staten wordt
                    getoetst.</al><al>De regionaal geneeskundig functionaris (RGF) is daarbij, onder
                    verantwoordelijkheid van het GHOR-bestuur, belast met de coördinatie van de
                    voorbereiding van de geneeskundige hulpverlening. De RGF kan bij een ramp of
                    zwaar ongeval aanwijzingen geven aan de RAV.</al><tussenkop>Artikel 5. Bevoegdheden</tussenkop><al>Het tweede lid van dit artikel sluit aan op de te verwachten wetswijziging,
                    waarbij de Regionale Ambulancevoorziening wordt aangewezen als orgaan voor
                    gezondheidszorg als bedoeld in de Wet tarieven gezondheidszorg. Dit houdt in dat
                    er geen budgetten meer gaan naar de individuele ambulancediensten en naar de
                    meldkamer ambulancezorg maar dat de RAV budgethouder zal zijn voor de gehele
                    ambulancezorg in de regio.</al><tussenkop>Artikel 7. Samenstelling (Algemeen Bestuur)</tussenkop><al>De WGR bepaalt dat aanwijzing van de leden van het Algemeen Bestuur door de
                    gemeenteraad geschiedt. Daarbij is het mogelijk om de voorwaarde op te nemen dat
                    voor benoeming als lid van het Algemeen Bestuur de kwaliteitseis geldt dat men
                    portefeuillehouder gezondheidszorg moet zijn. In het tweede lid wordt geregeld
                    dat elke gemeenteraad bij voorkeur het collegelid afvaardigt dat de portefeuille
                    gezondheidszorg beheert of al bestuurslid is van een GGD. Ambulancezorg is
                    immers in de eerste plaats gezondheidszorg. Het bestuur van de regeling RAV
                    Brabant Midden, West en Noord, heeft bestuurlijk en ambtelijk een binding met de
                    besturen van de GROGZ West-Brabant en van de GGD Hart voor Brabant en niet met
                    de Gemeenschappelijk regelingen Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant en
                    Hulpverleningsregio Brabant-Noord.</al><tussenkop>Artikel 8. Vergaderingen (Algemeen Bestuur)</tussenkop><al>De wet bepaalt dat het Algemeen Bestuur tenminste tweemaal per jaar vergadert.
                    In de praktijk zal de vergaderfrequentie voortvloeien uit de planning &amp;
                    controlcyclus van hoofdstuk 10.</al><al>Verder bepaalt de wet (in artikel 22 tweede lid tot en met 5) het volgende:</al><lijst><li nr="1."><al>Het algemeen bestuur van het openbaar lichaam en het gemeenschappelijk
                            orgaan vergaderen jaarlijks tenminste tweemaal.</al></li><li nr="2."><al>De vergaderingen van het algemeen bestuur zijn openbaar.</al></li><li nr="3."><al>De deuren worden gesloten wanneer een vijfde gedeelte der aanwezige
                            leden daarom verzoekt of de voorzitter het nodig oordeelt.</al></li><li nr="4."><al>Het algemeen bestuur beslist vervolgens of met gesloten deuren zal
                            worden vergaderd.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 9. Samenstelling (Dagelijks Bestuur)</tussenkop><al>De besluitvorming in het algemeen bestuur gaat volgens de regel "one man, one
                    vote". In geval van bijzondere besluiten, elders in de regeling genoemd, is
                    sprake van "gewogen stemverhouding" in de zin dat e.v. sprake is van een
                    gekwalificeerde meerderheid en/of koppeling met de eis dat de vereiste
                    meerderheid tevens de vertegenwoordiging van een bepaald aantal inwoners moet
                    betreffen. </al><al>In artikel 9 derde lid is de bevoegdheid van het Algemeen Bestuur opgenomen tot
                    verlenen van ontslag aan de leden van het Dagelijks Bestuur. De WGR zelf bevat
                    geen bepalingen over ontslagbevoegdheid, maar dit mag en kan wei in de Regeling
                    zelf geregeld worden.</al><tussenkop>Artikel 13. Verdeling van taken en bevoegdheden</tussenkop><al>Het algemeen bestuur besluit over de jaarlijkse begroting, de jaarrekening en
                    het RAP. Voor alle overige zaken is het Dagelijks Bestuur bevoegd. Dit artikel
                    schept ook de mogelijkheid om de directeur te mandateren voor taken en
                    bevoegdheden van het Dagelijks Bestuur, voor zover niet wettelijk
                    uitgezonderd.</al><al>De organisatieverordening zal nader ingaan op de bevoegdheden. Deze verordening,
                    vast te stellen door het Dagelijks Bestuur, regelt hoe de directie zich over
