<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR16163_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de raadscommissies Alphen-Chaam 2008</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Alphen-Chaam</dcterms:creator><dcterms:modified>2011-01-20</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Alphen-Chaam</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Niet gepubliceerd (interne regeling)</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening op de raadscommissies Alphen-Chaam 2008</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=82">Gemeentewet, art. 82 </dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2008-10-02</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2008-10-03</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2010-12-16</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Geen</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de raadscommissies Alphen-Chaam 2008</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Verordening op de raadscommissies Alphen-Chaam 2008</al><al>De raad van de gemeente Alphen-Chaam;</al><al>gelet op artikel 82 van de Gemeentewet;</al><al>besluit : vast te stellen de Verordening op de raadscommissies Alphen-Chaam
                        2008</al><al>Aldus besloten in de vergadering</al><al>van 2 oktober 2008.</al><al>DE RAAD VOORNOEMD,</al><al>w.g. drs H.W.S.M. Nuijten ,voorzitter</al><al>w.g. M.J.A. Luijben, griffier</al><al>Verordening op de raadscommissies Alphen-Chaam 2008</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 1: Begripsbepalingen</titel></kop><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 1</onderstreept> Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>lid: lid of buitengewoon lid van een raadscommissie;</al></li><li nr="b."><al>voorzitter: voorzitter van een raadscommissie of diens
                                    vervanger;</al></li><li nr="c."><al>commissiegriffier: secretaris van een raadscommissie of diens
                                    vervanger;</al></li><li nr="d."><al>griffier: griffier van de raad of diens vervanger;</al></li><li nr="e."><al>vergadering: vergadering van een raadscommissie.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 2: Instelling, taken en samenstelling</titel></kop><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 2</onderstreept> Instelling
                                raadscommissies</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad stelt de volgende raadscommissies in: </al><lijst><li nr="a."><al>de beleidscommissie (BC);</al></li><li nr="b."><al>de commissie Financiën (Fin);</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De raadscommissie “beleidscommissie” adviseert en overlegt over
                                    onderwerpen die zich uitstrekken over de beleidsterreinen </al><lijst><li nr="a."><al>bestuurlijke en juridische zaken;</al></li><li nr="b."><al>Grondgebiedszaken, ruimtelijke ordening en beheer en
                                            civiel en cultuur;</al></li><li nr="c."><al>Inwonerszaken, Publiekszaken, welzijn en onderwijs;</al></li><li nr="d."><al>Personeel en organisatie;</al></li><li nr="e."><al>Planning en controll;</al></li><li nr="f."><al>Middelen, financiën (met uitzondering van de
                                            budgetcyclus) en facilitaire zaken.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>De raadscommissie “commissie Financiën” adviseert en overlegt
                                    over de budgetcyclus en over specifiek financiële onderwerpen op
                                    aanwijzing van het presidium of op eigen initiatief.</al></li><li nr="4."><al>Indien een onderwerp meerdere raadscommissies aangaat, wordt het
                                    onderwerp in de afzonderlijke raadscommissies besproken, tenzij
                                    de voorzitters van de betrokken raadscommissies in overleg
                                    beslissen dat een gezamenlijke vergadering van de
                                    raadscommissies wordt belegd of de raadscommissie die het
                                    onderwerp het meest aangaat, het onderwerp behandelt.</al></li><li nr="5."><al>Indien een gezamenlijke vergadering van raadscommissies wordt
                                    belegd, vervult de voorzitter van de raadscommissie die het
                                    onderwerp het meest aangaat, de taken van de voorzitter.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 3</onderstreept> Taken</titel></kop><al>Een raadscommissie heeft de volgende taken:</al><lijst><li nr="a."><al>het uitbrengen van advies aan de raad over een voorstel of
                                    onderwerp dat betrekking heeft op de in artikel 2, tweede, derde
                                    of vierde lid, genoemde onderwerpen;</al></li><li nr="b."><al>het uitbrengen van advies aan de raad uit eigener beweging;</al></li><li nr="c."><al>voeren van overleg met het college of de burgemeester over in
                                    ieder geval door het college of de burgemeester verstrekte
                                    inlichtingen en het gevoerde bestuur ten aanzien van de in
                                    artikel 2, tweede lid, derde of vierde lid, genoemde
                                    onderwerpen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 4</onderstreept> Samenstelling van de
                                commissies</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>a. De raadscommissie “Beleidscommissie” bestaat uit minimaal één
