<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd">
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR200648_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening winkeltijden gemeente Harlingen 2012</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Harlingen</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-08-16</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Harlingen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Onbekend</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>openbare orde en veiligheid</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-12-14</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2012-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-07-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>-</overheidrg:kenmerk></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Verordening winkeltijden gemeente Harlingen 2012
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef>
      <regeling-tekst>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 1. Begripsbepalingen</label>
          </kop>
          <al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al>
          <al>a. de wet: de Winkeltijdenwet;</al>
          <al>b. winkel: een winkel als bedoeld in artikel 1 van de wet;</al>
          <al>c. feestdag: Nieuwjaarsdag, tweede Paasdag, Hemelvaartsdag, tweede Pinksterdag, eerste</al>
          <al>Kerstdag en tweede Kerstdag;</al>
          <al>d. college: het college van burgemeester en wethouders.</al>
          <al>
            <vet> </vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 2. Beslistermijn</label>
          </kop>
          <al>1. Het college beslist op een aanvraag om een ontheffing binnen acht weken.</al>
          <al>2. Het college kan de beslissing voor ten hoogste vier weken verdagen.</al>
          <al>
            <vet> </vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 3. Overdracht van de ontheffing</label>
          </kop>
          <al>1. Een ontheffing op grond van deze verordening is overdraagbaar na verkregen toestemming</al>
          <al>van het college.</al>
          <al>2. In geval van een voorgenomen overdracht doet de houder van de ontheffing hiervan</al>
          <al>onmiddellijk schriftelijk mededeling aan het college onder vermelding van de naam en het</al>
          <al>adres van de voorgestelde rechtverkrijgende.</al>
          <al>
            <vet> </vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 4. Intrekken of wijzigen van de ontheffing</label>
          </kop>
          <al>Het college kan een ontheffing intrekken of wijzigen indien:</al>
          <al>a. ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt;</al>
          <al>b. veranderde omstandigheden of gewijzigde inzichten dit noodzakelijk maken in verband met</al>
          <al>het belang of de belangen ter bescherming waarvan de ontheffing is vereist;</al>
          <al>c. het gebruik van de winkel of de uitoefening van een bedrijf anders dan in een winkel gevaar</al>
          <al>oplevert voor de openbare orde, de veiligheid of het woon- en leefklimaat ter plaatse;</al>
          <al>d. de aan de ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen;</al>
          <al>e. van de ontheffing geen gebruik wordt gemaakt binnen een daarin gestelde termijn of, bij</al>
          <al>gebreke van een dergelijke termijn, binnen een redelijke termijn;</al>
          <al>f. de houder dit aanvraagt.</al>
          <al>
            <vet> </vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 5. Zon- en feestdagenregeling (koopzondagen)</label>
          </kop>
          <al>1. De verboden genoemd in artikel 2, eerste lid, aanhef en onder a en b van de wet, gelden niet</al>
          <al>op ten hoogste twaalf, door het college aan te wijzen, zondagen of feestdagen per</al>
          <al>kalenderjaar.</al>
          <al>2. Deze bevoegdheid geldt voor elk deel van de gemeente afzonderlijk.</al>
          <al>
            <vet> </vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 6. Openstelling van avondwinkels op zon- en feestdagen</label>
          </kop>
          <al>1. Het college kan op aanvraag ontheffing verlenen van de in artikel 2, eerste lid, aanhef en onder</al>
          <al>a en b van de wet genoemde verboden aan winkels waar uitsluitend of hoofdzakelijk eet- en</al>
          <al>drinkwaren plegen te worden verkocht met uitzondering van sterke drank als bedoeld in artikel</al>
          <al>1, eerste lid, van de Drank- en Horecawet.</al>
          <al>2. Het college kan de ontheffing voor ten hoogste één winkel verlenen.</al>
          <al>3. Aan de ontheffing worden in elk geval het volgende voorschrift verbonden:</al>
          <al>a. de winkel dient gesloten te zijn tussen 0.00 uur en 16.00 uur.</al>
          <al>4. De ontheffing kan worden geweigerd indien de woonsituatie of de leefsituatie, de veiligheid of</al>
          <al>de openbare orde in de omgeving van de winkel op ontoelaatbare wijze nadelig wordt</al>
          <al>beïnvloed door de openstelling.</al>
          <al>
            <vet> </vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 7. Ontheffing zon- en feestdagenregeling voor bijzondere situaties</label>
          </kop>
          <al>1. Het college kan voor wat betreft zondagen of feestdagen ontheffing verlenen van de in artikel</al>
          <al>2 van de wet genoemde verboden, ten behoeve van:</al>
          <al>a. bijzondere gelegenheden van tijdelijke aard;</al>
          <al>b. het uitstallen van goederen;</al>
          <al>c. tentoonstellingen in kunstateliers en galeries</al>
          <al>2. De ontheffing kan worden verleend in geval van feestelijkheden, bijeenkomsten, veilingen of</al>
          <al>beurzen.</al>
