<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR17456_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening kwaliteitsregels peuterspeelzalen 2005</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Almere</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-12</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Almere</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Almere Vandaag, 2007-03-23</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening kwaliteitsregels peuterspeelzalen 2005</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2005-03-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2005-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>art. 11, 12</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>RV-22</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>1.Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening kwaliteitsregels peuterspeelzalen 2005</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Verordening kwaliteitsregels peuterspeelzalen</vet></al><al/><al>De raad van de gemeente Almere,</al><al/><al>gezien het voorstel van burgemeester en wethouders;</al><al/><al>gelet op artikel 149 van de Gemeentewet;</al><al/><al>overwegende dat het wenselijk is regels te stellen ten aanzien van de
                        kwaliteit van peuterspeelzalen;</al><al/><al><vet>B E S L U I T:</vet></al><al/><al>vast te stellen de Verordening kwaliteitsregels peuterspeelzalen,
                        luidende als volgt:</al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel 1 Begripsomschrijvingen </label></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="·"><al>peuterspeelzaalwerk:het bieden van speelgelegenheid aan kinderen
                                    van twee tot vier jaar gedurende een of meer dagdelen per week
                                    van maximaal 3,5 uur met als doel de ontwikkeling van deze
                                    kinderen te bevorderen en hen samen te laten spelen;</al></li><li nr="·"><al>peuterspeelzaal: een voorziening waar peuterspeelzaalwerk
                                    plaatsvindt;</al></li><li nr="·"><al>houder: degene die een peuterspeelzaal exploiteert;</al></li><li nr="·"><al>beroepskracht: degene die in een peuterspeelzaal werkzaamheden
                                    verricht die zijn opgenomen in de voor het peuterspeelzaalwerk
                                    geldende CAO en die beschikt over een voor deze werkzaamheden
                                    passende beroepskwalificaties;</al></li><li nr="·"><al>begeleider: degene die anders dan als beroepskracht is belast
                                    met de begeleiding van kinderen bij een peuterspeelzaal;</al></li><li nr="·"><al>burgemeester en wethouders: burgemeester en wethouders van
                                    Almere.</al></li></lijst><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk 2 Meldingsplicht </label></kop><artikel><kop><label>Artikel 2 Melding in exploitatie nemen van een peuterspeelzaal </label></kop><al>Degene die voornemens is een peuterspeelzaal in exploitatie te nemen
                            binnen de gemeente doet daarvan melding aan burgemeester en wethouders.
                            De melding vindt plaats met behulp van een door burgemeester en
                            wethouders vastgesteld en beschikbaar gesteld formulier. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Ambitieniveau van het peuterspeelzaalwerk</titel></kop><al> De houder geeft in de melding aan burgemeester en wethouders aan voor
                            welk ambitieniveau van het peuterspeelzaalwerk hij kiest, waarbij de
                            volgende ambitieniveaus worden onderscheiden:</al><al>ambitieniveau 1: ‘spelen, ontmoeten, ontwikkelen en signaleren’; </al><al>ambitieniveau 2: ‘spelen, ontmoeten, ontwikkelen, signaleren en
                            ondersteunen’. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Termijn van in exploitatie nemen van een peuterspeelzaal</titel></kop><al>Een peuterspeelzaal wordt niet eerder in exploitatie genomen binnen 8
                            weken na het tijdstip van de melding. </al><al>Indien uit het onderzoek van de toezichthouder, bedoeld in artikel 17
                            eerste lid, eerder is gebleken dat de exploitatie redelijkerwijs zal
                            plaatsvinden in overeenstemming met de bepalingen in hoofdstuk 3 van
                            deze verordening, kan de exploitatie vanaf dat moment plaatsvinden. </al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel 5 Verbod op het in exploitatie nemen van een peuterspeelzaal </label></kop><al>Het is verboden een peuterspeelzaal in exploitatie te nemen indien uit
                            het onderzoek van de toezichthouder, bedoeld in artikel 17, eerste lid,
                            blijkt dat niet aan de eisen van de verordening wordt voldaan. </al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel 6 Register </label></kop><al>Het college houdt een register bij van gemelde peuterspeelzalen. In dit
                            register worden na een melding onmiddellijk de gegevens opgenomen die
                            ingevolge artikel 2, tweede lid, en artikel 3 zijn verstrekt. </al><al>Het college deelt de houder schriftelijk mee dat opneming van de
                            peuterspeelzaal in het register heeft plaatsgevonden. </al><al>Het register ligt op het gemeentehuis kosteloos voor een ieder ter
                            inzage. </al><al>De registratie is niet overdraagbaar.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel 7 Wijzigingen van gegevens </label></kop><al>De houder doet van wijzigingen in de gegevens die bij de melding zijn
                            verstrekt, onmiddellijk mededeling aan het college. </al><al>Het college deelt de houder schriftelijk mee dat de wijzigingen in het
                            register zijn aangetekend. </al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk 3 De kwaliteitseisen </label></kop><artikel><kop><label>Artikel 8 Algemene kwaliteitseisen </label></kop><al>De houder van een peuterspeelzaal biedt peuterspeelzaalwerk aan dat
                            bijdraagt aan een goede en gezonde ontwikkeling van het kind in een
                            veilige en gezonde omgeving. </al><al>De houder organiseert het peuterspeelzaalwerk op zodanige wijze dat
