<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR15957_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de gemeentelijke rekenkamercommissie</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Alphen-Chaam</dcterms:creator><dcterms:modified>2009-11-19</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Alphen-Chaam</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Niet gepubliceerd (interne regeling)</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening gemeentelijke rekenkamercommissie gemeente Baarle-Nassau / Alphen-Chaam</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=81">Gemeentewet, art. 81 </dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2005-06-30</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2006-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>-</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de gemeentelijke rekenkamercommissie</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De Verordening gemeentelijke rekenkamercommissie</al><al>De raad van de gemeente Baarle-Nassau / Alphen-Chaam;</al><al>gelet op artikel 81o van de Gemeentewet;</al><al>besluit : vast te stellen de “Verordening op de
                            rekenkamercommissie”.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr=""><al>Wet: Gemeentewet;</al></li><li nr=""><al>commissie: rekenkamercommissie;</al></li><li nr=""><al>voorzitter: voorzitter van de rekenkamercommissie;</al></li><li nr=""><al>college: college van burgemeester en wethouders;</al></li><li nr=""><al>raad: gemeenteraad van respectievelijk de gemeenten Alphen-Chaam en
                            Baarle-Nassau;</al></li><li nr=""><al>rekenkamercommissie: de rekenkamercommissie van de gemeente
                            Baarle-Nassau / Alphen-Chaam</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Rekenkamercommissie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Er is een commissie die door de raad wordt ingesteld en wordt
                                    aangeduid als de rekenkamercommissie.</al></li><li nr="2."><al>De rekenkamercommissie bestaat uit vijf leden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Benoeming leden</titel></kop><al>De raad benoemt de leden van de rekenkamercommissie uit zijn midden
                            en/of externen.</al><al>De raad van de gemeente Baarle-Nassau benoemt vier leden, waarvan twee
                            uit een bindende voordracht van de gemeenteraad van Alphen-Chaam.</al><al>De raad van de gemeente Alphen-Chaam benoemt één of twee leden, waarvan
                            twee uit een bindende voordracht van de gemeenteraad van
                            Baarle-Nassau.</al><al>De leden van de rekenkamercommissie die tevens raadsleden zijn, worden
                            voor een periode gelijk aan de zittingsduur van de raad aangewezen. De
                            leden die niet deel uitmaken van de raad worden voor een periode van zes
                            jaar aangewezen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Eed</titel></kop><al>Ten aanzien van de externe leden (inclusief voorzitter) is artikel 81g
                            van overeenkomstige toepassing.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Ontslag en non-activiteit</titel></kop><al>De raad ontslaat de leden en/of de voorzitter of stelt hen op
                            non-activiteit.</al><al>Het lidmaatschap van een lid van de rekenkamercommissie eindigt:</al><lijst><li nr="a."><al>op eigen verzoek;</al></li><li nr="b."><al>indien het lid aftreedt als lid van de raad;</al></li><li nr="c."><al>indien de raad van oordeel is dat het lid niet langer geschikt
                                    is de functie van lid van de rekenkamercommissie te
                                    vervullen;</al></li></lijst><al>3. Het lidmaatschap van een extern lid eindigt:</al><lijst><li nr="a."><al>op eigen verzoek;</al></li><li nr="b."><al>bij de aanvaarding van een functie die onverenigbaar is met het
                                    lidmaatschap van de rekenkamercommissie.</al></li><li nr="c."><al>wanneer het lid bij onherroepelijk geworden rechterlijke
                                    uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel bij zulk een
                                    uitspraak een maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming tot
                                    gevolg heeft;</al></li><li nr="d."><al>indien het lid bij onherroepelijk geworden rechterlijke
                                    uitspraak onder curatele is gesteld, in staat van faillissement
                                    is verklaard, surseance van betaling heeft verkregen of wegens
                                    schulden is gegijzeld.</al></li></lijst><al>4. De externe leden van de rekenkamercommissie kunnen door de raad
                            worden ontslagen wanneer zij</al><al>door ziekte of gebreken blijvend ongeschikt zijn hun functie te
                            vervullen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>De voorzitter</titel></kop><al>De raden van de gemeenten Alphen-Chaam en Baarle-Nassau benoemen de
                            voorzitter van de rekenkamercommissie na een voordracht van de leden van
                            de rekenkamercommissie. De benoeming strekt zich uit over een periode
