<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR192449_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening leerlingenvervoer gemeente Woerden 2009</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Woerden</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-07-03</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Woerden</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Woerdense Courant 6 mei 2010</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening leerlingenvervoer gemeente Woerden 2009</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=WET OP DE EXPERTISECENTRA">Wet op de expertisecentra</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=WET OP HET PRIMAIR ONDERWIJS">Wet op het primair onderwijs, art. 4</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=WET OP HET VOORTGEZET ONDERWIJS">Wet op het voortgezet onderwijs</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>onderwijs</dcterms:subject><dcterms:issued>2010-04-29</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-05-07</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2012-06-14</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Art. 1, 14, 16, 17, 18, 19, 20, 25, 26, 27, 29</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2010/10</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>onderwijs</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening leerlingenvervoer gemeente Woerden 2009</intitule><regeling><aanhef><preambule><al> De raad van de gemeente Woerden,</al><al> gelezen het voorstel d.d. 5 mei 2009 van burgemeester en wethouders;</al><al> gelet op het bepaalde in de Gemeentewet;</al><al> gelet op de artikelen 4 van de Wet op het primair onderwijs, de Wet op de
                        expertisecentra en de Wet op het voortgezet onderwijs;</al><al> besluit;</al><al> vast te stellen de "Verordening leerlingenvervoer gemeente Woerden
                        2009"</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Titeldeel</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder</al><al> a. school:</al><al> - een basisschool of speciale school voor basisonderwijs als bedoeld in
                            de Wet op het primair onderwijs (Stb. 1998, 495);</al><al> - een school voor speciaal onderwijs of speciaal en voortgezet speciaal
                            onderwijs of voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in de Wet op de
                            expertisecentra (Stb. 1998, 496);</al><al> - een school voor voortgezet onderwijs als bedoeld in de Wet op het
                            voortgezet onderwijs (Stb. 1998, 512);</al><al> b. ouders: de ouders, voogden of verzorgers van de leerling;</al><al> c. leerling: een leerling van een school als bedoeld onder a;</al><al> d. woning: de plaats waar de leerling structureel en feitelijk
                            verblijft;</al><al> e. afstand: de afstand tussen de woning en de school, gemeten langs de
                            kortste voor de leerling voldoende begaanbare en veilige weg;</al><al> f. vervoer: openbaar vervoer, aangepast vervoer of eigen vervoer tussen
                            de woning dan wel de opstapplaats en de school dat plaatsvindt in
                            aansluiting op het begin en einde van de schooldag volgens de
                            schoolgids, tenzij de structurele handicap van een leerplichtige
                            leerling die aansluiting onmogelijk maakt;</al><al> g. openbaar vervoer: voor een ieder openstaand personenvervoer volgens
                            een dienstregeling per trein, metro, tram, bus, veerdienst of auto;</al><al> h. aangepast vervoer: vervoer per besloten (school)busvervoer, taxi,
                            treintaxi of bustaxi;</al><al> i. eigen vervoer: vervoer per eigen motorvoertuig, bromfiets of
                            fiets;</al><al> j. reistijd: de totale tijdsduur die ligt tussen het verlaten van de
                            woning en de aanvang van de schooldag volgens de schoolgids, minus
                            maximaal 10 minuten indien en voor zover de leerling het schoolgebouw
                            met bijbehorend terrein gewoonlijk eerder bereikt dan de schoolgids
                            aangeeft, dan wel de totale tijdsduur die ligt tussen het einde van de
                            schooldag volgens de schoolgids, een eventuele wachttijd, en de aankomst
                            bij de woning;</al><al> k. toegankelijke school:</al><al> - voor wat betreft basisscholen en speciale scholen voor
                            basisonderwijs: de basisschool van de verlangde godsdienstige of
                            levensbeschouwelijke richting dan wel de openbare school of de speciale
                            school voor basisonderwijs waarop de leerling is aangewezen van de
                            verlangde godsdienstige of levensbeschouwelijke richting dan wel de
                            openbare school;</al><al> - voor wat betreft scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs en
                            scholen voor voortgezet onderwijs: de school van de soort waarop de
                            leerling is aangewezen van de verlangde godsdienstige of
                            levensbeschouwelijke richting dan wel de openbare school van de soort
                            waarop de leerling is aangewezen;</al><al> l. inkomen: het ingevolge de Wet op de inkomstenbelasting 2001 (Stb.
