<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR16707_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Havenverordening gemeente Waalwijk 1999</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Waalwijk</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-05</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Waalwijk</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad, 13-01-1999</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Havenverordening gemeente Waalwijk 1999</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 168</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 195</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Scheepvaartverkeerswet, art. 42 e.v.</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</dcterms:subject><dcterms:issued>1999-12-23</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>1999-01-14</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2010-10-22</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2000/007</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Omtrent de publicatiedatum en daarmee de datum van inwerkingtreding (art. 46 lid 1) bestaat geen volstrekte zekerheid. De data zijn zo precies mogelijk benaderd.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Havenverordening gemeente Waalwijk 1999</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Waalwijk;</al><al>gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 23 november 1999,
                        nr. 3.2;</al><al>gelet op de artikelen 168 en 195 en volgende van de Gemeentewet en artikel
                        42 van de Scheepvaartverkeerswet;</al><al>BESLUIT:</al><al>Vast te stellen de <vet>Havenverordening van de gemeente Waalwijk
                            1999:</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>1.</nr><titel>Algemene Bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="1."><al>Haven en kade: de havens en kaden die in eigendom aan de
                                    gemeente Waalwijk toebehoren c.q. bij de gemeente in beheer
                                    zijn, te weten:</al><al> In Waalwijk:</al><al> Het ten zuiden van Bergsche Maas gelegen vaarwater dienende tot
                                    haven:</al><al> In Sprang-Capelle:</al><al> Het vaarwater, genaamd Capelse haven, zich uitstrekkende vanaf
                                    het Oude Maasje tot de Hoofdstraat in Capelle, dienende tot
                                    haven; </al><al> In Waspik:</al><al> Het vaarwater, genaamd de Kerkvaartsehaven, zich uitstrekkende
                                    vanaf het Oude Maasje tot de A59 te Waspik, dienende tot haven.
                                </al></li><li nr="2."><al>Havenmeester de door de burgemeester en wethouders daartoe
                                    benoemde persoon.</al></li><li nr="3."><al>Schip: elk vaartuig met inbegrip van een vaartuig zonder
                                    waterverplaatsing, gebruikt of geschikt om te worden gebruikt
                                    als een middel van vervoer te water, daaronder begrepen
                                    drijvende inrichtingen en drijvende voorwerpen.</al></li><li nr="4."><al>Schipper: degene die op een schip met de leiding belast is of
                                    feitelijk de leiding in handen heeft of, bij afwezigheid van
                                    deze, de eigenaar of gebruiker van het vaartuig.</al></li><li nr="5."><al>Roken: het bij zich hebben van een brandende sigaret, sigaar of
                                    van een pijp met brandende inhoud op schepen met brandbare
                                    stoffen.</al></li><li nr="6."><al>“Vastgestelde openingstijden” van de sluis:</al><lijst><li nr="a."><al>Maandag t/m vrijdag: van 6.30 uur tot 12.00 uur en van
                                            13.00 uur tot 18.30 uur;</al></li><li nr="b."><al>Zaterdag: van 9.00 uur tot 11.00 uur.</al></li></lijst></li><li nr="7."><al>Tijd “buiten de vastgestelde openingstijden” van de sluis:</al><lijst><li nr="a."><al>Maandag tot en met vrijdag: van 19.00 uur tot 21.00
                                            uur;</al></li><li nr="b."><al>Zaterdag: van 12.00 uur tot 17.00 uur.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Van toepassing op</titel></kop><al>Deze verordening is van toepassing op de haven van Waalwijk, de Capelse
                            haven en de Kerkvaartsehaven inclusief de toeleidingskanalen voerend
                            naar deze havens en voorts op alle bij de havens behorende dijken,
                            wegen, kaden, oevers, aanlegplaatsen, bruggen, sluis, grond- en
                            kunstwerken, beplantingen, gebouwen en verdere werken, een en ander voor
                            zover deze eigendommen niet in het beheer zijn van derden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Mandatering</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders dragen bij wijze van mandaat de uitvoering
                            van de bepalingen van dit reglement op aan de havenmeester.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Overige wetgeving</titel></kop><al>Onverminderd hetgeen bij Wet of Algemene Maatregel van Bestuur is
                            bepaald is eenieder, die met een schip van de haven gebruik maakt,
                            danwel gebruik maakt van de kade gehouden zich te gedragen naar hetgeen
