<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR189980_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Activiteitenfonds gemeente Werkendam 2012</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Werkendam</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-09-25</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Werkendam</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Altena Nieuws, 14-06-2012</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Activiteitenfonds gemeente Werkendam 2012</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 147</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 108</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-05-22</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2012-06-22</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2012-05-22</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2014-03-27</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>WE/22473</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>archief</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Regeling vervangt Verordening Het Activiteitenfonds gemeente Werkendam, vastgesteld bij raadsbesluit van 27-04-2004</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening Activiteitenfonds gemeente Werkendam 2012</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>De raad van de gemeente </vet><vet>Werkendam</vet><vet>,</vet></al><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 29
                        maart 2012,</al><lijst><li nr="-"><al>gelet op het advies van de cliëntenraad sociale zekerheid van 21
                                maart 2012;</al></li><li nr="-"><al>gehoord het advies van de commissie Inwoners van 8 mei 2012,</al></li><li nr="-"><al>gelet op artikel 147, juncto artikel 108, van de Gemeentewet;</al></li></lijst><al><vet>b e s l u i t :</vet></al><al>vast te stellen de verordening <vet>‘Activiteitenfonds gemeente
                    </vet><vet>Werkendam</vet><vet>2012’</vet>, met bijbehorende
                        toelichting</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>- begrippen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>Activiteiten: het totaal aan activiteiten zoals deze genoemd worden
                                in de bijlage bij deze verordening;</al></li><li nr="b."><al>Sociaal minimum: het bedrag van de van toepassing zijnde
                                (gezins)norm, inclusief de maximale gemeentelijke toeslag, zoals
                                vastgelegd in de artikelen 20 tot en met 29 van de Wet werk en
                                bijstand;</al></li><li nr="c."><al>Inkomen: Het inkomen als bedoeld in art. 32 WWB. In afwijking
                                hiervan wordt een bijstandsuitkering voor de beoordeling van het recht op
                        activiteitenfonds gezien als inkomen.</al><al>Art. 33 lid 5 WWB (pensioenvrijlating) is van overeenkomstige
                        toepassing.</al></li><li nr="d."><al>Vermogen: het vermogen als bedoeld in art. 34 WWB.</al></li><li nr="e."><al>Oudere: personen van 65 jaar en ouder;</al></li><li nr="f."><al>Arbeidsgehandicapte: de arbeidsgehandicapte als bedoeld in de wet
                                Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA) en de persoon met een
                                Wajong uitkering.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>- doelstelling</titel></kop><al>Het doel van de verordening is:</al><lijst><li nr="1."><al>Stimuleren dat inwoners van de gemeente Werkendam met een laag
                                inkomen actief deelnemen aan activiteiten op het gebied van cultuur,
                                educatie, recreatie en sport, door het verstrekken van een
                                financiële bijdrage in de hieraan verbonden kosten;</al></li><li nr="2."><al>Tegengaan van sociaal isolement van ouderen en arbeidsgehandicapten
                                met een laag inkomen, door het verstrekken van een financiële
                                bijdrage in een aantal kosten die bijdragen aan het tegengaan van
                                sociaal isolement.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>- hoogte bijdrage</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De in artikel 2 bedoelde financiële bijdrage bedraagt maximaal € 165 per
                            jaar per volwassene.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in lid 1 genoemde bijdrage wordt verhoogd met een bedrag van € 165
                            per jaar voor elk ten laste komend kind tot en met 17 jaar dat tot het
                            huishouden van de aanvrager behoort.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De bijdrage als genoemd in lid 2 wordt verhoogd met € 100 per jaar per
                            ten laste komend kind, indien het kind deelneemt aan activiteiten van
                            verenigingen en instellingen als genoemd onder punt A. op de lijst die