                            2000, 215) vastgestelde gecorrigeerde verzamelinkomen van de ouders in
                            het tweede kalenderjaar voorafgaande aan het schooljaar waarvoor
                            bekostiging van de vervoerskosten wordt gevraagd.</al><al> m. opstapplaats: plaats aangewezen door het college, vanaf waar de
                            leerling gebruik kan maken van het vervoer;</al><al> n. commissie voor de begeleiding: de commissie die is ingesteld door
                            het bevoegd gezag van een school als bedoeld in artikel 1 van de Wet op
                            de expertisecentra, niet zijnde een instelling, of de bevoegde
                            gezagsorganen van twee of meer scholen als bedoeld in artikel 1 van de
                            Wet op de expertisecentra, niet zijnde instellingen, die hetzelfde
                            expertisecentrum instandhouden;</al><al> o. vervoersvoorziening: een gehele of gedeeltelijke bekostiging van de
                            door het college noodzakelijk geachte vervoerkosten van de leerling en
                            zo nodig diens begeleider, of bekostiging van de goedkoopst mogelijke
                            wijze van openbaar vervoer voor de leerling en zo nodig diens
                            begeleider, of aanbieding van aangepast vervoer dat de gemeente verzorgt
                            of doet verzorgen;</al><al> p. permanente commissie leerlingenzorg: de commissie als bedoeld in
                            artikel 23 van de Wet op het primair onderwijs;</al><al> q. samenwerkingsverband: het samenwerkingsverband als bedoeld in
                            artikel 18 van de Wet op het primair onderwijs;</al><al> r. regionale verwijzingscommissie: de commissie als bedoeld in artikel
                            10 g van de Wet op het voortgezet onderwijs;</al><al> s. opdc: orthopedagogisch en didactisch centrum als bedoeld in artikel
                            10 h, derde lid, Wet op het voortgezet onderwijs;</al><al> t. ambulante begeleiding: de begeleiding door een personeelslid van een
                            school of instelling als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de
                            expertisecentra van leerlingen die zijn geplaatst op een basisschool of
                            leerlingen die zijn geplaatst op een school voor voortgezet onderwijs en
                            die naar het oordeel van het bevoegd gezag zonder die begeleiding zouden
                            zijn aangewezen op het speciaal onderwijs of het voortgezet speciaal
                            onderwijs;</al><al> u. commissie voor de indicatiestelling: de commissie als bedoeld in
                            artikel 28 c van de Wet op de expertisecentra.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Bekostiging van de door het college noodzakelijk te achten
                                vervoerskosten</titel></kop><al>1. Ten behoeve van het schoolbezoek kent het college aan de ouders van
                            in de gemeente verblijvende leerlingen op aanvraag een
                            vervoersvoorziening toe met inachtneming van het bepaalde in deze
                            verordening.</al><al> 2. Indien het college toepassing geeft aan het eerste lid, verlangt zij
                            van de ouders aan wie slechts een gedeeltelijke bekostiging van de
                            vervoerskosten toekomt, betaling van een bijdrage tot ten hoogste het
                            bedrag dat de ouders volgens het bepaalde in deze verordening moeten
                            bijdragen aan de kosten van het vervoer. Weigering tot of nalatigheid in
                            de betaling van de in de vorige volzin bedoelde bijdrage doet de
                            aanspraak op bekostiging vervallen.</al><al> 3. De bepalingen in deze verordening laten onverlet de
                            verantwoordelijkheid van de ouders voor het schoolbezoek van hun
                            kinderen.</al><al> 4. Indien de leerling meerderjarig en handelingsbekwaam is, wordt de
                            bekostiging op aanvraag verstrekt aan de leerling.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Bekostiging naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school</titel></kop><al>1. Bekostiging van de vervoerskosten wordt toegekend over de afstand
                            tussen de woning dan wel de opstapplaats en de dichtstbijzijnde voor de
                            leerling toegankelijke school, tenzij vervoer naar een verder weggelegen
                            school voor de gemeente minder kosten met zich mee zou brengen en de
                            ouders met het vervoer naar die school schriftelijk instemmen.</al><al> 2. Indien ouders bekostiging van de vervoerskosten aanvragen voor het
                            bezoeken van een school, die op grotere afstand van de woning is gelegen
                            dan in artikel 11 of 15 is bepaald, terwijl een of meer scholen van
                            dezelfde onderwijssoort dichterbij de woning zijn gelegen, ontstaat
                            slechts aanspraak op bekostiging naar eerstgenoemde school als door de
                            ouders schriftelijk wordt verklaard dat zij overwegende bezwaren hebben
