<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR162590_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening leerlingenvervoer gemeente Tilburg 2012</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Tilburg</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Tilburg</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">, Gemeenteblad, 2012, 14</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening leerlingenvervoer gemeente Tilburg 2012</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet op het primair onderwijs, art. 4</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet op het voortgezet onderwijs, art. 4</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet op de expertisecentra, art. 4</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>onderwijs</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-04-16</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2012-04-21</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2012-04-16</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2013-04-28</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2012/026</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>1.Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze verordening vervangt de Verordening leerlingenvervoer gemeente Tilburg 2011.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening leerlingenvervoer gemeente Tilburg 2012</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Besluit:</vet></al><al/><al>vast te stellen de </al><al><vet>Verordening leerlingenvervoer gemeente Tilburg 2012 </vet></al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>TITEL 1: ALGEMENE BEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1:</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder</al><lijst><li nr="a."><al>school:</al><lijst><li nr="-"><al>een basisschool of speciale school voor basisonderwijs
                                            als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs (Stb.
                                            1998, 495);</al></li><li nr="-"><al>een school voor speciaal onderwijs of speciaal en
                                            voortgezet speciaal onderwijs of voortgezet speciaal
                                            onderwijs als bedoeld in de Wet op de expertisecentra
                                            (Stb. 1998, 496);</al></li><li nr="-"><al>een school voor voortgezet onderwijs als bedoeld in de
                                            Wet op het voortgezet onderwijs (Stb. 1998, 512);</al></li></lijst></li><li nr="b."><al>ouders: de ouders, voogden of verzorgers van de leerling;</al></li><li nr="c."><al>leerling: een leerling van een school als bedoeld onder a;</al></li><li nr="d."><al>woning: de plaats waar de leerling structureel en feitelijk
                                    verblijft;</al></li><li nr="e."><al>afstand: de afstand tussen de woning en de school, gemeten langs
                                    de kortste voor de leerling voldoende begaanbare en veilige
                                    weg;</al></li><li nr="f."><al>vervoer: openbaar vervoer, aangepast vervoer of eigen vervoer
                                    tussen de woning dan wel de opstapplaats en de school dat
                                    plaatsvindt in aansluiting op het begin en einde van de
                                    schooldag volgens de schoolgids, tenzij de structurele handicap
                                    van een leerplichtige leerling die aansluiting onmogelijk
                                    maakt;</al></li><li nr="g."><al>openbaar vervoer: voor een ieder openstaand personenvervoer
                                    volgens een dienstregeling per trein, metro, tram, bus,
                                    veerdienst of auto;</al></li><li nr="h."><al>aangepast vervoer: vervoer per besloten (school)busvervoer,
                                    taxi, treintaxi of bustaxi;</al></li><li nr="i."><al>eigen vervoer: vervoer per eigen motorvoertuig, bromfiets of
                                    fiets;</al></li><li nr="j."><al>reistijd: de totale tijdsduur die ligt tussen het verlaten van
                                    de woning en de aanvang van de schooldag volgens de schoolgids,
                                    minus maximaal 15 minuten indien en voor zover de leerling het
                                    schoolgebouw met bijbehorend terrein gewoonlijk eerder bereikt
                                    dan de schoolgids aangeeft, dan wel de totale tijdsduur die ligt
                                    tussen het einde van de schooldag volgens de schoolgids, een
                                    eventuele wachttijd, en de aankomst bij de woning;</al></li><li nr="k."><al>toegankelijke school:</al><lijst><li nr="-"><al>voor wat betreft basisscholen en speciale scholen voor
                                            basisonderwijs: de basisschool van de verlangde
                                            godsdienstige of levensbeschouwelijke richting dan wel
                                            de openbare school of de speciale school voor
                                            basisonderwijs waarop de leerling is aangewezen van de
                                            verlangde godsdienstige of levensbeschouwelijke richting
                                            dan wel de openbare school;</al></li><li nr="-"><al>voor wat betreft scholen voor (voortgezet) speciaal
                                            onderwijs en scholen voor voortgezet onderwijs: de
                                            school van de soort waarop de leerling is aangewezen van
                                            de verlangde godsdienstige of levensbeschouwelijke
                                            richting dan wel de openbare school van de soort waarop
                                            de leerling is aangewezen;</al></li></lijst></li><li nr="l."><al>inkomen: het ingevolge de Wet op de inkomstenbelasting 2001
                                    (Stb. 2000, 215) vastgestelde gecorrigeerde verzamelinkomen van
                                    de ouders in het tweede kalenderjaar voorafgaande aan het
                                    schooljaar waarvoor bekostiging van de vervoerskosten wordt
                                    gevraagd;;</al></li><li nr="m."><al>opstapplaats: plaats aangewezen door het college, vanaf waar de
                                    leerling gebruik kan maken van het vervoer;</al></li><li nr="n."><al>commissie voor de begeleiding: de commissie die is ingesteld
                                    door het bevoegd gezag van een school als bedoeld in artikel 1
                                    van de Wet op de expertisecentra, niet zijnde een instelling, of
                                    de bevoegde gezagsorganen van twee of meer scholen als bedoeld
                                    in artikel 1 van de Wet op de expertisecentra, niet zijnde
                                    instellingen, die hetzelfde expertisecentrum in stand
                                    houde;</al></li><li nr="o."><al>vervoersvoorziening: een gehele of gedeeltelijke bekostiging van
                                    de door het college noodzakelijk geachte vervoerkosten van de
                                    leerling en zo nodig diens begeleider, of bekostiging van de
                                    goedkoopst mogelijke wijze van openbaar vervoer voor de leerling
                                    en zo nodig diens begeleider, of aanbieding van aangepast
                                    vervoer dat de gemeente verzorgt of doet verzorgen;</al></li><li nr="p."><al>permanente commissie leerlingenzorg: de commissie als bedoeld in
                                    artikel 23 van de Wet op het primair onderwijs;</al></li><li nr="q."><al>samenwerkingsverband: het samenwerkingsverband als bedoeld in
                                    artikel 18 van de Wet op het primair onderwijs;</al></li><li nr="r."><al>regionale verwijzingscommissie: de commissie als bedoeld in
                                    artikel 10 g van de Wet op het voortgezet onderwijs;</al></li><li nr="s."><al>ambulante begeleiding: de begeleiding door een personeelslid van
                                    een school of instelling als bedoeld in artikel 1 van de Wet op
                                    de expertisecentra van leerlingen die zijn geplaatst op een
                                    basisschool of leerlingen die zijn geplaatst op een school voor
                                    voortgezet onderwijs en die naar het oordeel van het bevoegd
                                    gezag zonder die begeleiding zouden zijn aangewezen op het
                                    speciaal onderwijs of het voortgezet speciaal onderwijs;</al></li><li nr="t."><al>commissie voor de indicatiestelling: de commissie als bedoeld in
