<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR15466_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Boeteverordening Wet Inburgering Nieuwkomers gemeente Rucphen</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Rucphen</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-10-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Rucphen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Boeteverordening Wet Inburgering Nieuwkomers gemeente Rucphen.</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet inburgering nieuwkomers, art. 18, lid 7</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet werk en bijstand, art. 18</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene wet bestuursrecht</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeente wet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2004-12-16</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2005-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2007-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe Regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Geen</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Boeteverordening Wet inburgering nieuwkomers</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Rucphen;</al><al>gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 9 november 2004; </al><al>gelet op het advies van de Commissie Sociale Ontwikkeling en Zorg van 30
                        november 2004; </al><al>gelet op artikel 18, zevende lid van de Wet inburgering nieuwkomers,
                        artikel 18 van de Wet werk en bijstand, de bepalingen van de Algemene
                        wet bestuursrecht en de Gemeentewet en de bepalingen in de Afstemmings-
                        en handhavingsverordening Wet werk en bijstand gemeente Rucphen
                        2004;</al><al>overwegende dat het opleggen van bestuurlijke boetes bij het niet
                        nakomen van uit de Wet inburgering nieuwkomers voortvloeiende
                        verplichtingen bij verordening geregeld dient te worden;</al><al><vet>B E S L U I T </vet></al><al>vast te stellen: de “Boeteverordening Wet Inburgering Nieuwkomers
                        gemeente Rucphen”.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepaling</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>de wet : de Wet inburgering nieuwkomers (Staatsblad 1998;
                                    261);</al></li><li nr="b."><al>nieuwkomer : een persoon als genoemd in artikel 1, aanhef en
                                    onder a van de wet;</al></li><li nr="c."><al>bestuurlijke boete : de bestuurlijke boete bedoelt in artikel
                                    18, eerste lid, van de wet.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Opdracht college</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders neemt bij toepassing van
                            artikel 18, eerste lid, van de wet de bepalingen van dit besluit in
                            acht, onverminderd artikel 18, tweede en vierde lid van de wet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Bepaling hoogte van de boete</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De bestuurlijke boete bedraagt 20% van de voor de nieuwkomer
                                geldende bijstandsnorm, uitgedrukt in een bedrag, bij een gedraging
                                die in strijd is met artikel 2, 4, vierde lid, 8, eerste volzin, 9,
                                eerste lid, 10 derde lid of 12, eerste lid van de wet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de nieuwkomer geen belanghebbende in de zin van de Wet werk
                                en bijstand (Wwb) is, wordt bij de toepassing van het eerste lid
                                uitgegaan van de bijstandsnorm die voor hem zou gelden in het geval
                                hij wel belanghebbende zou zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Recidive</titel></kop><al>Bij herhaling van een gedraging die in strijd is met artikel 2, 4,
                            vierde lid, 8, eerste volzin, 9 eerste lid, 10 derde lid of 12, eerste
                            lid, van de wet, binnen twaalf maanden nadat aan de nieuwkomer ter zake
                            van die gedragingen een bestuurlijke boete is opgelegd, bedraagt de
                            bestuurlijke boete 40% van de toepasselijke bijstandsnorm uitgedrukt in
                            een bedrag.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Nadere regels</titel></kop><al>Het college is bevoegd om nadere regels te stellen met betrekking tot de
                            uitvoering van deze verordening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2005</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald: Boeteverordening Wet Inburgering
                            Nieuwkomers, gemeente Rucphen.</al><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in zijn openbare vergadering van
                        16 december 2004 </ondertekening><ondertekening>, voorzitter.</ondertekening><ondertekening>, griffier.</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><tussenkop><vet>Toelichting</vet></tussenkop><tussenkop><vet>Algemene toelichting</vet></tussenkop><al>In de Wet Inburgering Nieuwkomers (WIN) is bepaald dat, indien de nieuwkomer
                    niet voldoet aan de wettelijke inburgeringsverplichtingen, sanctionering
                    plaatsvindt door het opleggen van een bestuurlijke boete (artikel 18 tot en met
                    20). </al><al>De inburgeringsverplichtingen kunnen echter ook deel uitmaken van aan een
