<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR18381_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening leerlingenvervoer gemeente Oostzaan</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Oostzaan</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-11-28</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Oostzaan</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Kompas, 22-06-2004</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening leerlingenvervoer gemeente Oostzaan</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0003420&amp;artikel=4">Wet op het primair onderwijs, art. 4</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="jci1.3:c:BWBR0003549">Wet op de expertisecentra</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="jci1.3:c:BWBR0002399">Wet op het voortgezet onderwijs</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2004-06-02</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2004-07-15</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2013-02-06</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>-</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening leerlingenvervoer gemeente Oostzaan</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Oostzaan</al><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van Oostzaan, </al><al>Gelet op de artikelen 4 van de Wet op het primair onderwijs en de Wet op de
                        expertisecentra en de Wet op het voortgezet onderwijs </al><al>besluit vast te stellen de volgende:</al><al><vet>Verordening leerlingenvervoer gemeente Oostzaan</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Titel</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder </al><lijst><li nr="1.a."><al>school:</al><lijst><li nr="-"><al>een basisschool of speciale school voor basisonderwijs
                                            als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs (Stb.
                                            1998, 495); </al></li><li nr="-"><al>een school voor speciaal onderwijs of speciaal en
                                            voortgezet speciaal onderwijs of voortgezet speciaal
                                            onderwijs als bedoeld in de Wet op de expertisecentra
                                            (Stb. 1 998, 496); </al></li><li nr="-"><al>een school voor voortgezet onderwijs als bedoeld in de
                                            Wet op het voortgezet onderwijs (Stb. 1998, 512); </al></li><li nr="-"><al>een school voor speciaal voortgezet onderwijs als
                                            bedoeld in deel 11 van de Wet op het voortgezet
                                            onderwijs</al></li></lijst></li><li nr="b."><al>ouders: de ouders, voogden of verzorgers van de leerling; </al></li><li nr="c."><al>leerling: een leerling van een school als bedoeld onder a.;
                                </al></li><li nr="d."><al>woning: de plaats waar de leerling feitelijk zijn hoofdverblijf
                                    heeft; </al></li><li nr="e."><al>afstand: de afstand tussen de woning en de school, gemeten langs
                                    de kortste voor de leerling voldoende begaanbare en veilige weg;
                                </al></li><li nr="f."><al>vervoer: openbaar vervoer, aangepast vervoer of eigen vervoer
                                    tussen de woning dan wel de opstapplaats en de school dat
                                    plaatsvindt in aansluiting op het begin en einde van de
                                    schooldag volgens het activiteitenplan, tenzij de structurele
                                    handicap van een leerplichtige leerling die aansluiting
                                    onmogelijk maakt; </al></li><li nr="g."><al>openbaar vervoer: voor een ieder openstaand personenvervoer
                                    volgens een dienstregeling per trein, metro, tram, bus,
                                    veerdienst of auto; </al></li><li nr="h."><al>aangepast vervoer: vervoer per besloten (school)busvervoer,
                                    taxi, treintaxi of bustaxi; </al></li><li nr="i."><al>eigen vervoer: vervoer per eigen motorvoertuig, bromfiets of
                                    fiets; </al></li><li nr="j."><al>reistijd: de totale tijdsduur die ligt tussen het verlaten van
                                    de woning en de aanvang van de schooldag volgens het schoolplan,
                                    minus maximaal 10 minuten indien en voorzover de leerling het
                                    schoolgebouw met bijbehorend terrein gewoonlijk eerder bereikt
                                    dan het schoolplan aangeeft, dan wel de totale tijdsduur die
                                    ligt tussen het einde van de schooldag volgens het school plan
                                    en de aankomst bij de woning; </al></li><li nr="k."><al>toegankelijke school: </al><lijst><li nr="-"><al>voor wat betreft basisscholen en speciale scholen voor
                                            basisonderwijs: de basisschool van de verlangde
                                            godsdienstige of levensbeschouwelijke richting dan wel
                                            de openbare school of de speciale school voor
                                            basisonderwijs waarop de leerling is aangewezen van de
                                            verlangde godsdienstige of levensbeschouwelijke richting
                                            dan wel de openbare school;</al></li><li nr="-"><al> voor wat betreft scholen voor (voortgezet) speciaal
                                            onderwijs en scholen voor voortgezet onderwijs: de
                                            school van de soort waarop de leerling is aangewezen van
                                            de verlangde godsdienstige of levensbeschouwelijke
                                            richting dan wel de openbare school van de soort waarop
                                            de leerling is aangewezen; </al></li></lijst></li><li nr="l."><al>inkomen: het ingevolge de Wet op de inkomstenbelasting 1964
