<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR163740_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de raadscommissies 2011</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Rucphen</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-10-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Rucphen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening op de raadscommissies 2011</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-03-31</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-03-31</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2014-03-26</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Geen</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Geen</overheidrg:onderwerp><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>VERORDENING OP DE RAADSCOMMISSIES 2011</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><tekst><al><vet>______________________________________________________________________</vet></al><al/><al/><al><onderstreept>Hoofdstuk 1
                            Begripsbepalingen</onderstreept></al><al><vet>Artikel 1 Begripsomschrijvingen</vet></al><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="1."><al>lid: lid van een raadscommissie of diens plaatsvervanger;</al></li><li nr="2."><al>voorzitter: voorzitter van een raadscommissie of diens
                                vervanger;</al></li><li nr="3."><al>griffier: griffier van de raad of diens vervanger;</al></li><li nr="4."><al>vergadering: vergadering van een raadscommissie.</al></li></lijst><al/><al><onderstreept>Hoofdstuk 2 Instelling, taken en
                        samenstelling</onderstreept></al><al><vet>Artikel 2 Instelling raadscommissies</vet></al><lijst><li nr="1."><lijst><li nr="1."><al>commissie algemeen bestuur en middelen (ABM);</al></li><li nr="2."><al>commissie economie, ruimtelijke ordening en milieu
                                        (EROM);</al></li><li nr="3."><al>commissie maatschappelijke aangelegenheden (MA);</al></li></lijst></li></lijst><al/><lijst><li nr=""><al>De raadscommissie ABM adviseert en overlegt over de volgende
                                onderwerpen:</al></li><li nr=""><al>algemeen bestuurlijke zaken;</al></li><li nr=""><al>financiële zaken;</al></li><li nr=""><al>openbare orde en veiligheid;</al></li><li nr=""><al>informatie en automatisering;</al></li><li nr=""><al>grondbedrijf;</al></li><li nr=""><al>gemeente-archief;</al></li><li nr=""><al>intergemeentelijke samenwerking.</al></li></lijst><al/><lijst><li nr=""><al>De raadscommissie EROM adviseert en overlegt over de volgende
                                onderwerpen:</al><lijst><li nr="1."><al>fysieke woon- en leefomgeving;</al></li><li nr="2."><al>milieubeleid;</al></li><li nr="3."><al>riolering/reiniging;</al></li><li nr="4."><al>groen en wegen;</al></li><li nr="5."><al>verkeer en vervoer;</al></li><li nr="6."><al>beheer gemeentelijke gebouwen.</al></li><li nr="7."><al>ruimtelijke ordening;</al></li><li nr="8."><al>volkshuisvesting (bouwen en wonen);</al></li><li nr="9."><al>economische zaken;</al></li><li nr="10."><al>stedelijke vernieuwing;</al></li><li nr="11."><al>reconstructie/revitalisering platteland;</al></li><li nr="12."><al>toerisme en recreatie</al></li></lijst></li></lijst><al/><lijst><li nr=""><al>De raadscommissie MA adviseert en overlegt over de volgende
                                onderwerpen:</al><lijst><li nr="1."><al>sociale ontwikkeling;</al></li><li nr="2."><al>welzijn, onderwijs en cultuur;</al></li><li nr="3."><al>sport en recreatie;</al></li><li nr="4."><al>volksgezondheid;</al></li><li nr="5."><al>monumentenbeleid.</al></li></lijst></li></lijst><al/><al/><al/><lijst><li nr=""><al>Indien een onderwerp meerdere raadscommissies aangaat, wordt het
                                onderwerp in de afzonderlijke raadscommissies besproken, tenzij de
                                voorzitters van de betrokken raadscommissies in overleg beslissen
                                dat een gezamenlijke vergadering van de raadscommissies wordt belegd
                                of de raadscommissie die het onderwerp het meest aangaat, het
                                onderwerp behandelt.</al></li></lijst><al/><al>6. Indien een gezamenlijke vergadering van raadscommissies wordt belegd,
                        vervult de voorzitter van de raadscommissie die het onderwerp het meest
                        aangaat, de taken van de voorzitter.</al><al><vet>Artikel 3 Taken </vet></al><al>1. Een raadscommissie heeft de volgende taken: </al><al>- het uitbrengen van advies aan de raad over een voorstel of onderwerp dat