                            onderstaande leidt tot verantwoord peuterspeelzaalwerk:</al><lijst><li nr="-"><al>zowel kwalitatief als kwantitatief personeel</al></li><li nr="-"><al>zowel kwalitatief als kwantitatief materieel</al></li><li nr="-"><al>draagt zorg voor een zodanige
                                    verantwoordelijkheidstoedeling</al></li><li nr="-"><al>voert een pedagogisch beleid</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 9 Eisen ten aanzien van veiligheid en gezondheid </label></kop><al>De houder voert een beleid dat ertoe leidt dat de veiligheid en de
                            gezondheid van de op te vangen kinderen in elke door hem geëxploiteerde
                            peuterspeelzaal is gewaarborgd. De houder legt, voor zover hierin niet
                            wordt voorzien bij of krachtens andere wet- en regelgeving, in een
                            risico-inventarisatie schriftelijk vast welke risico’s de opvang van
                            kinderen met zich meebrengt. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 10 Oppervlakte speelruimte </label></kop><al>Voor ieder kind is minimaal 3,5 m2 bruto-oppervlakte aan
                            binnenspeelruimte beschikbaar. </al><al>Voor ieder kind is buitenspeelruimte beschikbaar, waarvan de
                            bruto-oppervlakte minimaal 4 m2 per kind bedraagt en die voor kinderen
                            bereikbaar is. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 11 Groepsgrootte en aantal beroepskrachten of begeleiders per groep</label></kop><al>De opvang van kinderen vindt plaats in vaste groepen in passend
                            ingerichte vaste afzonderlijke ruimtes. Bij een maximale groepsgrootte
                            van vijftien kinderen zijn er tenminste eén beroepskracht en eén
                            begeleider gelijktijdig op de groep aanwezig. Bij een maximale
                            groepsgrootte van achttien kinderen zijn er tenminste twee
                            beroepskrachten of eén beroepskracht en twee begeleiders gelijktijdig op
                            de groep aanwezig.</al></artikel><artikel><kop><label> Artikel 12 </label></kop><al>[<cursief>vervallen</cursief>]</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 13 Overeenkomst tussen houder en ouder </label></kop><al>Opvang in een peuterspeelzaal geschiedt op basis van een schriftelijke
                            overeenkomst tussen de houder en een ouder. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 14 Informatieplicht aan de ouders </label></kop><al>De houder van een peuterspeelzaal informeert de ouder voorafgaand aan
                            het aangaan van deze overeenkomst in ieder geval over:</al><lijst><li nr="·"><al>de plaatsingsprocedure en leveringsvoorwaarden; </al></li><li nr="·"><al>het gekozen ambitieniveau als bedoeld in artikel 3; </al></li><li nr="·"><al>het te voeren beleid, waaronder het beleid inzake veiligheid en
                                    gezondheid, alsmede het pedagogisch beleid waarin vanuit de
                                    visie op de ontwikkeling van kinderen de visie op de omgang met
                                    kinderen is beschreven; </al></li><li nr="·"><al>de wijze en frequentie van informatie-uitwisseling na plaatsing
                                    van het kind bij de peuterspeelzaal. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label> Artikel 15 Verklaring omtrent het gedrag </label></kop><al>Personen die als beroepskracht of begeleider werkzaam zijn bij een
                            peuterspeelzaal zijn in het bezit van een verklaring omtrent het gedrag,
                            afgegeven volgens de Wet justitiële gegevens. </al><al>Deze verklaring wordt aan de houder overlegt voordat een persoon zijn
                            werkzaamheden aanvangt. De verklaring is op het moment dat zij wordt
                            overgelegd niet ouder dan twee maanden. </al><al>Indien de houder of de toezichthouder redelijkerwijs vermoedt dat een
                            persoon niet langer voldoet aan de eisen voor het afgeven van een
                            verklaring omtrent het gedrag, verlangt de houder dat die persoon
                            opnieuw een verklaring omtrent het gedrag overlegt die niet ouder is dan
                            twee maanden. De desbetreffende persoon overlegt de verklaring binnen
                            een door de houder vast te stellen termijn. </al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk 4 Het gemeentelijk toezicht </label></kop><artikel><kop><label>Artikel 16 Aanwijzing van toezichthouders </label></kop><al>Burgemeester en wethouders wijst toezichthouders aan. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 17 Onderzoek door de toezichthouder </label></kop><al>Burgemeester en wethouders geeft opdracht aan de toezichthouder na een
                            melding als bedoeld in artikel 2, eerste lid, binnen 8 weken of de
                            exploitatie redelijkerwijs zal plaatsvinden in overeenstemming met de
                            voorschriften in hoofdstuk 3 van deze verordening. </al><al> Behoudens het eerste lid onderzoekt de toezichthouder periodiek of de
                            exploitatie van elke peuterspeelzaal plaatsvindt in overeenstemming met
                            de voorschriften in hoofdstuk 3 van deze verordening. </al><al>Naast het onderzoek bedoeld in het eerste en tweede lid kan het college
                            de toezichthouder opdracht geven incidenteel onderzoek verrichten naar
                            de naleving door een houder van de voorschriften in hoofdstuk 3 van deze
                            verordening. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 18 Het inspectierapport </label></kop><al>De toezichthouder legt zijn oordeel naar aanleiding van een onderzoek
                            bij een peuterspeelzaal vast in een inspectierapport. </al><al>Indien de toezichthouder oordeelt dat door de houder de voorschriften
                            van deze verordening niet zijn of zullen worden nageleefd, vermeldt hij
                            dat in het inspectierapport. </al><al>Alvorens het inspectierapport vast te stellen, stelt het college de
                            houder in de gelegenheid van het conceptrapport kennis te nemen en