                            in de volgende artikelen is bepaald.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>2.</nr><titel>Bepalingen met betrekking op de vaart in de haven</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Diepgang</titel></kop><al>Het is de schipper verboden de haven te bevaren met een vaartuig, dat,
                            al dan niet geladen en onverschillig waar gemeten, een grotere diepgang
                            heeft dan in verband met de waterstand in de haven toelaatbaar is.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Meetbrief</titel></kop><al>Op vordering van de havenmeester is de schipper verplicht, inzage te
                            verstrekken van de geldige meetbrief van zijn schip.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Vaarsnelheid</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De maximum vaarsnelheid in de haven bedraagt 7 km. per uur.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De havenmeester is bevoegd de schipper te bevelen de snelheid te
                                verminderen beneden het in dit artikel vermelde maximum.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De havenmeester is bevoegd in bijzondere gevallen ontheffing te
                                verlenen van de maximum vaarsnelheid.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Hinderen van vrijheid en veiligheid vaarverkeer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden om met schepen in de haven op zodanige wijze te
                                varen of te liggen, dat de vrijheid of de veiligheid van het verkeer
                                te water wordt belemmerd of in gevaar gebracht of gevaar bestaat
                                voor beschadiging van de oevers of werken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het is verboden om, indien door burgemeester en wethouders ten
                                aanzien van de haven in het belang van de vrijheid of veiligheid van
                                het verkeer te water of ter bescherming van de oevers en werken
                                eisen zijn gesteld met betrekking tot de vorm, de afmetingen of de
                                bestuurbaarheid der vaartuigen in het bijzonder, te varen met
                                vaartuigen die van bedoelde eisen afwijken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Aanwijzingen van de havenmeester omtrent inachtneming van de
                                vrijheid en veiligheid, als onder 8.1 bedoeld, moeten terstond en
                                stipt worden opgevolgd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Weigeren toegang tot haven</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De toegang van een vaartuig tot de haven kan door de
                                    havenmeester worden geweigerd;</al><lijst><li nr="a."><al>indien zulks in het belang van een goede regeling van de
                                            scheepvaart noodzakelijk is;</al></li><li nr="b."><al>indien de vorm, de bestuurbaarheid, de toestand van het
                                            schip of de lading daartoe aanleiding geeft;</al></li><li nr="c."><al>indien het schip met de in artikel 38 omschreven
                                            voorwerpen, stoffen of goederen zijn geladen.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Tegen de beslissing van de havenmeester staat beroep open op
                                    burgemeester en wet-</al></li></lijst><al>Houders.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Ankeren en vastmeren</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is de schipper verboden;</al><lijst><li nr="a."><al>met een vaartuig aan te leggen c.q. vastgemeerd of voor
                                        anker te liggen, tenzij op een door de havenmeester aan te
                                        wijzen plaats;</al></li><li nr="b."><al>in de haven te ankeren of daarin enig anker te doen
                                        uitslaan;</al></li><li nr="c."><al>haken of bomen tegen de kaden of havenmuren te zetten of te
                                        laten staan;</al></li><li nr="d."><al>haken of vaarbomen te steken in kademuren, beschoeiingen of
                                        palen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien wordt gehandeld in strijd met het bepaalde in het
                                1<sup>e</sup> lid van dit artikel, is de schipper van het betrokken
                                schip verplicht, op bevel en volgens de aanwijzingen van de
                                havenmeester, onverwijld zijn vaartuig te verhalen c.q. het anker te
                                lichten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Verplaatsen schip</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien zulks door het sectorhoofd GGZ of havenmeester wordt gelast,
                                is de schipper verplicht onverwijld de haven met zijn schip te
                                verlaten, oftewel met zijn schip te vertrekken naar het door hen aan
                                te wijzen havengedeelte. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Onverminderd de verplichting van de schipper om onverwijld te
                                voldoen aan de last, staat voor hem de gelegenheid open zich bij
                                burgemeester en wethouders te beklagen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Rietschoten en oevers</titel></kop><al>Het is schipper verboden in de rietschoten te varen en daarin, of aan de
