<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR172256_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening maatschappelijke participatie schoolgaande kinderen</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Aalburg</dcterms:creator><dcterms:modified>2012-04-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Altena</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening bevordering van maatschappelijke participatie schoolgaande kinderen</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet Werk en Bijstand, artikel 8, lid 1, onder g</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-03-27</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2012-04-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2021-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Geen</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Geen</overheidrg:onderwerp><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening maatschappelijke participatie schoolgaande kinderen</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1.</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet
                                nader zijn omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Wet Werk
                                en Bijstand en de Algemene wet bestuursrecht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>het college: het college van burgemeester en wethouders van
                                        de gemeente Aalburg;</al></li><li nr="b."><al>de wet: de Wet Werk en Bijstand;</al></li><li nr="c."><al>alleenstaande ouder: een alleenstaande ouder als bedoeld in
                                        artikel 4, lid 1, sub b, van de wet;</al></li><li nr="d."><al>gezin: een gezin als bedoeld in artikel 4, lid 1, sub c, van
                                        de wet;</al></li><li nr="e."><al>kind: een ten laste komend kind in de leeftijd van 4 jaar
                                        tot en met 17 jaar en dat onderwijs of een beroepsopleiding
                                        volgt;</al></li><li nr="f."><al>bijstandsnorm: de bijstandsnorm als bedoeld in artikel 5,
                                        sub c, van de wet;</al></li><li nr="g."><al>inkomen:het inkomen als bedoeld in artikel 32 van
                                        de wet waarbij een eventuele bijstandsuitkering in afwijking
                                        van artikel 32 van de wet, voor de beoordeling van het recht
                                        op categoriale bijstand als inkomen wordt gezien;</al></li><li nr="h."><al>vermogen: het vermogen als bedoeld in artikel 34 van de wet
                                        op de aanvraagdatum;</al></li><li nr="i."><al>bijdrage: de categoriale bijzondere bijstand als bedoeld in
                                        artikel 35, lid 5, van de wet.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Doel en strekking</titel></kop><al>Degenen die tot de doelgroep behoren alsmede aan de voorwaarden voldoen,
                            hebben om vergroting van deelneming aan de samenleving van ten laste
                            komende schoolgaande kinderen te bevorderen, recht op een bijdrage in de
                            kosten hiervan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Maatschappelijke participatie</titel></kop><al>Onder maatschappelijke participatie wordt verstaan:</al><lijst><li nr="a."><al>lidmaatschap van een jeugd-, sport- of
                                    ontspanningsvereniging;</al></li><li nr="b."><al>deelneming aan muziek- en/of dansonderwijs; </al></li><li nr="c."><al>bezoek aan zwembad, bibliotheek, theater, concert, museum,
                                    bioscoop en/of pretpark;</al></li><li nr="d."><al>deelneming aan schoolreisjes, excursies en andere door school
                                    georganiseerde activiteiten;</al></li><li nr="e."><al>activiteiten op het gebied van het maatschappelijk welzijn.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2.</nr><titel>Voorwaarden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Doelgroep</titel></kop><lid><lidnr>a.</lidnr><al> De alleenstaande ouder of het gezin met een of meer kinderen,
                                die/dat gedurende de periode van minstens één jaar is aangewezen op
                                een inkomen wat gemiddeld per maand niet uitkomt boven 110% van de
                                geldende bijstandsnorm, alsmede niet beschikt over in aanmerking te
                                nemen vermogen. </al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al> Als periode onder a. wordt in aanmerking genomen het kalenderjaar
                                voorafgaande aan de datum waarop de aanvraag is ingediend.</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al> Het kind waarvoor de bijdrage wordt aangevraagd, dient op de
                                aanvraagdatum aan het leeftijdscriterium als bedoeld in artikel 1,
                                sub e, van de verordening te voldoen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Bedrag</titel></kop><al>De hoogte van de bijdrage is € 180 per kind in een kalenderjaar.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3.</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><al>Op de aanvragen die worden ingediend voor de datum van inwerkingtreding
                            van deze verordening kan in individuele gevallen op grond van het
                            Armoedebeleid een tegemoetkoming worden toegekend. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Door of namens het college van burgemeester en wethouders kan in
                            bijzondere gevallen ten gunste van de belanghebbende worden afgeweken
                            van de bepalingen van deze verordening, indien toepassing hiervan tot
                            onbillijkheden van overwegende aard leidt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als ”Verordening bevordering van
                            maatschappelijke participatie schoolgaande kinderen”.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 april 2012. </al><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><nota-toelichting><kop><label>Toelichting</label><nr/><titel>Artikelgewijze toelichting</titel></kop><al><vet>Artikel 1.</vet></al><al>In dit artikel worden definities gegeven van begrippen die in de verordening
                    voorkomen en waarvan het van belang is dat er telkens hetzelfde onder wordt
                    verstaan. In een aantal gevallen wordt verwezen naar definities in de wet om
                    ervoor te zorgen, dat er zoveel mogelijk aansluiting blijft bij de wetgeving die
                    van toepassing is. </al><al/><al><vet>Artikel 2.</vet></al><al>Hiermee is doel en strekking van de regeling verwoord.</al><al/><al><vet>Artikel 3.</vet></al><al>Gekozen is voor die activiteiten waarbij <cursief>actief </cursief>aan de
                    samenleving wordt deelgenomen.</al><al/><al><vet>Artikel 4.</vet></al><al>Benadrukt wordt, dat het hierbij gaat om personen met een hen ten laste komend
                    kind. Dus een kind waarvoor de alleenstaande ouder of de gehuwde aanspraak kan
                    maken op kinderbijslag. Voorts dient onderwijs te worden gevolgd.</al><al>Na het bereiken van de 18-jarige leeftijd kan het kind voor deelname aan
                    activiteiten gebruik maken van de (gemeentelijke) bijdrageregeling
                    sociaal-culturele activiteiten voor de minima door zelf hiertoe een aanvraag in
                    te dienen.</al><al/><al><vet>Artikel 5.</vet></al><al>Per kalenderjaar bedraagt de categoriale bijzondere bijstand in de kosten van
                    maatschappelijke participatie van ten laste komende kinderen € 180 per
                    kind.</al><al/><al><vet>Artikel 6.</vet></al><al>De datum inwerktreding van de wetswijziging is 1 januari 2012. In de
                    wetswijziging is geen overgangsrecht opgenomen. Om te voorkomen dat de aanvragen
                    van voor de inwerktreding van deze verordening niet behandeld kunnen worden kan
                    in individuele gevallen op grond van het Armoedebeleid een tegemoetkoming worden
                    verleend.</al><al/><al><vet>Artikel 7.</vet></al><al>Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.</al><al/><al><vet>Artikel 8.</vet></al><al>Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.</al><gegeven><label/><dagtekening><datum isodatum="2012-05-14">2012-05-14</datum></dagtekening></gegeven></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>