                    zijn handelen verantwoordt naar het Dagelijks Bestuur. Binnen haar mandaat is
                    doormandateren mogelijk.</al><tussenkop>Artikel 14. Verordeningen</tussenkop><al>In de Gemeentewet staan over de bevoegdheden van raad en college o.a. de
                    volgende bepalingen: </al><tussenkop>Artikel 147</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Gemeentelijke verordeningen worden door de raad vastgesteld voor zover
                            de bevoegdheid daartoe niet bij de wet of door de raad krachtens de wet
                            aan het college van burgemeester en wethouders of de burgemeester is
                            toegekend.</al></li><li nr="2."><al>De overige bevoegdheden, bedoeld in artikel 108, berusten bij de raad
                            voorzover deze niet bij of krachtens de wet aan het college van
                            burgemeester en wethouders of de burgemeester zijn toegekend.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 160</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het college is in ieder geval bevoegd:</al><lijst><li nr="a."><al>het dagelijks bestuur van de gemeente te voeren, voor zover niet
                                    bij of krachtens de wet de raad of de burgemeester hiermee is
                                    belast;</al></li><li nr="b."><al>beslissingen van de raad voor te bereiden en uit te voeren,
                                    tenzij bij of krachtens de wet de burgemeester hiermee is
                                    belast;</al></li><li nr="c."><al>regels vast te stellen over de ambtelijke organisatie van de
                                    gemeente, met uitzondering van de organisatie van de
                                    griffie;</al></li><li nr="d."><al>ambtenaren, niet zijnde de griffier en de op de griffie werkzame
                                    ambtenaren, te benoemen, te schorsen en te ontslaan;</al></li><li nr="e."><al>tot privaatrechtelijke rechtshandelingen van de gemeente te
                                    besluiten;</al></li><li nr="f."><al>te besluiten rechtsgedingen, bezwaarprocedures of administratief
                                    beroepsprocedures namens de gemeente of het gemeentebestuur te
                                    voeren, of handelingen ter voorbereiding daarop te verrichten,
                                    tenzij de raad, voor zover het de raad aangaat, in voorkomende
                                    gevallen anders beslist;</al></li><li nr="g."><al>ten aanzien van de voorbereiding van de civiele
                                    verdediging;</al></li><li nr="h."><al>jaarmarkten of gewone marktdagen in te stellen, af te schaffen
                                    ofte veranderen.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het college besluit slechts tot de oprichting van en de deelneming in
                            stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en
                            onderlinge waarborgmaatschappijen, indien dat in het bijzonder
                            aangewezen moet worden geacht voor de behartiging van het daarmee te
                            dienen openbaar belang. Het besluit wordt niet genomen dan nadat de raad
                            een ontwerpbesluit is toegezonden en hij zijn wensen en bedenkingen ter
                            kennis van het college heeft kunnen brengen.</al></li><li nr="3."><al>Een besluit als bedoeld in het tweede lid behoeft de goedkeuring van
                            Gedeputeerde Staten. De goedkeuring kan slechts worden onthouden wegens
                            strijd met het recht of het algemeen belang.</al></li><li nr="4."><al>Het college neemt, ook alvorens is besloten tot het voeren van een
                            rechtsgeding, alle conservatoire maatregelen en doet wat nodig is ter
                            voorkoming van verjaring of verlies van recht of bezit.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 15. Samenwerking en dienstverlening</tussenkop><al>Dit artikel beschrijft uitdrukkelijk de bevoegdheid van het Dagelijks Bestuur
                    tot het aangaan van samenwerking-en dienstverleningsovereenkomsten.</al><tussenkop>Artikel 19. Directie</tussenkop><al>In dit artikel is de noodzakelijkheid vastgelegd om de combinatie van RGF en
                    directeur GGD inzake de slagkracht bij grootschalige incidenten en rampen t.a.v.