                            oevers van de haven stil te liggen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Schroefbewegingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden om de schroef of ander tot voortbeweging dienende
                                delen van een vaartuig in werking te stellen of in werking te
                                hebben:</al><lijst><li nr="a."><al>Indien de achtersteven van het schip niet ten minste 5 meter
                                        van de wal verwijderd is;</al></li><li nr="b."><al>Indien de voortbeweging van het vaartuig op enigerlei wijze
                                        wordt belemmerd. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het bepaalde in het 1<sup>e</sup> lid onder a, van dit artikel
                                blijft buiten toepassing bij het varen door de sluis, de ophaalbrug
                                of enig ander kunstwerk.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Slepen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Onverminderd het bepaalde in artikel 9 van deze verordening, is het
                                de schipper verboden meer dan één vaartuig te slepen, tenzij de
                                vaartuigen kleiner zijn dan 50 ton, in welk geval de sleeptreinen,
                                de sleepboot inbegrepen, geen grotere lengte mogen hebben dan 100
                                meter. De gesleepte voertuigen moeten bestuurbaar zijn.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De havenmeester is bevoegd, onder door hem te stellen voorwaarden,
                                ontheffing te verlenen van het bepaalde in het 1<sup>e</sup> lid van
                                dit artikel. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Aangebrachte schade</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Wanneer een schip schade heeft toegebracht aan enig werk of enige
                                inrichting van de gemeente, is de schipper verplicht hiervan
                                uiterlijk binnen één uur kennis te geven aan de havenmeester, die
                                onverwijld proces verbaal opmaakt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het proces verbaal, bedoeld in het vorige lid, behoort te
                                vermelden;</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>De wijze waarop de schade is ontstaan;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>Het vermoedelijke bedrag van de schade;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>De namen en adressen van de personen, die tot schadevergoeding
                                gehouden wordt geacht;</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>Alle verdere feiten en omstandigheden, die van belang kunnen zijn
                                voor de beoordeling van het ongeval en de vaststelling van de
                                aansprakelijkheid.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het proces-verbaal, bedoeld in het vorige lid, wordt door
                                bemiddeling van het sectorhoofd GGZ zo spoedig mogelijk toegezonden
                                aan burgemeester en wethouders.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al> Alle voorwerpen van welke aard ook, die in de haven geraken, zullen
                                onmiddellijk op daartoe gegeven last van de havenmeester daaruit
                                moeten worden gehaald op kosten van diegene door wiens toedoen of
                                nalatigheid dit is geschied. Is de dader onbekend, dan rust deze
                                verplichting op de eigenaar van de voorwerpen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Zinken van schepen</titel></kop><al>De schipper, de eigenaar of beheerder van een in de haven liggend schip,
                            dat in onmiddellijk gevaar van zinken verkeert, is verplicht de
                            aanwijzingen op te volgen die de havenmeester hem in het belang van de
                            scheepvaart geeft. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Gezonken schepen</titel></kop><al>De schipper, eigenaar of beheerder van een gezonken of aan de grond
                            geraakt schip geeft van het ongeval terstond kennis aan de havenmeester
                            en is verplicht zowel bij dag als nacht zodanige bakens of
                            veiligheidsseinen op het gezonken of gestrande schip te plaatsen als de
                            havenmeester zal gelasten. De schipper draagt zorg, dat een gezonken
                            schip, binnen een door burgemeester en wethouders te bepalen tijd is
                            gelicht en vervoerd. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Aan de grond raken</titel></kop><al>Wanneer een schip aan de grond raakt en de lading naar oordeel van de
                            havenmeester moet gelost worden om het vlot te bergen, is de schipper
                            verplicht onmiddellijk tot lossing over te gaan. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>3.</nr><titel>Bepalingen met betrekking op de bediening en het gebruik van de sluis
                            en de ophaalbrug te Waalwijk.</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Sluis en ophaalbrug</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De sluis als mede de ophaalbrug zal geopend zijn voor
                                scheepvaartverkeer op de vastgestelde openingstijden van de sluis.