          <al>
            <vet> </vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 8. Verbod straatverkoop bepaalde goederen op zon- en feestdagen</label>
          </kop>
          <al>De vrijstelling, bedoeld in artikel 12, eerste lid van het Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenwet, geldt</al>
          <al>niet voor het grondgebied van de gehele gemeente.</al>
          <al>
            <vet> </vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 9. Openstelling op werkdagen tussen 22.00 en 06.00 uur (nachtwinkels)</label>
          </kop>
          <al>1. Het college kan op aanvraag ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in artikel 2, eerste</al>
          <al>lid, onder c, van de wet.</al>
          <al>2. De ontheffing kan worden geweigerd indien de woonsituatie of de leefsituatie, de veiligheid of</al>
          <al>de openbare orde in de omgeving van de winkel op ontoelaatbare wijze nadelig wordt</al>
          <al>beïnvloed door de openstelling van de winkel.</al>
          <al>
            <vet> </vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 10. Toerisme</label>
          </kop>
          <al>De verboden, bedoeld in artikel 2, eerste lid van de wet gelden, om reden van op de gemeente</al>
          <al>gericht toerisme, voor zover zij betrekking hebben op de zondagen en de feestdagen, niet</al>
          <al>a. voor het gehele grondgebied van de gemeente;</al>
          <al>b. gedurende de periode 1 januari tot en met 31 december;</al>
          <al>c. op zon- en feestdagen van 12.00 uur tot 18.00 uur;</al>
          <al>d. voor de verkoop van de alle mogelijke soorten van artikelen.</al>
          <al>
            <vet> </vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 11. Intrekking voorgaande regeling</label>
          </kop>
          <al>De Verordening winkeltijden Harlingen, vastgesteld op 14 augustus 1996, wordt ingetrokken.</al>
          <al>
            <vet> </vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 12. Inwerkingtreding</label>
          </kop>
          <al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2012.</al>
          <al>
            <vet> </vet>
          </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel 13. Citeertitel</label>
          </kop>
          <al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening winkeltijden gemeente Harlingen 2012.</al>
          <al>Vastgesteld door de raad in zijn</al>
          <al>vergadering van</al>
          <al>, de voorzitter</al>
          <al>, de raadsgriffier</al>
        </artikel>
      </regeling-tekst>
      <nota-toelichting>
        <kop>
          <label>Nota-toelichting</label>
          <nr>1</nr>
          <titel>Algemene toelichting</titel>
        </kop>
        <al/>
        <al>
          <vet>ALGEMENE TOELICHTING</vet>
        </al>
        <al>
          <vet>De Winkeltijdenwet</vet>
        </al>
        <al>Op 1 juni 1996 is de Winkeltijdenwet tezamen met het Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenwet in</al>
        <al>werking getreden. Deze wet stelt ruimere regels voor de openingstijden van winkels dan zijn</al>
        <al>voorganger, de Winkelsluitingswet 1976.</al>
        <al>De tekst van de Winkeltijdenwet en het bijbehorende Vrijstellingenbesluit zijn gepubliceerd in het</al>
        <al>Staatsblad van 28 maart 1996, onder nummer 182 en 183. In 2010 is een wijziging van de</al>
        <al>Winkeltijdenwet door de Eerste Kamer in goedgekeurd. Deze wijziging heeft tot doel een</al>
        <al>inkadering te geven van de bevoegdheid om toeristische gebieden aan te wijzen, waar de winkels</al>
        <al>op alle zon- en feestdagen open mogen zijn. Het gaat om een aantal extra eisen aan de</al>
        <al>besluitvorming en een aanscherping van de bevoegdheid op grond van artikel 3, derde lid, onder</al>
        <al>a, van de wet. Verder worden door deze wetswijziging de vrijstellingen die de raad op basis van dit</al>
        <al>artikel bij verordening kan geven, vatbaar voor bezwaar en beroep bij het College van Beroep voor</al>
        <al>het bedrijfsleven.</al>
        <al>
          <vet> </vet>
        </al>
        <al>
          <vet>Uitgangspunten gewijzigde Winkeltijdenwet</vet>
        </al>
        <al>In concreto komen deze uitgangspunten neer op het volgende.</al>
        <al>a. Op maandag t/m zaterdag, de werkdagen, is openstelling van winkels toegestaan tussen 06.00</al>
        <al>en 22.00 uur. Gemeenten mogen tijdens deze uren geen beperkingen opleggen aan de</al>
        <al>openstelling van winkels.</al>
        <al>b. Aan het aantal openingsuren per winkel per week is geen maximum verbonden.</al>
        <al>c. Tijdens de nachturen van 22.00 tot 06.00 uur is winkelopening op werkdagen niet toegestaan.</al>
        <al>Gemeenten kunnen echter vrijstellingen of ontheffingen van deze verplichte winkelsluiting</al>
        <al>verlenen. Op Goede Vrijdag, Kerstavond (24 december) en. Dodenherdenking (4 mei) moeten</al>
        <al>de winkels vanaf 19.00 uur dicht zijn.</al>
        <al>d. Op zon- en feestdagen is winkelopening niet toegestaan. Voor maximaal 12 zon- en</al>
        <al>feestdagen per kalenderjaar kan de gemeente vrijstelling of ontheffing van deze verplichte</al>
        <al>sluiting verlenen. De Winkeltijdenwet merkt in dit verband als feestdagen aan: Nieuwjaarsdag,</al>
        <al>tweede Paasdag, Hemelvaartsdag, tweede Pinksterdag en eerste en tweede Kerstdag.</al>
        <al>e. Winkels waar uitsluitend of hoofdzakelijk levensmiddelen worden verkocht (in de praktijk gaat</al>
        <al>het vaak om supermarkten) kunnen ontheffing krijgen om op zon- en feestdagen vanaf 16.00</al>