                    de spoedmedische ambulancezorg te borgen die dus onder verantwoordelijkheid van
                    het Openbaar Bestuur blijft.</al><tussenkop>Artikel 20. Het archief</tussenkop><al>Het is gewenst dat het openbaar lichaam zelf een regeling treft voor de wijze
                    waarop zij haar archieftaken wil vervullen. Het Dagelijks Bestuur is bevoegd tot
                    het vaststellen van deze verordening. Daarin zal onder andere een
                    archiefbewaarplaats moeten worden aangewezen.</al><tussenkop>Artikel 21. Financiële administratie, geldelijk beheer en
                    controle</tussenkop><al>De artikelen uit de Gemeentewet luiden:</al><tussenkop>Artikel 212</tussenkop><al>De raad stelt bij verordening de uitgangspunten voor het financiële beleid,
                    alsmede de regels voor het financiële beheer en voor de inrichting van de
                    financiële organisatie vast. Deze verordening dient te waarborgen dat aan de
                    eisen van rechtmatigheid, verantwoording en controle wordt voldaan. De
                    verordening bevat in ieder geval: Regels voor waardering en afschrijving van
                    activa; Grondslagen voor de berekening van de door het gemeentebestuur in
                    rekening te brengen prijzen en van tarieven voor rechten als bedoeld in artikel
                    15.33 van de Wet milieubeheer; Regels inzake de algemene doelstelling en de te
                    hanteren richtlijnen en limieten van de financieringsfunctie, alsmede inzake de
                    administratieve organisatie van de financieringsfunctie, daaronder begrepen
                    taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties en de bijbehorende
                    informatievoorziening.</al><tussenkop>Artikel 213</tussenkop><al>De raad wijst een of meer accountants aan als bedoeld in artikel 393, eerste
                    lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, belast met de controle van de in
                    artikel 197 bedoelde jaarrekening en het daarbij verstrekken van een
                    accountantsverklaring en het uitbrengen van een verslag van de bevindingen. De
                    accountantsverklaring geeft op grond van de uitgevoerde controle aan of: De
                    jaarrekening een getrouw beeld geeft van zowel de baten als de lasten als de
                    grootte en samenstelling van het vermogen; De baten en lasten, alsmede de
                    balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen en; De jaarrekening is
                    opgesteld in overeenstemming met de bij of krachtens algemene maatregel van
                    bestuur te stellen regels, bedoeld in artikel 186. Het verslag van de
                    bevindingen bevat in ieder geval bevindingen over: </al><al>De vraag of de inrichting van het financiële beheer en van de financiële
                    organisatie een getrouwe en rechtmatige verantwoording mogelijk maken en;</al><al>Onrechtmatigheden in de jaarrekening.</al><al>De accountant zendt de accountantsverklaring en het verslag van bevindingen aan
                    de raad en een afschrift daarvan aan het college.</al><al>Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met
                    betrekking tot de reikwijdte van en de verslaglegging omtrent de
                    accountantscontrole, bedoeld in het tweede lid.</al><al>Accountants als bedoeld in het tweede lid kunnen in gemeentelijke dienst worden
                    aangesteld en worden in dat geval door de raad benoemd, geschorst en
                    ontslagen.</al><tussenkop>Artikel 22/23. De begroting/de jaarrekening</tussenkop><al>De zorgverzekeraars hebben een zorgplicht en zijn verantwoordelijk voor
                    voldoende beschikbaarheid van de reguliere ambulancezorg (mits voorliggend
                    wetsvoorstel "wet ambulancezorg, nummer 29 835" wordt vastgesteld). Zij
                    onderhandelen over de prijs van de ambulancezorg, de kosten van de
                    bedrijfsvoering van de RAV en dragen daardoor zorg voor een goede organisatie
                    van de hele spoedeisende zorgketen.</al><al>Daarnaast zijn er de kosten van de (MKA in de) gemeenschappelijke meldkamer,
                    die, vooral vanwege de voorbereiding op de geneeskundige hulpverlening bij
                    ongevallen en rampen, hoger kunnen zijn dan de vergoedingen van de
                    zorgverzekeraars.</al><al>Dit kan leiden tot structurele tekorten, die zullen moeten worden gedekt door
                    bijdragen van de deelnemende gemeenten (via het bestuur van de Veiligheidsregio