                                Buiten de openingstijden van de sluis zal alleen op afspraak geschut
                                worden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De sluis blijft voor het scheepvaartverkeer gesloten, indien zulks
                                naar oordeel van burgemeester en wethouders noodzakelijk is in
                                verband met het verrichten van herstellingen of andere werkzaamheden
                                aan de haven, de sluis of de ophaalbrug. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders zijn bevoegd, onder door hen te stellen
                                voorwaarden openstelling van de sluis buiten de in het 1<sup>e</sup>
                                lid genoemde tijden toe te staan.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Voor de toepassing van dit artikel wordt met de zondag
                                gelijkgesteld: De kerstdagen en nieuwjaarsdag, de tweede Paas- en
                                Pinksterdagen, de Hemelvaartsdag, een nationale feestdag en elke
                                andere dag, welke daarenboven door burgemeester en wethouders wordt
                                aangewezen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>4.</nr><titel>Bepalingen voor het laden en lossen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Laden en lossen vanaf het water</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>Op, aan of langs de haven te laden en te lossen anders dan aan de
                                daarvoor aangewezen aanleg- en losplaatsen;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>Hetzij vaste, hetzij verplaatsbare mechanische losinrichtingen,
                                zoals kranen, transporteurs en dergelijke, alsmede lostrechters en
                                andere voorwerpen op de kaden, oevers en los- en laadplaatsen aan de
                                haven te hebben;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>In de haven te lossen of te laden door middel van drijvende kranen,
                                transporteurs of soortgelijke inrichtingen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders zijn bevoegd onder door hen te stellen
                                voorwaarden, ontheffing te verlenen van de bepaling in het
                                1<sup>e</sup> lid van dit artikel.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Laden en lossen vanaf de oever</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is aan de bedrijven, onmiddellijk aan de oevers van de haven
                                grenzend, verboden gebruik te maken van de haven voor het lossen en
                                laden van vaartuigen vanaf hun terreinen, tenzij deze bedrijven, in
                                overleg en onder goedkeuring van burgemeester en wethouders
                                voorzieningen aan de oevers en kaden voor het afmeren hebben
                                getroffen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het is de in lid 1 genoemde bedrijven eveneens verboden op hun
                                terrein ten behoeve van derden vaartuigen te laden of te lossen, of
                                te doen laden en lossen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen van het bepaalde in het tweede lid
                                ontheffing verlenen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Opslaan van goederen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden de openbare kaden, los- en laadplaatsen en oevers in
                                gebruik te nemen voor het opslaan van goederen of welke andere
                                doeleinden dan ook, anders dan in overleg met de havenmeester en
                                voor langer dan een door de havenmeester te bepalen termijn.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De havenmeester kan zonodig zijn, overeenkomstig het eerste lid van
                                dit artikel gegeven aanwijzingen, veranderen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het laden en lossen aan de
                                openbare kaden te beperken tot door hen aan te wijzen plaatsen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Hinderen van laden en lossen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden goederen te laden of te lossen op zodanige wijze,
                                dat dit het laden en lossen van andere goederen belemmert of
                                verhindert.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De havenmeester beoordeelt of het lossen of laden op hinderlijke
                                wijze geschiedt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Morsen van stoffen en goederen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden in de haven zand, grint, puin, los graan, steenkolen
                                en welke andere stoffen of goederen ook te laden of te lossen, of te
                                doen laden of lossen zonder te voorkomen, dat hiervan iets in het
                                water, op de kaden of op de oevers valt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De schippers zijn verplicht, het bij de lossing of lading van hun