                                    artikel 28 c van de Wet op de expertisecentra.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2:</nr><titel>Bekostiging van de door het college noodzakelijk te achten
                                vervoerskosten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Ten behoeve van het schoolbezoek kent het college aan de ouders van
                                in de gemeente verblijvende leerlingen op aanvraag een
                                vervoersvoorziening toe met inachtneming van het bepaalde in deze
                                verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien het college toepassing geeft aan het eerste lid, verlangt zij
                                van de ouders aan wie slechts een gedeeltelijke bekostiging van de
                                vervoerskosten toekomt, betaling van een bijdrage tot ten hoogste
                                het bedrag dat de ouders volgens het bepaalde in deze verordening
                                moeten bijdragen aan de kosten van het vervoer. Weigering tot of
                                nalatigheid in de betaling van de in de vorige volzin bedoelde
                                bijdrage doet de aanspraak op bekostiging vervallen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De bepalingen in deze verordening laten onverlet de
                                verantwoordelijkheid van de ouders voor het schoolbezoek van hun
                                kinderen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien de leerling meerderjarig en handelingsbekwaam is, wordt de
                                bekostiging op aanvraag verstrekt aan de leerling.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3:</nr><titel>Bekostiging naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bekostiging van de vervoerskosten wordt toegekend over de afstand
                                tussen de woning dan wel de opstapplaats en de dichtstbijzijnde voor
                                de leerling toegankelijke school, tenzij vervoer naar een verder
                                weggelegen school voor de gemeente minder kosten met zich mee zou
                                brengen en de ouders met het vervoer naar die school schriftelijk
                                instemmen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien ouders bekostiging van de vervoerskosten aanvragen voor het
                                bezoeken van een school, die op grotere afstand van de woning is
                                gelegen dan in artikel 11 of 15 is bepaald, terwijl een of meer
                                scholen van dezelfde onderwijssoort dichterbij de woning zijn
                                gelegen, ontstaat slechts aanspraak op bekostiging naar
                                eerstgenoemde school als door de ouders schriftelijk wordt verklaard
                                dat zij overwegende bezwaren hebben tegen het openbaar onderwijs dan
                                wel tegen de richting van het onderwijs van alle bijzondere scholen,
                                van de soort waarop de leerling is aangewezen, die dichterbij de
                                woning zijn gelegen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4:</nr><titel>Uitbetaling van de bekostiging</titel></kop><al>Het college bepaalt bij het verstrekken van bekostiging van de
                            vervoerskosten de wijze en het tijdstip van de uitbetaling, alsmede de
                            tijdsduur van de verstrekte bekostiging.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5:</nr><titel>Aanvraagprocedure</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aanvraag voor bekostiging van de vervoerskosten wordt gedaan
                                door indiening bij het college van een volledig ingevuld en door de
                                ouders ondertekend formulier, voorzien van de op het formulier
                                vermelde gegevens.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvraag wordt, indien het een aanvraag voor het eerstvolgende
                                schooljaar betreft, voor 1 juni voorafgaand aan dat schooljaar
                                ingediend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien dit voor een juiste beoordeling van de aanvraag noodzakelijk
                                is, kan het college de ouders verzoeken aanvullende gegevens te
                                verstrekken.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college besluit over de aanvraag binnen acht weken na ontvangst
                                van alle benodigde gegevens.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het college kan het in het vorige lid bedoelde besluit met ten
                                hoogste vier weken verdagen. Het stelt de aanvrager hiervan
                                schriftelijk in kennis.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Indien een vervoersvoorziening wordt toegekend wordt deze
                                getroffen:</al><lijst><li nr="a."><al>met ingang van het nieuwe schooljaar indien de aanvraag voor
                                        1 juni is ingediend;</al></li><li nr="b."><al>met ingang van de door de ouders verzochte datum als het een
                                        aanvraag gedurende het schooljaar betreft, met dien
                                        verstande dat de datum waarop bekostiging wordt verstrekt
                                        niet ligt voor de datum van ontvangst van de aanvraag door
                                        het college.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6:</nr><titel>Doorgeven van wijzigingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De ouders zijn verplicht wijzigingen, die van invloed kunnen zijn op
                                de verstrekte bekostiging van de vervoerskosten, onder vermelding
                                van de datum van wijziging, onverwijld schriftelijk mede te delen
                                aan het college.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien sprake is van een wijziging die van invloed is op de
                                verstrekte bekostiging, vervalt de aanspraak op bekostiging en
                                verstrekt het college al dan niet opnieuw bekostiging van de
                                vervoerskosten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de ouders niet voldoen aan het bepaalde in het eerste lid, en
                                het college een wijziging als bedoeld in het tweede lid vaststelt,
                                waardoor blijkt dat ten onrechte bekostiging is verstrekt, vervalt
                                de aanspraak op bekostiging van de vervoerskosten terstond en
                                verstrekt het college al dan niet opnieuw bekostiging van de
                                vervoerskosten. Het college deelt zijn besluit schriftelijk mee aan
                                de ouders.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Ten onrechte genoten bekostiging kan van de ouders worden
                                teruggevorderd, dan wel worden verrekend bij een eventuele nieuwe
                                verstrekking van bekostiging.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7:</nr><titel>Peildatum leeftijd leerling</titel></kop><al>Voor het verstrekken van bekostiging op basis van artikel 12 is bepalend
                            de leeftijd van de leerling op 1 augustus van het schooljaar waarop de
                            bekostiging betrekking heeft.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8:</nr><titel>Andere vergoedingen</titel></kop><al>De aanspraak op bekostiging wordt verminderd met de aanspraak op een
                            toelage, voor zover die voor de betreffende leerling betrekking heeft op
                            de reiskosten.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>TITEL 2: BEPALINGEN OMTRENT HET VERVOER VAN DE (NIET-GEHANDICAPTE)
                            LEERLINGEN VAN SCHOLEN VOOR PRIMAIR ONDERWIJS</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9:</nr><titel>Bekostiging naar de dichtstbijzijnde toegankelijke speciale
                                school voor basisonderwijs in het samenwerkingsverband</titel></kop><al>Met inachtneming van het bepaalde in artikel 3 wordt bekostiging
                            verstrekt van de kosten van het vervoer over de afstand tussen de woning
                            dan wel de opstapplaats en:</al><lijst><li nr="a."><al>de dichtstbijzijnde voor de leerling toegankelijke speciale
                                    school voor basisonderwijs in het samenwerkingsverband van de
                                    basisschool waarvan de leerling afkomstig is, of</al></li><li nr="b."><al>een andere speciale school voor basisonderwijs in het onder a.