                            tegen het openbaar onderwijs dan wel tegen de richting van het onderwijs
                            van alle bijzondere scholen, van de soort waarop de leerling is
                            aangewezen, die dichterbij de woning zijn gelegen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Uitbetaling van de bekostiging</titel></kop><al>Het college bepaalt bij het verstrekken van bekostiging van de
                            vervoerskosten de wijze en het tijdstip van de uitbetaling, alsmede de
                            tijdsduur van de verstrekte bekostiging, met dien verstande dat de
                            tijdsduur, indien dit mogelijk is, voor meerdere jaren of de hele
                            schoolperiode wordt vastgesteld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Aanvraagprocedure</titel></kop><al>1. Een aanvraag voor bekostiging van de vervoerskosten wordt gedaan door
                            indiening bij het college van een volledig ingevuld en door de ouders
                            ondertekend formulier, voorzien van de op het formulier vermelde
                            gegevens.</al><al> 2. De aanvraag wordt, indien het een aanvraag voor het eerstvolgende
                            schooljaar betreft, voor 1 juni voorafgaand aan dat schooljaar
                            ingediend.</al><al> 3. Indien dit voor een juiste beoordeling van de aanvraag noodzakelijk
                            is, kan het college de ouders verzoeken aanvullende gegevens te
                            verstrekken.</al><al> 4. Het college besluit over de aanvraag binnen acht weken na ontvangst
                            van alle benodigde gegevens.</al><al> 5. Het college kan het in het vorige lid bedoelde besluit met ten
                            hoogste vier weken verdagen. Het stelt de aanvrager hiervan schriftelijk
                            in kennis.</al><al> 6. Indien een vervoersvoorziening wordt toegekend wordt deze
                            getroffen:</al><al> a. met ingang van het nieuwe schooljaar indien de aanvraag voor 1 juni
                            is ingediend;</al><al> b. met ingang van de door de ouders verzochte datum als het een
                            aanvraag gedurende het schooljaar betreft, met dien verstande dat de
                            datum waarop bekostiging wordt verstrekt niet ligt voor de datum van
                            ontvangst van de aanvraag door het college.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Doorgeven van wijzigingen</titel></kop><al>1. De ouders zijn verplicht wijzigingen, die van invloed kunnen zijn op
                            de verstrekte bekostiging van de vervoerskosten, onder vermelding van de
                            datum van wijziging, onverwijld schriftelijk mede te delen aan het
                            college.</al><al> 2. Indien sprake is van een wijziging die van invloed is op de
                            verstrekte bekostiging, vervalt de aanspraak op bekostiging en verstrekt
                            het college al dan niet opnieuw bekostiging van de vervoerskosten.</al><al> 3. Indien de ouders niet voldoen aan het bepaalde in het eerste lid, en
                            het college een wijziging als bedoeld in het tweede lid vaststelt,
                            waardoor blijkt dat ten onrechte bekostiging is verstrekt, vervalt de
                            aanspraak op bekostiging van de vervoerskosten terstond en verstrekt het
                            college al dan niet opnieuw bekostiging van de vervoerskosten.</al><al> 4. Het college deelt zijn besluit schriftelijk mee aan de ouders.</al><al> 5. Ten onrechte genoten bekostiging kan van de ouders worden
                            teruggevorderd, dan wel worden verrekend bij een eventuele nieuwe
                            verstrekking van bekostiging.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Peildatum leeftijd leerling</titel></kop><al>Voor het verstrekken van bekostiging op basis van artikel 12 is bepalend
                            de leeftijd van de leerling op 1 augustus van het schooljaar waarop de
                            bekostiging betrekking heeft.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Andere vergoedingen</titel></kop><al>De aanspraak op bekostiging wordt verminderd met de aanspraak op een
                            toelage, voor zover die voor de betreffende leerling betrekking heeft op
                            de reiskosten.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Titeldeel</label><nr>2</nr><titel>Bepalingen omtrent het vervoer van de (niet-gehandicapte) leerlingen
                            van scholen voor primair onderwijs</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Bekostiging naar de dichtstbijzijnde toegankelijke speciale
                                school voor basisonderwijs in het samenwerkingsverband</titel></kop><al>Met inachtneming van het bepaalde in artikel 3 wordt bekostiging
                            verstrekt van de kosten van het vervoer over de afstand tussen de woning
                            dan wel de opstapplaats en:</al><al> a. de dichtstbijzijnde voor de leerling toegankelijke speciale school
                            voor basisonderwijs in het samenwerkingsverband van de basisschool
                            waarvan de leerling afkomstig is, of</al><al> b. een andere speciale school voor basisonderwijs in het onder a.
