<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR157567_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Leidraad communicatie en participatie in de openbare ruimte</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Eemnes</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-01-29</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Eemnes</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Rotonde 24-02-2012</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Leidraad communicatie en participatie in de openbare ruimte</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=N.V.T.">n.v.t.</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-12-13</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2012-02-25</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Collegebesluit 13-12-2011</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage>exb-2019-5268</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta><body><intitule>Leidraad communicatie en participatie in de openbare ruimte</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Eemnes heeft de
                        Leidraad communicatie en participatie in de openbare ruimte
                        vastgesteld.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Deel</label><nr/><titel/></kop><structuurtekst><al>In april 2011 heeft de gemeenteraad van Eemnes de nota
                            ‘Burgerparticipatie in de BEL-gemeenten vastgesteld’. De gemeenteraad
                            heeft aangegeven dat burgerparticipatie structureel en duurzaam
                            onderdeel moet worden van het gemeentelijk beleidsproces. Er is behoefte
                            aan toepassing van een vaste methodiek, op basis waarvan zowel voor het
                            gemeentebestuur als voor burgers op structurele en heldere wijze een
                            afweging plaatsvindt hoe, op welk moment en volgens welke procedure en
                            met welke invloed de burger bij het beleidsproces van de gemeente wordt
                            betrokken.</al><al> Deze leidraad is een uitwerking daarvan op het specifieke werkterrein
                            van beheer en inrichting van de openbare ruimte. Daarmee wordt
                            vastgelegd welke vorm van participatie in dit soort gevallen plaatsvindt
                            en welke stappen daarbij worden doorlopen.</al><al> Het beheer en de inrichting van de openbare ruimte is bij de BEL
                            Combinatie ondergebracht bij het team Openbare Ruimte. Zij zijn
                            verantwoordelijk voor uitvoering van beleid (aanleg, beheer en
                            onderhoud) op het gebied van wegen, voetpaden, riolering, fietspaden,
                            speelplaatsen en openbaar groen. Allemaal onderwerpen die grote impact
                            hebben op de directe leefomgeving van omwonden en waarbij participatie
                            op eenduidige wijze kan worden ingericht. </al><al> Participatievormen</al><al> In de nota Burgerparticipatie wordt een aantal onderwerpen, methodes en
                            spelregels toegelicht. Op hoofdlijnen zijn de werkzaamheden van het team
                            Openbare Ruimte in te delen in vier categorieën:</al><al> 1. Reconstructie en nieuwe aanleg van groen en/of
                            speelvoorzieningen.</al><al> 2. Reconstructie en nieuwe aanleg van wegen, fiets- en voetpaden.</al><al> 3. Regulier onderhoud aan openbare ruimte (snoeiwerkzaamheden, kappen
                            van bomen, rioolwerkzaamheden).</al><al> 4. Onderwerpen die een algemeen belang dienen en bedoeld zijn voor een
                            groot deel van het dorp (bijvoorbeeld een jongeren ontmoetingsplek en
                            verkeersmaatregelen). </al><al> Bij deze vier categorieën passen drie verschillende vormen van
                            participatie. Voor categorie 3 en 4 wordt dezelfde vorm van participatie
                            gehanteerd.</al><al> Ad1) Reconstructie van groen en/of speelvoorzieningen</al><al> Vanwege de grote impact die verandering in de openbare ruimte met zich
                            meebrengen is draagvlak het belangrijkste doel van de participatie.
                            Daarom is gekozen voor een grote betrokkenheid en invloed van bewoners.
                            De gekozen participatievorm wordt coproduceren. </al><al> Ad2) Reconstructie van wegen, fiets- en voetpaden</al><al> Bij reconstructies en nieuwe inrichting van wegen, fiets- en voetpaden
                            ligt het resultaat in bijna alle gevallen vast. Het gaat om bestaande
                            situaties, waarbij voor participanten weinig keuzevrijheid is. Om die
                            reden wordt voor dit soort werkzaamheden de participatievorm adviseren
                            gekozen.</al><al> Ad3 en 4) Regulier onderhoud en onderwerpen van algemeen belang</al><al> In dit geval gaat het om werkzaamheden die grote impact hebben op
                            leefomgeving. Onderhoud wordt gepleegd volgens vastgestelde
                            beheerplannen en onderhoudsplannen. In gevallen die een algemeen belang
                            dienen, liggen de politieke kaders vast. De gekozen participatievorm
                            binnen die kaders is adviseren. Daarin legt de gemeente een aantal
                            alternatieven voor over de (gevolgen van de) uitvoering van het beleid
                            en bespreekt deze met de participanten. De rol die de participant hier
                            krijgt is die van adviseur. Hij adviseert de gemeente dan niet over het
                            onderwerp, maar over de gevolgen ervan. </al><al> Aan de slag</al><al> De nota Burgerparticipatie neemt de tien spelregels van de Nationale
                            Ombudsman ten aanzien van participatie over (paragraaf 2.4 van de nota).