                    Midden en West Brabant en/of de Hulpverleningsdienst Brabant Noord).</al><tussenkop>Artikel 26. en 27. Wijzigen respectievelijk opheffen van de
                    regeling</tussenkop><al>Naar analogie van artikel 8 is in deze artikelen door de eis van inwonertal ook
                    de gewogen stemverhouding van toepassing.</al><tussenkop>Artikel 24/25/26/27. Toetreden/UittredenlWijzigen/Opheffen</tussenkop><al>Deze artikelen betreffen de wijze van toetreding tot, uittreding uit, wijziging
                    en opheffing van de regeling. Vooralsnog is geen bepaling opgenomen betreffende
                    financiële verplichtingen van uittredende gemeenten, omdat bij de huidige
                    wetgeving (Wet Ambulancevervoer 23 april 1971), mede gelet op regelgeving
                    betreffende territoriale congruentie van hulpverleningsregio's, gemeenten
                    verplicht zijn tot deelname aan deze regeling. Indien nieuwe wetgeving daartoe
                    wei de mogelijkheid biedt kan besloten worden alsnog een regeling op te
                    nemen.</al><al>De relevante wettelijke bepaling over van deze artikelen voor zover van
                    toepassing (artikel 26 WGR):</al><lijst><li nr="1."><al>Het gemeentebestuur dat, daartoe bij de regeling is aangewezen, zendt de
                            regeling aan gedeputeerde staten van zijn provincie. Indien aan de
                            regeling ook gemeenten deelnemen die in andere provincies zijn gelegen,
                            wordt deze tevens toegezonden aan gedeputeerde staten van die
                            provincies.</al></li><li nr="2."><al>De besturen van de deelnemende gemeenten dragen op de gebruikelijke
                            wijze zorg voor de bekendmaking van de regeling.</al></li><li nr="3."><al>Een regeling als bedoeld in artikel 8 treedt niet in werking dan na
                            opname in het register, bedoeld in artikel 27, tweede lid, van
                            gedeputeerde staten die de regeling hebben goedgekeurd. Van de opname in
                            het register doen gedeputeerde staten terstond mededeling aan het
                            gemeentebestuur, bedoeld in de eerste volzin van het eerste lid. Indien
                            aan de regeling ook gemeenten deelnemen die in andere provincies zijn
                            gelegen, wordt tevens mededeling gedaan aan gedeputeerde staten van die
                            provincies.</al></li><li nr="4."><al>Het bepaalde in het eerste, tweede en derde lid is mede van toepassing
                            op besluiten tot wijziging, verlenging of opheffing van de regeling,
                            alsmede op besluiten tot toetreding en uittreding.</al></li><li nr="5."><al>Het bestuur van het openbaar lichaam of het gemeenschappelijk orgaan
                            zendt een besluit tot verandering in de overgedragen bevoegdheden, dat
                            tot stand is gekomen met toepassing van artikel 10, tweede lid, tweede
                            volzin, aan gedeputeerde staten die de regeling hebben goedgekeurd.
                            Indien aan de regeling ook gemeenten deelnemen die in andere provincies
                            zijn gelegen, wordt dit besluit tevens toegezonden aan gedeputeerde
                            staten van die provincies.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 15. WAY</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Indien in het gebied van een centrale post met minder ambulanceauto's
                            aan het ambulancevervoer wordt deelgenomen dan is voorgeschreven
                            krachtens artikel 4. eerste lid (van de WAY), doen Gedeputeerde Staten
                            hiervan mededeling in het provinciaal blad en in een of meer dag-of
                            nieuwsbladen die in de provincie verspreid worden.</al></li><li nr="2."><al>Bij deze mededeling wordt tevens een termijn gesteld, na welke de
                            betrokken gemeente of gemeenten verplicht zijn in het nodige
                            ambulancevervoer te voorzien, indien binnen deze termijn niet voldoende
                            vergunningen zijn verleend.</al></li><li nr="3."><al>Gedeputeerde Staten doen mededeling aan het bestuur van de betrokken
                            gemeente of gemeenten van het ontstaan van deze verplichting.</al></li><li nr="4."><al>Bij de toepassing van de vorige leden wordt tevens bepaald, binnen welke
                            termijn het ambulancevervoer tot stand moet worden gebracht.</al></li></lijst></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>