        <al>uur open te zijn. Ze moeten dan wel op alle zon- en feestdagen voor 16.00 uur dicht zijn, ook</al>
        <al>als die als koopzondag zijn aangewezen. Belangrijk is ook dat er in een gemeente maar één</al>
        <al>ontheffing per 15.000 inwoners mag worden verleend.</al>
        <al>f. De raden kunnen bij verordening vrijstelling verlenen van de verplichte winkelsluiting op zonen</al>
        <al>feestdagen in verband met op de gemeente of een deel daarvan gericht autonoom</al>
        <al>toerisme. Zoals hiervoor vermeld wordt deze bevoegdheid door het wetsvoorstel 31728 nader</al>
        <al>ingekaderd.</al>
        <al>De Winkeltijdenwet is niet alleen van toepassing op winkels: het is op de in artikel 2, eerste lid, van</al>
        <al>de wet bedoelde dagen en tijden ook verboden om in de uitoefening van een bedrijf (anders dan</al>
        <al>in een winkel) goederen te koop aan te bieden of te verkopen aan particulieren. Dit volgt uit artikel</al>
        <al>2, tweede lid.</al>
        <al>
          <vet> </vet>
        </al>
        <al>
          <vet>Gemeentelijke bevoegdheden</vet>
        </al>
        <al>Als algemene regel geldt dat op zon- en feestdagen de winkels gesloten zijn. Hierop bestaat een</al>
        <al>aantal uitzonderingen in de vorm van vrijstellings- en ontheffingsmogelijkheden. Hiermee kan het</al>
        <al>gemeentebestuur ook buiten de wettelijk geregelde sluitingstijden winkelopening toestaan. Deze</al>
        <al>bevoegdheden kunnen worden ingedeeld in de volgende vier categorieën.</al>
        <al> </al>
        <al>1. Bevoegdheden op werkdagen:</al>
        <al>De gemeentelijke bevoegdheden op werkdagen behelzen feitelijk de mogelijkheid om ook na</al>
        <al>22.00 uur winkelopening toe te staan (art. 7 van de Winkeltijdenwet). De</al>
        <al>winkeltijdenverordening moet in een grondslag voorzien om de detailhandelsactiviteiten</al>
        <al>mogelijk te maken die na 22.00 uur op werkdagen plaatsvinden. Dat is gebeurd in artikel 9 van</al>
        <al>de verordening.</al>
        <al>2. Bevoegdheden op zon- en feestdagen en 19-uurdagen:</al>
        <al>De gemeenteraad heeft op grond van artikel 3, eerste lid, Winkeltijdenwet de bevoegdheid om</al>
        <al>per kalenderjaar maximaal twaalf zondagen of feestdagen als koopzondag aan te wijzen. Deze</al>
        <al>bevoegdheid geldt per deel van de gemeente afzonderlijk en kan worden overgedragen aan</al>
        <al>het college van burgemeester en wethouders. Ook kan de raad het college van burgemeester</al>
        <al>en wethouders een ontheffingsbevoegdheid toekennen.</al>
        <al>&#x95; Artikel 2, eerste lid, aanhef en onder a, Winkeltijdenwet bepaalt dat de winkels op zondag</al>
        <al>gesloten moeten zijn. In het eerste lid, onder b, wordt een aantal andere dagen genoemd</al>
        <al>waarop de winkels gesloten moeten zijn, namelijk Nieuwjaarsdag, tweede Paasdag,</al>
        <al>Hemelvaartsdag, tweede Pinksterdag en eerste en tweede Kerstdag. Deze dagen zijn in</al>
        <al>artikel 1 van de verordening gedefinieerd als feestdagen. Daarnaast noemt artikel 2, eerste</al>
        <al>lid onder b, van de Winkeltijdenwet nog drie dagen waarop de winkels gesloten moeten</al>
        <al>zijn vanaf 19.00 uur: Goede Vrijdag, 4 mei en 24 december. Deze dagen vallen dus niet</al>
        <al>onder het begrip feestdagen. In deze toelichting worden ze verder aangeduid als “19-</al>
        <al>uurdagen”.</al>
        <al>&#x95; Nieuwjaarsdag, tweede Paasdag, Hemelvaartsdag, tweede Pinksterdag en eerste en</al>
        <al>tweede Kerstdag zijn ook in artikel 1 van het Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenwet</al>
        <al>gedefinieerd als feestdagen.</al>
        <al>&#x95; Artikel 3, eerste lid, van de Winkeltijdenwet noemt als dagen die als koopzondag kunnen</al>
        <al>worden aangewezen naast de zondagen alleen de hiervoor vermelde feestdagen</al>
        <al>Nieuwjaarsdag, tweede Paasdag, Hemelvaartsdag, tweede Pinksterdag en eerste en</al>
        <al>tweede Kerstdag. Daaruit volgt dat de 19uurdagen niet als koopzondag kunnen worden</al>
        <al>aangewezen indien zij op een zondag vallen.</al>
        <al>3. Bevoegdheden voor specifieke situaties:</al>
        <al>De gemeente heeft de bevoegdheid om bij verordening een vrijstelling te verlenen van het</al>
        <al>verbod om op zon- en feestdagen open te zijn vanwege op de gemeente of een deel daarvan</al>
        <al>gericht autonoom toerisme (artikel 3, derde lid, onder a). Deze vrijstelling kan worden verleend</al>
        <al>voor de gehele gemeente of een deel daarvan. Hierbij geldt de wettelijke voorwaarde dat de</al>
        <al>lokale aantrekkingskracht voor toeristen niet wordt bepaald door de (vrijgestelde)</al>
        <al>winkelopening. Deze bevoegdheid is uitgewerkt in artikel 10 van de verordening.</al>
        <al>&#x95; De wet voorziet in artikel 3, vierde lid, in een bevoegdheid van de gemeenteraad om in een</al>
        <al>verordening een bevoegdheid aan het college van burgemeester en wethouders toe te</al>
        <al>kennen om aan winkels die uitsluitend of hoofdzakelijk eet- en drinkwaren verkopen een</al>
        <al>ontheffing te verlenen voor opening op zon- en feestdagen vanaf 16.00 uur. Per 15.000</al>
        <al>inwoners van de gemeente mag slechts één winkel worden aangewezen. In gemeenten</al>
        <al>met minder dan 15.000 inwoners mag aan één winkel een dergelijke ontheffing worden</al>
        <al>verleend. Deze bepaling komt in plaats van de avondwinkelbepaling in de</al>
        <al>Winkelsluitingswet 1976. Net als onder de Winkelsluitingswet 1976 moeten deze winkels</al>