                            Die spelregels worden hieronder concreet uitgewerkt in een stappenplan.
                            Allereerst moet worden bepaald in welke bovengenoemde categorie
                            werkzaamheden die uitgevoerd worden, of het plan dat gemaakt wordt zich
                            bevindt. Dat bepaalt de participatievorm en het daarmee samenhangende
                            stappenplan.</al><al/><al>Het stappenplan is in de bijlage te vinden.</al><al> 2 Het participatieproces coproduceren wordt als volgt ingericht:</al><al> 2.1 Onderwerp</al><al> Aan omwonenden wordt gevraagd binnen de bestaande kaders (beschikbare
                            ruimte, budget en beleidsdoelstellingen) mee te denken over de manier
                            waarop de ruimte wordt ingericht. De gemeente stelt de kaders en is
                            verantwoordelijk voor het definitieve besluit omtrent de gekozen
                            inrichting. Daarbij wordt het resultaat van de participatie zwaar
                            meegewogen.</al><al> Participatie wordt altijd ingericht middels één of meerdere bijeenkomst
                            met bewoners en andere belanghebbenden. De gemeente benadert deze
                            groepen zo direct mogelijk, bij voorkeur schriftelijk. </al><al> 2.2 Ambtelijke voorbereiding</al><al> Voor aanvang van de eerste bijeenkomst moeten de volgende zaken worden
                            voorbereid:</al><al> • Locatieschets (groot formaat voor toelichting en kleine formaten om
                            mee te kunnen geven aan participanten).</al><al> • Opsomming van randvoorwaarden uitgewerkt op papier. Deze
                            randvoorwaarden worden tijdens de eerste bijeenkomst besproken en
                            vastgesteld. Dat voorkomt dat er achteraf onduidelijkheden over
                            ontstaan. Ook deze krijgen participanten op papier mee naar huis.</al><al> • Doelstellingen uitgewerkt op papier. Wat moet het resultaat zijn van
                            de werkzaamheden en wat moet het resultaat zijn van de
                            participatie.</al><al> • Voor het participatietraject wordt een specifiek e-mailadres
                            aangemaakt. Op deze manier wordt de communicatie gebundeld.</al><al> 2.3 Rol portefeuillehouder en politiek</al><al> De portefeuillehouder is betrokken bij het participatieproces. Hij is
                            in ieder geval aanwezig bij de eerste bijeenkomst van het proces en
                            eventueel ook bij vervolgbijeenkomsten. Hij wordt actief op de hoogte
                            gebracht van de voortgang en resultaten van de participatie. Hij is geen
                            deelnemer aan de participatie, maar stelt zich op als procesbegeleider.
                            Het traject wordt overgelaten aan de participanten. Wel kan hij
                            (politieke) vragen beantwoorden.</al><al> Raadsleden en andere leden van het college van B&amp;W mogen als
                            toehoorder aanwezig zijn bij participatietrajecten. Zij kunnen echter
                            nooit de rol van participant vervullen. </al><al> 2.4 Belanghebbenden</al><al> Direct aanwonenden worden schriftelijk uitgenodigd te participeren. Via
                            een bericht in De Rotonde en op de website van Eemnes worden ook overige
                            belanghebbenden uitgenodigd. Uitgangspunt daarbij is: liever te veel
                            uitgenodigd dan te weinig.</al><al> Direct aanwonenden zijn:</al><al> • Mensen die zicht hebben op de locatie;</al><al> • Mensen van wie redelijkerwijs aangenomen kan worden dat ze gebruik
                            maken van de locatie;</al><al> • Specifieke doelgroepen voor wie de locatie wordt ingericht
                            (bijvoorbeeld jongeren/ouderen/mensen met een beperking, bedrijfsleven,
                            etc.).</al><al> Uitgangspunt is deze criteria ruim te hanteren. Liever teveel mensen
                            uitgenodigd, dan te weinig.</al><al> Specifieke doelgroepen worden indien nodig actief geworven voor
                            participatie. Dat kan onder andere via (sport)verenigingen, scholen,
                            belangenverenigingen en jongerenwerker.</al><al> 2.5 Proces</al><al> • Omwonenden worden schriftelijk uitgenodigd te participeren. Dit
                            gebeurt uiterlijk twee weken voor aanvang van het participatietraject.