                            als bijlage bij deze verordening is gevoegd.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bijdragen als bedoeld in artikel 2 kunnen worden toegekend voor kosten
                            zoals die vermeld staan op de lijst die als bijdrage bij deze
                            verordening is gevoegd. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>- doelgroep en inkomensnormen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor een volledige bijdrage als bedoeld in artikel 3 komt de aanvrager
                            in aanmerking met een inkomen tot maximaal 110% van het sociaal
                            minimum;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvrager met een inkomen vanaf 110% van het sociaal minimum komt
                            niet voor een bijdrage in aanmerking;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De aanvrager wiens vermogen hoger is dan de vermogensgrens als bedoeld
                            in artikel 1 onder d., komt niet voor een bijdrage in aanmerking;</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Inwoners met een inkomen krachtens de Wet op de Studiefinanciering (WSF)
                            zijn van deze regeling uitgesloten;</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Inwoners die voor hun inkomensvoorziening zijn aangewezen op de zorg van
                            de rijksoverheid zijn van deze regeling uitgesloten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>- voorwaarden</titel></kop><al>Een bijdrage als bedoeld in artikel 3 wordt toegekend indien aan de
                        onderstaande voorwaarden wordt voldaan:</al><lijst><li nr="1."><al>De aanvrager dient op het aanvraagformulier aan te geven voor welke
                                activiteiten en voor welke gezinsleden de kosten gemaakt zijn;</al></li><li nr="2."><al>De aanvrager dient op het aanvraagformulier gespecificeerd aan te
                                geven welke uitgaven per gezinslid zijn gemaakt;</al></li><li nr="3."><al>De aanvrager dient bewijsstukken van de gemaakte kosten op verzoek
                                te kunnen tonen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>- indiening aanvraag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aanvraag om een bijdrage wordt ingediend bij het college van
                            burgemeester en wethouders. De aanvraag dient schriftelijk te gebeuren
                            via het daarvoor bestemde aanvraagformulier;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvraag kan gedurende het gehele kalenderjaar worden ingediend tot
                            en met twee maanden na het verstrijken van het betreffende
                            kalenderjaar;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De gezinssituatie op de datum van aanvraag is leidend voor het bepalen
                            van het recht op een bijdrage.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Binnen vier weken na de datum van indienen nemen burgemeester en
                            wethouders een beslissing op de aanvraag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>- uitvoering</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Ter uitvoering van deze verordening kunnen burgemeester en wethouders
                            nadere werkinstructies vaststellen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In gevallen waarin deze verordening niet voorziet nemen burgemeester en
                            wethouders een beslissing met inachtneming van doel en strekking van
                            deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In het kader van mandatering kunnen burgemeester en wethouders de
                            uitvoering van deze regeling opdragen aan daartoe aangewezen
                            ambtenaren.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>- slotbepalingen</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Activiteitenfonds gemeente
                        Werkendam 2012’. De verordening treedt in werking op 1 januari 2012.</al><al>De verordening ‘Het Activiteitenfonds gemeente Werkendam’, vastgesteld op 27
                        april 2004 en met ingangsdatum 1 januari 2004, komt met ingang van 1 januari
                        2012 te vervallen.</al><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad</ondertekening><ondertekening>van de gemeente Werkendam van 22 mei 2012.</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening><ondertekening>Mr. I. Bakker mw. Drs. C.G.J. Breuer</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><bijlage><kop><titel>Bijlage als bedoeld in artikel 1 van de verordening ‘Het
                        Activiteitenfonds gemeente Werkendam’.</titel></kop><al>Voor onderstaande kosten kan een bijdrage verstrekt worden op basis van de
                    verordening:</al><lijst><li nr="A."><al>Lidmaatschappen, contributies en vaste bijdragen in verband met actieve,
                            regelmatige deelname aan activiteiten van:</al><lijst><li nr="-"><al>muziek-, toneel- en zangverenigingen, muziekschool, stichting
