<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd">
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR200656_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Parkeerverordening 2012</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Harlingen</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-08-16</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Harlingen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Onbekend</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-10-12</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2012-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2013-08-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>-</overheidrg:kenmerk></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Parkeerverordening 2012
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef>
      <regeling-tekst>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Afdeling</label>
            <nr>I.</nr>
            <titel>Definities en begripsomschrijvingen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>1</nr>
            </kop>
            <al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>RVV 1990: het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;</al></li>
              <li nr="b."><al>motorvoertuigen: hetgeen daaronder wordt verstaan in het RVV 1990 met
                            inbegrip van brommobielen, zoals bedoeld in artikel 1 onder ia van het RVV
                            1990;</al></li>
              <li nr="c."><al>parkeren: het gedurende een aaneengesloten periode doen of laten
                            staan van eenmotorvoertuig, anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en
                            gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of uitstappen van personen dan wel het
                            onmiddellijk laden of lossen van goederen, op binnen de gemeente gelegen voor het verkeer openstaande terreinen of weggedeelten, waarop dit doen of laten
                            staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift is verboden;</al></li>
              <li nr="d."><al>houder: degene die naar de omstandigheden als houder van een voertuig
                            moet worden beschouwd, met dien verstande dat voor een motorvoertuig dat
                            is ingeschreven in het krachtens de WVW 1994 aangehouden register van
                            opgegeven kentekens als houder wordt aangemerkt degene op wiens naam het voor
                            het motorvoertuig opgegeven kenteken ten tijde van het parkeren in het
                            register was ingeschreven dan wel degene, die middels een leasecontract of werkgeversverklaring aan kan tonen houder te zijn;</al></li>
              <li nr="e."><al>parkeerapparatuur: parkeermeters, parkeerautomaten met inbegrip
                            van verzamelparkeermeters en hetgeen naar maatschappelijke opvatting
                            overigens onder parkeerapparatuur wordt verstaan;</al></li>
              <li nr="f."><al>parkeerapparatuurplaats: een parkeerplaats waarvoor parkeerbelasting
                            wordt geheven door middel van parkeerapparatuur;</al></li>
              <li nr="g."><al>belanghebbendenplaats: een parkeerplaats die:</al><lijst>
                  <li nr="a."><al>is aangeduid met bord E9 uit bijlage 1 van het RVV 1990, of</al></li>
                  <li nr="b."><al>gelegen is binnen een zone aangeduid met bord E9 uit bijlage 1 van
                            het RVV 1990 met het opschrift zone, voor zover deze plaats niet is
                            uitgezonderd;</al></li>
                </lijst></li>
              <li nr="h."><al>vergunning: een door het college van burgemeester en wethouders
                            verleende vergunning, krachtens welke het is toegestaan een motorvoertuig te
                            parkeren op daartoe aangewezen parkeerapparatuur- of belanghebbendenplaatsen;</al></li>
              <li nr="i."><al>vergunninghouder: de natuurlijke persoon of rechtspersoon aan wie
                            een vergunning is verleend;</al></li>
              <li nr="j."><al>instellingen: organisaties van openbaar nut.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Afdeling</label>
            <nr>II.</nr>
            <titel>Plaatsen voor vergunninghouders, vergunningen en vergunningbewijzen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>2</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Het college van burgemeester en wethouders kan, bij openbaar te maken
                            besluit, weggedeelten aanwijzen die bestemd zijn voor het parkeren door vergunninghouders. Het college van burgemeester en wethouders kan
                            hierbij onderscheid maken in de categorieën als bedoeld in artikel 3, derde