                                    en maximaal drie leden per fractie.</al></li><li nr="1."><al>b. De raadscommissie “commissie Financiën” bestaat uit één lid
                                    per fractie.</al></li><li nr="2."><al>De in het eerste lid genoemde leden worden door de raad op
                                    voordracht van de fracties benoemd.</al></li><li nr="3."><al>Een lid kan zowel raadslid als niet-raadslid zijn. De artikelen
                                    10, 11, 12, 13 en 15 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige
                                    toepassing op een lid van een raadscommissie.</al></li><li nr="4."><al>De raad benoemt op voordracht van een fractie voor de
                                    Beleidscommissie tenminste een plaatsvervangend lid en maximaal
                                    drie plaatsvervangende leden per fractie en voor de commissie
                                    financiën één lid per fractie die zitting in de raadscommissie
                                    heeft of hebben bij verhindering of ontstentenis van een lid of
                                    leden als bedoeld in het eerste lid. Het (De)
                                    plaatsvervangend(e) lid (leden) voldoet (voldoen) aan de in het
                                    derde lid, genoemde vereisten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 5</onderstreept> Voorzitter</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter en zijn plaatsvervanger worden door de raad uit
                                    zijn midden benoemd. Indien de behoefte hiertoe ontstaat, kan –
                                    in afwijking van artikel 6, lid 1 – door de raad op basis van
                                    roulatie tussen de fracties, tussentijds een andere voorzitter
                                    worden benoemd. Ontslag en benoeming van de voorzitter vindt
                                    overigens plaats conform het hieromtrent bepaalde in artikel
                                    6.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter is geen lid van de raadscommissie.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter is belast met: </al><lijst><li nr="a."><al>het leiden van de vergadering;</al></li><li nr="b."><al>het handhaven van de orde;</al></li><li nr="c."><al>het doen naleven van deze verordening;</al></li><li nr="d."><al>hetgeen deze verordening hem verder opdraagt.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 6</onderstreept> Zittingsduur en
                                vacatures</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De zittingsperiode van een lid , de voorzitter en hun
                                    plaatsvervangers eindigt in ieder geval aan het einde van de
                                    zittingsperiode van de raad.</al></li><li nr="2."><al>Een lid en zijn plaatsvervanger houden op lid te zijn van een
                                    raadscommissie indien zij niet meer voldoen aan de in artikel 4,
                                    derde lid, gestelde eisen.</al></li><li nr="3."><al>De raad kan een lid ontslaan op voorstel van de fractie op wiens
                                    voordracht het lid is benoemd.</al></li><li nr="4."><al>De raad kan de voorzitter of zijn plaatsvervanger ontslaan.</al></li><li nr="5."><al>Een lid, de voorzitter en hun plaatsvervangers kunnen te allen
                                    tijde ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling
                                    aan de raad. Het ontslag gaat een maand na de schriftelijke
                                    mededeling in of zoveel eerder als hun opvolger is benoemd.</al></li><li nr="6."><al>Indien door overlijden of ontslag een vacature ontstaat, beslist
                                    de raad zo spoedig mogelijk over de vervulling daarvan met
                                    inachtneming van artikel 4 en 5.</al></li><li nr="7."><al>Indien een fractie blijkens een schriftelijke verklaring aan de
                                    voorzitter van de raad niet langer vertegenwoordigd is in de
                                    raad, vervalt het lidmaatschap van het lid dat op voordracht van
                                    die fractie is benoemd, van rechtswege.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 7</onderstreept> Griffier en
                                commissiegriffier</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Ter ondersteuning van iedere raadscommissie fungeert een
                                    ambtenaar als commissiegriffier. De griffier en de secretaris
                                    beslissen in overleg welke ambtenaar deze functie vervult.</al></li><li nr="2."><al>De commissiegriffier is in iedere vergadering aanwezig.</al></li><li nr="3."><al>Bij zijn verhindering of afwezigheid wordt hij vervangen door
                                    daartoe door de griffier en de secretaris aangewezen
                                    ambtenaar.</al></li><li nr="4."><al>De griffier kan in iedere vergadering aanwezig zijn.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 3: Aanwezigheid college, burgemeester en secretaris</titel></kop><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 8</onderstreept> Aanwezigheid college,
                                burgemeester ,wethouders en secretaris</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter kan de burgemeester ,één of meer wethouders en de