                                    bedoelde samenwerkingsverband, indien het vervoer naar die
                                    school voor de gemeente minder kosten met zich mee zou brengen
                                    dan het vervoer naar de speciale school voor basisonderwijs,
                                    bedoeld onder a..</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10:</nr><titel>Permanente commissie leerlingenzorg</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien het college de gevraagde voorziening ten behoeve van een
                                leerling op een school voor primair onderwijs niet of slechts
                                gedeeltelijk toekent, dient het bij de beschikking de beslissing te
                                betrekken van de permanente commissie leerlingenzorg over de
                                toelating van de leerling op een speciale school voor
                                basisonderwijs.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college betrekt bij de beoordeling van de aanvraag voor
                                leerlingenvervoer eventuele adviezen van de permanente commissie
                                leerlingenzorg die voor de beoordeling van die aanvraag van belang
                                zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11:</nr><titel>Bekostiging van de kosten van openbaar vervoer en vervoer per
                                fiets</titel></kop><al><vet>1</vet>. Het college verstrekt aan de ouders van de leerling die
                            een school voor basisonderwijs of een speciale school voor
                            basisonderwijs bezoekt bekostiging op basis van de kosten van het
                            openbaar vervoer, indien de afstand van de woning naar de
                            dichtstbijzijnde voor hem toegankelijke school meer dan zes km
                            bedraagt.</al><al><vet>2.</vet> In afwijking van het eerste lid verstrekt het college de
                            ouders bekostiging op basis van de kosten van het vervoer per fiets,
                            indien de leerling naar het oordeel van het college, al dan niet onder
                            begeleiding, gebruik kan maken van het vervoer per fiets.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12:</nr><titel>Bekostiging van de kosten van vervoer ten behoeve van een
                                begeleider</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in artikel 11,
                                bekostigt het college tevens de daarin bedoelde kosten ten behoeve
                                van 1 begeleider, indien de leerling jonger dan tien jaar is, en
                                door de ouders ten behoeve van het college genoegzaam wordt
                                aangetoond dat de leerling niet in staat is zelfstandig van het
                                openbaar vervoer of de fiets gebruik te maken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien een begeleider meer dan één leerling tegelijk begeleidt,
                                komen slechts de kosten van het vervoer ten behoeve van één
                                begeleider voor bekostiging in aanmerking.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13:</nr><titel>Bekostiging op basis van de kosten van aangepast vervoer</titel></kop><al>Het college verstrekt bekostiging op basis van de kosten van aangepast
                            vervoer aan de ouders van de leerling die een school voor basisonderwijs
                            of een speciale school voor basisonderwijs bezoekt, indien voldaan wordt
                            aan het afstandscriterium van artikel 11, en</al><lijst><li nr="a."><al>de leerling met gebruikmaking van openbaar vervoer naar school
                                    of terug, meer dan anderhalf uur onderweg is en de reistijd met
                                    aangepast vervoer tot 50% of minder van de reistijd per openbaar
                                    vervoer kan worden teruggebracht, of:</al></li><li nr="b."><al>de ouders tegenover het college genoegzaam aantonen dat de
                                    leerling niet in staat is zelfstandig van het openbaar vervoer
                                    gebruik te maken en begeleiding van de leerling onmogelijk
                                    blijkt, dan wel tot ernstige benadeling van het gezin zou
                                    leiden; of:</al></li><li nr="c."><al>openbaar vervoer ontbreekt, tenzij de leerling naar het oordeel
                                    van het college al dan niet onder begeleiding gebruik kan maken
                                    van het vervoer per fiets.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14:</nr><titel>Bekostiging op basis van de kosten van eigen vervoer</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien aanspraak bestaat op bekostiging van de vervoerskosten,
                                    kan het college de ouders op aanvraag toestaan een of meer
                                    leerlingen zelf te vervoeren of te laten vervoeren.</al></li><li nr="2."><al>Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is
                                    verleend, bekostigt het college aan de ouders die een leerling
                                    zelf vervoeren, dan wel laten vervoeren:</al><lijst><li nr="a."><al>een bedrag op basis van de kosten van het openbaar
                                            vervoer, indien aanspraak zou bestaan op bekostiging op
                                            basis van de kosten van het openbaar vervoer, behoudens
                                            het bepaalde in het vijfde lid;</al></li><li nr="b."><al>een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de
                                            auto, afgeleid van de Reisregeling binnenland, indien
                                            aanspraak zou bestaan op bekostiging van de kosten van
                                            aangepast vervoer, behoudens het bepaalde in het vierde
                                            lid.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is
                                    verleend, bekostigt het college aan de ouders die meer dan een
                                    leerling tegelijk zelf vervoeren, dan wel laten vervoeren, een
                                    bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de auto
                                    afgeleid van de Reisregeling binnenland, behoudens het bepaalde
                                    in het vierde lid.</al></li><li nr="4."><al>Aan de ouders die een of meer leerlingen laten vervoeren door
                                    andere ouders die van gemeentewege voor het vervoer van een of
                                    meer leerlingen bekostiging ontvangen afgeleid van de
                                    Reisregeling binnenland, wordt door het college geen bekostiging
                                    verstrekt.</al></li><li nr="5."><al>Indien aanspraak bestaat op bekostiging van de vervoerskosten en
                                    het college desgewenst toestaat, dan wel van oordeel is, dat de
                                    leerling gebruik kan maken van het vervoer per fiets, bekostigt
                                    het college aan de ouders een bedrag op basis van een
                                    kilometervergoeding voor de fiets, afgeleid van de Reisregeling
                                    binnenland.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>TITEL 3: BEPALINGEN OMTRENT HET VERVOER VAN DE LEERLINGEN VAN SCHOLEN
                            VOOR (VOORTGEZET) SPECIAAL ONDERWIJS</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15:</nr><titel>Bekostiging van de kosten van openbaar vervoer en vervoer per
                                fiets</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college verstrekt aan de ouders van de leerling die een school
                                voor (voortgezet) speciaal onderwijs bezoekt, bekostiging op basis
                                van de kosten van het openbaar vervoer, indien de afstand van de
                                woning naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school meer dan zes
                                kilometer bedraagt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid verstrekt het college de ouders
                                bekostiging op basis van de kosten van het vervoer per fiets dan wel
                                bromfiets, indien de leerling naar het oordeel van het college, al
                                dan niet onder begeleiding, gebruik kan maken van het vervoer per
                                fiets, dan wel zelfstandig gebruik kan maken van het vervoer per
                                bromfiets.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15a:</nr><titel>Bekostiging naar de dichtstbijzijnde toegankelijke cluster 4 als
                                bedoeld in de WEC</titel></kop><al>Met inachtneming van het bepaalde in artikel 3 geldt voor de leerling
                            die een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs uit cluster 4
                            bezoekt als dichtstbijzijnde toegankelijke school, de school die door de
                            commissie voor de indicatiestelling is geadviseerd. Dit is van
                            toepassing zolang de leerling zijn woonplaats heeft in het gebied van
                            het regionale expertisecentrum waaraan voornoemde commissie is