                                vaartuigen of langs gemeentelijk water gelegen loswallen, kaden en
                                oevers gemorste stoffen of goederen op de eerste aanzegging door de
                                havenmeester gedaan en binnen de daarbij te bepalen termijn op te
                                ruimen of te doen opruimen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de aangevoerde voorwerpen niet dadelijk van de loswallen,
                                kaden of oevers worden vervoerd, zijn de eigenaren van de voorwerpen
                                verplicht zorg te dragen, dat de plaats van opslag na het vervoer
                                onmiddellijk wordt schoongemaakt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Overdekken van gevaarlijke stoffen</titel></kop><al>De schipper of diens opdrachtgever, die voornemens is de in artikel 38
                            omschreven voorwerpen, stoffen of goederen te laden of te lossen, of te
                            doen laden of lossen, is verplicht er voor zorg te dragen, dat deze
                            geloste of te laden voorwerpen, stoffen of goederen, zolang hij daarvoor
                            redelijkerwijs aansprakelijk is, overdekt gehouden worden met kleden,
                            zeilen of daarmede gelijk te stellen bedekkingmateriaal, dat geen vuur
                            of licht in de nabijheid aanwezig is en dat deze op behoorlijke wijze,
                            dit ter beoordeling van de havenmeester, bewaakt worden. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Lissen in lengterichting</titel></kop><al>Het is de schippers verboden, hun vaartuigen in gemeentelijk water
                            anders te laden of te lossen dan in de lengte langs de loswallen, kaden
                            of oevers. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>5.</nr><titel>Bepalingen tot verzekering van de orde en veiligheid in de
                            haven</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Volgen bijzondere bevelen en maatregelen</titel></kop><al>Een ieder is verplicht nauwkeurig op te volgen de bijzondere bevelen
                            en/of maatregelen met betrekking tot de haven, de havenwerken en het
                            gebruik daarvan, alsmede omtrent de regeling van het scheepvaartverkeer
                            door of namens burgemeester en wethouders te geven. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Ontmeren van andere eigendommen</titel></kop><al>Het is een ieder verboden een in gemeentelijk water liggend vaartuig,
                            niet aan hem toebehorende of niet door hem gebruikt wordende, te
                            ontmeren of van ligplaats te veranderen, dan alleen met toestemming van
                            de havenmeester, tenzij in geval van nood ter voorkoming van schade of
                            ongelukken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel>Aanmeren</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden:</al></li><li nr="a."><al>In de haven met meer dan één vaartuig langszij van elkaar te
                                    meren of gemeerd te liggen, waarbij echter voor in- en uitvaart
                                    een vaarweg moet openblijven van ten minste 10 meter;</al></li><li nr="b."><al>Motorjachten en roeiboten af te meren aan een loswal.</al></li><li nr="2."><al>De schipper van een vaartuig, liggende in gemeentelijk water bij
                                    een aanlegplaats, moet op aanzegging van de havenmeester
                                    gedogen, dat een ander vaartuig terzijde van het zijne komt en
                                    daarover gemeenschap met de wal heeft. Hij behoeft echter niet
                                    te gedogen, dat uit zodanig ander vaartuig over het zijne
                                    geladen of gelost wordt, tenzij het noodzakelijk is en door de
                                    havenmeester gelast wordt.</al></li></lijst><al>Van het bepaalde in het 1<sup>e</sup> lid kunnen burgemeester en
                            wethouders ontheffing verlenen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Handel/huisvesting/ligplaatsen</titel></kop><al>Het is verboden, zonder vergunning van burgemeester en wethouders met
                            enig vaartuig in gemeentelijk water een bedrijf uit te oefenen, handel
                            te drijven, huisvesting te verlenen of een vaste ligplaats in te
                            nemen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr><titel>Aan slot leggen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden, tussen zonsondergang en –opgang een niet bewoond
                                vaartuig, dat niet bij een bewoond vaartuig behoort, in gemeentelijk
                                water te laten liggen anders dan met een voor dit doel deugdelijke
                                ketting en slot aan de wal vastgelegd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De bij eerstgenoemd vaartuig behorende stukken, hakken, bomen of
                                roeibootjes moeten gedurende die tijd in een afgesloten plaats zijn