                            lid.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Het college van burgemeester en wethouders kan, bij openbaar te maken
                            besluit, de tijdstippen vaststellen waarop het parkeren alleen aan
                            vergunninghouders is toegestaan.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>3</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Het college van burgemeester en wethouders kan op een daartoe
                            strekkende aanvraag een vergunning verlenen voor het parkeren op belanghebbendenplaatsen of parkeerapparatuurplaatsen.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Het college van burgemeester en wethouders kan regels stellen voor
                            het aanvragen en verlenen van een vergunning.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Een vergunning kan worden verleend aan:</al>
              <lijst>
                <li nr="a."><al>de eigenaar of houder van een motorvoertuig wanneer deze woont in
                            een gebied waar belanghebbendenplaatsen en/of mede door vergunninghouders te gebruiken parkeerapparatuurplaatsen aanwezig
                            zijn, te noemen <vet>bewonersvergunning;</vet> − Per woonadres binnen gebied Centrum worden maximaal 2 bewonersvergunningen verleend. Voor eventuele extra motorvoertuigen kan een bewonersvergunning voor gebied Kwartieren worden verleend.</al></li>
                <li nr="b."><al>de eigenaar of houder van een motorvoertuig wanneer deze een beroep
                            of bedrijf uitoefent, terwijl het vestigingsadres ligt in een gebied
                            waar belanghebbendenplaatsen en/of mede door vergunninghouders te gebruiken parkeerapparatuurplaatsen aanwezig zijn en aantoont dat het
                            in het belang van diens beroeps- of bedrijfsuitoefening, waarbij op basis
                            van de voorzienbaarheid, planbaarheid, samenvoegbaarheid van het autogebruik ten behoeve van het bedrijf alsmede de aard van de te vervoeren goederen (vies, vers, vuil), noodzakelijk is in dat gebied
                            een voertuig te parkeren, te noemen <vet>bedrijfsvergunning;</vet> − Het college van burgemeester en wethouders neemt in het uitvoeringsbesluit een lijst op met branches welke in aanmerking
                            komen voor een bedrijfsvergunning; − Een bedrijfsvergunning kan daarnaast worden verleend aan bouw gerelateerde bedrijven, welke werkzaamheden uitvoeren in een gebied waar belanghebbendenplaatsen en/of mede door vergunninghouders te gebruiken parkeerapparatuurplaatsen aanwezig zijn.</al></li>
                <li nr="c."><al>degene die woont in een gebied waar belanghebbendenplaatsen
                            en/of mede door vergunninghouders te gebruiken parkeerapparatuurplaatsen aanwezig zijn, ten behoeve van het parkeren van het motorvoertuig
                            van degene die hem of haar bezoekt, te noemen
                            <vet>parkeerkraskaart;</vet></al></li>
                <li nr="d."><al>degene die bedrijfsmatig en tegen betaling nachtverblijf biedt
                            aan personen, ten behoeve van het parkeren van het motorvoertuig van
                            die personen, terwijl het vestigingsadres ligt in een gebied waar belanghebbendenplaatsen en/of mede door vergunninghouders te gebruiken parkeerapparatuurplaatsen aanwezig zijn, te noemen <vet>toeristenvergunning;</vet></al></li>
                <li nr="e."><al>instellingen die voor de uitoefening van de functie of taak
                            structureel één of meer motorvoertuigen in de gehele gemeente moet bezigen, voor het parkeren op parkeerapparatuur- en/of belanghebbendenplaatsen, te noemen <vet>dienstenvergunning;</vet></al></li>
                <li nr="f."><al>de eigenaar of houder van een motorvoertuig wanneer deze als
                            werknemer werkzaam is bij een bedrijf gevestigd in het gebied waar
                            parkeerapparatuuren/ of belanghebbendenplaatsen aanwezig zijn en die wil parkeren op de
                            in het betreffende gebied aanwezige belanghebbendenplaatsen, te noemen <vet>werknemersvergunning;</vet></al></li>
                <li nr="g."><al>de eigenaar van een bestaand stallingsbedrijf, die ook als zodanig in
                            het bestemmingsplan is opgenomen, terwijl het vestigingsadres ligt in
                            een gebied waar belanghebbendenplaatsen en/of mede door vergunninghouders te gebruiken parkeerapparatuurplaatsen aanwezig
                            zijn, te noemen <vet>stallingsbedrijvenvergunning;</vet></al></li>
                <li nr="h."><al>de organisator van evenementen, terwijl het evenementenadres ligt in