                                    (Stb. 1964, 519) vastgestelde belastbaar inkomen van de ouders
                                    in het tweede kalenderjaar voorafgaande aan het schooljaar
                                    waarvoor vergoeding van de vervoerskosten wordt gevraagd;</al></li><li nr="m."><al>opstapplaats: plaats aangewezen door burgemeester en wethouders,
                                    vanaf waar de leerling gebruik kan maken van het vervoer; </al></li><li nr="n."><al>commissie voor de begeleiding: de commissie die is ingesteld
                                    door het bevoegd gezag van een school als bedoeld in artikel 1
                                    van de Wet op de expertisecentra, niet zijnde een instelling, of
                                    de bevoegde gezagsorganen van twee of meer scholen als bedoeld
                                    in artikel 1 van de Wet op de expertisecentra, niet zijnde
                                    instellingen, die hetzelfde regionaal expertisecentrum in dienst
                                    houden. </al></li><li nr="o."><al>vervoersvoorziening: een gehele of gedeeltelijke vergoeding van
                                    de door burgemeester en wethouders noodzakelijk geachte
                                    vervoerskosten van de leerling en zo nodig diens begeleider;
                                </al><lijst><li nr="-"><al> de verstrekking van een abonnement of strippenkaart
                                            voor de leerling en zo nodig diens begeleider, of: </al></li><li nr="-"><al> aanbieding van aangepast vervoer dat de gemeente
                                            verzorgt of doet verzorgen. </al></li></lijst></li><li nr="p."><al>permanente commissie leerlingenzorg: de commissie als bedoeld in
                                    artikel 23 van de Wet op het primair onderwijs; </al></li><li nr="q."><al>samenwerkingsverband: het samenwerkingsverband als bedoeld in
                                    artikel 18 van deWet op het primair onderwijs; </al></li><li nr="r."><al>regionale verwijzingscommissie: de commissie als bedoeld in
                                    artikel lOg van de Wet op het voortgezet onderwijs; </al></li><li nr="s."><al>opdc: orthopedagogisch en -didactisch centrum als bedoeld in de
                                    artikel 1Oh, derde lid van de Wet op het voortgezet onderwijs.
                                </al></li><li nr="t."><al>ambulante begeleiding: de begeleiding van een personeelslid van
                                    een school of instelling als bedoeld in artikel 1 van de Wet op
                                    de expertisecentra van leerlingen die zijn geplaatst op een
                                    basisschool of leerlingen die zijn geplaatst op een school voor
                                    voortgezet onderwijs en naar het oordeel van het bevoegd gezag
                                    zonder die begeleiding zouden zijn aangewezen op het speciaal
                                    onderwijs of het voortgezet speciaal onderwijs.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Vergoeding van de door Burgemeester en wethouders noodzakelijk te achten vervoerskosten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Ten behoeve van het schoolbezoek kennen burgemeester en wethouders
                                aan de ouders van in de gemeente verblijvende leerlingen op aanvraag
                                een vervoersvoorziening toe met inachtneming van het bepaalde in
                                deze verordening. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien burgemeester en wethouders toepassing geven aan het eerste
                                lid, verlangen zij dat de ouders aan wie slechts een gedeeltelijke
                                vergoeding van de vervoerskosten toekomt, hun kinderen van het aldus
                                verzorgde vervoer gebruik laten maken tegen betaling van een
                                bijdrage tot ten hoogste het bedrag dat de ouders ingevolge het
                                bepaalde in deze verordening moeten bijdragen aan de kosten van het
                                vervoer. Weigering tot of nalatigheid in de betaling van de in de
                                vorige volzin bedoelde bijdrage doet de aanspraak op een vergoeding
                                vervallen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De bepalingen in deze verordening laten onverlet de
                                verantwoordelijkheid van de ouders voor het schoolbezoek van hun
                                kinderen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien de leerling meerderjarig en handelingsbekwaam is, wordt de
                                bekostiging opaanvraag verstrekt aan de leerling.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Vergoeding naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een vergoeding van de vervoerskosten wordt toegekend over de afstand
                                tussen de woning dan wel de opstapplaats en de dichtstbijzijnde voor
                                de leerling toegankelijke school, tenzij vervoer naar een verder
                                weggelegen school voor de gemeente minder kosten met zich mee zou
                                brengen en de ouders met het vervoer naar die school schriftelijk
                                instemmen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien ouders een vergoeding van de vervoerskosten aanvragen voor
                                het bezoeken van een school, die op grotere afstand van de woning is
                                gelegen dan in artikel 11 of 15 is bepaald, terwijl een of meer
                                scholen van dezelfde onderwijssoort dichterbij de woning zijn
                                gelegen, ontstaat slechts aanspraak op een vergoeding naar
                                eerstgenoemde school als door de ouders schriftelijk wordt verklaard