                            bedoelde samenwerkingsverband, indien het vervoer naar die school voor
                            de gemeente minder kosten met zich mee zou brengen dan het vervoer naar
                            de speciale school voor basisonderwijs, bedoeld onder a..</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Permanente commissie leerlingenzorg</titel></kop><al>1. Indien het college de gevraagde voorziening ten behoeve van een
                            leerling op een school voor primair onderwijs niet of slechts
                            gedeeltelijk toekent, dient het bij de beschikking de beslissing te
                            betrekken van de permanente commissie leerlingenzorg over de toelating
                            van de leerling op een speciale school voor basisonderwijs.</al><al> 2. Het college betrekt bij de beoordeling van de aanvraag voor
                            leerlingenvervoer eventuele adviezen van de permanente commissie
                            leerlingenzorg die voor de beoordeling van die aanvraag van belang
                            zijn.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Bekostiging van de kosten van openbaar vervoer en vervoer per
                                fiets</titel></kop><al>1. Het college verstrekt aan de ouders van de leerling die een school
                            voor basisonderwijs of een speciale school voor basisonderwijs bezoekt
                            bekostiging op basis van de kosten van het openbaar vervoer, indien de
                            afstand van de woning naar de dichtstbijzijnde voor hem toegankelijke
                            school meer dan zes km bedraagt.</al><al> 2. In afwijking van het eerste lid verstrekt het college de ouders
                            bekostiging op basis van de kosten van het vervoer per fiets, indien de
                            leerling naar het oordeel van het college, al dan niet onder
                            begeleiding, gebruik kan maken van het vervoer per fiets.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Bekostiging van de kosten van vervoer ten behoeve van een
                                begeleider</titel></kop><al>1. Indien aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in artikel 11,
                            bekostigt het college tevens de daarin bedoelde kosten ten behoeve van 1
                            begeleider, indien de leerling jonger dan negen jaar is, en door de
                            ouders ten behoeve van het college genoegzaam wordt aangetoond dat de
                            leerling niet in staat is zelfstandig van het openbaar vervoer of de
                            fiets gebruik te maken.</al><al> 2. Indien een begeleider meer dan een leerling tegelijk begeleidt,
                            komen slechts de kosten van het vervoer ten behoeve van een begeleider
                            voor bekostiging in aanmerking.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel> Bekostiging op basis van de kosten van aangepast vervoer</titel></kop><al>Het college verstrekt bekostiging op basis van de kosten van aangepast
                            vervoer aan de ouders van de leerling die een school voor basisonderwijs
                            of een speciale school voor basisonderwijs bezoekt, indien voldaan wordt
                            aan het afstandscriterium van artikel 11, en</al><al> a. de leerling met gebruikmaking van openbaar vervoer naar school of
                            terug, meer dan anderhalf uur onderweg is en de reistijd met aangepast
                            vervoer tot 50% of minder van de reistijd per openbaar vervoer kan
                            worden teruggebracht, of:</al><al> b. openbaar vervoer ontbreekt, tenzij de leerling naar het oordeel van
                            het college al dan niet onder begeleiding gebruik kan maken van het
                            vervoer per fiets.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Bekostiging op basis van de kosten van eigen vervoer</titel></kop><al>1. Indien aanspraak bestaat op bekostiging van de vervoerskosten en
                            bekostiging van eigen vervoer voor het college de goedkoopste wijze van
                            vervoer is, kan het college de ouders op aanvraag toestaan een of meer
                            leerlingen zelf te vervoeren of te laten vervoeren.</al><al> 2. (Vervallen)</al><al> 3. Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is
                            verleend, verstrekt het college aan de ouders die een of meer leerlingen
                            zelf vervoeren of laten vervoeren, ongeacht de mate van aanwezigheid en
                            of doelmatigheid van het openbaar vervoer, in alle gevallen per gezin
                            een kilometervergoeding per schooldag van twee maal 3,3 maal het
                            normbedrag voor de vergoeding voor het gebruik van een eigen
                            motorvoertuig of bromfiets indien openbaar vervoer wel doelmatig is,
                            afgeleid van de Reisregeling Binnenland. Als toepassing wordt gegeven
                            aan dit lid wordt het drempelbedrag als bedoeld in artikel 23 per gezin
                            één keer in rekening gebracht.</al><al> 4. (Vervallen)</al><al> 5. Indien aanspraak bestaat op bekostiging van de vervoerskosten en het
                            college desgewenst toestaat, dan wel van oordeel is, dat de leerling
                            gebruik kan maken van het vervoer per fiets of bromfiets, verstrekt het
                            college aan de ouders bekostiging van een bedrag op basis van een
                            kilometervergoeding voor de fiets dan wel bromfiets, afgeleid van de
                            Reisregeling Binnenland.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Titeldeel</label><nr>3</nr><titel>bepalingen omtrent het vervoer van de leerlingen van scholen voor
                            (voortgezet) speciaal onderwijs</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Bekostiging van de kosten van openbaar vervoer en vervoer per
                                fiets</titel></kop><al>1. Het college verstrekt aan de ouders van de leerling die een school
                            voor (voortgezet) speciaal onderwijs bezoekt, bekostiging op basis van