                            een gebied waar belanghebbendenplaatsen en/of mede door vergunninghouders te gebruiken parkeerapparatuurplaatsen aanwezig
                            zijn en aantoont dat het in het belang van het evenement noodzakelijk is in
                            dat gebied een voertuig te parkeren, te noemen
                                <vet>evenementenvergunning;</vet></al></li>
                <li nr="i."><al>gezelschappen die bij een huwelijk of begrafenis aanwezig willen
                            zijn, te noemen <vet>incidentele vergunning;</vet></al></li>
                <li nr="j."><al>door het college van burgemeester en wethouders aan te wijzen personen/instanties, te noemen <vet>Stadhuisvergunning.</vet></al></li>
              </lijst>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4.</lidnr>
              <al>Het college van burgemeester en wethouders kan in bijzondere gevallen
                            een vergunning ook verlenen aan een eigenaar of houder van een motorvoertuig
                            die niet voldoet aan één van de in het derde lid genoemde vereisten.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>5.</lidnr>
              <al>Het college van burgemeester en wethouders kan aan een
                            vergunning voorschriften en beperkingen verbinden die strekken tot bescherming van
                            het belang van een goede verdeling van de beschikbare parkeerruimte. Aan
                            een vergunning kan het college van burgemeester en wethouders voorschriften
                            en beperkingen verbinden die strekken tot bescherming van het belang van
                            het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder
                            of schade alsmede de gevolgen voor het milieu, bedoeld in de Wet
                            milieubeheer, waaronder mede wordt begrepen het stimuleren van selectief
                            autogebruik.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>4</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Het college van burgemeester en wethouders kan, met inachtneming van
                            het bepaalde in de volgende leden van dit artikel, regels geven voor het
                            aanvragen en verlenen van een vergunning.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Het college van burgemeester en wethouders beslist binnen 2 maanden
                            na ontvangst van een aanvraag voor een vergunning.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Het college van burgemeester en wethouders kan de in het tweede
                            lid genoemde termijn met ten hoogste een maand verlengen. Van een
                            verlenging van deze termijn wordt de aanvrager schriftelijk in kennis gesteld.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4.</lidnr>
              <al>Een besluit tot afwijzing van een aanvraag is met redenen omkleed. De
                            aanvrager wordt van deze afwijzing schriftelijk in kennis gesteld.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>5</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Een vergunning wordt voor ten hoogste 1 kalenderjaar verleend.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>De vergunning bevat in ieder geval de volgende gegevens:</al>
              <lijst>
                <li nr="a."><al>de periode waarvoor de vergunning geldt;</al></li>
                <li nr="b."><al>het gebied waarvoor de vergunning geldt;</al></li>
                <li nr="c."><al>de naam van de vergunninghouder of het kenteken van het
                            motorvoertuig waarvoor de vergunning is verleend.</al></li>
              </lijst>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>6</nr>
            </kop>
            <al>Het college van burgemeester en wethouders kan een vergunning intrekken
                            of wijzigen:</al>
            <al>a. op verzoek van de vergunninghouder;</al>
            <al>b. wanneer de vergunninghouder niet meer woonachtig is of geen beroep of
                            bedrijf</al>
            <al>meer uitoefent in het gebied, waarvoor de vergunning is verleend;</al>
            <al>c. wanneer er zich een wijziging voordoet in een van de omstandigheden
                            die relevant</al>
            <al>waren voor het verlenen van de vergunning;</al>
            <al>d. wanneer voor het betreffende gebied het stelsel van vergunningen komt
                            te</al>
            <al>vervallen;</al>
            <al>e. wanneer de vergunninghouder niet of niet tijdig aan zijn
                            betalingsverplichting voor</al>
            <al>zijn vergunning heeft voldaan;</al>