                                dat zij overwegende bezwaren hebben tegen het openbaar onderwijs dan
                                wel tegen de richting van het onderwijs van alle bijzondere scholen,
                                van de soort waarop de leerling is aangewezen, die dichterbij de
                                woning zijn gelegen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Uitbetaling van de vergoeding</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders bepalen bij de toekenning van een vergoeding
                            van de vervoerskosten de wijze en het tijdstip van de uitbetaling,
                            alsmede de tijdsduur van de vergoeding. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Aanvraagprocedure</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aanvraag voor een vergoeding van de vervoerskosten wordt gedaan
                                door indiening bij burgemeester en wethouders van een volledig
                                ingevuld en door de ouders ondertekend formulier, voorzien van de op
                                het formulier vermelde gegevens.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvraag wordt, indien het een aanvraag voor het eerstvolgende
                                schooljaar betreft, voor 1 juni voorafgaand aan dat schooljaar
                                ingediend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien dit voor een juiste beoordeling van de aanvraag noodzakelijk
                                is, kunnen burgemeester en wethouders de ouders verzoeken
                                aanvullende gegevens te verstrekken.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders besluiten over de aanvraag binnen acht
                                weken na ontvangst van alle benodigde gegevens.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen het in het vorige lid bedoelde
                                besluit met tenhoogste vier weken verdagen. Zij stellen de aanvrager
                                hiervan schriftelijk in kennis.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Indien een vervoersvoorziening wordt toegekend wordt deze
                                getroffen:</al><lijst><li nr="a."><al>met ingang van het nieuwe schooljaar indien de aanvraag voor
                                        1 juni is ingediend; </al></li><li nr="b."><al>met ingang van de door de ouders verzochte datum als het een
                                        aanvraag gedurende het schooljaar betreft, met dien
                                        verstande dat de datum waarop de vergoeding wordt toegewezen
                                        niet ligt voor de datum van ontvangst van de aanvraag door
                                        burgemeester en wethouders</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Doorgeven van wijzigingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De ouders zijn verplicht wijzigingen, die van invloed kunnen zijn op
                                de toegekende vergoeding van de vervoerskosten, onder vermelding van
                                de datum van wijziging, onverwijld schriftelijk mede te delen aan
                                burgemeester en wethouders. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien sprake is van een wijziging die van invloed is op de
                                toegekende vergoeding, vervalt de vergoeding en kennen burgemeester
                                en wethouders al dan niet opnieuw een vergoeding van de
                                vervoerskosten toe. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de ouders niet voldoen aan het bepaalde in het eerste lid, en
                                burgemeester en wethouders een wijziging als bedoeld in het tweede
                                lid vaststellen, waardoor blijkt dat ten onrechte een vergoeding is
                                genoten, vervalt de vergoeding van de vervoerskosten terstond en
                                kennen burgemeester en wethouders al dan niet opnieuw een vergoeding
                                van de vervoerskosten toe . </al><al> Burgemeester en wethouders delen hun besluit schriftelijk mee aan
                                de ouders. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een ten onrechte genoten vergoeding kan van de ouders worden
                                teruggevorderd, dan wel worden verrekend bij een eventuele nieuwe
                                toekenning van een vergoeding. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Peildatum leeftijd leerling</titel></kop><al>Voor de toekenning van een vergoeding op basis van artikel 12 is
                            bepalend de leeftijd van de leerling op 1 augustus van het schooljaar
                            waarop de vergoeding betrekking heeft. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Andere vergoedingen </titel></kop><al>Een vergoeding Ingevolge Titel 3 wordt verminderd met de aanspraak op
                            een toelage, voorzover die voor de betreffende leerling betrekking heeft
                            op de reiskosten. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Titel</label><nr>2</nr><titel>Bepalingen omtrent het vervoer van de leerlingen van scholen voor primair onderwijs</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Vergoeding naar de dichtstbijzijnde toegankelijke speciale school voor basisonderwijs in 
                                het samenwerkingsverband</titel></kop><al>Met inachtneming van het bepaalde in artikel 3 worden de kosten vergoed
                            van het vervoer over de afstand tussen de woning dan wel de opstapplaats
                            en: </al><lijst><li nr="a."><al>de dichtstbijzijnde voor de leerling toegankelijke speciale
                                    school voor basisonderwijs in het samenwerkingsverband van de
                                    basisschool waarvan de leerling afkomstig is, of </al></li><li nr="b."><al>een andere speciale school voor basisonderwijs in het onder a.