                            daarover zijn zienswijze kenbaar te maken. De toezichthouder vermeldt de
                            zienswijze van de houder in een bijlage bij het inspectierapport. </al><al>De toezichthouder zendt het inspectierapport onverwijld aan de houder,
                            die een afschrift daarvan zo spoedig mogelijk ter inzage legt op een
                            voor ouders en personeel toegankelijke plaats. </al><al>Burgemeester en wethouders maakt het inspectierapport uiterlijk drie
                            weken na de vaststelling daarvan openbaar. </al></artikel><artikel><kop><label> Artikel 19 Aanwijzing en bevel </label></kop><al>Burgemeester en wethouders kan de houder een schriftelijke aanwijzing
                            geven indien op basis van het inspectierapport blijkt dat deze de
                            voorschriften in deze verordening niet of in onvoldoende mate naleeft. </al><al>De opsporing van de in artikel 20 strafbaar gestelde feiten is, naast de
                            in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering genoemde
                            opsporingsambtenaren, opgedragen aan hen die door burgemeester en
                            wethouders met het toezicht op de naleving van deze verordening zijn
                            belast, voor zover het de feiten betreft die in de aanwijzing zijn
                            vermeld.</al><al>Indien burgemeester en wethouders oordeelt dat de kwaliteit van de
                            opvang bij een peuterspeelzaal zodanig tekortschiet dat het nemen van
                            maatregelen redelijkerwijs geen uitstel kan lijden, kan burgemeester en
                            wethouders een schriftelijk bevel geven. Het bevel heeft een
                            geldigheidsduur van zeven dagen, die door het college kan worden
                            verlengd. </al><al>De houder neemt de maatregelen binnen de bij de aanwijzing
                            onderscheidenlijk het bevel gestelde termijn. </al></artikel><artikel><kop><label> Artikel 20 Strafbepaling </label></kop><al>Overtreding van de artikelen 2, eerste lid, en de artikelen in hoofdstuk
                            3 van deze verordeningen wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste
                            drie maanden of een geldboete van de tweede categorie. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk 5 Slot- en overgangsbepalingen </label></kop><artikel><kop><label>Artikel 21 Overgangsbepaling </label></kop><al>Het college neemt in het register de peuterspeelzalen op die op het
                            tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening over een vergunning
                            op grond van de Verordening kinderopvang 1997 beschikken. </al><al>Een houder van een peuterspeelzaal als bedoeld in het eerste lid
                            verstrekt desgevraagd aan het burgemeester en wethouders alle gegevens
                            die nodig zijn voor het register. </al><al>Beroepskrachten en begeleiders die op het tijdstip van inwerkingtreding
                            van deze verordening werkzaam zijn bij een peuterspeelzaal, leggen aan
                            de houder binnen twee maanden na de inwerkingtreding een verklaring
                            omtrent het gedrag over. </al><al>Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een
                            aanvraag om registratie op grond van de verordening kinderopvang </al></artikel><artikel><kop><label> Artikel 22 Inwerkingtreding </label></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2005 </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 23 Citeertitel </label></kop><al>De verordening wordt aangehaald als: Verordening kwaliteitsregels
                            peuterspeelzalen 2005.</al><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de gemeenteraad,
                        gehouden op 17 maart 2005.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>De griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><al> Toelichting </al><al/><al>Artikelsgewijze toelichting </al><al/><al>Artikel 1 Begripsomschrijvingen </al><al>De beroepskracht in opleiding (stagiaire) is niet apart gedefinieerd.
                            Hiermee vallen beroepskrachten in opleiding automatisch onder de
                            begripsomschrijving van een begeleider, te weten: ‘degene die anders dan
                            als beroepskracht is belast met de begeleiding van kinderen bij een
                            peuterspeelzaal’ (onderdeel e). </al><al/><al>Artikel 2 Melding in exploitatie nemen van een peuterspeelzaal Dit
                            artikel regelt de meldingsplicht voor degenen die een peuterspeelzaal
                            willen gaan exploiteren. De melding moet plaatsvinden met behulp van een
                            door het college vastgesteld en beschikbaar gesteld formulier. Het
                            stelsel van melding en registratie maakt aan iedereen duidelijk welke
                            instellingen actief zijn op het terrein van het peuterspeelzaalwerk. De
                            melding biedt aan de gemeente de mogelijkheid om voorafgaande aan de
                            start van de exploitatie te toetsen of een nieuw initiatief aan de
                            kwaliteitseisen voldoet. De gemeente moet een gemelde peuterspeelzaal
                            opnemen in een register dat voor een ieder toegankelijk is. Opneming in
                            het register geeft ouders </al><al>de zekerheid dat het peuterspeelzaalwerk bij de aanvang van de
                            exploitatie van voldoende kwaliteit is en dat er van gemeentewege zal
                            worden toegezien dat de kwaliteit van voldoende niveau blijft. Tussen
                            een vergunningenstelsel en een meldingsstelsel zijn een aantal
                            verschillen. Zo kunnen in een vergunning nadere eisen worden opgenomen
                            die specifiek gelden voor de instelling die de vergunning krijgt. Bij
                            een meldingsstelsel kunnen geen specifieke voorschriften worden gesteld,
                            maar moet worden volstaan met algemene, voor alle instellingen geldende
                            regels. Ook wat betreft het toepassen van sancties is er een verschil.