                            Overige belanghebbenden worden via De Rotonde en de website van de
                            gemeente Eemnes uitgenodigd. </al><al> • Deelnemers wordt gevraagd hun naam en e-mailadres op een intekenlijst
                            te plaatsen, zodat bij de gemeente bekend is met wie het
                            participatieproces wordt doorlopen. Afgesproken wordt de communicatie
                            voor het participatieproces via e-mail te laten verlopen.</al><al> • De gemeente licht de kaders en het onderwerp toe. Documenten die
                            gebruikt worden, worden ter beschikking gesteld aan participanten. </al><al> • Aan deelnemers wordt gevraagd op welke manier zij binnen de gestelde
                            kaders de inrichting zouden willen zien. Dit hoeft geen democratisch
                            proces te zijn. Verschillende meningen kunnen naast elkaar bestaan. De
                            werkvorm waarin dit gebeurt hangt af van het aantal participanten (zie
                            hoofdstuk 4).</al><al> • Er worden afspraken gemaakt over de vervolgstappen. </al><al> o De gemeente maakt op basis van de input een (of meerdere)
                            conceptplan(nen) en legt deze in een volgende bijeenkomst voor aan de
                            participanten.</al><al> o Tweede bijeenkomst volgt binnen vier weken na de eerste. (Hiermee
                            wordt voortgang in het traject geboekt, waardoor het voor participanten
                            interessant blijft om mee te doen.)</al><al> o In de tweede bijeenkomst komt een toelichting op het ontwerp, waarin
                            uitgelegd wordt op basis van welke input het ontwerp tot stand is
                            gekomen. Indien bepaalde inbreng niet meegenomen kon worden, wordt dit
                            gemotiveerd.</al><al> o Op basis van de reacties op het ontwerp volgen eventuele
                            vervolgafspraken over extra bijeenkomsten. Of er wordt een planning
                            weergegeven wanneer gestart wordt met de werkzaamheden.</al><al> • De gemeente stelt een verslag (op hoofdlijnen) op met de resultaten
                            van de bijeenkomst. Deze wordt gemaild aan de participanten. </al><al> • In het advies aan het bestuursorgaan worden de resultaten van de
                            participatie bekend gemaakt (verslag als bijlage).</al><al> • Het definitieve besluit wordt bekend gemaakt aan de participanten.
                            Waar dit afwijkt van hetgeen uit de participatie naar voren is gekomen,
                            wordt dat gemotiveerd. Indien dat op veel punten het geval is, gebeurt
                            dat tijdens een bijeenkomst waar mogelijkheid is tot toelichting en
                            discussie. Het bestuursorgaan krijgt de gelegenheid zijn afwegingen en
                            besluit kenbaar te maken aan de participanten. </al><al> • Direct omwonenden worden geïnformeerd over het resultaat van het
                            participatietraject en over de start en duur van de werkzaamheden. In
                            die correspondentie wordt verwezen naar een contactpersoon bij de
                            gemeente voor meer informatie.</al><al> • Het resultaat van de participatie wordt toegelicht in een bericht in
                            de gemeentelijke publicatie in De Rotonde en een nieuwsbericht op de
                            website. </al><al> • Tussen de afronding van het participatietraject en de start van de
                            werkzaamheden zit maximaal vier maanden. Lukt dit niet, bijvoorbeeld
                            vanwege aanbestedingen, of vorstperiodes, dan worden participanten
                            daarover geïnformeerd. Voor de start van de werkzaamheden worden
                            omwonenden schriftelijk geïnformeerd over de aanpak en duur van de
                            werkzaamheden (inclusief contactpersoon). Bij de start wordt een
                            persbericht opgesteld (met foto!) waarin de werkzaamheden worden