                                    bedoelde samenwerkingsverband, indien het vervoer naar die
                                    school voor de gemeente minder kosten met zich mee zou brengen
                                    dan het vervoer naar de speciale school voor basisonderwijs,
                                    bedoeld onder </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Permanente commissie leerlingenzorg</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders nemen bij de beoordeling van de aanvraag
                                voor leerlingenvervoer de beslissing in acht van de permanente
                                commissie leerlingenzorg over de toelating van de leerling op een
                                speciale school voor basisonderwijs. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders betrekken bij de beoordeling van de
                                aanvraag voor leerlingenvervoer eventuele adviezen van de permanente
                                commissie leerlingenzorg die voor de beoordeling van die aanvraag
                                van belang zijn. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel> Vergoeding van de kosten van openbaar vervoer en vervoer per fiets</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kennen aan de ouders van de leerling die
                                een school voor basisonderwijs of een speciale school voor
                                basisonderwijs bezoekt een vergoeding toe op basis van de kosten van
                                het openbaar vervoer, indien de afstand van de woning naar de
                                dichtstbijzijnde voor hem toegankelijke school meer dan zes km
                                bedraagt, maar minder dan 20 km. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid kennen burgemeester en wethouders de
                                ouders een vergoeding toe op basis van de kosten van het vervoer per
                                fiets, indien de leerling naar het oordeel van burgemeester en
                                wethouders, al dan niet onder begeleiding, gebruik kan maken van het
                                vervoer per fiets. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Vergoeding van de kosten van vervoer ten behoeve van een begeleide</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien aanspraak bestaat op een in artikel 11 bedoelde vergoeding,
                                vergoeden burgemeester en wethouders tevens de daarin bedoelde
                                kosten ten behoeve van een begeleider, indien de leerling jonger dan
                                negen jaar is, en door de ouders ten behoeve van burgemeester en
                                wethouders genoegzaam wordt aangetoond dat de leerling niet in staat
                                is zelfstandig van het openbaar vervoer gebruik te maken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien een begeleider meer dan één leerling tegelijk begeleidt,
                                komen slechts de kosten van het vervoer ten behoeve van één
                                begeleider voor vergoeding in aanmerking.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Vergoeding op basis van de kosten van aangepast vervoer</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders kennen een vergoeding toe op basis van de
                            kosten van aangepast vervoer aan de ouders van de leerling die een
                            school voor basisonderwijs of een speciale school voor basisonderwijs
                            bezoekt, indien voldaan wordt aan het afstandscriterium van artikel 11 ,
                            en </al><lijst><li nr="a."><al>de leerling met gebruikmaking van openbaar vervoer naar school
                                    of terug, meer dan anderhalf uur onderweg is en de reistijd met
                                    aangepast vervoer tot 50% of minder van de reistijd per openbaar
                                    vervoer kan worden teruggebracht, of: </al></li><li nr="b."><al>openbaar vervoer ontbreekt, tenzij de leerling naar het oordeel
                                    van burgemeester en wethouders al dan niet onder begeleiding
                                    gebruik kan maken van het vervoer per fiets. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Vergoeding op basis van de kosten van eigen vervoer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien aanspraak bestaat op een vergoeding van de vervoerskasten,
                                kunnen burgemeester en wethouders de ouders op aanvraag toestaan één
                                of meer leerlingen zelf te vervoeren of te laten vervoeren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is
                                verleend, vergoeden burgemeester en wethouders aan de ouders die één
                                leerling zelf vervoeren, dan wel laten vervoeren: </al><lijst><li nr="a."><al>een bedrag op basis van de kosten van het openbaar vervoer,
                                        indien aanspraak zou bestaan op een vergoeding op basis van
                                        de kosten van het openbaar vervoer, behoudens het bepaalde
                                        in het vijfde lid; </al></li><li nr="b."><al>een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de
                                        auto, afgeleid van de Reisregeling binnenland, indien
                                        aanspraak zou bestaan op een vergoeding van de kosten van
                                        aangepast vervoer, behoudens het bepaalde in het vierde
                                        lid.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is
                                verleend, vergoeden burgemeester en wethouders aan de ouders die
                                meer dan één leerling tegelijk zelf vervoeren, dan wel laten
                                vervoeren, een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de
                                auto afgeleid van de Reisregeling binnenland, behoudens het bepaalde
                                in het vierde lid.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Aan de ouders die één of meer leerlingen laten vervoeren door andere
                                ouders die van gemeentewege voor het vervoer van één of meer
                                leerlingen een vergoeding ontvangen afgeleid van de Reisregeling
                                binnenland, wordt door burgemeester en wethouders geen vergoeding
                                verleend.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien aanspraak bestaat op een vergoeding van de vervoerskosten en
                                burgemeester en wethouders desgewenst toestaan, dan wel van oordeel
