<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR171048_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en de invordering van reinigingsrechten 2012</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Etten-Leur</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-12-11</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Etten-Leur</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Etten-Leurse Bode, 4 december 2011</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening reinigingsrechten Etten-Leur 2012</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=229">Gemeentewet, art. 229</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-11-14</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-12-05</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2013-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>MID</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Algemeen bestuur</overheidrg:onderwerp><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling vervangt de verordening reinigingsheffingen 2011;</al><al>Datum van ingang van de heffing is 1 januari 2012</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening reinigingsrechten</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Etten-Leur; </al><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 11
                        oktober 2011; </al><al>gelet op artikel 229 van de Gemeentewet; </al><al>besluit </al><al>vast te stellen de Verordening op de heffing en de invordering van
                        reinigingsrechten 2012</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam 'reinigingsrechten' worden rechten geheven zowel voor het
                        genot van door het gemeentebestuur verstrekte diensten als voor het gebruik
                        van voor de openbare dienst bestemde gemeentebezittingen, werken of
                        inrichtingen die bij de gemeente in beheer of in onderhoud zijn.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><al>De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve
                        van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen,
                        werken of inrichtingen gebruik maakt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Maatstaf van heffing en belastingtarief</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen
                            in de bij deze verordening behorende tarieventabel.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de
                            tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het
                        belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De rechten bedoeld in hoofdstuk 1 van de tarieventabel worden geheven bij
                        wege van aanslag met dien verstande dat per belastbaar feit een
                        afzonderlijke aanslag kan worden opgelegd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar
                            tijdsgelang</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De rechten bedoeld in hoofdstuk 1 van de tarieventabel zijn verschuldigd
                            bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang
                            van de belastingplicht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt zijn
                            de rechten bedoeld in hoofdstuk 1 van de tarieventabel verschuldigd voor
                            zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als
                            er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle
                            kalendermaanden overblijven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt,
                            bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de
                            voor dat jaar verschuldigde rechten bedoeld in hoofdstuk 1 van de
                            tarieventabel als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht,
                            nog volle kalendermaanden overblijven.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de
                            belastingplichtige binnen de gemeente verhuist.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De rechten als bedoeld in hoofdstuk 2 van de tarieventabel zijn
                            verschuldigd of worden teruggegeven naar gelang de gebruikmaking van de
                            dienstverlening.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Belastingbedragen tot € 10 worden niet geheven. Voor de toepassing van
                            de vorige volzin wordt het totaal van op een aanslagbiljet verenigde
                            aanslagen aangemerkt als één belastingbedrag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990
                            moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de
                            eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in
                            de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee
                            maanden later.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het bedrag inzake een bestuurlijke boete is invorderbaar in twee gelijke
                            termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand
                            volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is
                            vermeld en de tweede twee maanden later.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In afwijking van het bepaalde in het eerste en tweede lid geldt, in
                            geval het totaalbedrag van alle op één aanslagbiljet verenigde aanslagen
                            meer bedraagt dan € 10.000, dat dit bedrag en een bestuurlijke boete op
                            dit aanslagbiljet moeten worden betaald op de laatste dag van de maand
                            volgend op die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Betaling via automatische incasso is voor alle aanslagen mogelijk. In
                            afwijking van het bepaalde in het eerste, tweede en derde lid geldt,
                            ingeval machtiging is verleend tot automatische incasso en het
                            totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen € 100 of
                            meer doch niet meer dan € 10.000 bedraagt, dat de aanslagen moeten
                            worden betaald in tien gelijke termijnen waarvan de eerste termijn
                            vervalt op de 28<sup>e</sup> dag van de maand volgend op de maand die in
                            de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende
                            termijnen telkens een maand later.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De in het vierde lid bedoelde machtiging tot automatische incasso wordt
                            geacht niet te zijn verleend indien twee van de tien termijnen niet zijn
                            betaald doordat automatische incasso van de betaalrekening van de
                            belastingschuldige niet mogelijk blijkt dan wel binnen 56 dagen na
                            afschrijving zijn gestorneerd. Alsdan gelden de betaaltermijnen als
                            bedoeld in het eerste lid.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande
                            leden gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Nadere regels door het Dagelijks Bestuur</titel></kop><al>Het Dagelijks Bestuur van de Belastingsamenwerking West-Brabant kan nadere
                        regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de
                        reinigingsrechten. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van de reinigingsrechten wordt geen kwijtschelding
                        verleend. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><al>De 'Verordening reinigingsheffingen 2011' van 8 november 2010, wordt
                        ingetrokken met ingang van de in artikel 11, tweede lid, genoemde datum van
                        ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op
                        de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die
                            van de bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2012.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: 'Verordening reinigingsrechten
                        Etten-Leur 2012.'</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 14 november 2011.</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd.</ondertekening><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening><ondertekening>drs. W.C.M. Voeten MBA Mw. H. van Rijnbach-de Groot.</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><bijlage><kop><label>Tarieventabel</label></kop><al/><al>behorende bij de 'Verordening reinigingsrechten Etten-Leur 2012”</al><al/><al><vet>Algemeen</vet></al><al>De bedragen genoemd in deze tabel zijn inclusief omzetbelasting indien deze
                    verschuldigd is.</al><al/><al><vet>Hoofdstuk 1 Maatstaven en jaarlijkse tarieven reinigingsrechten</vet></al><lijst><li nr=""><al>1.1 Het recht bedraagt per perceel per belastingjaar € 176,52</al></li></lijst><al/><lijst><li nr=""><al>1.2 Onverminderd het bepaalde in hoofdstuk 1.1 bedraagt het recht voor
                            één extra papiercontainer of gft-container of restafvalcontainer, </al></li></lijst><al> per belastingjaar, per container € 13,00</al><al>(maximaal één extra container per soort)</al><al/><al><vet>Hoofdstuk 2 Maatstaven en gedifferentieerde tarieven
                        reinigingsrechten</vet></al><al>2.1 Onverminderd het bepaalde in hoofdstuk 1.1 bedraagt de:</al><al>2.1.1 teruggave voor het minder aantal aanbiedingen gft-afval, per aanbieding €
                    0,00</al><al>2.1.2 teruggave voor het minder aantal aanbiedingen restafval, per aanbieding €
                    2,15</al><al>2.1.3 belasting voor een extra container bestemd voor gft-afval, per aanbieding
                    € 0,00</al><al>2.1.4 belasting voor een extra container bestemd voor restafval, per aanbieding
                    € 6,20</al><al/><al>Behorende bij raadsbesluit van 14 november 2011.</al><al>De griffier, </al><al/><al/><al>drs. W.C.M. Voeten MBA </al><al/><al/></bijlage></regeling></body></cvdr>