                            beschreven en het resultaat van het participatietraject. Dit bericht
                            wordt ook geplaatst op de gemeentelijke website en in De Rotonde.</al><al> • Bij uitgebreide participatietrajecten (meer dan twee bijeenkomsten,
                            of een looptijd van langer dan zes maanden) wordt na oplevering het
                            participatietraject geëvalueerd. In die evaluatie worden in ieder geval
                            de volgende punten betrokken: </al><al> o Kwaliteit van het participatieproces</al><al>  Was er voldoende ruimte voor inbreng?</al><al>  Wat heeft de gemeente met die inbreng gedaan?</al><al>  Zijn de gemaakte afspraken nagekomen?</al><al>  Was vooraf duidelijk wat van u werd verwacht?</al><al>  Bent u tevreden over het proces?</al><al>  Wat vond u van de begeleiding gedurende het proces?</al><al> o Kwaliteit van het geleverde werk</al><al>  Komt het resultaat overeen met hetgeen in het proces is
                            afgesproken?</al><al>  Liep u – als gebruiker van het gebied - gedurende de werkzaamheden
                            tegen problemen aan?</al><al>  Zijn er zaken die u anders zou willen zien?</al><al> 3 Het participatieproces adviseren wordt als volgt ingericht: </al><al> Onderwerp</al><al> Aan omwonenden wordt uitgelegd op welke manier uitvoering gegeven wordt
                            aan de werkzaamheden. Het algemeen belang wordt onder de aandacht
                            gebracht. Er wordt aangegeven dat participatie is bedoeld om advies te
                            krijgen over de uitvoering van het werk, om de overlast te beperken en
                            om hierover concrete afspraken te maken. Dit is om in overleg met
                            omwonenden een zo goed mogelijk resultaat te behalen, gegeven de
                            politieke keuze. Indien mogelijk wordt door de gemeente verschillende
                            varianten ontwikkeld die aan de participanten kunnen worden
                            voorgelegd.</al><al> Ambtelijke voorbereiding (zie 2.2) </al><al> Rol portefeuillehouder en politiek (zie 2.3)</al><al> Belanghebbenden</al><al> Direct aanwonden worden schriftelijk uitgenodigd te participeren. Via
                            een bericht in De Rotonde en op de website van Eemnes worden ook overige
                            belanghebbenden uitgenodigd (zie 2.4). </al><al> Proces</al><al> • Omwonenden worden schriftelijk uitgenodigd te participeren. Dit
                            gebeurt uiterlijk drie weken voor aanvang van het participatietraject.
                            Overige belanghebbenden worden via De Rotonde en de website van de
                            gemeente Eemnes uitgenodigd.</al><al> • Deelnemers wordt gevraagd hun naam en e-mailadres op een intekenlijst
                            te plaatsen, zodat bij de gemeente bekend is met wie het
                            participatieproces wordt doorlopen. Afgesproken wordt de communicatie
                            voor het participatieproces via e-mail te laten verlopen. </al><al> • De gemeente licht het onderwerp toe. Het is wenselijk dat een
                            portefeuillehouder aanwezig is tijdens de bijeenkomst, om het besluit
                            toe te lichten. Ook kan hij de gemaakte afspraken bekrachtigen.</al><al> • De gemeente licht toe welke maatregelen genomen kunnen worden om de
                            gevolgen zoveel mogelijk ingeperkt te zien. Aan deelnemers wordt
                            gevraagd hierop te reageren en andere mogelijkheden aan te dragen. </al><al> • Er worden afspraken gemaakt over de vervolgstappen. (Extra
                            bijeenkomst, wijze van terugkoppeling, evaluatie.)</al><al> • De gemeente stelt een verslag (op hoofdlijnen) op met de resultaten
                            van de bijeenkomst. Deze wordt voorgelegd aan de participanten. </al><al> • In het advies aan het bestuursorgaan worden de resultaten van de
                            participatie bekend gemaakt (verslag als bijlage).</al><al> • Het definitieve besluit wordt bekend gemaakt aan de participanten.