                            verbonden. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16:</nr><titel>Commissie voor de begeleiding</titel></kop><al>Indien het college de gevraagde voorziening ten behoeve van een leerling
                            op een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs niet of slechts
                            gedeeltelijk toekent, dient het bij de beschikking het advies van de
                            commissie voor de begeleiding of het advies van andere deskundigen te
                            betrekken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17:</nr><titel>Bekostiging van de kosten van openbaar vervoer ten behoeve van
                                een begeleider</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in artikel 15,
                                bekostigt het college tevens de daarin bedoelde kosten ten behoeve
                                van een begeleider, indien door de ouders ten behoeve van het
                                college genoegzaam wordt aangetoond dat de leerling, gelet op zijn
                                lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke handicap of leeftijd,
                                niet in staat is zelfstandig van het openbaar vervoer of de fiets
                                gebruik te maken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien het college de in het vorige lid bedoelde aanvraag niet of
                                slechts gedeeltelijk toekent, dient het bij de beschikking het
                                advies van de commissie voor de begeleiding of het advies van andere
                                deskundigen te betrekken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien een begeleider meer dan een leerling tegelijk begeleidt,
                                komen slechts de kosten van het openbaar vervoer ten behoeve van een
                                begeleider voor bekostiging in aanmerking.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18:</nr><titel>Bekostiging op basis van de kosten van aangepast vervoer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college verstrekt bekostiging op basis van de kosten van
                                aangepast vervoer aan de ouders van de leerling die een school voor
                                (voortgezet) speciaal onderwijs bezoekt, indien voldaan wordt aan
                                het afstandscriterium van artikel 15, en</al><lijst><li nr="a."><al>de leerling met gebruikmaking van openbaar vervoer naar
                                        school of terug, meer dan anderhalf uur onderweg is en de
                                        reistijd met aangepast vervoer tot 50% of minder van de
                                        reistijd per openbaar vervoer kan worden teruggebracht,
                                        of:</al></li><li nr="b."><al>de ouders tegenover het college genoegzaam aantonen dat de
                                        leerling niet in staat is zelfstandig van het openbaar
                                        vervoer gebruik te maken en begeleiding van de leerling
                                        onmogelijk blijkt, dan wel tot ernstige benadeling van het
                                        gezin zou leiden; of:</al></li><li nr="c."><al>openbaar vervoer ontbreekt, tenzij de leerling naar het
                                        oordeel van het college al dan niet onder begeleiding
                                        gebruik kan maken van het vervoer per fiets, dan wel
                                        zelfstandig gebruik kan maken van het vervoer per
                                        bromfiets.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Indien het college de in het vorige lid bedoelde aanvraag niet of
                                slechts gedeeltelijk toekent, dient het bij de beschikking het
                                advies van de commissie voor de begeleiding of het advies van andere
                                deskundigen te betrekken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19:</nr><titel>Bekostiging op basis van de kosten van eigen vervoer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien aanspraak bestaat op bekostiging van de vervoerskosten, kan
                                het college de ouders op aanvraag toestaan een of meer leerlingen
                                zelf te vervoeren of te laten vervoeren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is
                                verleend, bekostigt het college aan de ouders die een leerling zelf
                                vervoeren, dan wel laten vervoeren:</al><lijst><li nr="a."><al>een bedrag op basis van de kosten van het openbaar vervoer,
                                        indien aanspraak zou bestaan op bekostiging op basis van de
                                        kosten van het openbaar vervoer, behoudens het bepaalde in
                                        het vijfde lid;</al></li><li nr="b."><al>een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de
                                        auto, afgeleid van de Reisregeling binnenland, indien
                                        aanspraak zou bestaan op bekostiging van de kosten van
                                        aangepast vervoer, behoudens het bepaalde in het vierde
                                        lid.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is
                                verleend, verstrekt het college aan de ouders die meer dan één
                                leerling tegelijk zelf vervoeren, dan wel laten vervoeren,
                                bekostiging van een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor
                                de auto, afgeleid van de Reisregeling Binnenland, behoudens het
                                bepaalde in het vierde lid.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Aan de ouders die een of meer leerlingen laten vervoeren door andere
                                ouders die van gemeentewege voor het vervoer van een of meer
                                leerlingen bekostiging ontvangen afgeleid van de Reisregeling
                                binnenland, wordt door het college geen bekostiging verstrekt.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien aanspraak bestaat op bekostiging van de vervoerskosten en het
                                college desgewenst toestaat, dan wel van oordeel is, dat de leerling
                                gebruik kan maken van het vervoer per fiets of bromfiets, verstrekt
                                het college aan de ouders bekostiging van een bedrag op basis van
                                een kilometervergoeding voor de fiets dan wel bromfiets, afgeleid
                                van de Reisregeling binnenland.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20:</nr><titel>Bekostiging vervoerskosten van gehandicapte leerlingen voor
                                scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college verstrekt eveneens bekostiging op basis van de
                                    kosten van aangepast vervoer aan de ouders van de leerling die
                                    een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs bezoekt, indien
                                    het college van oordeel is dat de lichamelijke, verstandelijke
                                    of zintuiglijke handicap van de leerling dat vereist. </al></li><li nr="2."><al>Indien het college de in het vorige lid bedoelde aanvraag niet
                                    of slechts gedeeltelijk toekent, dient het bij de beschikking
                                    het advies van de commissie voor de begeleiding of het advies
                                    van andere deskundigen te betrekken.</al></li><li nr="3."><al>Indien aanspraak bestaat op bekostiging van de vervoerskosten
                                    zoals bedoeld in het eerste lid, is artikel 19 van
                                    toepassing.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>TITEL 4: BEPALINGEN OMTRENT WEEKEND- EN VAKANTIEVERVOER</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21:</nr><titel>Bekostiging van de kosten van het weekend- en vakantievervoer aan
                                de in de gemeente wonende ouders</titel></kop><al>Het college bekostigt desgewenst de kosten van het weekend- en
                            vakantievervoer aan de in de gemeente wonende ouders van de leerling
                            die, met het oog op het volgen van voor hem passend (voortgezet)
                            speciaal onderwijs in een internaat of pleeggezin verblijft, volgens het
                            bepaalde in deze Titel.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22:</nr><titel>Bekostiging kosten weekend- en vakantievervoer</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college verstrekt aan de ouders bekostiging van de kosten
                                    van het weekendvervoer van de leerling voor de, eenmaal per
                                    weekeinde gemaakte, reis van het internaat of het pleeggezin
                                    waar de leerling verblijft, naar de woning van de ouders en
                                    terug, voor zover de weekeinden niet vallen binnen de in het
                                    tweede lid bedoelde schoolvakanties.</al></li><li nr="2."><al>Het college bekostigt de kosten van het vakantievervoer van de