                            In een vergunningenstelsel vormt het intrekken van de vergunning een
                            sanctie. Deze sanctie is er niet in een meldingsstelsel. Wanneer de
                            gemeente wil dat de exploitatie van een peuterspeelzaal wordt stopgezet,
                            zal ze er voor moeten zorgen dat betreffende inrichting wordt gesloten.
                            Artikel 3 Ambitieniveau van het peuterspeelzaalwerk Dit artikel bepaalt
                            dat de houder in de melding aan het college aangeeft voor welk
                            ambitieniveau van het peuterspeelzaalwerk hij kiest. Het gekozen
                            ambitieniveau bepaalt de kwalificatie-eisen die aan de leidinggevenden
                            worden gesteld (zie artikel 12). Het ambitieniveau 0 (‘spelen en
                            ontmoeten’) is het minimumkwaliteitsniveau. Aan dit kwaliteitsniveau
                            dienen alle peuterspeelzalen in ieder geval te voldoen. Door de melding
                            en registratie worden de ouders op de hoogte gesteld van het
                            ambitieniveau. De toezichthouder kan controleren of een peuterspeelzaal
                            zich houdt aan het gestelde ambitieniveau. Artikel 4 Termijn van in
                            exploitatie nemen van een peuterspeelzaal Dit artikel bevat de termijn
                            die de gemeente (i.c. de toezichthouder) nodig heeft om te beoordelen of
                            een nieuwe peuterspeelzaal zal voldoen aan de eisen van de verordening.
                            Elke gemeente zal in overleg met de toezichthouder moeten bepalen welke
                            termijn haalbaar is. Het moet gaan om een termijn die enerzijds de
                            toezichthouder de mogelijkheid biedt een deugdelijk onderzoek te doen
                            naar de wijze waarop de nieuwe peuterspeelzaal zal worden geëxploiteerd
                            en die anderzijds degene die voornemens is een peuterspeelzaal in
                            exploitatie te nemen niet onnodig lang laat wachten op het moment dat
                            met de exploitatie kan worden gestart. Het tweede lid biedt de
                            mogelijkheid voor de houder om vóór het verstrijken van de termijn in
                            het eerste lid met de exploitatie van de peuterspeelzaal te beginnen.
                            Artikel 5 Verbod op het in exploitatie nemen van een peuterspeelzaal Dit
                            artikel bevat het expliciete verbod om een peuterspeelzaal in
                            exploitatie te nemen, indien blijkt dat de initiatiefnemer niet aan de
                            eisen van de verordening voldoet. Op grond van deze verbodsbepaling kan
                            het college tot bestuursdwang (sluiting) overgaan of een dwangsom
                            opleggen, indien de peuterspeelzaal toch in gebruik wordt genomen.
                            Artikel 6 Register Dit artikel regelt het instellen van het register.
                            Het derde lid bepaalt dat het register openbaar is. Artikel 7
                            Wijzigingen van gegevens Om het register actueel te houden, bepaalt het
                            eerste lid dat de houder onmiddellijk melding doet aan het college van
                            wijzigingen van gegevens die bij de melding zijn verstrekt. Artikel 8
                            Algemene kwaliteitseisen Het eerste lid bevat een algemene
                            kwaliteitsnorm die ontleend is aan artikel 48 Wk. Het gaat om een
                            globale norm waaraan de houders zelf, met inachtneming van de
                            verordening, invulling moeten geven. In deze bepaling wordt vastgelegd
                            dat het welbevinden van de kinderen richtsnoer moet zijn het uitvoeren
                            van het peuterspeelzaalwerk. Het tweede lid is ontleend aan artikel 50,
                            eerste lid, Wk. Deze bepaling geeft aan dat verantwoord
                            peuterspeelzaalwerk mede het product is van de wijze waarop de houder
                            het peuterspeelzaalwerk organiseert en vormgeeft. De wijze waarop de
                            houder het peuterspeelzaalwerk organiseert en aan welke aspecten daarbij
                            aandacht moet worden besteed, wordt naast de eigen verantwoordelijkheid
                            mede bepaald door de voorschriften in deze verordening. Artikel 9 Eisen
                            ten aanzien van veiligheid en gezondheid Dit artikel is gelijk aan
                            artikel 51Wk. De houders van peuterspeelzalen moeten een
                            risico-inventarisatie uitvoeren ten aanzien van de domeinen veiligheid
                            en gezondheid. De risico-inventarisatie heeft tot doel het in kaart
                            brengen van veiligheid- en gezondheidsrisico’s die kinderen in
                            peuterspeelzalen lopen. Daarbij wordt uitgegaan van het gedrag van
                            kinderen. De risico-inventarisatie dient als basis om de omstandigheden
                            voor kinderen te verbeteren en om te stimuleren dat personeel en de
                            kinderen adequaat met risico’s omgaan. Deze risico-inventarisatie
                            vervangt niet de risico-inventarisaties die op grond van andere
                            wetgeving verplicht is (artikel 5 Arbeidsomstandighedenwet en artikel 7
                            Infectieziektewet). Ook vervangt een risico-inventarisatie niet de
