<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR172232_1</dcterms:identifier><dcterms:title>BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN VIANEN;</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Vianen</dcterms:creator><dcterms:modified>2007-04-25</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Vianen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Salarisstrookmededelingen, mei 2007</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Klachtenregeling ongewenste omgangsvormen binnen de gemeentelijke organisatie Vianen</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 160</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2007-04-24</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2007-04-25</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2021-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>4802brjb_alg</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Nee</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN VIANEN;</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>overwegende, dat de door ons college in de vergadering van 26 januari 1999
                        vastgestelde “Klachtenregeling seksuele intimidatie gemeente Vianen”
                        aanpassing behoeft;</al><al>gezien het door de Ondernemingsraad bij brief van 19 maart 2007 terzake
                        uitgebrachte advies;</al><al>gelet op het bepaalde in artikel 160 van de Gemeentewet;</al><al>besluiten vast te stellen de navolgende klachtenregeling:</al><al><vet>Klachtenregeling ongewenste omgangsvormen </vet></al><al><vet>binnen</vet><vet> de gemeentelijke
                            organisatie Vianen</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1,</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze regeling wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="1."><al><vet>Bevoegd gezag</vet>: het college.</al></li><li nr="2."><al><vet>Ongewenste omgangsvormen</vet>: alle handelingen, uitlatingen
                                en gedragingen in de werksfeer die tot doel of als gevolg kunnen
                                hebben dat de werkprestaties van een persoon worden aangetast en/of
                                dat een onaangename of vijandige werkomgeving ontstaat,
                                waaronder:</al><al>a.seksuele intimidatie:</al></li></lijst><al>ongewenste seksuele toenadering, verzoeken om seksuele gunsten of ander
                        verbaal, non-verbaal of fysiek gedrag, waarbij tevens sprake is van een van
                        de volgende punten:</al><lijst><li nr=""><lijst><li nr=""><lijst><li nr="-"><al>onderwerping aan dergelijk gedrag wordt hetzij
                                                expliciet, hetzij impliciet gehanteerd als
                                                voorwaarde voor de tewerkstelling van een
                                                persoon;</al></li><li nr="-"><al>onderwerping aan of afwijzing van dergelijk gedrag
                                                door een persoon wordt gebruikt als basis van
                                                beslissingen die het werk van deze persoon
                                                raken;</al></li><li nr="-"><al>dergelijk gedrag heeft tot doel de werkprestaties
                                                van een persoon aan te tasten en/of een
                                                intimiderende, vijandige of onaangename werkomgeving
                                                te creëren, dan wel heeft tot gevolg dat de
                                                werkprestaties van een persoon worden aangetast
                                                en/of een intimiderende, vijandige of onaangename
                                                werkomgeving wordt gecreëerd;</al></li></lijst></li><li nr="b."><al>agressie en geweld: voorvallen waarbij een medewerker fysiek
                                        of psychisch wordt lastig gevallen, bedreigd of aangevallen,
                                        onder omstandigheden die rechtstreeks verband houden met het
                                        verrichten van arbeid;</al></li><li nr="c."><al>discriminatie: discriminatie wegens godsdienst,
                                        levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op
                                        welke grond dan ook.</al></li></lijst><lijst><li nr="3."><al><vet>Medewerker</vet>: een ieder die werkzaamheden verricht
                                        of heeft verricht voor de gemeente Vianen, ongeacht de aard
                                        van het dienstverband. Onder medewerker wordt tevens
                                        begrepen de griffier.</al></li><li nr="4."><al><vet>Vertrouwenspersoon</vet>: de functionaris als bedoeld
                                        in artikel 3 van deze regeling.</al></li><li nr="5."><al><vet>Klachtencommissie</vet>: de commissie ter behandeling
                                        van klachten, als bedoeld in artikel 5 van deze
                                        regeling.</al></li><li nr="6."><al><vet>Klager</vet>: de medewerker die zich wegens ongewenste
                                        omgangsvormen wendt tot de vertrouwenspersoon of een klacht
                                        indient bij de klachtencommissie.</al></li><li nr="7."><al><vet>Aangeklaagde</vet>: de persoon tegen wie de klacht
                                        omtrent ongewenste omgangsvormen is gericht.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2,</nr><titel>Reikwijdte van de regeling</titel></kop><al>Iedere medewerker die meent in de werksituatie geconfronteerd te zijn, of
                        nog steeds te worden, met seksuele intimidatie, agressie, geweld,
                        discriminatie of welke ongewenste omgangsvorm dan ook, kan zich wenden tot
                        de vertrouwenspersoon en/of een klacht indienen bij de klachtencommissie.