                        betrekking heeft op de in artikel 2, tweede, derde of vierde lid, genoemde
                        onderwerpen;</al><al>- het uitbrengen van advies aan de raad uit eigener beweging;</al><al>- voeren van overleg met het college of de burgemeester over in ieder geval
                        door het college of de burgemeester verstrekte inlichtingen en het gevoerde
                        bestuur ten aanzien van de in artikel 2, tweede lid, derde of vierde lid,
                        genoemde onderwerpen.</al><al/><al>2. Daarnaast zijn aan de raadscommissie ABM zijn de volgende taken
                        toegewezen:</al><al>- het fungeren als rekeningcommissie</al><al>- het afstemmen van de onderzoeken in het kader van de artikelen 212 en 213a
                        van de Gemeentewet en van de rekenkamercommissie.</al><al/><al><vet>Artikel 4 Samenstelling </vet></al><lijst><li nr="1."><al>Een raadscommissie bestaat uit een voorzitter en ten hoogste tien
                                leden.</al></li></lijst><al>2. De in het eerste lid genoemde leden worden door de raad op voordracht van
                        de fracties benoemd.</al><al>3. Bij de benoeming als bedoeld in het tweede lid worden de volgende regels
                        gehanteerd:</al><al>- de plaatsen in de commissies worden verdeeld op basis van het aantal bij
                        de gemeenteraadsverkiezingen behaalde aantal raadszetels; </al><al>- elke fractie wordt in de gelegenheid gesteld om tenminste één zetel in
                        elke commissie te doen bezetten; </al><al>- elke fractie die bij de gemeenteraadsverkiezingen meer dan twee
                        raadszetels heeft behaald, dient per commissie tenminste één zetel door een
                        raadslid te laten bezetten;</al><al>- niet-raadsleden dienen voor te komen op de kandidatenlijst van de
                        betreffende fractie cq. op de gemeentelijke ledenlijst van de gelijknamige
                        landelijke politieke partij cq. op de ledenlijst van de geregistreerde
                        plaatselijke politieke vereniging;</al><al>- een fractie mag ten hoogste vier leden voor elke commissie aanwijzen,
                        zulks met inachtneming van het gestelde maximum-aantal voor aanwijzing van
                        leden voor de betreffende fractie.</al><al>4. De artikelen 10 t/m 15 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige
                        toepassing op een lid van een raadscommissie. </al><al>5. De raad benoemt op voordracht van een fractie voor ieder lid een
                        plaatsvervangend lid, die zitting in een raadscommissie heeft bij
                        verhindering of ontstentenis van een lid als bedoeld in het eerste lid. Het
                        plaatsvervangend lid voldoet aan de in het derde en vierde lid genoemde
                        vereisten.</al><al><vet>Artikel 5 Voorzitter</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter en zijn plaatsvervanger worden door de raad uit zijn
                                midden benoemd.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter is geen lid van de raadscommissie.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter is belast met:</al></li><li nr="4."><al>het leiden van de vergadering;</al></li><li nr="5."><al>het handhaven van de orde;</al></li><li nr="6."><al>het doen naleven van deze verordening;</al></li><li nr="7."><al>hetgeen deze verordening hem verder opdraagt.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 6 Zittingsduur en vacatures</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De zittingsperiode van een lid, de voorzitter en hun
                                plaatsvervangers eindigt in ieder geval aan het einde van de
                                zittingsperiode van de raad.</al></li><li nr="2."><al>Een lid en zijn plaatsvervanger houden op lid te zijn van een
                                raadscommissie indien zij niet meer voldoen aan de in artikel 4,
                                derde en vierde lid, gestelde eisen.</al></li><li nr="3."><al>De raad kan een lid ontslaan op voorstel van de fractie op wiens
                                voordracht het lid is benoemd.</al></li><li nr="4."><al>De raad kan de voorzitter of zijn plaatsvervanger ontslaan.</al></li><li nr="5."><al>Een lid, de voorzitter en hun plaatsvervangers kunnen te allen tijde
                                ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de raad.