                            veiligheidsnormen waaraan de peuterspeelzalen op grond van andere
                            wetgeving zijn gebonden, zoals de brandveiligheidseisen in het
                            Bouwbesluit en de bouwverordening. Ook laat de risico-inventarisatie
                            toepassing van de Wcpv onverlet. Artikel 10 Oppervlakte speelruimte
                            Gekozen is voor minimum bruto-oppervlaktematen (in plaats van
                            netto-oppervlaktematen) omdat deze eenvoudiger door de toezichthouder
                            zijn vast te stellen. Artikel 11 Groepen en groepsgrootte </al><al>Het tweede lid bepaalt dat de maximum groepsgrootte vijftien kinderen
                            bedraagt. Dit maximum geldt voor alle drie ambitieniveaus. </al><al/><al>Artikel 12 Aantal beroepskrachten of begeleiders per groep Het gekozen
                            ambitieniveau bepaalt het aantal beroepskrachten of begeleiders dat in
                            elke groep aanwezig moet zijn. </al><al/><al>Artikel 13 Overeenkomst tussen houder en ouder Voor houders van
                            peuterspeelzalen en ouders is het van belang om in een overeenkomst te
                            expliciteren wat wederzijds de rechten en verplichtingen zijn. Vandaar
                            dat in dit artikel wordt bepaald dat het peuterspeelzaalwerk plaatsvindt
                            op basis van een schriftelijke overeenkomst tussen de houder en de
                            ouder. </al><al/><al>Artikel 14 Informatieplicht aan de ouders De houders van
                            peuterspeelzalen zijn verplicht ouders voor dat ze een contract tekenen
                            te informeren over een aantal essentiële onderwerpen. Deze informatie
                            biedt ouders de mogelijkheid om zich een oordeel te vormen over de
                            kwaliteit van een peuterspeelzaal en eventueel op basis van een
                            onderlinge vergelijking een keuze voor een bepaalde peuterspeelzaal te
                            maken. </al><al/><al>Artikel 15 Verklaring omtrent het gedrag </al><al>Dit artikel draagt de houder van een peuterspeelzaal op er voor te
                            zorgen dat alle beroepskrachten en begeleiders die zijn peuterspeelzaal
                            werkzaam zijn, op hun gedrag zijn getoetst. Dit gebeurt in de vorm van
                            een recente verklaring omtrent het gedrag die aan de houder moet worden
                            overlegt voordat een persoon zijn werkzaamheden aanvangt. Omdat een
                            verklaring omtrent het gedrag niet meer dan een momentopname is,
                            voorziet het derde lid in de eis dat een nieuwe verklaring omtrent het
                            gedrag aan de houder wordt overlegd, in het geval de houder of
                            toezichthouder redelijkerwijs het vermoeden heeft, bijvoorbeeld naar
                            aanleiding van klachten of tips, dat een persoon niet langer voldoet aan
                            de eisen voor het afgeven van een verklaring omtrent het gedrag. </al><al/><al>Artikel 16 Aanwijzing van toezichthouders </al><al>Dit artikel geeft het college de bevoegdheid om toezichthouders aan te
                            wijzen. Afdeling 5.2 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) bevat een
                            algemene regeling van de bevoegdheden van toezichthouders, zoals het
                            recht op het betreden van plaatsen, op het vorderen van inlichtingen en
                            het inzien van schriftelijke stukken. </al><al/><al>Artikel 17 Onderzoek door de toezichthouder In dit artikel worden drie
                            soorten van onderzoek door de toezichthouders onderscheiden: </al><al>het eerste lid: het onderzoek naar aanleiding van een melding van het
                            voornemen een peuterspeelzaal te gaan exploiteren; </al><al>het tweede lid: het reguliere onderzoek bij bestaande peuterspeelzalen
                            in de gemeente; </al><al>het derde lid: het incidentele onderzoek bij een peuterspeelzaal,
                            bijvoorbeeld naar aanleiding van klachten of tips. </al><al>Wat betreft de termijn in het eerste lid wordt verwezen naar de
                            opmerking bij artikel 4. Het tweede lid bevat de opdracht aan het
                            college om ervoor zorg te dragen dat periodiek controle wordt
                            uitgevoerd. </al><al/><al>Artikel 18 Het inspectierapport </al><al>De resultaten van een onderzoek worden door de toezichthouder vastgelegd
                            in een inspectierapport. Het inspectierapport vormt de basis voor het
                            handhavend optreden door het college (zie artikel 19, eerste lid). Deze
                            werkwijze is identiek aan de manier waarop handhaving op grond van de Wk
                            gaat plaatsvinden. Het derde lid bepaalt dat het college (en niet de
                            toezichthouder) de houder in de gelegenheid stelt van het ontwerprapport
                            kennis te nemen en daarover zijn zienswijze kenbaar te maken. Het bieden
                            van gelegenheid om een zienswijze kenbaar te maken is op te vatten als
                            het uitoefenen van een publiekrechtelijke bevoegdheid. Op grond van de
                            Awb (artikel 10:14) is delegatie van bevoegdheden aan ambtenaren niet
                            toegestaan. Het is wel mogelijk dat deze bevoegdheid in mandaat wordt
                            overgedragen. In dat geval handelt de toezichthouder namens het college.