                                    secretaris uitnodigen in de vergadering aanwezig te zijn en aan
                                    de beraadslagingen deel te nemen.</al></li><li nr="2."><al>Indien de burgemeester of een wethouder bij een vergadering
                                    aanwezig wil zijn en wil deelnemen aan de beraadslagingen, doet
                                    hij hiertoe een verzoek aan de voorzitter.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter neemt zo spoedig mogelijk een voorlopige
                                    beslissing op het verzoek.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 4: Vergaderingen</titel></kop><paragraaf><kop><titel>Paragraaf 1 Tijdstip van vergaderen en voorbereidingen</titel></kop><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 9</onderstreept>
                                    Vergaderfrequentie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>In de regel vinden de vergaderingen van de raadscommissie: </al><lijst><li nr="a."><al>beleidscommissie plaats op de maandag van de week
                                                voorafgaande aan de week waarin de raadsvergadering
                                                plaats vindt;</al></li><li nr="b."><al>rekencommissie plaats op de woensdag van de week
                                                voorafgaande aan de week waarin de raadsvergadering
                                                plaats vindt;</al></li></lijst></li><li nr="De"><al>vergaderingen van de raadscommissies vangen aan om 19.30 uur
                                        en vinden plaats in het Raadhuis te Chaam.</al></li><li nr="2."><al>Een raadscommissie vergadert voorts indien de voorzitter het
                                        nodig oordeelt of indien tenminste twee fracties
                                        schriftelijk met opgaaf van redenen daarom verzoeken.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter kan in bijzondere gevallen een andere dag of
                                        aanvangsuur bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen.
                                        Hij voert hierover overleg met de griffier.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 10</onderstreept> Oproep</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter zendt ten minste zeven dagen voor een
                                        vergadering de leden een schriftelijke oproep onder
                                        vermelding van de dag, het tijdstip en de plaats van de
                                        vergadering.</al></li><li nr="2."><al>De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met
                                        uitzondering van de in artikel 86, eerste en tweede lid, van
                                        de Gemeentewet bedoelde stukken, worden tegelijkertijd met
                                        de schriftelijke oproep aan de leden verzonden.</al></li><li nr="3."><al>Indien een aanvullende agenda wordt vastgesteld als bedoeld
                                        in artikel 11, tweede lid, worden deze agenda en de daarop
                                        vermelde voorstellen of onderwerpen zo spoedig mogelijk,
                                        doch uiterlijk 48 uur voor aanvang van de vergadering aan de
                                        leden gezonden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 11</onderstreept> De agenda</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voordat de schriftelijke oproep wordt verzonden, stelt de
                                        voorzitter, in overleg met het presidium, de agenda van de
                                        vergadering voorlopig vast.</al></li><li nr="2."><al>In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden
                                        van de schriftelijke oproep tot uiterlijk 48 uur voor de
                                        aanvang van een vergadering een aanvullende agenda
                                        opstellen.</al></li><li nr="3."><al>Bij aanvang van de vergadering stelt de raadscommissie de
                                        agenda vast. Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de
                                        raadscommissie bij de vaststelling van de agenda onderwerpen
                                        aan de agenda toevoegen of van de agenda afvoeren.</al></li><li nr="4."><al>Wanneer de raadscommissie een onderwerp of voorstel
                                        onvoldoende voor de beraadslaging voorbereid acht, kan hij
                                        aan het college of de burgemeester nadere inlichtingen of
                                        advies vragen. De raadscommissie bepaalt in welke
                                        vergadering het onderwerp of voorstel opnieuw geagendeerd
                                        wordt.</al></li><li nr="5."><al>Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de
                                        raadscommissie de volgorde van behandeling van de
                                        agendapunten wijzigen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 12</onderstreept> Ter inzage leggen van
                                    stukken</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Stukken, die ter toelichting van de onderwerpen of
                                        voorstellen op de agenda dienen, worden gelijktijdig met het