                                Het ontslag gaat een maand na de schriftelijke mededeling in of
                                zoveel eerder als hun opvolger is benoemd.</al></li><li nr="6."><al>Indien door overlijden of ontslag een vacature ontstaat, beslist de
                                raad zo spoedig mogelijk over de vervulling daarvan met inachtneming
                                van artikel 4 en 5.</al></li><li nr="7."><al>Indien een fractie blijkens een schriftelijke verklaring aan de
                                voorzitter van de raad niet langer vertegenwoordigd is in de raad,
                                vervalt het lidmaatschap van het lid dat op voordracht van die
                                fractie is benoemd, van rechtswege.</al></li></lijst><al><vet><onderstreept>Artikel 7 Griffier</onderstreept></vet></al><lijst><li nr="1."><al>Ter ondersteuning en advisering van iedere raadscommissie fungeert
                                de griffier. </al></li><li nr="2."><al>De griffier is in iedere vergadering aanwezig.</al></li><li nr="3."><al>Bij zijn verhindering of afwezigheid wordt hij vervangen door de
                                waarnemend griffier.</al></li><li nr="4."><al>De griffier kan in iedere vergadering het woord voeren.</al></li></lijst><al/><al><onderstreept>Hoofdstuk 3 Aanwezigheid college, burgemeester en
                            secretaris</onderstreept></al><al><vet>Artikel 8 Burgemeester en wethouders</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter kan de burgemeester en/of één of meer wethouders
                                uitnodigen in de vergadering aanwezig te zijn en aan de
                                beraadslagingen deel te nemen.</al></li><li nr="2."><al>De leden van de commissie kunnen tot de maandag voor de vergadering
                                uiterlijk 10.00 uur bij de griffier kenbaar maken alsnog de
                                burgemeester en een of meer wethouders uit te nodigen in de
                                vergadering aanwezig te zijn en aan de beraadslagingen deel te nemen
                                bij die agendapunten waarvoor eerder geen portefeuillehouders zijn
                                uitgenodigd.</al></li><li nr="3."><al>Indien de burgemeester of een wethouder bij een vergadering aanwezig
                                wil zijn en wil deelnemen aan de beraadslagingen, doet hij hiertoe
                                een verzoek aan de voorzitter.</al></li><li nr="4."><al>De voorzitter neemt zo spoedig mogelijk een voorlopige beslissing op
                                het verzoek.</al></li><li nr="5."><al>De raadscommissie kan bij aanvang van de vergadering beslissen dat
                                de burgemeester en/of één of meer wethouders niet in de vergadering
                                aanwezig mogen zijn of aan de beraadslagingen mogen deelnemen.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 9 Gemeentesecretaris</vet></al><al>De raadscommissie kan het college verzoeken de secretaris aanwezig te laten
                        zijn in de vergadering en deel te laten nemen aan de beraadslagingen als
                        bedoeld in deze verordening. </al><al/><al><onderstreept>Hoofdstuk 4 Vergaderingen</onderstreept></al><al/><al>Paragraaf 1 Tijdstip van vergaderen en voorbereidingen</al><al><vet>Artikel 10 Vergaderfrequentie </vet></al><lijst><li nr="1."><al>In de regel vinden de vergaderingen van de raadscommissie plaats
                                volgens het door het presidium vastgestelde vergaderschema en vinden
                                plaats in het gemeentehuis.</al></li><li nr="2."><al>Een raadscommissie vergadert voorts indien de voorzitter het nodig
                                oordeelt of indien tenminste drie fracties schriftelijk met opgaaf
                                van redenen daarom verzoeken.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter kan in bijzondere gevallen een andere dag of
                                aanvangsuur bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen. Hij
                                voert hierover overleg met de griffier.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 11 Oproep</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter zendt ten minste tien dagen voor een vergadering de
                                leden een schriftelijke oproep onder vermelding van de dag, het
                                tijdstip en de plaats van de vergadering.</al></li><li nr="2."><al>De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met
                                uitzondering van de in artikel 86, eerste en tweede lid, van de
                                Gemeentewet bedoelde stukken, worden tegelijkertijd met de
                                schriftelijke oproep aan de leden verzonden.</al></li><li nr="3."><al>Indien een aanvullende agenda wordt vastgesteld als bedoeld in
                                artikel 12, tweede lid, worden deze agenda en de daarop vermelde
                                voorstellen of onderwerpen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48
                                uur voor aanvang van de vergadering aan de leden gezonden.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 12 De agenda</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Voordat de schriftelijke oproep wordt verzonden stelt de voorzitter
                                op voordracht van de griffier de agenda van de vergadering voorlopig
                                vast.</al></li><li nr="2."><al>In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden van de
                                schriftelijke oproep tot uiterlijk 48 uur voor de aanvang van een
                                vergadering een aanvullende agenda opstellen.</al></li><li nr="3."><al>Bij aanvang van de vergadering stelt de raadscommissie de agenda