                                geborgen of met een voor dit doel deugdelijke ketting en slot aan
                                het vaartuig zijn bevestigd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32</nr><titel>Schuitenhuizen</titel></kop><al>Het is verboden, zonder vergunning van burgemeester en wethouders
                            schuitenhuizen of dergelijke inrichtingen in het gemeentelijk water te
                            hebben of in dat water of op of aan de daaraan of daarlangs gelegen
                            loswallen, kaden of oevers werken uit te voeren of te doen
                            uitvoeren.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33</nr><titel>Voorwerpen plaatsen</titel></kop><al>Het is verboden, in gemeentelijk water palen te slaan, een mast, een
                            balk of andere houtwaren, een viskaar, een drijvende steiger, een stoep,
                            een trap, tenen of een ander dergelijk voorwerp te leggen, te plaatsen
                            of te hebben, tenzij met vergunning van burgemeester en wethouders.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>34</nr><titel>Wrakken</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het is aan eigenaars of beheerders verboden, zonder vergunning
                                    van burgemeester en wethouders oude wrakken of voor de vaart
                                    onbruikbare vaartuigen in gemeentelijk water of aan de aan dat
                                    water gelegen loswallen, kaden of oevers te leggen of te
                                    hebben.</al></li><li nr="2."><al>Eigenaars of beheerders van de in het eerste lid bedoelde
                                    vaartuigen zijn verplicht, na intrekking van de vereiste
                                    vergunning, deze binnen een door burgemeester en wethouders te
                                    bepalen termijn te verwijderen of te doen verwijderen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>35</nr><titel>Slopen van vaartuigen</titel></kop><al>Het slopen van vaartuigen of wrakken in gemeentelijk water is verboden,
                            tenzij met vergunning van burgemeester en wethouders.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>36</nr><titel>Zwemmen, baden en ijs</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden in de haven te zwemmen, c.q. te baden of zich op het
                                ijs te bevinden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders zijn bevoegd onder door hen te stellen
                                voorwaarden, ontheffing te verlenen van het verbod, vervat in het
                                eerste lid.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37</nr><titel>Verontreiniging en schade aanbrengen</titel></kop><al>Het is verboden:</al><lijst><li nr="a."><al>Voorwerpen, of enigerlei vaste stoffen in de haven te werpen
                                    c.q. te laten vallen, of zodanige voorwerpen of vaste stoffen
                                    neder te leggen, te storten of te laten verblijven op of in de
                                    tot de haven behorende werken;</al></li><li nr="b."><al>Stoffen in de haven te lozen, die tot vervuiling van het water
                                    aanleiding geven of in ander opzicht schadelijk zijn te
                                    achten;</al></li><li nr="c."><al>De oevers, of de kunstwerken van de haven te beschadigen door
                                    het gebruik van haken, bomen of andere voorwerpen;</al></li><li nr="d."><al>Te liggen, te zitten, te slopen of zich te bevinden op de sluis,
                                    remmingswerken, meerpalen en geleidewerken daaronder begrepen,
                                    de taluds, de bermen en de oeververdediging van de haven.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>38</nr><titel>Gevaarlijke stoffen</titel></kop><al>De schipper van een vaartuig, waarin buskruit, dynamiet, schietkatoen,
                            nytro-glycerine, ongebluste kalk, cilinders met samengeperste lucht,
                            samengeperste of vloeibare gassen of enig andere voor ontploffing of
                            zelfontbranding vatbare stoffen of voorwerpen zijn geladen, is verplicht
                            voor het binnenvaren van het gebied der gemeente hiervan melding te
                            maken bij de havenmeester.</al><al>De schipper van zulk een vaartuig mag de haven eerst binnenvaren na van
                            de havenmeester daarvoor toestemming te hebben verkregen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>39</nr><titel>Bescherming van gevaarlijke stoffen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De schipper van een vaartuig, dat geheel of gedeeltelijk is geladen
                                met stoffen en/of goederen als omschreven in artikel 38 van deze
                                verordening is verplicht:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>Deze lading met een of meer kleden of zeilen geheel bedekt te
                                hebben;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>Geen vuur of licht in de nabijheid van de lading aanwezig te
