<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd">
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR200671_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening inzake de wijze waarop ingezetenen enbelanghebbenden bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid worden betrokken 2005</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Harlingen</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-08-16</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Harlingen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Onbekend</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2005-12-21</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2005-12-28</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2013-10-16</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>-</overheidrg:kenmerk></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Verordening inzake de wijze waarop ingezetenen enbelanghebbenden bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid worden betrokken 2005
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al/>
          <al>
            <vet>DE RAAD VAN DE GEMEENTE HARLINGEN;</vet>
          </al>
          <al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 8 november 2005;</al>
          <al>gelet op artikel 150 van de Gemeentewet;</al>
          <al>B E S L U I T:</al>
          <al> </al>
          <al>I. in te trekken zijn besluit van 14 januari 1998, tot vaststelling van “de verordening over</al>
          <al>de wijze, waarop ingezetenen en in de gemeente een belang hebbende natuurlijke en</al>
          <al>rechtspersonen bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid worden betrokken”</al>
          <al>(de Inspraakverordening);</al>
          <al> </al>
          <al>II. vast te stellen de “Verordening inzake de wijze waarop ingezetenen en</al>
          <al>belanghebbenden bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid worden betrokken”</al>
          <al>(Inspraakverordening 2005);</al>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 1 Begripsomschrijvingen</label>
          </kop>
          <al>De verordening verstaat onder:</al>
          <al>a. inspraak: het betrekken van ingezetenen en belanghebbenden bij de</al>
          <al>voorbereiding van gemeentelijk beleid;</al>
          <al>b. inspraakprocedure: de wijze waarop de inspraak gestalte wordt gegeven;</al>
          <al>c. beleidsvoornemen: het voornemen van het bestuursorgaan tot het vaststellen of</al>
          <al>wijzigen van beleid.</al>
          <al>
            <vet> </vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 2 Onderwerp van inspraak</label>
          </kop>
          <al>1. Elk bestuursorgaan besluit ten aanzien van zijn eigen bevoegdheden of inspraak</al>
          <al>wordt verleend bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid.</al>
          <al>2. Inspraak wordt altijd verleend indien de wet daartoe verplicht.</al>
          <al>3. Geen inspraak wordt verleend:</al>
          <al>a. ten aanzien van ondergeschikte herzieningen van een eerder vastgesteld</al>
          <al>beleidsvoornemen;</al>
          <al>b. indien inspraak bij of krachtens wettelijk voorschrift is uitgesloten;</al>
          <al>c. indien sprake is van uitvoering van hogere regelgeving waarbij het</al>
          <al>bestuursorgaan geen of nauwelijks beleidsvrijheid heeft;</al>
          <al>d. inzake de begroting, de tarieven voor gemeentelijke dienstverlening en</al>
          <al>belastingen, bedoeld in hoofdstuk XV van de Gemeentewet;</al>
          <al>e. indien de uitvoering van een beleidsvoornemen dermate spoedeisend is dat</al>
          <al>inspraak niet kan worden afgewacht;</al>
          <al>f. indien het belang van inspraak niet opweegt tegen het belang van de</al>
          <al>verantwoordelijkheid van de gemeente voor kwetsbare groepen in de</al>
          <al>samenleving.</al>
          <al>
            <vet> </vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 3 Inspraakgerechtigden</label>
          </kop>
          <al>Inspraak wordt verleend aan ingezetenen en belanghebbenden.</al>
          <al>
            <vet> </vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 4 Inspraakprocedure</label>
          </kop>
          <al>1. Op inspraak is de procedure van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht</al>
          <al>van toepassing.</al>
          <al>2. Het bestuursorgaan kan voor één of meer beleidsvoornemens een andere</al>
          <al>inspraakprocedure vaststellen.</al>
          <al>
            <vet> </vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 5 Eindverslag</label>
          </kop>
          <al>1. Ter afronding van de inspraak maakt het bestuursorgaan een eindverslag op.</al>
          <al>2. Het eindverslag bevat in elk geval:</al>
          <al>a. een overzicht van de gevolgde inspraakprocedure;</al>
          <al>b. een weergave van de zienswijzen die tijdens de inspraak mondeling of</al>
          <al>schriftelijk naar voren zijn gebracht;</al>
          <al>c. een reactie op deze zienswijzen, waarbij met redenen omkleed wordt</al>
          <al>aangegeven op welke punten al dan niet tot aanpassing van het</al>
          <al>beleidsvoornemen wordt overgegaan.</al>
          <al>3. Het bestuursorgaan maakt het eindverslag op de gebruikelijke wijze openbaar.</al>
          <al>4. De burgemeester vermeldt het eindverslag in zijn burgerjaarverslag.</al>
          <al>
            <vet> </vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 6 Inwerkingtreding</label>
          </kop>
          <al>Deze verordening treedt zes weken na de dag van bekendmaking in werking.</al>
          <al>Vastgesteld door de raad in zijn</al>
          <al>vergadering van 21 december 2005.</al>
          <al>, de voorzitter.</al>
          <al>, de raadsgriffier.</al>
        </artikel>
      </regeling-tekst>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>