                                        verzenden van de schriftelijke oproep voor een ieder op het
                                        gemeentehuis ter inzage gelegd. Indien na het verzenden van
                                        de schriftelijke oproep stukken ter inzage worden gelegd,
                                        wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden en zo mogelijk
                                        in een openbare kennisgeving.</al></li><li nr="2."><al>Een origineel van een ter inzage gelegd stuk wordt niet
                                        buiten het gemeentehuis gebracht.</al></li><li nr="3."><al>Indien voor stukken op grond van artikel 86, eerste en
                                        tweede lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd,
                                        blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid, onder
                                        berusting van de griffier en verleent de griffier een lid
                                        inzage.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 13</onderstreept> Openbare
                                    kennisgeving</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De vergadering wordt tegelijkertijd met de schriftelijke
                                        oproep door aankondiging in één of meer dag-, nieuws-, of
                                        huis-aan-huis bladen of op de voor afkondigingen in de
                                        gemeente gebruikelijke wijze en (zo mogelijk) door plaatsing
                                        op de website van de gemeente ter openbare kennis
                                        gebracht.</al></li><li nr="2."><al>De openbare kennisgeving vermeldt: </al><lijst><li nr="a."><al>de datum, aanvangstijd en plaats van de
                                                vergadering;</al></li><li nr="b."><al>de wijze waarop en de plaats waar een ieder de
                                                agenda en de daarbij behorende stukken kan
                                                inzien;</al></li><li nr="c."><al>de mogelijkheid tot het uitoefenen van het
                                                spreekrecht als bedoeld in artikel 17.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Daarnaast worden de bij de voorlopige agenda behorende
                                        stukken, indien digitaal beschikbaar, op de website van de
                                        gemeente geplaatst.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Paragraaf 2 Orde der vergadering</titel></kop><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 14</onderstreept> Opening vergadering;
                                    quorum</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter opent de vergadering op het vastgestelde uur,
                                        indien meer dan de helft van het aantal zitting hebbende
                                        leden aanwezig is.</al></li><li nr="2."><al>Wanneer een kwartier na het vastgestelde tijdstip niet het
                                        vereiste aantal leden aanwezig is, bepaalt de voorzitter
                                        onder verwijzing naar dit artikel dag en uur van de volgende
                                        vergadering, op een tijdstip dat ten minste vierentwintig
                                        uur na het bezorgen van de schriftelijke oproep is
                                        gelegen.</al></li><li nr="3."><al>Op de vergadering, bedoeld in het tweede lid, is het eerste
                                        lid niet van toepassing. De raadscommissie kan echter over
                                        andere aangelegenheden alleen beraadslagen of besluiten,
                                        indien meer dan de helft van het aantal zitting hebbende
                                        leden aanwezig is.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 15</onderstreept> Spreekrecht
                                    burgers</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Na de opening van de vergadering kunnen andere aanwezige
                                        burgers gezamenlijk gedurende maximaal dertig minuten het
                                        woord voeren over zowel geagendeerde als niet geagendeerde
                                        onderwerpen.</al></li><li nr="2."><al>Het woord kan niet gevoerd worden over: </al><lijst><li nr="a."><al>een besluit van het gemeentebestuur waartegen
                                                bezwaar en beroep openstaat of heeft
                                                opengestaan;</al></li><li nr="b."><al>benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen
                                                van personen;</al></li><li nr="c."><al>een gedraging waarover een klacht ex artikel 9:1 van
                                                de Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden
                                                ingediend.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Degene, die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit
                                        tot uiterlijk 12.00 uur op de dag van de vergadering aan de
                                        commissiegriffier. Hij vermeldt daarbij zijn naam, adres en
                                        telefoonnummer en het onderwerp, waarover hij het woord wil