                            van 6 jaar.</al><al>De voorzitter draagt zorg voor het tijdig en periodiek bijeenroepen van
                            de commissie, het leiden van de vergaderingen, het bewaken van de
                            uitgangspunten en werkwijze en het bevorderen van een zorgvuldige
                            besluitvorming. De voorzitter voert hiertoe regelmatig overleg met de
                            onderzoekers en met het secretariaat. Bij ontstentenis van de voorzitter
                            treedt het langstzittende lid op als voorzitter dan wel, als de overige
                            leden een gelijke periode zitting hebben gehad, het oudste lid in
                            jaren.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Verboden betrekkingen en handelingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter kan niet tevens een betrekking vervullen als
                                    vermeld in artikel 81f Gemeentewet.</al></li><li nr="2."><al>Het is de voorzitter verboden handelingen te verrichten als
                                    bedoeld in artikel 15 van de Gemeentewet. De raad kan, gehoord
                                    de commissie, de voorzitter uit zijn functie ontslaan indien hij
                                    heeft gehandeld in strijd met dit verbod.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Ambtelijk secretaris.</titel></kop><al>De raad benoemt de ambtelijk secretaris in overleg met de
                            rekenkamercommissie.</al><al>De secretaris staat de rekenkamercommissie bij de uitvoering van haar
                            taken terzijde.</al><al>De secretaris legt rechtstreeks verantwoording af aan de
                            rekenkamercommissie over de wijze waarop de ondersteunende taken worden
                            verricht.</al><al>De secretaris draagt zorg voor de agendaplanning, de verslaglegging en
                            de vorming van dossiers.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Reglement van orde</titel></kop><al>De rekenkamercommissie stelt een reglement van orde voor haar
                            vergaderingen en andere werkzaamheden vast. Zij zendt het reglement na
                            vaststelling onverwijld ter kennisneming naar de raad.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Onderwerp selectie en opdrachtverlening</titel></kop><al>De rekenkamercommissie bepaalt de onderwerpen die zij onderzoekt,
                            formuleert de probleemstelling en stelt de onderzoeksopzet vast.</al><al>De in het vorige lid bedoelde onderzoeksopzet wordt door de
                            rekenkamercommissie ter kennisneming aan de raad verstuurd.</al><al>De raad kan de rekenkamercommissie een gemotiveerd verzoek doen tot het
                            instellen van een onderzoek. De rekenkamercommissie bericht de raad
                            binnen een maand in hoeverre aan dat verzoek wordt voldaan. Indien de
                            rekenkamercommissie niet aan het verzoek van de raad kan voldoen, dan
                            zal zij dit gemotiveerd aan de raad mededelen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Werkwijze</titel></kop><al>De rekenkamercommissie is belast met en verantwoordelijk voor de
                            uitvoering, begeleiding en sturing van het onderzoek volgens de door
                            haar vastgestelde onderzoeksopzet.</al><al>De rekenkamercommissie beoordeelt of het wenselijk is de raad
                            tussentijds te informeren.</al><al>De rekenkamercommissie is bevoegd bij alle leden van het gemeentebestuur
                            en bij alle ambtenaren de mondelinge en schriftelijke inlichtingen in te
                            winnen die zij nodig acht voor de uitvoering van de onderzoeken. De
                            leden van het gemeentebestuur en de ambtenaren van de gemeente zijn
                            verplicht de gevraagde inlichtingen binnen de door de
                            rekenkamercommissie gestelde termijn te verstrekken.</al><al>De rekenkamercommissie vergadert zoveel als zij nodig acht, ter
                            bespreking van procedurele en inhoudelijke aspecten van het
                            onderzoek.</al><al>De rekenkamercommissie vergadert in beslotenheid, haar rapporten zijn
                            openbaar. Op grond van de belangen genoemd in artikel 10 van de Wet
                            Openbaarheid van Bestuur kan de rekenkamercommissie rapporten die aan de
                            raad worden voorgelegd of gedeelten daarvan als geheim aanmerken.</al><al>De rekenkamercommissie kan openbare informatieve vergaderingen
                            beleggen.</al><al>Voor de uitvoering van het onderzoek kan de rekenkamercommissie, met
                            inachtneming van het beschikbare budget, externe personen of bureaus
                            inschakelen.</al><al>Betrokkenen zijn diegenen wier taakuitvoering (mede) voorwerp van
                            onderzoek is of is geweest. De rekenkamercommissie bepaalt verder wie
                            verder als betrokkenen worden aangemerkt. De rekenkamercommissie stelt
                            deze betrokkenen in de gelegenheid om binnen een door haar te stellen