                                    leerling voor de, eenmaal per schoolvakantie van twee dagen of
                                    meer, gemaakte reis van het internaat of het pleeggezin waar de
                                    leerling verblijft, naar de woning van de ouders en terug, voor
                                    zover de vakantie voorkomt in de schoolgids van de school die de
                                    leerling bezoekt.</al></li><li nr="3."><al>Titel 3 van deze verordening is van overeenkomstige toepassing,
                                    met uitzondering van artikel 16, artikel 17, tweede lid, artikel
                                    18, eerste lid onder a, artikel 18, derde lid), en artikel
                                    20.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>TITEL 5: EIGEN BIJDRAGE EN BEKOSTIGING NAAR FINANCIËLE
                            DRAAGKRACHT</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23:</nr><titel>Drempelbedrag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aan de ouders van een leerling die een school voor basisonderwijs of
                                een speciale school voor basisonderwijs bezoekt, van wie het inkomen
                                tezamen meer bedraagt dan € 23.850,-, wordt slechts bekostiging
                                verstrekt voor zover de kosten van het vervoer van die leerling de
                                kosten van het openbaar vervoer over de in artikel 11 bepaalde
                                afstand te boven gaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In geval het college in plaats van bekostiging in geld toe te kennen
                                het vervoer zelf verzorgt dan wel doet verzorgen, betalen de ouders
                                van een leerling die een school voor basisonderwijs of een speciale
                                school voor basisonderwijs bezoekt, per leerling per schooljaar een
                                eigen bijdrage die gelijk is aan de kosten van het openbaar vervoer
                                over de in artikel 11 bepaalde afstand, indien het inkomen van de
                                ouders meer bedraagt dan € 23.850,-.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De kosten voor openbaar vervoer, genoemd in het eerste en tweede
                                lid, betreffen de kosten van openbaar vervoer die op grond OV
                                chipkaart voor de afstand redelijkerwijs zouden worden gemaakt,
                                ongeacht de aanwezigheid van openbaar vervoer of het daadwerkelijk
                                gebruik ervan. Bij het bepalen van de "geldende kosten" wordt
                                rekening gehouden met de kortingen die voor leerling en begeleider
                                binnen het systeem kunnen gelden. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het bedrag van € 23.850,-, genoemd in het eerste en tweede lid,
                                wordt met ingang van het schooljaar 2013-2014 jaarlijks aangepast
                                aan de wijziging die het indexcijfer van de regelingslonen van
                                volwassen werknemers heeft ondergaan ten opzichte van het
                                voorafgaande jaar en rekenkundig afgerond op een veelvoud van €
                                450,-. Het aangepaste bedrag treedt in plaats van het in het eerste
                                en tweede lid genoemde bedrag van € 23.850,-.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Deze bepaling is niet van toepassing op de leerling voor wie
                                ingevolge Titel 6 een vervoersvoorziening is verstrekt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24:</nr><titel>Financiële draagkracht</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien de afstand van de woning naar de dichtstbijzijnde
                                    toegankelijke school voor basisonderwijs meer dan 20 km
                                    bedraagt, wordt de vastgestelde bekostiging verminderd met een
                                    van de financiële draagkracht van de ouders afhankelijk
                                    bedrag.</al></li><li nr="2."><al>In geval het college in plaats van bekostiging in geld toe te
                                    kennen het vervoer zelf verzorgt dan wel doet verzorgen, en de
                                    afstand van de woning naar de dichtstbijzijnde toegankelijke
                                    school voor basisonderwijs meer dan 20 km bedraagt, betalen de
                                    ouders een van de financiële draagkracht afhankelijke bijdrage
                                    tot ten hoogste het bedrag van de kosten van het vervoer.</al></li><li nr="3."><al>De hoogte van het bedrag als bedoeld in het eerste lid en de
                                    bijdrage als bedoeld in het tweede lid worden berekend per gezin
                                    en zijn afhankelijk van de hoogte van het gecorrigeerde
                                    verzamelinkomen van de ouders in de zin van de Wet op de
                                    inkomstenbelasting 2001. </al></li></lijst><al>Zij bedragen: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="53*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="47*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Inkomen in euro’s</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Eigen bijdragen in euro’s</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>0 – 32.000</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Nihil</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>32.000 – 38.500</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>125</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>38.500– 44.500</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>525</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>44.500 – 50.000</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>970</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>50.000 – 57.000</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>1.420</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>57.000 – 63.000</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>1.875</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>63.000 en verder</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Voor elke extra € 5.000 komt er € 460
                                                bij</vet></al></entry></row></tbody></tgroup></table><lijst><li nr="4."><al>De inkomensbedragen, genoemd in het derde lid, worden met ingang
                                    van het schooljaar 2013-2014 jaarlijks aangepast aan de
                                    wijziging die het indexcijfer van de regelingslonen van
                                    volwassen werknemers heeft ondergaan ten opzichte van 1 januari
                                    van het voorafgaande jaar, en rekenkundig afgerond op een
                                    veelvoud van € 500,-.</al></li><li nr="5."><al>De bedragen van de eigen bijdrage, bedoeld in het derde lid,
                                    worden met ingang van 1 januari 2013 jaarlijks aangepast aan de
                                    wijziging die het consumentenprijsindexcijfer van de reeks alle
                                    huishoudens op het onderdeel vervoersdiensten heeft ondergaan
                                    ten opzichte van 1 januari van het voorafgaande jaar, en
                                    rekenkundig afgerond op een veelvoud van € 5,-.</al></li><li nr="6."><al>Deze bepaling is niet van toepassing op de leerling voor wie
                                    ingevolge Titel 6 een vervoersvoorziening is verstrekt.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>TITEL 6: BEPALINGEN OMTRENT HET VERVOER VAN GEHANDICAPTE LEERLINGEN
                            VAN SCHOLEN VOOR PRIMAIR ONDERWIJS EN VOORTGEZET ONDERWIJS</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25:</nr><titel>Bekostiging op basis van de kosten van openbaar vervoer met
                                begeleiding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Met inachtneming van het bepaalde in artikel 3 verstrekt het college
                                bekostiging op basis van de kosten van openbaar vervoer met
                                begeleiding aan de ouders van de leerling die een basisschool,
                                speciale school voor basisonderwijs of een school voor voortgezet
                                onderwijs bezoekt en die vanwege een lichamelijke, verstandelijke of
                                zintuiglijke handicap niet zelfstandig van het openbaar vervoer
                                gebruik kan maken. Ten aanzien van een leerling van een speciale
                                school voor basisonderwijs neemt het college artikel 9 in acht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien het college de in het vorige lid bedoelde aanvraag niet of
                                slechts gedeeltelijk toekent, dient het c<vet>o</vet>llege bij de
                                beschikking het advies van de Permanente Commissie Leerlingenzorg,
                                de ambulante begeleider of het advies van andere deskundigen te
                                betrekken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien een begeleider meer dan een leerling tegelijk begeleidt,
                                komen slechts de kosten van het openbaar vervoer ten behoeve van één