                                zijn, dat de leerling gebruik kan maken van het vervoer per fiets,
                                vergoeden burgemeester en wethouders aan de ouders een bedrag op
                                basis van een kilometervergoeding voor de fiets, afgeleid van de
                                Reisregeling binnenland.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Titel</label><nr>3</nr><titel>Bepalingen omtrent het vervoer van de leerlingen van scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Vergoeding van de kosten van openbaar vervoer en vervoer per fiets </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kennen aan de ouders van de leerling die
                                een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs, een school voor
                                speciaal voortgezet onderwijs of een school voor praktijkonderwijs
                                bezoekt, een vergoeding toe op basis van de kosten van het openbaar
                                vervoer, indien de afstand van de woning naar de diChtstbijzijnde
                                toegankelijke school meer dan zes kilometer en beneden de 20
                                kilometer bedraagt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als de leerling naar het oordeel van de aanvrager /ster niet in
                                staat is om zelfstandig naar een school voor speciaal onderwijs te
                                reizen op minder dan 6 kilometer en begeleiding van ouders
                                /verzorgers niet mogelijk is, dan is art. 20 van toepassing. Mits de
                                aanvraag wordt onderbouwd met een verklaring van de Commissie van
                                Onderzoek van de desbetreffende school.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>afwijking van het eerste lid kennen burgemeester en wethouders de
                                ouders een vergoeding toe op basis van de kosten van het vervoer per
                                fiets, indien de leerling naar het oordeel van burgemeester en
                                wethouders, al dan niet onder begeleiding, gebruik kan maken van het
                                vervoer per fiets.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Commissie voor de begeleiding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien burgemeester en wethouders de gevraagde voorziening ten
                                behoeve van eeneerling op een school voor (voortgezet) speciaal
                                onderwijs, een school voor speciaal voortgezet onderwijs of een
                                school voor praktijkonderwijs niet of slechts gedeeltelijkoekennen,
                                dienen zij bij de beschikking het advies van de commissie voor de
                                begeleiding te betrekken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen tevens het advies van andere
                                deskundigen inwinnen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als de commissie voor de begeleiding binnen vier schoolweken na
                                verzending van de adviesaanvraag geen advies heeft uitgebracht of
                                niet schriftelijk om verlenging van de adviestermijn met ten hoogste
                                twee weken heeft verzocht, wordt door burgemeester en wethouders het
                                besluit genomen zonder het advies van de commissie voor de
                                begeleiding.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Vergoeding van de kosten van openbaar vervoer ten behoeve van een begeleider</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien aanspraak bestaat op een in artikel 1 5 bedoelde vergoeding,
                                vergoeden burgemeester en wethouders tevens de daarin bedoelde
                                kosten ten behoeve van een begeleider, indien door de ouders ten
                                behoeve van burgemeester en wethouders genoegzaam wordt aangetoond
                                dat de leerling, gelet op zijn geestelijke, zintuiglijke of
                                lichamelijke handicap of leeftijd, niet in staat is zelfstandig van
                                het openbaar vervoer of de fiets gebruik te maken. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Indien burgemeester en wethouders de in het vorige lid bedoelde
                                aanvraag niet of slechts gedeeltelijk toekennen, dienen zij bij de
                                beschikking het advies van de commissie voor de begeleiding en
                                eventueel het advies van andere deskundigen te betrekken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien een begeleider meer dan één leerling tegelijk begeleidt,
                                komen slechts de kosten van het openbaar vervoer ten behoeve van één
                                begeleider voor vergoeding in aanmerking.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Vergoeding op basis van de kosten van aangepast vervoer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><lijst><li nr=""><al>Burgemeester en wethouders kennen een vergoeding toe op
                                        basis van de kosten van aangepast vervoer aan de ouders van
                                        de leerling die een school voor (voortgezet) speciaal
                                        onderwijs bezoekt, indien voldaan wordt aan het
                                        afstandscriterium van artikel 15, en </al><lijst><li nr="a."><al>de leerling, naar het oordeel van burgemeester en
                                                wethouders, gelet op zijn geestelijke, lichamelijk
                                                of zintuiglijke handicap niet in staat is - ook niet
                                                onder begeleiding - van openbaar vervoer gebruik te
                                                maken, of: </al></li><li nr="b."><al>de leerling met gebruikmaking van openbaar vervoer
                                                naar school of terug, meer dan anderhalf uur
                                                onderweg is en de reistijd met aangepast vervoer tot
                                                50% of minder van de reistijd per openbaar vervoer
                                                kan worden teruggebracht, of: </al></li><li nr="c."><al>openbaar vervoer ontbreekt, tenzij de leerling naar
                                                het oordeel van burgemeester en wethouders al dan
                                                niet onder begeleiding gebruik kan maken van het
                                                vervoer per fiets, dan wel zelfstandig gebruik kan