                        Onder deze regeling valt niet de gedraging van een persoon werkzaam onder de
                        verantwoordelijkheid van een bestuursorgaan, welke is toe te schrijven aan
                        dat bestuursorgaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3,</nr><titel>Vertrouwenspersoon</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college van burgemeester en wethouders benoemt één of meer
                            vertrouwenspersonen voor de duur van vier jaar, met de mogelijkheid van
                            éénmalige herbenoeming. Tevens benoemt het college een plaatsvervangend
                            vertrouwenspersoon.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vertrouwenspersoon is voor de uitvoering van zijn taken uitsluitend
                            verantwoording verschuldigd aan het bevoegd gezag.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het bevoegd gezag stelt de vertrouwenspersoon in de gelegenheid zijn
                            taken naar behoren uit te voeren.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De vertrouwenspersoon wordt bijgestaan door de ambtelijk secretaris die
                            tevens als zodanig functioneert voor de klachtencommissie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4,</nr><titel>Taken en bevoegdheden van de vertrouwenspersoon</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vertrouwenspersoon heeft de volgende taken:</al><lijst><li nr="a."><al>de eerste opvang en het bijstaan van de klager, gevolgd door het
                                    informeren van de klager over de mogelijkerwijs te nemen stappen
                                    op grond van deze regeling;</al></li><li nr="b."><al>in overleg met de klager komen tot een keuze van te nemen
                                    stappen, waaronder eventueel eerst trachten door bemiddeling tot
                                    een oplossing te komen;</al></li><li nr="c."><al>het ondersteunen van de klager bij het indienen van een
                                    schriftelijke klacht bij de klachtencommissie of in geval van
                                    vermoeden van een strafbaar feit bij het doen van aangifte bij
                                    de politie;</al></li><li nr="d."><al>het onderhouden van contact met de klager om te controleren of
                                    het indienen van de klacht niet tot repercussies leidt. Indien
                                    nodig doet hij melding aan het bevoegd gezag.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vertrouwenspersoon doet geen stappen zonder toestemming van de
                            klager, dit wordt bij voorkeur schriftelijk overeengekomen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De vertrouwenspersoon kan de betrokken leidinggevende gevraagd of
                            ongevraagd adviseren op het gebied van preventie en bestrijding van
                            ongewenste omgangsvormen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De vertrouwenspersoon is bevoegd informatie in te winnen bij de klager,
                            de aangeklaagde en anderen, voor zover dat noodzakelijk is voor de
                            uitvoering van zijn taak.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De vertrouwenspersoon neemt bij de uitvoering van zijn taken strikte
                            vertrouwelijkheid in acht en communiceert over de klacht uitsluitend met
                            anderen na verkregen toestemming van de klager. Deze plicht tot
                            geheimhouding vervalt niet na beëindiging van de aanstelling als
                            vertrouwenspersoon.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De vertrouwenspersoon zorgt ervoor dat binnen vier weken na de melding
                            van de klacht een bemiddelingspoging in gang is gezet, een klacht is
                            ingediend bij de klachtencommissie of aangifte is gedaan bij de politie.