                                vast. Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie
                                bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan de agenda
                                toevoegen of van de agenda afvoeren.</al></li><li nr="4."><al>Wanneer de raadscommissie een onderwerp of voorstel onvoldoende voor
                                de beraadslaging voorbereid acht, kan hij aan het college of de
                                burgemeester nadere inlichtingen of advies vragen. De raadscommissie
                                bepaalt in welke vergadering het onderwerp of voorstel opnieuw
                                geagendeerd wordt.</al></li><li nr="5."><al>Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie de
                                volgorde van behandeling van de agendapunten wijzigen.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 13 Ter inzage leggen van stukken</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Stukken, die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op de
                                agenda dienen, worden gelijktijdig met het verzenden van de
                                schriftelijke oproep voor een ieder op het gemeentehuis ter inzage
                                gelegd. De voorzitter maakt van de terinzagelegging melding in de
                                openbare kennisgeving, bedoeld in artikel 14. Indien na het
                                verzenden van de schriftelijke oproep stukken ter inzage worden
                                gelegd, wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden en zo mogelijk
                                in een openbare kennisgeving.</al></li><li nr="2."><al>Een origineel van een ter inzage gelegd stuk wordt niet buiten het
                                gemeentehuis gebracht.</al></li><li nr="3."><al>Indien voor stukken op grond van artikel 86, eerste en tweede lid,
                                van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken
                                in afwijking van het eerste lid, onder berusting van de griffier en
                                verleent de griffier een lid inzage.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 14 Openbare kennisgeving</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De vergadering wordt tegelijkertijd met de schriftelijke oproep door
                                aankondiging in het gemeentelijk informatieblad de Raadhuiskrant en
                                door plaatsing op de internetsite van de gemeente ter openbare
                                kennis gebracht.</al></li><li nr="2."><al>De openbare kennisgeving vermeldt:</al></li><li nr="3."><al>de datum, aanvangstijd en plaats van de vergadering;</al></li><li nr="4."><al>de wijze waarop en de plaats waar een ieder de agenda en de daarbij
                                behorende stukken kan inzien;</al></li><li nr="5."><al>de mogelijkheid tot het uitoefenen van het spreekrecht als bedoeld
                                in artikel 17.</al></li></lijst><al/><al>Paragraaf 2 Orde der vergadering</al><al><vet>Artikel 15 Presentielijst</vet></al><al>Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekent ieder lid onmiddellijk de
                        presentielijst. Aan het einde van elke vergadering wordt die lijst door de
                        voorzitter en de griffier door ondertekening vastgesteld.</al><al><vet>Artikel 16 Opening vergadering; quorum</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter opent de vergadering op het vastgestelde uur, indien
                                meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden aanwezig
                                is.</al></li><li nr="2."><al>Wanneer een kwartier na het vastgestelde tijdstip niet het vereiste
                                aantal leden aanwezig is, bepaalt de voorzitter onder verwijzing
                                naar dit artikel, na voorlezing van de namen der afwezige leden, dag
                                en uur van de volgende vergadering, op een tijdstip dat ten minste
                                vierentwintig uur na het bezorgen van de schriftelijke oproep is
                                gelegen.</al></li><li nr="3."><al>Op de vergadering, bedoeld in het tweede lid, is het eerste lid niet
                                van toepassing. De raadscommissie kan echter over andere
                                aangelegenheden alleen beraadslagen of besluiten, indien blijkens de
                                presentielijst meer dan de helft van het aantal zitting hebbende
                                leden aanwezig is.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 17 Spreekrecht burgers</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Na de opening van de vergadering kunnen andere aanwezige burgers
                                gezamenlijk gedurende maximaal dertig minuten het woord voeren over
                                geagendeerde onderwerpen.</al></li><li nr="2."><al>Het woord kan niet gevoerd worden over:</al></li><li nr="3."><al>een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar en beroep
                                openstaat of heeft opengestaan;</al></li><li nr="4."><al>benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van
                                personen;</al></li><li nr="5."><al>een gedraging waarover een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene wet
                                bestuursrecht kan of kon worden ingediend.</al></li><li nr="6."><al>de ingekomen stukken, de lijst van vragen en toezeggingen en de
                                vragen aan het college.</al></li><li nr="7."><al>Degene, die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit
                                tenminste 48 uur voor de aanvang van de vergadering aan de griffier.