                                begeleider voor bekostiging in aanmerking.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid verstrekt het college de ouders
                                bekostiging op basis van de kosten van het vervoer per fiets dan wel
                                bromfiets, indien de leerling naar het oordeel van het college, al
                                dan niet onder begeleiding, gebruik kan maken van het vervoer per
                                fiets, dan wel zelfstandig gebruik kan maken van het vervoer per
                                bromfiets.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26:</nr><titel>Bekostiging op basis van kosten van aangepast vervoer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college verstrekt bekostiging op basis van de kosten van
                                aangepast vervoer aan de ouders van de leerling die een basisschool,
                                speciale school voor basisonderwijs of een school voor voortgezet
                                onderwijs bezoekt, indien</al><lijst><li nr="a."><al>de leerling, naar het oordeel van het college, gelet op zijn
                                        lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke handicap niet
                                        in staat is – ook niet onder begeleiding - van openbaar
                                        vervoer gebruik te maken. Ten aanzien van een leerling van
                                        een speciale school voor basisonderwijs neemt het college
                                        artikel 9 in acht. of:</al></li><li nr="b."><al>aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in artikel 25
                                        en de leerling met gebruikmaking van openbaar vervoer naar
                                        school of terug, meer dan anderhalf uur onderweg is en de
                                        reistijd met aangepast vervoer tot 50% of minder van de
                                        reistijd per openbaar vervoer kan worden teruggebracht,
                                        of:</al></li><li nr="c."><al>de ouders tegenover het college genoegzaam aantonen dat de
                                        leerling niet in staat is zelfstandig van het openbaar
                                        vervoer gebruik te maken en begeleiding van de leerling
                                        onmogelijk blijkt, dan wel tot ernstige benadeling van het
                                        gezin zou leiden; of:</al></li><li nr="d."><al>aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in artikel 25
                                        en openbaar vervoer ontbreekt, tenzij de leerling naar het
                                        oordeel van het college al dan niet onder begeleiding
                                        gebruik kan maken van het vervoer per fiets, dan wel
                                        zelfstandig gebruik kan maken van het vervoer per
                                        bromfiets.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien het college de in het vorige lid bedoelde aanvraag niet of
                                slechts gedeeltelijk toekent, dient het bij de beschikking het
                                advies van de permanente commissie leerlingenzorg, de ambulante
                                begeleider of het advies van andere deskundigen te betrekken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27:</nr><titel>Bekostiging op basis van de kosten van eigen vervoer</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien aanspraak bestaat op bekostiging van de vervoerskosten,
                                    kan het college de ouders op aanvraag toestaan een of meer
                                    leerlingen zelf te vervoeren of te laten vervoeren.</al></li><li nr="2."><al>Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is
                                    verleend, bekostigt het college aan de ouders die een leerling
                                    zelf vervoeren, dan wel laten vervoeren:</al><lijst><li nr="a."><al>een bedrag op basis van de kosten van het openbaar
                                            vervoer met begeleiding, indien aanspraak zou bestaan op
                                            bekostiging op basis van de kosten van het openbaar
                                            vervoer, behoudens het bepaalde in het vijfde lid;</al></li><li nr="b."><al>een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de
                                            auto, afgeleid van de Reisregeling binnenland, indien
                                            aanspraak zou bestaan op bekostiging van de kosten van
                                            aangepast vervoer, behoudens het bepaalde in het vierde
                                            lid.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is
                                    verleend, verstrekt het college aan de ouders die meer dan een
                                    leerling tegelijk zelf vervoeren, dan wel laten vervoeren,
                                    bekostiging van een bedrag op basis van een kilometervergoeding
                                    voor de auto, afgeleid van de Reisregeling Binnenland, behoudens
                                    het bepaalde in het vierde lid.</al></li><li nr="4."><al>Aan de ouders die een of meer leerlingen laten vervoeren door
                                    andere ouders die van gemeentewege voor het vervoer van een of
                                    meer leerlingen bekostiging ontvangen afgeleid van de
                                    Reisregeling binnenland, wordt door het college geen bekostiging
                                    verstrekt.</al></li><li nr="5."><al>Indien aanspraak bestaat op bekostiging van de vervoerskosten en
                                    het college desgewenst toestaat, dan wel van oordeel is, dat de
                                    leerling gebruik kan maken van het vervoer per fiets of
                                    bromfiets, verstrekt het college aan de ouders bekostiging van
                                    een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de fiets
                                    dan wel bromfiets, afgeleid van de Reisregeling binnenland.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>TITEL 7: SLOTBEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28:</nr><titel>Gedragsregels</titel></kop><al><vet>1.</vet> Indien het college gebruik maakt van de bevoegdheid om het
                            vervoer zelf te verzorgen dan wel te doen verzorgen, stelt het
                            gedragsregels op ter bevordering van een ordelijk en veilig verloop van
                            het vervoer en informeert daarover de ouders vooraf.</al><al><vet>2.</vet> Bij niet-naleving van de gedragsregels vervalt de
                            aanspraak op elke vergoeding van het aangepast vervoer, tenzij dit
                            vanwege de verstandelijke beperking van de leerling niet is toe te
                            rekenen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29:</nr><titel>Voorwaarden</titel></kop><al><vet>1.</vet> Het college kan aan het verstrekken van vervoerskosten
                            voorwaarden verbinden, die verband houden met de aard en het doel van
                            deze verordening.</al><al><vet>2.</vet> Het college kan een besluit dat is genomen op grond van
                            deze verordening intrekken indien niet aan de gestelde voorwaarden wordt
                            voldaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30:</nr><titel>Toelichting geven op de aanvraag / Advisering</titel></kop><al><vet>1.</vet> Het college is bevoegd om, voor zover dit van belang kan
                            zijn voor de beoordeling van het recht op bekostiging van het vervoer
                            van een leerling, de leerling </al><al><vet>a.</vet> op te roepen in persoon te verschijnen op een door het
                            college te bepalen plaats en tijdstip om hem te ondervragen;</al><al><vet>b.</vet> op een door het college te bepalen plaats en tijdstip door
                            een of meer daartoe aangewezen deskundigen te doen ondervragen of
                            onderzoeken. </al><al><vet>2.</vet> Het college vraagt een door hem aangewezen adviseur of
                            adviesinstantie om advies, indien:</al><al><vet>a.</vet> het onduidelijk is wat de aard van de problemen is en
                            welke prognose er bestaat;</al><al><vet>b.</vet> de aanvraag wordt afgewezen om medische redenen;</al><al><vet>c.</vet> het college dat overigens gewenst vindt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31:</nr><titel>Beslissing college in gevallen waarin de regeling niet
                                voorziet</titel></kop><al>In gevallen, de uitvoering van het leerlingenvervoer betreffende, waarin
                            deze verordening niet voorziet, beslist het college<vet>.</vet></al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32:</nr><titel>Afwijken van bepalingen</titel></kop><al>Het college kan in bijzondere gevallen, het vervoer voor onderwijs
                                aangaande<vet>, </vet>ten gunste van de ouders afwijken van de
                            bepalingen in deze verordening, zo nodig na advies te hebben gevraagd
                            aan de permanente commissie leerlingenzorg, de commissie van
                            begeleiding, de regionale verwijzingscommissie of andere deskundigen.