                                hebben;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>Van een niet onmiddellijk te dichten lekkage, en van elke stoornis,
                                tengevolge waarvan de reis niet normaal kan worden voortgezet,
                                terstond kennis te geven aan de havenmeester.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het is verboden in de haven katoen, kapok, vlas, hennep, zeegras of
                                enige andere licht ontvlambare stof op een vaartuig anders dan
                                behoorlijk afgedekt te vervoeren.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>40</nr><titel>Op bevel voorgeschreven maatregelen gevaarlijke stoffen</titel></kop><al>Bij het vervoeren, laden en lossen van ontplofbare of licht ontvlambare
                            stoffen, of van ongebluste kalk is de schipper, onverminderd zijn
                            verplichting tot naleving der omtrent het vervoer bestaande
                            voorschriften gehouden de bijzondere voorzorgsmaatregelen te nemen, die
                            hem door de havenmeester worden voorgeschreven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>41</nr><titel>Opvolgen bevelen in belang van orde en veiligheid</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een ieder is verplicht, onmiddellijk te gehoorzamen aan de
                                    bevelen, welke door hem door de havenmeester, zowel in het
                                    belang van de openbare orde en veiligheid op het gemeentelijk
                                    water, de langs dat water gelegen loswallen, kaden en oevers,
                                    als ten aanzien van de naleving van de bepalingen dezer
                                    verordening worden gegeven.</al></li><li nr="2."><al>In geval van brand en bij gevaar van brand is iedere schipper
                                    van in gemeentelijk water liggende schepen verplicht,
                                    onmiddellijk te gehoorzamen aan de bevelen van de havenmeester
                                    en de commandant der brandweer.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>6.</nr><titel>Straf-, overgangs-, en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>42</nr><titel>Strafbepaling</titel></kop><al>Overtredingen van de bepalingen van deze verordening of van krachtens
                            deze verordening gegeven aanwijzingen, bevelen of verboden, wordt voor
                            zover niet reeds bij of krachtens de wet strafbaar gesteld, gestraft met
                            hechtenis van ten hoogste twee maanden of geldboete van de tweede
                            categorie. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>43</nr><titel>Opsporingsambtenaar</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Onverminderd de wettelijke bevoegdheid der ambtenaren, genoemd in
                                artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering, zoals dit thans
                                luidt of nader zal worden gewijzigd, zijn belast met het opsporen en
                                constateren van overtredingen van de bepalingen van deze
                                verordening: de ambtenaren als bedoeld in artikel 4, leden 4 en
                                5.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Onverminderd het bepaalde in de artikelen 157 en 159 van het Wetboek
                                van Strafvordering, worden de processen-verbaal opgemaakt wegens
                                overtreding van de bepalingen van deze verordening, in afschrift
                                medegedeeld aan burgemeester en wethouders.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>44</nr><titel>Het binnentreden in woningen zonder toestemming van de
                                bewoners</titel></kop><al>Ter uitvoering en/of handhaving van de bepalingen van deze verordening,
                            wordt aan de</al><al>in artikel 4, leden 4 en 5 bedoelde ambtenaren de last verstrekt, indien
                            zij zulks nodig achten, te allen tijde zich ook tegen de wil van de
                            schippers, te begeven aan boord van de in de haven vertoevende
                            vaartuigen, waarbij voor wat betreft het binnentreden van als
                            woonverblijf ingerichte en gebruikte ruimten, de voorschriften van de
                            Algemene wet op het binnentreden (wet van 22 juni 1994 (Stb. 572) en
                            gewijzigd bij de wet van 26 april 1995 (Stb. 250) in acht genomen moeten
                            worden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>45</nr><titel>Handelen in strijd met voorwaarden</titel></kop><al>Hij, die handelt in strijd met enige voorwaarde, verbonden aan een hem
                            verleende vergunning of vrijstelling, of zodanige voorwaarde niet
                            nakomt, wordt geacht te hebben gehandeld zonder vergunning of
                            vrijstelling. Onder handelen wordt verstaan zowel doen als hebben en