        <al>zich uitsluitend of hoofdzakelijk richten op de verkoop van eet- en drinkwaren, met</al>
        <al>uitzondering van sterke drank in de zin van artikel 1 van de Drank en Horecawet. Het gaat</al>
        <al>in de praktijk vaak om supermarkten. Doordat artikel 3, vierde lid van de Winkeltijdenwet</al>
        <al>verwijst naar artikel 2, tweede lid onder a en b, kan een dergelijke supermarkt dus op</al>
        <al>zondagen, feestdagen en op 19uur dagen geopend zijn. Zie verder de toelichting bij artikel</al>
        <al>6 van deze verordening.</al>
        <al> </al>
        <al>&#x95; Winkels die een ontheffing op grond van artikel 3, vierde lid, hebben mogen op werkdagen</al>
        <al>ook op de reguliere winkeltijden, dus tussen 06.00 uur en 22.00 uur, onbeperkt geopend</al>
        <al>zijn. Daarnaast kan nog vrijstelling of ontheffing worden verleend voor de uren tussen</al>
        <al>22.00 uur en 06.00 uur (artikel 7 Winkeltijdenwet). De betrokken winkels moeten echter wel</al>
        <al>op alle zon- en feestdagen gesloten zijn tot 16.00 uur. Dit geldt dus ook voor die zon- en</al>
        <al>feestdagen die als koopzondag zijn aangewezen.</al>
        <al>&#x95; Daarnaast heeft de gemeente de mogelijkheid om voor grensoverschrijdend verkeer een</al>
        <al>vrijstelling te verlenen aan winkels in de nabijheid van grensovergangen langs daarop</al>
        <al>aansluitende doorgaande wegen.</al>
        <al>&#x95; Het college heeft op grond van artikel 4, eerste lid, van de wet de bevoegdheid om bij</al>
        <al>plotseling opkomende bijzondere omstandigheden een vrijstelling van de verplichte</al>
        <al>winkelsluiting te verlenen. Daarnaast kan de raad het college in bij de verordening</al>
        <al>aangewezen gevallen de bevoegdheid toe kennen op verzoek een ontheffing verlenen bij</al>
        <al>bijzondere gelegenheden van tijdelijke aard en voor het uitstallen van goederen. Zie</al>
        <al>daarover ook de toelichting bij artikel 7.</al>
        <al>&#x95; Het college kan op grond van artikel 6 van de Winkeltijdenwet op verzoek een ontheffing</al>
        <al>verlenen voor de openstelling van de winkel op zondag aan winkeliers die tot een</al>
        <al>kerkgenootschap behoren dat de wekelijkse religieuze rustdag op een andere dag dan de</al>
        <al>zondag houdt. Deze winkeliers moeten dan wel op hun eigen religieuze rustdag hun</al>
        <al>winkel gesloten houden</al>
        <al>4. Algemeen</al>
        <al>Alle op grond van de wet en de verordening te verlenen vrijstellingen en ontheffingen kunnen</al>
        <al>onder beperkingen worden verleend; ook kunnen er voorschriften aan worden gebonden. Aan</al>
        <al>de ontheffingen op grond van artikel 3, vierde lid, en op grond van artikel 7 van de</al>
        <al>Winkeltijdenwet (avondopenstelling op zondag respectievelijk op werkdagen) kan</al>
        <al>bijvoorbeeld de beperking worden verbonden dat er na een bepaald tijdstip geen</al>
        <al>alcoholhoudende drank mag worden verkocht (CBB 18-03-2009, AWB 08/802 S2, Zaanstad)</al>
        <al>
          <vet> </vet>
        </al>
        <al>
          <vet>Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenwet</vet>
        </al>
        <al>In het Vrijstellingenbesluit worden aan enkele vormen van detailhandel landelijke</al>
        <al>vrijstellingen verleend van de openingsverboden uit de Winkeltijdenwet. Hierbij worden landelijke</al>
        <al>vrijstellingen voor de gehele week en landelijke vrijstellingen voor de zondagen en de feestdagen</al>
        <al>onderscheiden. Voor de detailhandelsactiviteiten van de laatste categorie kunnen voor de</al>
        <al>werkdagen op lokaal niveau vrijstellingen en ontheffingen worden verleend. De twee categorieën</al>
        <al>zijn hieronder nader uitgewerkt.</al>
        <al>Aan dit onderscheid ligt de keuze ten grondslag om het zwaartepunt bij de mogelijkheid voor het</al>
        <al>verlenen van vrijstellingen bij de gemeenten te leggen. Voor een beperkt aantal</al>
        <al>detailhandelsactiviteiten wordt de vrijstelling gedurende de gehele week echter van zo groot</al>
        <al>landelijk belang geacht, dat hiervoor landelijke vrijstellingen zijn opgenomen. Het gaat om de</al>
        <al>detailhandel in instellingen voor de volksgezondheid, verkeer en vervoer en de verkoop van</al>
        <al>nieuwsbladen en tijdschriften. Omdat de bevoegdheid van gemeenten om detailhandel op zonen</al>
        <al>feestdagen toe te staan beperkt blijft tot twaalf dagen per jaar, geeft het besluit ook landelijke</al>
        <al>vrijstellingen voor enkele soorten detailhandel die van oudsher op zon- en feestdagen plaatsvindt.</al>
        <al>Het gaat deels om winkels die gewoonlijk ook op werkdagen na 22.00 uur geopend zijn. Om de</al>
        <al>openstelling van deze winkels dan mogelijk te maken, kan in de verordening een vrijstelling of</al>
        <al>mogelijkheid voor het verlenen van een ontheffing worden opgenomen.</al>
        <al>
          <vet> </vet>
        </al>
        <al>
          <vet>1. Vrijstellingen voor zon- en feestdagen en werkdagen</vet>
        </al>
        <al>De vrijstellingen die voor de hele week gelden zijn alleen van toepassing op:</al>
        <al> </al>
        <al>a. Instellingen van volksgezondheid (apotheken en winkels in en op het terrein van</al>
        <al>ziekenhuizen en verpleeghuizen). Het college krijgt daarbij de bevoegdheid om op</al>
        <al>verzoek een ontheffing te verlenen voor verkooppunten van uitsluitend of</al>
        <al>hoofdzakelijk eet- en drinkwaren, prentbriefkaarten, nieuwsbladen en tijdschriften,</al>
        <al>alsmede bloemen en planten, op ten hoogste 250 meter afstand van de</al>