                            De overige taken die in dit artikel worden genoemd zijn van feitelijke
                            aard. Deze kunnen wel aan een toezichthoudend ambtenaar worden
                            overgedragen. </al><al/><al>Artikel 19 Aanwijzing en bevel </al><al>Indien de houder de aanwijzing of het bevel niet opvolgt, kan het
                            college overgaan tot het toepassen van bestuursdwang of het opleggen van
                            een dwangsom. Het gaat om algemene bevoegdheden van het college die zijn
                            neergelegd in de Gemeentewet en de Awb. Deze worden dan ook niet nader
                            in de verordening geregeld. Bestuursdwang houdt een waarschuwing in dat
                            wanneer niet binnen een bepaalde termijn maatregelen worden getroffen,
                            het college deze op kosten van de houder kan laten uitvoeren. Is
                            bestuursdwang niet goed mogelijk, dan kan een dwangsom worden opgelegd.
                            Zijn er zoveel tekortkomingen, dan kan het college in de aanwijzing of
                            bevel gelasten de exploitatie van de peuterspeelzaal te staken. Geeft de
                            exploitant daaraan geen gehoor, dan gaat het college hiertoe over. Ook
                            dit is een vorm van bestuursdwang. </al><al/><al>Artikel 20 Strafbepaling </al><al>Deze bepaling spreekt voor zich. </al><al/><al>Hoofdstuk 5 Slot- en overgangsbepalingen </al><al>Deze bepalingen spreken voor zich. </al><al/><al/><al/><al><vet>Bijlage 1 Voorbeeld formulier ‘melding in exploitatie nemen van een
                                peuterspeelzaal’</vet></al><al/><al><vet>Gegevens van de houder</vet> (indien houder natuurlijk persoon is) </al><al/><al>naam: </al><al/><al>contactpersoon: </al><al/><al>postcode: </al><al/><al>woonplaats: </al><al/><al>telefoon: </al><al/><al>e-mail: </al><al/><al><vet>Gegevens van de houder</vet> (indien houder rechtspersoon is) </al><al/><al>rechtsvorm: </al><al/><al>plaats van vestiging: </al><al/><al>inschrijfnummer Kamer van Koophandel: </al><al/><al>naam: </al><al/><al>contactpersoon: </al><al/><al>postcode: </al><al/><al>woonplaats: </al><al/><al>telefoon: </al><al/><al>e-mail: </al><al/><al><vet>Gegevens van de peuterspeelzaal</vet></al><al/><al>naam: </al><al/><al>postcode: </al><al/><al>woonplaats: </al><al/><al>telefoon: </al><al/><al>e-mail: </al><al/><al><vet>Gegevens register</vet></al><al/><al>Worden door houder meerdere peuterspeelzalen geëxploiteerd? </al><al>O nee </al><al>O ja </al><al/><al><vet>Kwaliteitseisen</vet></al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="87*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="5*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="8*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>[1 Accommodatie]</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[Is in een risico-inventarisatie schriftelijk
                                                vastgelegd welke risico’s de opvang van kinderen met
                                                zich meebrengt ]</al></entry><entry colname="col2"><al>[Ja]</al></entry><entry colname="col3"><al>[Nee]</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[De accommodatie is hygiënisch en veilig]</al></entry><entry colname="col2"><al>[Ja]</al></entry><entry colname="col3"><al>[Nee]</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[De inrichting van de accommodatie is deugdelijk en
                                                voldoet aan de wettelijke eisen]</al></entry><entry colname="col2"><al>[Ja]</al></entry><entry colname="col3"><al>[Nee]</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[]</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[2 Oppervlakte speelruimte]</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[Voor elk kind is minimaal 3,5 m2 bruto-oppervlakte
                                                aan binnenspeelruimte beschikbaar]</al></entry><entry colname="col2"><al>[Ja]</al></entry><entry colname="col3"><al>[Nee]</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[Voor elke kind is een buitenspeelruimte beschikbaar
                                                die voor kinderen bereikbaar is en waarvan de
                                                bruto-oppervlakte minimaal 4 m2 bedraagt]</al></entry><entry colname="col2"><al>[Ja]</al></entry><entry colname="col3"><al>[Nee]</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[]</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[3 Groepsgrootte]</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[De opvang van kinderen vindt plaats in vaste
                                                groepen in passend ingerichte vaste afzonderlijke
                                                ruimtes]</al></entry><entry colname="col2"><al>[Ja]</al></entry><entry colname="col3"><al>[Nee]</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[In een groep zijn ten hoogste vijftien kinderen