                            de kosten van het openbaar vervoer, indien de afstand van de woning naar
                            de dichtstbijzijnde toegankelijke school meer dan zes kilometer
                            bedraagt.</al><al> 2. In afwijking van het eerste lid verstrekt het college de ouders
                            bekostiging op basis van de kosten van het vervoer per fiets dan wel
                            bromfiets, indien de leerling naar het oordeel van het college, al dan
                            niet onder begeleiding, gebruik kan maken van het vervoer per fiets, dan
                            wel zelfstandig gebruik kan maken van het vervoer per bromfiets.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15a</nr><titel>Bekostiging naar de dichtstbijzijnde toegankelijke WEC school
                                cluster 4</titel></kop><al>Met inachtneming van het bepaalde in artikel 3 geldt voor de leerling
                            die een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs uit cluster 4
                            bezoekt als dichtstbijzijnde toegankelijke school, de school die door de
                            commissie voor de indicatiestelling is geadviseerd. Dit is van
                            toepassing zolang de leerling zijn woonplaats heeft in het gebied van
                            het regionale expertisecentrum waaraan voornoemde commissie is
                            verbonden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Commissie voor de begeleiding</titel></kop><al>Indien het college de gevraagde voorziening ten behoeve van een leerling
                            op een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs niet of slechts
                            gedeeltelijk toekent, dient het bij de beschikking het advies van de
                            commissie voor de begeleiding en het advies van andere deskundigen te
                            betrekken. Indien voor de advisering kosten in rekening worden gebracht,
                            zijn de kosten voor rekening van de ouders.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Bekostiging van de kosten van openbaar vervoer ten behoeve van
                                een begeleider</titel></kop><al>1. Indien aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in artikel 15,
                            bekostigt het college tevens de daarin bedoelde kosten ten behoeve van
                            een begeleider, indien door de ouders ten behoeve van het college
                            genoegzaam wordt aangetoond dat de leerling, gelet op zijn lichamelijke,
                            verstandelijke of zintuiglijke handicap of leeftijd, niet in staat is
                            zelfstandig van het openbaar vervoer of de fiets gebruik te maken.</al><al> 2. Indien het college de in het vorige lid bedoelde aanvraag niet of
                            slechts gedeeltelijk toekent, dient het bij de beschikking het advies
                            van de commissie voor de begeleiding en het advies van andere
                            deskundigen te betrekken. Indien voor de advisering kosten in rekening
                            worden gebracht, zijn de kosten voor rekening van de ouders.</al><al> 3. Indien een begeleider meer dan een leerling tegelijk begeleidt,
                            komen slechts de kosten van het openbaar vervoer ten behoeve van een
                            begeleider voor bekostiging in aanmerking.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Bekostiging op basis van de kosten van aangepast vervoer</titel></kop><al>1. Het college verstrekt bekostiging op basis van de kosten van
                            aangepast vervoer aan de ouders van de leerling die een school voor
                            (voortgezet) speciaal onderwijs bezoekt, indien voldaan wordt aan het
                            afstandscriterium van artikel 15, en</al><al> a. de gehandicapte leerling, naar het oordeel van het college niet in
                            staat is - ook niet onder begeleiding - van openbaar vervoer gebruik te
                            maken, of:</al><al> b. de leerling met gebruikmaking van openbaar vervoer naar school of
                            terug, meer dan anderhalf uur onderweg is en de reistijd met aangepast
                            vervoer tot 50% of minder van de reistijd per openbaar vervoer kan
                            worden teruggebracht, of:</al><al> c. openbaar vervoer ontbreekt, tenzij de leerling naar het oordeel van
                            het college al dan niet onder begeleiding gebruik kan maken van het
                            vervoer per fiets, dan wel zelfstandig gebruik kan maken van het vervoer
                            per bromfiets.</al><al> 2. Indien het college de in het vorige lid bedoelde aanvraag niet of
                            slechts gedeeltelijk toekent, dient het college bij de beschikking het
                            advies van de commissie voor de begeleiding en het advies van andere
                            deskundigen te betrekken. Indien voor de advisering kosten in rekening
                            worden gebracht, zijn de kosten voor rekening van de ouders.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Bekostiging op basis van de kosten van eigen vervoer</titel></kop><al>1. Indien aanspraak bestaat op bekostiging van de vervoerskosten en
                            bekostiging van eigen vervoer voor het college de goedkoopste wijze van
                            vervoer is, kan het college de ouders op aanvraag toestaan een of meer
                            leerlingen zelf te vervoeren of te laten vervoeren.</al><al> 2. (Vervallen)</al><al> 3. Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is
                            verleend, verstrekt het college aan de ouders die een of meer leerlingen
                            zelf vervoeren of laten vervoeren, ongeacht de mate van aanwezigheid en
                            of doelmatigheid van het openbaar vervoer, in alle gevallen per gezin
                            een kilometervergoeding per schooldag van twee maal 3,3 maal het
                            normbedrag voor de vergoeding voor het gebruik van een eigen
                            motorvoertuig of bromfiets indien openbaar vervoer wel doelmatig is,
                            afgeleid van de Reisregeling Binnenland.</al><al> 4. (Vervallen)</al><al> 5. Indien aanspraak bestaat op bekostiging van de vervoerskosten en het