                                                maken van het vervoer per bromfiets. </al></li></lijst></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien burgemeester en wethouders de in het vorige lid bedoelde
                                aanvraag niet of slechts gedeeltelijk toekennen, dienen zij bij de
                                beschikking het advies van de commissie voor de begeleiding en
                                eventueel het advies van andere deskundigen te betrekken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Vergoeding op basis van de kosten van eigen vervoer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien aanspraak bestaat op een vergoeding van de vervoerskosten,
                                kunnen burgemeester en wethouders de ouders op aanvraag toestaan één
                                of meer leerlingen zelf te vervoeren of te laten vervoeren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is
                                verleend, vergoeden burgemeester en wethouders aan de ouders die één
                                leerling zelf vervoeren, dan wel laten vervoeren: </al><lijst><li nr="a."><al>een bedrag op basis van de kosten van het openbaar vervoer,
                                        indien aanspraak zou bestaan op een vergoeding op basis van
                                        de kosten van het openbaar vervoer, behoudens het bepaalde
                                        in het vijfde lid; </al></li><li nr="b."><al>een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de
                                        auto, afgeleid van de Reisregeling binnenland, indien
                                        aanspraak zou bestaan op een vergoeding van de kosten van
                                        aangepast vervoer, behoudens het bepaalde in het vierde
                                        lid.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is
                                verleend, vergoeden burgemeester en wethouders aan de ouders die
                                meer dan één leerling tegelijk zelfervoeren, dan wel laten
                                vervoeren, een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de
                                auto, afgeleid van de Reisregeling Binnenland, behoudens het
                                bepaalde in het vierde lid.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Aan de ouders die één of meer leerlingen laten vervoeren door andere
                                ouders die van gemeentewege voor het vervoer van één of meer
                                leerlingen een vergoeding ontvangen afgeleid van de Reisregeling
                                binnenland, wordt door burgemeester en wethouders geen vergoeding
                                verleend.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien aanspraak bestaat op een vergoeding van de vervoerskosten en
                                burgemeester en wethouders desgewenst toestaan, dan wel van oordeel
                                zijn, dat de leerling gebruik kan maken van het vervoer per fiets of
                                bromfiets, vergoeden burgemeester en wethouders aan de ouders een
                                bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de fiets dan wel
                                bromfiets, afgeleid van de Reisregeling binnenland.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Vergoeding vervoerskosten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kennen eveneens een vergoeding toe op
                                basis van de kosten van aangepast vervoer aan de ouders van de
                                leerling die een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs
                                bezoekt, in het geval de afstand van de woning naar de
                                dichtstbijzijnde voor de leerling toegankelijke school minder
                                bedraagt dan is bepaald in artikel 15, indien burgemeester en
                                wethouders van oordeel zijn dat de lichamelijke, zintuiglijke of
                                geestelijke handicap van de leerling dat vereist.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien burgemeester en wethouders de in het vorige lid bedoelde
                                aanvraag niet of slechts gedeeltelijk toekennen, dienen zij bij de
                                beschikking het advies van de commissie voor de begeleiding en
                                eventueel het advies van andere deskundigen te betrekken</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Titel</label><nr>4</nr><titel>Bepalingen omtrent weekeinde- en vakantievervoer</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Vergoeding van de kosten van het weekeinde- en vakantievervoer aan de in de gemeente wonende ouders</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders vergoeden desgewenst de kosten van het
                            weekeinde- en vakantievervoer aan de in de gemeente wonende ouders van
                            de leerling die, met het oog op het volgen van voor hem passend
                            (voortgezet) speciaal onderwijs in een internaat of pleeggezin
                            verblijft, volgens het bepaalde in deze Titel. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Vergoeding kosten weekeinde- en vakantievervoer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders vergoeden aan de ouders de kosten van het
                                weekeindevervoer van de leerling voor de, eenmaal per weekeinde
                                gemaakte, reis van het internaat of het pleeggezin waar de leerling
                                verblijft, naar de woning van de ouders en terug, voorzover de
                                weekeinden niet vallen binnen de in het tweede lid bedoelde
                                schoolvakanties.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders vergoeden de kosten van het
                                vakantievervoer van de leerling voor de, eenmaal per schoolvakantie
                                van twee dagen of meer, gemaakte reis van het internaat of het
                                pleeggezin waar de leerling verblijft, naar de woning van de ouders
                                en terug, voorzover de vakantie voorkomt in het schoolplan van de
                                school die de leerling bezoekt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Titel 3 van deze verordening is van overeenkomstige toepassing, met
                                uitzondering van artikel 17, tweede lid, artikel 18, eerste lid