                                                gelijktijdig aanwezig]</al></entry><entry colname="col2"><al>[Ja]</al></entry><entry colname="col3"><al>[Nee]</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[]</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[4 Ambitieniveau]</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[Het volgende ambitieniveau is gekozen:]</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[O spelen, ontmoeten, ontwikkelen en
                                                signaleren]</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[O spelen, ontmoeten, ontwikkelen, signaleren en
                                                ondersteunen]</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[Aantal beroepskrachten aanwezig (aantal
                                                invullen):]</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[Aantal begeleiders aanwezig (aantal
                                                invullen):]</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[Verklaring omtrent gedrag in het kader van Wet
                                                Justitiële gegevens afgegeven]</al></entry><entry colname="col2"><al>[Ja]</al></entry><entry colname="col3"><al>[Nee]</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[]</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[5 Plaatsing van kinderen]</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[Opvang geschiedt op basis van een schriftelijke
                                                overeenkomst tussen houder en ouder]</al></entry><entry colname="col2"><al>[Ja]</al></entry><entry colname="col3"><al>[Nee]</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[Ouders worden geïnformeerd over de
                                                plaatsingsprocedure en leveringsvoorwaarden]</al></entry><entry colname="col2"><al>[Ja]</al></entry><entry colname="col3"><al>[Nee]</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[Ouders worden, voorafgaand aan plaatsing,
                                                geïnformeerd over het te voeren beleid, inclusief
                                                het pedagogisch beleid en de voor de peuterspeelzaal
                                                kenmerkende visie op de omgang met kinderen]</al></entry><entry colname="col2"><al>[Ja]</al></entry><entry colname="col3"><al>[Nee]</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>[Ouders worden geïnformeerd over de wijze en
                                                frequentie van informatie-uitwisseling na
                                                plaatsing]</al></entry><entry colname="col2"><al>[Ja]</al></entry><entry colname="col3"><al>[Nee]&lt;/TBODY&gt;</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><vet>Voorwaarden melding in exploitatie nemen van een
                                peuterspeelzaal</vet> Houder is voornemens een peuterspeelzaal te
                            exploiteren, na -zes- weken na het tijdstip van deze melding aan het
                            college van burgemeester en wethouders en indien uit het onderzoek van
                            de toezichthouder (bedoeld in artikel 4.2) is gebleken dat de
                            exploitatie redelijkerwijs zal plaatsvinden in overeenstemming met de
                            bepalingen in hoofdstuk 3 van de verordening <cursief>kwaliteitsregels
                                peuterspeelzalen</cursief>. </al><al/><al>Houder doet onmiddellijk mededeling aan het college van wijziging in
                            gegevens die in deze melding zijn verstrekt. </al><al/><al>Het college deelt de houder schriftelijk mee dat opneming van de
                            peuterspeelzaal in het register heeft plaatsgevonden. </al><al/><al><vet>Ondertekening</vet></al><al>De houder van een peuterspeelzaal biedt peuterspeelzaalwerk aan dat
                            bijdraagt aan een goede en gezonde ontwikkeling van het kind in een
                            veilige en gezonde omgeving. </al><al>De houder organiseert het peuterspeelzaalwerk op zodanige wijze,
                            voorziet de peuterspeelzaal, zowel kwalitatief als kwantitatief zodanig
                            van personeel en materieel, draagt zorg voor een zodanig
                            verantwoordelijkheidstoedeling en voert een zodanig pedagogisch beleid
                            dat een en ander leidt (of moet leiden) tot verantwoord
                            peuterspeelzaalwerk. </al><al>De houder verklaart dit formulier naar waarheid te hebben ingevuld. </al><al/><al>Naam houder: </al><al/><al>Naam peuterspeelzaal: </al><al/><al>Datum: </al><al/><al>Plaats: </al><al/><al>Handtekening houder: </al><al/><al/><al/><al/><al/><al><vet>Bijlage 2 Voorbeeld aanmeldingsformulier</vet></al><al><vet>Gegevens ouders/verzorgers</vet></al><al/><al>Naam vader: </al><al/><al>Naam moeder: </al><al/><al>Adres: </al><al/><al>Postcode en plaats: </al><al/><al>Telefoonnummer (privé): </al><al/><al>Telefoonnummer (werk of mobiel): </al><al/><al>Burgerlijke staat ouders/verzorgers: gehuwd / samenwonend / gescheiden /