                        </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33:</nr><titel>Inwerkingtreding / vervallen Verordening 2011</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op 16 april 2012.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op dezelfde datum vervalt de Verordening leerlingenvoer gemeente
                                Tilburg 2011.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>34:</nr><titel>Overgangsregeling</titel></kop><al>Indien vóór de inwerkingtreding van de Verordening leerlingenvervoer
                            gemeente Tilburg 2012 een aanvraag is ingediend op grond van de
                            Verordening leerlingenvervoer gemeente Tilburg 2011, en vóór de datum
                            van inwerkingtreding nog niet op de aanvraag is beslist, wordt beslist
                            op grond van de laatstgenoemde verordening, tenzij de bepalingen van de
                            eerstgenoemde verordening voor de aanvrager gunstiger zijn., in welk
                            geval de bepalingen uit de eerstgenoemde verordening worden
                            toegepast.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>35:</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als: Verordening
                            leerlingenvervoer gemeente Tilburg 2012.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><nota-toelichting><kop><titel> Artikelgewijze toelichting op de Verordening leerlingenvervoer gemeente
                        Tilburg 2012</titel></kop><al/><al><vet>Artikel 1</vet></al><al/><al><vet>Begripsomschrijving</vet></al><al>In artikel 1 van de modelverordening is een aantal begrippen nader gedefinieerd,
                    die regelmatig gebruikt worden in de verordening.</al><lijst><li nr="a."><al>School</al><al> Onder een school voor voortgezet onderwijs als bedoeld in de WVO,
                            vallen het voorbereidend wetenschappelijk onderwijs (vwo), het hoger
                            algemeen voortgezet onderwijs (havo) en het voorbereidend middelbaar
                            beroepsonderwijs (vmbo), waar praktijkonderwijs en leerwegondersteunend
                            onderwijs deel van uit maken.</al></li><li nr="b."><al>Ouders</al><al> Onder ouders wordt verstaan: ouders, voogden en verzorgers. Hieronder
                            vallen onder meer pleegouders, groepsleiders, groepsopvoeders, alle
                            meerderjarige handelingsbevoegde personen zoals o.a. oudere broers en
                            zussen die op hetzelfde adres verblijven als de leerling. </al></li><li nr="c."><al>Leerling</al><al> Voorwaarde is dat de persoon rechtsgeldig als leerling op de te
                            bezoeken onderwijsinstelling staat ingeschreven. </al></li><li nr="d."><al>Woning</al><al> Onder ‘woning’ wordt in de modelverordening verstaan: de plaats waar de
                            leerling structureel en feitelijk verblijft. Met andere woorden, de
                            plaats van waaruit het kind de school bezoekt. In dezen is het niet
                            relevant in welke gemeente de ouders en/of het kind staan
                            ingeschreven.</al><al> De gemeente accepteert maximaal 2 adressen als structurele
                            verblijfsplaats. Structureel betekent in dit verband dat er sprake moet
                            zijn van een vast, (twee-) wekelijks terugkerend patroon.</al><al> Een Boddaertcentrum, orthopedagogisch behandelinstituut, instelling
                            voor naschoolse opvang, kinderdagverblijf en een oppasadres worden
                            eveneens als woning aangemerkt .</al></li><li nr="e."><al>Afstand</al><al> Voor niet-gehandicapte leerlingen wordt de afstand gemeten over de
                            kortste voor fietsers toegankelijke openbare wegen en paden;</al></li><li nr="f."><al>Vervoer</al><al> De vervoersmomenten waarnaar de bekostiging van de vervoerskosten wordt
                            afgestemd vallen samen met de collectieve begin- en eindtijden van
                            school volgens het rooster, tenzij de structurele handicap van een
                            individuele leerling het volgen van een volledig rooster in de weg
                            staat. Aangezien de leeftijd van hele jonge kinderen geen structurele
                            handicap is valt een vervoersbehoefte in een middagpauze buiten het door
                            het college georganiseerde aangeboden aangepast vervoer;</al></li><li nr="j."><al>Reistijd</al><al> De reistijd per openbaar vervoer wordt opgemeten volgens de
                            dienstregeling “Reisadvies” in de website www.9292ov.nl. Onder
                            ‘reistijd’ wordt in de verordening verstaan, de tijdspanne die ligt
                            tussen het verlaten van het huis en de aanvang van de schooldag, dan wel
                            de tijdspanne die ligt tussen het einde van de schooldag en de aankomst
                            bij het huis. De praktijk leert dat leerlingen, ongeacht of zij
                            gebruikmaken van het leerlingenvervoer, zich vaak zo’n tien à vijftien
                            minuten voor de aanvang van de lessen op het schoolplein bevinden. Het
                            ligt voor de hand deze tijd uit te sluiten van de reistijd. Dit betreft
                            enkel de wachttijd aan het begin van de schooldag. De eventuele
                            wachttijd aan het einde van de schooldag wordt wel meegerekend bij de
                            totale reistijd. </al></li><li nr="l."><al>Inkomen</al><al> De inkomens van beide natuurlijke ouders of van een natuurlijke ouder
                            en een partner worden in aanmerking genomen.</al></li></lijst><al>Artikel 4</al><al>Uitbetaling van de bekostiging</al><al>In het geval er een vordering op grond van het leerlingenvervoer openstaat,
                    vindt bij de uitbetaling verrekening plaats.</al><al>Artikel 5</al><al>Aanvraagprocedure</al><al>Voor aanvragen die later binnenkomen dan 1 juni kan niet worden gegarandeerd,
                    dat in geval van toekenning de vervoersvoorziening beschikbaar is binnen de
                    eerste twee schoolweken van het schooljaar waarvoor de vervoersvoorziening is
                    aangevraagd. </al><al>Artikel 8</al><al>Andere vergoedingen</al><al>Wanneer door een ongeval een leerling aangewezen raakt op een
                    vervoersvoorziening zal eerst de vergoeding van een af te sluiten