                                Hij vermeldt daarbij zijn naam, adres en telefoonnummer en het
                                onderwerp, waarover hij het woord wil voeren.</al></li><li nr="8."><al>De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De
                                voorzitter kan van de volgorde afwijken, indien dit in het belang is
                                van de orde van de vergadering.</al></li><li nr="9."><al>Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. De voorzitter
                                verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als er meer dan
                                zes sprekers zijn. De voorzitter kan tevens in bijzondere gevallen
                                afwijken van de maximale lengte van de spreektijd.</al></li><li nr="10."><al>De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit heeft
                                verleend. De voorzitter of een lid doet een voorstel voor de
                                behandeling van de inbreng van de burger.</al></li><li nr="11."><al>De voorzitter kan de deelnemers aan de commissievergadering toestaan
                                aan insprekers een korte verhelderende vraag te stellen. Er vindt
                                geen discussie plaats tussen een inspreker en een deelnemer aan de
                                vergadering.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 18 Geluidregistratie ten behoeve van besluitenlijst</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De griffier draagt zorg voor een geluidregistratie van een
                                vergadering.</al></li><li nr="2."><al>De geluidregistratie wordt ondermeer aangewend ten behoeve van het
                                opstellen van een besluitenlijst van de betreffende
                                vergadering.</al></li><li nr="3."><al>De geluidregistratie wordt weergegeven via de gemeentelijke website.
                            </al></li></lijst><al><vet>Artikel 19 Besluitenlijst </vet></al><al>1. De griffier draagt zorg voor het bijhouden van een presentielijst en de
                        besluitenlijst van de vergadering.</al><al>2. De besluitenlijst van de voorgaande vergadering wordt, zo mogelijk, aan
                        de leden van de raad toegezonden gelijktijdig met de schriftelijke oproep.
                        Het concept wordt gelijktijdig aan de overige personen die het woord gevoerd
                        hebben, toegezonden.</al><al>3. De leden, de voorzitter, de wethouders, de griffier en de secretaris
                        hebben het recht, een voorstel tot verandering aan de commissie te doen,
                        indien de concept-besluitenlijst onjuistheden bevat. Een voorstel tot
                        verandering dient voor de aanvang van de vergadering bij de griffier te
                        worden ingediend.</al><al>4. De besluitenlijst bevat tenminste:</al><al>a. de namen van de voorzitter, de griffier en de ter vergadering aanwezige
                        leden, alsmede van de leden die afwezig waren en van de aanwezige
                        burgemeester en wethouders en overige personen die het woord gevoerd
                        hebben;</al><al>b. een vermelding van de zaken die aan de orde zijn geweest;</al><al>c. het advies dat door de commissie is uitgebacht. </al><al>5. De besluitenlijst wordt in de eerstvolgende vergadering vastgesteld,
                        waarna deze door de voorzitter en de griffier wordt ondertekend.</al><al>6. Voor zover de aard en de inhoud van de besluitvorming zich daartegen niet
                        verzet, wordt de besluitenlijst zo spoedig mogelijk na de vergadering
                        openbaar gemaakt op de in de gemeente gebruikelijke wijze.</al><al><vet>Artikel 20 Spreekregels</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Een lid, de voorzitter, de burgemeester, een wethouder en de
                                secretaris spreken vanaf hun plaats of van de spreekplaats en
                                richten zich tot de voorzitter.</al></li><li nr="2."><al>Bij bijzondere gelegenheden kan de voorzitter bepalen dat de in het
                                eerste lid genoemde personen vanaf een andere plaats spreken.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 21 Volgorde sprekers</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Een lid, de burgemeester, een wethouder of de secretaris, voeren het
                                woord na het aan de voorzitter gevraagd en van hem verkregen te
                                hebben.</al></li><li nr="2."><al>De volgorde van sprekers kan worden gewijzigd, wanneer het woord
                                wordt gevraagd over de orde van de vergadering.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 22 Aantal spreektermijnen</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De beraadslaging over een onderwerp of voorstel geschiedt in ten
                                hoogste twee termijnen, tenzij de raadscommissie anders
                                beslist.</al></li><li nr="2."><al>Elke spreektermijn wordt door de voorzitter afgesloten.</al></li><li nr="3."><al>Een lid mag in een termijn niet meer dan één maal het woord voeren