                            Op verzoek van de klager kan ook schriftelijk worden overeengekomen dat
                            de behandeling van de klacht reeds naar genoegen is afgerond.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De vertrouwenspersoon registreert alle meldingen en afdoeningen van
                            klachten met betrekking tot ongewenste omgangsvormen. Slechts de
                            vertrouwenspersoon heeft toegang tot deze registratie. De stukken worden
                            drie jaar na afsluiting van het dossier vernietigd.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>De vertrouwenspersoon verschaft het bevoegd gezag jaarlijks een
                            geanonimiseerd jaarverslag van de ontvangen meldingen en afgehandelde
                            klachten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5,</nr><titel>Klachtencommissie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college benoemt een “Klachtencommissie ongewenste
                                omgangsvormen”. Deze commissie bestaat uit ten minste drie leden,
                                waaronder de voorzitter. Onder de commissieleden bevindt zich zowel
                                een man als een vrouw. Voor ieder van de leden wordt een
                                plaatsvervanger benoemd.</al></li><li nr="2."><al>De commissie dient deskundigheid te bevatten met betrekking tot de
                                problematiek van seksuele intimidatie, agressie en geweld en
                                juridische vraagstukken.</al></li><li nr="3."><al>De leden worden benoemd voor een periode van vier jaar en kunnen
                                éénmaal worden herbenoemd.</al></li><li nr="4."><al>De commissie wordt bijgestaan door een ambtelijk secretaris die door
                                het college wordt benoemd. De secretaris is geen lid van de
                                commissie. De stukken die door de commissie worden verzonden worden
                                ondertekend door de voorzitter en door de secretaris.</al></li><li nr="5."><al>De commissie beslist met meerderheid van stemmen.</al></li><li nr="6."><al>Op verzoek van de klager, van de aangeklaagde of op eigen verzoek,
                                dient een lid van de klachtencommissie of de secretaris te worden
                                vervangen indien deze met een van beide personen een binding heeft
                                of direct of indirect betrokken is of is geweest bij de ongewenste
                                omgangsvorm waarover de klacht is ingediend.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6,</nr><titel>Taken en bevoegdheden van de klachtencommissie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie onderzoekt een bij haar binnengekomen klacht en rapporteert
                            en adviseert aan het bevoegd gezag.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de klachtencommissie een klacht in behandeling neemt, meldt zij
                            dit bij het bevoegd gezag.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De commissie adviseert het bevoegd gezag, gevraagd of ongevraagd, over
                            het treffen van tijdelijke voorzieningen gedurende het onderzoek naar de
                            klacht.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De commissie adviseert over maatregelen die naar aanleiding van het
                            onderzoek naar de klacht getroffen moeten worden.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Op verzoek adviseert de commissie op het gebied van preventie en
                            bestrijding van ongewenste omgangsvormen.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De leden van de commissie en de secretaris nemen bij de uitvoering van
                            hun taken strikte vertrouwelijkheid in acht. Deze plicht vervalt niet na
                            beëindiging van de aanstelling als lid of als secretaris van de
                            commissie.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De secretaris van de klachtencommissie registreert alle bij de commissie
                            binnengekomen klachten. Slechts de leden van de commissie hebben toegang
                            tot deze registratie. Jaarlijks brengt de secretaris een geanonimiseerd
                            verslag uit aan het bevoegd gezag over het aantal klachten, de aard van
                            de klachten en de gegeven adviezen. De stukken worden drie jaar na
                            sluiting van het dossier vernietigd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7,</nr><titel>Klachtenprocedure</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een klacht wordt door de klager schriftelijk bij de
                                klachtencommissie ingediend, binnen één jaar na de ongewenste
                                gebeurtenis. </al></li><li nr="2."><al>De klacht wordt ondertekend en bevat ten minste:</al><lijst><li nr="a."><al>de naam en het adres van de klager;</al></li><li nr="b."><al>de dagtekening;</al></li><li nr="c."><al>een omschrijving van de gedraging(en) waartegen de klacht is
                                        gericht;</al></li><li nr="d."><al>de naam of namen van de aangeklaagde(n);</al></li><li nr="e."><al>een omschrijving van de periode waarin de gedraging of
                                        gedragingen plaatsvond(en).</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>De commissie bevestigt schriftelijk binnen twee weken de ontvangst
                                van de klacht.</al></li><li nr="4."><al>Indien:</al><lijst><li nr="a."><al>is voldaan aan de vereisten van de artikelen 2 en 7, lid 1
                                        en 2, van deze regeling wordt de klacht in behandeling
                                        genomen en zendt de commissie een afschrift van de klacht en
                                        van de aan haar overgelegde stukken aan de aangeklaagde.