        <al>publieksingang van een ziekenhuis of verpleeghuis. Deze ontheffing mag gelden vanaf</al>
        <al>een half uur voor de aanvang van de bezoektijden tot het einde daarvan.</al>
        <al>b. Instellingen van verkeer en vervoer (winkels in NS-stationsgebouwen,</al>
        <al>luchtvaartterreinen voor intercontinentaal verkeer, shops in benzinestations en</al>
        <al>wegrestaurants en verkoop ten behoeve van de beroepsscheepvaart). Het college</al>
        <al>krijgt daarbij de bevoegdheid op verzoek een ontheffing te verlenen aan winkels</al>
        <al>gericht op reizigers in een gebouw voor een knooppunt van openbaar vervoer of voor</al>
        <al>het verkopen van bloemen en planten op een afstand van ten hoogste 100 meter</al>
        <al>daarvan.</al>
        <al>c. Instellingen voor de verkoop van nieuwsbladen en tijdschriften.</al>
        <al>
          <vet> </vet>
        </al>
        <al>
          <vet>2. Vrijstellingen uitsluitend voor zon- en feestdagen</vet>
        </al>
        <al>Vrijstellingen voor uitsluitend de zon- en feestdagen worden in dit besluit verleend voor:</al>
        <al>a. Bepaalde winkels (musea; winkels waar uitsluitend maaltijden, voor directe consumptie</al>
        <al>geschikte eetwaren, alcoholvrije dranken en, via een automaat, tabak en</al>
        <al>tabaksproducten, middelen ter voorkoming van zwangerschap en damesverband</al>
        <al>worden verkocht; videotheken, mits geen andere goederen te koop worden</al>
        <al>aangeboden of verkocht dan videobanden en andere beelddragers, alsmede</al>
        <al>tijdschriften en catalogi, die betrekking hebben op het te huur aangeboden</al>
        <al>assortiment).</al>
        <al>b. Openstelling van winkels anders dan voor verkoop, indien noodzakelijk voor het</al>
        <al>betreden van een restaurant of lunchroom en voor fietsenwinkels voor zover</al>
        <al>noodzakelijk voor het huren van fietsen en bromfietsen.</al>
        <al>c. Straatverkoop van eetwaren voor directe consumptie en alcoholvrije dranken. Indien</al>
        <al>de plaatselijke omstandigheden daartoe aanleiding geven, kan de raad bij verordening</al>
        <al>bepalen dat deze vrijstelling niet geldt voor de betrokken gemeente of een of meer</al>
        <al>delen daarvan. Daarin is voorzien in artikel 8 van de verordening.</al>
        <al>d. Verkoop van bloemen en planten gedurende de openingstijden op een afstand van</al>
        <al>ten hoogste 100 meter van de publieksingang van een begraafplaats.</al>
        <al>e. Verkoop van rechtstreeks verband houdende goederen bij voorstellingen,</al>
        <al>uitvoeringen of evenementen van culturele aard vanaf een uur voor aanvang tot een</al>
        <al>uur na afloop.</al>
        <al>f. Verkoop van rechtstreeks verband houdende goederen in of op het terrein van</al>
        <al>sportcomplexen gedurende de openingstijden van die sportcomplexen.</al>
        <al>g. Winkels in of op het terrein van bejaardenoorden, waar uitsluitend of hoofdzakelijk eeten</al>
        <al>drinkwaren, prentbriefkaarten, nieuwsbladen en tijdschriften, alsmede bloemen en</al>
        <al>planten worden verkocht.</al>
        <al>h. Winkels in fotoartikelen, indien betreden noodzakelijk is voor het maken van</al>
        <al>portretfoto's ter gelegenheid van de Eerste Heilige Communie.</al>
        <al>i. Verkoop van bloemen en planten op dagen waarop Allerheiligen en Allerzielen worden</al>
        <al>gevierd.</al>
        <al>j. Verkoop van brood en gebak dat in het bijzonder is bestemd voor hen die zich aan de</al>
        <al>Ramadan houden, en wel tussen twee uur vóór zonsondergang tot zonsondergang</al>
        <al>gedurende de Ramadan, mits in die winkel dat brood en gebak ook pleegt te worden</al>
        <al>verkocht buiten de periode van de Ramadan.</al>
        <al> </al>
        <al>k. Verkoop van eetwaren voor directe consumptie en alcoholvrije dranken, religieuze</al>
        <al>artikelen en souvenirs, alsmede bloemen en planten, in de directe omgeving van een</al>
        <al>bedevaartplaats, gedurende de tijd dat deze plaats als zodanig wordt bezocht.</al>
        <al>l. Verkoop van feestartikelen op zondag waarop carnaval wordt gevierd, vanaf 12.00 uur</al>
        <al>en op zon- en feestdagen waarop in de gemeente een kermis wordt gehouden,</al>
        <al>gedurende de openingstijden van die kermis.</al>
        <al>
          <vet> </vet>
        </al>
        <al>
          <vet> </vet>
        </al>
        <al>
          <vet>Handhaving</vet>
        </al>
        <al>De controle op de naleving van de regels is in eerste instantie een taak van de plaatselijk bevoegde</al>
        <al>politie in overleg met de gemeente. De Belastingdienst/FIOD-ECD wordt daarbij ingeschakeld als</al>
        <al>er een landelijke coördinatie vereist is. Uiteraard is ook bestuursrechtelijke handhaving mogelijk.</al>
        <al>Over de handhaving van de Winkeltijdenwet heeft de Minister van Economische Zaken op 22</al>
        <al>december 2006 een brief naar alle gemeenten gestuurd. Over de samenloop van strafrechtelijke en</al>
        <al>bestuursrechtelijke handhaving heeft de VNG nadere informatie gegeven. Deze is te vinden op de</al>
        <al>website van de VNG, http://www.vng.nl/eCache/DEF/62/907.html.</al>
        <al> </al>
        <al>
          <vet>ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING</vet>
        </al>
        <al>
          <vet>Artikel 1. Begripsbepalingen</vet>
        </al>
        <al>Voor de definitie van winkel wordt verwezen naar artikel 1 van de Winkeltijdenwet. Daarin is een</al>
        <al>winkel gedefinieerd als: een voor het publiek toegankelijke besloten ruimte, waarin goederen aan</al>