                                    Slim etc.</al></li><li nr="-"><al>sportverenigingen, paardrijles en zwemles;</al></li><li nr="-"><al>jeugdwerk, jeugdclubs, scouting en groepslessen
                                    sportschool.</al></li></lijst></li></lijst><al>(Op grond van artikel 3, derde lid, van de verordening Activiteitenfonds
                    Werkendam, komen kinderen in aanmerking voor de verhoging van € 100 wanneer zij
                    deelnemen aan de bovenstaande activiteiten onder punt A.).</al><lijst><li nr="B."><al>Sportkleding, uniformen etc. die voortvloeien uit het lidmaatschap van
                            deze verenigingen en de kosten die het gevolg zijn van het beoefenen van
                            sportactiviteiten.</al></li><li nr="C."><al>Abonnementen en entrees van musea, zwembaden, bibliotheken, artotheken
                            en</al><al> speelotheken.</al></li><li nr="D."><al>Uitgaven in verband met:</al><lijst><li nr="-"><al>volwassenen educatie</al></li><li nr="-"><al>sociaal-culturele activiteiten voor ouderen en aanschaf
                                    ouderenpas</al></li><li nr="-"><al>lidmaatschap vrouwenverenigingen en ouderenbonden</al></li><li nr="-"><al>lidmaatschap volkstuinverenigingen, hobby- en fotoclubs</al></li><li nr="-"><al>ouderbijdrage voor peuterspeelzalen</al></li><li nr="-"><al>cultureel jongerenpaspoort en schoolreisjes en vakantiekampen
                                    tot 18 jaar</al></li><li nr="-"><al>deelname aan vrijwilligerswerk</al></li><li nr="-"><al>museumjaarkaart</al></li></lijst></li><li nr="E."><al>Entrees voor:</al><lijst><li nr="-"><al>tentoonstellingen en festivals</al></li><li nr="-"><al>(pop)concerten, opera en theatervoorstellingen</al></li><li nr="-"><al>circusvoorstellingen en bioscoopvoorstellingen</al></li><li nr="-"><al>sportwedstrijden</al></li><li nr="-"><al>recreatieparken</al></li></lijst></li><li nr="F."><al>uitsluitend voor ouderen en arbeidsgehandicapten komen ook onderstaande
                            kosten in aanmerking voor een bijdrage:</al><lijst><li nr="-"><al>abonnement kabelaansluiting</al></li><li nr="-"><al>telefoonabonnement (vast of mobiel) / internet abonnement</al></li><li nr="-"><al>NS-kortingskaart</al></li><li nr="-"><al>abonnement kerktelefoon</al></li></lijst></li></lijst><al>Bovenstaande lijst is niet limitatief. Ook kosten die hier niet genoemd worden
                    kunnen in aanmerking komen voor een bijdrage. Op basis van artikel 7, tweede
                    lid, beoordelen burgemeester en wethouders in hoeverre niet genoemde kosten
                    onder de werkingssfeer van de verordening vallen.</al><al>Bij deelname aan acitiviteiten van punt A. t/m E. worden soms reiskosten
                    gemaakt. Deze reiskosten zijn slechts declarabel, indien de afstand van het
                    woonadres tot de plaats van de activiteit meer bedraagt dan 6 km. De eerste 6
                    km. komt niet voor declaratie in aanmerking.</al><al>De reiskostenvergoeding bedraagt € 0,19 per km, ongeacht de wijze van
                    vervoer.</al><tussenkop>Toelichting bij verordening ‘Het Activiteitenfonds
                    gemeente Werkendam 2012’</tussenkop><tussenkop>Artikel 1</tussenkop><al>Dit artikel geeft een aantal begrippen weer zoals deze voorkomen in de
                    verordening:</al><lijst><li nr="-"><al>De termen ‘sociaal minimum’, ‘inkomen’ en ‘vermogen’, sluiten aan bij de
                            betreffende bepalingen in de Wet werk en bijstand, zoals gewijzigd per 1
                            januari 2012;</al></li><li nr="-"><al>Vanaf 1 januari 2012 wordt aangesloten bij de nieuwe gezinsbepaling
                            zoals vastgelegd in de Wet werk en bijstand. Dat betekent dat het
                            inkomen en de vermogensbestanddelen van alle huisgenoten in aanmerking
                            worden genomen;</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 2</tussenkop><al>Dit artikel geeft het doel van de verordening weer. Het doel is tweeledig:</al><lijst><li nr="a."><al>Voor alle inwoners geldt dat de verordening wil stimuleren dat inwoners
                            met een laag inkomen deelnemen aan activiteiten op het terrein van
                            cultuur, educatie, recreatie en sport.</al></li><li nr="b."><al>Voor ouderen en arbeidsgehandicapten is het echter, vanwege fysieke
                            beperkingen,</al></li></lijst><al>soms moeilijk om aan de genoemde activiteiten buitenshuis deel te nemen. Voor
                    hen is het echter van belang om toch sociaal contact te hebben met de
                    buitenwereld. Om die reden worden de kosten van het abonnement van de kabel, het
                    telefoonabonnement of internetaansluiting, de NS-kortingskaart en het abonnement
                    op de kerktelefoon eveneens aangemerkt als uitgaven die vallen onder de