                    bijstandsuitkering verbonden verplichtingen. Indien niet voldaan wordt aan
                    dergelijke aan de bijstandsuitkering verbonden verplichtingen, dan vindt
                    sanctionering plaats door een verlaging van de uitkering. Omdat
                    bijstandsgerechtigde nieuwkomers daardoor dubbel kunnen worden gesanctioneerd
                    (zowel een boete als een korting op de uitkering) is ter voorkoming daarvan in
                    de WIN (artikel 18, 5<sup>e</sup> lid) een anticumulatiebepaling opgenomen. </al><al>Sanctionering bij het niet voldoen aan de inburgeringsverplichtingen vindt dus
                    op twee verschillende manieren plaats. Om te voorkomen dat het op twee
                    verschillende manieren sanctioneren van dezelfde wettelijke bepalingen leidt tot
                    verschillende sancties was tot 1 januari 2004 in een Algemene Maatregel van
                    Bestuur op grond van de WIN de hoogte van de boetes geregeld. De hoogte van de
                    boetes sloten aan bij het Maatregelenbesluit Abw, IOAW, en IOAZ. </al><al>Op 1 januari 2004 is de Wet werk en bijstand (Wwb) in werking getreden. Op grond
                    van de Wwb dient de gemeente het sanctiebeleid bij het niet voldoen aan
                    verplichtingen die aan de uitkering zijn verbonden te regelen in de
                    ”Afstemmings- en handhavingsverordening Wet werk en bijstand gemeente Rucphen
                    2004”. Zodra deze Afstemmingsverordening wordt ingevoerd vervalt het
                    Maatregelenbesluit Abw, IOAW en IOAZ.</al><al>Vanwege het vervallen van dit Maatregelenbesluit dient de boete op grond van de
                    WIN op een andere wijze te worden vastgelegd. In de Invoeringswet Wet werk en
                    bijstand is dan ook een wijziging van de WIN geregeld. Deze wijziging houdt
                    onder andere in dat regels over de hoogte van de WIN-boetes vastgelegd dienen te
                    worden in een gemeentelijke verordening</al><al>Deze verordening voorziet in een boete van 20% van de toepasselijke
                    bijstandsnorm te verdubbelen bij herhaling van het gedrag binnen 12 maanden. Er
                    is aansluiting gezocht bij de Afstemmingsverordening als het gaat om de recidive
                    (verdubbeling). </al><al/><tussenkop><cursief>Artikelsgewijs toelichting</cursief></tussenkop><al/><tussenkop><vet>Artikel 2 Opdracht college</vet></tussenkop><al>In dit artikel wordt verwezen naar het artikel in de WIN (artikel 18) dat
                    voorschrijft dat het college van burgemeester en wethouders een bestuurlijke
                    boete oplegt wanneer de nieuwkomer niet meewerkt aan het inburgeringsonderzoek,
                    het educatief programma, maatschappelijke begeleiding en doorgeleiding naar een
                    instantie die zorgdraagt voor verdere scholing of voor toegang tot de
                    arbeidsmarkt, voor zover de nieuwkomer daarvoor in aanmerking komt.</al><al>Overigens wordt in artikel 17 van de WIN bepaalt dat het college controleert of
                    de nieuwkomer zich houdt aan de verplichtingen. Indien blijkt dat dit niet het
                    geval is, zonder dat een grond voor ontheffing of vrijstelling aanwezig is of
                    indien berichtgeving van een andere instantie hierover ontvangen is, stelt de
                    gemeente een onderzoek in. Zij hoort de nieuwkomer en tracht hem te bewegen de
                    verplichtingen na te komen. </al><al>Indien de nieuwkomer de verplichtingen dan nog niet nakomt, wordt door het
                    college een boete opgelegd op grond van artikel 18 van de WIN. In dit artikel
                    (2<sup>e</sup> lid) wordt overigens tevens bepaald dat de boete wordt afgestemd
                    op de ernst van het feit, de omstandigheden van de nieuwkomer en de
                    verwijtbaarheid. Daarnaast wordt aandacht gegeven aan de mogelijkheid (artikel
                    18, 4<sup>e</sup> lid) af te zien van een boete wegens een dringende reden.</al><al/><tussenkop><vet>Artikel 3 Bepaling hoogte van de boete</vet></tussenkop><al>Bij bepaling van de hoogte van de boete is aansluiting gezocht bij de
                    Afstemmingsverordening. Het betreft hier ernstige gedragingen waarvoor een
                    verlagingspercentage van 20% geldt. Bij de boete dient dit in een bedrag te
                    worden uitgedrukt. Dit is een percentage van de bijstandsnorm die van toepassing
                    is of zou zijn indien de nieuwkomer geen gemeentelijke uitkering heeft. </al><al>Zoals in de toelichting bij artikel 2 reeds is opgemerkt dient de boete te
                    worden afgestemd op de ernst van het feit, de omstandigheden van de nieuwkomer
                    en de verwijtbaarheid. Dit betekent dus dat er in een individueel geval
                    aanleiding kan zijn om (gemotiveerd) van de standaard boete af te wijken.</al><al/><tussenkop><vet>Artikel 4 Recidive</vet></tussenkop><al>Dit artikel bepaalt dat de boete wordt verdubbeld wanneer sprake is van
                    eenzelfde verwijtbare gedraging binnen 12 maanden na de eerste
                    boeteoplegging.</al><al/><tussenkop><vet>Artikel 5 Nadere regels</vet></tussenkop><al>Voor de juiste uitvoering van de verordening kan het noodzakelijk zijn dat
                    nadere uitvoeringsregels worden vastgesteld. Dit artikel geeft het college de
                    bevoegdheid om dergelijke regels vast te stellen.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>