                            Waar dit afwijkt van hetgeen uit de participatie naar voren is gekomen,
                            wordt dat gemotiveerd. Indien dat op veel punten het geval is, gebeurt
                            dat tijdens een bijeenkomst waar mogelijkheid is tot toelichting en
                            discussie. Het bestuursorgaan krijgt de gelegenheid zijn afwegingen en
                            besluit kenbaar te maken. </al><al> • Direct omwonenden worden geïnformeerd over het resultaat en over de
                            start en duur van de werkzaamheden.</al><al> • Het resultaat van de participatie wordt toegelicht in een bericht in
                            de gemeentelijke publicatie in De Rotonde en een nieuwsbericht op de
                            website. </al><al> • Bij uitgebreide participatietrajecten (meer dan twee bijeenkomsten,
                            of een looptijd van langer dan zes maanden) wordt na oplevering het
                            participatietraject geëvalueerd. In die evaluatie worden in ieder geval
                            de volgende punten betrokken:</al><al> o Kwaliteit van het participatieproces</al><al>  Was er voldoende ruimte voor inbreng?</al><al>  Wat heeft de gemeente met die inbreng gedaan?</al><al>  Zijn de gemaakte afspraken nagekomen?</al><al>  Was vooraf duidelijk wat van u werd verwacht?</al><al>  Bent u tevreden over het proces?</al><al>  Wat vond u van de begeleiding gedurende het proces?</al><al> o Kwaliteit van het geleverde werk</al><al>  Komt het resultaat overeen met hetgeen in het proces is
                            afgesproken?</al><al>  Liep u – als gebruiker van het gebied - gedurende de werkzaamheden
                            tegen problemen aan?</al><al>  Zijn er zaken die u anders zou willen zien? </al><al> 4 Verschillende werkvormen</al><al> Voor het participatietraject kunnen verschillende werkvormen worden
                            gebruikt. Welke werkvorm wordt ingezet hangt af van het aantal
                            deelnemers en het soort participatie. </al><al> 4.1 Coproductie in werkgroep</al><al> Voor coproductie kunnen het best werkgroepen worden gevormd. Vanaf 15
                            participanten worden de mensen verdeeld in groepen om gezamenlijk tot
                            een voorstel te komen. Bij minder dan 15 is het aantal deelnemers
                            beperkt genoeg om het onderwerp plenair te behandelen.</al><al> Zorg voor voldoende begeleiders tijdens de bijeenkomst. De inleiding
                            gebeurt plenair. Daarna verdeelt de gemeente de mensen in een werkgroep
                            en vraagt ze om het resultaat plenair terug te koppelen. Eventueel kan
                            de terugkoppeling in een volgende bijeenkomst. De participanten kunnen
                            dan hun plan thuis uitwerken en met de achterban bespreken. </al><al> Het resultaat van de werkgroep hoeft geen democratisch proces te zijn.
                            De werkgroep kan verschillende voorkeuren uitspreken. De gemeente neemt
                            uiteindelijk het besluit.</al><al> 4.2 Advies plenair</al><al> Bij de participatievorm advies kan het best gewerkt worden met plenaire
                            bijeenkomsten. Er moet een gezamenlijk idee uitkomen hoe de gevolgen zo
                            goed mogelijk beperkt kunnen worden. Het gezamenlijk delen van
                            ervaringen en verwachtingen sluit daar het best bij aan. </al><al> Bij advies kan het ook zinvol zijn om als gemeente actief deskundigen
                            te betrekken in de participatie. Denk aan bijvoorbeeld politie,
                            belangenverenigingen, etc. Deze kunnen vanuit het algemeen belang
                            redeneren en op die manier meedenken over oplossingen.</al><al> 5 Rol van communicatie </al><al> Een succesvol participatietraject is een samenspel tussen het team
                            Openbare Ruimte en Communicatie. Communicatie vervult de volgende
                            rol:</al><al> • Adviseren over doelgroepen (omwonenden en belanghebbenden).</al><al> • In overleg met Openbare Ruimte opstellen van doelstellingen
                            participatietraject.</al><al> • In overleg met Openbare Ruimte opstellen van uitnodigingsbrief/tekst
                            website/tekst Rotonde.</al><al> • Adviseren over begeleiding van de bijeenkomsten.</al><al> • In overleg met Openbare Ruimte opstellen van informatiebrief over
                            start werkzaamheden.</al><al> • In overleg met Openbare Ruimte opstellen en verzenden persbericht,
                            inclusief afspraken met fotograaf.</al><al> • Adviseren over en ondersteunen bij vorm, inhoud en uitvoering van
                            evaluatie.</al><al/></structuurtekst></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders op 13
                        december 2011.</al></slotformulering></regeling-sluiting><bijlage><kop><label>Bijlage</label><nr/><titel>Bijlagen</titel></kop><al><extref doc="/cvdr/images/Eemnes/i89229.pdf">Leidraad communicatie en participatie in de openbare ruimte</extref></al></bijlage></regeling></body></cvdr>