                            termijn, die tenminste twee weken bedraagt, hun zienswijze op het
                            conceptonderzoeksrapport aan de commissie kenbaar te maken.</al><al>Na vaststelling door de rekenkamercommissie worden het onderzoeksrapport
                            en de nota met conclusies en aanbevelingen en de zienswijze van
                            betrokkenen op het rapport zo spoedig mogelijk aan de raad aangeboden,
                            onder toezending van een afschrift aan het college en betrokkenen,</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Budget</titel></kop><al>De rekenkamercommissie is bevoegd binnen een aan haar bij de begroting
                            beschikbaar gesteld budget uitgaven te doen ten behoeve van de
                            uitvoering van haar taken.</al><al>Ten laste van het in het voorgaande lid bedoelde budget worden de kosten
                            gebracht van:</al><lijst><li nr="a."><al>de voorzitter en de externe leden van de
                                    rekenkamercommissie;</al></li><li nr="b."><al>de ambtelijk secretaris;</al></li><li nr="c."><al>de administratief secretariële ondersteuning van de commissie en
                                    de ambtelijk secretaris;</al></li><li nr="d."><al>externe deskundigen die eventueel door de rekenkamercommissie
                                    zijn ingeschakeld;</al></li><li nr="e."><al>eventuele overige uitgaven die de commissie nodig acht voor de
                                    uitoefening van haar taak.</al></li></lijst><al>De rekenkamercommissie is voor de besteding van het budget uitsluitend
                            verantwoording verschuldigd aan de raad.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2006.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als Verordening gemeentelijke
                            rekenkamercommissie gemeente Baarle-Nassau / Alphen-Chaam</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van</ondertekening><ondertekening>de gemeente Baarle-Nassau op 26 mei 2005.</ondertekening><ondertekening>de gemeente Alphen-Chaam op 30 juni 2005.</ondertekening><ondertekening>DE GEMEENTERAAD VAN BAARLE-NASSAU</ondertekening><ondertekening>DE GEMEENTERAAD VAN ALPHEN-CHAAM</ondertekening><ondertekening>Griffier Voorzitter</ondertekening><ondertekening>Griffier Voorzitter</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><al><vet>Artikelsgewijze toelichting</vet></al><al>Artikel 1</al><al>Dit artikel bevat enkele definities om te voorkomen dat bepaalde begrippen
                    telkens in hun geheel moeten worden uitgeschreven.</al><al>In deze verordening is gekozen om de begrippen doelmatigheid, doeltreffendheid
                    en rechtmatigheid (die in artikel 182 van de Gemeentewet is genoemd) niet in
                    artikel 1 op te nemen. Hiermee wordt wij voorkomen dat de gemeente in de
                    verordening een eigen definitie hanteert. Wel wordt in deze toelichting
                    uiteengezet wat onder deze termen wordt verstaan. Doelmatigheid is de mate
                    waarin de nagestreefde beleidsdoelen tegen zo gering mogelijke kosten worden
                    bereikt. Bij doeltreffendheid gaat het er om of het resultaat van het beleid
                    beantwoordt aan wat er met het beleid werd beoogd en de gestelde beleidsdoelen
                    worden verwezenlijkt. Bij rechtmatigheid gaat het om het voldoen aan de
                    wettelijke kaders en regelgeving. Het gaat dan vooral om wet- en regelgeving die
                    direct van belang is voor de rechtmatigheid van de totstandkoming van de
                    gemeentelijke baten en lasten.</al><al>Artikel 2</al><al>Wanneer de gemeente geen rekenkamer instelt, stelt zij op grond van artikel 81o
                    van de wet regels vast voor de uitoefening van de rekenkamerfunctie. De wet
                    spreekt van een rekenkamerfunctie. In deze verordening is gekozen voor een
                    rekenkamercommissie met raadsleden en/of externen.</al><al>Artikel 3</al><al>Anders dan bij de rekenkamer kunnen naast raadsleden ook externen van de
                    rekenkamercommissie. Uit het oogpunt van onafhankelijkheid is er voor gekozen
                    een mogelijkheid te bieden om ook niet-raadsleden deel te laten nemen in de
                    rekenkamercommissie. In het vierde lid is een termijn van zes jaar genoemd. De
                    raad kan uiteraard zelf bepalen of hij de leden van de rekenkamercommissie
                    korter of langer dan zes jaar benoemd. De zes jaar zijn bewust gekozen om een
                    overlapping van de raadstermijn te verkrijgen.</al><al>Artikel 4</al><al>De verplichting deze eed of verklaring en belofte af te leggen vloeit voor de
                    rekenkamer rechtstreeks voort uit artikel 81g van de Gemeentewet. Deze bepaling
                    wordt van overeenkomstige toepassing verklaard op de externe leden van de
                    rekenkamercommissie.</al><al>Artikel 5</al><al>Dit artikel handelt over het ontslag van de leden en over de mogelijkheid (of
                    soms verplichting) hen op non-activiteit te stellen in bepaalde situaties.</al><al>Artikel 6</al><al>De raad benoemt de voorzitter na een voordracht door de leden van de commissie.