                                over hetzelfde onderwerp of voorstel.</al></li><li nr="4."><al>Bij de bepaling hoeveel malen een lid over hetzelfde onderwerp of
                                voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het spreken
                                over een voorstel van orde.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 23 Spreektijd</vet></al><al>Een lid kan een voorstel doen over de spreektijd van de leden.</al><al><vet>Artikel 24 Voorstellen van orde</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter en ieder lid kunnen tijdens de vergadering mondeling
                                een voorstel van orde doen, dat kort kan worden toegelicht.</al></li><li nr="2."><al>Een voorstel van orde kan uitsluitend de orde van de vergadering
                                betreffen.</al></li><li nr="3."><al>Over een voorstel van orde beslist de raadscommissie terstond.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 25 Handhaving orde; schorsing</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord, tenzij: </al></li><li nr="2."><al>de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het opvolgen van deze
                                verordening te herinneren; </al></li><li nr="3."><al>een lid hem interrumpeert. De voorzitter kan bepalen dat de spreker
                                zonder verdere interrupties zijn betoog kan afronden.</al></li><li nr="4."><al>Indien een spreker zich beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen
                                veroorlooft, afwijkt van het in behandeling zijnde onderwerp, een
                                andere spreker herhaaldelijk interrumpeert, dan wel anderszins de
                                orde verstoort, wordt hij door de voorzitter tot de orde geroepen.
                                Indien de spreker hieraan geen gevolg geeft, kan de voorzitter hem
                                gedurende de vergadering, waarin zulks plaats heeft, over het
                                aanhangige onderwerp het woord ontzeggen.</al></li><li nr="5."><al>De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering voor een
                                door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de heropening de
                                orde opnieuw wordt verstoord - de vergadering sluiten.</al></li><li nr="6."><al>De voorzitter kan een raadscommissie voorstellen aan een lid dat
                                door zijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert, het
                                verdere verblijf in de vergadering te ontzeggen. Over het voorstel
                                wordt niet beraadslaagd. Na aanneming daarvan verlaat het lid de
                                vergadering onmiddellijk. Zo nodig doet de voorzitter hem
                                verwijderen. Bij herhaling van zijn gedrag kan het lid bovendien
                                voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering worden
                                ontzegd.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 26 Beraadslaging</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De raadscommissie kan op voorstel van de voorzitter of een lid
                                beslissen over één of meer onderdelen van een onderwerp of voorstel
                                afzonderlijk te beraadslagen.</al></li><li nr="2."><al>Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie
                                beslissen de beraadslaging voor een door hem te bepalen tijd te
                                schorsen teneinde het college of de leden de gelegenheid te geven
                                tot onderling nader beraad. De beraadslagingen worden hervat nadat
                                de schorsingsperiode verstreken is.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 27 Deelname aan de beraadslaging door anderen</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De raadscommissie kan bepalen dat anderen mogen deelnemen aan de
                                beraadslaging.</al></li><li nr="2."><al>Een beslissing daartoe wordt op voorstel van de voorzitter of een
                                lid genomen alvorens met de beraadslaging ten aanzien van het aan de
                                orde zijnde agendapunt een aanvang wordt genomen.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 28 Advies</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Wanneer de voorzitter vaststelt, dat een onderwerp of voorstel
                                voldoende is toegelicht, sluit hij de beraadslaging, tenzij de
                                raadscommissie anders beslist.</al></li><li nr="2."><al>Nadat de beraadslaging is gesloten, beslist de raadscommissie of er
                                een advies aan de raad wordt uitgebracht.</al></li><li nr="3."><al>Indien de raadscommissie een advies aan de raad uitbrengt beslissen
                                de leden op voorstel van de voorzitter over de inhoud van het
                                advies.</al></li><li nr="4."><al>In het advies worden de standpunten van alle fracties