        <al>particulieren plegen te worden verkocht.</al>
        <al>Voor de omschrijving van het begrip feestdag is aansluiting gezocht bij artikel 2, eerste lid onder b</al>
        <al>van de Winkeltijdenwet. In de wet is geen definitie opgenomen van feestdag, maar worden de</al>
        <al>volgende dagen genoemd als dagen waarop de winkels gesloten moeten zijn (naast de zondag):</al>
        <al>Nieuwjaarsdag, tweede Paasdag, Hemelvaartsdag, tweede Pinksterdag en eerste en tweede</al>
        <al>Kerstdag. Deze dagen zijn in artikel 1 van de verordening gedefinieerd als feestdag. Daarnaast</al>
        <al>noemt artikel 2, eerste lid onder b van de Winkeltijdenwet nog drie dagen waarop de winkels</al>
        <al>gesloten moeten zijn vanaf 19.00 uur: Goede Vrijdag, 4 mei en 24 december. Deze dagen vallen</al>
        <al>dus niet onder het begrip feestdag in de verordening.</al>
        <al>Door in de verordening het begrip feestdag te definiëren, kan waar nodig worden volstaan met het</al>
        <al>woord “feestdag” of “feestdagen” en hoeven niet steeds alle dagen bij naam genoemd te worden.</al>
        <al>Koninginnedag en Bevrijdingsdag (5 mei) zijn, voor zover deze dagen niet op zondag vallen, in de</al>
        <al>wet niet aangemerkt als een dag waarop de winkels gesloten moeten zijn.</al>
        <al>
          <vet>Artikel 2. Beslistermijn</vet>
        </al>
        <al>Aangesloten is bij een redelijke termijn zoals deze in de Algemene wet bestuursrecht is geregeld</al>
        <al>van acht weken.</al>
        <al>
          <vet>Artikel 3. Overdracht van de ontheffing</vet>
        </al>
        <al>De bepaling bindt de overdracht van de ontheffing aan de toestemming van het college. De</al>
        <al>ontheffing kan aan een (rechts)persoon worden verleend als het gaat om straatverkoop als</al>
        <al>bedoeld in artikel 2, tweede lid van de Winkeltijdenwet. Als het om een winkel gaat, heeft de</al>
        <al>ontheffing naar zijn aard betrekking op het pand waarin het winkelbedrijf wordt uitgeoefend. Als</al>
        <al>het om een ontheffing voor straatverkoop gaat biedt de tussenkomst het college de gelegenheid</al>
        <al>om inzicht te krijgen in de handel en wandel van de opvolger. Als het gaat om overdracht van het</al>
        <al>winkelpand aan een ander rechthebbende, moet het college kunnen toetsen of de ontheffing in</al>
        <al>stand kan blijven of dat er eventueel andere voorschriften aan moeten worden verbonden. Er kan</al>
        <al>immers sprake zijn van een heel ander soort winkel dan voorheen.</al>
        <al>
          <vet>Artikel 4. Intrekken of wijzigen van de ontheffing</vet>
        </al>
        <al>De bevoegdheid om ontheffingen te verlenen, impliceert automatisch ook de bevoegdheid om</al>
        <al>deze in te trekken of te wijzigen. De omstandigheden waaronder worden in dit artikel geregeld.</al>
        <al>
          <vet>Artikel 5. Zon- en feestdagenregeling (koopzondagen)</vet>
        </al>
        <al>Dit artikel is een uitwerking van artikel 3, tweede lid, Winkeltijdenwet, dat de raad de mogelijkheid</al>
        <al>geeft de bevoegdheid die in het eerste lid aan de raad wordt gegeven, te delegeren aan het</al>
        <al>college. Dit is wel een beperkte delegatie: de raad zelf verleent vrijstelling, B&amp;W bepalen wanneer</al>
        <al>die precies geldt door het aanwijzen van maximaal 12 koopzondagen per jaar.</al>
        <al>
          <vet>Artikel 6. Openstelling van avondwinkels op zon- en feestdagen</vet>
        </al>
        <al>Dit artikel van de verordening steunt op artikel 3, vierde lid, van de Winkeltijdenwet. Hiermee is</al>
        <al>voldaan aan de wettelijke verplichting dat maximaal één avondwinkel per 15.000 inwoners is</al>
        <al>toegestaan. De redactie van lid 3 maakt het mogelijk om ook andere voorschriften aan de</al>
        <al>ontheffing te verbinden. Zo kan bijvoorbeeld aan de ontheffing het voorschrift worden verbonden</al>
        <al> </al>
        <al>dat na een bepaald tijdstip geen alcoholhoudende dranken meer mogen worden verkocht. Dit</al>
        <al>wordt situationeel en per aanvraag bekeken.</al>
        <al>
          <vet>Artikel 7. Ontheffing zon- en feestdagenregeling voor bijzondere situaties</vet>
        </al>
        <al>Dit artikel steunt op artikel 4, tweede lid, Winkeltijdenwet. Aangezien de Winkeltijdenwet in artikel</al>
        <al>7, eerste lid een directe bevoegdheid verleent aan het college om vrijstelling te verlenen op grond</al>
        <al>van plotseling opkomende bijzondere omstandigheden hoeft deze mogelijkheid niet afzonderlijk</al>
        <al>te worden genoemd in de verordening. Wel worden hier op grond van het tweede lid van artikel 4</al>
        <al>van de Winkeltijdenwet de gevallen aangewezen waarin ontheffing kan worden verleend ten</al>
        <al>behoeve van bijzondere gelegenheden van tijdelijke aard.</al>
        <al>Uit de bewoordingen van artikel 4, eerste lid, van de Winkeltijdenwet in relatie tot die van 3, vierde</al>
        <al>lid volgt dat deze ontheffing zowel op aanvraag als ambtshalve kan worden verleend.</al>
        <al>
          <vet>Artikel 8. Verbod straatverkoop van bepaalde goederen op zon- en feestdagen</vet>
        </al>
        <al>De vrijstelling die hier wordt bedoeld betreft het te koop aanbieden en verkopen van voor directe</al>
        <al>consumptie geschikte eetwaren en alcoholvrije dranken. In de vorige versie van de verordening</al>
        <al>was deze bevoegdheid gedelegeerd aan het college. De bevoegdheidgrondslag ontbreekt</al>
        <al>hiervoor echter in het Vrijstellingenbesluit en ook in de Winkeltijdenwet. Op grond van art 10.15</al>