                    Ook hier is gekozen voor een benoemingstermijn van zes jaren zodat de
                    zittingsperiode van de raad overlapt wordt.</al><al>Indien de samenwerking tussen de gemeenten onverhoopt ten einde loopt na twee
                    jaren, dan vervalt automatisch de benoeming. Dat geldt evenzeer voor de
                    eventueel extern benoemde leden. Er bestaat dan immers geen commissie meer zoals
                    bedoeld in deze verordening. Zaak is natuurlijk op hier tijdens de werving van
                    de voorzitter en in sollicitatiegesprekken op terug te komen.</al><al>Artikel 7</al><al>Voor de verboden handelingen is aansluiting gezocht bij de in de Gemeentewet
                    opgenomen bepalingen.</al><al>Artikel 8</al><al>In dit artikel wordt de benoeming en de taak van de ambtelijk secretaris
                    uiteengezet. Mogelijk dat deze ambtelijk secretaris betrokken kan worden van de
                    samenwerkingsvorm op het gebied van facilitaire aangelegenheden voor
                    rekenkamerfuncties in Midden-Brabant. Indien dit laatste niet het geval kan
                    zijn, dan zal de commissie haar budget moeten benutten om op andere wijze (uit
                    de reguliere ambtelijke organisatie) een ambtelijk secretaris in te huren.</al><al>Artikel 9</al><al>Artikel 81i van de Gemeentewet wordt van overeenkomstige toepassing verklaard op
                    de rekenkamercommissie. In het reglement van orde moeten/kunnen zaken als de
                    vergoeding, volgorde van aftreden bij een meerhoofdige rekenkamercommissie,
                    verhouding secretaris-voorzitter, de procedure die wordt gevolgd bij
                    onderzoeken, hoe wordt omgegaan met verzoeken van derden om onderzoek te
                    verrichten enzovoorts geregeld.</al><al>Artikel 10</al><al>De rekenkamercommissie dient onafhankelijk te zijn en om deze onafhankelijkheid
                    te bevorderen is het van belang dat zij zelfstandig de onderzoeksonderwerpen kan
                    kiezen. De rekenkamercommissie kan op verzoek van de raad een onderzoek
                    instellen maar is niet verplicht het verzoek van de raad in te willigen. Dit
                    verzoek van de raad wordt in artikel 182, tweede lid van de wet expliciet
                    genoemd. Doordat deze mogelijkheid uitdrukkelijk in de wet is genoemd, wordt er
                    een bepaald gewicht toegekend aan het verzoek van de raad. Indien de
                    rekenkamercommissie niet voldoet aan een goed gemotiveerd verzoek van de raad
                    zal zij daarvoor goede gronden aanvoeren.</al><al>Artikel 11</al><al>Om te waarborgen dat de rekenkamercommissie bij de uitvoering van haar onderzoek
                    over voldoende en relevante gegevens kan beschikken is voorzien in de
                    bevoegdheid om inlichtingen in te winnen van alle leden van het gemeentebestuur
                    en van alle ambtenaren. De rapporten van de rekenkamercommissie zijn in beginsel
                    openbaar maar op grond van de belangen genoemd in artikel 10 van de Wob kunnen
                    rapporten of gedeelten daarvan als geheim worden aangemerkt.</al><al>Uit oogpunt van zorgvuldigheid is het van groot belang dat de onderzochte partij
                    de kans krijgt om te reageren op het (nog niet gepubliceerde)
                    ontwerp-onderzoeksrapport. Er vindt dan wederhoor plaats waarbij de feitelijke
                    bevindingen die uit het onderzoek voortvloeien aan de betreffende ambtenaren
                    worden voorgelegd met de vraag eventuele onjuistheden uit te halen en te
                    corrigeren. Indien van toepassing wordt de verantwoordelijke wethouder of het
                    college de gelegenheid geboden om te reageren op de conceptaanbevelingen die de
                    rekenkamer verbindt aan de (gecorrigeerde) bevindingen. Tot slot brengt de
                    rekenkamer een definitief rapport naar buiten met bevindingen, conclusies en
                    eventueel aanbevelingen.</al><al>Eventueel zouden zaken die in dit artikel zijn opgenomen ook in een reglement
                    van orde kunnen worden geregeld.</al><al>Artikel 12</al><al>De rekenkamercommissie is zelfstandig verantwoordelijk voor de besteding van het
                    budget dat noodzakelijk is voor de uitvoering van haar taak. Ten laste van het
                    budget worden de in het tweede lid genoemde kosten gebracht.</al><al>Artikel 13 en 14</al><al>Deze artikelen behoeven geen toelichting.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>