                            college desgewenst toestaat, dan wel van oordeel is, dat de leerling
                            gebruik kan maken van het vervoer per fiets of bromfiets, verstrekt het
                            college aan de ouders bekostiging van een bedrag op basis van een
                            kilometervergoeding voor de fiets dan wel bromfiets, afgeleid van de
                            Reisregeling Binnenland.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Bekostiging vervoerskosten van gehandicapte leerlingen voor
                                scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs</titel></kop><al>1. Het college verstrekt eveneens bekostiging op basis van de kosten van
                            aangepast vervoer aan de ouders van de leerling die een school voor
                            (voortgezet) speciaal onderwijs bezoekt, in het geval de afstand van de
                            woning naar de dichtstbijzijnde voor de leerling toegankelijke school
                            minder bedraagt dan is bepaald in artikel 15, indien het college van
                            oordeel is dat de lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke handicap
                            van de leerling dat vereist.</al><al> 2. Indien het college de in het vorige lid bedoelde aanvraag niet of
                            slechts gedeeltelijk toekent, dient het bij de beschikking het advies
                            van de commissie voor de begeleiding en het advies van andere
                            deskundigen te betrekken. Indien voor de advisering kosten in rekening
                            worden gebracht, zijn de kosten voor rekening van de ouders.</al><al> 3. Indien aanspraak bestaat op bekostiging van de vervoerskosten zoals
                            bedoeld in het eerste lid, is artikel 19 van toepassing.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Titeldeel</label><nr>4</nr><titel>Bepalingen omtrent weekeinde- en vakantievervoer</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Bekostiging van de kosten van het weekeinde en vakantievervoer
                                aan de in de gemeente wonende ouders</titel></kop><al>Het college bekostigt desgewenst de kosten van het weekeinde- en
                            vakantievervoer aan de in de gemeente wonende ouders van de leerling
                            die, met het oog op het volgen van voor hem passend (voortgezet)
                            speciaal onderwijs in een internaat of pleeggezin verblijft, volgens het
                            bepaalde in deze Titel.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Bekostiging kosten weekeinde en vakantievervoer</titel></kop><al>1. Het college verstrekt aan de ouders bekostiging van de kosten van het
                            weekeindevervoer van de leerling voor de, eenmaal per weekeinde
                            gemaakte, reis van het internaat of het pleeggezin waar de leerling
                            verblijft, naar de woning van de ouders en terug, voor zover de
                            weekeinden niet vallen binnen de in het tweede lid bedoelde
                            schoolvakanties.</al><al> 2. Het college bekostigt de kosten van het vakantievervoer van de
                            leerling voor de, eenmaal per schoolvakantie van twee dagen of meer,
                            gemaakte reis van het internaat of het pleeggezin waar de leerling
                            verblijft, naar de woning van de ouders en terug, voor zover de vakantie
                            voorkomt in de schoolgids van de school die de leerling bezoekt.</al><al> 3. Titel 3 van deze verordening is van overeenkomstige toepassing, met
                            uitzondering van artikel 16, artikel 17, tweede lid, artikel 18, eerste
                            lid onder b, artikel 18, tweede lid, en artikel 20.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Titeldeel</label><nr>5</nr><titel>Eigen bijdrage en bekostiging naar financiële draagkracht</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Drempelbedrag</titel></kop><al>1. Aan de ouders van een leerling die een school voor basisonderwijs of
                            een speciale school voor basisonderwijs bezoekt, van wie het inkomen
                            tezamen meer bedraagt dan € 22.050,--, wordt slechts bekostiging
                            verstrekt voor zover de kosten van het vervoer van die leerling de
                            kosten van het openbaar vervoer over de in artikel 11 bepaalde afstand
                            te boven gaan.</al><al> 2. In geval het college in plaats van bekostiging in geld toe te kennen
                            het vervoer zelf verzorgt dan wel doet verzorgen, betalen de ouders van
                            een leerling die een school voor basisonderwijs of een speciale school
                            voor basisonderwijs bezoekt, per leerling per schooljaar een eigen
                            bijdrage die gelijk is aan de kosten van het openbaar vervoer over de in
                            artikel 11 bepaalde afstand, indien het inkomen van de ouders meer
                            bedraagt dan € 22.050,-.</al><al> 3. De kosten voor openbaar vervoer, genoemd in het eerste en tweede
                            lid, betreffen de kosten van openbaar vervoer die op grond van de
                            zone-indeling in de regeling die is gebaseerd op artikel 30 , eerste
                            lid, van de Wet personenvervoer 2000, voor de afstand redelijkerwijs
                            zouden worden gemaakt, ongeacht de aanwezigheid van openbaar vervoer of
                            het daadwerkelijk gebruik ervan.</al><al> 4. Het bedrag van € 22.050,-, genoemd in het eerste en tweede lid,
                            wordt met ingang van 1 januari 2009 jaarlijks aangepast aan de wijziging
                            die het indexcijfer van de regelingslonen van volwassen werknemers heeft
                            ondergaan ten opzichte van het voorafgaande jaar en rekenkundig afgerond
                            op een veelvoud van euro 450,-. Het aangepaste bedrag treedt in plaats
                            van het in het eerste en tweede lid genoemde bedrag van € 22.050,-.</al><al> 5. Deze bepaling is niet van toepassing op de leerling voor wie