                                        Klager en aangeklaagde worden geïnformeerd over de te volgen
                                        procedure;</al></li><li nr="b."><al>niet is voldaan aan de vereisten van de artikelen 2 en 7,
                                        lid 1 en 2, van deze regeling kan de klacht
                                        niet-ontvankelijk worden verklaard. Indien het verzuim een
                                        van de vereisten van artikel 7, lid 2, betreft, dient de
                                        klager in de </al></li></lijst></li></lijst><al>gelegenheid te worden gesteld het verzuim binnen een daarvoor gestelde
                        termijn te herstellen.</al><lijst><li nr="5."><al>De klager en de aangeklaagde worden, in principe afzonderlijk, door
                                de commissie gehoord. Van het horen wordt een verslag gemaakt dat
                                aan beide partijen wordt toegezonden. Klager en aangeklaagde kunnen
                                zich tijdens het horen laten bijstaan. </al></li><li nr="6."><al>Ten behoeve van het onderzoek kan de klachtencommissie getuigen en
                                andere betrokkenen horen, deskundigen raadplegen en de
                                desbetreffende werkplek in ogenschouw nemen.</al></li><li nr="7."><al>Tijdens het onderzoek kan de commissie, na instemming van de klager,
                                een voorstel doen tot bemiddeling en adviseren daartoe een
                                bemiddelaar aan te stellen. De klager dient met de bemiddeling in te
                                stemmen, de aangeklaagde wordt hiervan in kennis gesteld. De
                                bemiddelaar rapporteert omtrent de resultaten van de bemiddeling aan
                                de commissie. </al></li><li nr="8."><al>De zittingen en de adviezen van de klachtencommissie zijn niet
                                openbaar.</al></li><li nr="9."><al>De commissie brengt binnen acht weken na ontvangst van de klacht een
                                schriftelijk advies uit aan het bevoegd gezag. De commissie kan deze
                                termijn éénmaal verlengen met vier weken. Een verdere verlenging is
                                slechts mogelijk met instemming van de klager.</al></li><li nr="10."><al>In het schriftelijke advies van de commissie wordt gemotiveerd
                                aangegeven of de klacht ontvankelijk, gegrond of ongegrond wordt
                                geacht.</al></li><li nr="11."><al>Een afschrift van het advies van de commissie wordt aan beiden, de
                                klager en de aangeklaagde, gezonden.</al></li><li nr="12."><al>Binnen zes weken na ontvangst van het advies van de
                                klachtencommissie neemt het bevoegd gezag een besluit. Deze
                                beslissing wordt terstond door het bevoegd gezag schriftelijk aan de
                                klager en de aangeklaagde medegedeeld. De klachtencommissie wordt
                                tevens daarover schriftelijk geïnformeerd.</al></li><li nr="13."><al>Indien de beslissing van het bevoegd gezag afwijkt van het advies
                                van de klachtencommissie dient dit in de beslissing te worden
                                gemotiveerd.</al></li><li nr="14."><al>Het bevoegd gezag ziet er op toe dat:</al><lijst><li nr="a."><al>de klager na afhandeling van de klacht geen nadelige
                                        gevolgen in de werksfeer ondervindt van het indienen van de
                                        klacht;</al></li><li nr="b."><al>tevens de aangeklaagde daarvan geen nadelige gevolgen in de
                                        werksfeer ondervindt, behoudens de eventueel genomen
                                        maatregelen van het bevoegd gezag naar aanleiding van de
                                        klacht.</al></li></lijst></li><li nr="15."><al>Leden van de klachtencommissie mogen niet vanwege hun lidmaatschap
                                van de klachtencommissie benadeeld worden in hun positie als
                                ambtenaar of anderszins. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8,</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien een van de leden van het bevoegd gezag direct of indirect als
                                persoon betrokken is bij de ingediende klacht, dient deze persoon
                                zich bij de behandeling van de klacht terug te trekken uit het
                                college of de raad. Dit geldt tevens voor de
                                gemeentesecretaris.</al></li><li nr="2."><al>Indien de vertrouwenspersoon of een lid of de secretaris van de
                                klachtencommissie direct of indirect als persoon betrokken is bij de
                                ingediende klacht, dient deze persoon zich bij de behandeling van de
                                klacht terug te trekken uit zijn functie in het kader van deze
                                regeling.</al></li><li nr="3."><al>Deze regeling wordt aangehaald als “Klachtenregeling ongewenste
                                omgangsvormen binnen de gemeentelijke organisatie Vianen” en treedt
                                in werking op de dag na die waarop de regeling door het college is
                                vastgesteld. </al></li><li nr="4."><al>Op het onder lid drie genoemde tijdstip vervalt, c.q. wordt de
                                “Klachtenregeling seksuele intimidatie gemeente Vianen”
                                ingetrokken.</al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders voornoemd
                        in zijn op 24 april 2007 gehouden vergadering</ondertekening><ondertekening>De secretaris, De burgemeester,</ondertekening><ondertekening>mw. drs. A. Kuiper mw. drs. D.A.M. Koreman</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>