                                onder b, artikel 18, tweede lid, en artikel 20 .</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Titel</label><nr>5</nr><titel>Eigen bijdrage en vergoeding naar financiële draagkracht</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Drempelbedrag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aan de ouders van een leerling die een school voor basisonderwijs,
                                een speciale school voor basisonderwijs of een school voor
                                voortgezet onderwijs bezoelh, van wie het inkomen tezamen meer
                                bedraagt dan € 17.700,-- ,wordt slechts een vergoeding verleend
                                voorzover de kosten van het vervoer van die leerling de kosten van
                                het openbaar vervoer over de in artikel 11 dan wel artikel 15
                                bepaalde afstand te boven gaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In geval burgemeester en wethouders in plaats van een vergoeding in
                                geld toe te kennen het vervoer zelf verzorgen dan wel doen
                                verzorgen, betalen de ouders van een leerling die een school voor
                                basisonderwijs, een speciale school voor basisonderwijs, een school
                                voor speciaal voortgezet onderwijs of een school voor
                                praktijkonderwijs bezoekt, per leerling per schooljaar een eigen
                                bijdrage die gelijk is aan de kosten van het openbaar vervoer over
                                de in artikel 11 dan wel artikel 15 bepaalde afstand, indien het
                                inkomen van de ouders meer bedraagt dan € 17.700,--.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De kosten voor openbaar vervoer, genoemd in het eerste en tweede
                                lid, betreffen de kosten van openbaar vervoer die op grond van de
                                zone-indeling in de regeling die is gebaseerd op artikel 27, eerste
                                lid, van de Wet personenvervoer, voor de afstand redelijkerwijs
                                zouden worden gemaakt, ongeacht de aanwezigheid van openbaar vervoer
                                of het daadwerkelijk gebruik ervan.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het bedrag van € 17.700,--, genoemd in het eerste en tweede lid,
                                wordt met ingang van 1 januari 1999 jaarlijks aangepast aan de
                                wijziging die het indexcijfer van de regelingslonen van volwassen
                                werknemers heeft ondergaan ten opzichte van het voorafgaande jaar en
                                rekenkundig afgerond op een veelvoud van € 450,--. </al><al>Het aangepaste bedrag treedt in plaats van het in het eerste en
                                tweede lid genoemde bedrag van € 17.700,</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Titel</label><nr>6</nr><titel>Bepalingen omtrent het vervoer van gehandicapte leerlingen van scholen voor primair onderwijs en 
                            voortgezet onderwijs</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Bekostiging op basis van de kosten van openbaar vervoer met begeleiding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders verstrekken bekostiging op basis van de
                                kosten van openbaar vervoer met begeleiding aan de ouders van de
                                leerling die een basisschool, speciale school voor basisonderwijs of
                                een school voor voortgezet onderwijs bezoekt en vanwege een
                                lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke handicap niet
                                zelfstandig van het openbaar vervoer gebruik kan maken. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien burgemeester en wethouders de in het vorige lid bedoelde
                                aanvraag niet of slechts gedeeltelijk toekent, dienen zij bij de
                                beschikking het advies van de permanente commissie leerlingenzorg of
                                de ambulante begeleider en eventueel het advies van andere
                                deskundigen te betrekken. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien een begeleider meer dan één leerling tegelijk begeleidt,
                                komen slechts de kosten van het openbaar vervoer ten behoeve van één
                                begeleider voor vergoeding in aanmerking. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Bekostiging op basis van kosten van aangepast vervoer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders verstrekken bekostiging op basis van
                                aangepast vervoer aan de ouders van de leerling die een basisschool,
                                speciale school voor basisonderwijs of een school voor voortgezet
                                onderwijs bezoekt en vanwege een lichamelijke, verstandelijke of
                                zintuiglijke handicap op ander vervoer dan het openbaar vervoer is
                                aangewezen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien burgemeester en wethouders de in het vorige lid bedoelde
                                aanvraag niet of slechts gedeeltelijk toekent, dienen zij bij de
                                beschikking het advies van de permanente commissie leerlingenzorg of
                                de ambulante begeleider en eventueel het advies van andere
                                deskundigen te betrekken. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Bekostiging op basis van de kosten van eigen vervoer </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien aanspraak bestaat op een vergoeding van de vervoerskosten,
                                kunnen burgemeester en wethouders de ouders op aanvraag toestaan één
                                of meer leerlingen zelf te vervoeren of te laten vervoeren. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is
                                verleend, vergoeden burgemeester en wethouders aan de ouders die één
                                leerling zelf vervoeren, dan wel laten vervoeren: </al><lijst><li nr="a."><al>een bedrag op basis van de kosten van het openbaar vervoer,
                                        indien aanspraak zou bestaan op een vergoeding op basis van
                                        de kosten van het openbaar vervoer, behoudens het bepaalde
                                        in het vijfde lid; </al></li><li nr="b."><al>een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de
                                        auto, afgeleid van de Reisregeling binnenland, indien
                                        aanspraak zou bestaan op een vergoeding van de kosten van
                                        aangepast vervoer, behoudens het bepaalde in het vierde lid.