                    ongevallenverzekering in mindering worden gebracht. Indien de ouders een
                    dergelijke verzekering niet hebben afgesloten dragen zij zelf het risico de
                    benodigde vervoersvoorziening te bekostigen.</al><al>Eveneens worden in mindering gebracht reiskostenvergoedingen in het kader van
                    ziekenvervoer, ziektekostenverzekering of algemene wet bijzondere
                    ziektekosten.</al><al>Artikel 9 </al><al>Bekostiging naar de dichtstbijzijnde toegankelijke speciale school voor
                    basisonderwijs in het samenwerkingsverband</al><al>Dit artikel is een aanvulling op artikel 3 van de verordening. Voor alle
                    onderwijssoorten geldt de hoofdregel van artikel 3, eerste lid. Artikel 4 van de
                    WPO bepaalt voor speciale scholen voor basisonderwijs echter dat het vervoer
                    naar de dichtstbijzijnde school in het samenwerkingsverband dient te worden
                    bekostigd. Dat zal veelal wel, maar hoeft niet de dichtstbijzijnde toegankelijke
                    school van zijn soort te zijn omdat buiten het samenwerkingsverband een
                    dichterbij gelegen speciale school kan zijn. </al><al>Artikel 13, juncto artikelen 18 en 26 </al><al>Bekostiging op basis van de kosten van aangepast vervoer</al><al>Van een ernstige benadeling van het gezin kan sprake zijn, als één van de
                    volgende situaties aanwezig is:</al><lijst><li nr="a."><al>Andere kinderen van onder de 10 jaar thuis zonder identiek schoolbezoek
                            met slechts één ouder op</al><al> de vervoersmomenten van de leerling;</al></li><li nr="b."><al>Alleenstaande ouder met scholings- of arbeidsverplichtingen op de
                            vervoersmomenten van de</al><al> leerling;</al></li><li nr="c."><al>De enige verzorger heeft een structurele lichamelijke of zintuiglijke
                            handicap;</al></li><li nr="d."><al>Het reizen per openbaar vervoer kost de begeleider méér dan 3 uur
                            reistijd per dag.</al></li></lijst><al>Of feitelijk sprake is van ernstige benadeling moet in de a tot en met c
                    genoemde situaties door de ouder(s) worden aangetoond. </al><al>De onder d genoemde situatie wordt ambtshalve beoordeeld.</al><al>Het feit dat ouders beiden werken vormt nooit een zelfstandige reden om
                    aangepast vervoer per taxi(busje) toe te kennen. De verantwoording voor het
                    schoolbezoek dragen zij zelf. </al><al>Begeleiding is primair een taak van de ouders. Als dat niet mogelijk is, dienen
                    zij zelf voor een oplossing te zorgen.</al><al>Artikel 20</al><al>Bekostiging vervoerskosten gehandicapte leerlingen (V)SO</al><al>Artikel 20 geeft ontheffing van de afstands- en leeftijdscriteria voor
                    leerlingen van het (voortgezet) speciaal onderwijs met een lichamelijke,
                    verstandelijke of zintuiglijke handicap die door hun belemmering bij voorbaat
                    geen gebruik kunnen maken van de fiets of van het openbaar vervoer. Het gaat
                    hier om leerlingen met een structurele handicap. Leerlingen met een tijdelijke
                    handicap als een gebroken been worden uitgesloten van een vervoersvoorziening in
                    het kader van het leerlingenvervoer onder verwijzing naar de mogelijkheid van
                    een af te sluiten (collectieve scholieren) ongevallenverzekering. De daaruit te
                    genereren vergoeding is aan te merken als een toelage bedoeld in artikel 8.</al><al>Artikel 23</al><al>Bekostiging kosten weekeinde- en vakantievervoer aan de in de gemeente wonende
                    ouders.</al><al>Artikel 24 </al><al>Het college bekostigt desgewenst de kosten van het weekeinde- en vakantievervoer
                    aan de in de gemeente wonende ouders van de leerling die, met het oog op het
                    volgen van voor hem passend (voortgezet) speciaal onderwijs in een internaat of
                    pleeggezin verblijft.</al><al>Artikel 25 </al><al>Drempelbedrag</al><al>Een drempelbedrag wordt alleen geheven van ouders wier inkomen meer bedraagt dan
                    een jaarlijks vast te stellen grens en beperkt zich tot niet-gehandicapte
                    leerlingen van het SBO, basisonderwijs, het voormalig speciaal voortgezet
                    onderwijs en het voormalig praktijkonderwijs.</al><al>De heffing bedraagt nooit meer dan de aan de leerling toe te rekenen
                    vervoerskosten.</al><al>De afstanden worden opgemeten vanaf school om het nadelig effect van zonegrenzen
                    voor een deel van de leerlingen van één school te voorkomen.</al><al>De bijdrage kan niet in rekening worden gebracht aan ouders van SBO-leerlingen
                    en VO-leerlingen die onder titel 6 vallen (gehandicapte leerlingen in het
                    regulier primair en voortgezet onderwijs). </al><al>Ook wanneer een meerderjarige leerling zelf de aanvraag doet, mag geen
                    drempelbedrag gevraagd worden.</al><al>Artikel 26 </al><al>Financiële draagkracht </al><al>Dit artikel geldt niet voor leerlingen die onder titel 6 vallen (gehandicapte
                    leerlingen in het regulier primair en voortgezet onderwijs).</al><al>Artikel 25 tot en met 27 </al><al>Bepalingen omtrent het vervoer van gehandicapte leerlingen van scholen voor
                    primair onderwijs en voortgezet onderwijs</al><al>Door toevoeging van deze artikelen wordt geregeld dat alleen gehandicapte
                    leerlingen in het regulier primair en voortgezet onderwijs die niet of niet
                    zelfstandig van het openbaar vervoer gebruik kunnen maken, in aanmerking kunnen
                    komen voor leerlingenvervoer. </al><al>,</al><al>Dit artikel bepaalt dat het college in bijzondere gevallen, het vervoer voor
                    onderwijs aangaande, ten gunste van de ouders of van de meerderjarige leerling
                    kan afwijken van de bepalingen in de verordening. Dit houdt in dat het college
                    slechts in voor ouders voordelige zin kan afwijken van de verordening. Met deze
                    bepaling wordt aangesloten bij artikel 4, twaalfde lid van de WPO, artikel 4,
                    zevende lid, van de WVO en artikel 4, tiende lid, van de WEC.</al><al>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 16 april 2012</al><al>de griffier, </al><al>de voorzitter,</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>