                                        voeren.</al></li><li nr="4."><al>De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De
                                        voorzitter kan van de volgorde afwijken, indien dit in het
                                        belang is van de orde van de vergadering.</al></li><li nr="5."><al>Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. De
                                        voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers
                                        als er meer dan zes sprekers zijn. De voorzitter kan
                                        afwijken van de maximale lengte van de spreektijd.</al></li><li nr="6."><al>De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit
                                        heeft verleend. De voorzitter kan de deelnemers aan de
                                        commissievergadering toestaan aan insprekers een korte,
                                        verhelderende vraag te stellen. Er vindt geen discussie
                                        plaats tussen een inspreker en deelnemers van de
                                        vergadering. De voorzitter of een lid doet een voorstel voor
                                        de behandeling van de inbreng van de burger.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 16</onderstreept> Notulen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De ontwerpnotulen van de voorgaande vergadering worden aan
                                        de leden toegezonden zo mogelijk gelijktijdig met de
                                        schriftelijke oproep. De ontwerpnotulen worden op hetzelfde
                                        moment aan de overige personen die het woord gevoerd hebben,
                                        toegezonden.</al></li><li nr="2."><al>Bij het begin van de vergadering worden de notulen van de
                                        vorige vergadering vastgesteld.</al></li><li nr="3."><al>De leden, de voorzitter, de burgemeester en de wethouders ,
                                        hebben het recht, een voorstel tot wijziging van de notulen
                                        aan de raadscommissie te doen, indien de notulen
                                        onjuistheden bevatten of niet duidelijk weergeven hetgeen
                                        gezegd of besloten is. Een voorstel tot verandering kan voor
                                        de vaststelling van de notulen bij de commissiegriffier
                                        worden ingediend of “staande de vergadering” gemeld worden
                                        .</al></li><li nr="4."><al>De notulen moeten inhouden: </al><lijst><li nr="a."><al>de namen van de voorzitter, de griffier, de
                                                commissiegriffier, de burgemeester en de wethouders,
                                                de secretaris en de ter vergadering aanwezige leden,
                                                allen voorzover aanwezig, alsmede van de overige
                                                personen die het woord gevoerd hebben, afzonderlijk
                                                wordt vermeld welke leden afwezig waren.</al></li><li nr="b."><al>een vermelding van de zaken die aan de orde zijn
                                                geweest;</al></li><li nr="c."><al>een zakelijke samenvatting van het gesprokene met
                                                vermelding van de namen der aanwezigen die het woord
                                                voerden voor zover het onderwerpen betreft waarover
                                                de commissie geen positief advies uitbrengt;</al></li><li nr="d."><al>een samenvatting van het advies aan de raad onder
                                                vermelding van de namen van de leden die mededeling
                                                hebben gedaan van hun goed- of afkeuring;</al></li><li nr="e."><al>bij het desbetreffende agendapunt de naam en de
                                                hoedanigheid van die personen aan wie het op grond
                                                van het bepaalde in artikel 22 door de
                                                raadscommissie is toegestaan deel te nemen aan de
                                                beraadslagingen.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>De notulen worden opgesteld onder de verantwoordelijkheid
                                        van de griffier.</al></li><li nr="6."><al>De vastgestelde notulen worden door de voorzitter en de
                                        commissiegriffier ondertekend.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 17</onderstreept> Aantal
                                    spreektermijnen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De beraadslaging over een onderwerp of voorstel geschiedt in
                                        ten hoogste twee termijnen, tenzij de raadscommissie anders
                                        beslist.</al></li><li nr="2."><al>Elke spreektermijn wordt door de voorzitter afgesloten.</al></li><li nr="3."><al>Een lid mag in een termijn niet meer dan één maal het woord
                                        voeren over hetzelfde onderwerp of voorstel.</al></li><li nr="4."><al>Bij de bepaling hoeveel malen een lid over hetzelfde
                                        onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet
                                        meegerekend het spreken over een voorstel van orde.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 18</onderstreept> Spreektijd</titel></kop><al>Een lid kan een voorstel doen over de spreektijd van de leden.</al></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 19</onderstreept> Voorstellen van
                                    orde</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter en ieder lid kunnen tijdens de vergadering
                                        mondeling een voorstel van orde doen, dat kort kan worden
                                        toegelicht.</al></li><li nr="2."><al>Een voorstel van orde kan uitsluitend de orde van de
                                        vergadering betreffen.</al></li><li nr="3."><al>Over een voorstel van orde beslist de raadscommissie
                                        terstond.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 20</onderstreept> Handhaving orde;
                                    schorsing</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord, tenzij: </al><lijst><li nr="a."><al>de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het
                                                opvolgen van deze verordening te herinneren;</al></li><li nr="b."><al>een lid hem interrumpeert. De voorzitter kan bepalen
                                                dat de spreker zonder verdere interrupties zijn
                                                betoog zal afronden.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Indien een spreker zich beledigende of onbetamelijke
                                        uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt van het in behandeling
                                        zijnde onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk
                                        interrumpeert, dan wel anderszins de orde verstoort, wordt
                                        hij door de voorzitter tot de orde geroepen. Indien de
                                        spreker hieraan geen gevolg geeft, kan de voorzitter hem
                                        gedurende de vergadering, waarin zulks plaats heeft, over
                                        het aanhangige onderwerp het woord ontzeggen.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering
                                        voor een door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de
                                        heropening de orde opnieuw wordt verstoord - de vergadering
                                        sluiten.</al></li><li nr="4."><al>De voorzitter kan een raadscommissie voorstellen aan een lid
                                        dat door zijn gedragingen de geregelde gang van zaken
                                        belemmert, het verdere verblijf in de vergadering te
                                        ontzeggen.</al></li><li nr="5."><al>Over het voorstel wordt niet beraadslaagd. Na aanneming
                                        daarvan verlaat het lid de vergadering onmiddellijk. Zo
                                        nodig doet de voorzitter hem verwijderen. Bij herhaling van
                                        zijn gedrag kan het lid bovendien voor ten hoogste drie
                                        maanden de toegang tot de vergadering worden ontzegd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 21</onderstreept> Beraadslaging</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raadscommissie kan op voorstel van de voorzitter of een
                                        lid beslissen over één of meer onderdelen van een onderwerp
                                        of voorstel afzonderlijk te beraadslagen.</al></li><li nr="2."><al>Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de
                                        raadscommissie beslissen de beraadslaging voor een door hem
                                        te bepalen tijd te schorsen teneinde het college of de leden
                                        de gelegenheid te geven tot onderling nader beraad. De
                                        beraadslagingen worden hervat nadat de schorsingsperiode
                                        verstreken is.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 22</onderstreept> Deelname aan de
                                    beraadslaging door anderen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raadscommissie kan bepalen dat anderen mogen deelnemen
                                        aan de beraadslaging.</al></li><li nr="2."><al>Een beslissing daartoe wordt op voorstel van de voorzitter
                                        of een lid genomen alvorens met de beraadslaging ten aanzien
                                        van het aan de orde zijnde agendapunt een aanvang wordt
                                        genomen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 23</onderstreept> Advies</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Wanneer de voorzitter vaststelt, dat een onderwerp of
                                        voorstel voldoende is toegelicht, sluit hij de
                                        beraadslaging, tenzij de raadscommissie anders beslist.</al></li><li nr="2."><al>Nadat de beraadslaging is gesloten, beslist de
                                        raadscommissie of er een advies aan de raad wordt
                                        uitgebracht.</al></li><li nr="3."><al>Indien de raadscommissie een advies aan de raad uitbrengt