            <al>f. wanneer de vergunninghouder handelt in strijd met de aan de
                            vergunning</al>
            <al>verbonden voorschriften;</al>
            <al>g. wanneer blijkt dat bij de aanvraag van de vergunning onjuiste
                            gegevens zijn</al>
            <al>verstrekt;</al>
            <al>h. wanneer de vergunninghouder zijn vergunning vervalst of ter
                            vervalsing heeft</al>
            <al>aangeboden;</al>
            <al>i. om redenen van openbaar belang.</al>
            <al/>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Afdeling III. Verbodsbepalingen</label>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 7</label>
            </kop>
            <al>1. Het is verboden gedurende de tijden waarop het parkeren op een</al>
            <al>belanghebbendenplaats slechts aan vergunninghouders is toegestaan aldaar
                            een</al>
            <al>motorvoertuig te parkeren of geparkeerd te houden:</al>
            <al>a. zonder vergunning;</al>
            <al>b. zonder dat het motorvoertuig duidelijk zichtbaar is voorzien van de
                            voor dat</al>
            <al>motorvoertuig afgegeven vergunning;</al>
            <al>c. in strijd met de aan de vergunning verbonden voorschriften.</al>
            <al>2. Het college van burgemeester en wethouders kan ontheffing verlenen
                            van het</al>
            <al>bepaalde in het eerste lid van dit artikel.</al>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 8</label>
            </kop>
            <al>Het is verboden parkeerapparatuur op andere wijze of met andere
                            middelen, dan wel met</al>
            <al>andere munten dan die welke in de kennisgeving op de parkeerapparatuur
                            staan</al>
            <al>aangegeven in werking te stellen.</al>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 9</label>
            </kop>
            <al>1. Het is verboden om enig voorwerp, niet zijnde een motorvoertuig, te
                            plaatsen of te</al>
            <al>laten staan:</al>
            <al>a. op een parkeerapparatuurplaats;</al>
            <al>b. op een belanghebbendenplaats.</al>
            <al>2. Het is verboden een fiets, een bromfiets of enig ander voorwerp op
                            zodanige wijze</al>
            <al>tegen of bij parkeerapparatuur te plaatsen of te laten staan, dat
                            daardoor een</al>
            <al>normaal gebruik daarvan wordt belemmerd of verhinderd.</al>
            <al>3. Het college van burgemeester en wethouders kan ontheffing verlenen
                            van het</al>
            <al>bepaalde in het eerste lid van dit artikel.</al>
            <al/>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Afdeling IV. Strafbepaling</label>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 10</label>
            </kop>
            <al>Overtreding van het bepaalde in afdeling III van deze verordening wordt
                            gestraft met</al>
            <al>hechtenis van ten hoogste een maand of geldboete van de eerste
                            categorie.</al>
            <al/>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Afdeling V. Overgangs- en slotbepalingen</label>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 11</label>
            </kop>
            <al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze
                            verordening zijn</al>
            <al>belast de door het college van burgemeester en wethouders aangewezen
                            personen.</al>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 12</label>
            </kop>
            <al>Deze verordening wordt aangehaald als: Parkeerverordening 2012.</al>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel 13</label>
            </kop>
            <al>1. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2012.</al>
            <al>2. Bij inwerkingtreding van deze verordening vervalt de
                            Parkeerverordening 2011.</al>
            <al>3. Vergunningen die zijn verleend krachtens de parkeerverordening 2011
                            worden</al>
            <al>geacht te zijn verleend krachtens deze verordening.</al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
      </regeling-tekst>
      <regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering>
        
        <ondertekening>Vastgesteld door de raad in zijn</ondertekening>
        <ondertekening>vergadering van 12 oktober 2011</ondertekening>
        <ondertekening>, de voorzitter</ondertekening>
        <ondertekening>, de raadsgriffier</ondertekening>
      </regeling-sluiting>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>