                                opgenomen.</al></li></lijst><al/><al><onderstreept>Hoofdstuk 5 Besloten vergadering</onderstreept></al><al><vet>Artikel 29 Algemeen</vet></al><al>Op een besloten vergadering zijn de bepalingen van deze verordening van
                        overeenkomstige toepassing voorzover deze bepalingen niet strijdig zijn met
                        het besloten karakter van de vergadering.</al><al/><al><vet>Artikel 30 Bijwonen raadsleden niet-commissieleden</vet></al><al>Besloten commissievergaderingen mogen door raadsleden niet-commissieleden
                        worden bijgewoond, doch zij mogen niet deelnemen aan de
                        beraadslagingen.</al><al/><al><vet>Artikel 31 Verslag besloten vergadering</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Het verslag van een besloten vergadering wordt niet rondgedeeld,
                                maar ligt uitsluitend voor de leden ter inzage bij de griffier.</al></li><li nr="2."><al>Dit verslag wordt zo spoedig mogelijk in een besloten vergadering
                                ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze vergadering neemt de
                                raadscommissie een beslissing over het al dan niet openbaar maken
                                van het verslag. Het vastgestelde verslag wordt door de voorzitter
                                en de griffier ondertekend.</al></li></lijst><al><vet>Artikel 32 Geheimhouding</vet></al><al>Voor de afloop van de besloten vergadering beslist de raadscommissie
                        overeenkomstig artikel 86, eerste lid, van de Gemeentewet of omtrent de
                        inhoud van de stukken en het verhandelde geheimhouding zal gelden. De
                        raadscommissie kan besluiten de geheimhouding op te heffen.</al><al><vet>Artikel 33 Opheffing geheimhouding</vet></al><al>Indien de raad op grond van artikel 25, derde en vierde lid, van de
                        Gemeentewet voornemens is de geheimhouding op te heffen wordt daarover,
                        indien de raadscommissie die geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt,
                        in een besloten vergadering met de raadscommissie overleg gevoerd.</al><al/><al><onderstreept>Hoofdstuk 6 Toehoorders en pers</onderstreept></al><al><vet>Artikel 34 Toehoorders en pers</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De toehoorders en vertegenwoordigers van de pers kunnen uitsluitend
                                op de voor hen bestemde plaatsen openbare vergaderingen
                                bijwonen.</al></li><li nr="2."><al>Het geven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere wijze
                                verstoren van de orde is verboden.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter is bevoegd, toehoorders die op enigerlei wijze de orde
                                van de vergadering verstoren, te doen vertrekken. Toehoorders die
                                bij herhaling de orde in de vergadering verstoren kan hij voor ten
                                hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering ontzeggen. </al></li></lijst><al><vet>Artikel 35 Geluid- en beeldregistraties</vet></al><al>Degenen die in de vergaderzaal tijdens de vergadering geluid- dan wel
                        beeldregistraties willen maken doen hiervan mededeling aan de voorzitter en
                        gedragen zich naar zijn aanwijzingen.</al><al><vet>Artikel 36 Verbod gebruik mobiele telefoons</vet></al><al>In de vergaderzaal, met inbegrip van de publieke tribune, is tijdens de
                        vergadering het gebruik van mobiele telefoons of andere communicatiemiddelen
                        die inbreuk kunnen maken op de orde van de vergadering zonder toestemming
                        van de voorzitter niet toegestaan.</al><al/><al><onderstreept>Hoofdstuk 7 Slotbepalingen</onderstreept></al><al><vet>Artikel 37 Uitleg verordening</vet></al><al>In de gevallen waarin deze verordening niet voorziet of bij twijfel over de
                        toepassing van de verordening, beslist de raadscommissie op voorstel van de
                            voorzitter.</al><al><vet>Artikel 38 Inwerkingtreding </vet></al><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt met onmiddellijke ingang in werking.</al></li><li nr="2."><al>Op dat tijdstip vervalt de ‘Verordening op de raadscommissies 2002’
                                vastgesteld bij raadsbesluit van 25 april 2002 en laatstelijk
                                gewijzigd bij besluit van 8 april 2010. </al></li></lijst><al>__________________________________________________________________________</al><al/><al/><al/><al/></tekst></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door</ondertekening><ondertekening>de raad van de gemeente Rucphen</ondertekening><ondertekening>in zijn openbare vergadering van 31 maart 2011 </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>mr. M. van der Meer Mohr.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>de griffier,</ondertekening><ondertekening>drs. R.A.F. van Pareren.</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>