        <al>van de Algemene wet bestuursrecht is delegatie alleen mogelijk als daartoe bij wettelijk voorschrift</al>
        <al>is voorzien. De raad dient daarom zelf gebieden aan te wijzen waar straatverkoop op zon- en</al>
        <al>feestdagen niet is toegestaan. In deze verordening geldt de betreffende vrijstelling niet binnen het</al>
        <al>gehele gebied van de gemeente.</al>
        <al>
          <vet>Artikel 9. Openstelling op werkdagen tussen 22.00 en 06.00 uur (nachtwinkels)</vet>
        </al>
        <al>Dit artikel steunt op artikel 7, tweede lid, van de Winkeltijdenwet. Er is overeenkomstig de</al>
        <al>voorgaande verordening sprake van een ontheffingenstelsel. Er geldt een algemeen verbod</al>
        <al>waarvan ontheffing kan worden verleend. De bevoegdheid ligt bij het college. Per aanvraag is een</al>
        <al>afweging mogelijk of de gewenste openstelling zich verhoudt met belangen van de woon- en</al>
        <al>leefomgeving, de veiligheid en de openbare orde. De vrijstellingen en ontheffingen kunnen onder</al>
        <al>beperkingen en voorschriften worden verleend.</al>
        <al>
          <vet>Artikel 10. Toerisme</vet>
        </al>
        <al>De grondslag van het artikel in de verordening is artikel 3, derde lid, onder a van de</al>
        <al>Winkeltijdenwet. De wet laat de keuze tussen het verlenen van vrijstelling door de raad of het op</al>
        <al>basis van de verordening verlenen van ontheffing door burgemeester en wethouders.</al>
        <al>De gewijzigde Winkeltijdenwet heeft het beleid aangescherpt in die zin dat er sprake moet zijn van</al>
        <al>substantieel toerisme in de gemeente en dat de raad dan wel het college bij zijn besluit</al>
        <al>nadrukkelijk de volgende belangen moet meewegen:</al>
        <al>a. werkgelegenheid en economische bedrijvigheid in de gemeente, waaronder mede wordt</al>
        <al>begrepen het belang van winkeliers met weinig of geen personeel en van winkelpersoneel,</al>
        <al>b. de zondagsrust in de gemeente, en</al>
        <al>c. de leefbaarheid, veiligheid en de openbare orde in de gemeente.</al>
        <al>Verder bepaalt het wetsvoorstel dat bij de verordening een toelichting moet worden gevoegd</al>
        <al>waarin wordt gemotiveerd dat er sprake is van toeristische aantrekkingskracht van de gemeente of</al>
        <al>het gebied in kwestie. De toelichting moet verder expliciet de belangen beschrijven die bij de</al>
        <al>besluitvorming zijn betrokken, in elk geval die belangen die hiervoor onder a, b en c zijn genoemd.</al>
        <al>In artikel 10 van de verordening heeft de raad op gronden van autonome toeristische</al>
        <al>aantrekkingskracht (zie kader) besloten de openstelling zo ruim mogelijk te maken. Dat betekent</al>
        <al> </al>
        <al>dat alle winkels binnen de gemeente, gedurende het hele jaar op zon- en feestdagen geopend</al>
        <al>mogen zijn van 13.00 uur tot 18.00 uur en dat zij alle soorten van artikelen mogen verkopen. Dit is</al>
        <al>de meest ruime interpretatie die mogelijk moet worden geacht.</al>
        <al>Op grond van de gewijzigde Winkeltijdenwet is het verplicht een toelichting bij de verordening te</al>
        <al>voegen, waarin de belangen zijn beschreven die bij de besluitvorming zijn betrokken. In het kader</al>
        <al>hieronder is deze afweging verwoord.</al>
        <al>
          <vet>Gemeente Harlingen als autonoom toeristisch gebied</vet>
        </al>
        <al>Geconcludeerd wordt dat sprake is van toerisme van een substantiële omvang in de gemeente</al>
        <al>Harlingen. De overwegingen betreffende de werkgelegenheid, zondagsrust en aspecten van</al>
        <al>leefbaarheid, veiligheid en openbare orde worden hieronder nader uitgewerkt.</al>
        <al>
          <vet>a) Werkgelegenheid</vet>
        </al>
        <al>Er zit groei in de werkgelegenheid in de toeristische sector van (gemeten van 2004 tot 2009). In</al>
        <al>2008 is de werkgelegenheid in de R&amp;T sector 12.6 % van de totale werkgelegenheid in gemeente</al>
        <al>Harlingen. De detail en horeca bevat 24% van de totale werkgelegenheid in gemeente Harlingen.</al>
        <al>Hiermee wordt aangetoond dat de toeristische sector van wezenlijk belang is voor de</al>
        <al>werkgelegenheid.</al>
        <al>Aan de Harlinger Ondernemersvereniging is gevraagd een reactie te geven over het belang van</al>
        <al>winkeliers en winkelpersoneel in het kader van zondagsopenstelling. Middels een brief (datum 26</al>
        <al>juni 2011) stellen zij voor om aan het winkelbestand in de gemeente Harlingen ontheffing te</al>
        <al>verlenen voor de zondag na 12.00 uur. Dat in de verordening uiteindelijk is gekozen voor 13.00 uur</al>
        <al>heeft te maken met de zondagswet.</al>
        <al> </al>
        <al>Gemeten in 2008 betreft de werkgelegenheid in de R&amp;T sector 12.6 % van de totale</al>
        <al>werkgelegenheid in gemeente Harlingen met een aantal overnachtingen naar schatting 130.000 in</al>
        <al>2010.</al>
        <al>Daarnaast blijkt dat uit het ‘Consumentenonderzoek toerisme 2009’ uitgevoerd door Toerdata</al>
        <al>Noord, datacentrum voor recreatie en toerisme (2010) het volgende:</al>
        <al>&#x95; Top 10 bezochte plaatsen door verblijfstoeristen in de provincie Friesland</al>
        <al>Harlingen staat op plaats 5 (2009)</al>
        <al>&#x95; Top 5 bezochte plaatsen verblijfstoeristen in Friesland naar regio _ IJsselmeerkust</al>
        <al>Harlingen staat op plaats 3 (2009)</al>
        <al>&#x95; Top 5 bezochte plaatsen verblijfstoeristen in Friesland naar regio _ overig</al>
        <al>Friesland, Harlingen staat op plaats 4 (2009)</al>