                            ingevolge Titel 6 een vervoersvoorziening is verstrekt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Financiële draagkracht</titel></kop><al>1. Indien de afstand van de woning naar de dichtstbijzijnde
                            toegankelijke school voor basisonderwijs meer dan 20 km bedraagt, wordt
                            de vastgestelde bekostiging verminderd met een van de financiële
                            draagkracht van de ouders afhankelijk bedrag.</al><al> 2. In geval het college in plaats van bekostiging in geld toe te kennen
                            het vervoer zelf verzorgt dan wel doet verzorgen, en de afstand van de
                            woning naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school voor basisonderwijs
                            meer dan 20 km bedraagt, betalen de ouders een van de financiële
                            draagkracht afhankelijke bijdrage tot ten hoogste het bedrag van de
                            kosten van het vervoer.</al><al> 3. De hoogte van het bedrag als bedoeld in het eerste lid en de
                            bijdrage als bedoeld in het tweede lid worden berekend per gezin en zijn
                            afhankelijk van de hoogte van het gecorrigeerde verzamelinkomen van de
                            ouders in de zin van de Wet op de inkomstenbelasting 2001.</al><al> Zij bedragen:</al><al> Inkomen in euro’s Eigen bijdragen in euro’s</al><al> 0 – 29.500 0</al><al> 29.500 – 35.500 115</al><al> 35.500 – 41.000 475</al><al> 41.000 – 46.500 890</al><al> 46.500 – 53.000 1.300</al><al> 53.000 – 58.500 1.715</al><al> 58.500 en verder Voor elke extra € 4.500: € 420 erbij</al><al> 1. De inkomensbedragen, genoemd in het derde lid, worden met ingang van
                            1 januari 2009 jaarlijks aangepast aan de wijziging die het indexcijfer
                            van de regelingslonen van volwassen werknemers heeft ondergaan ten
                            opzichte van 1 januari van het voorafgaande jaar, en rekenkundig
                            afgerond op een veelvoud van € 500,--.</al><al> 2. De bedragen van de eigen bijdrage, bedoeld in het derde lid, worden
                            met ingang van 1 januari 2009 jaarlijks aangepast aan de wijziging die
                            het consumentenprijsindexcijfer van de reeks alle huishoudens op het
                            onderdeel vervoersdiensten heeft ondergaan ten opzichte van 1 januari
                            van het voorafgaande jaar, en rekenkundig afgerond op een veelvoud van €
                            5,--.</al><al> 3. Deze bepaling is niet van toepassing op de leerling voor wie
                            ingevolge Titel 6 een vervoersvoorziening is verstrekt.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Titeldeel</label><nr>6</nr><titel>Bepalingen omtrent het vervoer van gehandicapte leerlingen van
                            scholen voor primair onderwijs en voortgezet onderwijs</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Bekostiging op basis van de kosten van openbaar vervoer met
                                begeleiding</titel></kop><al>1. Met inachtneming van het bepaalde in artikel 3 verstrekt het college
                            bekostiging op basis van de kosten van openbaar vervoer met begeleiding
                            aan de ouders van de leerling die een basisschool, speciale school voor
                            basisonderwijs of een school voor voortgezet onderwijs bezoekt en die
                            vanwege een lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke handicap niet
                            zelfstandig van het openbaar vervoer gebruik kan maken. Ten aanzien van
                            een leerling van een speciale school voor basisonderwijs neemt het
                            college artikel 9 in acht.</al><al> 2. Indien het college de in het vorige lid bedoelde aanvraag niet of
                            slechts gedeeltelijk toekent, dienen zij bij de beschikking het advies
                            van de permanente commissie leerlingenzorg of de ambulante begeleider en
                            het advies van een andere deskundige te betrekken. Indien voor de
                            advisering kosten in rekening worden gebracht, zijn de kosten voor
                            rekening van de ouders.</al><al> 3. Indien een begeleider meer dan een leerling tegelijk begeleidt,
                            komen slechts de kosten van het openbaar vervoer ten behoeve van een
                            begeleider voor bekostiging in aanmerking.</al><al> 4. In afwijking van het eerste lid verstrekt het college de ouders
                            bekostiging op basis van de kosten van het vervoer per fiets dan wel
                            bromfiets, indien de leerling naar het oordeel van het college, al dan
                            niet onder begeleiding, gebruik kan maken van het vervoer per fiets, dan
                            wel zelfstandig gebruik kan maken van het vervoer per bromfiets.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Bekostiging op basis van kosten van aangepast vervoer</titel></kop><al>1. Het college verstrekt bekostiging op basis van de kosten van
                            aangepast vervoer aan de ouders van de leerling die een basisschool,
                            speciale school voor basisonderwijs of een school voor voortgezet
                            onderwijs bezoekt, indien</al><al> a. de leerling, naar het oordeel van het college, door zijn
                            lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke handicap niet in staat is -
                            ook niet onder begeleiding - zelfstandig van het openbaar vervoer
                            gebruik te maken. Ten aanzien van een leerling van een speciale school
                            voor basisonderwijs neemt het college artikel 9 in acht. Of:</al><al> b. aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in artikel 25 en de
                            leerling met gebruikmaking van openbaar vervoer naar school of terug,
                            meer dan anderhalf uur onderweg is en de reistijd met aangepast vervoer
                            tot 50% of minder van de reistijd per openbaar vervoer kan worden