                            nalaten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>46</nr><titel>In werking treden</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag, na die
                                    waarop zij is afgekondigd.</al></li><li nr="2."><al>Op dat tijdstip vervallen de bepalingen uit de;</al></li></lijst><al>Politieverordening Haven Waalwijk</al><al>Havenreglement Waspik 1992</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>47</nr><titel>Overgangsbepalingen en vrijstellingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Vergunningen, ontheffingen en vrijstellingen, hoe ook genaamd,
                                verleend krachtens verordeningen bedoeld in artikel 46 2<sup>e</sup>
                                lid, blijven, indien en voor zover het gebod of verbod waarop de
                                vergunning of ontheffing betrekking heeft, ook vervat is in deze
                                verordening en voor zover zij niet eerder zijn vervallen of
                                ingetrokken, nog gedurende 2 jaren na de inwerkingtreding van deze
                                verordening van kracht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voorschriften en beperkingen opgelegd krachtens verordeningen
                                bedoeld in artikel 46, 2<sup>e</sup> lid, blijven, indien en voor
                                zover bepalingen zijn opgelegd, ook zijn vervat in deze verordening
                                en voor zover zij niet eerder zijn vervallen of ingetrokken, nog
                                gedurende 2 jaren na de inwerkingtreding van deze verordening van
                                kracht.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening
                                een aanvraag om een vergunning of ontheffing, hoe ook genaamd, op
                                grond van een verordening bedoeld in artikel 46, 2<sup>e</sup> lid,
                                is ingediend en voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze
                                verordening nog niet op aanvrage is beslist, wordt daarop de
                                overeenkomstige bepaling van de onderhavige verordening
                                toegepast.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Op een aanhangig beroep of bezwaarschrift, betreffende een
                                vergunning of ontheffing, bedoeld in het eerste lid, dan wel een
                                voorschrift of beperking bedoeld in het tweede lid dat voor of na
                                het tijdstip bedoeld in artikel 46, 1<sup>e</sup> lid, is ingekomen
                                binnen de voordien geldende beroepstermijn, wordt beslist met
                                toepassing van de verordening bedoeld in artikel 46, 2<sup>e</sup>
                                lid.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>In afwijking van het in het eerste lid bepaalde, blijft een
                                vergunning of ontheffing, hoe ook genaamd, van kracht totdat
                                onherroepelijk is beslist op een aanvraag voor een, krachtens een in
                                deze verordening overeenkomstig opgenomen gebod of verbod vereiste,
                                vergunning of ontheffing, indien deze aanvraag ten minste acht weken
                                voor afloop van de in het eerste lid genoemde termijn bij het
                                bevoegde bestuursorgaan is ingediend.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Gebods- of verbodsbepalingen waarvoor een vergunning of ontheffing
                                vereist is krachtens deze verordening en niet voorkomend in een
                                verordening als bedoeld in artikel 46, 2<sup>e</sup> lid, zijn niet
                                van toepassing:</al></lid><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Gedurende acht weken na het in werking treden van deze
                                verordening;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ook na de onder a bepaalde termijn, voor zover degene die de
                                vergunning of ontheffing nodig heeft, binnen deze termijn een
                                aanvraag heeft ingediend, totdat onherroepelijk op deze aanvraag is
                                beslist. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>48</nr><titel>Waarneming bevoegdheden havenmeester</titel></kop><al>Zolang nog geen ambtenaar onder de titel van havenmeester is benoemd,
                            worden de ingevolge deze verordening aan de havenmeester toegekende
                            bevoegdheden uitgeoefend door het sectorhoofd GGZ.</al><al>Artikel 49 Citeertitel</al><al>Deze verordening kan worden aangehaald als “de Havenverordening van de
                            gemeente Waalwijk 1999”.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus vastgesteld door de raad van Waalwijk in zijn openbare vergadering op
                        23 december 1999.</al></slotformulering><ondertekening>De secretaris De voorzitter,</ondertekening><ondertekening>Mr. A.J.A. Rikken Mr. R.H.J. van Schaik</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>