        <al>&#x95; Top 10 verbeterpunten dagtoeristen in provincie Friesland ( 2009)</al>
        <al>Punt 3 van 10. Winkelen</al>
        <al> </al>
        <al>Toelichting bij vergelijking top 10 activiteiten dagtoeristen 2000 – 2009:</al>
        <al>‘Fietsen’ is al jaren de meest ondernomen activiteit door dagtoeristen. ‘Winkelen’ als activiteit</al>
        <al>wordt in Noord-Nederland steeds meer ondernomen.</al>
        <al>&#x95; Suggesties (slechtweer) voorzieningen dagtoeristen (2009) in provincie Friesland</al>
        <al>Punt 3 van 14: Winkels</al>
        <al>&#x95; Bezoekersmotieven van dagtoeristen provincie Friesland (2009)</al>
        <al>Winkels en funshoppen 5% - hoogste notering 8%</al>
        <al>&#x95; Activiteiten dagtoeristen in provincie Friesland (provincie als zijn geheel genomen)</al>
        <al>1. Fietsen</al>
        <al>2. Winkelen, fun shoppen</al>
        <al>3. Uitgaan, uit eten</al>
        <al>3. Stad/dorpswandelingen</al>
        <al>Toelichting bij regio IJsselmeerkust:</al>
        <al>In deze regio wordt er veel gefietst en wordt er relatief veel gezwommen. De bezoekers geven ook</al>
        <al>aan relatief vaak te winkelen.</al>
        <al>Gekeken naar de bovenstaande feiten wordt geconcludeerd dat er sprake is van toerisme van een</al>
        <al>substantiële omvang in de gemeente Harlingen. Daarnaast blijkt uit de cijfers dat de bezoekers</al>
        <al>winkelen niet als hoofdactiviteit hebben. Wel wordt ‘winkelen’ als verbeterpunt en suggestie voor</al>
        <al>slechtweervoorziening genoemd. Daaruit kan men concluderen dat de winkelopening op zondag</al>
        <al>ter ondersteuning dient van het toerisme.</al>
        <al>
          <vet>b) Zondagsrust</vet>
        </al>
        <al>Zondagsrust is een onderdeel van het geloof zoals dit onder bepaalde groepen christenen in</al>
        <al>gebruik is. Het houdt in dat zij de zondag zien als een gewijde rustdag, die uitsluitend bedoeld is</al>
        <al>voor rust, overdenking, bijbellezing en kerkgang. In Nederland wordt vooral in de gereformeerde</al>
        <al>gezindte de zondagsrust in acht genomen. De zondagsrust speelt echter ook een rol buiten de</al>
        <al>gereformeerde gezindte en is daarom mee genomen in de wetgeving.</al>
        <al>In Nederland is de zondagsrust geregeld in de Zondagswet en de Winkeltijdenwet. De Zondagswet</al>
        <al>is een onderdeel van de Nederlandse wetgeving waarin de zondagsrust geregeld wordt. De wet</al>
        <al>kwam tot stand op 15 oktober 1953 (wettekst nog steeds geldend) in aanvulling op de</al>
        <al>Winkeltijdenwet. Bij het opstellen van een nieuwe verordening moet daarom rekening gehouden</al>
        <al>worden met de Zondagswet.</al>
        <al>De Zondagswet beperkt een aantal niet-godsdienstgebonden activiteiten. Tegelijkertijd is er ook</al>
        <al>ruimte voor activiteiten. Door het verlenen van toestemming aan het winkelbestand van gemeente</al>
        <al>Harlingen komt de Zondagswet niet in het geding en daarmee blijft ook de zondagsrust</al>
        <al>gewaarborgd.</al>
        <al>Als de winkels vanaf 13.00 uur geopend worden wordt voldaan aan artikel 4.1 (zie memorie van</al>
        <al>toelichting). Daarbij speelt mee dat het openstellen van winkels niet voor geluidsoverlast zorgt. Zo</al>
        <al>kan ook aan artikel 3.1 voldaan worden (zie memorie van toelichting).</al>
        <al>
          <vet>c) Leefbaarheid, veiligheid en openbare orde</vet>
        </al>
        <al>Afstemming heeft plaatsgevonden met de ambtenaar openbare orde en veiligheid en de politie</al>
        <al>omtrent aspecten van leefbaarheid, veiligheid en openbare orde. Vanuit deze zijde zijn geen</al>
        <al>belemmeringen genoemd. Met andere woorden: vanuit oogpunt van leefbaarheid, veiligheid en</al>
        <al>openbare orde kan ingestemd worden met een ruime regeling voor openstelling op zondag.</al>
        <al> </al>
        <al>Binnen een goed functionerende beleidscyclus is het gebruikelijk dat het nieuwe beleid wordt</al>
        <al>geëvalueerd. Bij de eerstvolgende evaluatie worden de aspecten van openbare orde en veiligheid</al>
        <al>dan ook betrokken.</al>
        <al>
          <vet>Artikel 11. Intrekking voorgaande regeling</vet>
        </al>
        <al>De voorgaande “Verordening winkelsluiting Harlingen” van 14 augustus 1996 moet worden</al>
        <al>ingetrokken.</al>
        <al>
          <vet>Artikel 12. Inwerkingtreding</vet>
        </al>
        <al>In de verordening is gekozen voor een vaste datum van inwerkingtreding, zijnde 1 januari 2012.</al>
        <al>Dat is duidelijker en later makkelijker terug te vinden dan een afzonderlijk besluit van het college.</al>
        <al>Na inwerkingtreding van de wijziging van de Winkeltijdenwet per 1 januari 2011 hadden de</al>
        <al>gemeentebesturen nog een jaar de tijd om hun vrijstellingen en ontheffingen in verband met de</al>
        <al>toeristische aantrekkingskracht te heroverwegen, te onderbouwen en te voorzien van de</al>
        <al>toelichting die het nieuwe lid 7 van artikel 3 voorschrijft.</al>
        <al>Deze verordening voorziet daarin en met de inwerkingtreding van de verordening per 1 januari</al>
        <al>2012, wordt voldaan aan de overgangstermijn.</al>
        <al>
          <vet>Artikel 13. Citeertitel</vet>
        </al>
        <al>Om duidelijk te maken dat het hier om een nieuwe verordening gaat, is via artikel 11 de</al>
        <al>voorgaande verordening ingetrokken en is een nieuwe verordeningsnaam gekozen waarin zowel</al>
        <al>de naam van de gemeente als het jaartal voorkomen.</al>
      </nota-toelichting>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>