                            alleenstaande ouder </al><al/><al>Geboorteland ouders: </al><al/><al>Hoogst genoten opleidingsniveau: </al><al/><al>In geval van nood contact opnemen met: </al><al/><al>Naam: </al><al/><al>Telefoonnummer: </al><al/><al><vet>Gezin</vet></al><al/><al>Gezinssamenstelling: </al><al/><al>Moedertaal gesproken thuis: </al><al/><al>Andere gesproken talen thuis: </al><al/><al><vet>Gegevens kind</vet></al><al/><al>Naam: </al><al/><al>Voornamen: </al><al/><al>Roepnaam: </al><al/><al>Geslacht: </al><al/><al>Geboortedatum: </al><al/><al>Geboorteland: </al><al/><al>Nationaliteit: </al><al/><al><vet>Medische gegevens</vet></al><al/><al><cursief>Huisarts</cursief></al><al/><al>Naam huisarts: </al><al/><al>Adres: </al><al/><al>Telefoonnummer: </al><al/><al/><al>Is het kind ingeënt? ja / nee </al><al/><al>Zo ja, waarvoor: </al><al>O DKTP-Hib combinatievaccin tegen DKTP (= Difterie, Kinkhoest, Tetanus
                            en Polio) en tegen Hib (= Haemophilus influenzae type b) </al><al>O Hep B* vaccin tegen Hepatitis B </al><al>O BMR vaccin tegen Bof, Mazelen en Rodehond </al><al>O Men C vaccin tegen Meningokokken C </al><al>O DTP vaccin tegen Difterie, Tetanus en Polio (op vierjarige leeftijd) </al><al>O aK vaccin tegen Kinkhoest (op vierjarige leeftijd) </al><al/><al>Zo nee, waarom niet? </al><al/><al>Is het kind onder behandeling van een medisch specialist? Zo ja,
                            waarvoor? </al><al/><al/><al><cursief>Consultatiebureau:</cursief></al><al/><al>Naam: </al><al/><al>Adres: </al><al/><al>Postcode en plaats: </al><al/><al>Telefoonnummer (privé): </al><al/><al>Bijzonderheden groei en ontwikkeling: </al><al/><al/><al>Andere medische bijzonderheden: </al><al/><al/><al><vet>Bijzonderheden</vet></al><al/><al>Overige bijzonderheden waarvan u de peuterspeelzaal op de hoogte wil
                            brengen: </al><al/><al/><al><vet>Voorkeur dagdelen</vet></al><al/><al>Eerste voorkeur: </al><al/><al>Tweede voorkeur: </al><al/><al>Gewenste ingangsdatum: </al><al/><al/><al><vet>Inschrijfgeld</vet></al><al/><al>Het inschrijfgeld bedraagt € </al><al/><al>Dit inschrijfformulier, samen met het inschrijfgeld en de bijgaande
                            machtiging, opsturen naar: </al><al/><al/><al/><al/><al><vet>Ondertekening</vet></al><al/><al>Datum </al><al/><al/><al>Handtekening ouder/verzorger </al><al/><al/><al/><al/><al/><al/><al><vet>Bijlage 3 Voorbeeld overdrachtformulier peuterspeelzaal -
                                basisschool</vet></al><al/><al><vet>Gegevens kind</vet></al><al/><al>Naam: </al><al/><al>Voornamen: </al><al/><al>Roepnaam: </al><al/><al>Geslacht: jongen / meisje </al><al/><al>Geboortedatum: </al><al/><al>Geboorteland: </al><al/><al>Nationaliteit: </al><al/><al/><al><vet>Gegevens ouders/verzorgers</vet></al><al/><al>Naam vader: </al><al/><al>Naam moeder: </al><al/><al>Adres: </al><al/><al>Postcode en plaats: </al><al/><al>Telefoonnummer (privé): </al><al/><al>Telefoonnummer (werk of mobiel): </al><al/><al>Burgerlijke staat ouders/verzorgers: gehuwd / samenwonend / gescheiden /
                            alleenstaande ouder </al><al/><al>Hoogst genoten opleidingsniveau: </al><al/><al>In geval van nood contact opnemen met: </al><al/><al>Naam: </al><al/><al>Telefoonnummer: </al><al/><al/><al><vet>Gezin</vet></al><al/><al>Gezinssamenstelling: </al><al/><al>Moedertaal gesproken thuis: </al><al/><al>Andere gesproken talen thuis: </al><al/><al/><al><vet>Gegevens peuterspeelzaal</vet></al><al/><al>Naam: </al><al/><al>Adres: </al><al/><al>Telefoonnummer: </al><al/><al>Hoe lang heeft het kind op de peuterspeelzaal gezeten?: </al><al/><al>Hoeveel maanden: </al><al/><al>Vanaf welke leeftijd: </al><al/><al>Heeft het kind voor die tijd op een andere peuterspeelzaal gezeten? ja /
                            nee </al><al/><al>Zo ja, welke (naam, adres): </al><al/><al>Zo ja, hoe lang: </al><al/><al>Heeft het kind gebruikgemaakt van een peuter-plus- of VVE-programma? ja
                            / nee </al><al/><al>Zo ja, welk programma: </al><al/><al>Algemene beschrijving van de ontwikkeling van het kind gedurende de
                            periode op de peuterspeelzaal: </al><al/><al>Zijn er aandachtspunten in de ontwikkeling van het kind die extra
                            aandacht behoeven op de basisschool, en zo ja, welke? </al><al/><al>Is er van het kind een dossier beschikbaar met evaluatiegegevens en
                            gespreksverslagen? ja / nee </al><al/><al>Zo ja, is hiervan een kopie bijgevoegd? ja / nee </al><al/><al>Indien nee, wat is hiervan de reden: </al><al/><al/><al><vet>Overige bijzonderheden</vet><vet>Ondertekening</vet></al><al/><al>Datum </al><al/><al>Handtekening peuterspeelzaal </al><al/><al>Dit formulier zal uitsluitend gebruikt worden voor de overdracht tussen
                            kind en de basisschool waar hij of zij naar school gaat. </al><al/><al>Datum </al><al/><al>Handtekening ouder/verzorger </al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>