                                    </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is
                                verleend, vergoeden burgemeester en wethouders aan de ouders die
                                meer dan één leerling tegelijk zelf vervoeren, dan wel laten
                                vervoeren, een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de
                                auto afgeleid van de Reisregeling binnenland, behoudens het bepaalde
                                in het vierde lid. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Aan de ouders die één of meer leerlingen laten vervoeren door andere
                                ouders die van gemeentewege voor het vervoer van één of meer
                                leerlingen een vergoeding ontvangen afgeleid van de Reisregeling
                                binnenland, wordt door burgemeester en wethouders geen vergoeding
                                verleend. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien aanspraak bestaat op een vergoeding van de vervoerskosten en
                                burgemeester en wethouders desgewenst toestaan, dan wel van oordeel
                                zijn, dat de leerling gebruik kan maken van het vervoer per fiets,
                                vergoeden burgemeester en wethouders aan de ouders een bedrag op
                                basis van een kilometervergoeding voor de fiets, afgeleid van de
                                Reisregeling binnenland. </al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Titel</label><nr>7</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Beslissing burgemeester en wethouders in gevallen waarin de regeling niet voorziet</titel></kop><al>In gevallen, de uitvoering van het leerlingenvervoer betreffende,
                            waarirn deze verordening niet voorziet, beslissen burgemeester en
                            wethouders. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Afwijken van bepalingen</titel></kop><al>Burgemeester en-wethouders kunnen in bijzondere gevallen ten gunste van
                            de ouders afwijken van de bepalingen in deze verordening, zo nodig na
                            advies te hebben gevraagd aan de permanente commissie leerlingenzorg, de
                            commissie van onderzoek, de regionale verwijzingscommissie en eventueel
                            andere deskundigen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel>overgangsregeling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor een leerling als bedoeld in Titel 6 voor wie in het schooljaar
                                2001-2002 krachtens de Wet Rea een vervoersvoorziening werd
                                verstrekt, niet zijnde een voorziening in de vorm van een bruikleen
                                auto of een voorziening deel uitmakend van of samenhangend met een
                                leefvervoervoorziening blijft, indien de ouders dat wensen, zo nodig
                                in afwijking van artikel 3 aanspraak bestaan op een gelijkwaardige
                                voorziening van en naar de school die de leerling in het schooljaar
                                2001-2002 bezocht .</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de leerling van leerwegondersteunend onderwijs of
                                praktijkonderwijs die in het schooljaar 2001-2002 een
                                vervoersvoorziening kreeg naar een school voor speciaal voortgezet
                                onderwijs, leerwegondersteunend onderwijs, praktijkonderwijs of een
                                opdc, blijft aanspraak bestaan op een vervoersvoorziening van en
                                naar de school of opdc die deleerling in het schooljaar 2001-2002
                                bezocht indien de afstand van de woning naar de school meer dan zes
                                kilometer bedraagt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De bepalingen in Titel 6 zijn voor de eerste maal van toepassing in
                                het schooljaar 20022003. Op het vervoer van leerlingen voorafgaand
                                aan het schooljaar 2002-2003 en daarop betrekking hebbende
                                geschillen blijven de regelingen die voorafgaand aan de
                                inwerkingtreding van deze verordening luiden van toepassing.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Kinderen die naar scholen gaan beneden de 6 kilometergrens ( zie
                                art.1 5) is er een overgangregeling getroffen voor maximaal één jaar
                                om een busabonnement te vergoeden en 25 strippenkaarten voor ouder/
                                verzorgers om in pouleverband te reizen voor het schooljaar 2004
                                /2005.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Inwerkingtreding.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Op het moment van inwerkingtreding van deze verordening vervallen
                                alle voorgaandeerordeningen met betrekking tot het
                                leerlingenvervoer.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op 15 juli 2004.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als: Verordening
                            leerlingenvervoer gemeente Oostzaan.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de vergadering van de raad van woensdag 2 juni 2004. </ondertekening><ondertekening> De voorzitter; de griffier,</ondertekening><ondertekening>P. Möhlman, S. Berga</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>