                                        beslissen de leden op voorstel van de voorzitter over de
                                        inhoud van het advies.</al></li><li nr="4."><al>In het advies worden de standpunten van alle fracties en
                                        buitengewone leden opgenomen.</al></li></lijst></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 5: Besloten vergadering</titel></kop><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 24</onderstreept> Algemeen</titel></kop><al>Op een besloten vergadering zijn de bepalingen van deze verordening van
                            overeenkomstige toepassing voorzover deze bepalingen niet strijdig zijn
                            met het besloten karakter van de vergadering.</al></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 25</onderstreept> Notulen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De notulen van een besloten vergadering worden niet rondgedeeld,
                                    maar liggen uitsluitend voor de leden ter inzage bij de
                                    griffier.</al></li><li nr="2."><al>Deze notulen worden zo spoedig mogelijk in een besloten
                                    vergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze
                                    vergadering neemt de raadscommissie een beslissing over het al
                                    dan niet openbaar maken van deze notulen. De vastgestelde
                                    notulen worden door de voorzitter en de commissiegriffier
                                    ondertekend.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 26</onderstreept> Geheimhouding</titel></kop><al>Voor de afloop van de besloten vergadering beslist de raadscommissie
                            overeenkomstig artikel 86, eerste lid, van de Gemeentewet of omtrent de
                            inhoud van de stukken en het verhandelde geheimhouding zal gelden. De
                            raadscommissie kan besluiten de geheimhouding op te heffen.</al></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 27</onderstreept> Opheffing
                                geheimhouding</titel></kop><al>Indien de raad op grond van artikel 25, derde en vierde lid, van de
                            Gemeentewet voornemens is de geheimhouding op te heffen wordt daarover,
                            indien de raadscommissie die geheimhouding heeft opgelegd daarom
                            verzoekt, in een besloten vergadering met de raadscommissie overleg
                            gevoerd.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 6: Toehoorders en pers</titel></kop><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 28</onderstreept> Toehoorders en
                                pers</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De toehoorders en vertegenwoordigers van de pers kunnen
                                    uitsluitend op de voor hen bestemde plaatsen openbare
                                    vergaderingen bijwonen.</al></li><li nr="2."><al>Het geven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere
                                    wijze verstoren van de orde is verboden.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter is bevoegd, toehoorders die op enigerlei wijze de
                                    orde van de vergadering verstoren, te doen vertrekken.
                                    Toehoorders die bij herhaling de orde in de vergadering
                                    verstoren kan hij voor ten hoogste drie maanden de toegang tot
                                    de vergadering ontzeggen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 29</onderstreept> Geluid- en
                                beeldregistraties</titel></kop><al>Degenen die in de vergaderzaal tijdens de vergadering geluid- dan wel
                            beeldregistraties willen maken doen hiervan mededeling aan de voorzitter
                            en gedragen zich naar zijn aanwijzingen. Deze aanwijzingen kunnen niet
                            zover gaan dat zij de vrijheid van pers aantasten. </al></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 30</onderstreept> Verbod gebruik mobiele
                                telefoons</titel></kop><al>In de vergaderzaal, met inbegrip van de publieke tribune, is tijdens de
                            vergadering het gebruik, alsmede het standby houden van mobiele
                            telefoons of andere communicatiemiddelen, die inbreuk kunnen maken op de
                            orde van de vergadering zonder toestemming van de voorzitter niet
                            toegestaan.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 7: Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 31</onderstreept> Uitleg
                                verordening</titel></kop><al>In de gevallen waarin deze verordening niet voorziet of bij twijfel over
                            de toepassing van de verordening, beslist de raadscommissie op voorstel
                            van de voorzitter.</al></artikel><artikel><kop><titel><onderstreept>Artikel 32</onderstreept> Inwerkingtreding</titel></kop><al>1. Deze verordening treedt in werking op 3 oktober 2008.</al><al>2. Op dat tijdstip vervalt de Verordening op de raadscommissies
                            Alphen-Chaam 2002, vastgesteld bij raadsbesluit van 25 april 2002.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>