                            teruggebracht, of:</al><al> c. aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in artikel 25 en
                            openbaar vervoer ontbreekt, tenzij de leerling naar het oordeel van het
                            college al dan niet onder begeleiding gebruik kan maken van het vervoer
                            per fiets, dan wel zelfstandig gebruik kan maken van het vervoer per
                            bromfiets.</al><al> 2. Indien het college de in het vorige lid bedoelde aanvraag niet of
                            slechts gedeeltelijk toekent, dienen zij bij de beschikking het advies
                            van de permanente commissie leerlingenzorg en de ambulante begeleider of
                            het advies van een andere deskundige te betrekken. Indien voor de
                            advisering kosten in rekening worden gebracht, zijn de kosten voor
                            rekening van de ouders.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel> Bekostiging op basis van de kosten van eigen vervoer</titel></kop><al>1. Indien aanspraak bestaat op bekostiging van de vervoerskosten en
                            bekostiging van eigen vervoer voor het college de goedkoopste wijze van
                            vervoer is, kan het college de ouders op aanvraag toestaan een of meer
                            leerlingen zelf te vervoeren of te laten vervoeren.</al><al> 2. (Vervallen)</al><al> 3. Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is
                            verleend, verstrekt het college aan de ouders die een of meer leerlingen
                            zelf vervoeren of laten vervoeren, ongeacht de mate van aanwezigheid en
                            of doelmatigheid van het openbaar vervoer, in alle gevallen per gezin
                            een kilometervergoeding per schooldag van twee maal 3,3 maal het
                            normbedrag voor de vergoeding voor het gebruik van een eigen
                            motorvoertuig of bromfiets indien openbaar vervoer wel doelmatig is,
                            afgeleid van de Reisregeling Binnenland.</al><al> 4. (Vervallen)</al><al> 5. Indien aanspraak bestaat op bekostiging van de vervoerskosten en het
                            college desgewenst toestaat, dan wel van oordeel is, dat de leerling
                            gebruik kan maken van het vervoer per fiets of bromfiets, verstrekt het
                            college aan de ouders bekostiging van een bedrag op basis van een
                            kilometervergoeding voor de fiets dan wel bromfiets, afgeleid van de
                            Reisregeling Binnenland.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Titeldeel</label><nr>7</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Beslissing college in gevallen waarin de regeling niet
                                voorziet</titel></kop><al>In gevallen, de uitvoering van het leerlingenvervoer betreffende, waarin
                            deze verordening niet voorziet, beslist het college.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel>Afwijken van bepalingen</titel></kop><al>Het college kan in bijzondere gevallen, het vervoer voor onderwijs
                            aangaande, ten gunste van de ouders afwijken van de bepalingen in deze
                            verordening, zonodig na advies te hebben gevraagd aan de permanente
                            commissie leerlingenzorg of de commissie van begeleiding of de regionale
                            verwijzingscommissie en een andere deskundige. Indien voor de advisering
                            kosten in rekening worden gebracht, zijn de kosten voor rekening van de
                            ouders.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Intrekking oude regeling</titel></kop><al>De verordening leerlingenvervoer gemeente Woerden (vastgesteld op 29
                            juni 2005) wordt ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr><titel>Overgangsregeling</titel></kop><al>1. Voor een leerling als bedoeld in Titel 6 voor wie in het schooljaar
                            2001/2002 krachtens de Wet Rea een vervoersvoorziening werd verstrekt,
                            niet zijnde een voorziening in de vorm van een bruikleenauto of een
                            voorziening deel uitmakend van of samenhangend met een
                            leefvervoervoorziening, blijft, indien de ouders dat wensen, zo nodig in
                            afwijking van artikel 3 aanspraak bestaan op een gelijkwaardige
                            voorziening van en naar de school die de leerling in schooljaar
                            2001-2002 bezocht.</al><al> 2. Voor de leerling van leerwegondersteunend onderwijs of
                            praktijkonderwijs die in het schooljaar 2001-2002 een
                            vervoersvoorziening kreeg naar een school voor speciaal voortgezet
                            onderwijs, leerwegondersteunend onderwijs, praktijkonderwijs of een
                            opdc, blijft aanspraak bestaan op een vervoersvoorziening van en naar de
                            school of opdc die de leerling in het schooljaar 2001-2002 bezocht
                            indien de afstand van de woning naar de school meer dan 6 km bedraagt.
                            Titel 5 is van overeenkomstige toepassing.</al><al> 3. De bepalingen in Titel 6 zijn voor de eerste maal van toepassing in
                            het schooljaar 2002-2003. Op het vervoer van leerlingen voorafgaand aan
                            het schooljaar 2002-2003 en daarop betrekking hebbende geschillen,
                            blijven de regelingen zoals luidend voorafgaand aan de inwerkingtreding
                            van deze verordening van toepassing.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32</nr><titel>inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de dag na de dag van
                            bekendmaking.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als: "Verordening
                            leerlingenvervoer gemeente Woerden 2009".</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgestel in de openbare raadsvergadering van 25 juni 2009,</ondertekening><ondertekening> de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening> mr. G.A. Karssenberg mr. H.W. Schmidt</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>