                    doelstelling van de verordening.</al><tussenkop>Artikel 3</tussenkop><al>De bijdrage bedraagt maximaal € 165 per jaar per volwassene. Dit is ook het
                    maximale bedrag dat ouderen en arbeidsgehandicapten kunnen ontvangen. </al><al>Vooral voor kinderen uit gezinnen met lage inkomens is het van belang om deel te
                    kunnen nemen aan activiteiten zoals genoemd in artikel 2, eerste lid. Om die
                    reden bedraagt de bijdrage voor kinderen € 165 per kind en wordt dit bedrag
                    verhoogd met € 100 als het kind lid is van een vereniging of een club waarbij
                    sprake is van deelname aan structurele, regelmatige activiteiten. Het wordt van
                    belang geacht voor hun sociale ontwikkeling dat kinderen deelnemen aan
                    gezamenlijke activiteiten. Daarom is de mogelijkheid van een extra vergoeding
                    van € 100 per kind toegevoegd.</al><al>Indien de kinderen ook recht hebben op een bijdrage van het Brabants
                    Jeugdsportfonds, wordt de ouders geadviseerd hiervoor eerst een aanvraag te
                    laten indienen door een intermediair bij het Brabants Jeugdsportfonds. Het
                    Activiteitenfonds kan dan daarnaast een vergoeding toekennen voor andere
                    activiteiten. Het is niet toegestaan een bijdrage van het Activiteitenfonds aan
                    te vragen voor kosten die het Brabants Jeugdsportfonds reeds vergoed heeft in
                    hetzelfde kalenderjaar.</al><tussenkop>Artikel 4</tussenkop><al>Voor een bijdrage komen inwoners met een laag inkomen in aanmerking. In deze
                    verordening wordt hieronder verstaan: inwoners met een inkomen tot 110% van het
                    sociaal minimum. </al><al>Er geldt een vermogenstoets. De vermogenscriteria zoals genoemd in art. 34 van
                    de Wet werk en bijstand zijn van toepassing.</al><al>Studenten komen niet in aanmerking voor het Activiteitenfonds. Zij worden geacht
                    reeds voldoende deel te nemen aan activiteiten waarop deze regeling zich
                    richt.</al><al>Inwoners die voor hun inkomensvoorziening zijn aangewezen op de zorg van het
                    rijk, komen ook niet in aanmerking voor een bijdrage. </al><tussenkop>Artikel 5</tussenkop><al>Een aanvraag moet worden ingediend via een daartoe bestemd aanvraagformulier. Op
                    het aanvraagformulier moet worden vermeld voor welke gezinsleden een bijdrage
                    wordt gevraagd. Per gezinslid moet gespecificeerd worden aangegeven wat de
                    kosten zijn van de vermelde activiteiten. De aanvrager moet op verzoek de
                    bewijsstukken kunnen overleggen.</al><al>Tevens moet aangegeven worden wat de hoogte is van het inkomen en het vermogen
                    van de tot het gezin behorende gezinsleden. Een inkomensbewijs, dit kan zijn een
                    salaris/uitkeringsspecificatie, een dagafschrift van bank of giro etc. moet
                    worden meegezonden indien geen Wwb-uitkering via Loket Altena <cursief>voor
                        Werk,</cursief><cursief>Inkomen &amp; Zorg</cursief> wordt ontvangen </al><al>In dat laatste geval moet de aanvrager tevens een vraag beantwoorden over de
                    hoogte van het aanwezige vermogen.</al><al>Indien het inkomen van de aanvrager lager is dan 110% van het sociaal minimum
                    wordt een bijdrage toegekend. De bijdrage per gezinslid bestaat uit een bedrag
                    voor de kosten van de activiteiten die voldoen aan de omschrijving in artikel 2.
                    De maximaal toe te kennen bedragen worden genoemd in artikel 3.</al><tussenkop>Artikel 6</tussenkop><al>Inwoners die in een kalenderjaar een aanvraag toegekend hebben gekregen,
                    ontvangen het jaar daarop in de maand maart een aanvraagformulier voor het
                    nieuwe kalenderjaar. Deze personen worden gewezen op de mogelijkheid voor het
                    nieuwe kalenderjaar een aanvraag in te dienen. </al><al>Om onduidelijkheden te voorkomen, bijv. over de leeftijd van een kind, is
                    opgenomen dat de gezinssituatie op de datum van aanvraag leidend is voor het
                    bepalen van het recht op een bijdrage.</al><al>Binnen vier weken zullen burgemeester en wethouders een beslissing nemen. In de
                    uitvoeringspraktijk zal er naar gestreefd worden om al eerder een beslissing te
                    nemen.</al><tussenkop>Artikel 7</tussenkop><al>In een werkinstructie kunnen burgemeester en wethouders nadere uitvoeringsregels
                    vaststellen.</al><tussenkop>Artikel 8</tussenkop><al>De verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2012.</al><al>Aldus besloten in de openbare vergadering </al><al>van de raad van de gemeente Werkendam van </al><al>de raadsgriffier, </al><al>mr. I. Bakker </al><al/><al>de voorzitter,</al><al>mw drs. C.G.J. Breuer</al></bijlage></regeling></body></cvdr>